Eindhoven,
24
maart
2022
|
16:02
Europe/Amsterdam

Zorgen om terugloop aanmeldingen voor hbo

Het aantal aanmeldingen voor het hbo valt tot nu toe tegen, vooral bij zorgopleidingen en lerarenopleidingen. De eerste zien 5 procent minder aanmeldingen dan vorig jaar om deze tijd, de lerarenopleidingen gemiddeld zelfs 10 procent. Ook bij Fontys zijn er zorgen.

De Vereniging Hogescholen stelt dat het nog te vroeg is om conclusies te trekken. “Je ziet wel vaker fluctuaties”, zei voorzitter Maurice Limmen in dagblad Trouw. “Maar natuurlijk wil je dit niet. Zeker niet in de zorg en onderwijs, dat zijn vitale beroepen.”

Als oorzaak voor de terugval wordt vooral gewezen op de onzekerheid waarin studenten verkeren over de financiering van hun studie. Nu is er nog een leenstelsel, vanaf collegejaar 2023/2024 keert de studiebeurs terug. Onduidelijk is wat in het tussenliggende jaar gebeurt.

Daardoor besluiten mogelijk veel scholieren om dan maar een tussenjaar te nemen. Niet alleen een zorg voor de hogescholen, maar ook een maatschappelijk probleem: in de loop van 2026 zouden dan veel minder afgestudeerden op de arbeidsmarkt komen.

Coronajaren
Bij Fontys in Sittard zien ze de bui al een beetje hangen. De lerarenopleidingen daar hebben tot nu grofweg 15 procent minder aanmeldingen dan de afgelopen jaren. “Al kun je je afvragen hoe representatief die coronajaren waren”, plaatst directeur Anton van den Brink meteen een kanttekening.

Anton van den Brink“Maar we lopen achter, zonder meer. We zien dat ook terug bij de aantallen bezoekers van de open dagen. En ja, dat zijn aantallen die reden geven tot zorg.”

Bij de lerarenopleidingen in Tilburg is het al niet anders. “Wij zitten eerder op 20 dan op 15 procent minder aanmeldingen. In het verleden gingen we pas in mei serieus kijken naar de aanmeldcijfers. Maar de signalen zijn nu inderdaad niet goed”, zegt directeur Ad Vissers.

Studiebeurs
Toch hebben beide directeuren twijfels bij de redenatie dat het allemaal terug te voeren is op de omschakeling van leenstelsel naar studiebeurs. Zo zien universiteiten nog geen afname. En er zijn hbo-opleidingen, ook binnen Fontys, die wel ‘normale’ cijfers laten zien. Van den Brink: “Al zijn dat wel de internationale studies, niet de educatieve opleidingen. "

Hij kan ook andere oorzaken noemen voor de terugval bij die onderwijs-opleidingen: "Er speelt ook dat er in het zuiden demografische krimp optreedt. En de arbeidsmarkt is heel goed op dit moment.”

Een klein voordeeltje ziet hij ook: “De studenten die zich tot nu toe hebben aangemeld, lijken wel een veel afgewogener keuze te maken. Ze zijn gemiddeld genomen gemotiveerder, dus dat stemt dan weer wel hoopvol.”

Vissers is er evenmin van overtuigd dat het allemaal te wijten is aan de onduidelijkheid over de toekomstige studiebeurs. “Ik hoor daar zelf jongeren nooit over. Het zijn vooral de verstandige volwassenen die met dat argument komen.”

'Stiekem anders opleiden'

Wat kan Fontys zelf doen om het tij enigszins te keren? Ad Vissers, directeur van de Lerarenopleiding Tilburg: “Op de instroom hebben we weinig invloed. Maar het educatieve domein heeft een relatief grote uitval. Daar kunnen we wel iets aan doen. Zorgen dat je de studenten behoudt die al binnen zijn.”

“Ik wil daarmee niet zeggen dat je de studie gemakkelijker moet maken. Maar je kunt reguliere bachelors anders invullen. Op vakdiscipline vallen mensen nu af die eigenlijk supergoed inzetbaar zijn in het onderwijs. Maar dan als bijvoorbeeld begeleidend of coachend leraar. Officieel mogen we daarvoor niet opleiden. Maar misschien moeten we dat stiekem gewoon wel gaan doen.”

Hij wijst ook op de eerdere halvering van het collegegeld voor wie zich inschreef voor een opleiding tot leerkracht. “Die regeling had toen heel weinig effect. Maar ik weet het ook niet. Als de aanname is dat de aanmeldingen achterlopen vanwege de studiebeurs, dan is dat zo.”

Imagoprobleem
Wel wijst Vissers, net als zijn collega Van den Brink, op een andere, mogelijk zwaarwegende oorzaak. “Het imago van het onderwijs. Dat is een lastig ding. Het is hier in Nederland niet zoals in Finland, waar een baan in het onderwijs als heel eervol wordt beschouwd.”

Ad Vissers“Het beroep van leraar heeft die reputatie hier niet. Ondertussen wordt de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de leraar wel steeds groter en het ambacht daarmee steeds zwaarder. Dat heeft de afgelopen jaren geleid tot een imago in de maatschappij dat moeilijk is bij te sturen.”

Los van dat alles, zo stellen beiden, zou het zonder meer fijn zijn als er meer duidelijkheid komt over de toekomstige studiebeurs en het tussenliggende studiejaar 2022/2023.

Van den Brink: “Het zou in elk geval heel erg goed zijn omdat er nu een enorm spanningsveld is onder studenten. Tussen studeren enerzijds en werken, om de schuld van de lening niet te hoog op te laten lopen, anderzijds. Helderheid hierover van de regering zou zeker helpen.”

Die helderheid wordt mogelijk morgen, vrijdag, al een beetje gegeven. Vandaag lekten in elk geval al concrete voorstellen uit over de basisbeurs vanaf 2023.  Minister Dijkgraaf (Onderwijs) zei woensdag tegenover de Tweede Kamer: “Ik heb er goede hoop op dat ik u snel, waarschijnlijk deze vrijdag, een hoofdlijnenbrief kan sturen.”  [Jan Ligthart

Reacties (0)
Bedankt voor uw bericht.