Het brein van neurodivergente Sander staat nooit stil
Trots op je neurodiversiteit. Dat is deze maandag het motto van de landelijke Neurodiversity Pride Day. Student Sander Perquin viert de dag waarop ‘diverse hersenen worden geëerd’ vrolijk mee, al had er voor hem niet per se een speciale dag aan hoeven hangen.
Neurodivergentie verwijst naar mensen met breinen die afwijken van het gangbare brein. Wereldwijd heeft ongeveer 20 procent een vorm van neurodivergentie. Dat kan autisme zijn, maar ook ADHD, dyslexie, dyscalculie, Tourette of een niet aangeboren hersenletsel. Kort gezegd benadrukt de term dat er niet één ‘normale’ manier is om de wereld te ervaren.
Sander, student leraar Omgangskunde bij Fontys, kan daar over meepraten. Zijn brein werkt anders dan andere breinen. Hij denkt veel na, heeft brede interesses, heeft behoefte aan complexiteit, legt onverwachtse verbanden, denkt in metaforen en symbolen, geeft de voorkeur aan directe communicatie en is enorm creatief.
Geen label nodig
Het is slechts een greep uit de vele eigenschappen die Sander bezit. Speciaal voor dit interview heeft hij een kaart meegenomen met daarop allerlei kenmerken die horen bij hoogbegaafdheid, ADHD en autisme. “Ik kan ze bijna allemaal aanvinken”, zegt hij. “Maar ik heb geen specifiek label. Ik ben vroeger getest op autisme, maar dat blijk ik niet te hebben. Hetzelfde geldt voor ADHD. En hoogbegaafdheid? Nee, heb ik ook niet.”
Dat er inderdaad veel in Sanders brein omgaat, blijkt al in de eerste zestig seconden van dit gesprek, wanneer Sander vertelt welke gedachtes er allemaal al door zijn hoofd zijn gegaan. Een ogenschijnlijk simpel schilderij dat aan de muur hangt, is door hem uitvoerig bekeken. Wat is de betekenis van dit kunstwerk? En waarom is het op deze manier gemaakt? In de lampen op het plafond ziet hij een patroon. Maar het patroon klopt niet, waarom mist daar een lamp? En waarom is de temperatuurregelaar op die specifieke hoogte geplaatst?
“Ik heb een hele diepe belevingswereld”, zegt Sander, die zijn brein met verschillende voorbeelden zo duidelijk mogelijk probeert te omschrijven. “Als we vroeger topografie hadden waarbij je moest leren welke hoofdstad bij welke provincie hoorde, wilde ik veel meer weten dan dat. Hoe je van de ene naar de andere stad kon komen bijvoorbeeld. Of wat de precieze afstand tussen twee bepaalde steden was. Veel informatie die mijn klasgenoten voor lief namen, vond ik saai. Ik stelde altijd de waaromvraag.”
Vermoeidheid en hoofdpijn
De hersenen van Sander draaien op volle toeren. En ja, dat kan soms best vermoeiend zijn. “Ik kom heel vaak moe thuis”, vervolgt hij. “Nu, tijdens dit gesprek, voel ik ook al een lichte hoofdpijn opkomen. Maar dat komt omdat ik enthousiast ben, en dan gaan er allemaal gedachtes door elkaar heen. Ik wil heel veel vertellen, maar ik weet ook dat we daar niet de hele dag de tijd voor hebben.”
De interesses van Sander zijn breed, heel breed. En dat maakt hem iemand met heel veel algemene kennis. Als hij zich eenmaal in een onderwerp vastbijt, wil hij er alles over weten, lezen en schrijven. Hij heeft al meerdere boeken uitgebracht en schrijft Wikipedia-pagina’s vol met alles wat hij te weten is gekomen. Over filosofie, plekken en bezienswaardigheden in Eindhoven, de bewustzijnsschaal van Hawkins, sterrenkinderen, subjectief idealisme, dierentuinhypothese, de cybermacht en computerspellen.
“Ook dat hoort bij neurodivergentie. Ik kan een hyperfocus op specifieke interesses hebben. Soms verdiep ik me in een onderwerp en zijn we plotseling zeven uur verder. Ik kan helemaal verdwalen op het internet als ik eenmaal een onderwerp heb gevonden waar ik geïnteresseerd in ben. Soms klik ik wel 600 keer door van de ene Wikipedia-pagina naar de andere.”
De mens vieren
Op school heeft hij er gelukkig niet zo’n last van. Hij gaat prima mee met andere studiegenoten en heeft ook totaal geen moeite met de opdrachten die hij krijgt. Zijn docenten weten van zijn neurodivergentie af en besteden daar volgens hem genoeg aandacht aan. Bovendien is hij niet de enige in zijn klas; er zijn ook anderen met neurodivergentie.
“Het is niet dat we het in de klas specifiek over neurodivergentie hebben, maar docenten weten inmiddels wel hoe mijn brein werkt. Of ik het fijn vind dat er zoiets als de Neurodiversity Pride Day bestaat? Tja, het is leuk dat het er is, maar van mij hoeft het niet per se. Ik heb liever een dag waarop de algemene mens wordt gevierd. Omdat iedereen er mag zijn.”
Fontys viert dit jaar de Neurodiversity Pride Day door een vlag te hijsen op de campus van TU/e. Het moment is een samenwerking tussen Donatues, TU/e en Fontys, en staat in het teken van neurodiversiteit en inclusie.