Eindhoven,
23
oktober
2018
|
09:25
Europe/Amsterdam

Studiefinanciering: hoe doen de buren dat?

Elk land gaat anders om met beurzen en leningen

Het ‘nieuwe’ leenstelsel draait nu drie jaar en de kritiek erop houdt aan. Veel politici (en studenten) verlangen terug naar de basisbeurs en de tijd waarin de nationale studieschuld minder rap opliep. Maar: heb je als Nederlandse student echt zo veel reden tot klagen? Bron brengt de Stufi in een paar omringende landen in kaart.

Nederlandse studenten ‒ die niet meer onder het basisbeurs-regiem vallen en evenmin kunnen teren op hun ouders ‒ moeten het doen met een aanvullende beurs en (eventueel) een lening. Als je daarbovenop nog gebruikmaakt van het collegegeldkrediet, keert DUO maandelijks zo’n 1042 euro uit. Hoe zit dat bij studenten uit onze buurlanden? Wat zit er ongeveer in hun Brieftasche of plånbok?

Beursloze zomer in Zweden
Scandinavische studenten treffen het beter dan jij. Om te beginnen: als ingezetene van Finland, Zweden en Denemarken betaal je geen collegegeld (0 euro dus). In laatstgenoemd land ontvangen alle studenten een basisbeurs, los van het ouderlijke inkomen. Zo krijgen uitwonende studenten ongeveer 600 euro per maand. Dat geld wordt gezien als uitkering (een soort ‘studentenloon’ van de staat)- je hoeft dus niks terug te betalen. Meer geld nodig? Dan kun je extra bij lenen. 
Hetzelfde systeem geldt aan de andere kant van de Sontbrug, in Zweden. Al zit daar ook een klein addertje onder het gras: in periodes dat je geen vakken volgt (bijvoorbeeld in de zomervakantie) gaat ook de studiefinanciering on hold. Deze vervelende spelregel wordt ruimschoots goedgemaakt door het feit dat je in Zweden tot je 47ste(!) studiefinanciering kunt aanvragen.

Britten betalen de hoofdprijs
Studenten zijn niet overal zo goed af. Neem het Verenigd Koninkrijk. Als bachelorstudent betaal je daar een collegegeld van 9000 à 10.000 euro per jaar (voor masterstudenten kan dit bedrag oplopen tot maar liefst 58.000 euro). Die tarieven gelden ook voor internationale studenten. Schotland doet trouwens niet mee aan deze ‘gekte’: daar is studeren op openbare universiteiten op bachelorniveau gratis.
Illustratie: Martien BosBritse studenten moeten het bovendien rooien zonder basisbeurs. Afhankelijk van het inkomen van hun ouders kunnen ze jaarlijks tot maximaal 10.000 euro lenen. Sappelen dus, meer dan bij ons. Daar staat tegenover dat Britse studenten zich ten minste een paar uur per jaar de koning te rijk voelen: ze krijgen hun lening namelijk in één keer uitbetaald. Na hun studie hebben ze 30 jaar de tijd om hun vaak forse studieschuld terug te betalen. Als dat niet lukt, wordt de schuld na die termijn kwijtgescholden. In ons land geldt dat laatste overigens ook, alleen hanteert DUO een aflostermijn van 35 jaar.


Duitsland rekent in semesters
In Duitsland betaal je in de meeste Bundesländer geen collegegeld; in plaats daarvan wordt met een zogenaamde semesterbijdrage gerekend (variërend van 50 tot 300 euro). Meestal heb je dan ook recht op gratis reizen in de betreffende deelstaat. Dat lijkt dus op onze OV-kaart, alleen is die in Duitsland niet gekoppeld aan de studiefinanciering maar aan de semesterbijdrage. Studiefinanciering heet in Duitsland ‘BAföG’, verwijzend naar het ‘Bundesausbildungsförderungsgesetz’ dat deze regelt.
Studenten wiens ouders onder een bepaalde inkomensgrens zitten kunnen een lening aanvragen. Net als het vroegere basisbeursstelsel bij ons maakt de BAföG onderscheid tussen thuis- en uitwonend. Respectievelijk kun je als student in het hoger onderwijs dan maandelijks 451 euro en 649 euro lenen. Door eventuele toeslagen stijgt dit bedrag verder. Ook Nederlandse studenten kunnen deze studiefinanciering aanvragen.

Op kot in België
Voor veel Nederlanders is België misschien wel de vanzelfsprekendste optie. Bij onze zuiderburen betaal je wel collegegeld, al is het een stuk minder dan in Nederland: ongeveer 900 euro per jaar. Een volledige studietoelage in België bedraagt op jaarbasis 4115,01 euro (uitwonend, oftewel ‘op kot’). Niet-kotstudenten krijgen 2469,80 euro. Deze bedragen zijn afhankelijk van het overige inkomen van jou zelf en je ouders. Wanneer genoemd inkomen uitzonderlijk laag is, kunnen deze bedragen nog hoger uitvallen. En het aller-aantrekkelijkste: je hoeft de toelage niet terug te betalen, het is dus geen lening maar een gift van de overheid. [Frank van den Nieuwenhuijzen]

Denk je over een studie-overstap naar het buitenland? In veel gevallen kun je je Nederlandse studiebeurs meenemen. Meer info hierover vind je bij DUO. De Europese Commissie probeert te stimuleren dat EU-studenten vaker ‘over de grens’ studeren. In dit rapport lees je hoeveel het kost om in het buitenland te studeren, en wat landen zoal doen om studenten financieel te ondersteunen.

 

Op een rijtje:

Landen zonder collegegeld: Finland, Denemarken, Zweden, Noorwegen, Oostenrijk, Griekenland, Schotland (bachelorniveau), Cyprus (bachelorniveau) en Malta (bachelorniveau). In Duitsland betaal je in 14 van de 16 deelstaten geen collegegeld.

Automatisch stufi voor álle studenten: Cyprus, Denemarken en Malta. In alle EU-lidstaten kun je als student aanspraak maken op enige vorm van financiële ondersteuning. De enige Europese landen zonder studiefinanciering zijn IJsland en Turkije, al kun je in dat laatste land wel compensatie krijgen voor het collegegeld.

Lenen: In alle EU-landen is het systeem (deels) gebaseerd op lenen.

Individueel of gezinsverband: Het stufi-systeem in Scandinavische landen ziet de student vooral als individu. Dat betekent dat het inkomen van je ouders niet of minder meeweegt. In veel andere landen (zoals België en Duitsland) gebeurt dat duidelijk wel.