Topsport in gezin met vijf kinderen is topsport
Hij werkt minimaal veertig uur per week. Heeft een gezin met vijf kinderen, die allemaal sporten, waarvan twee op topniveau. Hij heeft hobby’s. Geeft voetbaltraining. Het weekschema van Roel Verberk, opleidingscoördinator bij Fontys in Venlo, is een lastige puzzel om te leggen. Bron krijgt een kijkje in zijn overvolle schema (en financiën).
De in Sevenum woonachtige Verberk heeft samen met zijn vrouw vijf kinderen: de jongste - een meisje - is zes, daarvoor kwamen al een tweeling van dertien jaar oud, een dochter van zestien en een zoon van negentien. De enige man in dit rijtje voetbalt, alle meiden turnen. De tweeling, Lynn en Robin, doet dat op het hoogste niveau binnen Nederland: eredivisie.
Waar die passie voor turnen bij vrijwel de hele familie vandaan komt, durft Verberk niet te zeggen. In ieder geval niet van hem. “De tweeling is begonnen toen ze drie jaar oud waren”, vertelt Verberk.
Tot groep 6 hebben ze bij de lokale club in het dorp gesport, daarna kwamen ze bij Platform Turnen Limburg terecht, waar ze op landelijk niveau aan de slag konden. Die club stopte vorig jaar, waardoor Lynn en Robin overstapten naar Den Bosch.
Op en neer
Dat bleek niet de beste keuze: het klikte niet met de trainer, het kostte een godsvermogen aan benzinekosten en bovendien waren Verberk en zijn vrouw enorm veel tijd kwijt aan het wegbrengen én ophalen van hun tweeling. Ze zaten namelijk ook op een topsportschool in Rosmalen, wat mogelijk was dankzij hun NOCNSF-status. En ook Rosmalen is niet bepaald om de hoek van Sevenum, waar de familie woont.
“Dat was voor ons heel zwaar”, vertelt Verberk. “We moesten elke dag naar Den Bosch. Ik werk in Venlo, mijn vrouw in Boxmeer, dus het was voor allebei een flinke rit. Ik stond om zes uur op, en zelfs dan was ik op z’n vroegst pas om negen uur op mijn werk. Natuurlijk wisselden mijn vrouw en ik dat wel af.”
Flinke puzzel
Inmiddels sport de tweeling in Nijmegen en dat is in alle opzichten beter te doen. Ook al is het nog steeds een flink geregel. “We staan nu elke ochtend om kwart over zes op en zetten de meiden om zeven uur op de trein. Als het al donker is tegen de tijd dat ze terug moeten, halen we ze op met de auto. Maandag en woensdag doe ik dat. Op dinsdag en donderdag is het een taak voor mijn vrouw omdat ik dan voetbaltraining geef.”
Zaterdag is een rustdag voor de topsporters en op zondag trainen ze weer.
Maar dan hebben we pas twee kinderen gehad; de andere drie uit het gezin hebben ook verplichtingen. Hetzelfde geldt voor Verberk zelf, die hoofdtrainer is van het eerste elftal bij VICI’04 in Swolgen.
“Ik train dus op dinsdag en donderdag , gevolgd door een wedstrijd op zondag. De oudste heeft ook zijn trainingen, maar die is oud genoeg om zelf te gaan. De jongste turnt op vrijdagavond en zwemt ook nog eens op dinsdag. Op die dag rijd ik vanuit mijn werk naar het zwembad om haar op te halen. Ik zet haar thuis af, we eten samen en dan brengt de oudste dochter de jongste naar bed zodat ik naar het voetbalveld kan.”
Torenhoge kosten
Volg je het nog? Zo niet: begrijpelijk. Al vindt Verberk het goed te doen. Je moet het managen, zegt hij. Van te voren goed kijken en je ook niet afhankelijk maken van anderen.
“Gelukkig valt het met mijn werk bij Fontys goed te combineren. Soms werk ik in de avond nog een paar uur door als ik in de middag eerder moet stoppen. Het komt weleens voor dat studenten om half één ’s nachts nog een mail van mij ontvangen.”
Financieel gezien lukt het ook, al zijn vijf sportende kinderen, waarvan twee dus in de topsport, absoluut niet gratis. “Vorig jaar heeft ons enorm veel geld gekost. Minimaal 14.000 euro voor alleen al de tweeling, waarvan 8.000 aan reiskosten. Daarnaast hun contributie à 500 per maand en de bijkomende kosten van wedstrijden.”
De studie- en sportkosten van de overige kinderen zijn daar nog niet bijgerekend. “Maar we doen alles voor ze. Als je kind een bepaalde passie heeft, wil je die passie als ouders mogelijk maken. Ze leren ervan, en dat wij daar andere dingen voor moeten laten; so be it. Dat is de keuze die wij maken. Je doet het omdat je kinderen het willen.”