door Marieke Verbiesen,
05
december
2024
|
11:03
Europe/Amsterdam

Uitwonend en rondkomen: ene student is andere niet

Het merendeel van de uitwonende studenten komt rond, ruim een tiende lukt dat niet. Dat studenten het desondanks financieel redden, komt vaak door financiële ondersteuning van de ouders en een studielening. Om geldzorgen te voorkomen, helpt het Nibud een handje met een voorbeeldbegroting.

Wat huishoudens nodig hebben om rond te komen, stelt het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) jaarlijks vast in (minimum)voorbeeldbegrotingen voor bijna elk type huishouden en inkomensniveau. Maar aparte begrotingen voor studentenhuishoudens waren er nog niet.

Het Nibud heeft onlangs drie voorbeeldbegrotingen uitgewerkt. Deze laten zien wat uitwonende studenten in het mbo, hbo en wo minimaal nodig hebben om elke maand rond te kunnen komen. Specifiek gaat het om hbo- en wo-studenten die op kamers wonen, alleenstaande hbo- en wo-studenten die in een studio leven en alleenstaande mbo-bol-studenten in een studio.

Tekorten
In de voorbeeldbegrotingen voor studenten is ervan uitgegaan dat studenten alle uitgaven zelf betalen. Veel van hen hebben inkomsten uit werk en/of stage, ontvangen een basisbeurs en/of een aanvullende beurs, hebben een studielening, krijgen geld van hun ouders en ontvangen zorgtoeslag.

In deze eerste opzet heeft het Nibud alleen gekeken naar de basisbeurs, de zorgtoeslag en de volledige aanvullende beurs, al komen niet alle studenten hiervoor in aanmerking. Wat blijkt: met alleen deze inkomsten ontstaan er tekorten van 671 euro, 831 euro en 757 euro (zie tabel 1). Als de inkomsten uit werk worden meegerekend, dan resteren er nog tekorten van 74 euro, 234 euro en 251 euro (zie tabel 2). [Lees verder onder de tabellen]

Download
Download

Maar wat kun je nou eigenlijk met zo’n begroting? Dat legt economiedocent Marco Beurskens van Fontys Commerciële Economie uit. “Door een begroting te maken van je inkomsten en uitgaven weet je waar je aan toe bent en waar je naartoe kunt werken. Het is een middel om tot keuzes te komen op de korte en de langere termijn.”

Dat het Nibud voorbeeldbegrotingen maakt is handig, denkt Beurskens. “Veel studenten maken zich zorgen over geld. Ze zijn op zoek naar ‘peers’ en voelen zich gesteund als ze zien dat ze niet de enige zijn. Zo’n voorbeeldbegroting kan dan helpen, zeker als je niet goed uitkomt met je geld. Een goede financiële basis is hartstikke belangrijk om je geen zorgen te hoeven maken over geld.”

Geen vetpot
Isabel Dekker, vierdejaarsstudent Bedrijfskunde, kan daarover meepraten. Ze schat haar maandinkomen op zo’n 1.200 euro. Ze deelt een appartement, heeft een bijbaan en leent van DUO. Een aanvullende beurs krijgt ze niet, want dit is haar tweede studie. Alleen als het niet anders kan, neemt ze geld aan van haar ouders. Geen vetpot dus?

“Nee, ik kom er niet mee uit. Als ik niet zou lenen, kom ik 300 euro tekort per maand. Dat lenen geeft me heel veel stress. Na mijn studie heb ik een studieschuld en ik vraag me nu al af of ik dan wel een hypotheek kan krijgen, hoe lang ik vastzit aan mijn schuld en in welke mate deze me in de toekomst gaat belemmeren. Dat houdt me bezig. Geldzaken vind ik sowieso heel stressvol.” [Tekst gaat verder onder de tabel]

Download

Eerstejaarsstudent Vastgoedkunde Eva Veenstra woont sinds een paar maanden op kamers. Dat bevalt goed, ook al moet ze nu alles zelf regelen en betalen. Eva werkt, krijgt de basisbeurs, een aanvullende beurs en ontvangt ook nog wat van haar ouders. “Per maand heb ik zo’n 700 tot 800 euro te besteden, daar kan ik ook nog van sparen. Ik sta eigenlijk nooit rood.”

Eva heeft daar wel een verklaring voor: “Ik heb heel veel geluk dat ik maar 250 euro voor mijn kamer betaal. Dat is echt heel weinig. Daar komt alleen nog 45 euro bij voor gas, water en licht. Voor mij geen stress om geld gelukkig.”

Veel werken
Ook Bas van Buel, derdejaarsstudent Sport en Communicatie, zit er ontspannen bij als naar zijn inkomen en uitgaven wordt gevraagd. Hij woont nog thuis, maar zou het liefst op zichzelf gaan wonen. Dat zit er niet in: “Omdat er bijna tot niks te vinden is wat betaalbaar is en ook een beetje fatsoenlijk is”. Toch betaalt hij bijna alles zelf, behalve huur. Met een maandinkomen tussen 1.200 en 1.800 euro komt hij geen geld tekort.

“Dat komt omdat ik heel veel werk, sowieso elke vrijdag en zaterdag en soms ook op zondag, minstens tien uur op een dag. En doordeweeks probeer ik ook nog een of twee avonden te werken. Ik ontvang een basisbeurs voor thuiswonende studenten en ik leen niet. Ik geef het meeste geld uit aan uiteten gaan, boodschappen en kleding. Maar ook aan mijn opleiding.”

Tenslotte weet ook bedrijfskundestudent Isabel haar zorgen te relativeren. “Uiteindelijk zit ik hier op de campus, heb ik een broek en een trui aan en zit er een broodje in mijn tas, dus ik kom niet om van de honger."

Reageren kan hieronder. Eenmaal gepubliceerde reacties worden niet verwijderd

Reacties (0)
Bedankt voor uw bericht.