Vader dankzij draagmoeder: docent blij met bijzonder verlof
Na een jarenlange zoektocht naar een draagmoeder is de grote kinderwens van Fontysdocent Eric Steffann uitgekomen. Een paar maanden terug werd hij samen met partner Bart papa van zoontje Jens. Inmiddels is hij terug van geboorteverlof en deelt hij zijn verhaal.
Steffann en zijn partner Bart startten hun zoektocht jaren geleden al - Bron schreef er in 2023 over. Maar erg gemakkelijk is het voor een mannenstel niet om in Nederland via een draagmoeder een kindje te krijgen. Het is verboden om een oproep te doen als wensouder, draagmoeders mogen zich niet aanbieden en er mag door anderen geen verbinding worden gemaakt tussen wensouders en draagmoeders.
Dus wat blijft er dan over? Je verhaal delen en hopen dat je ooit iemand tegenkomt die je kindje wil dragen. Zoeken naar een speld in een hooiberg dus. Maar hoe groot die hooiberg ook is, de speld moet ergens liggen. En dus gaven Steffann en zijn partner niet op. Gelukkig maar, want tweeënhalf jaar geleden leerden ze iemand kennen die met liefde voor hen een kindje op de wereld wilde zetten.
Voor de klas
Ze maakten een afspraak en leerden elkaar kennen. Daarna kwam er nog een ontmoeting, en nog een. “Het klikte”, aldus Steffann, “dus besloten we het avontuur met elkaar aan te gaan.” Vanaf dat moment ging het snel. “Ik weet nog dat ik voor de klas stond toen ik gebeld werd met het nieuws dat ze zwanger was. Ik heb de les meteen laten vallen en ben naar huis gegaan.”
Dat is nu precies een jaar geleden. Ongeveer acht maanden later was het moment daar: op 18 mei kwam de kleine ter wereld. Een jongetje dat de naam Jens kreeg. En zoals dat vaak gaat bij een baby zaten de eerste weken vol slapeloze nachten. Steffann omschrijft die periode als ‘best intensief’, maar gelukkig zat hij thuis, en best lang ook. Dankzij het vernieuwde bijzondere geboorteverlof van Fontys kon de docent tien weken in plaats van de oorspronkelijke zes weken verlof opnemen.
Inmiddels is dat zo geregeld in de CAO, maar Fontys liep hierin voorop. Steffann is naar zijn weten de eerste die er gebruik van maakte. “Die tien weken waren heel fijn en gelukkig had ik daarna ook nog vijf weken zomervakantie, want ik heb geen idee hoe we het anders hadden moeten regelen. Bart kreeg namelijk zes weken en ons kindje kon na drie maanden pas naar de opvang. Eigenlijk is tien weken dus nog te weinig. Vrouwen die bevallen zijn, krijgen er zestien.”
‘Hoort erbij’
Toch was Steffann na tien weken verlof en nog eens vijf weken vakantie ook wel weer klaar om te werken. Hij is nu niet alleen meer de papa van Jens, maar ook weer de collega. Eens in de twee weken neemt hij een dag ouderschapsverlof op, waardoor hij de ene week 40 uur werkt en de andere 32. Dat bevalt goed, ook al levert hij er op twee verschillende vlakken wel iets voor in.
Enerzijds werkt hij minder uren maar blijft de taaklast ongeveer hetzelfde, anderzijds krijgt hij voor zijn verlofdagen 70 procent uitbetaald. “Maar dat hoort erbij”, besluit hij. “Het is naar mijn mening nu heel fijn geregeld bij Fontys, al moet ik daar wel bij zeggen dat ik blij was dat ik die zomervakantie er nog bij ‘kreeg’. Anders hadden we echt een probleem gehad qua oppas. Natuurlijk zou je dan ook al wat ouderschapsuren in kunnen zetten, maar die heb je later in het jaar ook weer nodig.”