door Noëlle van den Berg,
21
maart
2024
|
13:14
Europe/Amsterdam

Catering versus supermarkt: een ongelijke strijd

Studenten van campus Stappegoor trokken vorige week massaal naar de tegenover gelegen supermarkt om daar hun lunch te halen, terwijl slechts een enkeling zijn weg naar de catering vond. Hoe zit dat op de andere locaties? Wat doen cateraars eraan om de concurrentie met supermarkten aan te gaan? En waar moeten zij allemaal rekening mee houden? Bron deed een rondvraag.

Steven ten Cate is als accountmanager bij Appèl, de cateraar op campus Rachelsmolen, overduidelijk: als het gaat om de prijs, gaan cateringbedrijven het nooit winnen van supermarkten. “Als cateraar hebben we onder andere te maken met contracten, de locatie, potentie van die locatie, het aantal gasten en de wensen van gasten. Daarnaast zijn er ook verschillende facetten waar we rekening mee moeten houden om onze dienstverlening te kunnen verzorgen. Denk daarbij aan loonkosten, inkopen op locatie en kosten zoals verzekeringen en investeringen.”

Daar komt ook nog bij dat de inkoopkosten volgens Ten Cate de afgelopen twee jaar zwaar onder druk staan. “Het is aan ons om naar alternatieven te zoeken. Producten die kwalitatief even goed zijn, maar goedkoper geproduceerd worden. Dat gaat bij een cateraar om flinke aantallen met een grote slagkracht, maar dat is nooit zo groot als bij een supermarktketen als Jumbo of Albert Heijn.”

Vergoeding voor vierkante meters
Daarnaast moeten cateraars ook nog rekening houden met de locaties. Het is bijvoorbeeld gebruikelijk dat instellingen als hogescholen en universiteiten vierkante meters beschikbaar stellen voor een cateraar. Vaak zit daar zelfs een pachtsom aan verbonden: een vergoeding voor de ingebruikname van deze vierkante meters.

Fontys vraagt enerzijds geen pachtsom van cateraars, maar andersom betaalt Fontys ook geen geld aan cateraars om de dienstverlening op de campus goedkoper aan te bieden, wat bij andere bedrijven wel als mogelijkheid gezien wordt. Cateraars zijn bij Fontys zelf verantwoordelijk voor het binnenhalen van omzet.

Die constructie met Fontys heeft zowel voor- als nadelen, aldus Ten Cate: “Als wij moeten betalen om ergens te cateren, betekent dat dat wij de bijkomende kosten moeten verhalen op de verkoopprijs, maar als wij een bijdrage zouden krijgen van bijvoorbeeld Fontys, kunnen we de prijzen juist verlagen.”

‘Best basic’
Die prijsverlaging zou, zeker om meer studenten te bedienen, toch een mooie bijkomstigheid zijn voor Appèl, want ook in Eindhoven vinden studenten hun weg naar dichtbij zijnde supermarkten als Albert Heijn en Lidl snel. “Daarom kent Appèl ook een ‘best basic’-lijn, met onder andere grotere en rijk belegde broodjes, zodat iemand met een minder gevulde portemonnee ook bij ons terecht kan.”

Volgens Ten Cate is de relatie die zijn medewerkers op campus Rachelsmolen met gasten hebben ook enorm belangrijk. “Die relatie is een basis voor ons als cateraar om goed te draaien. Je bent toch vier jaar aan elkaar verbonden, en dan zijn tevreden gasten ontzettend belangrijk.”

‘Vent maakt de tent’
Die gasttevredenheid staat ook in Sittard en Venlo hoog in het vaandel, laat operationeel manager Nicole van Ouwerkerk weten. De catering wordt op beide locaties niet alleen goed bezocht, maar ook goed gewaardeerd. “Met een 7,7 voor Venlo en een 8,1 voor Sittard. Dat heeft alles te maken met ons motto: catering met een glimlach. De vrouw maakt het gebouw, de vent maakt de tent. Oftewel: gastvriendelijkheid.”

Toch kent ook Sittard, net als de campussen in Tilburg en Eindhoven, een ‘grote’ concurrent. Tegenover het campusgebouw zit namelijk - jawel - een Albert Heijn. Om ervoor te zorgen dat studenten en medewerkers toch hun lunch, tussendoortje of andere maaltijd op de campus zelf halen kijkt ook Limburg Catering kritisch naar verschillende factoren. “Zoals inkoopprijzen, derving, btw en de benodigde bruto marge die we op dit soort projecten dienen te draaien. Dat doen we op productniveau.”

Duurzaam en vitaal
Het lijkt overduidelijk: het één op één vergelijken van een cateraar en supermarkt op het gebied van prijs gaat bijna niet. Om over het verschil tussen businessmodellen en visies van supermarkten en cateraars nog maar te zwijgen. Zo staat bij Appèl duurzaamheid hoog op de agenda. 

Ten Cate: “Appèl streeft ernaar om de meest duurzame cateraar van 2024 te zijn. Een vitale cateraar die het meest data gedreven is, bijdraagt aan de reductie van CO2-uitstoot en oog heeft voor de eiwittransitie. De producten die wij gebruiken zijn dan ook zo gezond mogelijk. Een bewuste keuze, omdat we ons op deze manier juist kunnen onderscheiden.”

Reageren kan hieronder. Eenmaal gepubliceerde reacties worden niet verwijderd

Reacties 1 - 2 (2)
Bedankt voor uw bericht.
Peter
22
March
2024
Eiwittransitie.....misschien hebben niet alle studenten en personeel hier warme gevoelens bij en maken ze hun eigen keuzes in aanbod?
Marcel Van den Heuvel
22
March
2024
Hoe kan het dat bij hogescholen in onze buurlanden studenten én medewerkers massaal gebruik maken van de kantine in de lunchpauze? Bij onze partnerhogescholen in Gent en Worms zijn er grote eetzalen waar medewerkers en studenten gezamenlijk lunchen én uitgebreid: warme maaltijden tussen de middag zoals aardappels, verschillende groenten, rijst, vis en vlees. Een paar euro voor zo’n verse en gezonde maaltijd. Geen of nauwelijks vette (dure) happen ook maar vullende maaltijden voor weinig geld. Volgend jaar zijn wij weer aan de beurt om de uitwisseling te organiseren en eerlijk gezegd schaam ik me om wat wij kunnen bieden aan lunch en de ruimte die daarvoor ingericht is (veel te klein).