column, door Tina ten Bruggencate,
09
september
2026
|
09:48
Europe/Amsterdam

Hoe hoog ligt de lat?

“Negentig procent van onze afstudeerders in het nieuwe onderwijs heeft het diploma in een jaar behaald.” Het werd vol trots meegedeeld. En terecht misschien, negentig procent is goed, het is veel! Applaus voor de studenten en voor de docenten. Iemand nog wat taart?

Toch blijft dat percentage een beetje hangen. Want wat betekent het eigenlijk? Dat we fantastisch onderwijs geven? Dat studenten keihard hebben gewerkt en bijna allemaal het gewenste hbo-niveau hebben bereikt? Als dat zo is: chapeau.

Maar er is nog een mogelijkheid. Dat de lat simpelweg wat lager ligt. Een ongemakkelijke gedachte in een onderwijsorganisatie. We praten liever over andere dingen, over studiesucces, rendement, doorstroom, enz. Opleidingen hebben er bovendien belang bij dat studenten snel afstuderen. Dat levert een wonderlijke situatie op: degene die bepaalt of het diploma verdiend is, werkt voor een organisatie die graag ziet dat het diploma wordt uitgereikt.

Dat dit kan schuren, zagen we jaren geleden bij InHolland. Daar bleek een vereenvoudigde afstudeerroute voor langstudeerders niet aan de normen te voldoen. De commissie Leers vond overigens geen bewijs voor fraude of financiële motieven, maar de affaire leidde wel tot discussie over een systeem waarin hogescholen destijds een vergoeding kregen voor iedere afgestudeerde. Je zou denken dat we sindsdien extra zuinig zijn op de lat en hoe hoog of laag we die leggen.

Maar ook voor docenten is een onvoldoende geven niet bepaald aantrekkelijk. Een voldoende betekent: invoeren en klaar. Een onvoldoende betekent extra feedback, een herkansing, mails en soms een prachtig door AI geformuleerde klacht bij examencommissie, coördinator of manager. Je moet bijna principieel zijn om iemand te laten zakken.

En zo ontstaat een interessant systeem. De student wil een voldoende. De opleiding wil studiesucces. Het management wil rendement. De docent wil op vrijdagmiddag naar huis. Iedereen heeft belang bij die zes. Behalve misschien het diploma.

Dus als negentig procent slaagt, mogen we best trots zijn. Maar laten we ook iets anders durven vragen: ligt dat aan uitzonderlijk goed onderwijs en fantastische studenten? Of ligt de lat gewoon wat lager? Misschien kunnen we het onderwijs dan nog efficiënter maken. Diploma bij inschrijving.

Scheelt studenten vier jaar studeren, docenten een hoop feedback en de examencommissie heel veel mailtjes. En het rendement? Honderd procent.

Tina ten Bruggencate is docent aan Fontys Hogeschool Toegepaste Psychologie en onderzoeker bij het lectoraat Ethisch werken. Lees hier haar eerdere columns voor Bron.

Reageren kan hieronder. Eenmaal gepubliceerde reacties worden niet verwijderd

Reacties 1 - 5 (5)
Bedankt voor uw bericht.
Hans Weijmer
11
September
2026
Ik ben ruim tien jaar geleden gestopt als extern examinator. Moet ik na vier jaar beslissen dat een student overduidelijk het niveau niet heeft terwijl de opleiding dat na zes maanden had moeten doen? Nee bedankt.
Tim Quispel
09
September
2026
Interessant stuk! Ik zie op LinkedIn inderdaad steeds vaker berichten van mensen die (summa) cum laude zijn afgestudeerd (het zijn er echt heel veel).

Mooi voor die studenten natuurlijk. Tegelijkertijd vind ik dat je een terechte vraag stelt: als de hoogste onderscheidingen zo vaak voorbijkomen, hoe bijzonder zijn die dan nog?
Ferdi Meiboom
09
September
2026
In hoeverre sta je open voor het tegendeel? Dat het hoge slagingspercentage inderdaad een teken is van kwalitatief goed onderwijs; afgestemd op wat het werkveld vraagt, het opleidingsprofiel eist en de opleiding levert? Het resultaat van een samenwerking tussen docenten, studenten, werkveldpartners en iedereen die betrokken is bij de opleiding? Een resultaat van hard werken? Een resultaat van onderwijs dat dusdanig goed in elkaar zit dat de studenten die de afstudeerfase bereiken ook een grote kans hebben om - bij voldoende inspanning - hun diploma te behalen? Alumni-onderzoeken en gesprekken met werkveldpartners geven namelijk genoeg aanleiding om deze gedachtegang te volgen. Benieuwd of jij zo’n gedachtegang ook aandurft.
Henk Verhoeven
09
September
2026
"...De student wil een voldoende. De opleiding wil studiesucces. Het management wil rendement. De docent wil op vrijdagmiddag naar huis. Iedereen heeft belang bij die zes..."
Nee, niet iedereen. Niet de toekomstige werkgever, niet de toekomstige client of klant en niet de persoon die nu als student maar straks als professional moet gaan functioneren. En last but not least: niet de opleidingen die een slechte naam opbouwen en daar straks de wrange vruchten van plukken (..maar Who Cares. De mensen die nu de beslissingen nemen zijn dan al lang weer weg..). Klassiek voorbeeld ook van de Tragedy of the Commons; voordelen nu, nadelen later.

Mark de Graaf
11
September
2026
Henk, die Tragedy of the Commons is een interessante geval. Het gaat namelijk meestal juist heel goed. Elenor Ostrom heeft hier over gepubliceerd, bijv: Ostrom, E. (1990). Governing the Commons: The Evolution of Institutions for Collective Action. Cambridge University Press. Niet de minste, Ostrom heeft in 2009 de Nobelprijs gewonnen. Als er sprake is van vertrouwen, duidelijke grenzen en regels en nog een paar dingen gaat het prima. Wantrouwen is een veel groter probleem, daarom gaan we verplichte rekentoetsen invoeren, urennormen voor onderwijs, fors in controle investeren, maar niet in vertrouwen, samenwerken, elkaar scherp houden. Dan kan wat Ferdi schrijft waar worden. Als we er nu eens op zouden vertrouwen dat studenten die het goede middelbare school diploma hebben gehaald in principe allemaal geschikt zijn, dat ze allemaal iets van hun leven willen maken, maar soms moeite hebben met hun weg te vinden? Als we niet hoe goed of slecht het onderwijs ook is de lat op de helft van de populatie leggen? Gaan voor het beste resultaat?
Frans van de Camp
14
September
2026
Helemaal met Henk eens. Ik ben van mening dat de taak van het onderwijs is om studenten zelfvertrouwen bij te brengen. Let wel: gerechtvaardigd zelfvertrouwen, dat vervorven is doordat de student hindernissen heeft leren overwinnen, zich nieuwe, soms moeilijke, stof heeft eigen gemaakt, verbanden heeft leren zien, kortom: zichzelf op een hoger plan heeft kunnen trekken. Niet doordat hij/zij een door AI gegenereerd stuk heeft ingeleverd waar niet op doorgevraagd wordt. Op de openingsdag van het studiejaar heb ik enkele oud-collega's gesproken die aangaven dat tentamens worden afgeschaft, "kennis is niet meer nodig want we hebben AI". Wat een misvatting, het verwerven van kennis draagt niet alleen bij aan de opbouw van zelfvertrouwen, het is ook noodzakelijk om toekomstige nieuwe kennis aan te kunnen. Helaas zijn de vernieuwingen in het onderwijs van de laatste 20 jaar financieel gedreven. Nederland liep ooit voorop in Europa, maar het daalt nu snel af naar de achterhoede.
Freek Sanders
09
September
2026
Beste Tina, ik lees je columns altijd met veel plezier. Ook dit keer heb je in mij ogen weer een interessante column geschreven. Ik moest meteen denken aan een vergelijkbare situatie in de VS. Vorig jaar kwam er een rapport uit over "grade inflation" bij Harvard. Vandaag de dag ontvangt 60% van de studenten een A als cijfer terwijl dat 20 jaar geleden maar 25% was.
https://www.thecrimson.com/article/2025/10/27/grading-workload-report/