Een oogje dichtknijpen
Een docent, we noemen hem Hendriksen, laat een student zakken die een code heeft geschreven met AI en dat was in dit specifieke geval niet toegestaan. De student klaagt en de examencommissie vraagt aan docent Hendriksen om meer bewijs te leveren.
Docent Hendriksen is verbaasd. Hij surveilleert regelmatig tijdens schriftelijke tentamens en betrapt soms een spiekende leerling. Die klagen ook wel eens, maar dan verzoekt de examencommissie nooit om een foto aan te leveren van het spieken. En ook niet om het fotobewijs te laten checken door een onafhankelijke partij. Was Hendriksen wel bevoegd om spieken te kunnen constateren? Spiekte de student echt of was zijn medestudent slechts een inspiratiebron? Hoe weet Hendriksen dat eigenlijk? Is Hendriksen wel te vertrouwen?
Docent Hendriksen negeert het verzoek van de examencommissie. Hij weet zeker dat de student onrechtmatig AI heeft gebruikt, maar hij heeft geen zin om zichzelf tegenover de commissie te verdedigen. Hij staat tenslotte niet terecht.
Die nacht besluit Hendriksen om studenten nooit meer te laten zakken vanwege onrechtmatig AI-gebruik. Waarom zou hij? Een oogje dichtknijpen levert alleen maar voordelen op. In tijd en het vermijden van allerlei negatieve energie.
Schuldgevoel heeft Hendriksen ook niet. Daar is hij mentaal lenig genoeg voor. De wereld wordt niet automatisch beter van méér technologie, denkt hij, starend naar het plafond. Dus als ik AI-prutsers laat slagen die eigenlijk helemaal geen technologie kunnen maken, wie weet wordt de wereld daar alleen maar beter van.
En met die gedachte valt docent Hendriksen als een blok in slaap.
Rens van der Vorst is naast huiscolumnist van Bron ook technofilosoof, werkt bij Fontys hogescholen ICT en Engineering en is auteur van onder meer Don't mention the VAR. Lees hier zijn eerdere columns.
Ik ga er overinges van uit dat er bij 'betrappen op spieken' ook hoor- en wederhoor plaatsvindt als de student bezwaar maakt. Dan is het nog steeds het woord van de docent tegen dat van de student en moet de afweging nog steeds door de examencommissie worden gemaakt. Geen makkelijke taak.
Daarnaast is het een wettelijke verplichting dat docenten de gevraagde informatie aanleveren aan de Examencommissie. Zie Artikel 7.12c. Examinatoren van de WHW. "De examinatoren verstrekken de examencommissie de gevraagde inlichtingen."