Fat Dog
Planning is a bitch. Precies wanneer je dingen moet inleveren, hard moet studeren en afstudeerscripties moet schrijven is het ook festivaltijd. Honderden zijn er.
Ik vraag studenten altijd of ze naar festivals gaan. Houden ze van techno? Slikken ze in een weekend meer drugs dan in een jaar ADHD? Of metalcore? Nederlandstalig? Alternatief of feesttent? Moshpits of heliumtoeters en confettikanonnen?
Maar, de echte reden waarom ik het vraag is anders. Het is een zeldzame kans om als kalende middelbare docent toch nog interessant uit de hoek te komen. Studenten zijn leuk, het is fijn als ze wat leren, maar uiteindelijk zijn ze slechts een kapstok om mijn vaak misplaatste interessantheid aan op te hangen.
Pas vroeg een student advies over iets. Het gesprek kwam, niet geheel toevallig, dat begrijpt u, op festivals. De student ging naar Down The Rabbit Hole. “Ga je ook naar Fat Dog?”, vroeg ik. De student bleek fan te zijn. Voor wie het niet weet: Fat Dog is een opgeblazen mix van indierock, punk, techno en klezmer. Voor wie het nu nog niet weet, denk Yves Berendse maar dan iets compleet anders.
Misschien moet je het volgende semester aanpakken als een moshpit, oreerde ik. Beetje duwen, alert zijn, op je maten letten en een botsing niet uit weg gaan. Het sloeg nergens op, maar in de ogen van de student zag ik nog wat anders.
Iets dat leek op: ‘Wat? Kent die oude lul Fat Dog ook?’
Precies het effect dat ik hoopte te bereiken.
Rens van der Vorst is technofilosoof, werkt bij Fontys hogescholen ICT en Engineering en is auteur van onder meer Don't mention the VAR. Lees hier de eerdere columns die hij voor Bron schreef.
En direct daarna: 'Dan is het dus al te mainstream en moet ik op zoek naar iets nieuws.'
Met een knipoog.