Les in het voedselbos? Leerzaam, maar nu even niet
Kinderen kunnen door een tamelijk nieuw voedselbos bij de pabo in Den Bosch leren waar eten vandaan komt. Althans, dat is de bedoeling. Momenteel is de tuin buiten gebruik omdat er simpelweg niks meer staat. Slakken hebben alles aangevreten.
De tuin is begin dit kalenderjaar aangelegd en is ontstaan vanuit een gezamenlijk idee van Stefan van Beurden en Stefan de Beukelaar. Zij - de één docent Natuur en Techniek, de ander docent Bewegingsonderwijs en Gezond Gedrag – kregen een jaar of vier geleden een NPO-budget om meer in te zetten op de natuur en het geven van buitenlessen.
“Een van de projecten die wij hebben uitgevoerd is de ontwikkeling en uitwerking van het voedselbos in samenwerking met IVN”, legt De Beukelaar uit. Het doel van IVN is om duizend schoolpleinen en kinderopvanglocaties te vergroenen met een voedselbos, om op deze manier kinderen mee te nemen in het verhaal over voedselproductie, het toegankelijk maken van gezond eten en het bijdragen aan de biodiversiteit.
Fontys helpt daar graag aan mee. Want, zegt De Beukelaar, het is een win-winsituatie voor iedereen. “De rol van Fontys in dit project is om bij te dragen aan educatie. Onze studenten hebben een voorbeeldfunctie; ze laten leerlingen zien hoe onderwijs in de toekomst eruit kan komen te zien en spelen daarbij in op biodiversiteit, wat momenteel een groot probleem is in onze samenleving.” [Tekst gaat verder onder de foto's. Deze beelden zijn vóór de slakkeninvasie gemaakt]
Dat doen ze door kinderen mee te nemen naar het voedselbos en ze daar alles te leren over hoe voedsel op hun bord terechtkomt, wat biodiversiteit is en hoe het systeem samenhangt. De lessen zijn gebaseerd op de door IVN ontwikkelde standaardlessen, waar studenten vervolgens hun eigen draai aan geven.
De Beukelaar: “In onze tuin staat bijvoorbeeld colakruid die naar cola ruikt. Maar we hebben ook frambozen, aardbeien en drop- en muntplanten. Dat zijn bekende smaken voor kinderen en ze vinden het hartstikke leuk om daar meer over te weten. We leren ze op welke manier planten en dieren samenwerken en hoe ze afhankelijk zijn van elkaar in het voedselbos."
Het was de bedoeling dat de lessen nu al zouden draaien, maar door een voor veel mensen welbekend probleem met slakken zit dat er nu niet in. Van de prachtig in bloei staande tuin is niets meer over. Alle planten zijn aangevreten. “De tuin zag er fantastisch uit, totdat er een ware explosie van slakken kwam. Omdat deze dieren met name ’s nachts actief zijn, konden we het niet tegenhouden. Er staat bijna niks meer. Volgende week gaan we de boel opnieuw planten.” [Tekst gaat verder onder de foto]
Dat klinkt ambitieus, maar hoe voorkom je dat dit nog een keer gebeurt? “Het mooiste zou zijn als de natuurlijke vijanden dit voedselbosje weten te vinden, zoals merels, lijsters, spreeuwen, eksters en eenden, maar ook egels, spitsmuizen en kikkers. Om dit te stimuleren doen studenten onderzoek op welke manier ze de leefomgeving van de natuurlijke vijanden aantrekkelijker kunnen maken.”
In september hoopt de docent een nieuw project met studenten en leerlingen te kunnen starten. “Met dit voedselbos willen we ook aandacht en draagvlak voor de voedselbosbouwbeweging versterken. Voedselbossen bieden een kansrijke vorm van natuurlijke landbouw en een alternatief voor het gangbare, intensieve landbouwsysteem en de daarmee samenhangende achteruitgang van de biodiversiteit.”
Hij vervolgt: “Een voedselbosje draagt bij aan de bodemkwaliteit, klimaatadaptatie door een betere wateropvang en minder hittestress, en biodiversiteit. Net als grote voedselbossen zijn de kleine bosjes een fijne plek voor vlinders, vogels, bijen en zoogdieren. Kortom, een aantrekkelijke, groene speel- en leeromgeving voor kinderen.”