Minder studenten met studieschuld, bedragen stijgen
Het aantal studenten met een studieschuld daalt. Na de invoering van de basisbeurs in het hoger onderwijs in collegejaar ’23-’24 hebben minder studenten een lening aangevraagd. Maar hoewel het totale aantal studieschulden daalt, kent de groep oud-studenten met lening een stijging. Ook komen steeds hogere bedragen voor. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.
Een kleine vergelijking met vorig jaar en het jaar ervoor. Begin 2023 hadden ruim 609 duizend studenten en 1,03 miljoen oud-studenten een studieschuld. Een totaal van bijna 1,65 miljoen, het hoogste aantal studieschulden in Nederland ooit gemeten. Maar waar de aantallen sinds 2011 stegen, is vorig jaar een daling ingezet.
In 2024 hadden in totaal 1,62 miljoen mensen een studieschuld, waarvan meer dan 525.000 studenten en ruim 1,1 miljoen oud-studenten. Nu, in 2025, is er een totaal van 1,59 miljoen, waarvan 459.000 studenten en ruim 1,13 miljoen oud-studenten.
Minder studenten, maar hogere bedragen
Wat opvalt in de cijfers is dat het aantal huidige studenten met een studieschuld is afgenomen. 2025 telt ruim 150.000 gevallen minder dan in 2023, het jaar dat de basisbeurs weer werd ingevoerd. Het aantal oud-studenten met een studieschuld is echter weer gestegen, zoals elk jaar.
In principe lijkt dat geen gekke trend, want alle studenten met een studieschuld die afstuderen of stoppen met hun studie, worden het volgende jaar meegerekend in de categorie oud-student. Wat daarentegen wel erg opvallend is, is dat het aantal mensen met een studieschuld van 50.000 euro of meer juist is toegenomen. Dat zijn er dit jaar ruim 146.000, ten opzicht van 136.000 in 2024 en 123.000 in 2023. Ruim 3.000 mensen hebben zelfs een studieschuld van 100.000 euro of meer. Vier procent van de mensen met een studieschuld heeft minder dan 500 euro schuld.
Hoger gemiddelde en basisbeurs
Uit de cijfers van het CBS valt dus te concluderen dat de gemiddelde studieschuld steeds verder toeneemt. Sinds het leenstelsel in 2015 werd ingevoerd, is de gemiddelde studieschuld - van huidige en oud-studenten samen - toegenomen met 5.800 euro: van 12.400 euro in 2015, naar 18.200 euro in 2025. Voor alleen oud-studenten staat deze op 18.800 euro (800 euro meer dan in 2024) en voor huidige studenten op 16.700 euro (400 euro minder dan in 2024).
Die daling bij studenten kan te maken hebben met de basisbeurs, die in 2023 opnieuw ingevoerd werd in het hoger onderwijs. Wegens sterk gestegen prijzen kregen uitwonende studenten in 2023 een extra verhoging. In 2024 steeg de totale uitkering verder, net als die van de aanvullende beurs. Doordat meer studenten een hogere beurs ontvingen, is er totaal 2,7 miljard euro uitgekeerd aan studiebeurzen.