Pijn aan de pomp is te voelen: medewerkers betalen de prijs
Terwijl de oorlog in het Midden-Oosten voortduurt, blijven de prijzen aan de pomp torenhoog. Fontys grijpt net als het kabinet nog niet in door de reiskostenvergoeding te verhogen, en dus zijn de autorijdende Fontysmedewerkers veel geld kwijt aan benzinekosten voor hun werk. “Soms wel 300 euro per maand.”
Alle medewerkers van Fontys krijgen een NS-businesscard, waarmee ze gratis met het openbaar vervoer kunnen reizen. Veel collega’s maken daar gebruik van, maar niet iedereen. Soms omdat ze in een ander land wonen, soms omdat ze gewoon te veel tijd kwijt zijn aan het reizen met de trein. Dat laatste geldt ook voor Eric de Haas, Mechatronica-docent in Eindhoven.
Hij woont in Berlicum en omschrijft het openbaar vervoer in die plaats als ‘een mijl op zeven’. Het kost hem niet alleen veel tijd om met de bus of trein bij Fontys te komen, de docent vindt het ook een onbetrouwbare manier van reizen. “Met de auto ben ik het meest flexibel”, zegt De Haas. “En ja, dat kost me meer geld. Als ik heel zuinig rij door mijn rechtervoet gedeisd te houden, zou ik negen euro per dag aan benzine kwijt zijn. Dan heb ik het nog niet gehad over belasting, slijtage en andere kosten.”
Negen euro per dag die hij uit eigen zak betaalt om op zijn werk te komen. Min de 3,48 euro die hij vanuit Fontys krijgt als dagvergoeding. “Het is het nu nog wel waard, maar ik hoop wel dat Fontys het thuiswerken blijft bevorderen."
Landelijke regels
Vorige week vroeg Bron aan Fontys of de instelling bereid is mee te bewegen met de stijgende benzineprijzen. Het antwoord daarop klonk als volgt: “We volgen hierin de Rijksoverheid. Als het kabinet op basis van de brandstofprijzen besluit de onbelaste reiskostenvergoeding te verhogen, zal Fontys die verhoging volgen.”
Johan Struik, bestuursadviseur van het college van bestuur, snapt die keuze. Hij moet zelf vier keer per week 65 kilometer afleggen om vanuit Woudrichem naar Eindhoven te komen. Twee keer per week doet hij dat met het openbaar vervoer, de andere twee keer met de auto. “Ik vind het logisch dat we hierin de overheid volgen”, zegt hij over het beleid van Fontys. “Tegelijkertijd vind ik ook - ik bemoei me hier verder niet mee - dat we bij Fontys een goede ov-regeling hebben en dat het goed is om medewerkers zoveel mogelijk te stimuleren om met het ov te komen.”
Over de dienstreizen, waar medewerkers momenteel 0,23 eurocent per afgelegde kilometer voor vergoed krijgen, heeft hij een andere mening: “Dat is iets anders dan het woon-werkverkeer en die moeten, vind ik, gerelateerd zijn aan de werkelijke kosten. Het zou niet goed zijn als je zelf bij moet leggen voor dienstreizen die je voor je werk moet maken.”
Andere regels
Een medewerker die van geen enkele reiskostenregeling van Fontys gebruik kan maken, is Christiane Holz. Zij woont in Duitsland en de NS-businesscard die Fontys aanbiedt, geldt daar niet. Belastingtechnisch doet ze ook geen aanspraak op de dagvergoeding die je krijgt als je met de auto komt, dus kort gezegd betaalt ze alle kosten die ze maakt om op haar werk in Venlo te komen, helemaal zelf. Qua benzine loopt dat vaak op tot 300 euro per maand.
“Wat mij zou helpen, is als Fontys ook een Duitse ov-kaart beschikbaar zou stellen. Die kost hier maar 44 euro”, zegt Holz. “Maar verder pleit ik niet per se voor een hogere dagvergoeding. Althans, niet voor mensen met een goed salaris. Ik zou het vanuit het gelijkheidsprincipe beter vinden als Fontys kijkt naar hogere reiskostenvergoedingen voor medewerkers met een relatief laag inkomen.”
Niet te doen
We spreken ook Joost Deeben, woonachtig in het Belgische Lommel en werkzaam bij Technology in Eindhoven. Het ov is voor hem ‘niet te doen’, zegt hij. Daar zou hij twee uur over doen, terwijl hij binnen vijftig minuten met de auto op zijn werk kan zijn. Hij snapt de keuze om met de overheid mee te bewegen in het eventueel verhogen van vergoedingen en ziet liever op een ander gebied een aanpassing.
“Ik werk op het TU-terrein, waar we sinds kort parkeerkosten zelf moeten betalen à 1,50 euro per dag. Dat vind ik raar, en er is voor sommige mensen ook geen alternatief in de vorm van het ov. Daar zouden ze wel wat meer rekening mee mogen houden. Het is nou eenmaal niet altijd een vrije keuze om met de auto te komen, het gaat niet altijd om gemakzucht. Daar mag wel wat meer oog voor zijn.”
Voor wie het wél een vrije keuze is om met de auto te komen, is Social Work-projectleider Chenoor Zagros. Dat doet ze omdat ze als alleenstaande moeder haar twee kinderen naar school moet brengen en het anders te veel tijd, energie en stress zou kosten. Ze woont en werkt in Eindhoven, dus recht op een vergoeding heeft ze niet. “Daar kan ik me in vinden, maar ik vind dat de vergoeding voor mensen die er wel recht op hebben, echt omhoog moet.”
Fontys heeft écht een goede fietsregeling. Met een speedpedelec is een veel grotere afstand te doen dan je denkt en geeft een hele mooie toevoeging voor de extra kosten. Dat hoeft niet dagelijks natuurlijk maar kan ook bijvoorbeeld 2 keer per week. De 23 cent per kilometer die je daarvoor ook krijgt geeft een mooie extra voor de autokosten die je niet vergoed krijgt. Buiten natuurlijk dat je betaald krijgt om buiten te zijn en te sporten!
En oh ja: voor de fiets zijn er voldoende laadplekken;-) (al worden die ook steeds schaarser)