Onderwijsdriehoek
Toen mijn zoon begon aan zijn middelbare school loopbaan werd ons, de ouders, verteld over de onderwijsdriehoek. De hoeken van die driehoek waren de school, de leerling en de ouders. Samen waren we verantwoordelijk voor een succesvolle schooltijd. Ik vond dat toen al belachelijk. Laat mij er lekker buiten, dacht ik. Wat heb ik er in hemelsnaam mee te maken?
Daarnaast leek het me ook een gevalletje geïnstutionaliseerde oneerlijkheid. Kinderen met betrokken of hoger opgeleide ouders maken in deze driehoek meer kans hun diploma te halen. Zou onderwijs niet gewoon iets moeten zijn tussen de school en het kind.
Lekker rustig voor de ouders ook.
Op het hbo is het onderwijs wel iets tussen de school en de student, maar daar speelt een andere vorm van oneerlijkheid. Sinds Corona, sinds vastgoed duur is, sinds technologie hip en overal is, vierkante meters onder druk staan en de instroom daalt, zie ik steeds meer vormen van blended of online onderwijs. Nu is dat sowieso vaak een slecht idee. Ik denk namelijk dat leren een beetje frictie en beleving nodig heeft en dat gaat een stuk beter fysiek.
Maar het is dus ook oneerlijk.
Immers een student met zijn eigen laptop, eigen kamer en glasvezelverbinding heeft het een stuk gemakkelijker dan de student die een oude laptop met zijn zusje deelt op zijn hotspot met datalimiet. Blended onderwijs, online lessen, online mediatheken (en dus minder studieplekken), AI-abonnementen, ze zijn allemaal onderdeel van een andere, geïnstitutionaliseerde en al even oneerlijke onderwijsdriehoek.
School, leerling, technologie.
Rens van der Vorst is technofilosoof, werkt bij Fontys hogescholen ICT en Engineering en is auteur van onder meer Don't mention the VAR. Lees hier de eerdere columns die hij voor Bron schreef.