Jezus wat grappig
In een van mijn presentaties vraag ik aan de zaal wie er allemaal op Tinder zit. Dat is een beetje ongemakkelijk, maar voor ze antwoord hebben kunnen geven, zeg ik: "Jezus in ieder geval wel", en laat dan een slide zien met het Tinderprofiel van Jezus. Daarna zeg ik: “Ik weet niet sinds wanneer, maar ik denk sinds Pasen.”
Makkelijk scoren!
Maar de laatste tijd word ik soms achteraf aangesproken door iemand die vertelt gekwetst te zijn. Meestal vallen dan woorden als respectloos, niet grappig, onnodig. Studenten melden soms dat ze hier op school niet mee geconfronteerd wensen te worden.
Ik toon dan uiteraard begrip en vertel dat ik humor gebruik omdat mensen daarna beter luisteren naar het belangrijke verhaal over algoritmische keuzevrijheid (waarin ik ook nog mijn vriend John diep beledig omdat hij alleen lelijke vrouwen op Tinder aantrekt, maar daar neemt niemand aanstoot aan). Het helpt niet.
Daarom zoek ik nieuwe argumenten. Zoals dat Jezus in 2025 echt wel op sociale media zou zitten en zeker ook op Tinder. Het hele concept van volgers was hem niet vreemd. Of: Jezus is liefde en Tinder draait om liefde (oké in theorie). Of misschien moet ik als rechtgeaarde Brabantse katholiek gewoon nonchalant om vergeving vragen. Of nogmaals uitleggen dat gekwetst zijn iets anders is dan gelijk hebben.
Wat ik in ieder geval niet ga doen, is de grap niet meer maken. Hoogstens overweeg ik om de pay-off niet meer op de slide te tonen.
‘Downside: I’ve only been nailed once.’
Rens van der Vorst is technofilosoof, werkt bij Fontys hogescholen ICT en Engineering en is auteur van onder meer Don't mention the VAR. Lees hier de eerdere columns die hij voor Bron schreef.