door Jan Ligthart,
14
mei
2025
|
07:54
Europe/Amsterdam

Het succes van de minor Arabische taal en cultuur

De minor Arabische taal en cultuur van Fontys is in een paar jaar tijd uitgegroeid tot een succesnummer. Uit het hele land melden studenten zich aan. “Omdat er eigenlijk niets vergelijkbaars bestaat in Nederland.”

Amine Oulad Lmaroudia dacht eerst dat directeur Anton van den Brink een grapje maakte, toen die hem vijf jaar geleden vroeg of het geen tijd was voor een minor Arabische taal. Tot de docent Engels niet veel later benaderd werd en te horen kreeg: je wordt een half vrijgesteld om de minor op te zetten.

“Ik ben vooral heel erg over de inhoud na gaan denken. Je kunt aan sommige universiteiten in Nederland wel Arabisch studeren. En de Hogeschool van Amsterdam biedt ook een minor aan. Maar ik vond al die vormen te ver van het echte Arabisch afstaan”, legt Amine uit. “Ik heb een groot netwerk in islamitische en Arabische kringen in Nederland en heb zelf een klassieke islamitische opleiding genoten. En dat laatste is eigenlijk de beste manier om Arabisch te studeren.”

Amine en YassinDe minor die hij vervolgens opzette met hulp van Karima en Yassin, de twee leerkrachten die werden aangenomen, liep meteen tegen de eerste hobbel aan: corona. “Moesten we met dat eerste twaalftal studenten alles online gaan doen.” Maar de hobbel werd genomen en via mond-op-mond reclame groeide de minor snel in populariteit. 

Anno 2025 wordt niet meer met één maar met drie groepen gewerkt en worden er wachtlijsten gehanteerd. Uit het hele land komen er aanvragen binnen, en de helft van elke minorgroep komt van buiten Fontys. “We zouden met meer groepen kunnen werken, maar dat willen we niet. Daar hebben we de lokalen en de docenten niet voor. Bovendien: hoe groter je wordt, hoe meer variabelen, hoe onzekerder de uitkomst. Dus we zetten heel bewust een rem op de groei. Omdat we de kwaliteit willen blijven garanderen.” 

Identiteit
En hoe verklaren zij het succes van de minor? Docent Yassin Abouyaala, die zelf al sinds 1998 Arabische les geeft: “Er zijn heel veel redenen waarom studenten deze minor willen volgen. Vaak heeft het te maken met identiteit: je bent moslim en je wilt toegang tot de Koran."

"Het geloof speelt inderdaad een belangrijke rol, maar het is geen minor waarin de islam centraal staat. Het gaat echt om de Arabische taal en cultuur. En die kennen ook joodse en christelijke invloeden."

En hoewel een aanzienlijk deel van de studenten islamitisch is, zijn de motieven van studenten volgens Yassin veel veelzijdiger dan alleen dat. "Die kunnen ook economisch, sociaal of maatschappelijk zijn. Je bent getrouwd met iemand van Arabische afkomst. Of je wilt straks gaan werken in een vak waarin het handig is om de taal en cultuur beter te begrijpen.”

En precies dat, zo legt Amine uit, is waarom de minor zo populair is. “Het is heel moeilijk om op hbo-niveau die kennis te verwerven. Terwijl er wel een grote behoefte aan is. Kennelijk slagen we daar heel goed in, want we zien heel veel nieuwe aanmeldingen van broers, nichten, vrienden van oud-studenten."

Smaak
De taal leren is belangrijk. Maar de cultuur net zo, stelt Amine. "Die culturele kennis brengen we op allerlei manieren over: het Franse koloniale verhaal, poëzie, de bekendste figuren uit de Arabische wereld. Het gaat er vooral om dat studenten ‘de smaak’ onthouden, een gevoel erbij krijgen.”

AbderrahimDeel van de minor is een bezoek aan Marokko, om kennis in praktijk te brengen en in die praktijk ook weer meer te leren. Zowel over de taal als over de cultuur. Ook deze week is een minorgroep van ruim 25 studenten daar op reis. Op eigen kosten, want de trip is facultatief en wordt niet door Fontys bekostigd. Maar de meeste studenten schrijven zich er wel voor in.

Zo ook Abderrahim, derdejaars student Social Work in Eindhoven. Voor hem lijkt de taal en cultuur gesneden koek: hij is van Marokkaanse afkomst. Niet dus. “Ik spreek Berbers. Dus een enkel woord kan ik wel herkennen. Maar als je Arabisch beheerst, kun je met veel meer mensen praten.”

BregjeHet gaat Abderrahim vooral om de communicatie. En ook om de islam: met arabisch leren kan ik me daar veel beter in verdiepen." Bovendien denkt hij er later veel aan te hebben in zijn toekomstige beroep. “Ik wil met jeugd gaan werken, maar die kunnen overal vandaan komen. En vluchtelingen uit het Midden-Oosten, ook volwassenen, spreken vaak maar gebrekkig Nederlands.”

Vrienden
Bregje is derdejaars student Bedrijfskunde bij Avans. Zij heeft weer een heel andere reden om de minor te volgen. “Veel van mijn vrienden spreken Arabisch. Ik heb dus interesse in de taal en de cultuur. Maar ook in hun geloof."

Ruyet"Ik heb zelf atheïstische ouders, maar ben anderhalf jaar geleden gedoopt nadat ik met vriendinnen in aanraking was gekomen met een jongerenkerk in Tilburg. Ik vind het fijn om alledrie de standpunten te kunnen begrijpen. Daarnaast wil ik waarschijnlijk hierna internationale betrekkingen gaan studeren, dus daar komt het eveneens van pas.”

Voor Ruyet, derdejaars ICT en Mediadesign bij Fontys en van Turkse afkomst, is er eigenlijk maar één reden. “Ik wil mijn religie beter leren kennen. Veel bronnen en boeken zijn in het Arabisch. Dus ik kom zo veel meer te weten dan met alleen Engelse en Turkse bronnen."

"Nee, met mijn eigenlijke studie heeft deze minor dus niets te maken. De Arabische taal is al moeilijk, maar ik heb op de middelbare en op het mbo ook nooit een extra taal geleerd. Dus voor mij is het best wel moeilijk.”

 

Reageren? Graag. Let wel: eenmaal gepubliceerde reacties kunnen niet meer worden verwijderd

Reacties (0)
Het bericht is verzonden, deze zal worden geplaatst na goedkeuring.