Fontys haalt internationaal sportcongres naar Eindhoven
Het Fontys-instituut Sport en Bewegen vormt aan het einde van dit studiejaar het decor van een belangrijke internationale conferentie. Er worden honderden bezoekers verwacht bij het evenement, dat met een knipoog ook wel omschreven wordt als de Olympische Spelen voor onderzoekers in de lichamelijke opvoeding (LO).
De conferentie in kwestie is de AIESEP 2027 International Conference, een evenement met als doel om wetenschappelijk onderzoek met de professionele praktijk te verbinden. Het thema dat aan het event hangt is ‘Bridging the gap: From research to practice’. Data waarop het plaatsvindt: 12 tot en met 16 juli 2027, vlak voor de zomervakantie dus.
En hoewel dat op het moment van schrijven nog 278 dagen duurt, zijn de voorbereidingen al een tijdje in volle gang. Een evenement in die omvang organiseren is namelijk niet niks, weten medeorganisatoren Don Driessen en Menno Slingerland. Driessen is naast docent Sportkunde ook projectleider van de conferentie. Slingerland is docent, onderzoeker en associate lector bij het Sport en Bewegen-lectoraat Move to Be.
Het is de eerste keer dat Fontys het evenement organiseert. Het is überhaupt de eerste keer dat het in Nederland plaatsvindt. Voorgaande edities waren onder andere in Taiwan, Florida, Finland en Chili. Er komen jaarlijks 400 tot 500 deelnemers op af, afkomstig uit 40 tot 50 verschillende landen. “Dit is voor onze doelgroep hét congres van het jaar”, zegt Slingerland. “Daar wil je als onderzoeker echt bij zijn; je wil er je werk presenteren. Dat het nu in Eindhoven gaat gebeuren, is dus echt heel tof.”
Veelzijdig programma
De conferentie wordt onder de vlag van AIESEP georganiseerd, een wereldwijde community van onderzoekers die onderzoek doen binnen het thema van sport en bewegen, en dan met name lichamelijke opvoeding. Onderzoekers presenteren er hun werk, er wordt genetwerkt en er zijn allerlei activiteiten.
Projectleider Driessen vertelt meer over een deel van de invulling van het programma. Het wordt een week met keynotes (daarover zo meer), parallelsessies en symposia. Daarnaast is er ook veel ruimte voor netwerken. “De week begint op maandag met een openingsceremonie, gevolgd door interactieve sessies op dinsdag waarbij onderzoeken worden gepresenteerd. Op woensdag hebben we een social event, op donderdag een keuzeprogramma met onder andere een tocht langs verschillende hotspots en vrijdag sluiten we de week af met een closing dinner.” Het volledige programma staat op de website van AIESEP.
Collega Slingerland zegt dat de netwerkfunctie van het evenement belangrijk is, maar dat het wetenschappelijke gedeelte centraal staat. “Er komen vier topwetenschappers langs, die verspreid over de hele week allemaal een keynote verzorgen. AIESEP wil de namen hiervan geleidelijk bekendmaken, maar eentje komt uit eigen huis en gaat over het inzetten van de schoolomgeving als beweegomgeving en hoe je dat systematisch kunt inrichten. De andere keynotes gaan onder meer over inclusie en diversiteit binnen het vak lichamelijke opvoeding en over klassenmanagement.”
En dat dus allemaal met als thema ‘Bridging the gap: From research to practice’, waarover Slingerland het volgende zegt: “In het Engels is Fontys een University of Applied Sciences, wat betekent dat al het onderzoek dat hier plaatsvindt, praktijkgericht is. Daar zijn we in Nederland best uniek in, en dat gaf ons de inspiratie voor dit thema. We doen wetenschappelijk onderzoek en proberen ons beroep daar beter van te laten worden. Dat willen we tijdens het congres ook uitdragen, en doen we door de deelnemers daadwerkelijk in de praktijk aan het werk te zetten met Research-to-Practice-Labs, waarin wetenschappelijke inzichten worden verbonden met de praktijk en waarbij in interactie met deelnemers de waarde hiervan verkend wordt. Dat is een uniek gegeven in dit congres.”
Voor die missie hebben ze van 12 tot en met 16 juli het complete pand van Sport en Bewegen tot hun beschikking, inclusief de buitenruimtes. “We wilden het per se in ons gebouw doen omdat ons gebouw sport en bewegen ademt. Het is één van onze selling points, dus we zijn er heel blij mee dat we dat kunnen laten zien.”
Foto bovenin: Bas Gijselhart | BASEPHOTOGRAPHY