Homoacceptatie daalt, maar hoe zit dat binnen de kerk?
De homo-acceptatie in verschillende groepen daalt in Nederland. Niet alleen jongeren zijn negatiever gaan denken over homoseksualiteit, ook bij sportverenigingen daalt de acceptatie. Maar hoe zit het bij geloofsgemeenschappen? Fontysstudent Ramon Roks, die deze maand de Roosendaalse Regenboog Award 2026 uitgereikt kreeg, zegt dat het complex ligt.
Eerst even terug naar het nieuws van deze week. NOS schreef over een enquête van het Muller Instituut, dat onderzoek doet naar sport, waaruit bleek dat de homo-acceptatie bij sportverenigingen in de afgelopen jaren is afgenomen. Waar in 2008 nog 85 procent geen enkel probleem had met homoseksuele clubgenoten, ligt dat percentage nu op 66 procent.
Dat nieuws volgt een maand nadat Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut de bevindingen van hun onderzoek onder Nederlandse jongeren deelden. Daar kwamen in feite ongeveer dezelfde resultaten uit: de homo-tolerantie onder jongeren tussen de twaalf en zestien jaar is procentueel flink gekelderd.
Tegenwerking
Of er bij geloofsgemeenschappen eenzelfde trend gaande is, weet Ramon Roks. Hij studeert Theologie bij Fontys en is al jaren actief in de beroepspraktijk. Nu als geestelijk verzorger, maar eerder ook in geloofsgemeenschappen. Hij heeft een tijdje als pastor in de kerk gewerkt en zou zelfs priester worden in die Rooms-Katholieke Kerk. Dat plan ging echter op de valreep niet door vanwege zijn geaardheid.
“Er was te veel tegenwerking rondom mij als persoon”, legt hij uit. “Het pastorale werk in de Rooms-Katholieke Kerk heb ik om die reden moeten verlaten, maar ik ben wel actief gebleven in geloofsgemeenschappen en het geloof.”
Vorig jaar organiseerde hij bijvoorbeeld een bedevaart van Roosendaal naar de Basiliek in Oudenbosch voor queer gelovigen. Hij is bestuurslid van het Werkverband van Katholieke Homo-Pastores en is actief binnen de Religious Pride commissie van Pride Amsterdam. Vanwege zijn inzet voor onder meer deze activiteiten kreeg hij eerder deze maand de Roosendaalse Regenboog Award uitgereikt.
Bedevaart
Kortom: Roks weet waar hij over praat als we het hebben over homo-acceptatie binnen de geloofsgemeenschappen. En daarbij wil hij vooropstellen dat de tolerantie over homoseksualiteit enorm verschilt per geloofsgemeenschap of kerk. Zo is er in delen van de protestantse kerk volgens hem een meer open houding rondom dit onderwerp dan bij de katholieke kerk. “Ik heb het idee dat de acceptatie terugloopt in de katholieke kerk, maar juist toeneemt bij de protestantse kerk”, zegt hij.
“In de Rooms-Katholieke Kerk is in Nederland een beweging gaande die wat conservatiever wordt, vooral vanuit de kerkleiding. Daar houden ze wat meer de traditionele rollen aan. Terwijl het in België juist meer de progressieve kant op beweegt. Dat zie je ook in andere delen van de wereld, zoals in Rome.” Hij doelt daarmee op Paus Franciscus, die de basis legde voor meer inclusie in de kerk. Op 6 september, een paar maanden na zijn dood, vond er in Rome ook de eerste semi-officiële LHBTI-bedevaart naar Rome plaats.
Op diezelfde zomerdag vorig jaar organiseerde Roks ook een bedevaart in het zuiden van ons land. Van Roosendaal naar Oudenbosch. Maar dat liep niet geheel vlekkeloos. “Terwijl in Rome iedereen welkom was, waren we dat in Roosendaal niet. De kerk daar hield de deuren voor ons gesloten.”
Toch is Roks voorzichtig met uitspraken over een eventuele acceptatie-afname in het geloof. Misschien is daar inderdaad sprake van bij bepaalde kerken en geloofsgemeenschappen, maar hij denkt zelf dat de groep die accepterend is, ook groeit.
Daarnaast heeft hij het gevoel dat dezelfde tendens waar bij sportclubs sprake van is, ook in kerken heerst. “Een beetje de we-zullen-er-niet-over-spreken-sfeer. Homoseksuelen zijn niet altijd open over hun persoon. Misschien omdat ze er niet voor durven uit te komen, misschien omdat ze bang zijn voor afwijzing. Hoe dan ook: het is alsof homoseksualiteit er soms gewoon niet is, alsof er niet over gepraat wordt.”