door Marieke Verbiesen,
03
september
2026
|
15:20
Europe/Amsterdam

Fontys en TU/e bundelen krachten in Elektrotechniek

Eerstejaarsstudenten Elektrotechniek van Fontys Technology en de TU/e volgen dit semester voor het eerst samen een vak. Een van de doelen is om studenten op de juiste plek binnen het vakgebied te krijgen. Ook willen de instellingen met het project technisch talent behouden voor de Brainportregio en de elektrotechnische sector.

Petru

Tijdens de kick-offbijeenkomst donderdagochtend maakten de eerstejaarsstudenten kennis met elkaar in een bomvolle collegezaal op de TU/e-campus en werd de gezamenlijke opdracht toegelicht. In 42 gemengde teams gaan 370 studenten van Fontys en de TU/e samenwerken aan een technische oplossing voor een baby die rustig moet worden in een kinderzitje.

“Waarom gebeurt dit?” Dat is volgens tweedejaarsstudent Elektrotechniek Petru Ghermen typisch een vraag voor een TU/e-student. Bij Fontys staat eerder de vraag centraal: “Hoe kan ik dit toepassen?” Juist die twee benaderingen komen volgens hem samen in het nieuwe project Rock Your Baby.

Petru weet waarover hij praat. Hij studeerde zes maanden Elektrotechniek aan Fontys, voordat hij overstapte naar de TU/e. De theoretische en meer op onderzoek gerichte kant van de universitaire opleiding past beter bij hem. Tegelijkertijd heeft hij veel gehad aan de praktische vaardigheden die hij bij Fontys heeft opgestoken.

Nu is Petru studenttutor voor het project Rock Your Baby. Hij begeleidt eerstejaarsstudenten in de gemengde teams. “Omdat ik ervaring heb met de opleiding Elektrotechniek aan beide onderwijsinstellingen, kan ik ze goed begeleiden en laten samenwerken.”

Krachten bundelen
In het project werken 250 TU/e-studenten en 120 Fontysstudenten vanaf de eerste week van hun opleiding samen. Volgens onderwijsmanager Nico van der Aa (hoofdfoto) van Fontys zit de meerwaarde in de verschillende kwaliteiten van de studenten. “We willen dat ze in dit project hun krachten gaan bundelen. Ze hebben elkaar nodig om tot een goed resultaat te komen.”

Piet SlendersOok Fontysdocent en designcoach Piet Slenders verwacht dat de verschillende achtergronden elkaar kunnen versterken. Zelf komt hij uit het bedrijfsleven en werkt hij veel met printplaten. “Je kunt ongelofelijke dingen voor elkaar krijgen als je een paar hele slimme wiskundigen met een aantal praktische mensen bij elkaar zet.”

De samenwerking is nadrukkelijk meer dan een kennismaking tussen hbo en wo. De studenten werken elke donderdagochtend aan het project, worden daarop getoetst en leveren een portfolio en uiteindelijk een prototype op. Het vak maakt onderdeel uit van het curriculum van de opleiding en levert studiepunten op. De eerstejaars worden begeleid door ongeveer honderd docenten, designcoaches en studenttutoren van zowel Fontys als TU/e.

Talentgericht onderwijs
Voor de TU/e is het project overigens niet nieuw. Rock Your Baby wordt daar al meerdere jaren aangeboden. Fontys haakt dit studiejaar voor het eerst aan. Fontysstudenten krijgen daarbij extra begeleiding; elke donderdagmiddag is er een terugkommoment. TU/e-studenten worden in het eerste semester juist meer losgelaten. “Wij willen juist dat onze studenten gestructureerd gaan werken”, zegt Van der Aa.

Voor Slenders is vooral zijn rol als designcoach anders dan in ‘traditioneel’ onderwijs. “Fontys Technology werkt al enige jaren met talentgericht onderwijs, dus de werkwijze is mij niet geheel vreemd. Het vraagt van mij om niet te snel antwoorden en oplossingen te geven, daar ben ik als technicus wel toe geneigd. Ik moet studenten genoeg informatie geven om verder te kunnen, zonder de oplossing alvast voor te zeggen.”

Dat betekent ook dat hij vooral op het proces moet letten. Een van de uitdagingen is volgens hem dat het werk in de studententeams eerlijk wordt verdeeld. “Van nature trekken mensen werk al gauw naar zich toe. Wij moeten ervoor zorgen dat ze het werk goed verdelen, zodat iedereen een maximaal leereffect kan behalen.”

Andere leerroute
Dat studenten dankzij het project mogelijk ontdekken dat de opleiding aan het andere instituut beter bij hen past, is geen bijeffect maar een van de doelen. Bij zowel Fontys als de TU/e valt een deel van de studenten in het eerste jaar uit. “Een vroege studiekeuze, verwachtingen van ouders en een verkeerde inschatting van de opleiding kunnen daarbij een rol spelen”, licht Van der Aa toe.

Nico van der Aa. Foto: Bart van OverbeekeDaarom worden studenten die zich niet op hun plek voelen meteen al gewezen op de andere onderwijsroute. TU/e-studenten kunnen na het eerste semester direct instromen naar het tweede semester bij Fontys, of ze stappen in februari over. Fontys houdt daarvoor rekening met kleinere klassen.

Van der Aa hoopt dat studenten die mogelijkheid daadwerkelijk gaan benutten. “We zien dat er nu maar een handjevol studenten vanuit de TU/e bij ons aanklopt. Daarom willen we er meer bekendheid aan geven. Daar werken we hard aan”, zegt hij. Fontysstudenten kunnen na hun opleiding via een hbo-topprogramma bovendien doorstromen naar een master aan de TU/e. Petru is zelf het voorbeeld dat zo’n overstap kan werken.

Brug naar het werkveld
Het gezamenlijke onderwijs moet volgens Fontys en de TU/e niet alleen studenten helpen bij hun studiekeuze, maar ook bijdragen aan het behoud van technisch talent voor de Brainportregio. Onderwijsmanager Van der Aa benadrukt dat het project geen eenmalig experiment is. Fontys en de TU/e hebben volgens hem bewust gekozen voor een langetermijnsamenwerking. “Ik denk zelfs dat deze uitgebreid kan gaan worden. De opleidingen Wiskunde van beide instellingen hebben inmiddels interesse getoond in een vergelijkbare samenwerking.”

Voor Van der Aa is de samenwerking tussen Fontys en de TU/e vanzelfsprekend. In het regionale werkveld werken afgestudeerden van beide instellingen al langer samen. “Op de werkvloer gaat dat heel natuurlijk. Ik denk dat we, hoe verder we komen in dit project, steeds vaker denken: dit is heel logisch wat we doen.”

De foto bovenin is gemaakt door Bart van Overbeeke
Boilerplate

Financiering gezamenlijke onderwijsmodule
Rock Your Baby wordt grotendeels gefinancierd door Project Beethoven, een pakket maatregelen van Rijk en regio om de Brainportregio en de Nederlandse microchipsector te versterken. Van de 2,51 miljard euro die hiervoor beschikbaar is, gaat 450 miljoen euro tot en met 2030 naar de ontwikkeling van technisch talent. Daarna is hiervoor structureel 80 miljoen euro per jaar beschikbaar.

Reageren kan hieronder. Eenmaal gepubliceerde reacties worden niet verwijderd

Reacties 1 - 2 (2)
Bedankt voor uw bericht.
Elles
11
September
2026
@Willemijn, ik had exact dezelfde gedachten en vragen bij het lezen van het artikel. TGO gaat juist over betekenisvol leren. Wat een gemiste kans om de initiële opdracht zo te formuleren. Studenten pedagogiek, toegepaste psychologie en social work erbij betrekken zou van toegevoegde waarde zijn…
Willemijn Balk
04
September
2026
Prachtig, zo'n samenwerking en echt mooi dat de hbo'ers en wo'ers elk in hun kracht gezet worden.
Maar de opdracht: een baby kalm krijgen en houden zonder menselijke interventie, is ronduit pijnlijk. Onmogelijk, ontwikkelingstechnisch aan alle kanten onwenselijk en duidelijk opgesteld zonder enige kennis van pedagogiek en ontwikkelingspsychologie.
Doodzonde dat er niet wat mensen betrokken zijn die daadwerkelijk verstand hebben van kinderen. Zoals bijvoorbeeld onze studenten Pedagogiek. We hebben als Fontys deze kennis namelijk gewoon ruimschoots in huis.
Jan van Thiel
04
September
2026
De opdracht draait volgens mij om, op basis van allerlei sensoren/meetgegevens, motoren aan te sturen. Dat is verpakt in deze vorm, met babypoppen.

Het doel is niet iets te bouwen om menselijk contact te verminderen.