Pabo wint aan populariteit, ICT en fysio juist niet
De dalende trend van het aantal aanmeldingen voor de pabo-opleiding van Fontys is eindelijk doorbroken. De populariteit is dit jaar gegroeid, terwijl er voor de opleidingen ICT en Fysiotherapie zich juist minder studenten melden. Waar ligt dat aan?
Het zijn drie grote opleidingen van Fontys die nu andere cijfers laten zien dan voorgaande jaren. Te beginnen met de pabo, waar ten opzichte van vorig jaar meer aanmeldingen voor zijn bij zowel voltijd als deeltijd. Het gaat daarbij om voorlopige cijfers; het aantal definitieve inschrijvingen wordt immers pas aan het einde van deze zomer bekend.
Nus Waleson, directeur van de pabo, noemt als een van de oorzaken van die stijging de gelijktrekking in het salaris voor het primair en voortgezet onderwijs. “Daarmee verbetert het imago van het primair onderwijs en dat werpt zijn vruchten af”, aldus Waleson.
Maar het helpt volgens hem ook dat de maatschappelijke waardering voor het leraarschap toeneemt. Er is meer aandacht voor werkdrukverlaging, professionalisering en doorgroeimogelijkheden, en bovendien is er dankzij vernieuwingen in het curriculum van Fontys meer flexibiliteit en verbinding met het werkveld.
“Hier ben ik natuurlijk heel blij mee, vooral omdat een blijvend lerarentekort negatieve gevolgen heeft die zich makkelijk over een periode van dertig tot veertig jaar laten voelen”, aldus Waleson. Het onderwijs heeft een grote behoefte aan bevlogen en goed opgeleide leerkrachten, en daar kan met deze stijging beter aan worden voldaan, zo klinkt het.
‘Geen brede basis’
Diezelfde behoefte aan nieuwe professionals is er ook in de wereld der fysiotherapeuten, maar daar lijkt het juist wat minder goed te gaan. Landelijk, maar ook bij Fontys, lijken steeds minder jongeren geïnteresseerd in het vak fysiotherapie. Dat was voor dit studiejaar al het geval en lijkt ook voor het komende jaar zo te zijn. Dat kan volgens Thom Rutten, directeur van Fontys Paramedisch, verschillende oorzaken hebben.
“Er zijn meerdere punten die meespelen”, legt hij uit. “Ten eerste hebben we bij Paramedisch beroepsgerichte opleidingen. Als je voor fysiotherapie kiest, dan word je fysiotherapeut. Het is niet dat je net zoals bij een economische opleiding een hele brede basis legt. Dat kan een factor zijn, maar daarnaast kan het afschaffen van de numerus fixus ook een oorzaak zijn; studenten melden zich bij verschillende scholen aan, maar kiezen uiteindelijk voor een andere school dan Fontys.”
En bovendien heerst er de laatste jaren ook nog eens een negatief toekomstperspectief voor fysiotherapeuten, vooral op het gebied van groeimogelijkheden. Hoewel Rutten dat niet kan ontkennen, weet hij ook dat tegelijkertijd de baankansen voor jonge fysiotherapeuten heel goed zijn. De directeur spreekt zelfs van 100 procent baangarantie na de studie.
“Er zijn gelukkig ook heel veel positieve ontwikkelingen. De rol van een fysiotherapeut is van groot belang en blijft dat ook. De arbeidsmarkt is actief en onze opleiding staat als een huis. We hebben gelukkig ook niet het idee dat de krimp structureel is, zeker niet bij internationale studenten. Daar is sowieso geen sprake van teruglopende aanmeldcijfers.”
De schuld van AI
En dan is er dus ook nog ICT, toch jarenlang de snelste groeier onder de Fontysinstituten. Dit studiejaar schreven zich voor het eerst minder nieuwe studenten in dan het jaar ervoor. En de voorlopige cijfers vertellen dat er voor het studiejaar 2025/2026 zo’n 8 procent minder aanmeldingen zijn. Daarover spraken we Frens Vonken, directeur bij Fontys ICT. Hij zegt dat de opmars van AI bij veel mensen – helaas vaak onterecht – voor een negatief toekomstperspectief kan zorgen.
“Sommige mensen denken dat er veel ICT-banen zullen verdwijnen door de komst van AI. Dat komt deels omdat bazen van grote techbedrijven, zoals Mark Zuckerberg en Sam Altman, dingen geroepen hebben over hoe het werk van hun bedrijven geautomatiseerd wordt door AI. Die uitspraken krijgen aandacht in de media, waardoor jongeren daar beïnvloed door worden en minder interesse krijgen in dit vakgebied.”
Maar, stelt Vonken, ICT-banen gaan helemaal niet verdwijnen door kunstmatige intelligentie. Sterker nog: er komen er alleen nog maar meer bij. Dat stelt ook World Economic Forum, die in een rapport zegt dat er in 2030 zo’n 92 miljoen banen zijn verdwenen door AI, ten opzichte van de 170 miljoen banen die erbij komen.
ICT is dus eigenlijk juist een van de grootste groeisectoren. Vonken: "Het vakgebied gaat niet verdwijnen, maar veranderen. Ik hoop dat deze krimp een eenmalig iets gaat zijn. Niet alleen voor onze opleiding, maar vooral ook omdat ik denk dat de arbeidsmarkt heel veel ICT-mensen nodig gaat hebben. AI-systemen zijn in feite ICT-systemen en je hebt ICT’ers nodig om die te bouwen en onderhouden.”