Altijd te paard (en soms voor de klas)
Ik las onlangs de biografie Altijd te paard over Renate Dorrestein. Prachtig geschreven door Iris Pronk. En ergens halverwege, terwijl ik las over haar strijdlust, haar humor, haar scherpe blik op de wereld, dacht ik: Renate is mijn rolmodel.
Ik wil zijn zoals zij was. Niet letterlijk, ik hoef geen roman per jaar te schrijven of kettingroker te zijn, dat niet. Maar wel in denken, in durven, in de manier waarop ze vocht voor rechtvaardigheid, zonder haar ironie en humor te verliezen. Haar motto Altijd te paard maakt iets strijdbaars in me wakker. Iets dat zegt: kom op, de wereld verandert niet vanzelf, zadel op. En toen vroeg ik me ook af: wat ís dat eigenlijk, een rolmodel? Voor mij betekent het iemand in wie je jezelf herkent, maar ook iemand op wie je vooruit kunt lopen. Die je net even verder trekt dan je dacht te kunnen.
Dan denk ik aan jongens van nu. Niet allemaal, gelukkig niet, maar toch zorgwekkend veel halen hun inspiratie uit figuren als Andrew Tate. Wat zegt het, als je rolmodel iemand is die vrouwen “bezit” noemt? Wat zegt dat over hoe je naar de wereld kijkt? En over de wereld waarin je je als jongen gevormd voelt?
Wie je rolmodel is, zegt iets over wie je bent of wie je hoopt te worden. En dat maakt het ook spannend om docent te zijn. Want moeten wij eigenlijk rolmodellen zijn? Of moeten we vooral neutraal blijven, kennis overdragen, onszelf zo min mogelijk tonen?
Ik weet het eerlijk gezegd niet. Maar ik weet wel dat toen Renate ooit voor een klas in Amerika stond vele jaren geleden, ik alles zou hebben gegeven om daar achterin het lokaal te zitten. Potlood in de aanslag. En paard voor de deur. Ten aanval
Tina ten Bruggencate is docent aan Fontys Hogeschool Toegepaste Psychologie en onderzoeker bij het lectoraat Ethisch werken. Lees hier haar eerdere columns voor Bron.