<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Tue, 08 Sep 2026 09:05:34 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Fri, 04 Sep 2026 09:14:31 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>Café 040 vanaf dit studiejaar dagelijks open: &#039;Grote wens&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/cafe-040-vanaf-dit-studiejaar-dagelijks-open-grote-wens/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/cafe-040-vanaf-dit-studiejaar-dagelijks-open-grote-wens/</guid><pp:caseid>802634</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Een langgekoesterde wens van de Fontysgemeenschap op campus Rachelsmolen in Eindhoven gaat in vervulling: Café 040 is sinds dit studiejaar elke dag geopend. Ten minste als de proef slaagt. </strong></p><p>Een café op de campus dat alleen op donderdagavond open was, maar wel dagelijks bestellingen bezorgde voor vergaderingen en bijeenkomsten en te reserveren was voor lunches en borrels. Regelmatig werd er dan ook op een dichte deur geklopt. Tot teleurstelling van velen. Dat moest anders, vonden Fontys en cateraar Appèl.</p><p>Vanaf dit studiejaar is Café 040 dagelijks van 10 tot 16 uur geopend als lunchcafé, en in de avond tijdens de openingstijden van de gebouwen voor een warme hap, een borrel en snacks. Daarnaast zijn vier klaslokalen achter het café gestript en omgebouwd tot luxe vergaderruimtes. Appèl verzorgt hier de catering, maar mensen kunnen voor de lunch ook terecht in het café.</p><p><strong>Ontmoetingsplek</strong><br />Volgens Astrid Bierens en Josijn Karssen van Appèl was er veel vraag vanuit de Fontysgemeenschap naar verruimde openingstijden en meer mogelijkheden om samen te komen tijdens of na een werk- of studiedag zonder te hoeven reserveren. Dat kan overigens nog steeds, maar je kunt nu ook gewoon binnenlopen en aan de bar of een tafeltje bestellen. De menu’s liggen, net als in elk ander lunchcafé, op tafel. </p><p>Een andere reden voor het nieuwe lunchconcept was de hoeveelheid eten die overbleef van de lunches die in de gebouwen werden bezorgd. En doordat de bezorgkarren regelmatig ergens anders werden neergezet, moesten medewerkers er geregeld naar op zoek gaan. Wel blijft het mogelijk om koude lunchgerechten te bestellen bij de cateraar. <i>Tekst gaat verder onder de foto's.</i></p><p>Voor Bierens en Karssen breken twee spannende maanden aan. “De pilot moet uitwijzen of het nieuwe concept aanslaat bij de Fontysgemeenschap”, zegt Bierens. Het tweetal krijgt hierbij versterking van horecamedewerkers Hans Hendriks en Alexandra van Heijst. De eerstejaarsstudenten hebben in de introductieweek al kennisgemaakt met het café.</p><p><strong>Speciale avonden</strong><br />Met flyers, beeldschermen en mond-tot-mondreclame willen ze de rest van de Fontysgemeenschap enthousiast maken. Volgens Bierens begint het al te lopen: “Vooral de koffie in de ochtend is erg in trek. En veel mensen hebben al laten weten dat ze graag komen borrelen. Hopelijk komen ze ook op andere weekdagen dan alleen op donderdagavond nu het kan.”</p><p>Dat willen Bierens en Karssen stimuleren door speciale avonden te houden. Denk aan karaoke, bingo en pubquizzen, en ook mossel- en pizza-avonden. “We willen echt een ontmoetings- en ontspanningsplek zijn voor de hele Fontysgemeenschap”, aldus Bierens. Om dat gevoel te versterken is het interieur enigszins aangepast. De stationszitjes en statafels zijn vervangen door ronde tafels met stoelen, en langs de ramen zijn lange banken met poefs en salontafeltjes geplaatst.</p><p><strong>Proef en succes</strong><br />Kan het nieuwe concept na twee maanden op proef weer worden teruggedraaid? Niet helemaal, benadrukken Bierens en Karssen. “In principe willen we vijf avonden opengaan, maar als het op een bepaalde avond erg rustig is, dan kunnen we besluiten om dan dicht te blijven.”</p><p>Nu al zijn de vier aangrenzende vergaderruimtes een succes. “We hebben zelfs al ‘nee’ moeten verkopen”, aldus Bierens. Nu het café nog. Een heikel punt is de zichtbaarheid. De naam ontbreekt op de gevel. Wel staan er banners buiten en bij goed weer een terras. In andere gevallen is het café enkel bereikbaar via gebouw R4, en moeten mensen binnendoor lopen. “In het verleden kwam het wel voor dat mensen niet wisten dat we hier zitten. Dan is aan de verlichting te zien dat we open zijn.” In de woorden van Guus Meeuwis: daar brandt nog licht.</p><p><i><strong>Foto bovenin: Alexandra van Heijst, Hans Hendriks, Josijn Karssen en Astrid Bierens (vlnr)</strong></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Eindhoven,Campus,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 02 Sep 2026 13:25:57 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/594c970e-663c-475a-8058-604fb863ab1d/500_bar.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/594c970e-663c-475a-8058-604fb863ab1d/500_bar.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/594c970e-663c-475a-8058-604fb863ab1d/bar.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bar]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Zweefvliegen: vrijheid in de lucht, solidair op de grond</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/zweefvliegen-vrijheid-in-de-lucht-solidair-op-de-grond/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/zweefvliegen-vrijheid-in-de-lucht-solidair-op-de-grond/</guid><pp:caseid>763262</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Leren zweefvliegen</strong></p><p>Studenten kunnen bij <a href="https://zweefvliegen.nu/">Zweefvliegclub Eindhovense Studenten</a> (ZES) leren zweefvliegen tegen studententarief. Daarvoor heb je een sportkaart van Studentensportcentrum Eindhoven (SSC) nodig én de tijd om actief mee te draaien in de vereniging. "Je bent vaak een hele dag bezig met opbouwen, vliegen en afbouwen", zegt instructeur Ton Staassen. "Doordat we veel onderhoud zelf doen, houden we het betaalbaar." Daar staat veel tegenover: vlieguren, nieuwe vrienden, kampen, borrels, activiteiten en de kans om bestuurlijke en technische ervaring op te doen. Ook na je afstuderen kun je lid blijven.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Bron brengt dit collegejaar een nieuwe rubriek, waarin bijzondere hobby's van medewerkers en studenten worden belicht. We bijten het spits af met Fontys-docent Ton Staassen. Ruim 6.000 vluchten en meer dan 3.500 vlieguren. Bijna een halve eeuw is hij verknocht aan zweefvliegen. </strong></p><p>Als instructeur bij Zweefvliegclub Eindhovense Studenten (ZES) - een rol die hij als student al op zich nam - geeft hij zijn passie door aan nieuwe leden. Bron vloog deze zomer een keer mee.</p><p>De lier ligt strak gespannen op de baan, het vliegtuig komt in beweging en binnen drie seconden laten de wielen de grond los. We stijgen met zo’n 90 kilometer per uur steil het luchtruim in. Na een halve minuut klikt de kabel los en zweven we op bijna 500 meter hoogte boven de Luitenant Generaal Bestkazerne in Vredepeel, de thuisbasis van de zweefvliegclub. Het enige hoorbare geluid is een beetje wind. Als een roofvogel cirkelen we boven ons territorium.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:220px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/54cbb04a-05f0-4796-ab7b-23f16c9f0038/800_tonstaassen.jpeg?x=1784113919814" alt="Ton Staassen" width="220" />“Vliegen geeft me zo’n machtig en zorgeloos gevoel", vertelt Ton Staassen. "Dat is zelfs na al die jaren nog steeds zo. Elke vlucht is anders, ik raak nooit verveeld of uitgeleerd.” Voor de docent Technische Bedrijfskunde bij Fontys Technology is zweefvliegen meer dan een hobby, die begon toen hij aan de TU Eindhoven studeerde. “Het is een passie”, zegt hij. Een passie die hij als instructeur doorgeeft aan steeds weer nieuwe studentleden van ZES, zoals Alynah Elizabeth, Nick Jansen en Tristan Triest.</p><p><strong>Adrenalinestoot</strong><br />Nick, vierdejaarsstudent Verpleegkunde, vliegt nu drie jaar. “Als je het eenmaal hebt meegemaakt…”, zegt hij zonder zijn zin af te maken. “Het is moeilijk onder woorden te brengen. De kick die ik ervan krijg. Van de korte adrenalinestoot na het opstijgen tot de stilte en de vrijheid die ik ervaar op grote hoogte. En na het vliegen wordt er vaak gezellig samen gegeten."</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:247px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/97caf28b-81c9-4674-8d55-fdd2bc3ebf17/800_nick.jpeg?x=1784114139582" alt="Nick" width="247" />Voor Nick was één kennismaking voldoende. Dat geldt ook voor Alynah en Tristan. Alynah kwam drie jaar geleden vanuit Curaçao naar Eindhoven om Toegepaste Psychologie te studeren. Ze is nog maar kort lid en is in opleiding. Dat betekent dat ze meevliegt met een instructeur en stap voor stap zelf leert vliegen.</p><p>Opbouwen van de vliegtuigen hoort daar ook bij: sjouwen, schroeven en tapen (dat is nodig tegen het fluiten van de wind en voor de aerodynamica). Soms duurt het wel twee uur voordat je je eerste vlucht van de dag maakt. Maar ook dat is ontspanning: samen buiten bezig zijn. "Mensen denken vaak dat zweefvliegen een individuele sport is”, zegt Ton. “In werkelijkheid krijg je geen enkel vliegtuig zonder hulp van elkaar de lucht in. Juist dat samenwerken vind ik mooi. En als instructeur zie ik studenten ieder jaar groeien."</p><p><strong>Adembenemend</strong><br />Alynah laat het allemaal op haar afkomen en neemt alle informatie in zich op. Rustig blijven en vertrouwen op jezelf, is haar devies. Als kind droomde ze ervan straaljagerpiloot te worden. Dat liep anders, maar de liefde voor vliegen bleef. Haar eerste vliegervaring op de club was “adembenemend” en “vredig”. “Het was nog mooier dan ik had gedacht”, zegt ze met een stralende glimlach. “Tijdens mijn tweede vlucht mocht ik al sturen. Zo kicken!”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:231px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/acfc30c7-6288-4ff6-a21b-8ce855d2fa09/800_alyna.jpeg?x=1784114192225" alt="Alyna" width="231" />Fontysstudenten Nick en Alynah kijken ernaar uit om zelfstandig boven land te mogen vliegen. Gemiddeld duurt het anderhalf jaar voordat je ‘solo’ (zelfstandig, maar binnen een straal van vijf kilometer en met een instructeur op de grond) mag vliegen, en drie jaar voordat je je brevet haalt en volledig zelfstandig een zweefvliegtuig mag besturen. Die periode hangt volgens Staassen af van hoe regelmatig iemand komt vliegen. Je ontvangt je brevet na het behalen van je theorie- en praktijkexamen.</p><p>Medelid Tristan mist geen enkele mogelijkheid om te kunnen vliegen. De masterstudent Computer Science aan de TU Eindhoven heeft in een recordtijd van 1,5 jaar zijn brevet gehaald. Nog geen jaar later heeft hij al 430 vluchten gemaakt. En dat terwijl hij de tip van een vriendin om te gaan zweefvliegen in eerste instantie in de wind sloeg. “Ik dacht dat het suf zou zijn, omdat je na tien minuten zweven alweer aan de grond staat.” Van die gedachte is hij volledig teruggekomen. “Er is zoveel meer mogelijk. Zoals kunstvliegen!”, zegt hij lachend terwijl we een looping maken.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:226px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/41d4bd16-4ee4-4c0d-adb4-b6b48bcffcf3/800_tristan.jpeg?x=1784114208631" alt="Tristan" width="226" />“De vrijheid die ik voel als ik vlieg, is ongeëvenaard", vervolgt Tristan. "Boven land vliegen is spannend, omdat je afhankelijk bent van de thermiek en niet altijd op je eigen veld kunt landen. Soms eindig je honderden kilometers verderop in een weiland of op een vliegveld in Duitsland, zoals me pasgeleden overkwam. Elke keer doe ik weer nieuwe ervaringen op.”</p><p><strong>Clubgevoel</strong><br />Alle drie noemen ze ook het clubgevoel. Dat gaat verder dan samen vliegen. Leden kunnen meedraaien in commissies en besturen van de vereniging. <span>Zo </span>was Nick vorig jaar voorzitter. Die ervaring hielp hem niet alleen bij het organiseren van de vereniging, maar ook in zijn opleiding en werk als perioperatieve verpleegkundige. "Je leert verantwoordelijkheid nemen, mensen aansturen en beslissingen nemen." En <span>Tristan is sinds twee jaar secretaris en commissaris materieel</span>.</p><p>Alynah mist soms haar familie in Curaçao, maar de mensen op de club vormen een hechte gemeenschap en de studente voelt zich er thuis. “Je moet eropuit gaan en je onder de mensen begeven”, zegt ze. Dat kan zo vaak als ze wil: van april tot en met oktober wordt er elke zaterdag en zondag gevlogen en soms ook op woensdag- en vrijdagavond. [<i>de tekst gaat verder onder de foto's, klik erop voor een vergroting</i>]</p><p>In de winter wordt er onderhoud gepleegd. En elk jaar gaan leden op kamp naar het buitenland. Sinds Nick lid is geworden is hij in Tsjechië, Duitsland en Frankrijk geweest. Elk gebied heeft zo zijn charmes, vindt hij. Volgens Tristan is er geen andere zweefvliegclub die met zoveel leden en aanhang op reis gaat.</p><p><strong>Familie</strong><br />De club telt momenteel zo’n honderd leden, maar vaak zijn ook partners en kinderen betrokken, zoals Els <span>Hendriksen</span>, de vrouw van Ton Staassen. Zij werkt ook bij Fontys als docente en heeft twee jaar gevlogen. H<span>un dochters hebben alle drie solo gevlogen. De middelste heeft haar zweefvliegbewijs gehaald en is nog steeds lid van ZES. Tegenwoordig komen Nick en Tristan met regelmaat eten en borrelen bij Ton en Els.</span></p><p>Onlangs heeft Staassen het in 1992 samen met twee clubleden gekochte zweefvliegtuig deels verkocht aan Tristan. “Binnen drie jaar zal hij de kist geheel in eigendom hebben.” Maar van stoppen wil de Fontysdocent niet weten. “Vier jaar geleden heb ik met vijf andere clubleden nog een tweezitter gekocht. Zolang ik studenten kan leren vliegen, ga ik door. De club is mijn familie.” [<i>de tekst gaat verder na de video</i>]</p><h4><i>Heb jij of ken je een collega of medestudent met een bijzondere hobby? Laat het de redactie weten via </i><a href="mailto:bron@fontys.nl"><i>bron@fontys.nl</i></a><i>.</i></h4>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,FHMG,FHBENT,Gezondheid en sport,PRO Welzijn,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 31 Aug 2026 11:33:31 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/c5278e8f-0255-42cc-8b7a-431e965ddf70/500_alynatonennickmakenzichklaarvoorhunvlucht.jpeg?17795" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/c5278e8f-0255-42cc-8b7a-431e965ddf70/500_alynatonennickmakenzichklaarvoorhunvlucht.jpeg?17795</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/c5278e8f-0255-42cc-8b7a-431e965ddf70/alynatonennickmakenzichklaarvoorhunvlucht.jpeg?17795</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Alyna, Ton en Nick maken zich klaar voor hun vlucht]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>ElsGenerator verrijkt natuur- en techniekonderwijs pabo&#039;s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/elsgenerator-verrijkt-natuur--en-techniekonderwijs-pabos/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/elsgenerator-verrijkt-natuur--en-techniekonderwijs-pabos/</guid><pp:caseid>762443</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Vijf Fontys-pabolocaties beschikken voortaan over een ElsGenerator: een handbediend apparaat waarmee studenten letterlijk ervaren hoeveel inspanning nodig is om elektriciteit op te wekken. De exemplaren zijn maandag in Den Bosch uitgereikt.</strong></p><p>De <a href="https://elsgenerator.nl/">ElsGenerator</a> is vernoemd naar Els de Vaan-Bruinsma, die decennialang docent natuuronderwijs was aan de pabo in Nijmegen. Ook bij Fontys liet zij haar sporen na. Haar boek <i>Praktische didactiek voor natuur en techniek</i> geldt op alle pabolocaties als verplichte literatuur.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:266/auto;width:266px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e5250f19-9116-46cc-b4bb-453fd4036fe7/800_img_2150.jpeg?x=1783422674147" alt="De ElsGenerator" width="266" height="auto">Volgens Huub van der Haagen, pabodocent Natuur en Techniek in Eindhoven, is dat niet zonder reden. “Het is praktisch, goed leesbaar en staat vol voorbeelden, uitleg en denkvragen.” Van der Haagen kan het weten, want hij werkt al ruim 35 jaar als docent bij Fontys en studeerde er zelf ook.</p><p>Volgens haar man Jan de Vaan, zus Annette van der Bilt-Bruinsma en broer Geert Bruinsma weerspiegelt het boek precies wie Els de Vaan was. “Els werd gedreven door nieuwsgierigheid en een onderzoekende houding. Dat wilde ze overbrengen op haar studenten en via hen op leerlingen in het basisonderwijs.”</p><p><strong>Zelf onderzoeken</strong><br>Onderwijs moest kinderen raken, vond De Vaan, omdat kennis anders niet beklijft. Zelf onderzoeken, ervaren, voorspellen en vervolgens verifiëren vormden de kern van haar onderwijsvisie. Daarom ontwikkelde ze practica met alledaagse materialen, zoals zonneautootjes van boterkuipjes, die kinderen zelf bouwden en waarmee ze wedstrijden hielden.</p><p>Ook na haar pensionering bleef De Vaan lesmateriaal en proefjes ontwikkelen voor natuur- en techniekonderwijs. “Een van de laatste dingen die zij wilde maken, was een eenvoudig apparaat waarmee leerlingen kunnen voelen hoeveel inspanning het kost om elektriciteit op te wekken”, vertelt Jan de Vaan. Broers Geert en Sjoerd Bruinsma bouwden een prototype dat nog tijdens haar leven werd getest.</p><p><strong>Eenvoudig ontwerp</strong><br>Na haar overlijden werkte de familie het idee verder uit. Uiteindelijk werden vijftig ElsGenerators gebouwd, die worden verspreid onder pabo's in heel Nederland. Een van de exemplaren staat nu in Den Bosch op tafel, eromheen drie pabodocenten samen met de makers. Huub van der Haagen wordt vergezeld door Maartje Schollen en Stefan van Beurden, pabodocenten uit Tilburg en Den Bosch.&nbsp;</p><p>De ElsGenerator bestaat uit een generator die met een lijmklem aan een tafel wordt bevestigd. Deze is verbonden met een printplaatje en drie lampen: een gloeilamp van 21 watt, een gloeilamp van 5 watt en een ledlamp van 2 watt, die evenveel licht geeft als de gloeilamp van 21 watt. Wie aan de hendel draait, merkt direct het verschil. De ledlamp kost relatief weinig inspanning, terwijl de gloeilamp van 21 watt aanzienlijk meer kracht vraagt. [<i>tekst gaat verder na de video</i>]</p><p>“Met de ElsGenerator voel je hoeveel inspanning nodig is om een lamp te laten branden”, licht Geert Bruinsma toe. Tijdens de demonstratie proberen de pabodocenten via een USB-aansluiting een printplaatje tot 12 volt op te wekken. Dat lukt niet, al komen ze wel in de buurt. Het maakt duidelijk hoeveel moeite het kost om elektriciteit te produceren.</p><p>Stefan van Beurden noemt de ElsGenerator een waardevolle aanvulling op het onderwijs. “Ons vak staat of valt met practica. We hebben een heel kabinet aan materialen die onze studenten in de klas gebruiken, en de ElsGenerator past daar uitstekend bij.” Collega Maartje Schollen ziet nog een ander voordeel. “Sommige studenten denken dat natuur- en techniekonderwijs saai of moeilijk is. De ElsGenerator bewijst dat het juist uitdagend en leuk kan zijn.”</p><p><strong>Duurzaamheid</strong><br>Van der Haagen wijst bovendien op de koppeling tussen techniek en duurzaamheid. “De ElsGenerator laat zien dat elektriciteit niet zomaar uit het stopcontact komt. Er is energie nodig om die op te wekken, en sommige apparaten zijn veel zuiniger dan andere.” Daar raakt de pabodocent een andere drijfveer van Els de Vaan: duurzaamheid.</p><p>Van Beurden pleit ervoor de ElsGenerator niet alleen in de bovenbouw in te zetten. “Bewustwording en talentontwikkeling beginnen al bij de kleuters.” Dat sluit naadloos aan bij de onderwijsvisie van Els de Vaan: kinderen leren het meest wanneer ze zelf kunnen onderzoeken, ervaren en ontdekken.</p><h5>Foto bovenin: Stefan van Beurden geeft een slinger aan de ElsGenerator terwijl Maartje Schollen, Huub van der Haagen, Annette van der Bildt-Bruinsma, Geert Bruinsma en Jan de Vaan (vlnr) toekijken.</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,Pabo&#039;s,lerarenopleiding en pabo&#039;s,FHE,Tilburg,Eindhoven,Venlo,Den Bosch,Sittard,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 07 Jul 2026 13:15:56 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/500_img_2140.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/500_img_2140.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/img_2140.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[IMG_2140]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>ICT-student Saamie helpt universum sneller ontrafelen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/student-saamie-helpt-universum-sneller-ontrafelen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/student-saamie-helpt-universum-sneller-ontrafelen/</guid><pp:caseid>762103</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Fontys ICT Graduation Conference</strong><br>Van 29 juni tot en met 8 juli vindt in R10 op campus Rachelsmolen de Fontys ICT <a href="https://graduationconference-fontysict.nl/nl/afstudeerzittingen/">Graduation Conference</a> plaats, die onderdeel is van het afstudeermoment van studenten. Zij presenteren en demonstreren hun werk, zodat de jury en andere geïnteresseerden een beter beeld krijgen van de opdracht en het werk dat de studenten hebben gedaan.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Het universum is eindeloos groot en wat we ervan weten, is slechts het topje van de ijsberg. Toch slagen onderzoekers erin steeds meer bloot te leggen. Met haar afstudeerproject draagt ICT-student Saamie Vincken een belangrijk steentje bij aan onderzoek van het European Space Agency (ESA).</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:261/auto;width:261px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/53a45581-3b33-47c9-8f2a-ca02f746e1ab/800_saamievincken.jpg?x=1782994179113" alt="Saamie " width="261" height="auto">De titel van haar afstudeerproject: Automatische segmentatie van sterke zwaartekrachtlenzen in data van de Euclid-ruimtetelescoop. Een hele mond vol, erkent de student, en voor de leek ook niet eenvoudig te begrijpen. Saamie nam woensdag bij haar <a href="https://graduationconference-fontysict.nl/nl/afstudeerzittingen/">afstudeerzitting</a> op de Fontys ICT Graduation Conference (zie kader onderaan) dan ook de tijd om uit te leggen waar ze mee bezig is. Want dat het belangrijk is, is wel duidelijk.</p><p>“De Euclid-ruimtetelescoop van ESA fotografeert enorme delen van de ruimte: ongeveer een derde van het hele waarneembare universum. In die beelden zitten zeldzame objecten verborgen, die sterke zwaartekrachtlenzen worden genoemd. Daarbij buigt een zwaar sterrenstelsel op de voorgrond het licht af van een verder weg gelegen sterrenstelsel erachter, zoals een lens in een bril dat doet. Daardoor lijkt dat verre sterrenstelsel uitgerekt in bogen of ringen”, legt Saamie uit.</p><p>In haar project heeft de ICT-student AI-tools gebouwd die twee dingen doen: eerst deze lenzen vinden tussen miljoenen objecten, en daarna voor elk systeem het beeld opsplitsen in verschillende onderdelen: het voorgrondstelsel, het afgebogen licht van het achtergrondstelsel en andere objecten die toevallig in de buurt staan.</p><p><strong>Donkere materie&nbsp;</strong><br>Zwaartekrachtlenzen zijn volgens Saamie belangrijk voor onderzoek naar donkere materie. “Het grootste deel van de massa van een sterrenstelsel bestaat uit donkere materie, die onzichtbaar is. Via zwaartekrachtlenzen kunnen we toch zien hoe die massa verdeeld is.” Ook helpen de lenzen onderzoekers om meer te leren over donkere energie en de groei van het universum.</p><p>Tijdens de vijfjarige missie maakt Euclid beelden van zo’n 1,5 miljard sterrenstelsels. Slechts 0,01 procent daarvan bevat naar verwachting een sterke zwaartekrachtlens. “Dat volume is onmogelijk handmatig te doorzoeken”, zegt Saamie. “Daarom gebruik ik AI-netwerken. Tot nu toe zijn er al meer dan 70 miljoen sterrenstelsels doorzocht.”</p><p>Het AI-model van Saamie gebruikt transformers, vergelijkbaar met de technologie achter grote taalmodellen. Die techniek bleek vooral sterk in het herkennen van grotere en complexere lenssystemen, zoals lenzen op groeps- of clusterschaal. [<i>tekst gaat verder onder de illustratie</i>]</p><p>Maar niet alles is volledig geautomatiseerd. “Een van de functies van het AI-model is dat het elke afbeelding een score geeft voor hoe waarschijnlijk het is dat die een lens bevat. Vervolgens worden de systemen gerangschikt van hoog naar laag. De hoogst scorende beelden worden daarna visueel gecontroleerd door vrijwillige burgeronderzoekers en experts.”&nbsp;</p><p>Wat haar AI-model zo bijzonder maakt, is dat het een stap verdergaat dan de meeste bestaande lenszoekers. Waar andere modellen alleen aangeven óf iets een lens is, splitst Saamies model het beeld pixel voor pixel op. Daardoor hoeven onderzoekers niet meer handmatig te bepalen welk licht bij welk object hoort. “Door dat proces te automatiseren wordt analyse op de schaal van Euclid haalbaar.”</p><p><strong>Willie Wortel-moment</strong><br>Haar Willie Wortel-moment kwam toen Saamie de aantallen met elkaar vergeleek. “De grootste verzamelingen sterke zwaartekrachtlenzen bestonden tot nu toe uit enkele honderden objecten, verzameld over tientallen jaren. Met deze methode werken we toe naar meer dan 10.000 lenzen uit één enkele datarelease. Toen besefte ik pas echt hoe groot dit kan worden.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:459/auto;width:459px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1710710d-5972-4622-b77e-9341f13f1e69/800_saamietijdensdepresentatievanhaarafstudeerproject.jpg?x=1782995505602" alt="Saamie tijdens de presentatie van haar afstudeerproject" width="459" height="auto">En dit is nog maar het begin van Euclids vijfjarige missie. Juist die schaal maakt het volgens Saamie zo waardevol: waar onderzoekers voorheen lenzen één voor één bestudeerden, kunnen ze straks tienduizenden systemen op dezelfde manier analyseren. Daardoor wordt het mogelijk om veel beter te onderzoeken hoe massa en donkere materie verdeeld zijn over sterrenstelsels.</p><p><strong>Uitmuntend</strong><br>Het afstudeerproject heeft grote impact op Saamies carrière. Haar eerste <span>methodologische paper </span>over het sterke-lens-zoeknetwerk verscheen tijdens de eerste publieke datarelease (DR1) van Euclid. Nu leidt ze nog twee nieuwe papers, die worden in november gepubliceerd in het vakblad Astronomy & Astrophysics, net als de eerste publicatie.</p><p>Voor een afstudeerder is het uitzonderlijk om publicaties binnen zo’n internationale onderzoekssamenwerking te leiden. Het was dan ook niet de vraag óf Saamie zou slagen, maar hóé. Haar eerste en tweede beoordelaar, stagebegeleider en een externe deskundige beoordeelden haar werk als uitmuntend. I<span>n september gaat ze aan de Master of Applied IT beginnen bij Fontys in Eindhoven.</span></p><h5><span>Foto bovenin: de Euclid ruimtetelescoop</span></h5>]]></description><category><![CDATA[achtegrond,FHICT,PRO ICT,ICT,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 02 Jul 2026 15:04:39 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bc5db265-5923-4b96-ba50-9a1fa5d94123/500_euclidtelescoop-shutterstock_2386465363.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc5db265-5923-4b96-ba50-9a1fa5d94123/500_euclidtelescoop-shutterstock_2386465363.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc5db265-5923-4b96-ba50-9a1fa5d94123/euclidtelescoop-shutterstock_2386465363.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Euclid telescoop-shutterstock_2386465363]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kabinet brengt ‘nieuwe’ nota Defensie: geen ommezwaai</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kabinet-brengt-nieuwe-nota-defensie-geen-ommezwaai/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kabinet-brengt-nieuwe-nota-defensie-geen-ommezwaai/</guid><pp:caseid>761773</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het ministerie van Defensie wil nauwer samenwerken met onderwijs- en kennisinstellingen, staat in een ‘nieuwe’ nota. Over de precieze voorwaarden lopen de gesprekken nog.</strong></p><p>De nota is vooral een bevestiging van de koers, en niet een ommezwaai. Tegelijkertijd laat de nota zien dat veel nog uitgewerkt moet worden. De rol van de kennisinstellingen is nog niet uitgekristalliseerd.&nbsp;</p><p>Zo heeft Fontys ruim anderhalf jaar geleden al <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-gaat-met-defensie-in-zee-minor-en-onderzoeken/">toegezegd</a> een bijdrage te willen leveren aan de doelen van Defensie, in de vorm van een minor en onderzoeken. Maar veel is nog onduidelijk, zo bleek uit <a href="https://bron.fontys.nl/wervingsdag-defensie-in-de-kuil-is-dat-wat-we-willen/">vragen</a> die leden van de centrale medezeggenschapsraad in april aan het Fontysbestuur stelden.</p><p>Een speciale werkgroep komt nog voor de zomer met een <a href="https://www.fontys.nl/actueel/fontys-en-defensie-uitleg-over-de-samenwerking/">voorstel</a> over de samenwerking, kondigde het bestuur dit voorjaar aan. En na de zomer komt er een vervolg op de <a href="https://bron.fontys.nl/kritische-stemmen-ontbreken-bij-dialoog-over-defensie/">dialoogsessie</a> die deze maand voor het eerst plaatsvond, waarbij studenten en medewerkers gevraagd wordt naar hun mening.<span>&nbsp;</span></p><p><strong>Onderzoek en innovatie</strong><br>Het budget voor het ministerie van Defensie moet flink stijgen. De komende jaren gaat de financiering al met enkele miljarden euro’s omhoog, tot uiteindelijk 19 miljard euro extra in 2035.</p><p>Dat geld gaat deels naar onderzoek en innovatie. Ook universiteiten en hogescholen kunnen daaraan een bijdrage leveren en het lijkt erop dat ze dat graag doen: het geld lonkt en waarom zouden ze niet aan de nationale veiligheid willen werken?</p><p>Kritische geluiden zijn er ook: moeten onderzoekers zich voor het karretje van de oorlogsindustrie laten spannen? Hoe verhoudt de academische vrijheid zich bijvoorbeeld tot een geheimhoudingsplicht? En hoe zit het met internationale samenwerking?</p><p><strong>Beter aansluiten</strong><br>Afgelopen vrijdag schreef OCW-minister Rianne Letschert al aan de Tweede Kamer dat ze met haar collega’s van Defensie en Economische Zaken in gesprek is over de randvoorwaarden voor kennisinstellingen om “beter aan te sluiten” bij onderzoek en innovatie voor Defensie.</p><p>Zowel universiteiten als hogescholen hebben – al dan niet gezamenlijk – <a href="https://delta.tudelft.nl/article/hogescholen-willen-graag-het-leger-lesgeven-universiteiten-werken-aan-raamovereenkomst">overeenkomsten</a> met het leger gesloten over de inzet van onderwijs en onderzoek. De vraag lijkt dus vooral <i>hoe</i> het gaat gebeuren, en niet of het überhaupt wenselijk is dat de instellingen met de defensie-industrie gaan samenwerken.</p><p>In een nieuwe <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z14881&did=2026D33354">nota</a> over Defensie, met een uitwerking van het kabinetsbeleid, staat dat Defensie “ontwikkeling, kennis, productie en leveringszekerheid” gaat versterken. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met het ministerie van Economische Zaken en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).</p><p><strong>Dual-use</strong><br>Erg concreet wordt het allemaal niet, maar het kabinet wil bijvoorbeeld <i>dual-use</i> toepassingen stimuleren, oftewel innovatie die je desgewenst militair zou kunnen inzetten. Voorbeelden staan er niet bij, maar denk aan bepaalde radartechnologie of bijvoorbeeld kennis van kwetsbaarheden in software.&nbsp;</p><p>Ook wil Defensie op regionaal niveau samenwerken met bedrijven, industrie, onderwijs- en kennisinstellingen. Dan kan Defensie bijdragen aan “maatschappelijke weerbaarheid, economische kracht en oplossingen voor bredere maatschappelijke opgaven”, is de verwachting.&nbsp;</p><p>We moeten de tegenstander voorblijven, zegt het kabinet, en daarom moeten we hier in Nederland kennis in huis hebben. “Ongewenste afhankelijkheid van buitenlandse kennis en leveranciers kan daarbij een veiligheidsrisico zijn.”</p><p>De nota is vooral een bevestiging van de koers, en niet een ommezwaai. Tegelijkertijd laat de nota zien dat veel nog uitgewerkt moet worden. De rol van de kennisinstellingen is nog niet uitgekristalliseerd.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 30 Jun 2026 09:57:48 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/3dfa3bdc-4ff0-4d7b-8a26-be23b1962f50/500_img_0551.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/3dfa3bdc-4ff0-4d7b-8a26-be23b1962f50/500_img_0551.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/3dfa3bdc-4ff0-4d7b-8a26-be23b1962f50/img_0551.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Defensie minor bijeenkomst informatiemarkt]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Bazaar Book Tote</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review-bazaar-book-tote/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review-bazaar-book-tote/</guid><pp:caseid>761489</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Sinds deze week verkoopt de boekhandel een limited edition van de Bazaar Book Tote met daarin een uitgave van Harper’s Bazaar én twee boeken. Met de Nationale Buitenleesdag in aantocht haast ik me naar de winkel; ik zie mezelf al door de stad flaneren met de linnen tas en in het park op een kleedje neerzijgen om te lezen, uren achtereen.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fc0833b1-6616-4c58-864d-0357b77b82a3/500_bronreview.jpg?x=1782457654098" alt="" width="200">Niet alleen in de tuin of op het balkon, ook op het terras, in het park, de trein, bus of tram. Een boek lezen kun je overal. Toch zie je het steeds minder: in plaats van een boek houden mensen vaker hun mobiel vast. Van papieren bladzijden omslaan naar digitaal scrollen. Jammer, want <a href="https://www.lezen.nl/blog/waarom-doet-lezen-ertoe/">onderzoek</a><span> </span>laat zien dat lezen ons denken verruimt, ons leert om anderen beter te begrijpen en ons welzijn vergroot.</p><p>Dus hop, naar buiten mét een boek, dachten de initiatiefnemers van de <a href="https://buitenleesdag.nl/">Nationale Buitenleesdag</a>, die zondag plaatsvindt. Maakt niet uit welk boek (liefst natuurlijk een die je leuk vindt). Het is de bedoeling dat je gezien wordt met een boek, want: zien lezen, doet lezen. Weet je niet welke boeken je in je tas moet stoppen, of in welke tas? Stichting CPNB, het Nederlands Letterenfonds en Harper’s Bazaar helpen je op weg met de <a href="https://www.hebban.nl/artikel/bazaar-book-tote" target="_blank">Bazaar Book Tote</a>.</p><p>In deze tas twee boeken: een heruitgave van de klassieker <i>Verboden schrift</i> van Alba de Céspedes uit 1952 en het debuut <i>Aigou</i> van Sarah van Vliet. In toon, thematiek en stijl kunnen de twee boeken nauwelijks verder uit elkaar liggen. Waar de klassieker zich in prachtige volzinnen en psychologische overdenkingen de lezer inspireert om het eigen handelen binnen het gezin en in relaties onder de loep te nemen, daagt het debuut uit je af te vragen hoever jij zou gaan om kunstmatige intelligentie toe te laten in je leven.</p><p><i>7,5 - Promotie of niet: als het resultaat is dat meer mensen gaan lezen, valt daar weinig op af te dingen. Wie snel thuis wil zijn, leest Aigou. Als je er echt voor wil gaan, raad ik Verboden schrift aan. En anders is er altijd nog het magazine. Voor de prijs (32,50 euro) hoef je het niet te laten.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 26 Jun 2026 09:40:30 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/8ec37991-67fb-4438-84c9-16eba8ec536d/500_bronreviewbazaarbooktote.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/8ec37991-67fb-4438-84c9-16eba8ec536d/500_bronreviewbazaarbooktote.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/8ec37991-67fb-4438-84c9-16eba8ec536d/bronreviewbazaarbooktote.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bron review Bazaar Book Tote]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys hoort zorgen Iraanse studenten: &quot;Helpen waar kan&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-hoort-zorgen-iraanse-studenten-helpen-waar-kan/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-hoort-zorgen-iraanse-studenten-helpen-waar-kan/</guid><pp:caseid>758212</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Bij Fontys melden zich steeds vaker&nbsp;Iraanse studenten met mentale, praktische en financiële zorgen vanwege de aanhoudende onrust in hun (geboorte)land. Fontys doet wat ze kan om hen te ondersteunen. Parmida, derdejaarsstudent Accountancy, hoorde bijna tien maanden niets van haar familie en vrienden in </strong><span><strong>Iran</strong></span><strong>.&nbsp;</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:262/auto;width:262px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/da81d6ff-420a-47b6-9c05-1c3019d2106c/800_parmidapic1.jpeg?x=1781617996781" alt="Parmida" width="262" height="auto">Pas drie weken geleden lukte het de studente om sporadisch&nbsp;weer contact te krijgen. Ze weet nu dat haar familie en vrienden nog leven, maar ook dat hun bestaan volledig is ontwricht door de aanhoudende onrust in haar geboorteland en het conflict met de Verenigde Staten.</p><p>Parmida is in 2018 naar Nederland gevlucht en heeft inmiddels een Nederlands paspoort. Maar de situatie in Iran houdt haar dagelijks bezig. Bron <a href="https://bron.fontys.nl/parmida-in-onzekerheid-door-situatie-iran-heb-alleen-hoop/" target="_blank">sprak haar</a> daar in januari ook al over. “Studeren gaat moeizaam. Ik moet passages soms wel tien keer lezen voordat de stof goed tot me doordringt. Mijn gedachten gaan steeds naar alles wat er in Iran gebeurt en de mensen die daar het slachtoffer van zijn, ook hier in Nederland.”</p><p><strong>Internetblokkades</strong><br>Parmida weet dat ze niets aan de situatie kan veranderen, maar wat ze wel kan doen is er zijn voor de Iraniërs in Nederland en bewustzijn creëren bij mensen die verder af staan van het gebeuren. Zo biedt ze een luisterend oor, sluit ze soms aan bij protesten in Eindhoven en steunt ze initiatieven om geld in te zamelen voor hen die het hard nodig hebben.</p><p>En die zijn er genoeg, zegt ze. “Sommige Iraanse studenten bij Fontys die ik ken, kunnen hun collegegeld of de huur niet meer betalen." Dat komt bijvoorbeeld <span style="text-align:start;">door de hoge inflatie in Iran waardoor geld minder waard is geworden, en door het ontbreken van regulier betalingsverkeer vanwege internetblokkades.&nbsp;"</span>Deze studenten zijn slachtoffer van een situatie waar ze niets aan kunnen doen. Dat raakt me enorm.”&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:187/auto;width:187px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a5f77ed7-3416-4e86-b434-946d4449dc94/500_yurivanantwerpen.jpg?x=1781618027836" alt="Yuri van Antwerpen" width="187" height="auto">Mentale en financiële problemen</strong><br>Fontys herkent dit beeld. Er studeren dit jaar ruim negentig Iraanse studenten bij de hogeschool. Een deel meldt zich met zorgen op mentaal, financieel of praktisch vlak. Ze kloppen aan bij contactpersonen op de instituten, bij decanen of direct bij team <a href="mailto:lesgeld@fontys.nl" target="_blank">Lesgeld</a>. “Het exacte aantal studenten dat zich meldt, is daarom lastig aan te geven”, zegt Yuri van Antwerpen, beleidsmedewerker inschrijving en internationalisering bij Studentenvoorzieningen.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>Volgens zijn collega Sander Waulthers, consultant studentbegeleiding en studentenwelzijn, is het van belang het onderwerp bespreekbaar te maken in het onderwijs en een luisterend oor te bieden op alle plekken in de organisatie. “Studenten kunnen daarvoor terecht bij studentenpsychologen en studentendecanen. Naast studiebegeleiding en uitstelmogelijkheden, kunnen studentendecanen studenten doorverwijzen naar Lesgeld voor een betalingsregeling. Het gaat om maatwerk per situatie en student.”</p><p>Soms wordt er doorverwezen naar externe hulp. Waulthers: “Fontys heeft in alle regio’s waarin zij actief is contact gelegd met huisartsenvoorzieningen en lokale partners om de toegankelijkheid van zorg voor studenten te versterken. We werken daarbij samen met regionale initiatieven die gericht zijn op internationale studenten en met gemeentelijke voorzieningen, zoals wijkteams en financiële ondersteuningsorganisaties. Zo proberen we iedereen te helpen.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:254/auto;width:254px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7560ed32-b0d2-424f-8376-8f00a911bf33/800_sanderwaulthers.jpg?x=1781618053094" alt="Sander Waulthers" width="254" height="auto"><strong>Afdeling Lesgeld</strong><br>Wat betreft financiële steun is Fontys gebonden aan de geldende wet- en regelgeving. Wel brengt ze studenten met financiële problemen in contact met de medewerkers van de afdeling Lesgeld. “Samen wordt gekeken naar de financiële situatie en kan een betalingsregeling worden afgesproken. Een klein deel van de Iraanse studenten geeft aan deze ondersteuning nodig te hebben en maakt hier ook gebruik van”, aldus Waulthers.&nbsp;</p><p>Dat niet alle studenten in de knel komen, heeft mogelijk te maken met de bron van hun financiële middelen. Een deel van hen ontvangt bijvoorbeeld ondersteuning van familieleden die woonachtig zijn buiten Iran.</p><p>Het voltijds collegegeld voor niet-EER-studenten wordt elk jaar opnieuw vastgesteld en bedraagt tussen 9.740 en 12.480 euro. Studenten die moeite hebben het bedrag op tijd te betalen, krijgen het advies de mogelijkheden van een (particuliere) studiebeurs te onderzoeken. Ook maakt Fontys Iraanse studenten attent op de mogelijkheid om in Nederland te werken. Niet-EER-studenten mogen zestien uur per week werken of fulltime in juni, juli en augustus.</p><p><strong>Geen betalingsherinnering</strong><br>Met het oog op de (mogelijk) kwetsbare financiële situatie van Iraanse studenten stuurt Fontys hen dit studiejaar geen automatische betalingsherinneringen en volgt bij een eventuele betalingsachterstand geen uitschrijving bij de opleiding. Zo wil de hogeschool extra stress onder Iraanse studenten voorkomen, omdat een uitschrijving impact kan hebben op de verblijfsvergunning van de student.</p><p>Een klein lichtpuntje is een recente uitspraak van de Raad van State. Persoonlijke omstandigheden, zoals oorlog of familieomstandigheden, kunnen voortaan meerdere jaren meewegen bij de beoordeling van studievoortgang. Dat kan voorkomen dat een verblijfsvergunning wordt ingetrokken.</p><p>De situatie van Iraanse studenten heeft ook de aandacht van de Vereniging Hogescholen (VH). “De aanpak is nu nog grotendeels decentraal geregeld; hogescholen proberen studenten zo nodig individueel te helpen. Dat lukt nog, maar deze manier van werken loopt wel tegen grenzen aan”, zegt een woordvoerder.</p><p>De VH volgt de situatie daarom actief. “We stemmen voortdurend af met hogescholen en we zijn momenteel in gesprek met de ministeries van Onderwijs en Buitenlandse Zaken, de IND en gemeenten over aanvullende (centrale) oplossingen.”</p><p><strong>"Teruggaan is geen optie"</strong><br>Parmida hoopt dat er snel tijdelijke oplossingen of uitzonderingen komen voor Iraanse studenten, zoals die er eerder ook waren voor Oekraïense studenten. Want de consequenties zijn groot, zegt ze. “Als je je collegegeld niet kunt betalen en je verblijfsvergunning verloopt, loop je het risico dat je terug moet. Maar teruggaan is geen optie. Iran is niet veilig.”</p><p>Als de situatie Parmida zelf even te veel wordt, gaat ze naar een studiecoach op wie ze kan terugvallen. “Met haar deel ik regelmatig mijn zorgen.” Ook de meeste docenten denken met haar mee. “Haal ik de laatste toets niet, dan mag ik hem herkansen.” Ze weet al dat ze overgaat naar het vierde studiejaar. Een hele geruststelling, aldus de studente.</p><h5>Hulp nodig? Studenten kunnen meer informatie vinden op onder andere <a href="https://www.fontys.nl/Fontys-Helpt.htm">Fontys Helpt</a> en<span>&nbsp; </span><a href="https://stichtingfontys.sharepoint.com/sites/068_fh?TeamsCID=634f7863-a502-4c2d-907a-10be5c61c7da&OR=Teams-HL&CT=1780989776364&SafelinksUrl=https%3a%2f%2fstichtingfontys.sharepoint.com%2fsites%2f068_fh&xsdata=MDV8MDJ8ay5tZWlqZXJyaWNrZXJAZm9udHlzLm5sfGRmOGEzZGVlODI4ZDRjYzQyZDI0MDhkZWM1ZmQ0YzgyfGM2NmI2NzY1Yjc5NDRhMmI4NGVkODQ1YjM0MWMwODZhfDB8MHw2MzkxNjU4ODg4NzI0OTQ1Mzd8VW5rbm93bnxUV0ZwYkdac2IzZDhleUpGYlhCMGVVMWhjR2tpT25SeWRXVXNJbFlpT2lJd0xqQXVNREF3TUNJc0lsQWlPaUpYYVc0ek1pSXNJa0ZPSWpvaVRXRnBiQ0lzSWxkVUlqb3lmUT09fDB8fHw%3d&sdata=TVNyaVRCUDBqa0VTa0hsanUyK2x6cmdvbTBWdlFPK0ZZajROb0hPamxabz0%3d">Fontys Routekaarten.</a>&nbsp;</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Studentenwelzijn,Internationals,fontyshelpt,Fontyshelps,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 18 Jun 2026 12:13:07 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/500_depressiestudent.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/500_depressiestudent.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/depressiestudent.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[depressie student geld zorgen]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Foto: Shutterstock]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Fontys kiest voor minder lectoraten, maar meer impact</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-kiest-voor-minder-lectoraten-maar-meer-impact/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-kiest-voor-minder-lectoraten-maar-meer-impact/</guid><pp:caseid>758064</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Fontys schrapt, fuseert en herijkt 9 van de huidige 47</strong><span><strong> </strong></span><strong>lectoraten. De hogeschool wil het praktijkgericht onderzoek beter laten aansluiten op onderwijs, werkveld en maatschappelijke opgaven. Volgens bestuurder Arian Steenbruggen heeft het besluit geen directe personele gevolgen, al erkent zij dat het impact heeft op de betrokkenen.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:303px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_arianliggend.jpg?x=1781587739094" alt="Arian Steenbruggen" width="303" />Het besluit, dat is gebaseerd op een advies van de leading lectoren, werd vorige week officieel genomen en bouwt voort op het <a href="https://bron.fontys.nl/lectoratenplan-brengt-focus-en-massa-in-onderzoek/">lectoratenplan</a> dat Fontys ruim twee jaar geleden presenteerde. Dat plan was nodig om beter te kunnen sturen op inhoud, samenhang en uitvoering van lectoraten. Nu spreekt bestuurder Arian Steenbruggen van een ‘herijking’ van het onderzoeksportfolio. </p><p>“Hiermee kiest Fontys voor meer focus, sterkere verbinding met de Centres of Expertise en betere aansluiting op maatschappelijke opgaven. Activiteiten worden gebundeld en lectoraten versterkt, zodat zij meer impact en innovatiekracht realiseren.”</p><p>De veranderingen hebben betrekking op 9 van de 47 lectoraten. Ethisch werken (Fontys HRM&TP) en Designing the Future (Fontys Economie Tilburg) gaan stoppen. <span>Business Services Innovation en Cross Border Business Development (Fontys International Business School) in Venlo worden samengevoegd. </span></p><p><strong>De wereld verandert</strong><br /><span>Twee lectoraten die worden voortgezet, ontvangen vanaf volgend jaar niet langer de volledige Fontys-basisfinanciering, omdat zij deels uit andere bronnen worden bekostigd: Distributed Sensor Systems (Fontys Technology) en het gezamenlijke lectoraat Onderwijs in verbinding (Fontys Educatie en Hogeschool Zuyd). Fontys financiert dan 38 lectoraten volledig. </span></p><p>Over de voortzetting van drie andere lectoraten – Continue professionele ontwikkeling van verpleegkundigen, Integratief opleiden en boundary crossing en Wendbare onderwijsprofessionals – is eerder al besloten om deze niet te verlengen.</p><p>“De wereld om ons heen verandert voortdurend. Daar moeten wij met ons onderzoek op inspelen”, aldus Steenbruggen. “Dit betekent dat we onze lectoraten moeten beoordelen op hun onderzoeksresultaten, <span>verbinding met ons onderwijs,</span> impact en inverdienvermogen (de mate waarin lectoraten externe middelen en subsidies binnenhalen voor hun onderzoek, red.).”</p><p><strong>Emoties</strong><br />De lectoraten Ethisch Werken en Designing the Future ontvangen in 2027 nog de helft van de middelen, waarna ze op 1 januari 2028 worden opgeheven. Dat wil volgens Steenbruggen niet zeggen dat de inhoudelijke thematiek niet belangrijk is. <span>“Dit zijn brede onderwerpen die ook bij andere lectoraten in het portfolio zitten, en die daar hun weg weer kunnen vinden.” </span></p><p>De bestuurder benadrukt dat er geen directe personele consequenties zijn. Wel erkent ze dat het besluit om met deze onderzoeksgroepen te stoppen impact heeft op de betrokkenen. “We snappen dat het emoties met zich meebrengt. Daarom willen we de tijd nemen om hier zorgvuldig mee om te gaan. <span>In de komende periode werken we in overleg aan de nadere uitwerking, met aandacht voor medewerkers, continuïteit en kwaliteit.” </span></p><p>Om hoeveel mensen het gaat kan de bestuurder niet precies zeggen, omdat een lectoraat grotendeels werkt met mensen die een beperkt deel van hun tijd aan onderzoek in het lectoraat besteden.</p><p><strong>Miljoenen</strong><br />Jaarlijks ontvangt Fontys 20,5 miljoen euro <span>uit de eerste geldstroom</span> van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) voor het doen van praktijkgericht onderzoek. Daarnaast halen de lectoraten subsidie op bij onder meer SIA, NWO, de Europese Unie en andere externe partijen. In totaal hebben de onderzoeksgroepen momenteel zo’n 33 miljoen euro te besteden. Fontys streeft naar een budget van 40 miljoen euro op jaarbasis.</p><p>Steenbruggen licht dit toe: “<span>De basisfinanciering voor de lectoraten is gestoeld op alleen de eerste geldstroom, met inverdienen kan een groep doorgroeien en het onderzoeksvolume laten toenemen.” </span>Als je spreekt over miljoenen, lijkt het al gauw over veel geld te gaan. Maar volgens de bestuurder gaat het om beperkte middelen, “vooral als je nagaat hoe groot Fontys is”. </p><p>“We moeten dit geld dus slim inzetten", aldus Steenbruggen. "En daarom is het nodig dat we lectoraten hebben, die genoeg middelen binnenhalen om impact te kunnen maken met hun onderzoek. Uiteindelijk willen we meer onderzoek doen met minder maar meer robuuste lectoraten.” Fontys wil de lectoraten voortaan jaarlijks evalueren. </p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Lectoraten,Onderwijs Onderzoek,Bestuur en medezeggenschap,Onderzoek,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 16 Jun 2026 10:27:22 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/2f25b76b-37d9-447e-84eb-e1c0522e2a86/500_fontyscampusrachelsmolenr3r4.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/2f25b76b-37d9-447e-84eb-e1c0522e2a86/500_fontyscampusrachelsmolenr3r4.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/2f25b76b-37d9-447e-84eb-e1c0522e2a86/fontyscampusrachelsmolenr3r4.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Fontys campus Rachelsmolen R3 R4]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Defensiedialoog: respectvol, maar visies verschillen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kritische-stemmen-ontbreken-bij-dialoog-over-defensie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kritische-stemmen-ontbreken-bij-dialoog-over-defensie/</guid><pp:caseid>757552</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Tijdens een dialoogsessie over de samenwerking tussen Fontys en Defensie dinsdagmiddag liepen de opvattingen uiteen, maar bleef het gesprek opvallend respectvol. Toen een student het woord nam, kwam er een perspectief op tafel dat nog niet was verwoord. "Ik hoor hier een paar keer dat we op één lijn zitten, maar daar ben ik het niet mee eens."&nbsp;</strong></p><p>Ruim een jaar geleden besloot Fontys samen te gaan werken met het ministerie van Defensie. Volgens het college van bestuur past die samenwerking binnen de maatschappelijke opdracht van de hogeschool om bij te dragen aan een weerbare samenleving. Daarbij richt Fontys zich naar eigen zeggen op kennis en innovaties die zowel civiel als militair inzetbaar zijn. Tegelijk vindt ze het belangrijk om hier zorgvuldig mee om te gaan.</p><p>Omdat de samenwerking vragen oproept onder medewerkers en studenten, hield Fontys dinsdag een dialoogsessie in R10 op campus Rachelsmolen. Doel was om verschillende perspectieven, zorgen en ethische afwegingen rond de samenwerking uit te wisselen en op te halen. Dit gebeurde in duogesprekken en door post-its te plakken bij vragen als: ‘welke waarden moeten leidend zijn in deze samenwerking?’ en ‘welke risico’s of zorgen zie jij?’.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:236/auto;width:236px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8770aab6-9720-4ac6-ab6a-2e30f77f1ba6/800_foto1postits.jpg?x=1781089459849" alt="" width="236" height="auto">Dat leverde verschillende reacties op onder de twaalf deelnemers, onder wie ondersteunend personeel, docenten, lectoren en drie studenten. Zo maakt een van hen zich zorgen dat het werk van studenten onbedoeld gebruikt wordt voor oorlogsvoering en het maken van onnodige slachtoffers. Waarop een ander aanvult dat er goed moet worden gekeken naar ‘waar we wel of niet aan willen meewerken'.</p><p><strong>Kansen</strong><br>Anderen zien juist kansen in de samenwerking. Zij noemen onder meer maatschappelijke impact, onderwijs over weerbaarheid en crisismanagement en extra mogelijkheden voor stages en werkervaring. Waarbij tegelijk wordt gewaarschuwd voor het actief werven van personeel voor Defensie, ‘daar ligt de grens’.</p><p>Na bijna anderhalf uur zat iedereen weer op zijn plek voor een plenaire afronding. Hoewel de opvattingen over de samenwerking met Defensie uiteenliepen, waren de deelnemers positief over het respectvolle verloop van de dialoog en leek er brede overeenstemming over het belang om het gesprek voort te zetten. &nbsp;</p><p>Een student bracht daarop een perspectief in dat deze middag nog niet was verwoord. "Ik hoor hier een paar keer dat we op één lijn zitten, maar daar ben ik het niet mee eens." Waar eerder vooral werd gesproken over maatschappelijke verantwoordelijkheid en ethische afwegingen, ging het gesprek ineens over de mensen die niet aan tafel zaten.</p><p>“Ik denk dat er best veel studenten zijn die veel moeite hebben met de samenwerking”, vervolgt de student. “We hebben het hier over vrede en veiligheid, maar voor wie?” Ze wijst daarbij op internationale studenten die afkomstig zijn uit conflictgebieden of die zich verbonden voelen met humanitaire crises, zoals die in Gaza. “Ik denk dat je aan hen veel uit te leggen hebt.”</p><p><strong>Bijval</strong><br>De student krijgt bijval van andere deelnemers en ook lector Rogier van der Wal, een van de gespreksleiders, vindt het prijzenswaardig dat ze de stem van deze studenten laat horen. “Dat nemen we ter harte”, zegt hij. “Tegelijk wil ik benadrukken dat een samenwerking met Defensie niet direct betekent dat Fontys ook het Nederlandse overheidsbeleid op alle deelaspecten steunt.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:246/auto;width:246px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e7c17afa-14c5-449f-ac81-d99804d220f9/800_foto3postits.jpg?x=1781089476721" alt="" width="246" height="auto">Op de vraag waarom de studenten niet zelf aanwezig zijn, is de student duidelijk: “Als je al het gevoel hebt dat je er niet bij hoort, is het heel moeilijk om je uit te spreken over zo’n gevoelig vraagstuk als dit”, zegt ze. De voorzitter van de centrale medezeggenschapsraad (cmr), Marije Dahmen, valt haar bij. “Als het bestuur van Fontys heeft besloten dat we moeten samenwerken omdat het onze maatschappelijke verantwoordelijkheid is, durf dan nog maar eens een tegengeluid te laten horen.”</p><p>Volgens Dahmen draagt dat mogelijk ook bij aan de lage opkomst bij de dialoogsessie. Toch hoopt ze dat mensen zich blijven uitspreken. “Het bestuur bepaalt telkens opnieuw welke keuzes het maakt en welke richting het opgaat.”</p><p><strong>Representatief</strong><br>Ook Johan Struik, bestuursadviseur van het college van bestuur, had graag meer deelnemers gezien. Tegelijk vindt hij het belangrijker dat verschillende perspectieven worden gehoord dan dat de zaal vol zit. “Met 8.000 studenten en 5.000 medewerkers zal zo'n bijeenkomst nooit volledig representatief zijn”, zegt hij. “Voor mij is de kwaliteit van de inbreng belangrijker dan het dubbele aantal mensen.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:250/auto;width:250px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e5e42dd5-cae8-4deb-b6e2-4475eb8155e4/800_foto2postits.jpg?x=1781089699461" alt="" width="250" height="auto">Volgens programmamanager Niek Schmitz speelt ook mee dat de bijeenkomst na lestijd plaatsvond. “Dat vormt voor sommige mensen een drempel. Juist daarom hechten we waarde aan de mensen die er wel zijn. Bovendien is dit geen eenmalige bijeenkomst, maar onderdeel van een reeks gesprekken en activiteiten waarin we input ophalen.”</p><p>Die gesprekken krijgen na de zomer een vervolg. Volgens lector Rogier van der Wal wil Fontys dan actief de verschillende instituten bezoeken om ook studenten en medewerkers te bereiken die nu niet aan tafel zaten. “Het is aan ons allemaal om een klimaat te creëren waarin ook mensen met een ander geluid zich vrij voelen om zich uit te spreken.”</p><p>Die aanpak kan volgens de student alleen slagen als Fontys mensen opzoekt in hun eigen omgeving. “Ga naar de plekken waar studenten al zijn”, adviseert ze. “Dan laat je zien dat je hun mening belangrijk vindt en moeite doet om hen erbij te betrekken.”</p><h5><span>Redactionele noot: na publicatie is de formulering over de mate van eensgezindheid in het artikel aangepast om beter aan te sluiten bij de verschillende perspectieven die tijdens de dialoogsessie werden ingebracht.</span></h5><h5>De foto bovenaan dit artikel is gemaakt voorafgaand aan de dialoogsessie tijdens de opening van het <span style="text-align:left;">Fontys ICT- event&nbsp;</span><i><span>Why war matters to us – Stories from around the world, </span></i><span>waarvan de dialoogsessie een onderdeel was.&nbsp;</span></h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek Onderwijs,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 10 Jun 2026 13:47:14 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/99d9eded-29e7-4375-9832-7bf13e166889/500_hoofdfoto.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/99d9eded-29e7-4375-9832-7bf13e166889/500_hoofdfoto.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/99d9eded-29e7-4375-9832-7bf13e166889/hoofdfoto.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Hoofdfoto]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Laboratoria brengen Fontys en Summa dichterbij elkaar</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/laboratoria-brengen-fontys-en-summa-dichterbij-elkaar/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/laboratoria-brengen-fontys-en-summa-dichterbij-elkaar/</guid><pp:caseid>757377</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span style="text-align:left;">De laboratoria van Fontys Technology in gebouw Nexus op de TU/e-campus worden gebruikt voor onderwijs in biologie en chemie. Studenten worden opgeleid tot laborant of analist. In de laboratoria kunnen per ruimte ongeveer 24 studenten tegelijk les krijgen. Jaarlijks volgen ongeveer 300 Summastudenten onderwijs in de labs van Fontys.&nbsp;</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Samenwerken doen ze al twintig jaar. Toch wilden Fontys en Summa er een officiële krabbel onder zetten. Maandagmiddag bekrachtigden de onderwijsinstellingen dat ze samen nog intensiever willen optrekken in het gebruik van de laboratoriumfaciliteiten van Fontys Technology in gebouw Nexus op de TU/e-campus. “Er liggen nog zoveel meer kansen.”</strong></p><p>Terwijl de bestuursvoorzitters en opleidingsdirecteuren van Fontys en Summa een officieel praatje houden en hun handtekening zetten onder de samenwerkingsovereenkomst, dromt nieuwsgierig laboratoriumpersoneel samen om te kijken wat er allemaal gebeurt. Ze vinden de verdergaande samenwerking een goed idee. Niet alleen in ruimtes en faciliteiten, maar nu ook in het onderwijs.</p><p>Hoewel lessen en onderzoek nog vaak apart plaatsvinden, vinden docenten van beide opleidingen steeds vaker een directe sparringpartner in elkaar. Jochem Langerwerf kan erover meepraten. Hij is meerdere jaren vanuit zijn functie bij Fontys gedetacheerd geweest bij Summa. “Soms kom ik iets tekort voor mijn les en vraag ik een Summacollega of hij me verder kan helpen.”</p><p><strong>Meer kennis in huis</strong><br>Volgens Langerwerf heb je met twee onderwijsinstellingen die samenwerken op één fysieke locatie meer kennis in huis. En hij ziet regelmatig studenten doorstromen van het mbo naar het hbo of, als ze de studie niet aankunnen, terugstromen naar het mbo. “Dat gaat vaak heel soepel, want ze kennen het hier al.”</p><p>Toch gebeurt dit nog onvoldoende, vinden de bestuurders en directeuren, want zij hebben zojuist de intentie uitgesproken om de mbo- en hbo-opleidingen binnen Fontys Technology en Summa Laboratorium, Technologie en ICT nog beter op elkaar te laten aansluiten. [<i>Tekst gaat verder onder de foto</i>]&nbsp;</p><p>Langerwerf mag hen vanmiddag rondleiden over de verschillende laboratoria. In steriele witte jassen en met een veiligheidsbril op lopen ze langs Fontysstudenten die bezig zijn een basisproduct voor bioplastic uit bacteriën te isoleren. Aan de overkant, in het chemische laboratorium, volgen Summastudenten een practicum waar de bestuurders en directeuren aan mee mogen doen.</p><p><strong>Betaalbaar en actueel</strong><br>Fontys stelt deze laboratoria, bijbehorende lesruimtes en andere faciliteiten beschikbaar aan Summa. “Labfaciliteiten zijn enorm duur, dan is het logisch dat je gaat kijken of je hierin samen kunt optrekken”, zegt Maartje Damoiseaux. Op deze manier houden de instellingen het laboratoriumonderwijs betaalbaar en actueel, aldus de opleidingsdirecteur van Fontys Technology.</p><p>Haar collega bij Summa, Patricia van der Linden, ziet daarnaast dat de praktijk de brug tussen het mbo en het hbo slaat en er vanzelf al meer samenwerking ontstaat tussen docenten en technisch onderwijsassistenten van beide instellingen. “Je hebt met elkaar deze labs te bemensen en samen moet je zorgen voor ieders veiligheid. Ook zijn ze gezamenlijk verantwoordelijk voor alle middelen en voorraden. Daar is vaak overleg over.” [<i>Tekst gaat verder onder de foto</i>]</p><p>Dat ziet ook Fontys bestuursvoorzitter Joep Houterman: “Samenwerking in ruimtes en tussen mensen vergemakkelijkt het gesprek tussen instellingen en opleidingen. Ook voor studenten wordt het&nbsp;dan interessanter om samen dingen op te pakken en door te stromen van de ene naar de andere instelling.”</p><p>Dat is ook wat het werkveld graag wil, zegt Van der Linden. “Bedrijven vinden studenten die zowel het mbo als het hbo hebben gedaan heel waardevol, omdat zij veel tijd hebben doorgebracht in het laboratorium.”</p><p><strong>Project Beethoven</strong><br>Maar eigenlijk staat deze samenwerking symbool voor al het andere dat de twee instellingen samen doen, constateert Houterman. “Niet in het minst vanuit <a href="https://bron.fontys.nl/kabinet-overweegt-miljard-te-investeren-in-eindhoven/" target="_blank">project Beethoven</a>, waarin we als onderwijsinstellingen een specifieke opdracht hebben voor het opleiden van techtalent voor de Brainportregio.”</p><p>Wat dat betreft zouden Fontys en Summa graag ook meer samenwerken met de TU. De laboratoria bij Fontys Technology kunnen best nog een gebruiker erbij hebben. In onze samenwerkingsovereenkomst hebben we ook hiervan een gezamenlijke inspanning gemaakt, zeggen de beide opleidingsdirecteuren. “Er liggen nog zoveel meer kansen.”</p><h5>Foto bovenin: opleidingsdirecteuren Maartje Damoiseaux (Fontys) en Patricia van der Linden (Summa) volgen een practicum onder begeleiding van een Summastudent. Foto: Charlotte Grips.</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHTN,Nexus,Techniek en technologie incl. ICT,Onderwijs Techniek,Brainport,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 09 Jun 2026 12:46:42 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/08c3f0e9-db69-4bf3-a532-01e02c277818/500_fontys-summa08-06-2026-0116.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/08c3f0e9-db69-4bf3-a532-01e02c277818/500_fontys-summa08-06-2026-0116.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/08c3f0e9-db69-4bf3-a532-01e02c277818/fontys-summa08-06-2026-0116.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Fontys - Summa 08-06-2026-0116 foto Charlotte Grips]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten strikken bekende acteurs voor eerste korte film</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-strikken-bekende-acteurs-voor-eerste-korte-film/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-strikken-bekende-acteurs-voor-eerste-korte-film/</guid><pp:caseid>756880</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Met slechts 400 euro budget en nauwelijks ervaring nemen zes studenten deze week hun eerste korte film op. Toch wisten ze twee bekende acteurs te strikken: Harry Piekema en Max Laros spelen mee in </strong><i><strong>Smaakt naar meer. </strong></i><strong>“We hadden dit totaal niet verwacht.”</strong></p><p>Mensen lopen door elkaar heen, de camera wordt verschoven en het geluid getest. In het Gelderse Winssen lijkt het dinsdagmiddag een professionele filmset, maar de studenten doen dit voor het eerst. Aan lef ontbreekt het niet. Aan ambitie evenmin. Aan ervaring nog wel.</p><p>Karin, Cas, Pepijn, Pien, Taron en Valentijn volgen de minor Filmeducatie bij Fontys. Een van de opdrachten is het maken van een film, te beginnen met het scenario en eindigend met een filmpresentatie in het Eindhovense filmhuis NatLab.</p><p>Ze volgen uiteenlopende studies, maar delen hun interesse voor film. Iedereen heeft een rol die goed aansluit bij diens interesses en talenten. Zo kan het dat er op de set een scriptschrijver, regisseur, cameraman, editor, een production designer en een sound designer rondlopen.</p><p><strong>Geen budget</strong><br>Ook na twee dagen filmen kunnen de studenten het nog steeds niet geloven. “We hebben slechts 400 euro budget en daarvan hebben we de geluidsapparatuur gehuurd”, vertelt Karin. “De overige apparatuur hebben we te leen gekregen en ook de opnamelocaties mogen we kosteloos gebruiken.”&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>Bovendien is het zestal erin geslaagd om twee bekende acteurs voor de camera te krijgen: <a href="https://www.harry-piekema.nl/">Harry Piekema</a>, bekend als de supermarktmanager uit de Albert Heijn-reclames en <a href="https://www.maxlaros.nl/">Max Laros</a>, die meespeelde in Flikken Maastricht en <a href="https://www.zapp.nl/programmas/verborgenverhalen">Verborgen Verhalen</a>. Kacey Hendriks van <a href="https://www.imdb.com/title/tt35933131/">Out there</a> heeft een bijrol. [<i>tekst gaat verder onder de foto's</i>]&nbsp;</p><p>Hoe ze dat voor elkaar hebben gekregen? “Gewoon mailen”, vertellen pabostudent Karin Duif en Multimedia Design-student Cas Verploegen lachend. “Onze docent had gezegd dat we het maar moesten proberen”, zegt Karin. “Omdat dit onze eerste film is en we nog helemaal geen ervaring hebben, hadden we niet verwacht dat zij zouden instemmen. Maar ze waren erg enthousiast over het script.”</p><p><strong>Horror</strong><br>Dat verhaal, geschreven door Karin, gaat over Joris, een talentvolle maar onzekere kok die werkt voor de strenge chef Pieter. Omdat hij constant zijn goedkeuring zoekt, doet hij er alles aan om zichzelf te bewijzen in een keuken waar perfectie de norm is. Als Joris ontdekt dat zijn gerechten beter worden door delen van zijn eigen lichaam erin te verwerken, gaat hij steeds verder. Wat eerst een ongeluk lijkt, groeit uit tot een bizarre obsessie.&nbsp;</p><p>Piekema speelt chef Pieter, Laros is de jonge kok Joris en Hendriks speelt de date van Joris. Het script was inderdaad een van de redenen dat Laros en Piekema wilden meewerken. “Ik hou wel van een beetje horror”, zegt Laros. “Ook het thema vind ik mooi: de hiërarchie die in zo’n keuken heerst en hoever je gaat om de top te bereiken. Dat sprak me erg aan.”</p><p>Volgens Piekema wordt er tegenwoordig veel gehamerd op ambitie en het volgen van je passie. Daardoor ervaren sommige jonge mensen veel druk en gaan ze eerder over hun grenzen heen. “Ze raken oververmoeid of krijgen een burn-out. Als je niet weet waar je grens ligt, snijd je jezelf in de vingers”, zegt hij lachend over zijn eigen woordgrap.</p><p><strong>Belangeloos</strong><br>Net als Piekema heeft Laros eerder aan studentenproducties meegewerkt. Ze vinden het allebei leuk om aankomende talenten te helpen. Piekema stelt wel altijd&nbsp;een aantal voorwaarden: naast een goed script wil hij een goede tegenspeler. En dat is Laros. Dat ze allebei belangeloos meedoen, vinden ze zelf niet zo vreemd. “Als het mooi beeldmateriaal is, heb ik er zelf ook wat aan, bijvoorbeeld voor in mijn showreel”, zegt Laros. [T<i>ekst gaat verder onder de foto's</i>]&nbsp;</p><p>Om zich voor te bereiden op zijn rol heeft Piekema filmpjes gekeken van chefkoks. En hij herinnert zich Jonnie Boer, de overleden chefkok van sterrenrestaurant De Librije, die hij eens heeft ontmoet. “Keukens zijn hiërarchisch opgezet, de druk is hoog, kwaliteit en precisie staan bovenaan, en iedereen is de hele tijd gefocust. Die sfeer opzoeken, dat vind ik heel leuk.”&nbsp;</p><p>Een film opnemen betekent ook veel wachten. Bijvoorbeeld tot de set weer is aangepast voor een nieuwe scène of omdat de apparatuur opnieuw moet worden ingesteld of het ineens niet doet, zoals deze middag. Piekema en Laros blijven er rustig onder. De studenten ook, ondanks de druk die ze voelen om het zo goed mogelijk te doen. “We doen het echt samen”, zegt Cas.</p><p><strong>Onder de indruk</strong><br>Piekema is onder de indruk van de rust en ernst die de studenten aan de dag leggen. En ook Laros is positief: “Harry en ik geven soms tips, en ze leren snel.” De acteurs zijn wel wat gewend. “In het theater speel je een voorstelling van een uur en een kwartier, solo of met anderen, dat is een veel langere spanningsboog en met veel meer tekst”, aldus Piekema.</p><p>Na twee opnamedagen zijn de zenuwen bij het zestal wat gezakt en is het vertrouwen gegroeid dat de film goed gaat uitpakken. Op 9 juli wordt <i>Smaakt naar meer</i> getoond in het NatLab, samen met de andere studentenfilms. Het publiek bepaalt die avond welke productie naar huis gaat met de Gouden Gloeilamp.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Studenten,minor,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 04 Jun 2026 09:59:47 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/4d59e9ec-032e-43e5-961d-bf399e22f82b/500_karinenpepijnmetharrypiekemamiddenopdeset.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/4d59e9ec-032e-43e5-961d-bf399e22f82b/500_karinenpepijnmetharrypiekemamiddenopdeset.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/4d59e9ec-032e-43e5-961d-bf399e22f82b/karinenpepijnmetharrypiekemamiddenopdeset.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Karin en Pepijn met Harry Piekema (midden) op de set]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Waarom deze studenten tóch voor accountancy kiezen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/waarom-deze-studenten-toch-voor-accountancy-kiezen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/waarom-deze-studenten-toch-voor-accountancy-kiezen/</guid><pp:caseid>756684</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Hoewel accountancy nog vaak wordt gezien als saai, kozen derdejaarsstudenten Huib der Kinderen en Willem van de Westerlo bewust voor het vak. Het werk blijkt veelzijdiger dan gedacht en de vraag naar jonge accountants is groter dan ooit. “Je kunt er alle kanten mee op.”</strong></p><p>Voor Huib der Kinderen (21) en Willem van de Westerlo (20) geen jasje-dasje, maar gewoon een nette broek, blouse en trui. Nu en ook straks als ze aan het werk gaan na hun opleiding Accountancy bij Fontys. Het beeld dat de meesten hebben van accountants is opvallend dubbel: veel mensen zien hen als betrouwbaar en deskundig, maar tegelijk ook als saai.</p><p>Wim Peters, kwartiermaker bij Fontys Pro, vertelde twee weken geleden in een <a href="https://bron.fontys.nl/grote-verschillen-maar-stoffig-imago-accountancy-blijft/" target="_blank">interview</a> met Bron dat dit beeld grotendeels is achterhaald. Het gevolg is wel dat hierdoor veel accountantskantoren kampen met een groeiend tekort aan accountants, en dat de instroom van studenten uit deze branche in het hbo stagneert. Het negatieve imago speelt daarin mee.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:252/auto;width:252px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/87753854-bd3f-4091-a126-072f7047edb6/800_huib.jpeg?x=1780395994109" alt="Huib" width="252" height="auto">Toch zijn er nog altijd studenten die bewust wél kiezen voor het vak, zoals Huib en Willem. Allebei vonden ze het vak economie al leuk op de middelbare school. Toch maakte Huib in eerste instantie een andere keuze; hij koos voor de lerarenopleiding Engels, ook bij Fontys. Maar zodra hij zich ging verdiepen in accountancy was hij om. “Nadat ik een meeloopdag had bezocht, begreep ik pas echt goed wat een accountant doet.”</p><p><strong>Veelzijdig beroep</strong><br>Zo ging het ook bij Willem. Nadat hij was meegelopen op een administratiekantoor werd bij hem het zaadje geplant. Van alle economische studies sprong Accountancy eruit. “Je kunt er alle kanten mee op, omdat je heel breed wordt opgeleid voor werk in de financiële sector”, zegt hij. Volgens de student is het werk totaal niet stoffig. “Het is een veelzijdig beroep. Je bent echt niet alleen bezig met het opstellen van jaarverslagen en het controleren van cijfers. Je hebt ook een belangrijke adviesrol.”&nbsp;</p><p>Volgens de student wordt een accountant ook wel de huisarts van een ondernemer of onderneming genoemd. "Ondernemers stappen meestal als eerste naar hun accountant wanneer ze vragen hebben over hun bedrijf of over regels waar ze zich aan moeten houden.” Er is dus sprake van veel interactie, en het kan nóg veelzijdiger, stelt Willem. “Als je niet voor één bedrijf werkt, maar voor een accountantskantoor, kom je vaak bij veel verschillende ondernemers over de vloer.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:266/auto;width:266px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1691d4c8-b6f7-4d08-8ea6-67755df99bc3/800_willem.jpeg?x=1780396131204" alt="Willem" width="266" height="auto">Willem weet inmiddels waar hij het over heeft. De afgelopen periode heeft hij stagegelopen bij een accountantskantoor en heeft hij met eigen ogen gezien hoe het eraan toegaat. “Ik draaide mee in een vrij jong team met veel dertigers.”</p><p><strong>Aan interesse geen gebrek</strong><br>Huib heeft dezelfde ervaring sinds hij als werkstudent deel uitmaakt van een controleteam en het werk doet van een junior assistent. Ondanks dat het pittig is naast zijn studie ziet hij grote voordelen: “Ik doe ervaring op in de praktijk en kan de theorie die ik op school leer meteen toepassen. Ook kan ik me op deze manier oriënteren op de verschillende kantoren en kijken welke het beste bij me past.”</p><p>Aan interesse voor de studenten is geen gebrek. Nu al krijgen Huib en Willem via LinkedIn aanbiedingen voor stages en werk. “Vanwege het grote tekort aan accountants en de enorme concurrentie doen bedrijven er alles aan om je al vroeg aan zich te binden”, aldus Huib. “Het wordt zo wel heel makkelijk om een keuze te maken. Anderzijds is de druk hoog: wij moeten het gaan doen.”</p><p>Willem vindt het fijn om te weten dat hij gewild is en een studie doet waarvan hij zeker weet dat hij er wat mee kan. “Je hebt zekerheid van een baan en inkomen.” Maar vanzelf gaat het niet. Er moet hard worden gestudeerd. Deze week staat een zwaar tentamen op het programma waarvoor twee middagen zijn uitgetrokken. Willem sjouwt daarvoor een omvangrijk studieboek met zich mee dat als naslagwerk gebruikt mag worden.</p><p><strong>Verder studeren</strong><br>Beide studenten willen na hun bachelor verder studeren voor registeraccountant. Dat kost zo nog eens een jaar of vijf à zes, iets waar <a href="https://publications.aaahq.org/accounting-horizons/article-abstract/doi/10.2308/HORIZONS-2024-194/14245/The-Expectations-Reality-Gap-in-Auditing-A?redirectedFrom=fulltext" target="_blank">jongeren </a>die zich oriënteren op een studie nog wel eens op kunnen afknappen. Niet geheel terecht vinden Huib en Willem. “Je bent al aan het werk, en dan hoort het er gewoon bij. Daarna hoef je je alleen nog af en toe bij te scholen en heb je gewoon heel leuk werk.”</p><p>En, voegen ze eraan toe, je hóéft niet door te leren. Je kunt ook assistent blijven of een heel andere richting ingaan, zoals docent of financieel adviseur. En tegenwoordig zijn de arbeidsvoorwaarden aangepast op de jongere generatie, waardoor je bijvoorbeeld kunt kiezen om parttime te gaan werken. Huib: “Vanwege het tekort wordt er goed voor medewerkers gezorgd en worden ze uitstekend begeleid.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FEC,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 02 Jun 2026 12:59:56 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/05438bb0-ab70-4610-9e0d-c20047099895/500_willemlenhuib-1.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/05438bb0-ab70-4610-9e0d-c20047099895/500_willemlenhuib-1.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/05438bb0-ab70-4610-9e0d-c20047099895/willemlenhuib-1.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Willem (l) en Huib-1]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Reorganisatie MC&amp;P: er is begrip, maar ook onzekerheid</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/reorganisatie-mcp-er-is-begrip-maar-ook-onzekerheid/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/reorganisatie-mcp-er-is-begrip-maar-ook-onzekerheid/</guid><pp:caseid>756595</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De dienst Marketing, Communicatie & PR (MC&P) van Fontys moet fors krimpen. Medewerkers begrijpen waarom, maar vragen zich tegelijk af wat de reorganisatie betekent voor hun werk, hun functie en de verbinding met instituten.&nbsp;</strong></p><p>MC&P staat voor een omvangrijke <a href="https://www.fontys.nl/actueel/aankondiging-reorganisatie-dienst-mcp/">reorganisatie</a>. Volgens het college van bestuur (cvb) is dat nodig vanwege dalende studentenaantallen, relatief hoge kosten en de keuze voor een meer centrale werkwijze binnen de organisatie (<a href="https://stichtingfontys.sharepoint.com/sites/060_HARP">HARP</a>).</p><p>In het voorgenomen reorganisatieplan verdwijnt ruim een kwart van de huidige formatie: de dienst moet terug van 161,4 naar 120,8 fte. Een deel van die krimp wordt opgevangen via natuurlijk verloop en het niet verlengen van tijdelijke contracten. Naar verwachting blijft een reorganisatieopgave van bijna 19 fte over.</p><p><span>De dienstraad medezeggenschap (dmr) heeft ingestemd met het reorganisatieplan, waarna het cvb op 26 mei een voorgenomen besluit heeft genomen. Volgens Mily Simpson van de dmr is de voorgenomen reorganisatie “een stap in de goede richting voor een toekomstbestendig Fontys”. Het plan ligt nu bij de centrale medezeggenschapsraad (cmr). Na de zomer volgen gesprekken met de vakbonden over de uitvoering van de reorganisatie, die waarschijnlijk in het najaar ingaat.</span></p><p><span><strong>Begrip én onzekerheid</strong></span><br><span>Hoewel medewerkers begrip tonen voor de noodzaak van de reorganisatie, is er ook onzekerheid over de praktische en persoonlijke gevolgen. Vooral medewerkers die dicht bij de instituten werken, vragen zich af hoe centraal de nieuwe organisatie straks daadwerkelijk wordt ingericht.</span></p><p><span>Zo noemt een instituutsmedewerker de reorganisatie “zakelijk gezien logisch”, maar maakt ze zich wel zorgen over de verbinding met de instituten en de opleidingen. “Wij doen hier veel maatwerk, zijn veel in gesprek met het mt en de opleidingen. Ik hoop dat dit zo blijft, maar daar heb ik niet veel vertrouwen in.”</span></p><p><span>De onzekerheid onder medewerkers zit niet alleen in de organisatiestructuur, maar ook in de functies zelf. Medewerkers weten nog niet in welk team ze straks terechtkomen en hoeveel plekken daar beschikbaar zijn. “Het duurt gewoon lang”, zegt een medewerker van de centrale dienst. “Eigenlijk zouden we voor de zomer meer weten, maar dat wordt nu pas daarna omdat de vakorganisaties meer tijd nodig hebben.”</span></p><p><span><strong>Kleuren</strong></span><br><span>Vanaf het najaar krijgen medewerkers een eerste indicatie van hun positie binnen de reorganisatie. Daarbij werkt Fontys met verschillende kleuren, vertelt een van de medewerkers. Groen betekent dat een functie behouden blijft zonder boventalligheid, geel dat een functie blijft bestaan maar binnen het team mogelijk te veel mensen zitten en rood dat een functie verdwijnt. Daarnaast komen er nieuwe functies (blauw) waarop medewerkers kunnen solliciteren.</span></p><p><span>Een medewerker laat weten benieuwd te zijn naar het aanbod. “Als dat interessant is, ga ik zeker reageren.” Voor haar is niet alles in beton gegoten, al is nog niet duidelijk hoe een en ander gaat uitpakken. "Ik vind het ook leuk om mee te bewegen in de transitie. Als er nieuwe of andere werkzaamheden komen, sta ik daar zeker voor open.”</span></p><p><span><strong>Lange tijdslijn</strong></span><br><span>Toch lijkt vooral de lange tijdslijn voor spanning te zorgen. De reorganisatie wordt uitgesmeerd over meerdere jaren, met eerst een zogenoemd matchingsjaar en daarna een plaatsingsjaar. “Deze aanpak verrast mij wel”, aldus een andere medewerker van de centrale dienst. “Aan de ene kant vind ik het eerlijk: het biedt kansen en ruimte voor iedereen. Aan de andere kant betekent het een heel lange periode van onzekerheid.”</span></p><p><span>Ook Geoffrey Snippe, teamleider in Venlo met een aflopend tijdelijk contract en wiens functie verdwijnt in de nieuwe structuur, ziet die spanning bij zijn teamleden. “Mensen snappen dat de dienst moet krimpen”, zegt hij. “Maar iedereen wil nu wel weten waar hij aan toe is.” Volgens Snippe begint de lange aanlooptijd inmiddels zijn tol te eisen. “Je hebt kans op een lek van talent. Mensen zijn verandermoe en gaan om zich heen kijken.”</span></p><p><span>Als het om zijn eigen portemonnee zou gaan, zou Snippe de pleister er heel snel vanaf trekken. Maar Fontys is een sociale organisatie die er echt de tijd voor wil nemen, constateert hij. “</span>Wat dat betreft wordt het allemaal goed geregeld, en al helemaal als je een vast contract hebt. Dan heb je de tijd om na te denken over wat je wel of niet zou willen. <span>Daarover kun je eigenlijk niets verkeerds zeggen.&nbsp;</span>"</p><p><span><strong>Menselijk</strong></span><br><span>Ook andere medewerkers die Bron sprak, spreken over uitgebreide informatiebijeenkomsten, procesworkshops en een sociaal plan waarin medewerkers tijd krijgen om ander werk te vinden, binnen of buiten Fontys. “Het wordt heel zorgvuldig gedaan”, zegt een medewerker. “Heel menselijk ook. Maar dat betekent dus ook dat het langer duurt voordat er duidelijkheid is."</span></p><p><span>Sommigen blijven voornamelijk nuchter: “Ik probeer er niet te veel mee bezig te zijn tot het moment dat ik weet wat het voor mij gaat betekenen. Natuurlijk voel ik de onrust in de organisatie en in mezelf, maar ik probeer er niet te veel naar te handelen. Als ik straks weet hoe ik ervoor sta, kan ik pas echt in de actiestand. Ik hoop natuurlijk dat er een kans ontstaat voor mij, al kan ik die nu nog niet zien.”</span></p><h5>Meerdere medewerkers werkten mee aan dit artikel op voorwaarde van anonimiteit. Hun namen zijn bekend bij de redactie.</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,MC&amp;P,economie,PRO Management en Organisatie,Organisatie,Bestuur en medezeggenschap,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 01 Jun 2026 17:17:54 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/6c205bf7-98a3-424f-89d3-ecfbc95179e2/500_rachelsmolencampusr4r3eindhoven.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/6c205bf7-98a3-424f-89d3-ecfbc95179e2/500_rachelsmolencampusr4r3eindhoven.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/6c205bf7-98a3-424f-89d3-ecfbc95179e2/rachelsmolencampusr4r3eindhoven.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Rachelsmolen campus R4 R3 Eindhoven]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Buddy voor Elkaar haalt international uit eigen bubbel</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/buddy-voor-elkaar-haalt-international-uit-eigen-bubbel/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/buddy-voor-elkaar-haalt-international-uit-eigen-bubbel/</guid><pp:caseid>754442</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Buddy voor Elkaar</strong> is een nieuw initiatief van de vereniging <a href="https://brainporteindhoven.com/nl/maatschappelijk/brainport-voor-elkaar" target="_blank">Brainport voor Elkaar</a>, het regionale samenwerkingsverband tussen bedrijven, maatschappelijke instellingen, gemeenten en onderwijsinstellingen. Fontys maakt hier ook deel van uit. 35 bedrijven en organisaties gaan een pilot draaien met Buddy voor Elkaar. Fontys is de tweede die hiermee is gestart.</p><p>Heb je de startbijeenkomst gemist, maar wil je toch nog buddy zijn? Je kunt alsnog aanhaken. Vul het <a href="https://forms.microsoft.com/Pages/ResponsePage.aspx?id=QhPRUbXSf0qUvH8WgMwiBrSQo2dvMRdImGLZXH_jgVFUNjNITFRKRjhJSjNUNFRRMjE1UklEUDRDVS4u" target="_blank">inschrijfformulier</a> in.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Appeltaart bakken, bingo spelen en ondertussen zoveel mogelijk Nederlands praten. Dat waren dinsdag de ingrediënten van de eerste bijeenkomst van Buddy voor Elkaar, een nieuw initiatief dat internationale en Nederlandstalige studenten samenbrengt om de taal te oefenen én elkaar beter te leren kennen.</strong></p><p>Veel internationale studenten van Fontys willen beter Nederlands leren, merkt Susanne van den Wildenberg van Fontys Pulsed. Bijvoorbeeld omdat dat helpt in sociale situaties of omdat het hun carrièrekansen vergroot. “Maar zodra iemand moeite heeft met de taal, schakelen Nederlanders vaak meteen over op Engels. Goed bedoeld, maar niet altijd helpend.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:290/auto;width:290px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/95074b66-60bd-47de-875a-8ab4d0db4a3e/800_bve-fontys27of169.jpg?x=1779829465351" alt="Susanne van den Wildenberg" width="290" height="auto">Buddy voor Elkaar wil daar verandering in brengen. Een groep internationale en Nederlandse studenten (de buddy’s) gaat in zes wekelijkse sessies samen activiteiten ondernemen om de taal te oefenen. “Geen droge lessen, maar leuke ijsbrekers, interactieve spellen en grappige activiteiten waardoor het vooral ook heel gezellig wordt met elkaar”, vertelt Van den Wildenberg. Er is één regel: iedereen praat Nederlands.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p><strong>Signaal</strong><br>Al snel na de eerste oproep hadden zich dertien internationale studenten gemeld, waarvan er acht dinsdag naar de startbijeenkomst zijn gekomen. Volgens Van den Wildenberg een signaal dat er behoefte is aan meer connectie met Nederlandse studenten. “Er zijn best wel wat community’s voor internationals, maar gemengde groepen zijn er nauwelijks.”</p><p>Het is de bedoeling dat er (ongeveer) evenveel internationale als Nederlandse studenten deelnemen. Voorlopig zijn er meer internationals dan buddy’s. Volgens Van den Wildenberg is dat geen reden om niet te beginnen. Integendeel: “We hebben er heel bewust wél voor gekozen. Nu pas wordt het initiatief zichtbaar en wordt duidelijk wat het echt inhoudt. En ondertussen doen we ervaring op.”&nbsp;</p><p><i>(De tekst gaat verder onder de foto's)</i></p><p>De buddy’s die aan de eerste bijeenkomst meedoen, zijn dan wel geen Nederlandse studenten, maar ze zijn wel heel gemotiveerd, zoals Van den Wildenberg zelf en Fontysstudent én voormalig international Cheryl (26). Zij weet uit eigen ervaring hoe belangrijk taal is om je ergens thuis te voelen. Toen Cheryl tien was, vertrok ze met haar ouders uit Nederland. Op haar zestiende keerde ze terug.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:302/auto;width:302px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1c74031e-add1-4732-9007-03101c672b7b/800_bve-fontys18of169.jpg?x=1779829692310" alt="Cheryl (links)" width="302" height="auto">“Ik ben voor mijn terugkomst naar de Nederlandse radio gaan luisteren en Nederlandse YouTubers gaan volgen, dat hielp een beetje. Nu spreek ik weer goed Nederlands.” Als je in Nederland wilt blijven wonen en werken, is het handig als je de taal leert, al is het maar om met je collega’s te kunnen buurten.”</p><p><strong>Appeltaart</strong><br>De eerste activiteit waar de studenten hun mouwen voor hebben opgestroopt: appeltaart bakken. Nederlandser kan bijna niet. De internationale studenten komen uit Sint-Maarten, Curaçao, Polen, Italië en een eiland vlak bij Madagaskar. In het begin staan ze wat afwachtend in de keuken, maar de bakactiviteit breekt al snel het ijs. Kloppen? Mengen? Vork? Als ze er echt niet uitkomen, is er altijd nog hun buddy.</p><p>Als de taarten in de oven staan, verzamelt het gezelschap zich voor een kennismaking, een balspel en bingo. Dat doen ze onder begeleiding van professionele trainers van Wasbeer & Pauw en STE Languages. De Poolse Blazej (19) kan als enige het Nederlands nauwelijks volgen. Hij krijgt meteen een eigen buddy die alles voor hem vertaalt, want niemand mag zich buitengesloten voelen.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:261/auto;width:261px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/355641be-5e0e-4fc2-96d7-8e273259a0e5/800_bve-fontys13of169.jpg?x=1779829302958" alt="Joshua (l) en Rugène" width="261" height="auto">Moeilijke taal</strong><br>De studenten uit de voormalige Nederlandse Antillen praten redelijk goed Nederlands, maar ze zijn onzeker. Joshua (19) hoopt meer vertrouwen te krijgen door aan Buddy voor Elkaar mee te doen. “Ik heb Nederlands geleerd op school in Curaçao, maar het niveauverschil is heel groot.” Landgenoot Rugène (24) herkent dat. “Ik durf niet zoveel te zeggen en dat weerhoudt me ervan om contact te leggen.”</p><p>De Roemeens-Italiaanse Bianca (20) vindt het nu nog lastig om met Nederlanders bevriend te raken en een goed gesprek te voeren. En het is moeilijker om stage of werk te vinden als je de taal niet goed machtig bent. “Dat is allemaal best frustrerend”, zegt ze.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:281/auto;width:281px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0a2897c7-8f90-4089-b371-d07a066505f1/800_bve-fontys137of169.jpg?x=1779829344539" alt="Bianca (midden)" width="281" height="auto">Maar de studente loopt over van enthousiasme om de taal te leren. Ze maakt zich na twee jaar al aardig verstaanbaar. Toch kost het haar nog zichtbaar moeite. “Nederlands is een moeilijke taal om te leren; woorden zijn lang en zinsconstructies heel anders dan ik gewend ben.” Voor haar geen taalapp. “Samen met Nederlandstaligen de taal oefenen, is de beste leermethode.”</p><p><strong>Thuis voelen</strong><br>Uiteindelijk hopen de initiatiefnemers dat de studenten ook na deze pilot elkaar blijven ontmoeten en dat steeds meer studenten zich aanmelden. “Het gaat niet alleen om de taal”, zegt Van den Wildenberg. “We willen dat internationals zich thuis voelen en makkelijker contact leggen.”</p><p>Iets waar Joshua heel erg naar uitkijkt: “Normaal gesproken switch ik na een paar zinnen over naar het Engels, omdat dat veel makkelijker is. Dat wil ik niet meer. Als ik echt overal aan mee wil kunnen doen, dan is dit de enige manier: oefenen, oefenen en nog eens oefenen.”</p><h5>Alle foto's in dit artikel zijn van @wilsonhidayat</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Internationals,Pulsed,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 27 May 2026 09:36:31 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/c60fab48-15af-4eea-a955-0043f783d87b/500_bve-fontys101of169.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/c60fab48-15af-4eea-a955-0043f783d87b/500_bve-fontys101of169.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/c60fab48-15af-4eea-a955-0043f783d87b/bve-fontys101of169.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Buddy voor Elkaar - Blazej]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[foto @wilsonhidayat]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Klimaatcrisis niet verdwenen, urgentie onder studenten wel</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/klimaatcrisis-niet-verdwenen-urgentie-onder-studenten-wel/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/klimaatcrisis-niet-verdwenen-urgentie-onder-studenten-wel/</guid><pp:caseid>748374</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Massale klimaatmarsen, scholierenstakingen en protestacties: jarenlang stond klimaatverandering hoog op de agenda van jongeren. Inmiddels lijkt die urgentie afgenomen. Woningnood, financiële onzekerheid en onrust in de wereld eisen steeds vaker de aandacht op, ook bij Fontysstudenten.</strong></p><p>Europa moet klimaatverandering gaan behandelen als een internationale noodsituatie voor de volksgezondheid, <a href="https://www.who.int/europe/news/item/17-05-2026-climate-change-is-a-health-crisis---and-fixing-it-is-a-health-opportunity?utm_source=chatgpt.com">waarschuwde</a> de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) eerder deze week. Volgens een speciale commissie vormt de klimaatcrisis een ‘catastrofale bedreiging’ voor gezondheid, veiligheid en sociale stabiliteit.</p><p>Tegelijkertijd <a href="https://www.ipsos.com/nl-nl/het-ipsos-people-and-climate-change-rapport-2026" target="_blank">signaleert </a>onderzoeksbureau Ipsos een groeiende klimaatmoeheid, vooral onder jongeren. Zij erkennen de ernst van de klimaatcrisis, maar ervaren het probleem vaak als abstract en voelen zich machteloos tegenover grotere, dagelijkse zorgen als woningnood, inflatie en (wereldwijde) maatschappelijke onrust.</p><p>Een paar jaar geleden was dat nog anders. Wie herinnert zich niet de massale klimaatmarsen, scholierenstakingen en protestacties? Waar klimaatverandering toen voor veel jongeren hét maatschappelijke thema van hun generatie leek, lijkt die urgentie nu naar de achtergrond verdwenen.</p><p><strong><img class="image-style-align-right image_resized" style="aspect-ratio:263/auto;width:263px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b9b78fdb-7165-462a-a27e-3594163b1784/800_img_4544.jpg?x=1779980670308" width="263" alt="Sonia Styczeń" height="auto">Wél geïnteresseerd</strong><br>Toch betekent dit volgens communicatiestudent Sonia Styczeń niet dat jongeren klimaatverandering ineens onbelangrijk vinden. Voor haar afstudeeronderzoek bij de gemeente Eindhoven onderzocht zij de afgelopen maanden hoe studenten in het hoger onderwijs zich verhouden tot klimaatadaptatie. Daarnaast deed ze onafhankelijk onderzoek naar klimaatcommunicatiestrategieën en zette ze zich tijdens haar studie in voor Fontys Green Office.</p><p>“Veel studenten zijn wel degelijk geïnteresseerd in klimaatgerelateerde onderwerpen en staan open om er meer over te leren”, zegt Styczeń. Volgens haar zit het probleem niet zozeer in een gebrek aan interesse, maar vooral in de manier waarop over klimaatverandering wordt gecommuniceerd.</p><p>“Studenten raken eerder geïnteresseerd&nbsp;wanneer het onderwerp relevant voelt voor hun eigen leven en ze het gevoel hebben dat ze realistisch gezien iets kunnen bijdragen", legt ze uit. "Concrete voorbeelden, praktische oplossingen en lokale initiatieven zorgen vaker voor betrokkenheid.”</p><p>Tegelijkertijd begrijpt Styczeń dat veel jongeren momenteel andere prioriteiten hebben. “Stijgende kosten van levensonderhoud, woningnood, oorlogen en onzekerheid over de toekomst zijn heel directe problemen, vooral voor studenten die al veel stress ervaren. Dan is het logisch dat klimaatverandering minder urgent voelt.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:228/auto;width:228px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/17605034-ae01-48c4-be3a-4821d6c4b871/800_veselin-uitsnede.jpg?x=1779380521476" alt="Veselin" width="228" height="auto">Kleine dingen doen</strong><br>Onder Fontysstudenten klinkt een vergelijkbaar geluid. Veselin, derdejaarsstudent ICT, merkt dat klimaatverandering minder prominent aanwezig is dan een paar jaar geleden. “Er zijn andere urgente problemen waardoor klimaatverandering niet meer het belangrijkste onderwerp is waar studenten mee bezig zijn.”</p><p>Binnen zijn opleiding krijgt klimaatverandering nauwelijks aandacht, terwijl daar volgens hem juist kansen liggen. “In de ICT kunnen we bijvoorbeeld nadenken over systemen die energiezuinig en zo recyclebaar mogelijk zijn.” Zelf probeert hij bewuster te leven door minder vlees te eten, apparaten niet onnodig aan te laten staan en minder spullen te kopen. “Iedereen kan kleine dingen doen die samen een groot verschil maken.”</p><p><strong>‘We steken elkaar aan’</strong><br>Ook Anne, eerstejaarsstudent Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken<strong> </strong>(MBRT), merkt dat klimaat minder aandacht krijgt in haar dagelijks leven. “Ik hoor er nog wel veel over in het nieuws, maar ik heb het gewoon heel druk met school, werk en sociale dingen.” Toch vindt ze klimaatverandering belangrijk. “Het gaat uiteindelijk wel over onze toekomst.” In haar studentenhuis wordt inmiddels bewuster omgegaan met energieverbruik en vleesconsumptie. “We steken elkaar daar in aan.”</p><p>Bij vierdejaarsstudent BMRT Anouk speelt het onderwerp nauwelijks een rol. “Onder medestudenten gaat het er eigenlijk nooit over”, vertelt ze. “Als het meer besproken zou worden, zou ik er misschien ook meer mee bezig zijn.” Volgens haar zou er binnen opleidingen best meer aandacht mogen zijn voor klimaatverandering. Zeker in een ziekenhuis is duurzaamheid belangrijk, weet ze.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:252/auto;width:252px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/95645325-9aad-4d6a-a6d9-5dc87bbe2c26/800_arthurkok.jpg?x=1779382867815" alt="Arthur Kok. Foto: Madeleine Sars" width="252" height="auto">Moralistisch kader</strong><br>Arthur Kok, lector van het lectoraat Transforming the Economy, herkent de ontwikkeling die Ipsos beschrijft. “Dit is waarschijnlijk de eerste generatie die het economisch minder goed gaat hebben dan hun ouders. Dat zijn heel directe zorgen. Dan is het logisch dat klimaatverandering minder aanwezig is in het dagelijks leven van jongeren.”</p><p>Toch denkt Kok niet dat het onderwerp geheel is verdwenen. Wel vindt hij dat het gesprek over klimaatverandering vaak verkeerd wordt gevoerd. “Het gaat al snel over wat je persoonlijk moet doen: wel of geen vlees eten, minder vliegen, dat soort dingen. Daardoor wordt klimaatverandering vaak in een moralistisch kader geplaatst.”</p><p>De lector pleit daarom voor een andere rol van het onderwijs. Niet door studenten te vertellen wat ze zelf kunnen doen, maar door klimaatverandering onderdeel te maken van hun toekomstige beroepspraktijk. “De rol van onderwijs is om context te bieden zodat ze hier zinvol over kunnen nadenken. Dat gebeurt al wel, maar lang niet binnen alle opleidingen.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Duurzaamheid,Onderwijs Algemeen,Lectoraten,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Fri, 22 May 2026 08:56:33 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/9c97b0a3-e7f8-44a3-867e-9fedf9b06f8f/500_shutterstock-klimaat-student-protest.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/9c97b0a3-e7f8-44a3-867e-9fedf9b06f8f/500_shutterstock-klimaat-student-protest.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/9c97b0a3-e7f8-44a3-867e-9fedf9b06f8f/shutterstock-klimaat-student-protest.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock-Klimaat-student-protest]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Een maand zonder socials? Studenten twijfelen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/een-maand-zonder-socials-studenten-twijfelen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/een-maand-zonder-socials-studenten-twijfelen/</guid><pp:caseid>746438</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Dry January, waarbij je een maand geen alcohol drinkt, dat kennen we nu wel. Maar Mei Social Vrij? “Nooit van gehoord”, klinkt het op de campus. Een maand lang zonder social media zien veel studenten niet zitten, maar een goed idee vinden de meeste het wel. “Social media zijn zo verslavend.”</strong></p><p><a href="https://www.meisocialvrij.nl/" target="_blank">Mei Social Vrij</a> is een jaarlijkse bewustwordingscampagne en daagt mensen uit om de hele maand mei hun social media-apps links te laten liggen voor meer rust, meer focus en echt persoonlijk contact. Twee jaar geleden is het <a href="https://www.metronieuws.nl/lifestyle/health-mind/2024/05/mei-social-vrij-14-uur-op-social-media/" target="_blank">initiatief</a> bedacht door Jan Bruin en Rutger Wessels. Bruin kwam op het idee nadat hij ontdekte dat hij dagelijks zo’n twaalf tot veertien uur op zijn telefoon zat.</p><p>De challenge bleek geen eenmalige stunt. Mei Social Vrij bereikte meteen miljoenen mensen, en duizenden gingen volgens de initiatiefnemers ook echt de uitdaging aan. De meesten gebruikten geen TikTok, Twitter, Facebook, Bluesky, Instagram en LinkedIn. Anderen voegden daar ook YouTube, Pinterest en Snapchat aan toe. En soms zelfs WhatsApp.&nbsp;</p><p>De derde editie van Mei Social Vrij zit er bijna op.&nbsp;Hoe zit het met het social media-gebruik onder Fontysstudenten? Kunnen zij een maand zonder socials? Of voelen ze al meteen FOMO? Bron ging deze week de campus op om enkele meningen te peilen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:236/auto;width:236px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f5820324-800d-4d7d-b15b-a308dff65a62/800_lucas-2.jpg?x=1779306242356" alt="Lucas" width="236" height="auto"><strong>Blokkeerapp</strong><br>Tweedejaars student Lucas is een ‘veelvraat’. Hij zit op vrijwel alle social media, erkent hij. Zo volgt hij al het nieuws, veel voetbal en wat mensen. Van Mei Social Vrij heeft hij nog nooit gehoord. Een maand zonder socials? Liever niet, zegt hij. “Ik wil graag op de hoogte blijven van alles.”</p><p>Toch probeert Lucas wel eens om minder op social media te zitten. Soms lukt het hem zelfs om zijn telefoon een paar uur aan de kant te leggen. Daar heeft hij een handig hulpmiddel voor: “Ik gebruik een app die doordeweeks alle social media-apps in de ochtend blokkeert en in de avond een uurtje.”</p><p>Alexandru zit ook in zijn tweede studiejaar en denkt niet dat hij een maand zonder social media kan. Daar heeft hij een goede reden voor, vindt hijzelf. Zo communiceert hij via Insta met klanten voor zijn werk. En hij onderhoudt via de socials contact met zijn familie en vrienden in Roemenië. “Maar ik steun de campagne wel, en ik zou zeker een keer meedoen als dat mogelijk was.”</p><p><strong>Detoxen</strong><br>Melanie en Adriana, eerstejaars studenten Fysiotherapie, zouden dolgraag meedoen aan de campagne. Melanie baalt echt dat ze veel tijd op haar telefoon doorbrengt. Dat geldt ook voor Adriana. Wat hen weerhoudt om hem weg te leggen? “In contact blijven met iedereen”, zegt Adriana. “Ik heb mijn telefoon ook nodig voor school”, vult Melanie aan.</p><p>Toch hebben ze ervaring met een social media-loos bestaan. Adriana heeft een aantal jaar geleden drie maanden lang geen smartphone gebruikt. “Het was echt een goede detox”, zegt de studente over deze kortstondige ervaring. “Maar ik miste wel het contact met mijn vrienden.” Melanie heeft kortgeleden Instagram gedeletet.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:213/auto;width:213px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/07d1ec28-4041-4f18-b6cc-ab2d09a732d2/800_alexandruchecktzijnschermtijd.jpg?x=1779306374616" alt="Alexandru checkt zijn schermtijd" width="213" height="auto">Voor Alexandru zijn social media de belangrijkste nieuwsbron, want de student kijkt geen tv. Hij staat soms echt versteld van wat er allemaal te zien is. “Ik heb eens een executie gezien. Je krijgt wel een waarschuwing, maar het was niet iets wat ik had opgezocht en toch kwam het voorbij in mijn tijdlijn. Bizar!”</p><p><strong>Gevaar voor democratie</strong><br>Het Commissariaat voor de Media <a href="https://www.cvdm.nl/nieuws/nieuw-rapport-commissariaat-naar-democratisch-gezonde-feeds/" target="_blank">waarschuwde</a> deze week voor aanbevelingsalgoritmes van social media. Ze zouden een bedreiging vormen voor de democratie. Volgens de mediawaakhond beïnvloeden gepersonaliseerde feeds de vrije meningsvorming van consumenten. Deze risico's zijn te beperken met betere wetgeving en strengere handhaving, staat in het&nbsp;<a href="https://www.cvdm.nl/documents/3845/Toegankelijk_Rapport_Naar_democratisch_gezonde_feeds.pdf" target="_blank">rapport</a> ‘Naar democratisch gezonde feeds’.</p><p>Ondanks dat algoritmen bepalen wat hij te zien krijgt, zegt Lucas socials te blijven gebruiken. Niemand kan hem op andere gedachten brengen, weet hij. Alexandru daarentegen verbaast zich niet over de waarschuwing van het commissariaat. “Social media zijn zo verslavend.”</p><p>Ook voor Melanie en Adriana zou het algoritme een belangrijke reden moeten zijn om niet langer op social media te zitten, vinden ze allebei. Desondanks blijven ze scrollen. “De algoritmes weten heel goed hoe ze mijn aandacht moeten blijven trekken, ook als ik allang wil stoppen”, zegt Melanie. ‘Doomscrollen’ is Lucas ook niet vreemd. “Dat doe ik altijd in bed, voordat ik ga slapen. Hoe lang, dat ligt eraan hoe moe ik ben.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:284/auto;width:284px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/bd658841-27ac-4551-a480-29d646774cc2/800_melanieenadrianadelenhunschermtijd.jpg?x=1779306399459" alt="Melanie en Adriana in de weer met hun telefoon" width="284" height="auto">Volgens Melanie maken nieuwsfeeds je ongevoelig voor wat er in de wereld gebeurt. “Je ziet het, maar je staat er niet bij stil hoe erg dat eigenlijk is.” Adriana knikt instemmend.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p><strong>Rust en tijd</strong><br>Als we vragen naar hun schermtijd, pakken de studenten alle vier hun telefoon erbij. Lucas, Alexandru en Adriana zitten rond de zes tot zeven uur per dag. Melanie duikt daar flink onder met ruim drie uur. Maar dan bedenkt ze dat ze vaak ook op haar tablet zit. “Dan haal ik vast ook die zes uur”, bekent ze. Ze vinden het allemaal veel, en dat besef is er al langer.</p><p>Alexandru heeft om die reden schermlimiet ingesteld voor bepaalde apps. “Maar die ontgrendel ik meteen als ik aan het scrollen ben”, zegt hij schuldbewust. Ook Adriana negeert de waarschuwing van haar smartphone die ze zelf heeft ingesteld. “Zoveel uur per dag op je telefoon, we vinden het al bijna normaal”, constateert ze.</p><p>Voor de meeste mensen is stoppen met social media moeilijk. Maar veel deelnemers aan Mei Social Vrij geven aan dat vooral de eerste paar dagen lastig zijn, daarna ontstaat rust en tijd.</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Studentenwelzijn,gezondheid,Mauro,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 21 May 2026 11:33:41 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_iphone-500291-1280.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_iphone-500291-1280.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/iphone-500291-1280.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[smartphone]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Grote verschillen, maar stoffig imago accountancy blijft</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/grote-verschillen-maar-stoffig-imago-accountancy-blijft/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/grote-verschillen-maar-stoffig-imago-accountancy-blijft/</guid><pp:caseid>746267</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Veel accountantskantoren kampen met een groeiend tekort aan accountants. Daarnaast stagneert de instroom van studenten uit deze branche in het hbo. Het negatieve imago speelt daarin mee. Maar volgens Wim Peters, kwartiermaker bij Fontys Pro, is dat beeld grotendeels achterhaald.&nbsp;</strong><span><strong>&nbsp;</strong></span></p><p>Een <a href="https://publications.aaahq.org/accounting-horizons/article-abstract/doi/10.2308/HORIZONS-2024-194/14245/The-Expectations-Reality-Gap-in-Auditing-A?redirectedFrom=fulltext">onderzoek</a> van Tilburg University uit november 2025 bevestigt dit. Lang werd gedacht dat hoge werkdruk, strenge opleidingseisen en een uitstroom onder jonge medewerkers de oorzaak zijn van de dalende instroom van studenten in het hbo en het groeiende tekort aan accountants.</p><p>Uit het onderzoek, waarbij 344 business- en accountancystudenten en 161 junior accountants een vragenlijst invulden, blijkt echter dat het beroep in de praktijk afwisselender, uitdagender en autonomer is. Maar het beeld is hardnekkig en draagt volgens de onderzoekers bij aan het nijpende tekort.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:256/auto;width:256px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e9766e3d-7a75-4586-a712-20b5352d2190/800_wimpeters.jpg?x=1779208448641" alt="Wim Peters" width="256" height="auto">Wereld van verschil</strong><br>Wim Peters, kwartiermaker van Fontys Pro (voorheen Leven Lang Ontwikkelen, LLO), weet er alles van. Hij is decennialang werkzaam geweest in de sector. “Ik heb een enorme ontwikkeling gezien. Van grijze muizen in pakken en stoffige kantoren naar jeugdige medewerkers in moderne kantoren. Een wereld van verschil.”</p><p>Tegenwoordig spelen de meeste accountantskantoren in op de behoeften van de nieuwe generatie medewerkers en bieden ze passende arbeidsvoorwaarden, weet Peters. “Ze moeten wel als ze jonge en nieuwe mensen willen aantrekken.” Toch kleeft het negatieve imago nog steeds aan het beroep.</p><p>Dat komt ook door ouders die nog geen weet hebben van de veranderende omstandigheden binnen accountancykantoren, denkt hij. “Als je zelf nog een ander beeld hebt bij het beroep, breng je dat bewust of onbewust ook over op je kinderen die een studiekeuze moeten maken.”</p><p><strong>Onzeker toekomstbeeld</strong><br>En die keuze is reuze, benadrukt de kwartiermaker. “Ik heb eens horen zeggen dat een scholier in Nederland kan kiezen uit meer dan duizend opleidingen. De opleiding tot accountant is er daar één van. Dat zijn echt niet allemaal financiële opleidingen, maar een jongere die graag iets met cijfers wil gaan doen, ziet al gauw door de bomen het bos niet meer.”</p><p>Daarnaast spelen ook de ontwikkelingen op het gebied van AI mee, waardoor het onzeker is hoe het beroep zich gaat ontwikkelen. Peters: “Veel is al geautomatiseerd, en het ziet ernaar uit dat een accountant in de toekomst steeds meer een adviserende rol gaat krijgen.” Die onzekerheid over het toekomstperspectief maakt ook dat jongeren uiteindelijk een andere studie- of beroepskeuze maken.</p><p><strong>Schakeltraject</strong><br>Om het tekort aan accountants terug te dringen, biedt Fontys het Schakeltraject Accountancy en Controlling aan voor mensen uit het werkveld die zich willen laten bij- of omscholen. Daar komt nu een doelgroep bij: werkzoekenden. “15 procent van hen heeft een hbo-diploma, en een deel hiervan is mogelijk geïnteresseerd in een baan als accountant of financieel controller”, stelt Peters.</p><p>Hij zocht contact met het UWV in Venlo, Eindhoven en Tilburg, de Fontyssteden. “Het idee is dat het UWV geïnteresseerde en geschikte kandidaten zoekt. Zij kunnen dan het schakeltraject bij Fontys volgen en ze krijgen een proefplaatsing op een accountantskantoor. Op deze manier kunnen ze kennismaken met de financiële wereld. Daarna hebben ze de mogelijkheid om door te studeren.”</p><p>Het UWV heeft het schakeltraject opgenomen in het opleidingsaanbod voor werkzoekenden. Het succes hangt volgens de kwartiermaker af van de interesse van de werkveldpartners. Donderdag is er een bijeenkomst met zo’n twintig partners op campus Rachelsmolen. Peters ziet het positief in: “De vraag naar goede kandidaten is groot, terwijl het aanbod gering is.”</p><h5>Over twee weken vertellen studenten waarom zij wél voor de opleiding Accountancy hebben gekozen.</h5>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FEC,Eindhoven,Venlo,Tilburg,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 20 May 2026 10:09:17 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_accountant-1238598-1920.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_accountant-1238598-1920.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/accountant-1238598-1920.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[accountant-1238598_1920 rekenmachine]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Docenten bezorgd na hack: ‘Veiligheid gaat boven alles’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/docenten-bezorgd-na-hack-veiligheid-gaat-boven-alles/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/docenten-bezorgd-na-hack-veiligheid-gaat-boven-alles/</guid><pp:caseid>744596</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Reactie crisisteam</strong><br>Gevraagd aan het crisisteam van Fontys of de schade van het offline halen van Canvas niet groter is dan de potentiële schade van het gewoon online laten blijven, zegt een woordvoerder namens het crisisteam: “Deze stap is genomen op basis van onze verantwoordelijkheid om de veiligheid van gebruikers, gegevens en systemen te waarborgen.”</p><p>Daarnaast speelt de bescherming van de privacy van studenten en medewerkers een rol. Ook is meegewogen dat de risico’s die gelden voor Canvas ook van invloed kunnen zijn op gekoppelde applicaties en systemen.</p><p>Fontys heeft begrip voor de impact en het ongemak van het offline halen van Canvas voor studenten en docenten. Maar: “Veiligheid weegt in dit soort situaties altijd zwaarder dan beschikbaarheid of operationele overwegingen.”</p><p>Zolang Canvas offline is, en dat zal waarschijnlijk in elk geval nog heel deze week zijn, wordt bij Fontys een ‘workaround’ gebruikt. Voor lesmateriaal en feedback wordt MS Teams gebruikt. Opdrachten, tentamens en werk gaan tijdelijk via Gradework.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Canvas is offline gehaald vanwege een hack en dat is voor docenten een uitdaging én een zorg. Ervaringen uit het coronatijdperk helpen in de communicatie en het delen van lesmaterialen. Maar feedback geven op opdrachten en beoordelen kan nu niet. "V</strong><span><strong>eiligheid gaat wat dat betreft boven alles.”&nbsp;</strong></span></p><p>Een docent van Social Studies maakt zich redelijk zorgen om de ontwikkelingen rondom Canvas. “Omdat al het lesmateriaal dat ik gebruik en beschikbaar stel voor mijn studenten daarop staat, inclusief beoordelingen, studentenhandleidingen en stukken inclusief feedback. Daar kan ik nu niet bij.”</p><p>De docent gaat ervan uit dat veel studenten deze stukken eerder al hebben gedownload, maar degenen die dat niet hebben gedaan kunnen vastlopen. Hij en een collega communiceren nu voornamelijk via de mail met hun studenten om dat te voorkomen. “Onze studenten zijn er in ieder geval rustig onder.”</p><p>De signalen dat er beoordelingen en berichten van docenten en examinatoren buit zijn gemaakt, zijn daarentegen een serieuze zorg voor de docent. “Stel dat Fontys niet betaalt, waar blijven die gegevens dan? Die horen gewoon niet op straat te komen.”</p><p><strong>Coronatijdperk</strong><br>Dat is ook de grootste zorg van Maarten America, docent Economie van de Lerarenopleiding in Sittard. “We willen niet dat kritische of negatieve feedback, waar een student nog aan moet werken, openbaar wordt gemaakt.”</p><p>In Sittard gaan de colleges gewoon door en het is aan de docenten om daar een draai aan te geven. “We hebben onze ervaringen uit het coronatijdperk erbij gepakt en communiceren via e-mail. In Teams hebben we alle lesmaterialen gezet die de studenten nodig hebben om opdrachten en projecten te doen.”</p><p>Alleen digitaal beoordelen kan niet op dit moment. Maar ook daarvoor is een oplossing bedacht. “Studenten krijgen via e-mail feedback. Wanneer Canvas weer werkt, zetten ze alles in Portflow en geven wij ons akkoord.” Als studenten toch nadeel ondervinden, krijgen ze de mogelijkheid om hun opdracht op een later tijdstip alsnog in te leveren.</p><p>Of Fontys moet betalen? Dat is volgens een andere docent van Social Studies zo’n grote kwestie die voor medewerkers niet te overzien is. Maar Canvas wordt in de tussentijd wel gemist. “We kunnen nu bijvoorbeeld ook niet verder met de voorbereidingen voor volgend studiejaar. Maar veiligheid gaat wat dat betreft boven alles.”</p><p><strong>Afhankelijk</strong><br>Gijs van Lent is docent Mens en Techniek bij Fontys Paramedisch. Ook hij merkt dat hij en zijn collega’s redelijk afhankelijk zijn van het digitale systeem. “Opdrachten staan bijvoorbeeld niet op papier maar online en studenten moeten deze week ook hun portfolio’s en herkansingen inleveren. Dat gaat nu niet. En als docenten kunnen wij portfolio’s ook niet inzien, mochten we een beoordeling op willen stellen.”</p><p>Dat vraagt om creativiteit en aanpassingsvermogen, en zorgt volgens Van Lent ook voor leuke momenten. Het publiceren van cijfers gaat bijvoorbeeld niet op de manier hoe dat normaal gebeurt. “Daardoor hebben we nu wel de kans om studenten persoonlijk in te lichten over hun behaalde resultaten. Veel leuker om te doen en levert ook nog eens leuke reacties van studenten op. Misschien wel een mooi gevolg van zo’n hack.”</p><p><strong>Bevroren versie</strong><br>De docent heeft wel een idee om in de toekomst een situatie als deze te voorkomen. “Wellicht dat Fontys kan zorgen voor een ‘bevroren versie’ van Canvas, die op de achtergrond beschikbaar blijft. Een versie waarin je wel inzicht hebt, maar niets kan aanpassen omdat er geen toegang is vanuit buitenlandse servers.”</p><p>Van onrust is ook bij Fontys ICT geen sprake, weet docent Bert Aarts. “Ik zit toevallig net in het semester Cybersecurity, dat verklaart mogelijk waarom mijn studenten niet in paniek zijn. Ze zien de laatste tijd veel hacks langskomen, en dit is de volgende. Ik denk dat er een beetje berusting in komt.”</p><p>“Dat we niet kunnen beoordelen, is op zich lastig”, vervolgt de docent, “maar studenten kunnen wel gewoon doorwerken aan projecten en opdrachten, die bespreken we mondeling.” Het zal niet van een dag afhangen, denkt hij.</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Nieuws,Veiligheid,Campus,Berg,Verbiesen,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Mon, 11 May 2026 14:30:50 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/500_docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/500_docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[docent-informatica-master-educatie-ICT]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Groene campus, rode ogen: hooikoorts niet te voorkomen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/groene-campus-rode-ogen-hooikoorts-niet-te-voorkomen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/groene-campus-rode-ogen-hooikoorts-niet-te-voorkomen/</guid><pp:caseid>742722</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het voorjaar heeft al even definitief afgerekend met Koning Winter. Maar dat betekent niet het einde van snotterende studenten en medewerkers. Integendeel. Degenen met hooikoortsklachten hebben het hard te halen op de campussen van Fontys. “Planten weghalen of verplaatsen, heeft geen zin.”</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:335/auto;width:335px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/447a579d-512a-488f-a547-26d103026905/800_derijberkenopcampusstappegoor-vierkant.jpg?x=1776762885353" alt="De rij berken op campus Stappegoor " width="335" height="auto">Als je een pollenallergie hebt, kun je op dit moment veel last hebben van hooikoortsklachten, zoals niezen, hoesten en betraande en prikkende ogen.&nbsp;Al vroeg in maart gaf de hazelaar zijn stuifmeel af aan de lucht, waarna er een recordhoeveelheid elzenpollen in het rond vloog, gevolgd door de ergste boosdoener: de berk. En laat juist die ooit in veelvoud zijn aangeplant op campus Stappegoor in Tilburg.</p><p>De lange rij hoge bomen achter de fietsenstalling laten hun talloze pollen op het golfdak vallen, waar ze door de wind worden geschept en het stuifmeel alle kanten op vliegt. Ook de stoeptegels liggen er vol mee. Studenten en medewerkers lopen de pollen kapot en dragen het mee onder hun schoenen. “Geen idee waarvan ik hooikoortsklachten heb”, zegt een voorbijlopende studente, die alleen anoniem wil reageren.</p><p>Het is de natuur, zegt ze schouderophalend. “Ik heb er niet zoveel last van dat ik niet kan werken.” Daar sluit een docente (die ook liever anoniem blijft) zich bij aan. “Ik heb vooral last van grassen.” Ook docent en student Quintijn Vos legt de schuld bij de grassen. “Ik heb weleens dat ik bloedneuzen krijg en dat blijft maar doorgaan.” Pabostudente Emme weet ook niet waar ze precies last van heeft. “Ik heb het af en toe benauwd.”</p><p>Op de verschillende Fontysterreinen staan inderdaad bomen die pollen verspreiden, bevestigt Corine Mathijssen, facility manager in Den Bosch en Tilburg. “Welke bomen waar staan en in welke hoeveelheid heb ik helaas niet inzichtelijk, dit is niet gespecificeerd opgenomen in het bestek voor de aanbesteding destijds.”</p><p><strong>Bomenkompas</strong><br>Door klimaatverandering worden veel publieke ruimten vergroend. Sommige gemeenten houden hierbij rekening met hooikoortspatiënten door de aanplant van allergievrije bomen. Daarvoor kunnen zij gebruikmaken van het <a href="https://www.lumc.nl/over-het-lumc/maatschappelijke-rol/bomenkompas/">Bomenkompas</a> van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Dit register geeft alle benodigde informatie, waarmee juiste afwegingen kunnen worden gemaakt.</p><p>Fontys heeft daar vooralsnog geen gebruik van gemaakt bij nieuwe terreininrichting of -aanpassingen. “We kijken vooral naar biodiversiteit en benodigd onderhoud, waarbij inheemse beplanting en bomen de voorkeur krijgen”, aldus Mathijssen. Volgens de facility manager is het onderhoudscontract toegespitst op de bestaande inrichting en beplanting, waarbij sinds de nieuwbouw op Rachelsmolen geen sprake meer is geweest van nieuwe aanplanting van bomen.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:396/auto;width:396px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c0cc804c-6c72-4e50-8445-fb6b0bec095b/800_pollenopdak-2.jpg?x=1776763269338" alt="Pollen op het dak van de fietsenstalling op Campus Stappegoor" width="396" height="auto">Mooi groen</strong><br>Hetzelfde geldt voor Venlo en Sittard, zegt ze. “Met de kanttekening dat het terrein in Sittard rondom het gebouw gemeenteterrein is, net als bij het Zwijsenplein en MindLabs in Tilburg. Wij hebben daar dus geen invloed op de groenvoorziening.”</p><p>Dat beseffen ook studenten en medewerkers. “Het zit gewoon in de lucht”, zegt de studente die eerder haar schouders ophaalde. “Of die boom nu hier staat of aan de overkant, ik heb er toch wel last van.” Daar is de anonieme docente het mee eens. “Fontys hoeft ze niet weg te halen, hoor. Ik ben niet alleen op de wereld.” Docent en student Vos ziet het ook: “Die pollen komen zo aanwaaien. Planten weghalen of verplaatsen heeft geen zin.”</p><p>“Het is juist mooi dat het hier zo groen is”, constateert Pabostudente Emme. “Fontys hoeft er niets aan te doen hoor. Als ik naar school fiets heb ik er ook last van.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Eindhoven,Tilburg,Venlo,Sittard,Den Bosch,Mauro,Verbiesen,Campus]]></category>
            <pubDate>Tue, 21 Apr 2026 15:34:58 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a802e0cc-5486-49fb-a760-9ccf4eb88d33/500_hooikoorts-niezen-hoesten-adobestock_440731711.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a802e0cc-5486-49fb-a760-9ccf4eb88d33/500_hooikoorts-niezen-hoesten-adobestock_440731711.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a802e0cc-5486-49fb-a760-9ccf4eb88d33/hooikoorts-niezen-hoesten-adobestock_440731711.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[hooikoorts-niezen-hoesten-verkouden-AdobeStock_440731711]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Student blowing on tissue in a park]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Na Eindhoven zet ook Tilburg studentenambtenaren in</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/na-eindhoven-zet-ook-tilburg-studentenambtenaren-in/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/na-eindhoven-zet-ook-tilburg-studentenambtenaren-in/</guid><pp:caseid>742551</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Een bijbaan in de horeca, de retail of in de bezorging ligt vaak voor de hand. Maar studenten kunnen ook aan de slag als studentenambtenaar. Klinkt stoffig? Niet volgens vierdejaarsstudent Emma Looijen. “Ik kan met deze baan echt een verschil maken.”</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:220/auto;width:220px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e050eeb9-f4ba-4cf3-9c84-d476d9f5edaa/800_emmalooijen.jpeg?x=1776674488155" alt="Emma Looijen" width="220" height="auto">De student Toegepaste Psychologie is sinds augustus 2025 actief als studentenambtenaar voor de gemeente Eindhoven, nadat haar broer haar tipte over de vacature. “Ik dacht: niet geschoten is altijd mis. En ik ben blij dat ik dat dacht, want ik heb nu een hele leuke baan waarmee ik echt een verschil kan maken.”</p><p>In Eindhoven hebben studentenambtenaren twee hoofdtaken: het verbinden van de opleidingsniveaus van mbo, hbo en wo, en het verkleinen van de kloof tussen studenten en de gemeente. Looijen: “Een voorbeeld is het studentenpanel dat wij organiseren. Studenten kunnen direct in gesprek met raadsleden over onderwerpen die belangrijk voor hen zijn.”</p><p>Niet alleen is het voor studenten makkelijker om in contact te komen met de gemeente, via studentenambtenaren heeft de gemeente een direct lijntje met studenten. Als ‘linking pin’ halen zij actief signalen, ideeën en behoeften op en brengen deze in bij de gemeente. Dat gebeurt niet alleen in Eindhoven, maar ook in andere Nederlandse steden.</p><p><strong>Mbo, hbo en wo</strong><br>Van de Fontyssteden loopt Eindhoven hierin voorop. Tilburg is recent gestart met een pilot, en heeft in navolging van Eindhoven een <a href="https://www.werkenvoortilburg.nl/vacature/studentenambtenaar-hbo/#:~:text=Waar%20kom%20je%20te%20werken,ook%20in%20de%20stad%20bevindt." target="_blank">vacature</a> uitstaan voor studentenambtenaren in het mbo, hbo en wo. Voor zover Bron heeft kunnen nagaan, hebben <span>Den Bosch en Venlo wel jongerenvertegenwoordigers, maar richten zij zich niet specifiek op studenten. Venlo onderzoekt momenteel de mogelijkheid om met studentenambtenaren te gaan werken. Sittard kent alleen een ondersteuningspunt voor jongeren. Fontys is in ieder geval geen partner in deze steden.</span></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:299/auto;width:299px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f931fd02-17fb-4d4b-b9dd-e5bfb32e497b/800_17038-merel-van-dooren-photography---beeldbank-gemeente-tilburg-staand.jpg?x=1776674511582" alt="Wethouder Yusuf Celik. Foto: Merel van Dooren Photography" width="299" height="auto">Tilburg kiest er bewust voor om van elk opleidingsniveau één student aan te stellen. “Daarmee willen we recht doen aan de diversiteit van de studentenpopulatie in onze stad en zorgen we dat meerdere perspectieven structureel en vroegtijdig worden ingebracht”, aldus wethouder <span>Yusuf Celik. “</span>Hun invloed zit vooral in het agenderen, adviseren en verbinden.”</p><p>Toch blijft het daar niet bij, aldus de wethouder. “Studentenambtenaren maken gemeentelijke plannen en initiatieven ook begrijpelijk en zichtbaar voor studenten. En zij zien erop toe dat beleidsplannen goed aansluiten bij de daadwerkelijke behoeften van studenten. Denk aan thema’s als mentale gezondheid, sociale verbondenheid en talentontwikkeling- en behoud.”</p><p><strong>Beleid en uitvoering</strong><br>Het is zelfs zo dat de studentenambtenaren organisatorisch deel gaan uitmaken van de gemeente Tilburg en nauw samen gaan werken met beleidsadviseurs&nbsp;binnen de afdeling&nbsp;Economie en Arbeidsmarkt en&nbsp;de afdeling&nbsp;Sociaal. Celik: “Er is structurele afstemming over lopende dossiers en activiteiten&nbsp;met de beleidsadviseurs. Zo worden inzichten niet alleen opgehaald, maar ook actief meegenomen in beleid en uitvoering.”</p><p>De Tilburgse studentenambtenaren gaan nog voor de zomervakantie aan de slag en worden dan voor vijftien maanden aangesteld als werkstudent. Ze ontvangen daarvoor een salaris passend bij de verantwoordelijkheden, inzet en het aantal uren, meestal zo’n acht uur per week.</p><p>Dat is in Eindhoven ook zo, bevestigt Emma Looijen. Maar de studentenambtenaar ziet meer voordelen dan alleen een goed loon: deze bijbaan is ideaal voor haar netwerk, en het staat goed op haar cv. “Ik leer er ook ontzettend veel van. Initiatief nemen bijvoorbeeld en professioneel werken en communiceren.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:266/auto;width:266px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8f80a8ae-5929-4793-8fd1-9bb5f4e31f02/800_lindaswaak.jpg?x=1776675508745" alt="Linda Swaak" width="266" height="auto">Fontys als facilitator</strong><br>Fontys is een belangrijke partner voor de gemeenten Eindhoven en Tilburg wat betreft de studentenambtenaren. Haar rol is er een op de achtergrond, aldus Linda Swaak, adviseur van het Centrum voor Medezeggenschap. “Fontys fungeert vooral als facilitator. Zo sluiten we aan bij een werkgroepsessie om mee te denken over de rol van studentenambtenaar. Daarnaast helpen wij bij het uitzetten van de vacature onder studenten.”</p><p>Volgens wethouder Yusuf Celik brengen hbo-studenten “unieke, complementaire vaardigheden met zich mee”, zoals praktijkgericht onderzoek, projectmatig werken, samenwerken met verschillende partijen en het vertalen van beleid naar concrete acties. “Deze combinatie van doen, organiseren en verbeteren is van grote waarde bij de uitvoering van stedelijke initiatieven en het verbinden van studenten met de stad.”</p><p>Volgens de wethouder is de pilot uiteindelijk succesvol als studenten zich beter gehoord voelen, signalen sneller en gerichter bij de gemeente terechtkomen en er zichtbare verbeteringen ontstaan in de samenwerking tussen studenten, onderwijsinstellingen en de stad. “Ook een sterkere binding van studenten aan Tilburg - tijdens en na hun studie - is een belangrijke succesindicator.”</p><h5>Update: dit artikel is op 22 april aangevuld met het feit dat de gemeente <span>Venlo momenteel de mogelijkheid onderzoekt om met studentenambtenaren te gaan werken.&nbsp;</span></h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Eindhoven,Tilburg,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 20 Apr 2026 11:17:20 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/0e3160c5-07fb-4971-b53e-4511316d2468/500_shutterstock-1100733734.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/0e3160c5-07fb-4971-b53e-4511316d2468/500_shutterstock-1100733734.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/0e3160c5-07fb-4971-b53e-4511316d2468/shutterstock-1100733734.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[studenten student overleg vergadering]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Geen protest, wel interesse: &#039;Hoop mezelf te leren kennen&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/geen-protest-wel-interesse-hoop-mezelf-te-leren-kennen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/geen-protest-wel-interesse-hoop-mezelf-te-leren-kennen/</guid><pp:caseid>742396</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Campus Rachelsmolen in Eindhoven kleurde donderdagmiddag legergroen. Defensiepersoneel en Fontysmedewerkers stonden collega’s en studenten te woord die een studie of carrière bij Defensie overwegen. Denk aan een maatschappelijke diensttijd, een dienjaar of minor. Voor sommigen is het een jongensdroom.&nbsp;</strong></p><p>Had de informatiebijeenkomst bij de buren plaatsgevonden, dan was er geheid een protest geweest tegen de samenwerking van de TU Eindhoven met Defensie, die medeplichtig zou zijn aan de oorlog in Gaza. Niet bij Fontys. Hier geen trommels, luide leuzen en schreeuwende spandoeken, maar ook geen lange wachtrijen. Wel oprecht geïnteresseerden.</p><p>Druppelsgewijs wandelt er een medewerker of student de Kuil (binnenplaats) in waar statafels staan onder een open pop-uptent met aan vier zijden de tekst ‘reservist’. Zie het als een carrièremarkt, maar dan met één stand. Zo’n acht personeelsleden van Defensie - inclusief enkele reservisten (parttime militairen) - en een aantal Fontysmedewerkers staan de belangstellenden te woord. De sfeer is gemoedelijk en ontspannen.</p><p><strong>Hulp bij rampen</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:287/auto;width:287px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b73cb6c6-1206-4b9c-8726-cac2dc701a9b/800_gerwinvandelst.jpeg?x=1776415697684" alt="Gerwin van Delst" width="287" height="auto">Voor zowel Gerwin van Delst, onderwijskundige en docent bij Fontys ICT, als Sven, tweedejaarsstudent Finance & Control, is Defensie een jongensdroom. Van Delst heeft in het verleden eerder gesolliciteerd, maar nu hoopt hij dat het er echt van gaat komen. Hij wil reservist worden. Zijn ideale beeld: helpen bij rampen, zoals de overstromingen van een aantal jaar geleden in Limburg.</p><p>En ingezet worden als militair? “Daar sta ik neutraal in. Als het nodig is, is het nodig. We hebben niet alles in de hand. Je hoeft maar te kijken naar wat er in de wereld gebeurt. Als reservist ben je op alles voorbereid.” Van Delst heeft al geïnformeerd bij de dienst HR & Organisatie. Wat hij heeft gehoord, stemt hem positief: “Fontys heeft een goede regeling voor medewerkers die hun fulltimebaan willen combineren met een loopbaan als reservist.”</p><p><strong>Vet</strong><br>Vanmiddag is Van Delst er voor een ‘kijkje in de keuken’. Net als Sven. Na anderhalf uur heeft hij naar eigen zeggen bijna iedereen gesproken die aanwezig was. De student is vooral geïnteresseerd in de nieuwe <a href="https://www.fontys.nl/Studeren/Minoren/Defensie-Maatschappelijke-Weerbaarheid.htm">minor</a> Defensie en Maatschappelijke Weerbaarheid van Fontys en Defensie. “Defensie vind ik heel vet, en deze minor lijkt me een hele mooie kans om te kunnen zeggen dat ik in het leger heb gezeten.” Maar een carrière in het leger, dat hoeft voor hem niet.</p><p>De minor bestaat uit twee delen: een Fontys-deel gericht op maatschappelijke weerbaarheid en de Nationale Weerbaarheidstraining (NWT) bij Defensie, waarbij deelnemers in tien weken worden opgeleid tot militair. Daarna kunnen ze als reservist aan de slag, maar dat is een keuze.&nbsp;<br><br><strong>Weerbaar</strong><br>Met wie je ook in gesprek gaat, iedereen benadrukt dat wat je leert bij Defensie - via welk traject dan ook - bijdraagt aan een ‘weerbare’ en ‘dienbare’ samenleving.</p><p>“Elke militair is sociaal betrokken, maar je hoeft geen militair te zijn om maatschappelijk betrokken te zijn. Slechts een klein deel van het defensiepersoneel is militair”, licht Remco Siereveld, sergeant-majoor van de Mariniers, toe. Hij erkent dat de overheid de krijgsmacht wil uitbreiden, maar niet onbegrensd. “Wat we belangrijker vinden, is een maatschappij met mensen die inzetbaar zijn als het nodig is.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:294/auto;width:294px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d5dc5dd0-62ea-40b4-9f69-2b62f40db1bb/800_img_0546.jpeg?x=1776415744086" alt="Keanu (links) en Maas in gesprek met een Defensiemedewerker" width="294" height="auto">En wat levert het Fontys op? Volgens de sergeant-majoor krijgt het hoger onderwijs na een traject bij Defensie gedisciplineerde medewerkers en studenten terug. “Ze zijn zelfbewuster en maken gerichter keuzes.” Dat is ook de reden dat de tweedejaarsstudenten ICT Keanu en Maas geïnteresseerd zijn. “Je groeit zowel mentaal als fysiek”, weet Keanu.</p><p>Maas heeft nu het gevoel dat zijn leven aan hem voorbijgaat. “Ik studeer, sport en zit veel op mijn telefoon. Bij Defensie hoop ik ergens helemaal voor te gaan. Of ik daarna een carrière bij Defensie zie zitten, weet ik nog niet. Maar wat je leert, kun je altijd gebruiken, bijvoorbeeld als leidinggevende in het bedrijfsleven.”</p><p><strong>Burgerfunctie</strong><br>De informatiemarkt trekt ook een docent van HRM & Toegepaste Psychologie, het instituut dat kortgeleden hoorde dat het met 44 fte moet <a href="https://bron.fontys.nl/krimp-bij-hrm-en-tp-doet-zeer-maar-er-is-ook-begrip/">inkrimpen</a>. Ze heeft een vraag over een burgerfunctie. Wat haar aantrekt in Defensie? “Ik vind het belangrijk in mijn werk als docent dat het ergens om gaat, dat zie ik terug bij Defensie.”</p><p>Wat opvalt, is dat niemand vragen stelt over een militaire functie. Volgens Niek Schmitz, accountmanager Defensie bij Fontys, is het beeld over Defensie aan het kantelen. “Jongeren zoeken zingeving en willen zich vaker inzetten voor het land.” Het klassieke beeld van wapens en geweld, is volgens hem achterhaald. Al komt er nog wel eens een student naar hem toe die zegt dat hij graag schiet. “Dan leg ik hem uit dat Defensie meer is dan dat.”</p><p><strong>Schietschijf</strong><br>Critici zijn er deze middag ook niet. Al kennen enkelen die Bron te woord staan wel een collega of medestudent die zijn vraagtekens zet bij de samenwerking of een traject bij Defensie. “De training voor schietschijf”, heeft Sven bijvoorbeeld voorbij horen komen.</p><p>En dat de opkomst wat tegenvalt? Schmitz ziet het anders: “We wilden zoveel mogelijk vragen kunnen beantwoorden in een-op-eengesprekken, en dat is gelukt.” Ook minorcoördinator Ken Zschocke is niet ontevreden. Hij ziet de lijst met aanmeldingen voor de minor groeien: het zijn er nu 26 en we hebben nog 2 maanden te gaan.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,Eindhoven,minor,Onderwijs,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Fri, 17 Apr 2026 11:13:04 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/8217b033-e248-496f-b75c-b61331e1c9ce/500_img_0553.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/8217b033-e248-496f-b75c-b61331e1c9ce/500_img_0553.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/8217b033-e248-496f-b75c-b61331e1c9ce/img_0553.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Defensie minor bijeenkomst informatiemarkt]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Uitbreiding alcoholverbod Eindhoven verdeelt studenten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/uitgebreid-alcoholverbod-eindhoven-verdeelt-studenten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/uitgebreid-alcoholverbod-eindhoven-verdeelt-studenten/</guid><pp:caseid>742190</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De zon schijnt en dan zoeken we massaal openbare plekken op om van het mooie weer te genieten. Kleedje, drankje, iedereen happy. Of toch niet? In Eindhoven geldt sinds dit jaar op negentien locaties een alcoholverbod. Niet iedere student is hiervan op de hoogte. “Meer dan 100 euro boete? Damn!”</strong></p><p>Elke drie jaar evalueert de gemeente Eindhoven de openbare plekken waar een alcoholverbod geldt. Dit jaar zijn er vijf gebieden bijgekomen en drie opgeheven. In totaal gaat het nu om negentien plekken waar geen alcohol mag worden gedronken. Ook het bezit van (aangebroken) flessen of blikjes is daar verboden.</p><p>Het gaat vooral om parken, pleinen en winkelcentra. De gemeente wil hiermee voorkomen dat er overlast ontstaat. Wie zich niet aan de regels houdt, kan rekenen op een boete van 110 euro. Het Eindhovens Dagblad <a href="https://www.ed.nl/eindhoven/alcoholverbod-in-de-openbare-ruimte-waar-moeten-al-die-inwoners-zonder-tuin-of-balkon-dan-heen~ab758666/" target="_blank">peilde</a> recent de meningen onder Eindhovenaren. De reacties liepen uiteen van ‘het toppunt van betutteling’ tot ‘prima maatregel tegen overlast’.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:278/auto;width:278px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/03d5ee6a-6c27-4824-8403-fac544e716c6/800_jeanne.jpg?x=1776265276338" alt="Jeanne" width="278" height="auto">Hoe zit het met de mening van onze studenten? Hoe kijken zij aan tegen een alcoholverbod op bepaalde openbare plekken? Niet heel anders dan hun stadsgenoten, zo blijkt uit een rondvraag op campus Rachelsmolen. De Franse Jeanne, tweedejaarsstudente Fysiotherapie, geniet zichtbaar van de zon.</p><p><strong>Bestaande wet</strong><br>Ze is er niet van op de hoogte dat je in Eindhoven niet overal in het openbaar alcohol mag nuttigen. Ze zoekt graag op een zonnige dag met vrienden het park op. “Meer dan 100 euro boete? Damn! Is een verbodsbord zichtbaar als je een park ingaat? Zo niet, dan ben ik er niet over te spreken. En er is toch al een wet die openbare dronkenschap verbiedt, dat zou genoeg moeten zijn.”</p><p>Yevhenii, tweedejaarsstudent ICT, is het met haar eens. “Ik vind het controversieel, gezien er al een wet op openbare dronkenschap is.” Hij vraagt zich af of je politiemensen of andere handhavers moet inzetten om te voorkomen dat er overlast ontstaat. “De gemeente kan een hoop nieuwe regels bedenken, maar hoe gaat ze die handhaven?”</p><p>Zijn studiegenoot Artem denkt er heel anders over. “Ik vind het een goed initiatief. Het moedigt mensen aan om gezonder te leven en het laat zien dat de gemeente om haar inwoners geeft.” Hij is dan ook voor een verbod en het uitdelen van een boete voor mensen die de regels overtreden. “110 euro is behoorlijk veel geld, maar mensen beseffen daardoor wel dat hun acties consequenties hebben.”</p><p><strong>Grens</strong><br>In gezelschap ga je eerder een grens over, vervolgt hij. “Daarom vind ik dat mensen niet in de openbare ruimte zouden moeten drinken. In Oekraïne, waar ik vandaan kom, is het ook niet toegestaan om buiten te drinken. Je kunt net zo goed plezier hebben zonder alcohol.” Toch drinkt ook hij wel eens een glaasje wijn, geeft hij toe. “Maar altijd thuis.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:310/auto;width:310px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/50e415d9-adb5-441e-a878-ac1023e36d12/800_artemlinksenyevhenii.jpg?x=1776265297004" alt="Artem (links) en Yevhenii" width="310" height="auto">Net als Yevhenii. “Het kan volgens mij echter geen kwaad wanneer mensen op openbare plekken een beetje alcohol drinken, als ze maar geen overlast veroorzaken.” Dit gezegd hebbende, vraagt hij zich meteen hardop af waar dan de grens ligt.</p><p>Jeanne denkt ook na over die grens: “Je mag natuurlijk geen andere mensen lastigvallen of luidruchtig worden doordat je alcohol op hebt.” Vooral in een park waar ook kinderen komen, vindt de studente dat bezwaarlijk. Maar ze vindt het jammer dat mensen die zich goed gedragen - volgens haar het merendeel - de dupe worden van de regels.</p><p><strong>Waarschuwing</strong><br>Ze voegt er nadrukkelijk aan toe dat alcohol niet nodig is om het leuk te hebben, maar soms vindt ze het gewoon gezellig. “In juni vieren we met een groep internationale studenten de langste dag, het begin van de zomer. We gaan dan met zijn allen naar het park en drinken daar een paar drankjes. Het zou jammer zijn als we daarvoor een boete krijgen. We zullen dit keer goed moeten opletten of we ergens een verbodsbord zien.”</p><p>Yevhenii hoopt dat handhavers eerst waarschuwen voordat ze mensen op de bon slingeren. “Dat zou wel zo netjes zijn. Dan heb ik met de hoogte van de boete niet zo’n moeite.” Jeanne heeft geen goede ervaring met de Nederlandse politie. Ze heeft al eens een bon gekregen voor fietsen met een telefoon in de hand. Dat kostte haar 160 euro.</p><p>Ze was net in Nederland en reed met behulp van een navigatieapp naar school. “Ik wist niet dat dit hier niet mag. Ik wilde het uitleggen, maar daar hadden ze geen boodschap aan.” Geen waarschuwing, meteen een bon. “Het is wat het is. Maar het deed wel pijn in mijn portemonnee.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Campus,Eindhoven,Verbiesen,Student,Studenten]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 Apr 2026 10:18:23 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/51779e4f-8ba6-4555-bc7d-19f5429b9d43/500_shutterstock_271972829.jpg?63106" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/51779e4f-8ba6-4555-bc7d-19f5429b9d43/500_shutterstock_271972829.jpg?63106</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/51779e4f-8ba6-4555-bc7d-19f5429b9d43/shutterstock_271972829.jpg?63106</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[drank alcohol drinken studenten proosten]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Ecomarathon: &#039;Sponsoren vinden is grootste uitdaging&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ecomarathon-sponsoren-zijn-grootste-uitdaging/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ecomarathon-sponsoren-zijn-grootste-uitdaging/</guid><pp:caseid>742013</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>De Ecomarathon wordt dit jaar voor het eerst door Fontys georganiseerd en vindt om die reden niet plaats op het Midland Circuit Lelystad, maar bij Raceway in Venray, en wel op 11 juni. In 2023 <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-voor-het-eerst-in-de-prijzen-bij-han-ecomarathon/">won</a> een studententeam van Fontys voor de eerste keer deze jaarlijkse competitie in hun strijd tegen teams van de HAN.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Zeg je autoraces, dan denk je aan hoge snelheden en coureurs die strijden om als eerste over de finish te gaan. Niet bij de Ecomarathon, waar studententeams van Fontys en de HAN de uitdaging aangaan om het meest energiezuinige voertuig te ontwerpen en te bouwen.</strong></p><p>De Ecomarathon is een ingenieurswedstrijd waarin studententeams van Fontys Technology en HAN Engineering & Automotive het jaarlijks tegen elkaar opnemen. De teams ontwerpen en bouwen hun voertuig helemaal zelf en richten zich&nbsp;op maximale energie-efficiëntie over een vaste afstand. In februari klonk het startschot voor de ontwikkeling van hun racewagens, en op 11 juni vindt de wedstrijd plaats op het circuit Raceway in Venray.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/846901d3-246d-4455-a15a-483037d1ce19/500_tijnpannebakker.jpg?x=1776159578212" alt="Tijn Pannebakker" width="200">Vier maanden om een ecovoertuig te bedenken en te maken. Ga er maar aan staan. Dat is precies wat Tijn Pannebakker en zijn negen medestudenten doen. Ondanks de tijdsdruk liggen ze twee weken voor op schema. “Onze studiebegeleider heeft ons meegegeven dat we niet te lang moeten wachten met bouwen. Hoe eerder we ermee beginnen, hoe eerder we tegen eventuele problemen aanlopen. Dan hebben we nog genoeg tijd om ze op te lossen”, vertelt de tweedejaarsstudent Automotive.</p><p><strong>Sponsoren</strong><br>Het ontwerp is inmiddels af en team Eco Flow Racing is begonnen met het chassis (frame). Tegen constructieproblemen zijn ze nog niet aangelopen. “Wel hebben we het werk al eens moeten stilleggen vanwege een lasapparaat dat was uitgevallen. En we moeten met vijftien teams van dezelfde faciliteiten gebruikmaken op school.” Niet erg efficiënt, constateert Tijn, die als teamleider is aangewezen.</p><p>Maar de grootste uitdaging op dit moment is het vinden van sponsoren. Elk team heeft 500 euro gekregen van Fontys om onderdelen en materialen te kopen. Daarnaast mag ieder nog maximaal 500 euro ophalen bij sponsoren, in de vorm van geld of materieel. Maar: “Bedrijven zijn niet heel happig om ons op deze manier te helpen. Wel geven ze graag advies over ons ontwerp.”</p><p><strong>Kleine marges</strong><br>Tijn begrijpt het niet. “Voor een bedrijf of groothandel gaat het om een heel kleine uitgave. Ze zullen dat nauwelijks merken, en wij hebben er heel veel aan. We zijn studenten, de toekomst van het bedrijfsleven.” Met één bedrijf zijn ze in gesprek over onderdelen die het verschil kunnen maken, zoals de juiste maat banden en wielen. “Maar we hebben al ruim twee weken niets gehoord.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:343/auto;width:343px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4d7cb9d4-26ba-42d4-9bc6-b3c8f8c5dffa/800_aerodynamicazijaanzicht.png?x=1776159797280" alt="Het ontwerp van team Eco Flow Racing heeft een aerodynamische kap. " width="343" height="auto">Volgens Tijn doet zijn team zeker mee voor de winst. “Onze strategie: we houden ons voertuig klein en smal. Onze coureur is ook onze kleinste en smalste man. Zo bespaar je op gewicht en dus ook op het vermogen dat je gaat gebruiken.” Daarnaast wil het team een volledig aerodynamische kap maken. “Het zijn kleine marges, maar het is vaak net dat beetje efficiency waarmee je de competitie kunt winnen.”</p><p>Hoewel de Ecomarathon een verplicht onderdeel is van de opleiding en dus ook studiepunten oplevert, halen de studenten veel plezier uit het samenwerken en de opdracht. “En we leren er veel van”, zegt Tijn. “We zijn met niets begonnen en straks staat er een voertuig op de baan dat we helemaal zelf hebben gemaakt.”&nbsp;<span>&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Automotive,FHBENT,FHE,FHTN,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 14 Apr 2026 12:45:11 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/ee5ecab2-1763-469e-948f-84a8b9e0b008/500_ecomarathon.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/ee5ecab2-1763-469e-948f-84a8b9e0b008/500_ecomarathon.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/ee5ecab2-1763-469e-948f-84a8b9e0b008/ecomarathon.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Ecomarathon]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Militair magazine in kantine wringt met Fontys-regels</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/militair-magazine-in-kantine-wringt-met-fontys-regels/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/militair-magazine-in-kantine-wringt-met-fontys-regels/</guid><pp:caseid>741844</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Wie vorige week zijn broodje at in de kantine van R11 op campus Rachelsmolen had ze kunnen zien liggen: meerdere exemplaren van de Militaire Courant. Is dit subtiele beïnvloeding of onschuldige informatievoorziening? Fontys weet van niets en heeft de magazines na ruim een week weggehaald.</strong></p><p>Daar liggen ze, naast de resten van een lunch, op een tafel in de kantine van R11. Je kunt er niet omheen. De Militaire Courant - met op de voorpagina koppen over militaire voertuigen en quotes van militaire kopstukken - ligt zichtbaar te wachten op iedereen die binnenkomt. Toch hebben de drie eerstejaarsstudenten die hun lunch net hebben genuttigd er geen blik in geworpen. Geen interesse, zeggen ze.</p><p>Het is vreemd zo’n stapel tijdschriften in een verder opgeruimde kantine. En niet voor het eerst: eerder werd de Militaire Courant ook al gespot in dezelfde ruimte. Daar liggen geen flyers, folders of magazines van andere externe partijen. Wie heeft de magazines hier neergelegd? Is dit subtiele beïnvloeding of onschuldige informatievoorziening? Geen gekke gedachte sinds Fontys en Defensie hebben laten weten dat ze meer willen gaan <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-gaat-met-defensie-in-zee-minor-en-onderzoeken/" target="_blank">samenwerken</a>.</p><p><strong>No-flyerbeleid</strong><br>De <a href="https://militairecourant.nl/over" target="_blank">Militaire Courant</a> is geen uitgave van Defensie, blijkt uit het colofon. De redactie is weliswaar onafhankelijk, maar informeert wel over ‘nut en noodzaak van een sterke krijgsmacht’. De doelgroep is breed: jongeren, veteranen, actief dienende militairen, bedrijven die actief zijn op het gebied van defensie, politici, beleidsmakers en verder iedereen die geïnteresseerd is in militaire onderwerpen.</p><p>Wat opvalt, is dat de Militaire Courant breed wordt verspreid, ook op hbo’s. Bron heeft daarover vragen gesteld aan de redactie van de uitgave, maar voor publicatie van dit artikel geen reactie ontvangen.</p><p>Fontys vindt het ook vreemd dat het blad in de kantine ligt. Een woordvoerder laat weten dat het niet bekend is wie de exemplaren daar heeft neergelegd. De dienst Vastgoed en Facilities (V&F) heeft een no-flyerbeleid. “Dit omdat het niet duurzaam is en V&F het drukwerk steeds moet opruimen in de panden en op de terreinen.”</p><p><strong>Huisregels</strong><br>Fontys heeft bovendien huisregels voor de verspreiding van extern drukwerk. Daarin staat dat ‘zonder voorafgaande schriftelijke toestemming door of namens het college van bestuur of de gebouwbeheerder handel en werving voor niet aan Fontys gerelateerde activiteiten en propaganda in welke vorm dan ook, verboden is op de campussen, terreinen en in de gebouwen van Fontys’.</p><p>Ook Niek Schmitz, accountmanager Defensie bij Fontys, benadrukt dat de verspreiding geen onderdeel is van een campagne of samenwerking met Defensie. "Wat dat betreft informeren we iedereen samen met de centrale communicatie over de activiteiten met Defensie. Daar gebruiken we onze eigen middelen voor. De samenwerking is altijd afgewogen, tot en met het college van bestuur.”</p><p>De exemplaren van de Militaire Courant in R11 zijn inmiddels weggehaald en de facility managers is gevraagd om ook in de andere gebouwen alert te zijn op verspreiding ervan. De magazines hebben ruim een week in de kantine gelegen. Het is onbekend of ze ook op andere campussen van Fontys zijn verspreid.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 13 Apr 2026 10:51:23 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/9fdc2196-09f7-4d87-9bed-8afcf1448815/500_img_0429.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/9fdc2196-09f7-4d87-9bed-8afcf1448815/500_img_0429.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/9fdc2196-09f7-4d87-9bed-8afcf1448815/img_0429.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De Militaire Courant in kantine R11]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>The Testaments</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review-the-testaments/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review-the-testaments/</guid><pp:caseid>741676</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Van brute onderdrukking naar indoctrinatie. Werden in The Handmaid’s Tale vrouwen ingezet als broedmachines in het totalitaire regime Gilead, in de opvolger The Testaments zie je hoe een nieuwe generatie opgroeit in een systeem dat zij als ‘normaal’ beschouwen. Of het er beter op is geworden? Nou, nee.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:195/auto;width:195px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fc0833b1-6616-4c58-864d-0357b77b82a3/500_bronreview.jpg?x=1775770274155" alt="" width="195" height="auto">Met verbijstering en afschuw keek ik jaren geleden naar de eerste afleveringen van The Handmaid’s Tale. Een razend populaire serie over het totalitaire regime Gilead waarin mannen op basis van een streng geloof vrouwen op meedogenloze wijze onderdrukken.&nbsp;</p><p>June Osborn is een van de vele dienstmaagden die is onderworpen aan een bevelhebber en zijn vrouw, en stelselmatig wordt verkracht om een baby voor hen te baren. Zelf kunnen zij geen kinderen krijgen. June komt uiteindelijk in opstand en wordt het boegbeeld van het verzet.&nbsp;</p><p>In The Testaments draait het om een nieuwe generatie vrouwen in Gilead die nooit vrijheid heeft gekend en die door indoctrinatie in het gareel wordt gehouden. We volgen de tieners Agnes, de bevoorrechte dochter van een commandant, en Daisy, een bekeerling uit Canada. Al in de eerste afleveringen wordt duidelijk dat Agnes het kind is van June dat haar is afgenomen voor ze dienstmaagd werd. Of Daisy de dochter is die werd geboren toen ze als dienstmaagd is misbruikt, zoals in het gelijknamige boek van Margaret Atwood, is nog gissen.&nbsp;</p><p>De gruwelijkheden in The Testaments zijn niet minder erg dan in The Handmaid’s Tale. En toch lopen de rillingen dit keer niet over mijn rug. Wel merk ik een verschuiving op bij mezelf: de gedachte dat een totalitair regime in de Westerse wereld werkelijk de macht kan overnemen, leek me bij het zien van The Handmaid’s Tale niet onmogelijk, maar echt geloven deed ik het niet. Daar ben ik anno 2026 niet meer zo zeker van als ik denk aan Trump, de Tate-broers en Epstein. En dan volgt de huivering alsnog.</p><p>De eerste drie afleveringen van The Testaments zijn sinds woensdag te zien op Disney+, waarna elke week een nieuwe aflevering verschijnt.</p><p><i>Cijfer 8 – omdat ik de eerste afleveringen van The Handmaid’s Tale zo indrukwekkend vond dat die een 9 verdienen. Maar The Testaments komt er aardig bij in de buurt.</i></p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 10 Apr 2026 09:19:18 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/02baf003-a8da-48a0-a2ba-4776325a2735/500_thetestaments1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/02baf003-a8da-48a0-a2ba-4776325a2735/500_thetestaments1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/02baf003-a8da-48a0-a2ba-4776325a2735/thetestaments1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[The Testaments 1]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwe doctorsgraad in hbo: “Evident dat dit wordt erkend”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwe-doctorsgraad-in-hbo-evident-dat-dit-wordt-erkend/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwe-doctorsgraad-in-hbo-evident-dat-dit-wordt-erkend/</guid><pp:caseid>740977</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Als het aan de minister van Onderwijs ligt, kunnen kandidaten die praktijkgericht promotieonderzoek verrichten aan een hbo over enige tijd professional doctorate (PD) voor hun naam zetten. Volgens Fontys-kandidaat van het eerste uur Emily Huurdeman 'is het evident dat het promotierecht in het hbo wettelijk wordt erkend'.</strong></p><p>Ze is de allereerste PD-kandidaat binnen Fontys die in 2023 is gestart met een vierjarig promotietraject. Nog één jaar te gaan en dan rondt Emily Huurdeman haar praktijkgericht promotieonderzoek (<a href="https://www.professionaldoctorate.nl/trajecten/essaying-as-collective-performative-practice" target="_blank">Essaying as Collective Performative Practice</a>) af bij Fontys Academy of the Arts. Of ze daarna daadwerkelijk de titel professional doctorate (afgekort PD) voor haar naam mag zetten, is nog maar de vraag. De hoogste graad in het hbo is namelijk nog niet in de wet vastgelegd. Mogelijk gaat dit binnenkort veranderen.</p><p>Na een experiment van enkele jaren heeft minister Letschert van Onderwijs deze week namelijk een <a href="https://bron.fontys.nl/kabinet-gaat-hbo-promotie-erkennen/">wetsvoorstel</a> ingediend om de doctorsgraad in het hbo wettelijk te verankeren. Net zoals op de universiteit kunnen studenten dan na hun bachelor en master promoveren. Het verschil met een academische graad (PhD) is dat een PD-kandidaat onderzoek doet gericht op de praktijk in plaats van theoretisch onderzoek.</p><p><strong>Logische stap</strong><br>Huurdeman noemt het een logische stap. “In het buitenland wordt er minder onderscheid gemaakt tussen een theoretisch en praktijkgericht promotietraject. Alleen in Nederland is er verschil in het hoger onderwijs met wo en hbo. Ik vind het dan ook evident dat het promotierecht in het hbo wettelijk wordt erkend.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:364/auto;width:364px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/133b1312-0c94-44a8-881d-d497398d0d6d/800_emilyhuurdeman.jpg?x=1775114635333" alt="Emily Huurdeman. foto: Gerrie Fiers" width="364" height="auto">Met een PhD-titel op zak is de PD-kandidaat bekend met zowel academisch als praktijkgericht onderzoek. Huurdeman spreekt van een fundamenteel andere manier om tot kennis te komen. “Je kunt je onderzoeksvraag en concepten direct in de praktijk toetsen”, zegt ze. “Dat levert totaal andere inzichten op. En je kunt daadwerkelijk wat doen voor mensen en de maatschappij.”</p><p>Zo geeft Huurdeman bijvoorbeeld workshops om haar onderzoeksmethode te testen. “Al na één workshop krijg ik vele malen meer inzichten dan wanneer ik mijn theorie conceptualiseer en uitschrijf.” Toch wil ze academisch onderzoek niet naar beneden halen. Integendeel. “Ik denk dat beide onderzoeksmethoden heel goed parallel kunnen lopen en elkaar aanvullen. PD-trajecten bieden een kans om theoretische concepten te toetsen in de praktijk. Het ene onderzoek is niet meer waard dan het andere.”</p><p><strong>Waardevolle inzichten</strong><br>Huurdeman is een van de acht PD-kandidaten van Fontys die momenteel meedoen aan de landelijke <a href="https://www.professionaldoctorate.nl/trajecten?sort_bef_combine=nwo_entity_title_ASC&input=&f%5B0%5D=trajecten_college%3A29">pilot</a> waaraan 24 hogescholen deelnemen. Volgens bestuurder Arian Steenbruggen leveren de PD-trajecten ‘zeer waardevolle inzichten op van grote vraagstukken uit de praktijk, die te ver gaan voor een normale, veel kortere projectduur’.</p><p>“Natuurlijk doen we al onderzoek met het werkveld. Maar dit gaat om langduriger onderzoekstrajecten die de gelegenheid bieden diepgaand onderzoek te verrichten naar zaken die zo’n tijdshorizon ook echt nodig hebben. Het zit hem dus meer in de complexiteit van de vraagstukken en de diepgang van het onderzoek”, aldus Steenbruggen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:308/auto;width:308px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c3abdb0f-4db4-4af8-b8e6-1a23f3433cad/800_steenbruggenariang.3.jpg?x=1775114754084" alt="Arian Steenbruggen" width="308" height="auto">“Het mooie van praktijkgericht promotieonderzoek is dat er altijd een interventie is die direct invloed heeft op de context waarin gewerkt wordt”, vervolgt ze.&nbsp;<span> </span>“Het levert dus direct een verbetering op voor de praktijk. Bij een PhD is de afstand tot de praktijk groter.”</p><p>Falk Hübner, lector Artistic connective practices en begeleider van Emily Huurdeman, spreekt van een ‘fascinerend traject’. “De PD-kandidaten in de richting Kunst en Creatief bewegen zich in het maatschappelijke domein en ontwikkelen geheel nieuwe artistieke praktijken. Ze zoeken de grenzen van die disciplines op.” Hij ziet heel veel potentie voor de PD-trajecten, zowel op onderzoeks- als onderwijsgebied.</p><p><strong>Prachtige kans</strong><br>Hij maakt daarbij de vergelijking met de komst van PhD-trajecten in de kunsten, zo’n twintig jaar geleden. “Als ik terugkijk, zie ik wat een enorme kracht daaruit is voortgekomen. Heel veel mensen die samen met mij gepromoveerd zijn, zijn inmiddels uitgegroeid tot personen die een centrale plek innemen in het (inter)nationale werkveld en het onderwijs, en dat zal niet anders zijn voor PD-trajecten.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:307/auto;width:307px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_falkhubner1.jpeg?x=1775114697355" alt="Falk Hübner" width="307" height="auto">Waar Hübner zich enigszins zorgen maakt over de financiering van PD-trajecten na de pilot - “dat is inherent aan de kunsten” - denkt Steenbruggen dat dit wel goed komt. “Een promotieplaats is vrijwel altijd grotendeels gesubsidieerd. Dat gaat op grond van het indienen van onderzoeksvoorstellen voor het overgrote deel bij NWO, SIA of de EU. Gezien het praktijkgerichte karakter van de PD is het ook goed denkbaar dat we in samenwerking met bedrijven of instellingen promotieplaatsen ontwikkelen.”</p><p>Binnenkort weten we of het wetsvoorstel van de minister wordt aangenomen. Graad of niet, het gaat PD-kandidaat Huurdeman niet in de eerste plaats om de doctorstitel, maar om de mogelijkheid zich vier jaar lang vast te bijten in een onderwerp en maatschappelijk impact te maken.&nbsp;</p><p>“Praktijkgericht promotieonderzoek is een prachtige kans. Het betekent dat niet elke onafhankelijke hogeschool een onderzoek start, maar dat alle trajecten en onderzoekers in Nederland met elkaar verbonden zijn. Dit gaat over het creëren van een onderzoeksgemeenschap.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek Algemeen,Verbiesen,PRO Cultuur,Student,FHK]]></category>
            <pubDate>Thu, 02 Apr 2026 10:29:58 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_promoveren-onderzoek-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_promoveren-onderzoek-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/promoveren-onderzoek-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Promoveren_onderzoek_shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Onderzoek wijst uit: bsa werkt niet, Fontys stopte eerder al</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/onderzoek-wijst-uit-bsa-werkt-niet-fontys-stopte-eerder-al/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/onderzoek-wijst-uit-bsa-werkt-niet-fontys-stopte-eerder-al/</guid><pp:caseid>740835</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het bindend studieadvies (bsa) werkt niet, blijkt uit het grootste onderzoek dat er ooit naar gedaan is. Afstuderen gaat nauwelijks sneller en minder studenten behalen een diploma. Fontys kwam eerder al tot deze conclusie en schafte het bsa twee jaar geleden af.</strong></p><p>Veel hogescholen en vrijwel alle universiteiten stellen een harde eis aan hun eerstejaars: als zij niet een bepaald aantal studiepunten halen, krijgen ze een negatief bindend studieadvies. Ze moeten de opleiding verlaten. Ze kunnen hoogstens aan een andere opleiding beginnen of aan een andere onderwijsinstelling.</p><p>Het bsa heeft tot doel om na het eerste studiejaar te bepalen of een student geschikt is voor een opleiding. Voorstanders zien het bsa als een belangrijke stok achter de deur tegen studievertraging, maar critici wijzen op de oplopende prestatiedruk bij studenten.&nbsp;</p><p>In het onderzoek dat <a href="https://esb.nu/bindend-studieadvies-zorgt-niet-voor-studiesucces/">maandag is gepubliceerd</a> in economenblad ESB, is de conclusie duidelijk: voor zowel studenten als voor de onderwijsinstellingen heeft het bsa weinig voordelen en “aanzienlijke nadelen”. Van de studenten die met een bsa worden weggestuurd zou statistisch gezien de helft de opleiding wél hebben afgerond.</p><p><strong>Aannames toetsen</strong><br>Dat concludeert promovendus en econoom Sander de Vries van de Vrije Universiteit in Amsterdam op basis van CBS-gegevens van 700 duizend universitaire bachelorstudenten in 351 opleidingen. Niet eerder werd van zoveel opleidingen en studenten de invloed van het bsa onderzocht.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_rosemariemoonen-2.jpg?x=1775033350915" alt="Rosemarie Moonen" width="200">Rosemarie Moonen, consultant Studiesucces bij Fontys, ziet in de conclusies van De Vries een bevestiging van het eigen onderzoek dat de hogeschool tijdens de coronapandemie hield, toen het bindend studieadvies landelijk tijdelijk werd opgeschort. “Wij hadden al langere tijd het vermoeden dat het bsa haar doel voorbijschoot. De tijdelijke opschorting was een mooie gelegenheid om onze aannames te toetsen.”</p><p>Uit het onderzoek onder eerstejaarsstudenten van Fontys dat daarop volgde, bleek dat een behoorlijk percentage van de studenten die de hogeschool gewoonlijk zou wegsturen omdat ze de norm niet haalden, uiteindelijk het jaar erna prima op schema zat. “Voorheen stuurden we studenten weg die uiteindelijk hele goede beroepsbeoefenaars zouden zijn geworden”, aldus Moonen.</p><p><strong>Niet te vergelijken</strong><br>Een andere reden voor Fontys om het bsa af te schaffen, was de overstap naar talentgericht onderwijs, waarbij Fontysstudenten meer regie hebben gekregen over hun eigen studievoortgang. Doordat het systeem zo ingrijpend is veranderend, is een vergelijking van de doorstroom van het eerste naar het tweede jaar niet te geven. Moonen: “Wel zien we dat de propedeuse- en de diplomarendementen in het algemeen niet zijn veranderd.”</p><p>Dat blijkt ook uit het grootschalige onderzoek van De Vries. “De resultaten laten zien dat uitvallers door het bsa niet noodzakelijkerwijs zwakke studenten zijn”, schrijft de onderzoeker. Moonen wijst daarnaast op de Startthermometer, een methode om vroegtijdige uitval en welzijn te meten onder eerstejaars. “Daaruit blijkt dat de druk op studenten sinds de afschaffing van het bsa is verminderd.”&nbsp;</p><p>Net als Fontys namen ook Hogeschool Rotterdam en de Groningse Hanze in 2024 afscheid van het bsa en Zuyd Hogeschool zelfs al in 2021, en zijn zij overgestapt naar een meer vrijblijvend studieadvies. Vorig jaar sloot Avans zich bij hen aan.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Verbiesen,Student]]></category>
            <pubDate>Wed, 01 Apr 2026 10:49:46 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/d26a6538-24fc-41ee-b0f5-92f37614962f/500_studeren-studie-bsa-presteren-prestatiedruk-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/d26a6538-24fc-41ee-b0f5-92f37614962f/500_studeren-studie-bsa-presteren-prestatiedruk-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/d26a6538-24fc-41ee-b0f5-92f37614962f/studeren-studie-bsa-presteren-prestatiedruk-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[studeren-studie-bsa-presteren-prestatiedruk-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Onzekerheid door centrale aansturing ondersteuners</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/centrale-aansturing-ondersteuners-zorgt-voor-onzekerheid/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/centrale-aansturing-ondersteuners-zorgt-voor-onzekerheid/</guid><pp:caseid>688213</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Wil je ook een HARP-bijeenkomst bijwonen? Meld je dan aan via de portal voor een van de informatiesessies op locatie of mail naar<span style="text-align:left;">&nbsp;</span><a href="mailto:harp@fontys.nl"><u>harp@fontys.nl</u></a><u>.</u></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Onrust bleef uit. In plaats daarvan voerde onzekerheid maandagochtend de boventoon op de eerste bijeenkomst voor medewerkers, nadat vorige week bekend werd welke besluiten het bestuur heeft genomen om de ondersteunende processen te ‘harmoniseren’ (HARP). Vooral het feit dat iedereen in een ondersteunende rol centraal aangestuurd gaat worden, roept veel vragen op.</strong></p><p>“We gaan geen teams verplaatsen en niet met mensen zeulen”, benadrukt bestuurder Frans Möhring bij aanvang van de bijeenkomst. “Heel veel werk wordt straks nog steeds gedaan op de instituten, dicht bij onderwijs en onderzoek. Maar iedereen met een ondersteunende rol wordt wel generiek aangestuurd.”&nbsp;<br><br>Gedraai op de stoelen. “Dat gaat niet morgen gebeuren, maar wel dit jaar nog”, vervolgt Möhring. “We begrijpen dat dit spannend is en kunnen ons voorstellen dat jullie vragen hebben. Daarom willen we het er graag met jullie over hebben.”&nbsp;<br><br>En spannend is het voor veel mensen. De opkomst bij de eerste van tien bijeenkomsten over de stand van zaken rondom het harmoniseren van de ondersteunende processen, ook wel HARP genoemd, was aanzienlijk. Zelfs de trap van de grote collegezaal in het Nexusgebouw van de technologieopleidingen in Eindhoven zat vol (zie foto bovenin).&nbsp;<br><br><strong>Veel vragen&nbsp;</strong><br>Vorige week legde Möhring al in een <a href="https://www.youtube.com/watch?v=pAa0ekGLuts" target="_blank">videoboodschap </a>aan medewerkers uit wat de volgende stap is in het proces. Het gaat om de zogenoemde ‘fase 0-besluiten’ die door het bestuur zijn vastgesteld en ter beoordeling aan de centrale medezeggenschapsraad (cmr) zijn voorgelegd. Daarin staan vijf uitgangspunten die richting moeten geven aan de verdere uitrol van HARP.&nbsp;<br><br>Over vier ervan hoor je vrijwel niemand. De meeste aanwezigen begrijpen dat de ‘klant’ (lees: student en cursist) baat moet hebben bij de ondersteunende processen, dat de kwaliteit van de processen geborgd moet worden en dat de ‘scope’ (wat er allemaal onder HARP valt) helder moet zijn. Dat de kosten in lijn moeten worden gebracht met de afnemende studentenaantallen ligt ook nog wel voor de hand.&nbsp;<br><br>Maar vooral het feit dat iedereen in een ondersteunende rol bij een instituut centraal aangestuurd gaat worden, zorgt voor onzekerheid. Dan gaat het om <span style="text-align:start;">iedereen die binnen bedrijfsvoering werkt. Dus onderwijslogistiek, studentbegeleiding e.d. valt daar buiten. Dat blijft onder aansturing van de instituten.</span></p><p>HARP-programmadirecteur Sandra van Beek legt uit waarom Fontys dit wil. “Het verhoogt de efficiency en de dienstverlening van de organisatie in zijn geheel. De werkdruk wordt ermee verminderd en collega's kunnen elkaar beter opvangen. Ook kunnen medewerkers zich makkelijker verder ontwikkelen en doorgroeien.”</p><p>Ondanks de geruststellende woorden van Möhring bij aanvang van de bijeenkomst roept het besluit veel vragen op. Gaat de vlieger ook op voor medewerkers van een CoE? Wat gebeurt er met het fusieproces van de technologieopleidingen? Wat als je een brede rol hebt binnen een instituut? Moet ik vrezen voor mijn baan? Hoe voorkomen we dat de diensten de dienst gaan uitmaken op de instituten?&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:315/auto;width:315px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/dd91b4c0-cb04-48f7-bfc7-9b0e838cb722/800_img-3950.jpg?x=1739802487671" alt="Medewerkers konden hun tips, zorgen en kansen opschrijven" width="315" height="auto"><strong>“Praat mee”&nbsp;</strong><br>Onder vrijwel elke vraag gaat dezelfde onzekerheid schuil: mensen willen weten wat dit besluit voor hen en hun team betekent. Meestal was het antwoord: dat weten we nog niet precies. “We willen dat samen met de instituten en met jou gaan onderzoeken”, aldus Van Beek. De komende maanden worden workshops, webinars en inspiratiesessies gehouden, en staan de communicatiekanalen open. “Praat mee”, is het devies.&nbsp;<br><br>Hoewel de bijeenkomsten voor alle medewerkers van Fontys is bedoeld, lijkt het merendeel bij deze eerste sessie afkomstig van de technologieopleidingen, die geworteld zijn in het Nexus-gebouw. Dat verklaart mogelijk het uitblijven van onrust. “We hebben onze mensen vorige week al geïnformeerd”, zegt Maartje Damoiseaux <span style="text-align:left;">directeur van BeNT, namens de drie instituutsdirecteuren</span>. “Daardoor zijn de emoties misschien al wat gaan liggen.”&nbsp;<br><br><strong>Anoniem</strong><br>Gevraagd naar een reactie, blijken weinig aanwezige medewerkers het achterste van hun tong te willen laten zien. Een enkeling anoniem. “Wat ik fijn vond om te horen, is dat we als instituten en diensten de handen ineen gaan slaan om de gewenste situatie in beeld te brengen. Ik heb wel het idee dat het proces zorgvuldig wordt aangepakt.” En: “Ik snap dat het bestuur keuzes moet maken, maar ik maak me ook zorgen. Ik vind het van belang dat iedereen zo goed mogelijk wordt gehoord en dat daar iets mee gedaan wordt.”&nbsp;<br><br>Frans Möhring toont na afloop begrip voor de heersende onzekerheid, de vragen en reacties. “Het liefst willen we meteen duidelijkheid geven, helaas lukt dat niet. Wat de 0 fase-besluiten voor iedereen gaan betekenen, dat gaan we de komende maanden met elkaar onderzoeken.” Wel voegt hij eraan toe dat ‘samendoen een grens heeft’. “Als we eindeloos met elkaar in gesprek blijven, komen we niet tot een werkbaar plan."&nbsp;<br><br>De implementatie van HARP staat gepland voor dit najaar.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Onderwijs,Onderzoek Algemeen,Bestuur en medezeggenschap,Organisatie,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 17 Feb 2025 16:28:53 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1699bd7e-652e-4e86-a8dd-5001ca534d34/500_img-3947.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1699bd7e-652e-4e86-a8dd-5001ca534d34/500_img-3947.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1699bd7e-652e-4e86-a8dd-5001ca534d34/img-3947.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[HARP-bijeenkomst]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Anders roosteren betekent soms ook eerder beginnen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/anders-roosteren-betekent-soms-ook-eerder-beginnen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/anders-roosteren-betekent-soms-ook-eerder-beginnen/</guid><pp:caseid>687945</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Het anders plannen en roosteren komt volgens Fontyswoordvoerder Wim Pleunis niet voort uit de bezuinigingen of de reductie van het aantal fte’s. “Maar efficiënter ruimtegebruik levert wel wat op: je stopt het geld niet in ‘lege stenen’, maar in het onderwijs. Als onderwijsinstelling wil Fontys haar gebouwen en ruimtes zo efficiënt mogelijk inzetten, en dat gebeurt nu niet. Door samen te gaan plannen en roosteren kunnen we dat wel weer gaan doen.”&nbsp;<br><br>In Venlo is gebouw W3 inmiddels ‘vrij’ geroosterd en op campus Stappegoor in Tilburg gaat hetzelfde gebeuren met P4. Wat er met deze gebouwen gaat gebeuren, is nog niet duidelijk. Pleunis: “Daar wordt nog naar gekeken in het kader van het huisvestingsplan. Alle mogelijkheden worden tegen het licht gehouden, zoals studentenhuisvesting, verkoop en sloop.”&nbsp;<br><br>Of de diensten, die sinds het voorjaar van 2023 tijdelijk zijn gehuisvest in het pand van DLL in Eindhoven, door het vrijkomen van gebouwen en het efficiënter ruimtegebruik eerder dan de voorziene drie jaar terug kunnen verhuizen naar campus Rachelsmolen, is niet aan de orde, omdat de ruimtes die beschikbaar zijn worden ingezet voor onderwijs. “Door het campusbrede roostersysteem krijgen we straks wel meer ‘stuurinformatie’, waardoor beter inzichtelijk wordt wat de mogelijkheden zijn”, aldus Pleunis.&nbsp;</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Studenten beginnen liever later dan vroeger aan een schooldag. Hun ideale rooster ligt tussen 10.00 en 15.00 uur. Dat geldt net zo goed voor medewerkers, die ook nog eens een voorkeur hebben voor werken op maandag, dinsdag en donderdag. Maar efficiënt zijn deze tijden niet. Het gevolg voor Fontys zijn vaak lege ruimtes. Vanaf september gaat dit veranderen.</strong></p><p>Dat jongeren graag uitslapen en liever later naar school gaan, is geen kwestie van excuus. Dat blijkt al jaren uit verschillende studies. En ook Fontysdocent Erdinç Saçan pleitte recent nog in een <a href="https://bron.fontys.nl/later-naar-school-gaan-meer-slaap-en-betere-prestaties/" target="_blank">opinieartikel</a> in Bron om studenten later te laten beginnen aan een schooldag. Waarom? Omdat jongeren door een veranderend bioritme later in slaap vallen en dus ’s ochtends langer zouden moeten slapen om aan voldoende nachtrust te komen en goed te kunnen presteren op school.&nbsp;<br><br>Geen wonder dat er hier en daar gemopper klinkt sinds Fontysinstituten de opdracht hebben gekregen anders te gaan roosteren en plannen. Vanaf september kan het zomaar zijn dat studenten en medewerkers op sommige dagen om 8.30 of 9.00 uur op de campus worden verwacht en er dagen zijn dat ze tot 17.00 uur aanwezig moeten zijn. Fontys heeft er haar redenen voor: ze wil verdere invulling geven aan talentgericht onderwijs (TGO) en efficiënter gebruikmaken van gebouwen.&nbsp;<br><br><strong>Roosterkader</strong>&nbsp;<br>Er wordt al maanden gewerkt aan het project <a href="https://stichtingfontys.sharepoint.com/sites/066_spr" target="_blank">Samen Plannen en Roosteren</a>. Met het roosterkader heeft Fontys regels opgesteld voor het plannen en roosteren op campusniveau, waar nu nog (bijna) elk instituut het eigen rooster maakt. “Er zijn duidelijke afspraken vastgelegd om processen uniform en transparant te maken”, aldus projectleider Loes van Bavel. “Zo kunnen we flexibel gebruikmaken van onze gebouwen, stoppen we minder geld in lege lokalen en blijft er meer over voor onderwijs.”&nbsp;<br><br>Een mooi streven. Toch gaat het invoeren niet vanzelf. De nieuwe roostermethode heeft grote impact op heel Fontys. Het betekent dat instituten onderling intensief zullen moeten samenwerken. Iedereen gaat volgens hetzelfde proces en met dezelfde inrichting en dezelfde deadlines werken. En instituten zullen goed moeten uitleggen aan studenten en docenten waarom er ook buiten de gebruikelijke uren wordt geroosterd. Van Bavel: “Als je nu geluiden van ontevredenheid hoort, komt dat omdat instituten aan de slag moeten.”&nbsp;<br><br><strong>Tien geboden&nbsp;</strong><br>Om het plannen en roosteren op campusniveau tot een succes te maken, zijn duidelijke afspraken gemaakt in het Fontys Roosterkader, aldus de projectleider. De belangrijkste regels worden door het projectteam ook wel ‘de tien geboden’ genoemd. De student en het onderwijs staan daarin altijd voorop.&nbsp;<br><br>“Voor studenten levert dit een veel stabieler en duidelijker rooster op”, licht Van Bavel toe. “Zeker vanwege de regel dat wijzigingen niet meer na ‘publicatie’ worden toegelaten, uitzonderingen daargelaten. Iedereen weet dat studenten niet staan te springen om eerder te beginnen, maar als je het uitlegt, begrijpen ze het wel. Ze willen vooral weten waar ze aan toe zijn, het liefst met een repeterend rooster en zo min mogelijk roosterwijzigingen.”&nbsp;[<i>tekst gaat verder onder de foto</i>]</p><p>Een andere regel in het kader stelt dat docenten beschikbaar zijn voor roostering in volledige dagdelen, overeenkomstig hun aanstelling. Dat betekent dat ze van ’s ochtends tot ’s avonds kunnen worden ingeroosterd. Voor of na de spits rijden of eerst nog wat voorbereiden of mails wegwerken - wat veel docenten doen - kan dan niet altijd meer. Dat stuit op weerstand. Maar volgens Van Bavel moeten we het grote plaatje blijven zien. Aan de hand van voorbeelden probeert ze uit te leggen wat ze bedoelt.&nbsp;<br><br>“Iemand met een fulltime aanstelling die op donderdag thuiswerkt en waar we omheen moeten roosteren, dat is niet efficiënt. Of een fulltimer die om 9.30 begint en om 14.30 uur naar huis gaat, daar hebben we bij het maken van het rooster last van. Het gaat bij Fontys om heel veel mensen, niet om één persoon.” Met andere woorden: er kan niet met iedereen persoonlijk rekening worden gehouden. “Sommige situaties zijn uitzonderingen, maar daar kunnen we de regel niet op maken.”&nbsp;<br><br><strong>Tetris</strong>&nbsp;<br>Collega Marjolijn Sampers noemt het roosteren een tetris, naar de bekende videogame waar blokjes als een puzzel in elkaar moeten worden gepast. “Alle lege plekken in het rooster moeten worden opgevuld. Daar waar het niet past, gaan de regels gelden.” Het is dus steeds zo dat instituten kunnen aangeven dat ze graag om 9.00 uur willen starten. “Maar als het botst, zullen ze in gesprek moeten gaan met elkaar. Ze zullen vaker concessies moeten doen. We begrijpen dat dit wat van mensen vraagt.”&nbsp;<br><br>Om de overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen en draagvlak te creëren, zijn teams van managers en medewerkers betrokken bij de totstandkoming van het nieuwe roostersysteem. Er zijn workshops gehouden, er is gepraat en geluisterd. En elk instituut krijgt een consultant met verstand van de roosterapplicatie en het roosterproces om roostermakers in het proces te begeleiden. Daarnaast zijn er verschillende toolkits voorbereid, bedoeld om de communicatie rondom het project te stroomlijnen, inclusief tips voor als het begint te ‘wrijven’.&nbsp;<br><br><strong>Zure appel&nbsp;</strong><br>Vanaf september is het zover, dan gaan alle instituten starten volgens de nieuwe planning. Ondanks nauwkeurige voorbereidingen en tijdige communicatie, zal niet iedereen blij zijn met het nieuwe rooster, beseffen Van Bavel en Sampers. “Maar het gebeurt wel op basis van gelijkwaardigheid tussen de instituten en iedereen profiteert uiteindelijk van de voordelen”, aldus Van Bavel. “We moeten alleen even door de zure appel heen bijten, maar als we allemaal een klein hapje nemen is de appel zo op.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Onderwijs,Campus,Verbiesen,huisvesting]]></category>
            <pubDate>Thu, 13 Feb 2025 09:44:18 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/364c373b-22e1-4d47-9525-7f6f9eb975ef/500_student-uitslapen-lestijden-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/364c373b-22e1-4d47-9525-7f6f9eb975ef/500_student-uitslapen-lestijden-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/364c373b-22e1-4d47-9525-7f6f9eb975ef/student-uitslapen-lestijden-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[student-uitslapen-lestijden-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Hulp bij aangifte voorkomt dat student geld misloopt</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hulp-bij-aangifte-voorkomt-dat-student-geld-misloopt/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hulp-bij-aangifte-voorkomt-dat-student-geld-misloopt/</guid><pp:caseid>687573</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Wil jij ook gratis hulp bij je belastingaangifte? Meld je aan voor de <a href="https://forms.office.com/pages/responsepage.aspx?id=ZWdrxpS3K0qE7YRbNBwIagiI6589laFOn5cW75DfXEhUN1BHMzRKT0JKOTg5U09NUllKUTNVVVhXUC4u&route=shorturl" target="_blank">belastinghulpdag </a>op woensdag 12 maart op Fontys Rachelsmolen gebouw R10.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Studenten lopen gemiddeld 180 euro per jaar mis doordat ze geen belastingaangifte doen of doordat ze de aangifte verkeerd invullen. Zonde, vinden ze bij Fontys School of Life. Samen met stichting Brainport voor Elkaar houdt het op woensdag 12 maart een sessie om studenten hierbij te helpen.</strong></p><p>Eén op de vijf jongeren ervaart geldproblemen. Ze hebben moeite met het regelen van hun inkomsten en uitgaven. Vaak met stress en onzekerheid tot gevolg. Wat het soms nog erger <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:238/auto;width:238px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/517950cf-3fe0-4bfc-b459-daa385892c52/800_remirooning.jpeg?x=1739196575173" alt="Remi Rooding" width="238" height="auto">maakt, is schaamte over de eigen financiële situatie. Hulp vragen is er dan meestal niet bij. Bij Fontys denken ze daar anders over.&nbsp;</p><p>De derdejaarsstudenten Liz Meggelaars, Nynke Eman en Robin van Schaik bedachten Klooigeld. Een concept dat in samenwerking met Fontys ICT recent is uitgewerkt tot een demo-app waarmee jongeren op een speelse en risicoloze manier leren omgaan met geld.&nbsp;<br><br><strong>Klooien mag&nbsp;</strong><br>De gedachte erachter: klooien mag. Nee móét, vindt Remi Rooding, want door fouten te maken, leren we. &nbsp;Financiële zelfredzaamheid is volgens de programma-coördinator bij <a href="https://bron.fontys.nl/school-of-life-gaat-verder-dan-boeken-en-klaslokalen/" target="_blank">School of Life</a> een van de lifeskills waar studenten het meest behoefte aan hebben. Dat blijkt uit eigen onderzoek (zie tabellen). &nbsp;</p><p>“Financiële zelfredzaamheid is het vermogen om onafhankelijk en verantwoordelijk met je financiën om te gaan. Dat houdt onder meer in: geld verdienen, budgetteren, sparen, schuldbeheer, financieel plannen en belastingbewustzijn.” [<i>tekst gaat verder onder de tabellen</i>]</p><p>Op de vraag welke lifeskills voor studenten de belangrijkst zijn, staat financiële zelfredzaamheid bovenaan. En als onderdeel daarvan hebben budgetbeheer en belastingbewustzijn de grootste prioriteit. Veel jongeren weten weinig over de Belastingdienst en het doen van aangifte. De meesten denken dat het erg <img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:261/auto;width:261px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/77edf399-af74-4eb4-bc3a-9867956ce7ce/800_posterhulpbijbelastingaangifte.jpg?x=1739196591284" alt="" width="261" height="auto">ingewikkeld is.&nbsp;</p><p>“De weerstand die hieruit voortkomt en het gebrek aan kennis zorgt ervoor dat studenten hun aangifte verkeerd invullen of helemaal geen aangifte doen. Gemiddeld lopen ze daardoor 180 euro mis per aangifte.”<br><br><strong>Behoefte aan hulp</strong><br>Reden voor School of Life om hiermee aan de slag te gaan. Rooding zocht contact met Brainport voor Elkaar, een stichting die jaarlijks in Eindhoven tijdens de landelijke belastingaangiftedag - dit jaar op 8 maart - mensen helpt met hun aangifte. De stichting was het eerder al opgevallen dat er weinig studenten komen opdagen. En dat terwijl er wel behoefte is aan hulp.&nbsp;</p><p>Als studenten niet zelf komen, dan moeten wij ze opzoeken, dachten Rooding en de stichting. “Wij regelen de studenten en een ruimte, en Brainport voor Elkaar regelt de vrijwilligers die de studenten met de aangifte gaan helpen.”&nbsp;<br><br><strong>Geldmachine</strong><br>Volgende week dinsdag 18 februari staat er een grote ‘geldmachine’ op campus Rachelsmolen ter promotie van het initiatief, want studenten moeten zich van tevoren <a href="https://forms.office.com/pages/responsepage.aspx?id=ZWdrxpS3K0qE7YRbNBwIagiI6589laFOn5cW75DfXEhUN1BHMzRKT0JKOTg5U09NUllKUTNVVVhXUC4u&route=shorturl" target="_blank">aanmelden </a>om voldoende vrijwilligers te kunnen regelen. De aangiftedag bij Fontys is op woensdag 12 maart.&nbsp;</p><p>“We hopen zoveel mogelijk studenten te kunnen helpen met hun belastingaangifte”, aldus Rooding. Als het initiatief een succes is, denkt School of Life erover om de belastingaangiftedag volgend jaar op meerdere Fontysinstituten aan te bieden.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pulsed,Student,PRO Financieel,PRO Welzijn,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 10 Feb 2025 16:42:09 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1523326748.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1523326748.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-1523326748.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[geld kosten lenen rente studiefinanciering terugbetalen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Let’s go mental</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review-lets-go-mental/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review-lets-go-mental/</guid><pp:caseid>687368</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Jongeren en hun mentale gezondheid. De meesten lopen er niet mee te koop, laat staan dat ze erover praten als het (even) niet goed met ze gaat. Een podcast met adviezen, inzichten en gedeelde ervaringen om naar te luisteren is dan wel zo handig. Let’s go mental ging vorige maand live.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fc0833b1-6616-4c58-864d-0357b77b82a3/500_bronreview.jpg?x=1738922076976" alt="" width="200">Let’s go mental is niet de enige podcast die mentale gezondheid bespreekbaar maakt, maar wel een die specifiek ingaat op die van jongeren. Een paar jaar lang was <a href="https://open.spotify.com/show/0JbE26jyBiR47RPH5vW37z?si=aa1414f5797e4f2b" target="_blank">Mentalitijd </a>te beluisteren via verschillende streamingdiensten en ook via Bron. In deze podcast, gemaakt door studenten van Fontys en de TU Eindhoven, gingen zij met professionals en studenten in gesprek over onderwerpen waar we in het dagelijks leven niet vaak genoeg bij stilstaan. Zoals studiedruk, drugs, eenzaamheid en financiën.&nbsp;<br><br>Helaas zijn er na juli vorig jaar geen nieuwe afleveringen van Mentalitijd meer bijgekomen. De podcast Let’s go mental van de publieke omroep Human en NPO Luister springt in dat gat. Neurobioloog Brankele Frank en podcastmaker Malou Holshuijsen gaan elke week in op een vraag van een jongere. Bijvoorbeeld: ik omring me vaak door vrienden, waarom voel ik me toch eenzaam? Of: hoe komt het dat ik zo vaak ben afgeleid? En: waarom bewonder ik mijn vrienden, maar ben ik onzeker over mezelf?&nbsp;<br><br>De makers stellen elke vraag ook aan elkaar en neurobioloog Frank legt uit hoe je brein en je mentale gezondheid met elkaar verbonden zijn. Waarom we voelen wat we voelen. De belangrijkste boodschap die uitgaat van de podcast: waar je ook mee zit, je bent niet de enige. Is dat niet wat we allemaal graag horen? De combinatie tussen vraag van een luisteraar, eigen inbreng en wetenschappelijke inzichten is een gouden vondst.&nbsp;<br><br>Frank en Holshuijsen durven zich kwetsbaar op te stellen en zijn op zijn tijd erg grappig. Zo vertelt Holshuijsen in een uitzending over liefdesverdriet dat ze na een break-up ’s nachts rondjes om het huis van haar ex reed en een jaar lang kauwgom in zijn brievenbus spuugde. Hilarisch, maar volgens Frank deed haar collega dit onder invloed van verklaarbare breinprocessen.&nbsp;<br><br><i>9 - De makers betrekken de luisteraar en wisselen humor en kennis af. Op deze manier wil iedereen toch over mentale gezondheid praten? En anders houd je het gewoon bij deze podcast.</i></p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Bron Review,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 07 Feb 2025 11:15:12 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/eb07bf8d-244a-4086-b6ec-f5255f0ade34/500_letsgomenta-frank-holshuijsen.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/eb07bf8d-244a-4086-b6ec-f5255f0ade34/500_letsgomenta-frank-holshuijsen.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/eb07bf8d-244a-4086-b6ec-f5255f0ade34/letsgomenta-frank-holshuijsen.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Malou Holshuijsen en Brankele Frank. foto Human]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Defensie: &#039;Meer samenwerken met hoger onderwijs&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/defensie-meer-samenwerken-met-hoger-onderwijs/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/defensie-meer-samenwerken-met-hoger-onderwijs/</guid><pp:caseid>687359</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Meer stageplaatsen, een vaste club ‘legerlectoren’ en meer onderzoeksgeld. Defensie omarmt het advies om vaker gebruik te maken van de kennis binnen hogescholen en universiteiten. Fontys ziet kansen om het onderzoeksportfolio verder te ontwikkelen.&nbsp;</strong></p><p>Laat het hoger onderwijs en de wetenschappen meer samenwerken met het leger, zei de Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie (AWTI) vorig jaar. Met hun kennis kunnen studenten, docenten en onderzoekers Nederland veiliger maken.&nbsp;<br><br>Het leger kan niet wachten, blijkt uit de enthousiaste reactie die defensieminister Ruben Brekelmans vorige week naar de Tweede Kamer stuurde. De krijgsmacht moet “continu kennis opbouwen, leren en innoveren” om de vijand een stapje voor te blijven en “het gevecht te kunnen winnen”.&nbsp;<br><br><strong>Nieuwe ideeën</strong><br>Brekelmans wil dat het leger zich meer openstelt voor nieuwe ideeën uit de kennissector, zoals ook de AWTI adviseert. Dat kan door meer stageplaatsen te bieden, of door een <img class="image-style-align-right image_resized" style="aspect-ratio:342/auto;width:342px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b1cf2997-8737-460f-8ec9-c19499eac2ec/800_defemsie-minister-rubenbrekelmans-dutchmenphotographyshutterstock.jpg?x=1738919219306" width="342" alt="Minister Brekelmans. foto Dutchmen Photography/Shutterstock.com" height="auto">eigen kring van lectoren te vormen. Ook wil Brekelmans meer geld uitgeven aan defensieonderzoek. En dat is niet alleen bedoeld voor techniek, maar ook voor ‘mens en organisatie’.&nbsp;<br><br>In het voorjaar komt hij met een plan waarin onder meer staat hoe de samenwerking met hogescholen en universiteiten eruit zou kunnen zien. Brekelmans hoopt dat hogescholen “actiegericht en operationeel relevant onderzoek” kunnen doen. Bij universiteiten wil hij beter in de gaten houden welk fundamenteel onderzoek militair interessant is.&nbsp;<br><br><strong>Moeite waard</strong><br>Samenwerking met het werkveld is een belangrijke pijler onder Fontys for Society. De kans voor Fontys om samen te werken met een belangrijke werkveldpartner is dus de moeite van het onderzoeken waard, laat een woordvoerder weten.&nbsp;<br><br>“Dat plan biedt misschien voor Fontys de mogelijkheid om, passend binnen onze maatschappelijke opdracht en de for society-benadering, het onderzoeksportfolio verder te ontwikkelen. Zeker als het gaat om de ontwikkeling van systemen en materialen die vrede en veiligheid dienen.”&nbsp;<br><br><strong>Slappe was</strong><br>Defensie zit sinds kort goed in de slappe was. In lijn met het AWTI-advies wil de minister een groter deel van zijn budget aan onderzoek uitgeven. Hoeveel precies kan hij pas in het voorjaar zeggen.&nbsp;<br><br>Wel moeten hogescholen en universiteiten in de tussentijd aan de veiligheid van hun kennis blijven werken, waarschuwt de hij. Wetenschappers zijn gewend om hun werk openbaar te maken, maar een innovatief idee voor het Nederlandse leger mag niet naar de tegenstander uitlekken.&nbsp;<br><br>Dat geldt ook voor kennis die niet militair van aard is, maar wel zo ingezet kan worden (dual use). Brekelmans is al in gesprek met het hoger onderwijs over een soort standaardovereenkomst, zodat defensie zich kan openstellen voor onderzoekers zonder bang te hoeven zijn dat kennis in verkeerde handen komt.&nbsp;<br><br><strong>Zorgvuldigheid</strong><br>Fontys is zich bewust van de zorgvuldigheid die samenwerking met Defensie met zich meebrengt. “En dan met name met bedrijven in de defensie-industrie. Dat om een morele afweging, omdat het immers om een gevoelige industrie gaat”, aldus de woorvoerder. Hij benadrukt dat vanuit verschillende Fontysinstituten al wordt samengewerkt.&nbsp;<br><br>Zo is Defensie partner in SPARC op Strijp TQ en is er een samenwerking tussen met Fontys ICT op de Safety en security campus in Oirschot. Vanuit Fontys Educatie (Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg) is er een relatie met het kenniscentrum Autisme van het ministerie van Defensie en wordt samengewerkt in het Samenwerkingsverband Autisme (SVA) Zuidoost-Brabant, waarin Fontys voortrekker is en het ministerie van Defensie partner is.&nbsp;<br>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHICT,FHKE,Verbiesen,Onderzoek Algemeen,Onderzoek Maatschappij]]></category>
            <pubDate>Fri, 07 Feb 2025 10:07:46 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/3c3cb728-9816-4020-ae3a-8b13de544e84/500_defensie-micheleursi-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/3c3cb728-9816-4020-ae3a-8b13de544e84/500_defensie-micheleursi-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/3c3cb728-9816-4020-ae3a-8b13de544e84/defensie-micheleursi-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[foto Michele Ursi/Shutterstock.com]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Defensie]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Master Informatica moet lerarentekort aanpakken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/master-informatica-moet-lerarentekort-aanpakken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/master-informatica-moet-lerarentekort-aanpakken/</guid><pp:caseid>687352</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het voortgezet onderwijs kampt met een tekort aan leraren. Dat is bekend. Het vak waar het tekort extreem groot is, is informatica. En dat terwijl het vak in deze digitale tijd van groot belang is. Fontys Educatie en Fontys ICT pakken het tekort aan en starten in september met een master lerarenopleiding Informatica.</strong></p><p>Wie in de jaren negentig op de middelbare school zat, kreeg in de bovenbouw vaak nog standaard het vak Informatica onderwezen. Destijds was er al wel sprake van een afname van het aantal leraren. Daarom werd het Consortium Omscholing Docenten Informatica (CODI) opgericht, een samenwerking tussen hogescholen en universiteiten om te voorzien in opleidingen voor docenten Informatica. Tussen 1998 en 2005 haalden 334 docenten Informatica via deze weg hun lesbevoegdheid.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:212/auto;width:212px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3e25c991-e0f3-4a17-9e97-37e8e9b87269/800_mandystoop2-2.jpg?x=1738915661075" alt="Mandy Stoop" width="212" height="auto">De maatregel bleek een tijdelijke oplossing. De instroom stokte en veel van deze leraren zijn of gaan met pensioen. Het tekort nam toe en is nu extreem groot. “Dat komt omdat er nog steeds geen passende opleidingsroutes zijn om als eerstegraadsleraar bevoegd te raken voor het vak Informatica”, licht Mandy Stoop van Fontys Educatie toe. “De enige route die er is, is de route via de universiteit en de universitaire lerarenopleiding. Weinig mensen kiezen om leraar te worden als de arbeidsmarkt voor IT-professionals zo aantrekkelijk is.”&nbsp;<br><br><strong>Niet verplicht&nbsp;</strong><br>Het gevolg is dat het vak, dat scholen niet verplicht zijn te geven, vrijwel overal uit het lesrooster is verdwenen. “Ondanks dat iedereen weet dat het vak informatica van een onbetwistbare relevantie is”, aldus Stoop. Zij is zich hier al lange tijd van bewust en maakt zich al jaren hard voor een passende opleidingsroute. Uiteindelijk komt het ministerie van Onderwijs in een <a href="https://content.presspage.com/uploads/1980/dcf3c254-5e40-4691-968a-b1c2f880c333/ocw-draagvlakonderzoek-informatica-docent.pdf?10000" target="_blank">rapport </a>uit 2023 tot dezelfde conclusie. Hogescholen en universiteiten krijgen het advies om te komen tot een directe route naar een eerstegraadsbevoegdheid.&nbsp;<br><br>Het rapport is aanleiding voor Fontys, Hogeschool Utrecht (HU) en de Hogeschool van Amsterdam (HvA) om gezamenlijk de hbo-master leraar Informatica op te zetten. Een docententeam van Fontys zit dan al volop in de voorbereidingen. Stoop: “Door het onderzoeksteam van het ministerie van Onderwijs zijn we aan elkaar gekoppeld en zorgen we ervoor dat de kwaliteit van de opleidingen op landelijk niveau in orde is.” Fontys heeft in september de primeur, HU en HvA starten waarschijnlijk in 2026 met de tweejarige lerarenopleiding.&nbsp;<br><br><strong>Educatie en ICT&nbsp;</strong><br>“Bijzonder aan deze opleiding is dat het een samenwerking is tussen de instituten Educatie en ICT”, vertelt Erik van Alphen, <img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:307/auto;width:307px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d5b20710-d4e1-4525-930c-ab4c6de061fc/800_erikvanalphen.jpg?x=1738915821084" alt="Erik van Alphen" width="307" height="auto">opleidingscoördinator van de nieuwe master. Naast Van Alphen en Stoop zijn Tim Kurvers en Bas Michielsen van Fontys ICT nauw betrokken geweest bij de totstandkoming van de opleiding. “De inhoud van de vakken komt bij beide instituten vandaan en legt een verbinding tussen het leraarschap en ICT-vakken.”&nbsp;<br><br>Iedereen met minimaal een tweedegraadsbevoegdheid in ongeacht welk vak en met affiniteit voor ICT kan de opleiding volgen. Na de masteropleiding zijn afgestudeerden bevoegd om in de bovenbouw les te geven in het vak informatica. Ook kunnen zij op scholen een bijdrage gaan leveren in het bevorderen van digitale geletterdheid in andere vakken.&nbsp;<br><br>“We hebben al veel enthousiaste reacties ontvangen van scholen, mensen die de noodzaak onderschrijven van de master en van de eerste potentials. Ook een aantal docenten binnen Fontys ICT hebben interesse getoond om de master te gaan volgen”, aldus Stoop.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,FHICT,PRO Educatie,PRO ICT,Master,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Fri, 07 Feb 2025 10:00:13 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/500_docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/500_docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/745f5f7b-6e7e-4d5a-9c6c-6875f03f8c00/docent-informatica-master-educatie-ict.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[docent-informatica-master-educatie-ICT]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Dating-app van studenten ICT kan polarisatie verminderen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/dating-app-van-studenten-ict-kan-polarisatie-verminderen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/dating-app-van-studenten-ict-kan-polarisatie-verminderen/</guid><pp:caseid>687125</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Polarisatie, we hebben er de mond vol van. In de politiek verhardt het debat en ook in de samenleving staan mensen vaker lijnrecht tegenover elkaar. ICT-studenten Yourden Kerstens, Krijn Consiglieri en Bernard Melis zijn ervan overtuigd dat mensen ondanks verschillen ook veel overeenkomsten hebben. Ze ontwikkelden de dating-app Opposites Attract en wonnen er een prijs mee.</strong></p><p>Een ruime meerderheid van de Nederlanders maakt zich zorgen over polarisatie. Ze denken daarbij aan verslechterde omgangsvormen en verharding in het politieke en publieke debat. Ook ergeren ze zich aan uitingen die zij als extreem of radicaal ervaren. Dat blijkt uit <a href="https://www.scp.nl/actueel/nieuws/2022/12/29/ergernis-over-harde-toon-en-extreme-uitingen-in-politieke-en-publieke-debat" target="_blank">onderzoek </a>van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Het onderzoek is weliswaar van twee jaar geleden, maar het thema is nog even urgent. Veel gemeenten en organisaties hebben het hoog op hun prioriteitenlijst staan.&nbsp;<br><br>Reden voor Fontys ICT om er een project aan te koppelen met een maatschappelijke invulling. Daarvoor zette Studio Krom - een van de partners in onderwijs - een challenge uit bij studenten ICT & Smart Mobile. De opdracht: een oplossing bedenken die écht potentie heeft om bij te dragen aan het verminderen van polarisatie in de samenleving. Dat leverde vijf concepten op voor apps, platforms en nieuwe ideeën voor sociale media.&nbsp;<br><br><strong>Opposites Attract</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:214/auto;width:214px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b1f568bb-b7c2-4581-8db6-dfb20776dd35/800_poster-2.jpg?x=1738766199666" alt="" width="214" height="auto">Het beste concept werd beloond met een geldprijs van duizend euro. Studenten Yourden Kerstens, Krijn Consiglieri en Bernard Melis wonnen de challenge met hun concept Opposites Attract. “Dat is een dating-app die zich focust op verschillen tussen mensen in plaats van overeenkomsten”, vertelt Yourden. Het concept won van verschillende andere goede pitches, onder meer vanwege de nuttige implementatie van AI, goede focus en overtuigende demo.&nbsp;<br><br>Een dating-app die focust op verschillen in plaats van overeenkomsten? Dat vraagt om uitleg. “Waar wij tijdens ons vooronderzoek achter kwamen, is dat mensen ondanks verschillen ook veel overeenkomsten hebben”, licht Krijn toe. “Daarvoor moet je wel verder willen kijken dan de mening van de ander en een band willen opbouwen met elkaar. Een dating-app leek ons daar het meest geschikte middel voor. Mensen staan al dan al open voor anderen.”&nbsp;<br><br><strong>Stellingen</strong><br>Wie een account aanmaakt bij Opposites Attract krijgt dertig stellingen voorgelegd om te beantwoorden. Van onschuldige die gaan over een voorkeur voor bijvoorbeeld katten of honden, thee of koffie, zoete of zoute popcorn, tot meer serieuze stellingen over het klimaat of vlees versus vega. Wanneer je vervolgens gaat swipen, zie je alleen mensen met wie je ook een paar verschillen hebt waarover je kunt praten als je een match bent. Dat gebeurt aan de hand van AI.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:266/auto;width:266px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a2373ce7-eedc-49b6-b3bf-998fd0657ed9/800_chatfunctie.jpg?x=1738766238548" alt="" width="266" height="auto">“Die fungeert als een soort moderator”, legt Bernard uit. “AI houdt in de gaten of het gesprek vriendelijk blijft verlopen en of de gesprekspartners toe zijn aan een nieuwe, meer polariserende stelling. Als het gesprek verslechterd, komt AI met een stelling waarover ze het wel eens waren.” De dating-app onderscheidt zich ook van andere apps door niet de nadruk te leggen op het uiterlijk, maar op het innerlijk. Yourden: “De interesses zijn prominenter in beeld gebracht dan het portret.”&nbsp;<br><br><strong>Op date</strong><br>Uiteindelijk is het wel de bedoeling dat mensen op date gaan. “Dat gaat hand in hand met het verminderen van polarisatie”, aldus Yourden. Het drietal heeft de app getest bij Fontys ICT in Tilburg. De meningen waren verdeeld, weet Krijn. “Sommigen vonden het een erg leuke manier om mensen te ontmoeten. Anderen zaten niet te wachten op luchtige stellingen. En er was ook een groep mensen die meteen afhaakte omdat ze niet op datingapps zitten.”&nbsp;<br><br>Met het prijzengeld kunnen de studenten het concept doorontwikkelen tot een echte app. Maar of dat er snel van komt, is niet duidelijk. Yourden en Bernard gaan stagelopen en Krijn gaat aan zijn minor beginnen. “Mogelijk leggen we het nu even op de plank en pakken we het later op”, aldus Yourden. “Om er een beetje in te blijven, hebben we afgesproken dat we elkaar elke week minstens één keer spreken.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHICT,AI,PRO ICT,Verbiesen,Student]]></category>
            <pubDate>Thu, 06 Feb 2025 10:07:47 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/700db14d-c36c-49d0-b50e-fb01872f6819/500_bernardyourdenenkrijn.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/700db14d-c36c-49d0-b50e-fb01872f6819/500_bernardyourdenenkrijn.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/700db14d-c36c-49d0-b50e-fb01872f6819/bernardyourdenenkrijn.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bernard, Yourden, Krijn en  Joris van Oers van Studio Krom.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Universiteiten en hogescholen gaan weer staken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/universiteiten-en-hogescholen-gaan-weer-staken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/universiteiten-en-hogescholen-gaan-weer-staken/</guid><pp:caseid>687128</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Universiteiten en hogescholen gaan in estafette staken tegen de bezuinigingen op onderwijs en onderzoek. De Radboud Universiteit Nijmegen trapt af, Fontys heeft nog geen plannen om actie te gaan voeren.&nbsp;</strong></p><p>Er ligt nog altijd een bezuiniging van 1,3 miljard euro op onderwijs en onderzoek in het verschiet. Vakbonden en actiegroepen verzetten zich hiertegen en hebben een ‘estafettestaking’ aangekondigd.&nbsp;Universiteiten en hogescholen leggen op verschillende dagen het werk neer. Deze week en volgende week zijn er lokaal bijeenkomsten met personeelsleden om te bepalen wanneer ze dat doen.&nbsp;<br><br>De Radboud Universiteit is dus de eerste die de knoop heeft doorgehakt. Hoe de staking er precies uitziet, is nog even afwachten. Misschien gaan de stakers ergens met spandoeken staan of lopen ze op een bepaald tijdstip weg uit de collegezaal.&nbsp;<br><br>“Het zou fijn zijn als studenten nog enigszins onderwijs kunnen volgen”, zei bestuursvoorzitter Alexandra van Huffelen van de Radboud Universiteit deze week. Ze wilde nog geen directe steun voor de staking uitspreken, ook omdat ze enige hoop koestert dat de Eerste Kamer iets aan de bezuinigingen gaat doen.&nbsp;<br><br><strong>Deal&nbsp;</strong><br>Sinds de deal met de oppositie is dat laatste zeer onwaarschijnlijk. Het compromis met de drie christelijke partijen en JA21 heeft de bezuinigingen enigszins afgezwakt, maar zeker niet geschrapt. De senatoren stellen schriftelijke vragen en gaan nog met deskundigen praten over de rechtmatigheid en uitvoerbaarheid van het beleid, maar voorlopig kan het kabinet op een ruime meerderheid in de senaat rekenen.&nbsp;<br><br>“De Nijmeegse collegevoorzitter is net nieuw, dus deze uitspraak zij haar vergeven”, schrijft de Leidse hoogleraar Remco Breuker op Bluesky, prominent lid van WOinActie en betrokken bij de stakingen. Maar kritisch is hij wel. “Wij hebben bestuurders nodig die pal voor ons staan, geen lauwwarme woorden.”&nbsp;<br><br>Als het goed is, mondt de estafette uit in een landelijk protest. Vakbond FNV heeft geen bemoeienis met de planning, laat een woordvoerder weten. “De stakingsdata worden door actiegroepen op elke universiteit afzonderlijk bepaald. Dit is vooral een grass roots-beweging: het komt allemaal van onderop.”&nbsp;</p><p><strong>Fontys</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1d3882f9-d060-4bc0-b41a-d7feecf1b9b5/500_steenbruggenenhoutermanophetmalieveld.jpg?x=1738768440421" alt="Steenbruggen en Houterman op het Malieveld " width="200">Het college van bestuur van Fontys laat in een reactie weten dat ze de zorgen over de voorgenomen bezuinigingen op het hoger onderwijs nog steeds deelt. “Investeren in onderwijs is investeren in de toekomst, en structurele bezuinigingen brengen de kwaliteit en toegankelijkheid van het hoger onderwijs in gevaar.”</p><p>Maar de hogeschool heeft nog geen plannen om weer in actie te komen.&nbsp;"We begrijpen de protesten die de politiek op andere gedachten kunnen brengen en zo bijdragen aan het tegenhouden van deze bezuinigingen. Op dit moment ligt het initiatief voor de estafettestaking bij de universiteiten, en wij volgen de ontwikkelingen met belangstelling.”</p><p>In november vorig jaar reisden bestuurders Arian Steenbruggen en Joep Houterman af naar Den Haag tijdens de <a href="https://bron.fontys.nl/malieveld-loopt-vol-voor-protest-tegen-bezuinigingen/" target="_blank">landelijke demonstratie</a> tegen de bezuinigingen op het hoger onderwijs (zie foto hiernaast).</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Onderwijs,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 05 Feb 2025 16:23:23 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/02660ea8-fedd-4ffa-a932-5c08c1a8f38a/500_spandoek.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/02660ea8-fedd-4ffa-a932-5c08c1a8f38a/500_spandoek.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/02660ea8-fedd-4ffa-a932-5c08c1a8f38a/spandoek.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Spandoek]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[protest actie bezuinigingen Malieveld Den Haag]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Veerle Buurman ruilt Fontys in voor topvoetbalclub Chelsea</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/veerle-buurman-ruilt-fontys-in-voor-topvoetbalclub-chelsea/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/veerle-buurman-ruilt-fontys-in-voor-topvoetbalclub-chelsea/</guid><pp:caseid>687066</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Bij de start van haar opleiding Fysiotherapie had Veerle Buurman (18) zich voorgenomen haar diploma te halen. Maar de voetbalster wist toen nog niet dat ze zo snel zou opklimmen binnen het vrouwentopvoetbal. Dit jaar wil ze haar propedeuse halen en dan vertrekt ze in de zomer waarschijnlijk naar de Engelse topclub Chelsea.&nbsp;</strong></p><p>Veerle Buurman reageert vrijwel meteen op de vraag of ze een interview wil geven voor Bron. Ze is enthousiast en vertelt graag over haar bijzonder snelle entree in het vrouwentopvoetbal. Uiteindelijk blijkt ze pas anderhalve maand later tijd te hebben voor een gesprek. Het tekent het drukke leven van de student en profvoetbalster. Hele dagen staat ze op het veld, daarnaast studeert ze en heeft ze ook nog een privéleven. “Druk was het altijd al”, zegt ze, “maar nu moet ik keuzes gaan maken.”&nbsp;<br><br>En dus ruilt Veerle Fontys in voor Chelsea. Dat betekent dat ze na dit studiejaar stopt met haar opleiding Fysiotherapie. Wel hoopt ze nog haar propedeuse te halen. Dat vindt ze belangrijk. “Bij de start van mijn studie had ik me voorgenomen om mijn diploma te halen, maar met mijn propedeuse ben ik nu ook al heel tevreden. Of ik mijn opleiding ooit nog oppak en afmaak, weet ik niet. Dat hangt ervan af hoe mijn voetbalcarrière verloopt.”&nbsp;<br><br>Het is september 2023 als Veerle voor het eerst haar studieboeken opent. De keuze voor fysiotherapie lag voor de hand: “In het voetbal is je lichaam heel belangrijk, van het fysieke tot het mentale. Daar wilde ik meer over weten.” Ze volgt een aangepast programma zodat ze op hoog niveau kan blijven voetballen. “Het contact met docenten en studenten is heel goed, die begrijpen waarom ik er bijna nooit ben.”&nbsp;</p><p><strong>De jongens ontgroeid</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:251/auto;width:251px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a8a41eed-b032-452b-ba8c-20ab5c4709d5/800_sportclubbemmelalskleinmeisje.jpg?x=1738747250267" alt="Veerle bij FC Bemmel, als klein meisje." width="251" height="auto">Veerle is vijf jaar als ze met twee vriendjes op voetbal gaat. “Destijds waren er nog niet zoveel meisjes die wilden voetballen, dus ik speelde met de jongens mee. En ook later, toen er meidenteams kwamen, bleef ik met de jongens meedoen. Mentaal en fysiek was ik meer aan hen gewaagd.” Tot haar zeventiende speelt ze bij FC Bemmel. Ze reist dan al regelmatig naar Eindhoven om een maatwerktraject te volgen bij Jong PSV-vrouwen. Uiteindelijk stapt ze helemaal over naar de Eindhovense club; ze is de jongens met wie ze twaalf jaar lang samenspeelde ontgroeid.&nbsp;<br><br>Vanaf dat moment gaat het snel. Veerle speelt nog geen twee maanden bij Jong PSV-vrouwen als ze doorstroomt naar Vrouwen 1, het eerste elftal dat meespeelt in de eredivisie. Ze is dan net begonnen aan haar studie Fysiotherapie. “Steeds vaker mocht ik meetrainen en ik zat regelmatig bij de selectie, vaak zat ik dan op de bank, maar ik was er wel bij en ik trainde op hoog niveau. In korte tijd deed ik heel veel ervaring op.” In januari 2024 maakt ze haar debuut in de eredivisie en tekent ze een contract bij PSV. “Vanaf dat moment ben ik niet meer uit de basis geweest.”&nbsp;<br><br><strong>Nederlands elftal</strong><br>Dan volgt weer een paar maanden later een ander hoogtepunt. “Ik werd gebeld door het Nederlands elftal van Andries Jonker”, zegt Veerle nog steeds opgetogen. In de zomer traint ze een paar maanden mee. Dan vliegt ze met het jeugdteam onder 20 van de KNVB naar Colombia voor het WK. “Ik werd even teruggezet om interlandervaring op te doen. We zijn vierde van de wereld geworden.” Tijdens dit toernooi koopt de Engelse topvoetbalclub Chelsea Veerle van PSV op haar voorwaarde dat ze er nog een jaar mag blijven spelen, onder meer om haar propedeuse te kunnen halen. [<i>tekst gaat verder onder de foto's</i>]</p><p>Kort na thuiskomst uit Colombia maakt Veerle haar debuut in het Nederlands elftal in een wedstrijd tegen Denemarken. Tijdens haar tweede interland in december scoort ze. Over drie maanden loopt het verhuurcontract af bij PSV en gaat ze waarschijnlijk naar Engeland om voor Chelsea te spelen. Terugblikkend concludeert de voetbalster dat het een flitscarrière is. “Heel weinig vrouwen krijgen <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:223/auto;width:223px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9a6e64d7-e456-4af0-99a1-386a65032942/800_septembercontractgetekendbijchelsea.jpg?x=1738746555236" alt="Onder contract bij Chelsea" width="223" height="auto">zo’n kans, en bijna nooit op zo’n jonge leeftijd. Er is maar een handjevol Nederlandse voetbalsters dat van de sport kan leven. Veel van hen moeten ernaast werken. Ik studeer nu nog en weet hoe zwaar dat is. Daarom heb ik de keuze gemaakt om me straks volledig op het voetballen te focussen, omdat het kan.”&nbsp;<br><br><strong>Nieuwe uitdaging</strong><br>Veerle kijkt uit naar de nieuwe uitdaging die opdoemt aan de overkant van het kanaal. Ze somt op: een nieuw team, een hoger niveau, een andere competitie. “Het Engelse vrouwenvoetbal is echt de beste competitie om in te spelen, met heel veel teams die goed zijn, en waar je elke week voor een nieuwe uitdaging staat.” En ze kijkt met een nuchtere voetbalblik naar alles wat ze achterlaat: familie, vrienden en haar studie. “Ik ben wekenlang in Colombia geweest en dat is me prima afgegaan. Zo lang ik doe waar ik plezier in heb, komt het wel goed.”&nbsp;</p><p><i>Foto bovenin: Veerle in actie tijdens de wedstrijd tegen Colombia in de kwartfinale van het WK in Colombia. &nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHMG,PRO Sport,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 05 Feb 2025 10:42:59 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/fe90cb38-11a3-418e-8c11-00d267756f03/500_veerle.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/fe90cb38-11a3-418e-8c11-00d267756f03/500_veerle.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fe90cb38-11a3-418e-8c11-00d267756f03/veerle.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[WK Colombia, wedstrijd tegen Colombia kwartfinale-vierkant]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nederlandse jongeren kampioen bijbaantjes</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nederlandse-jongeren-kampioen-bijbaantjes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nederlandse-jongeren-kampioen-bijbaantjes/</guid><pp:caseid>686401</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>In Nederland zitten maar weinig jongeren te niksen. Veruit de meesten werken of studeren. En driekwart van de jongeren doet het allebei. Dat is veel meer dan in de rest van de Europese Unie.&nbsp;</strong></span></p><p><span>In Nederland werkt 77 procent van de jongeren van 15 tot en met 24 jaar, meldt het CBS. De nummer twee in de EU is Denemarken met een percentage van 57 procent, terwijl in Griekenland slechts 18 procent van de jongeren werkt.&nbsp;</span></p><p><span>In Nederland combineert 74 procent van de jongeren werken en leren. Actuele Europese cijfers heeft het CBS niet, maar het verwijst naar vergelijkbare cijfers over 2022 van Eurostat: ook daaruit blijkt dat veel meer Nederlandse jongeren (van 15 tot en met 29 jaar) werken (73 procent) dan in andere EU-landen (zie onderstaande tabel). In niet EU-landen IJsland, Zwitserland en Noorwegen is het percentage ook hoog. [</span><i><span>tekst gaat verder onder de tabel</span></i><span>]</span></p><p>Voor dit opvallende verschil zijn niet direct verklaringen voorhanden, maar volgens onderzoeker Frans Kaiser van instituut KiTeS van de Universiteit Twente is het verschil met andere Europese landen kleiner als je alleen naar studenten kijkt.&nbsp;<br><br><strong>Thuis wonen</strong><br>Nederlandse studenten wonen vaker thuis en werken veelal minder dan twintig uur, dus gaat het vaak om kleine bijbaantjes. Dat zie je elders minder. In de rest van Europa zijn studenten gemiddeld ouder en wonen ze vaker op zichzelf, al dan niet met kinderen. Als ze werken maken ze vaak meer uren.&nbsp;</p><p>Nora (22) en Josephine (18) werken ook allebei naast hun studie Commerciële Economie bij Fontys. Nora werkt één dag in het weekend in de horeca. “Om geld te verdienen”, zegt ze, “maar ook omdat het heel erg gezellig is.” Dat geldt ook voor Josephine: “Ik werk als ik vrij ben en geen schoolwerk heb.” De studente werkt in de thuiszorg. “Het zijn vaak aardige mensen waar ik graag een praatje mee maak, en met mijn werk kan ik iets goeds doen voor anderen.”<br><br>In Nederland zijn relatief weinig jongeren die noch studeren noch werken: minder dan vijf procent. Het gemiddelde in de EU is elf procent terwijl in Roemenië bijna twintig procent van de jongeren thuis zit. Dat land kampt met een hoge jeugdwerkloosheid, maar weet jongeren dus ook niet in de schoolbankjes te houden.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 30 Jan 2025 08:30:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_studentbijbaanhoreca.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_studentbijbaanhoreca.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/studentbijbaanhoreca.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[student bijbaan horeca]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gezamenlijke masters AI en data: &quot;Behoefte neemt toe&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</guid><pp:caseid>686321</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Fontys mag beginnen met het ontwikkelen van de nieuwe masteropleiding Artificial Intelligence Translator. Daarnaast heeft het ministerie van OCW groen licht gegeven voor de start van een andere master: Data Driven Business. Bijzonder aan de masters is dat Fontys ze samen met andere hogescholen gaat ontwikkelen en aanbieden.</strong></p><p>De twee nieuwe masteropleidingen maken deel uit van een clusteraanvraag voor vijf cross-sectorale masters. Verschillende hogescholen hebben hiervoor intensief samengewerkt. Bijzonder aan deze opleidingen is dat ze diverse vakgebieden en sectoren met elkaar combineren en door verschillende hogescholen worden ontwikkeld en aangeboden (joint degrees). Eerder kregen de masters Human Capital Innovation, Sustainability Transitions en Transitie naar Gezondheid en Welzijn al groen licht van OCW.&nbsp;<br><br>Zo’n clusteraanvraag is vrij nieuw in Nederland. Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen, <a href="https://www.vereniginghogescholen.nl/actueel/actualiteiten/opnieuw-groen-licht-voor-twee-cross-sectorale-hbo-masters-grote-stap-voor-onderscheidend-aanbod" target="_blank">reageerde </a>opgetogen nadat bekend werd dat alle vijf clusteraanvragen zijn goedgekeurd. “Het betekent een grote impuls voor de verbreding van praktijkgericht aanbod aan hbo-masters. Dat is belangrijk: de arbeidsmarkt schreeuwt om praktijkgerichte professionals die in staat zijn om sectoroverstijgend te denken en te doen.”&nbsp;<br><br><strong>Joint degrees</strong><br>Voor deze vijf masters werken zes hogescholen samen in zogenoemde <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-en-avans-slaan-handen-vaker-ineen/" target="_blank">joint degrees</a>, daarbij wordt één opleiding door meerdere hogescholen ontwikkeld en aangeboden. Het gaat om Hogeschool Windesheim, Avans Hogeschool, De Haagse Hogeschool, Hogeschool Inholland, Saxion Hogeschool en natuurlijk Fontys Hogeschool.&nbsp;<br><br>Voor elke master is één hogeschool ‘penvoerder’. Dat betekent dat een student zich bij een van de hogescholen inschrijft voor de betreffende master, maar dat dezelfde opleiding bij alle samenwerkende hogescholen wordt aangeboden, en dus op verschillende locaties gevolgd kan worden. Wel kunnen de hogescholen er een eigen accent aan geven dat aansluit bij de regio. Zo zal Fontys zich meer richten op de Industrial Engineering en Health Tech, sectoren die dominant zijn in de Brainportregio.&nbsp;[<i>tekst gaat verder onder de foto</i>]&nbsp;</p><p>Een van de masters waarvoor Fontys penvoerder is, is de recent goedgekeurde opleiding AI Translator. Samen met Avans start Fontys in februari met de ontwikkeling ervan. “Met deze masteropleiding willen de hogescholen straks professionals afleveren die bedrijven en overheden kunnen helpen om AI praktisch inzetbaar te maken. De AI Translator analyseert voor een organisatie de kansen, bedreigingen, kwetsbaarheden en bedreigingen voor de inzet van AI”, licht Michael Franssen, manager development bij ICT en projectleider van de master, toe.&nbsp;<br><br>Avans is penvoerder van de master Data Driven Business. Hierin staat het verzamelen, analyseren en visualiseren van data centraal om organisaties te helpen om betere beslissingen te nemen. Volgens Franssen is er opvallend veel vraag naar dergelijke professionals in AI en data. “Die behoefte zal alleen maar toenemen. Om die reden worden beide masters eveneens in deeltijd aangeboden, zodat ook mensen uit het werkveld kunnen instromen.”&nbsp;<br><br><strong>Expertise delen</strong><br>Groot voordeel van een joint degree is dat je de ontwikkeling van een nieuwe opleiding als onderwijsinstelling niet helemaal zelf hoeft te doen, weet Franssen. “Je deelt je expertise, wat mogelijk ook leidt tot meer eenheid in het aanbod.”&nbsp;</p><p>Of eenzelfde master aangeboden door meerdere hogescholen de concurrentie niet in de kaart speelt? Franssen denkt van niet. “Uitgangspunt is en blijft de student. Uiteindelijk worden alle hogescholen gefinancierd door de overheid om studenten op te leiden voor de arbeidsmarkt. Puur vanwege de afstand denk ik dat we niet in elkaars vaarwater zitten. In de praktijk kiezen studenten vaak voor een school in de buurt.”&nbsp;<br><br><strong>Goedkeuring</strong><br>Voordat studenten zich daadwerkelijk kunnen aanmelden, moeten de nieuwe masters nog worden ontwikkeld en/of goedgekeurd door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO).&nbsp;</p><p>Twee van de vijf opleidingen - Responsible AI Innovation en Transitie naar Gezondheid en Welzijn - starten naar verwachting in september dit jaar, voor de andere drie masters - Sustainability Transitions, AI Translator en Data Driven Business - kunnen studenten zich hoogstwaarschijnlijk inschrijven vanaf studiejaar 2026-2027.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Master,PRO Onderwijs,FHICT,FPH,FHEC,Verbiesen,AI,PRO ICT]]></category>
            <pubDate>Wed, 29 Jan 2025 10:56:18 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bigdata-01.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Big data-01]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Griepepidemie krijgt nog geen vat op Fontys</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/griepepidemie-krijgt-nog-geen-vat-op-fontys/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/griepepidemie-krijgt-nog-geen-vat-op-fontys/</guid><pp:caseid>686316</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Lege plekken in de klas en op kantoor. De jaarlijkse griepepidemie is begonnen. Volgens het RIVM neemt het aantal mensen met griepachtige klachten snel toe. Maar bij Fontys lijkt het ziekteverzuim vooralsnog mee te vallen.</strong></p><p>Navraag bij Fontys HR & Organisatie (HR&O) leert dat er nu (nog) geen toename zichtbaar is in het kortdurend ziekteverzuim. Verzuim toewijzen aan griep is sowieso niet mogelijk, aldus een woordvoerder van de dienst, omdat de reden van het verzuim niet wordt geregistreerd.&nbsp;<br><br>Dat lijkt in lijn met wat Ingrid Daniëls om zich heen ziet. De docent Verpleegkunde van Fontys Mens en Gezondheid begeleidt stagiaires in de praktijk en staat studenten bij in het skills lab (werkplaats) op campus Rachelsmolen. Met twee zieke tieners thuis en signalen over halflege middelbareschoolklassen valt het bij Fontys met het ziekteverzuim nog wel mee, constateert ze. “Met studenten heb ik online een-op-eengesprekken. Dat werkt prima.”&nbsp;<br><br><strong>Online afspreken</strong><br>Waar we voor corona bij een (flinke) verkoudheid vaak toch naar het werk gingen, blijven mensen nu eerder thuis, merkt Daniëls. “Thuiswerken is veel normaler geworden en in de meeste gevallen kun je elkaar online spreken, ook als iemand verkouden is. Verder zie ik dat veel mensen nog steeds in de elleboog hoesten, en de meesten wassen de handen weer wat vaker als er griep heerst.”&nbsp;<br><br>Naast het griepvirus waren er ook andere virussen rond die acute luchtwegklachten kunnen geven, zoals het RS-virus. Volgens het RIVM kun je niet helemaal voorkomen dat je een luchtweginfectie krijgt, maar kun je de kans wel verkleinen dat je het virus doorgeeft aan iemand anders. De adviezen zijn dezelfde als tijdens de coronapandemie.&nbsp;<br><br><strong>Adviezen opvolgen</strong><br>Het is altijd goed om de adviezen van het RIVM op te volgen, vindt Daniëls. Maar een mondkapje opzetten als je snipverkouden bent? “Het kan een oplossing zijn om niemand te besmetten”, zegt ze. “Maar met hoge luchtweginfecties kunnen studenten en medewerkers gewoon naar school komen. Als iemand flink beroerd is en koorts heeft, dan is dat een reden om thuis te blijven.”&nbsp;<br><br>Sommige medewerkers hebben het anders aangepakt. Zij kozen het zekere voor het onzekere en hebben voor 1 december een griepprik gehaald bij de eigen huisarts en <a href="https://bron.fontys.nl/jonger-dan-60-fontys-vergoedt-de-griepprik/" target="_blank">declareerden </a>de kosten ervan bij Fontys. Dat was deze griepvaccinatieronde voor het eerst mogelijk en gold voor medewerkers die niet automatisch via het rijksvaccinatieprogramma een oproep ontvingen en de kosten niet door de eigen zorgverzekeraar vergoed kregen.&nbsp;</p><p><span>Tot nu toe hebben 26 medewerkers gebruikgemaakt van de griepregeling door de kosten van de vaccinatie te declareren bij Fontys.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 28 Jan 2025 14:17:14 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1523330795.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1523330795.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-1523330795.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[&amp;copy;shutterstock]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[verkouden, ziek, corona, ziekteverzuim]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Gemok over prijsstijging kantine, ‘wel marktconform’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gemok-over-prijsstijging-kantine-wel-marktconform/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gemok-over-prijsstijging-kantine-wel-marktconform/</guid><pp:caseid>686026</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>En weer zijn de prijzen in de kantines van Fontys gestegen. Studenten en medewerkers merken dat sinds enkele weken in hun portemonnee. Toch is Fontys geen uitzondering. De prijzen liggen in lijn met de tarieven bij andere hogescholen en universiteiten, aldus een woordvoerder.</strong></p><p>De voedselprijzen stijgen al enkele jaren op rij, bijvoorbeeld door de hogere btw en inkoopprijzen en gestegen lonen. 2023 spant de kroon: toen waren prijzen van voedingsmiddelen 12,1 procent hoger dan het jaar daarvoor. Vorig jaar vielen de prijzen gemiddeld 1,1 procent duurder uit dan een jaar eerder. Dat blijkt uit <a href="https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/03/inflatie-3-3-procent-in-2024" target="_blank">cijfers </a>van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Ook dit jaar zijn de prijzen van voedingsmiddelen weer gestegen. Dat geldt ook voor het eten en drinken in de kantines van Fontys.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:241/auto;width:241px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6a127280-f629-44cc-bade-089bd2deefe2/800_moniquevanbragt.jpg?x=1737974175075" alt="Monique van Bragt" width="241" height="auto">Monique van Bragt, cateringmanager van Appèl op campus Rachelsmolen in Eindhoven erkent dat de prijzen van de producten sinds 1 januari zijn gestegen, gemiddeld 8 procent. “Een voorverpakte koek bijvoorbeeld kostte in december nog 2,60 euro, nu 3,25 euro. Voor een zacht broodje fricandeau betaalde je 1,90 euro en dat kost nu 2,10 euro. Een stokbroodje hete kip was ongeveer 4 euro en nu 4,75 euro. In vergelijking met andere verkooppunten zijn we nog altijd goedkoper, maar we hebben wel veel concurrentie van de supermarkten die op loopafstand liggen van de campus.”&nbsp;<br><br>Hoewel er nog niet minder gebruikgemaakt wordt van de kantines, krijgt Van Bragt elk jaar veel reacties op de gestegen prijzen. “Na een paar maanden zwakt dat af en zijn ze eraan gewend. Ik kan er niks aan veranderen, maar het doet wel wat met me als ik mensen erover hoor praten.”&nbsp;</p><p><strong>Soep</strong><br>Ook Jennifer en Tiffany hebben gemerkt dat ze meer kwijt zijn in de kantine. Ze zitten met hun studiegenoten van Social Work te kletsen in de kantine van campus Rachelsmolen. Ze komen er dagelijks, zeggen ze, meestal voor soep en een broodje of wrap. Gemiddeld besteden ze tussen vijf en tien euro.&nbsp;<br><br>“Dat is best veel geld”, erkent Jennifer. “Op en neer gaan naar het centrum voor een goedkopere lunch kan wel, maar daar heb ik meestal niet genoeg tijd voor.” Tiffany knikt instemmend. “Maar als de prijzen nog verder stijgen, moet ik echt op zoek naar een alternatief of minder vaak in de kantine lunchen.”&nbsp;</p><p>Studiegenoot Britt neemt zelf haar boterhammen mee. Niemand is immers verplicht om lunch in de kantine te kopen. “Vanwege het gemak", zegt de student, "want mijn moeder doet de boodschappen.” Soms koopt ze wel eens een belegd broodje in de supermarkt op weg naar school. “Dat kost hooguit drie euro, echt wel minder dan ik er hier voor zou betalen.” <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:277/auto;width:277px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/96a31757-f36c-4f85-a63f-a75b2ecbc35b/800_jenniferentifanny.jpg?x=1737974418962" alt="Jennifer en Tifanny" width="277" height="auto"><br><br>Een woordvoerder van Fontys stelt dat de marktconforme tarieven in lijn liggen met de prijzen bij andere hogescholen en universiteiten. Dat wordt getoetst. “Het kan niet anders dan dat de hogere kosten worden doorberekend in de producten", zegt hij.&nbsp;“Ook in de supermarkten en in de horeca zijn de prijzen gestegen. Met onze cateraars hebben we afgesproken dat er ook producten worden aangeboden voor de kleine beurs. Er is dus altijd een goedkopere optie.”<br><br>In de kantine op campus Stappegoor in Tilburg worden de prijzen eenmaal per jaar verhoogd aan het begin van het studiejaar in september. Dat is zo afgesproken met Fontys. “Mits er extremen zijn, maar dat gaat nooit zonder overleg”, zegt Dick van Velden. De vestigingsmanager van Eurest Catering vertelt dat de prijzen gebaseerd zijn op de indexering van het CBS, en dus al een aantal jaar op rij zijn gestegen.&nbsp;<br><br><strong>Hardnekkige gedachte</strong><br>“Op school verwacht iedereen dat al het eten en drinken goedkoop is, maar wij zijn een commerciële partij." Hij kan zich nog herinneren dat scholen vroeger meebetaalden in de kosten. Cateraars ontvingen dan een vast bedrag en zo bleven de prijzen laag. "Dat is al lang niet meer zo. Maar die gedachte is hardnekkig, vooral bij medewerkers.”&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:354/auto;width:354px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fec20a10-48ae-4a10-8402-1896c0741715/800_fionatweedevanlinksenzoeacuterechts.jpg?x=1737974689874" alt="Fiona (tweede van links) en Zoé (rechts)" width="354" height="auto">Dat beaamt de woordvoerder van Fontys. “Voor zover wij weten is het niet gebruikelijk dat hogescholen en universiteiten een deel van de kosten voor hun rekening nemen. Wat Fontys wel doet sinds de laatste aanbesteding is de kosten voor onder meer grootkeukenapparatuur, inventaris en dieptereiniging voor eigen rekening nemen. Bovendien hoeven cateraars bij Fontys – in tegenstelling tot het verleden – tegenwoordig geen pachtsom meer te betalen, zodat een gezonde exploitatie mogelijk is.”&nbsp;<br><br>Toch is het fenomeen van subsidiëring nog niet de wereld uit. Op de campus in Venlo studeren Zoé en Fiona voor hun tentamens. De studenten International Business afkomstig uit Duitsland verbazen zich al lange tijd over de prijzen in Nederland, niet alleen in de kantine op school. “Bijna alles is hier duurder. Op Duitse universiteiten is het eten veel goedkoper. Daar geven ze wel korting aan studenten."&nbsp;</p><p><i>Foto bovenin: de kantine op campus Stappegoor</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,Student,Verbiesen,Tilburg,Eindhoven,Venlo]]></category>
            <pubDate>Tue, 28 Jan 2025 09:42:16 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/02b67f02-23ab-493a-91da-900fb75b2828/500_kantinetilburg.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/02b67f02-23ab-493a-91da-900fb75b2828/500_kantinetilburg.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/02b67f02-23ab-493a-91da-900fb75b2828/kantinetilburg.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[kantine Tilburg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Severance</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review-severance/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review-severance/</guid><pp:caseid>685628</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het was het wachten waard. Ruim drie jaar na het verschijnen van het eerste seizoen van de hitserie is Severance terug op AppleTV+. En hoe! In de eerste aflevering zit het tempo er goed in en word je als kijker van het ene op het andere verkeerde been gezet. Dat belooft wat voor de overige negen afleveringen van dit seizoen.</strong></p><p>Voor wie nu pas aan de serie begint een korte introductie. Lumon Industries is een internationaal bedrijf waar werknemers hun werkpersoonlijkheid kunnen splitsen (severance) van de persoon die ze zijn buiten werktijd. Daarvoor laten ze vrijwillig een chip in hun brein implanteren. De ‘innies’ weten niet wie ze zijn na kantoortijd en hun ‘outies’ hebben geen idee wat ze op kantoor doen. Voor sommige mensen is dat handig, zoals voor hoofdpersoon Mark Scout (Mark S. op kantoor), gespeeld door Marc Scott, die na het verlies van zijn echtgenoot ervoor kiest om elke dag acht uur ‘onwetend te zijn en geen pijn te hoeven voelen’.&nbsp;<br><br>Op kantoor werkt Mark S. samen met drie collega’s, Helly, Irving en Dylan, in een steriele omgeving. Met hun werk, dat bestaat uit het groeperen en weggooien van 'verdachte' cijfers, op het oog belachelijk eenvoudig en nutteloos, kunnen ze kinderachtige beloningen krijgen als ze hun target halen. Vallen ze uit de toon, dan moeten ze voor straf naar de ‘break room’ om hen te herinneren aan hun loyaliteit richting het bedrijf en zijn oprichter. Ze lijken tevreden met het kantoorleven tot de komst van Helly, die zich verzet tegen alles wat haar wordt opgedragen. Een voor een krijgt ze haar collega’s mee en gaan hun innies op onderzoek uit binnen en buiten Lumon. Seizoen 1 eindigt op het moment dat ze de binnen- en buitenwereld de waarheid over het bedrijf willen vertellen.&nbsp;<br><br>Op dat moment lijkt de ontknoping nabij. Maar de eerste aflevering van seizoen twee zet je als kijker meteen van het ene op het andere verkeerde been. Bovendien zit het tempo er zo goed in dat je geen tijd krijgt om de vragen die de nieuwe gebeurtenissen oproepen voor jezelf te beantwoorden. En dat is precies de bedoeling van de serie: nieuwe gangen verkennen en onbekende deuren openen in een omgeving die onwerkelijk aandoet en die je doet twijfelen aan jezelf. Wie ben je echt? En voor wie werk je? Maar vooral: waarom? Met deze zoektocht raakt de serie de essentie van bijna ieders bestaan. Of zoals Marks collega Irving het zegt: “De laatste keer dat ik gelukkig was, was toen ik niet probeerde gelukkig te zijn.”&nbsp;<br><br><i>9,5 – De eerste aflevering van seizoen twee maakt alle verwachtingen waar. Het verhaal is niet alleen bijzonder origineel en boeiend, maar ook visueel een plaatje om naar te kijken. Elke vrijdag een nieuwe aflevering.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 24 Jan 2025 09:30:32 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/68835da6-ace2-4a1c-899a-b25ce5141081/500_apple-tv-severance-key-art-16-9.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/68835da6-ace2-4a1c-899a-b25ce5141081/500_apple-tv-severance-key-art-16-9.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/68835da6-ace2-4a1c-899a-b25ce5141081/apple-tv-severance-key-art-16-9.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Apple_TV_Severance_key_art_16_9]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwe meldkamer werkt efficiënter en beter</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwe-meldkamer-werkt-efficienter-en-beter/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwe-meldkamer-werkt-efficienter-en-beter/</guid><pp:caseid>685243</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Weg luikje, weg belletje. De meldkamer van Fontys is verhuisd. Jarenlang gingen studenten en medewerkers erheen met allerlei vragen. Dat kan nu niet meer. De centralisten beperken zich nu tot surveillance en beveiliging. Maar wel op veel meer vierkante meters. “We vallen niet meer over elkaar heen als we een melding binnenkrijgen.”</strong></p><p>De verhuizing van de meldkamer binnen gebouw R5 op campus Rachelsmolen was bittere noodzaak. Enerzijds omdat de werkplek niet meer voldeed aan de arborichtlijnen, anderzijds omdat het takenpakket van de meldkamer en de bewakingssystemen fors zijn uitgebreid in de loop der jaren. Het balletje begon zo’n vijf jaar geleden te rollen met onveilige verkeers- en parkeersituaties op de campussen, vooral op Stappegoor in Tilburg.&nbsp;<br><br>Daar zorgden met name verkeerd geparkeerde auto’s voor gevaarlijke situaties, zoals het blokkeren van nooduitgangen. Er kwamen op alle campussen slagbomen en extra bewakingscamera’s, en de meldkamer kreeg er een taak bij: parkeermanagement. Ook ging de meldkamer over op het elektronisch bedienen van gebouwen op afstand. Steeds weer kwam er een gebouw bij, en inmiddels worden alle Fontyslocaties vanuit Eindhoven beheerd.&nbsp;<br><br>De meldkamer mat zo’n 19 vierkante meter en bestond uit één werkplek voor twee centralisten, een tiental beeldschermen en een meldcentrale. “Je kon er amper lopen", vertelt Dennis Trip, adviseur beveiliging bij de dienst Vastgoed & Facility. Bij een onderzoek door een extern bureau voor herinrichting van de meldkamer kwam naar voren dat de ruimte niet meer voldeed aan de arborichtlijnen. De oude meldkamer was duidelijk uit zijn jasje gegroeid.&nbsp;<br><br><strong>Driemaal zo groot&nbsp;</strong><br>Sinds begin deze maand werken de centralisten niet links van de ingang in gebouw R5, maar rechts ervan. De entree is niet meer zichtbaar, want de meldkamer heeft geen klantcontactfunctie meer. De nieuwe werkplek is met 70 vierkante meter ruim drie keer zo groot geworden, heeft twee aparte werkplekken en aanzienlijk meer en betere apparatuur. Bureaus en beeldschermen zijn verstelbaar en het binnenklimaat voldoet ook aan de norm.&nbsp;<br><br>“Voorheen werden de taken noodgedwongen verdeeld, nu kunnen beide centralisten alle taken verrichten die nodig zijn voor goede surveillance en beveiliging van onze gebouwen en terreinen. Dat werkt veel beter en is veel efficiënter”, aldus Trip. “De centralisten ervaren veel meer overzicht en rust om hun werk te doen. Ze kunnen effectiever communiceren met beveiligers op locatie en kunnen automobilisten bij de slagbomen rustig te woord staan en beter helpen.”&nbsp;<br><br>Pieta en Robert, de centralisten die vandaag dienst hebben, beamen dat. Robert is vrij lang en wisselt graag af tussen staand en zittend werken. De nieuwe werkplek is een hele vooruitgang, vindt hij. “We vallen niet meer over elkaar heen als we een melding binnenkrijgen. In plaats daarvan hebben we veel meer ruimte, waardoor ik veel fijner kan werken en mijn werk beter kan doen.” Ook Pieta is blij met de nieuwe werkplek. “Er is veel meer overzicht en meer ruimte, dat geeft rust.” [<i>tekst gaat verder onder de foto</i>]</p><p>Ondanks de doorgevoerde verbeteringen en extra beveiligingsmaatregelen, kunnen incidenten niet altijd worden voorkomen, weet de adviseur beveiliging. “We zijn een publieke instelling en dus vrij toegankelijk. Mensen moeten zich daar bewust van zijn.” Om die reden sluit Fontys zich elk jaar aan bij het Donkere Dagen Offensief (DDO), een campagne van de politie gericht op het voorkomen van diefstal en inbraken.&nbsp;<br><br><strong>Sneller handelen</strong><br>Wel heeft een incident in mei 2024 ertoe geleid dat de plannen rond de elektronische bediening van gebouwen op afstand in een versneld tempo gerealiseerd konden worden. “Alle toegangsdeuren van de buitenzijdes van campus Rachelsmolen sluiten om 18 uur voor mensen die naar binnen willen. De meldkamer houdt in de gaten of er mensen na deze tijd een gebouw willen binnengaan en houdt hierover contact met een beveiliger ter plekke.”&nbsp;<br><br>Daarnaast zijn de nieuwe systemen zo ingericht dat centralisten met een paar muisklikken heel het buitengebied van een campus kunnen overzien. Ook kunnen ze op gebouwniveau de meest logische looproutes erbij nemen en een signalement invoeren. Het systeem zoekt dan naar overeenkomsten met mensen die zich in het gebouw begeven.&nbsp;“Voorheen moesten we alle beelden handmatig terugkijken. Dat was heel veel werk. Nu kunnen we veel sneller handelen”, aldus Trip. &nbsp;<br><br><strong>Plug-and-play</strong>&nbsp;<br>Binnenkort wordt het nieuwe softwaresysteem verder uitgebreid met een AI-tool, zodat een signalement nog nauwkeuriger kan worden ingevoerd. “Maar we gaan niet zo ver dat we gezichtsherkenning toepassen”, benadrukt Trip. “We zijn nog altijd gewoon een onderwijsinstelling en geen politie of marechaussee.”&nbsp;<br><br>Terug naar de nieuwe meldkamer in R5. Die oogt fonkelnieuw, maar huist in het oudste gebouw op campus Rachelsmolen, waar een jaar geleden drie nieuwe gebouwen in gebruik zijn genomen. Hoelang ze hier kunnen blijven zitten? Trip weet het niet. “Ik ben niet op de hoogte van sloop- of verbouwplannen. Maar mocht dat aan de orde komen, dan verhuizen we weer. Daar hebben we rekening mee gehouden: alles in deze meldkamer is ‘plug-and-play’.”&nbsp;</p><p><i>Foto bovenin: de bel die voorheen bij het luikje voor de oude meldkamer stond, staat nu als aandenken in de nieuwe ruimte.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Huisvesting en facilitair,Eindhoven,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Wed, 22 Jan 2025 12:08:43 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/5388c824-1013-4c65-8718-2d53da2b4969/500_belletje-meldkamer.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/5388c824-1013-4c65-8718-2d53da2b4969/500_belletje-meldkamer.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/5388c824-1013-4c65-8718-2d53da2b4969/belletje-meldkamer.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[belletje-meldkamer]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys en TU/e werken samen aan ‘snelle’ soa-test</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</guid><pp:caseid>685068</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) zijn in Nederland aan een flinke opmars bezig. Om verspreiding tegen te gaan en een betere behandeling mogelijk te maken, werken onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e samen aan een ‘snelle’ soa-test die bij een specialist kan worden afgenomen.</strong></p><p>Soa kunnen schadelijke gevolgen hebben voor de gezondheid, zoals verminderde vruchtbaarheid, buitenbaarmoederlijke zwangerschap en bij mannen kan het leiden tot ontstekingen in bekken, bijballen of prostaat. Vooral Gonorroe is hiervan de veroorzaker, zo blijkt uit een <a href="https://www.rivm.nl/publicaties/sexually-transmitted-infections-in-netherlands-in-2023" target="_blank">rapport </a>uit 2024 van het RIVM. Een snelle en gerichte behandeling kan verspreiding en erger voorkomen.&nbsp;<br><br>En daar zit hem nu net het probleem, weten Joost Schoeber, lector Life Sciences bij Fontys, en Harm van der Veer, onderzoeker bij de TU/e. Op dit moment duurt het tot wel twee dagen voordat een patiënt de uitslag van een test krijgt over een mogelijke soa-aandoening. Ondertussen kan de arts geen goed behandelplan in gang zetten en kan de patiënt zijn omgeving niet juist informeren.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:325/auto;width:325px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9a2a6b67-836d-4a66-b99b-d8211664df75/800_onderzoeksgroepfontystueglowinthedarktest.jpg?x=1737449506955" alt="De onderzoeksgroep van Fontys en TU/e met vlnr: Joost Schoeber, Yosta de Stigter, Harm van der Veer, Anne Loonen (Fontys) en Maarten Merkx." width="325" height="auto">Om die reden werken de onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e aan een ‘snelle’ test die laagdrempelig bij een lokale zorgverlener, zoals een huisarts of GGD-poli, kan worden afgenomen. “Het onderzoek is erop gericht om de technologie die door de TU/e al is ontwikkeld en bruikbaar is voor deze soa-test, door te ontwikkelen tot een<a href="https://www.biotechbooster.nl/projects/glow-in-the-dark-molecular-diagnostics/" target="_blank"> point-of-care-test</a> (POCT)”, licht Schoeber toe.&nbsp;<br><br><strong>Makkelijke apparatuur</strong><br>“Dat betekent dat de soa-test niet plaatsvindt in een lab, zoals nu wel gebruikelijk is en wat voor veel vertraging zorgt, maar met makkelijke apparatuur bij een behandelend specialist kan worden afgenomen. Met onze test heeft de patiënt straks binnen 30 minuten de uitslag en kan de specialist meteen een behandeling starten.”&nbsp;<br><br>De testmethode kan ook voor andere infectieziekten worden gebruikt. Daarnaast wordt gedacht aan gebruik door dierenartsen. “Het hebben van een snelle test maakt het mogelijk direct te behandelen, in de wetenschap welke ziekteverwekker de boosdoener is. Dat kan in veel gevallen bijdragen aan het beperken van antibioticaresistentie, wat een groeiend probleem is”, aldus Schoeber.&nbsp;<br><br>Volgens de lector is de samenwerking tussen Fontys en de TU/e in dit project uniek. Er wordt al vaker samengewerkt tussen beide instellingen, maar nog nauwelijks voor de valorisatie van onderzoek. Valorisatie is het creëren van waarde uit kennis, door deze beschikbaar te maken voor economische en/of maatschappelijke toepassing. Schoeber: “De technologie heeft alleen meerwaarde als je deze ook kunt implementeren.”&nbsp;<br><br><strong>Van tafel naar hal</strong><br>Maar voor onderzoek en implementatie is geld nodig, veel geld. Recent hoorde de onderzoekersgroep dat het project 200.000 euro van het Biotech Booster-programma uit het Nationaal Groeifonds ontvangt. Net als 53 andere biotechuitvindingen ‘met veel nut voor de maatschappij’. Hiermee kunnen deze uitvindingen daadwerkelijk van de tekentafel naar de productiehal, aldus het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in een persbericht.&nbsp;<br><br>Wanneer kunnen we deze nieuwe, snelle soa-test bij de specialist verwachten? “Dat is moeilijk te voorspellen”, zegt Harm van der Veer. “We starten nu met dit project aan de ontwikkeling van onder meer een bijbehorend testapparaatje en dat duurt zeker twee jaar. Daarna moet de test nog worden goedgekeurd en op de markt worden gebracht.”&nbsp;<br><br><strong>In de praktijk</strong><br>De samenwerking tussen Fontys en de TU/e zorgt er wel voor dat techniekontwikkeling en valorisatiestappen meer gelijk opgaan. Van der Veer: “Wij werken aan de fundamentele ontwikkeling van de technologie aan de TU/e en bij Fontys wordt gewerkt aan toepassing van die technologie in de praktijk.”&nbsp;<br><br>Hiervoor zijn de instituten Fontys Paramedisch en Fontys Economie en Communicatie betrokken bij het project. Zij hebben wensen opgehaald bij patiënten, huisartspraktijken en GGD-poli’s, weet Schoeber. “Het is echt heel bijzonder dat we al tijdens de ontwikkeling van deze point-of-care-test de technologie kunnen toetsen en niet pas achteraf.”&nbsp;</p><p><i>Foto boven: Gonorroe-bacteriën gezien onder de microscoop.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,FPH,FHEC,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 21 Jan 2025 10:30:14 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[soa-gonorroe-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fitphone levensveranderend voor studenten Mirthe en Iris</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fitphone-levensveranderend-voor-studenten-mirthe-en-iris/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fitphone-levensveranderend-voor-studenten-mirthe-en-iris/</guid><pp:caseid>684749</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Benieuwd naar Fitphone en de tool die het leven van Mirthe en Iris heeft veranderd? Je leest er meer over op de <a href="https://fitphone.nl/" target="_blank">website</a>. En je kunt zelf ook een interventie starten.&nbsp;<br>&nbsp;</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>De smartphone is een zegen en een vloek. Stress, verminderde concentratie, een negatief zelfbeeld en slecht slapen. Jongeren hebben er veelvuldig mee te maken. Binnen het onderzoekstraject Fitphone verkennen studenten manieren om gezond smartphonegebruik onder jongeren tussen 18 en 25 jaar te bevorderen.</strong></p><p>“Niemand hoeft tegen me te zeggen dat ik mijn telefoon weg moet leggen”, was de eerste reactie van eerstejaarspedagogiekstudent Mirthe (22) toen ze hoorde dat ze was ingeloot voor het onderzoekstraject Fitphone. “Ingeloot ja, want niemand wilde hieraan meewerken.” Ook haar vriendinnen en medestudenten Iris, Julia en Tanja niet.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:433/auto;width:433px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6e4df349-2bc1-4306-a769-40f0445b3b3d/800_dsc03943.jpg?x=1737021815227" alt="Mirthe, Iris, Julia en Tanja (vlnr) op de expositie van Fitphone" width="433" height="auto">“Ik denk omdat het te confronterend is”, aldus Iris (17). En toch zijn ze deze week in de hal van gebouw R13 op campus Rachelsmolen, waar een kleine expositie plaatsvindt van hun bijdrage aan Fitphone. Daaruit blijkt dat de zes weken waarin ze hun schermgebruik hebben geanalyseerd en de daaropvolgende zelfgekozen interventies levensveranderend voor hen zijn geweest.&nbsp;<br><br>Fitphone is in september officieel gestart als een onderzoekstraject onder leiding van Herm Kisjes. “Het programma richt zich op het ontwikkelen van interventies die bijdragen aan gezond smartphonegebruik bij jongvolwassenen van 18 tot 25 jaar”, licht de professional doctorate (PD) toe, die zich al ruim een decennia bezighoudt met het thema.&nbsp;<br><br><strong>Gezonde gewoonten&nbsp;</strong><br>Hij vertelt dat Fitphone al enkele jaren wordt toegepast binnen het onderwijs van Fontys Mens en Gezondheid (FMG), maar nu een stap verder gaat&nbsp;met een praktijkgericht onderzoeksproject. “Binnen Fitphone dragen studenten actief bij aan het ontwerpen, testen en evalueren van interventies die gericht zijn op het stimuleren van gezonde smartphonegewoonten.”&nbsp;<br><br>Naast FMG zijn Avans Hogeschool, de Technische Universiteit Eindhoven, Tranzo Universiteit Tilburg betrokken bij het onderzoek, net als enkele maatschappelijke partners. Samen streven zij naar het ontwikkelen van een breed toepasbaar interventieprogramma dat jongeren ondersteunt in hun <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:173/auto;width:173px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/88a5b2fb-547d-474d-817a-958756f50ff5/500_mirthe3.jpg?x=1737022042455" alt="Mirthe: "Ik slaap beter."" width="173" height="auto">persoonlijke en digitale welzijn.&nbsp;Het traject duurt in totaal vijf jaar.&nbsp;<br><br>Een eerste verkenning van Fitphone en enkele studentenprojecten worden deze week gedeeld in een expositie. Kisjes: “Wat je hier ziet zijn enkel prototypes en ideeën. Het is de bedoeling dat we een aantal hiervan gaan uitwerken tot een werkbare tool, bijvoorbeeld die van het groepje van Mirthe en Iris. Zij deden onderzoek naar hun smarthphonegebruik en wat dit met hen deed."&nbsp;<br><br><strong>Schokkend&nbsp;</strong><br>“Dat was echt schokkend”, zeggen Mirthe en Iris. Ze zaten allebei gemiddeld zes uur per dag op hun telefoon, scrollend en filmpjes kijkend op sociale media. “We kwamen er al snel achter dat het allemaal bullshit was”, zegt Mirthe. “Omgerekend besteedde ik daar jaarlijks negentig dagen van mijn tijd aan!” De telefoon betekende afleiding tegen verveling of als ‘muurtje’ in sociale situaties.&nbsp;<br><br>Niet dat de studenten er gelukkig van werden. Gevoelens van onrust en teleurstelling overheersten. Zowel Mirthe als Iris besloot tijdelijk enkele socialemedia-apps te verwijderen en daarna het gebruik drastisch te verminderen. Het resultaat verbaast ze <img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:186/auto;width:186px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/31b59f77-4887-4cfc-9e15-ed3df5353b07/500_iris5.jpg?x=1737022062622" alt="Iris: "Ik heb écht contact."" width="186" height="auto">nog altijd. Mirthe: “Ik slaap beter, sport vaker, heb meer contact met mijn moeder en mijn vrienden. En: het is eindelijk rustig in mijn hoofd.”&nbsp;<br><br><strong>Echt contact&nbsp;</strong><br>Iris had in het begin vooral moeite haar telefoon te laten liggen. Soms pakte ik hem wel 400 keer per dag op, zelfs als ik in gesprek was met mensen. “Sinds ik me hiervan bewust ben en weet hoe snel ik ben afgeleid, let ik erop dat ik in sociale situaties echt aandacht heb voor anderen. Het échte contact gaat voor online contact.”&nbsp;<br><br>Mirthe en Iris raden iedereen aan het eigen smartphonegebruik in kaart te brengen. “Voor ons was bewustwording genoeg en wij zaten echt gekluisterd aan onze telefoon”, aldus Mirthe. "Wij maken het voortaan bespreekbaar.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,featured,FHMG,Student,Studentwelzijn,PRO Gezondheid,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Fri, 17 Jan 2025 08:29:13 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/fb7d0779-6695-4d97-b796-796ff3a1e624/500_dsc03946.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/fb7d0779-6695-4d97-b796-796ff3a1e624/500_dsc03946.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fb7d0779-6695-4d97-b796-796ff3a1e624/dsc03946.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Fitphone expo]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten in actie voor goede doelen: &quot;Onverwachts succes&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-in-actie-voor-goede-doelen-onverwachts-succes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-in-actie-voor-goede-doelen-onverwachts-succes/</guid><pp:caseid>684646</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Zestig communicatiestudenten en vijf goede doelen. Van een benefietconcert, vintagemarkt en dansmarathon tot photobooth en workshop bloemenpotten en mokken schilderen. Maanden van voorbereiding zijn eraan voorafgegaan. Tijdens de Good Vibes Week rollen de euro’s binnen, op een enkele tegenvaller na.</strong></p><p>Binnen twee uur na de start van de Good Vibes Week afgelopen maandag tikten de studenten van ‘De week van de euro’ in de hal van R3 op campus Rachelsmolen al 600 euro aan. Aan het einde van de eerste van vier dagen staat de teller op 1.097 euro, ruim boven het streefbedrag van €500. De euro’s rollen binnen.&nbsp;<br><br>De studenten Rosa, Iris, Nina, Sofie en Renée totaal verrast door dit onverwachte succes van hun actie. “Studenten zitten vaak krap bij kas, dus bedachten we De week van de euro”, vertelt Rosa. “Een euro kan ook een student wel missen, was het idee. Maar nu blijken veel studenten, en ook medewerkers, toch meer te doneren, vaak wel vijf of tien euro”, voegt Renée toe.<br><br><strong>Sterrenmuur</strong><br>Iedereen die meer dan vijf euro doneert, krijgt een vermelding op de sterrenmuur. Die raakt al snel voller en voller. Het geld dat deze studenten ophalen, gaat naar Make-A-Wish Nederland. Deze organisatie vervult een wens van kinderen tussen de drie en achttien jaar met een ernstige, soms zelfs levensbedreigende ziekte. “Dat spreekt veel mensen aan”, constateert Nina.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:363/auto;width:363px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b9ff9892-8db8-4ebb-ac5c-0e5d8f581e54/800_dsc03900.jpg?x=1736952042353" alt="Annabel, Sanne en Britt" width="363" height="auto">Make-A-Wish Nederland is niet het enige goede doel waarvoor de tweedejaars communicatiestudenten geld inzamelen deze week. Stichting Vlinderkind, Wakibi Microkredieten, Cordaid en Stichting Met je Hart doen ook mee aan de actieweek. “Studenten konden kiezen uit een van deze goede doelen”, vertelt Annabel Timmermans, vierdejaarsstudent Communicatie.&nbsp;<br><br>Samen met haar twee jaargenoten Sanne Verschuijten en Britt Piron begeleidt Annabel de zestig studenten in de maanden voorafgaand aan en tijdens de actieweek. Zelf hebben ze tijdens hun studie al de nodige ervaring opgedaan met het organiseren van evenementen. Volgens Annabel gaat het niet alleen om het ophalen van geld, maar ook om het genereren van aandacht en bewustzijn.&nbsp;<br><br>“De overheid is van plan om vanaf 2026 de subsidie aan goede doelen met 1 miljard euro te verlagen”, vertelt ze. “Dit benadrukt de noodzaak van creatieve acties zoals die van onze studenten, zodat goede doelen mensen kunnen blijven helpen.”&nbsp;<br><br><strong>Voorbereiden op het echte werk</strong>&nbsp;<br>In de opleiding leren de studenten alles over communicatie, en hoe ze dit kunnen inzetten om mensen in beweging te krijgen. Tijdens dit project kunnen ze hun opgedane kennis en vaardigheden inzetten. De studenten worden op deze manier voorbereid op het werkveld, krijgen een breder begrip van de maatschappij en de rol die zij daarin spelen.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:352/auto;width:352px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a334ee2d-22f0-4652-9e9e-06a40a2f721e/800_dsc03899.jpg?x=1736952296447" alt="Lars, Lotte, Wiebe en Stef" width="352" height="auto">Stef en Wiebe kunnen daarover meepraten. Zij werken allebei in de ouderenzorg. Wiebe als klusjesman en Stef was bijna drie jaar wensmedewerker voor ouderen, zo maakte hij een praatje met ze als ze daar behoefte aan hadden of deed hij een spelletje met hen. Samen met medestudenten Lars en Lotte houden ze op dinsdagavond een benefietconcert in Café040 op de campus. Hun goede doel: Stichting Met je Hart, die lokaal uitjes organiseert voor eenzame ouderen.&nbsp;<br><br>“Bijna iedereen van onze leeftijd heeft nog wel een opa en oma of heeft deze nog gekend”, vertelt Lars. “Voor de meesten is het een bekend probleem. Daarom sprak dit goede doel ons aan.” Ronnie van Berlo, facilitair medewerker van Fontys, herkent het probleem ook en hoefde niet lang na te denken om zijn zangtalent in te zetten voor het goede doel, net als Fontysdocent Stefan Wolter en collega Jasper van Gulik, die als presentator optreedt.&nbsp;<br><br><strong>Streefbedrag voorbij&nbsp;</strong><br>Tachtig entreekaarten heeft het viertal in de voorverkoop verkocht. Daarvoor hebben ze flink wat reclame gemaakt. Daarnaast ging er behoorlijk wat organisatie aan vooraf voordat de catering, locatie, vergunningen en bhv’ers geregeld waren. Ook Wiebe, Stef, Lotte en Lars tellen na afloop meer dan 1.000 opgehaalde euro’s.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5d36d0da-6767-41c0-ae31-06de31837b71/800_img-3757.jpeg?x=1736952784732" alt="Kelly" width="300" height="auto">Hetty Kriesels, vrijwilliger van Stichting Met je Hart, reageert opgetogen. “Met dit geld kunnen we heel wat leuke uitjes organiseren voor onze leden.” Maar wat haar vooral raakt, is de verbinding tussen de ouderen en de jongere generatie. “Een kleine stichting als de onze kan alleen bestaan als er genoeg vrijwilligers zijn.”&nbsp;<br><br>Een dag later, op woensdagochtend, balen Sem, Kelly, Kevin, Naomi en Georgi behoorlijk. Hun vintagemarkt in het Inspiration Center van campus Rachelsmolen ziet er feestelijk uit. Alleen lijkt een feestje niet op zijn plaats. Het wifinetwerk van Fontys ligt plat. Sem en Kelly vermoeden dat veel studenten ervoor hebben gekozen om niet naar de campus te komen.&nbsp;<br><br>Na een dag hebben ze slechts 216 euro aangetikt, terwijl ze graag 500 euro hadden willen ophalen. “Gelukkig heb ik gisteravond zelf koeken gebakken”, vertelt Sem met een lach. “Daarmee proberen we studenten die er wel zijn naar binnen te lokken.”&nbsp;De Good Vibes Week duurt nog tot en met zaterdag.&nbsp;</p><p><i>Foto bovenin: Rosa en Nina bij de sterrenmuur van De week van de euro.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,PRO Communicatie,PRO Marketing,Verbiesen,Student]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 Jan 2025 10:18:20 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/500_img-3719.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/500_img-3719.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/img-3719.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Good Vibes Week]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Wiskundedocent uitgeroepen tot Natuurdichter van Brabant</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/wiskundedocent-uitgeroepen-tot-natuurdichter-van-brabant/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/wiskundedocent-uitgeroepen-tot-natuurdichter-van-brabant/</guid><pp:caseid>684442</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p style="margin-left:0px;text-align:left;">Zand stuift op, het kind naar benee<br>Onderweg neemt het een dennenappel mee<br>Zand dat door mijn vingers glijdt<br>Een zandloopkever werkt met vlijt<br>Een klein detail, het weidse zicht<br>Ik voel de lucht, het voelt hier licht</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Ik vervolg mijn weg in het bos en laat los wat moet gaan<br>Berken, zwammen en boleten<br>Een klein kadaver, aangevreten<br>Stilte… regen zacht tikkend</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Gedachten verdwalen naar verhalen van weleer<br>Naar dagen van eindeloos genieten<br>Naar dagen vol van bloedvergieten<br>De wijze eik heeft troost te geven<br>Hier heb ik ontzag voor elke vorm van leven</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><i>Elizabet Meerbeek-Zwetsloot</i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Elizabet Meerbeek is vrijdag uitgeroepen tot Natuurdichter van Brabant, een wedstrijd van de Brabantse Milieufederatie. De wiskundedocent van Fontys Lerarenopleiding Tilburg was een van de 35 inzenders. “Ik was totaal verrast, want ik schrijf maar heel af en toe een gedicht.”</strong></p><p>Het was Martin de Wolf, directeur van FLOT, die een oproep om deel te nemen aan de dichtwedstrijd ‘Geef de natuur een stem’ deelde op LinkedIn. Meerbeek zag het voorbijkomen in haar tijdlijn en kreeg meteen een beeld van een wandeling in de Loonse en Drunense Duinen die ze vorig voorjaar maakte met haar gezin. Ze zette het gedicht in een ochtend op papier en stuurde het dezelfde dag nog op.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/02725108-ed93-4a11-a964-4d3eda2476ec/500_elizabetmeerbeek-1.jpg?x=1736860247826" alt="Elizabet Meerbeek tijdens de prijsuitreiking" width="200">Daarna dacht ze eigenlijk niet meer aan de wedstrijd. Totdat ze vlak voor de uitreiking afgelopen vrijdag in Tilburg werd gebeld namens de jury: of ze wilde komen. “Ik had eigenlijk een ouderavond op de school van mijn kinderen, maar ben toch maar gegaan. In mijn eentje, want het was te laat om mensen mee te vragen.”&nbsp;<br><br>Toen ze vernam dat ze de dichtwedstrijd had gewonnen, was ze totaal verrast. “Ik schrijf maar heel af en toe een gedicht of een liedje”, zegt ze. “Meestal als er aanleiding voor is, vaak bij een speciale gelegenheid of gebeurtenis, zoals in de aanloop naar het overlijden van mijn oma. Er moet ruimte voor zijn in mijn hoofd en in mijn leven, of wanneer ik iets heb te verwerken.”&nbsp;<br><br><strong>Vlaag van inspiratie</strong><br>Haar gedicht ‘Lichte duin, donker bos’ over de Loonse en Drunense Duinen voelde als een toevallige vlaag van inspiratie. “Ik kan me deze wandeling nog heel goed herinneren. We liepen eerst door de duinen waar mijn jongste kind van het duin rende, waarna we in het bos tegen een oorlogsmonument aanliepen. Op de dag af tachtig jaar geleden had daar een executie plaatsgevonden. Die tegenstelling tussen licht en donker en het feit dat de natuur overal getuige van is, heb ik in het gedicht willen vatten.”&nbsp;<br><br>En dat is volgens de jury, bestaande uit Hagar Roijackers (gedeputeerde Natuur en Milieu), Frans Kapteijns (boswachter Natuurmonumenten) en Femke Dingemans (directeur-bestuurder Brabantse Milieufederatie), uitstekend gelukt. Ze roemde Meerbeek om de beeldschone taal en de verwijzingen naar de bredere historie. Ook de liefde voor de Brabantse natuur kwam duidelijk in het gedicht naar voren. “Heel mooi dat de jury dat heeft opgemerkt”, zegt de docent, die in haar werkzame leven wiskunde onderwijst. [<i>de tekst gaat verder onder het gedicht</i>]</p><p>Er wordt vaak gedacht dat wiskunde en het schrijven van gedichten twee uitersten zijn. Meerbeek haalt juist inspiratie uit haar vak. “Een gedicht maken vergt wiskundige precisie, zoals het zoeken van de juiste woorden en het juiste ritme, en in een gedicht is het de kunst om de taal te ontdoen van overbodigheden. Daarnaast biedt wiskunde mooie termen die ik heel goed kan gebruiken als metaforen voor de dingen die in het leven gebeuren.”&nbsp;<br><br><strong>Verwonderen</strong><br>Ook de natuur is een inspiratiebron voor Meerbeek. In de weekenden is ze vaak te vinden in een van de Brabantse natuurgebieden. “Ik laat me graag verwonderen door alle details in de natuur, die in elk jaargetijde anders is.” Vaak neemt ze haar fotocamera mee om dat wat haar fascineert vast te leggen. Niet vaak heeft een wandeling tot een gedicht geleid.&nbsp;<br><br>Of is dat veranderd nu ze Natuurdichter van Brabant is? Na de laatste wandeling afgelopen weekend kwamen er weer woorden in haar op. En ja, daar is een gedicht uit voorgekomen. Een heel kleintje, maar toch. “Dat ik heb gewonnen, zet blijkbaar aan tot meer.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FLOT,Verbiesen,PRO Kunst en cultuur]]></category>
            <pubDate>Tue, 14 Jan 2025 14:38:30 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b83a1685-af20-436d-ab19-25f7b9628bc7/500_natuur-brabant-drunense-duinen-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b83a1685-af20-436d-ab19-25f7b9628bc7/500_natuur-brabant-drunense-duinen-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b83a1685-af20-436d-ab19-25f7b9628bc7/natuur-brabant-drunense-duinen-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[natuur-brabant-drunense-duinen-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys in de startblokken voor opleiden extra technici regio</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-in-de-startblokken-voor-opleiden-extra-technici-regio/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-in-de-startblokken-voor-opleiden-extra-technici-regio/</guid><pp:caseid>684260</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het plan ligt op tafel. De miljoenen zijn toegekend. Nu is het aan de onderwijsinstellingen om de komende jaren duizenden extra technici te gaan opleiden voor de microchipsector in Nederland, met name in de Brainportregio Eindhoven. Ook Fontys staat in de startblokken, aldus ICT-directeur Frens Vonken.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_frensvonken-01.png?x=1736754190141" alt="Frens Vonken" width="200">Het gaat om eenmalig 450 miljoen euro en structureel 80 miljoen die het <a href="https://bron.fontys.nl/miljoenen-voor-opleiden-extra-technici-geweldige-kans/" target="_blank">kabinet</a> beschikbaar stelt om meer talent op te leiden voor de halfgeleiderindustrie (semicon) in Nederland. Dat is nodig vanwege de verwachte groei in deze sector, waarvan Brainport Eindhoven het kloppend hart is. Momenteel werken in deze sector ruim 50.000 mensen bij ongeveer 335 bedrijven. De komende vijf jaar neemt de vraag naar extra arbeidskrachten toe met 38.000, waarvan 26.000 alleen al in deze regio.&nbsp;</p><p>Daarvoor moeten duizenden extra technici worden opgeleid, en ook worden om- en bijgeschoold, zowel in het mbo, hbo als wo. Er ligt een plan klaar die de onderwijsinstellingen samen hebben opgesteld. Het is nu aan deze instellingen om dit te gaan uitvoeren. “De komende maanden gaan we concrete invulling geven aan het plan”, aldus ICT-directeur Frens Vonken, die nauw betrokken is geweest bij de voorbereidingen.&nbsp;</p><p><strong>Wat houdt het plan in?&nbsp;</strong><br>“Het is een veelomvattend plan waarbij we ons in grote lijnen gaan richten op het vergroten van de instroom, doorstroom en uitstroom van studenten, het flexibiliseren en uitbreiden van onderwijsprogramma's, het intensiveren van studentbegeleiding en de verdere ontwikkeling van het programma Leven Lang Ontwikkelen (LLO).”&nbsp;</p><p>“Het mbo (Summa en Ter AA) gaat voornamelijk aan de slag met zij-instroomtrajecten, de TU/e focust op masterstudenten en wij gaan ons programma verbreden en flexibiliseren. Daarnaast starten we met de industrie nieuwe semicontracks en komt er meer praktijkgericht onderwijs. Ook gaan we samenwerken op het gebied van voorlichting, werving en uitwisseling van studenten. Daarnaast gaan we studenten begeleiden van opleiding naar werk en zetten we een gezamenlijk alumnibeleid op om de stayrate van internationale studenten te vergroten.”&nbsp;<br><br>“We versterken hybride leeromgevingen, er komen crossovers met andere werkvelden en we gaan gezamenlijk onderzoek doen. Naast diploma’s kunnen ook certificaten en microcredentials worden uitgereikt. Microcredentials spelen vooral een rol in het LLO-aanbod.”&nbsp;<br><br><strong>De regio heeft te maken met demografische krimp. Waar halen de onderwijsinstellingen op korte termijn zoveel nieuwe studenten vandaan?&nbsp;</strong><br>“De motivatie is om meer mensen te laten instromen. Dat gaat maar beperkt, omdat je niet per se meer mensen hebt. Dat kun je alleen bereiken door een bredere doelgroep aan te spreken. Daarvoor moeten we aantrekkelijke programma’s, labels en tracks aanbieden die potentiële studenten aanspreken, evenals aansluiting en doorstroom tussen opleidingen en mbo, hbo en wo verbeteren. We gaan gezamenlijk de juiste voorlichting geven om elke student op de juiste plaats te laten landen.”&nbsp;<br><br>“Daarnaast moet het voor studenten makkelijker worden om te switchen tussen een opleiding, instituut of onderwijsinstelling zonder dat ze studievertraging oplopen. En ze krijgen de mogelijkheid om ook halfjaarlijks aan een (andere) opleiding te beginnen.”&nbsp;<br><br>“Maar zelfs dan zijn we er nog niet. We zullen een beroep moeten doen op onbenut en vooral internationaal talent. Bijna de helft van de nieuwe aanwas zal uit het buitenland moeten komen.”&nbsp;<br><br><strong>Heeft het kabinet niet juist een rem</strong> <strong>gezet op internationalisering</strong> <strong>en Engelstalig onderwijs?</strong>&nbsp;<br>“In oktober heeft het kabinet inderdaad extra regels aangekondigd om de 'verengelsing' in het hoger onderwijs en de instroom van internationale studenten terug te dringen. Daar is in de toekenning van de gelden en het akkoord op ons plan geen uitzondering op gemaakt. Ik kan me niet goed voorstellen dat Engelstaligheid van een aantal opleidingen in de semicon gerelateerde opleidingen afgewezen gaat worden, maar ik ben ervan overtuigd dat we nog de nodige inspanningen zullen moeten verrichten om nut en noodzaak daarvan te onderbouwen. Om de stayrate en integratie te verhogen investeren we in taalonderwijs en interculturele competenties. Als mensen zich hier thuis voelen, is de kans namelijk groter dat ze hier blijven na hun afstuderen.”&nbsp;<br><br><strong>Wat moet er bij Fontys gebeuren om al deze veranderingen in gang te zetten?&nbsp;</strong><br>“Binnen de ondersteunende diensten en de instituten die hierbij betrokken zijn worden er teams opgericht die de verantwoordelijkheid krijgen over een bepaald project. In totaal betreft het een aanzienlijk aantal mensen verdeeld over verschillende diensten en de instituten Engineering, Techniek & Logistiek, Bedrijfsmanagement, Applied Sciences en ICT.”&nbsp;<br><br><strong>We hebben te maken met bezuinigingen. Waar haalt Fontys deze medewerkers vandaan?</strong>&nbsp;<br>“Grotendeels hebben we die mensen zelf. Wel wordt het een uitdaging om de juiste personen op de juiste plek te krijgen. We moeten kijken in hoeverre de opdracht inhoudelijk bij ieder van hen past. Mogelijk hebben we hier en daar wat extra mensen nodig, die we extern moeten aantrekken. In de begrotingen hebben we hiermee rekening gehouden.”&nbsp;<br><br><strong>Het werkveld wordt nadrukkelijk betrokken bij het onderwijs. Waarom?</strong>&nbsp;<br>“Door bedrijven te laten participeren in het onderwijs en werkelijke opdrachten uit het bedrijfsleven te laten oppakken door studenten en onderzoekers, krijg je realistischer onderwijs. We hebben de indruk hebben dat dit de motivatie van studenten en daarmee het resultaat en het rendement van hun studie ten goede komt. We doen dit nu ook, maar gaan dat versterken. De ervaring is dat studenten na hun afstuderen sneller en beter inzetbaar zijn.”&nbsp;<br><br><strong>Er wordt nagedacht over een gezamenlijk eerste studiejaar voor een aantal opleidingen in het hbo en wo. Wat is het doel hiervan?&nbsp;</strong><br>“We zien de afgelopen jaren dat er een toename is van het aantal vwo’ers dat doorstroomt naar het wo. Een deel van deze studenten valt uit, omdat ze beter op hun plek zouden zijn in het hbo. Met een gezamenlijk eerste opleidingsjaar willen we ervoor zorgen dat studenten meteen op de juiste plek terechtkomen. Bij Elektrotechniek zijn de gesprekken het verst gevorderd.”&nbsp;<br><br><strong>Kan het ergens nog misgaan met het uitrollen van het plan?&nbsp;</strong><br>“We hebben als Brainportregio een grote ambitie. Er zijn veel verschillende partners bij betrokken en het succes hangt af van de som van het geheel. Dat is een uitdaging. De grootste bedreiging zie ik in het falen van de toestroom van internationale studenten. Dan ben je meteen de helft van je ambitie kwijt. Zo moet het Engelstalig onderwijs geen probleem gaan opleveren en zal er tijdig extra huisvesting gerealiseerd moeten worden.”&nbsp;<br><br><strong>Waar ligt de winst voor Fontys?&nbsp;</strong><br>“In diezelfde ambitie. We krijgen een enorm mooie kans om in tijden van krimp en bezuinigingen ons onderwijs en onderzoek te verbeteren en een bijdrage te leveren aan wat de regio nodig heeft. De eerste miljoenen zijn toegekend voor de komende twee jaar. Als ze blijken te lonen, stelt het kabinet de rest ervan beschikbaar. Het is dus aan de onderwijsinstellingen om te laten zien dat het plan dat we hebben neergelegd ook echt de extra technici gaat opleveren die nodig zijn.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,PRO Techniek,PRO Onderwijs,Onderzoek,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 13 Jan 2025 11:55:29 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_00-fo-106195-2.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_00-fo-106195-2.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/00-fo-106195-2.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Een student van Fontys Hogeschool Techniek en Logistiek in Venlo. Het aantal aanmeldingen voor dit instituut is  juist gestegen, met bijna 15 procent.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Longeneeslijk</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review-longeneeslijk/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review-longeneeslijk/</guid><pp:caseid>684079</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Oud-Fontysstudent Eva Hermans-Kroot is de afgelopen maanden volop in de media geweest. Natuurlijk via haar eigen Instagramaccount, en ook via tal van programma’s op radio en televisie, zoals Mattie & Marieke op Qmusic en Over mijn lijk van Tim Hofman. En nu is er - postuum - haar boek Longeneeslijk.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fc0833b1-6616-4c58-864d-0357b77b82a3/500_bronreview.jpg?x=1736496138944" alt="" width="200">Eva had niet zoveel met muziek, schrijft ze in haar boek. Toch was één nummer haar favoriet: Better Days van Dermot Kennedy. Het liedje kwam niet eens zo vaak op de radio, totdat Eva het liet draaien in de uitzending bij Qmusic. Sindsdien komt het nummer vaker voorbij en denken veel mensen aan haar als ze het horen. Eva, die op 30 november op 26-jarige leeftijd <a href="https://bron.fontys.nl/communicatiestudent-eva-hermans-kroot-overleden/" target="_blank">overleed </a>aan een zeldzame vorm van longkanker, heeft op meerdere manieren haar nagedachtenis achtergelaten.&nbsp;</p><p>Zo wist ze met haar Instagramaccount Longeneeslijk - dat tegen het einde van haar leven 500.000 volgers telde - het taboe rond longkanker te doorbreken. De ziekte is vaker niet dan wel het gevolg van roken. Pure pech, zegt ze er zelf over. Daarnaast heeft Eva laten zien hoe waardevol je leven kan zijn na de mededeling dat je ongeneeslijk ziek bent. “Mijn leven voor de diagnose was somber en donker, nu pas voel ik me compleet. Blijkbaar had ik de kanker nodig om helemaal mezelf te zijn.”</p><p>Met haar humor, enthousiasme en aanstekelijke vrolijkheid geeft Eva, zonder zich ervan bewust te zijn, de lezer belangrijke levenslessen mee. Bijvoorbeeld dat je beter kunt genieten van het nu en de kleine dingen in het leven, omdat het zomaar ineens anders kan lopen. En: zet je ego aan de kant. Het gaat volgens haar niet om hoe anderen over je denken. Het gaat om jezelf. Wat jij wilt. Tijdens haar ziekte heeft Eva geleerd om te kiezen voor wat ze zelf belangrijk vindt. “Er kan zoveel meer dan je zelf denkt. Blijf je eigen beste vriend.”&nbsp;</p><p>Het was niet een bewuste keuze om bekend te worden. Eva begon een blog om haar naasten op de hoogte te houden van het verloop van haar ziekte. Ze is en blijft een ‘gewone’ vrouw, voor wie haar familie, vrienden en partner het meest dierbaar zijn. Ze heeft als geen ander oog voor haar omgeving en staat elke dag dat ze inlevert op haar gezondheid bewuster in het leven. Ze maakt bespreekbaar wat ze voelt en maakt het daarmee ook voor anderen makkelijker om over hun gevoelens te praten. Of zoals vriendin Femke zegt in het boek: Ik gun iedereen een Eva.&nbsp;</p><p><i>8 – Longeneeslijk is geen literair hoogstandje, maar dat is ook niet het doel van het boek. Eva schrijft zoals ze berichten post op sociale media: spontaan en toegankelijk. Haar taal werkt ontwapenend, en dat is haar kracht.&nbsp;</i><br>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Student,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 10 Jan 2025 09:23:27 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/854d3519-7278-4b3f-b50c-bf8a7c85d737/500_longeneeslijk-1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/854d3519-7278-4b3f-b50c-bf8a7c85d737/500_longeneeslijk-1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/854d3519-7278-4b3f-b50c-bf8a7c85d737/longeneeslijk-1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Longeneeslijk-1]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Susanne Dirks is Docent van het Jaar 2025: &quot;Ben er stil van&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/susanne-dirks-is-docent-van-het-jaar-2025-ben-er-stil-van/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/susanne-dirks-is-docent-van-het-jaar-2025-ben-er-stil-van/</guid><pp:caseid>682620</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p style="margin-left:0px;text-align:left;">Tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst waar de Docent van het Jaar bekend werd gemaakt, wierp Fontysvoorzitter Joep Houterman zijn blik op het komende kalenderjaar. Hij benadrukte de vele goede dingen van afgelopen jaar en de mooie uitdagingen voor dit jaar.&nbsp;</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Natuurlijk, er moet bezuinigd worden. Fontys geeft meer geld uit dan er binnenkomt, maar kan dit door de stevige reserves opvangen. “De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we de bezuinigingen niet gaan realiseren met uitsluitend natuurlijk verloop. Ik kan het niet mooier maken dan het is.”&nbsp;</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Financieel is de Operatie Beethoven voor de Brainportregio een opsteker voor Fontys, maar geen grote. Volgens Houterman levert dat de hogeschool slechts een paar miljoen op. Maar hij denkt wel dat Beethoven in bredere zin een gunstig effect zal hebben voor heel Fontys.</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Waar hij zich zorgen over blijft maken zijn de bezuinigingen op internationale studenten. Ongewisser en mogelijk nog zorgwekkender is wat dit kabinet nog in petto heeft voor het hoger onderwijs. “Ik denk dat er nog wel meer bezuinigingen aankomen.”</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Susanne Dirks-Trommelen is gistermiddag tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst uitgeroepen tot Docent van het Jaar 2025. De scheikundedocent en opleidingscoördinator van Fontys Lerarenopleiding Tilburg (FLOT) kreeg de meeste stemmen van de jury. “Het is een hele mooie blijk van waardering.”</strong></p><p>Champagneglazen klinken tegen elkaar. Hapjes gaan rond. De beste wensen worden uitgedeeld. Te midden van het vrolijke geroezemoes van collega’s en studenten zitten vier Fontysdocenten (een vijfde heeft zich om persoonlijke omstandigheden teruggetrokken) lichtelijk gespannen op een podium. Het spotlicht vangt de verwachtingsvolle blikken van Corinka Schipper, Maaike Sier, Jeroen Keijzers en Susanne Dirks-Trommelen. Twee maanden geleden hoorden zij dat ze <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:427/auto;width:427px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/bd7c2dfa-93bc-47fd-92b2-a7c7a91c377f/800_nieuwjaarsbijeenkomst06-01-25-0469.jpg?x=1736194228262" alt="Susanne Dirks en de andere genomineerden: Corinka Schipper, Maaike Sier en Jeroen Keijzers (vlnr)" width="427" height="auto">zijn genomineerd voor Docent van het Jaar 2025.&nbsp;</p><p>Flabbergasted waren ze, en vereerd, zo vertelden ze in interviews in <a href="https://bron.fontys.nl/corinka-schipper-hou-je-passie-vast/" target="_blank">Bron</a>. De nominatie geeft een van hen zelfs een ietwat ongemakkelijk gevoel, want ‘Fontys heeft heel veel goede docenten die elke dag hun stinkende best doen’. Susanne Dirks-Trommelen, scheikundedocent en opleidingscoördinator bij FLOT, gaat zich gaandeweg het praatje van de jury steeds ongemakkelijker voelen. Bij het woord ‘zij’ valt haar mannelijke concurrent Jeroen Keijzers af. En wanneer de termen ‘scheikunde’ en ‘Curaçao’ vallen, is het kwartje gevallen. Ook haar collega’s en aanwezige studenten is het nu duidelijk.&nbsp;</p><p>Dirks-Trommelen is de nieuwe docent van het jaar. Haar wangen kleuren rood en haar lach is breed. Het applaus klinkt hartverwarmend. Hoe ze zich voelt? “Nog net iets ongemakkelijker dan net”. Gelach uit het publiek. Ze had niet op de winst gerekend en is er stil van. De nominatie was al een prijs op zich, zegt ze. “Wel vind ik het een heel mooie blijk van waardering, dat is vooral wat ik omarm. De lovende woorden van de jury en studenten waren een feestje om te horen. Daar doe ik het voor.”&nbsp;</p><p><strong>Loftrompet</strong><br>De jury lette op de toegevoegde maatschappelijke waarde van het gegeven vak, de toegankelijkheid, innovatie en continue ontwikkeling en kennis van de docent. Dat waren niet direct de punten waarvoor de studenten hun docenten nomineerden. Zij staken vooral de loftrompet over de grote mate van betrokkenheid, enthousiasme en de toewijding die hun kandidaten in het klaslokaal laten zien. En hoewel ze alle vier recht hebben op de titel, verdient er maar een van hen de prijs, een cheque van vijfduizend euro te besteden aan innovatie in het onderwijs.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:448/auto;width:448px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8045bbfb-388a-42b6-a88f-410d27b0633f/800_nieuwjaarsbijeenkomst06-01-25-0461.jpg?x=1736194417003" alt="Susanne Dirks met haar collega's van FLOT" width="448" height="auto">Dat geld gaat de scheikundedocent besteden om zich verder te verdiepen in de situatie van overzeese studenten. “Sinds drie jaar volgen namelijk ook Antilliaanse studenten onze scheikundemaster. Dat doen ze op afstand. Ik wil graag een keer daarnaartoe gaan om te zien in welke context zij lesgeven. Dat hoor je wel van ze, maar je bent er niet bij. Door het zelf te ervaren, hoop ik ons onderwijs nog beter op hun behoeften te kunnen afstemmen”, licht Dirks-Trommelen haar motivatie toe.&nbsp;</p><p><strong>Landelijke verkiezing</strong><br>Of de Fontysdocent in april meedoet aan de landelijke verkiezing voor Docent van het Jaar 2025? Ze denkt van wel. “Het is een kans om het beroep van docent op een positieve manier voor het voetlicht te brengen. Ons vak staat best vaak onder druk, soms letterlijk als de werkdruk hoog is, en door het lerarentekort. Sommige mensen vragen zich af of dit een pad is dat ze mogelijk willen volgen. Door mee toe doen aan de landelijke verkiezing kan ik de schoonheid van het leraarschap laten zien.”</p><p><i>De foto's bij dit artikel zijn van Charlotte Grips.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Docent van het Jaar,FLOT,Verbiesen,Ligthart,Bestuur en medezeggenschap]]></category>
            <pubDate>Tue, 07 Jan 2025 08:51:49 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/47da4f5a-6648-4738-98fb-5cfab41e5268/500_nieuwjaarsbijeenkomst06-01-25-0922.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/47da4f5a-6648-4738-98fb-5cfab41e5268/500_nieuwjaarsbijeenkomst06-01-25-0922.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/47da4f5a-6648-4738-98fb-5cfab41e5268/nieuwjaarsbijeenkomst06-01-25-0922.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Nieuwjaarsbijeenkomst 06-01-25-0922]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Top 5 van 2024</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bron-review--top-5-van-2024/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bron-review--top-5-van-2024/</guid><pp:caseid>681980</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Persoonlijke favorieten op Instagram</strong><br>Nieuwsgierig naar de persoonlijke top 5 van de redacteuren? Je leest het op het <a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.instagram.com%2Fbron.fontys%3Figsh%3DMXJxcDJia3Y4czEzdg%3D%3D&data=05%7C02%7Cm.verbiesen%40fontys.nl%7C61b536e02d0749f786d108dd201c469a%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638702028010468162%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=oPgyqM4HWqQuOWgKfQdRbYFebbOUofxIo%2Bf8sMogoRQ%3D&reserved=0" target="_blank">Instagramaccount </a>van Bron. Daar vertellen ook een aantal studenten en medewerkers in een reel over hun favoriet van 2024.&nbsp;</p><p>Vanaf 10 januari is Bron weer terug met een wekelijkse recensie. Dan recenseren we ook podcasts.&nbsp;</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Bron publiceerde ook dit jaar weer (bijna) elke week een recensie van een boek, muziekalbum, serie, film of documentaire. Wat waren de best gelezen recensies?</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fc0833b1-6616-4c58-864d-0357b77b82a3/500_bronreview.jpg?x=1734625044482" alt="" width="200">In de top 5 staan twee films, twee muziekalbums en twee series (in één recensie), maar geen enkel boek. Ontlezing? Gelukkig zijn er <a href="https://bron.fontys.nl/boekenclubs-bij-fontys-lezen-is-zo-waanzinnig-bijzonder/" target="_blank">leesclubs </a>bij Fontys die het lezen willen bevorderen. Twee recensies in deze best-gelezenlijst raken hetzelfde thema: overleven in de wildernis. Het gaat om de film <a href="https://bron.fontys.nl/bron-review-la-sociedad-de-la-nieve/" target="_blank">La sociedad de la nieve</a> over een neergestort vliegtuig in het Andesgebergte – die spant de kroon – en de series <a href="https://bron.fontys.nl/bron-review-alone-en-beau-solo/" target="_blank">Alone en Beau Solo</a>.&nbsp;</p><p>In de realityserie Alone worden negen deelnemers apart van elkaar gedropt in de Noorse wildernis en moeten ze het in hun eentje zo lang mogelijk zien te redden. Presentator Beau van Erven Dorens vaart in Beau Solo per kajak alleen, in barre omstandigheden en in de nabijheid van beren en elanden de Canadese Yukon-rivier af. Begrijpelijk dat deze recensies hoog scoorden in views. Want zeg nu eerlijk, wie vindt overleven in de wildernis geen interessant onderwerp om naar te kijken vanaf de bank?&nbsp;</p><p>De andere filmrecensie die een flink aantal lezers wist te trekken, is <a href="https://bron.fontys.nl/bron-review-beverly-hills-cop-axel-f/" target="_blank">Beverly Hills Cop: Axel F</a> met een hoofdrol voor good old Eddy Murphy. Door de redactie werd de film niet eens zo goed gewaardeerd – een mager zesje – maar waarschijnlijk is de recensie vanwege het hoge ‘O ja, weet je nog’-gehalte toch best vaak gelezen.&nbsp;</p><p>Resten nog twee muziekalbums in deze top 5, namelijk The Cure met <a href="https://bron.fontys.nl/bron-review-the-cure--songs-of-a-lost-world/" target="_blank">Songs of a lost world</a> en Nick Cave & The Bas Seeds met <a href="https://bron.fontys.nl/bron-review-nick-cave--the-bad-seeds---wild-god/" target="_blank">Wild God</a>. Beide albums vallen onder hetzelfde genre: gothic rock en postpunk. Kenmerkend zijn de donkere sound met onheilspellende, treurige en vaak epische soundscapes. Ongeacht de kwaliteit van deze albums kun je je afvragen of 2024 echt zo'n somber jaar was of dat de gemiddelde leeftijd van de Bron-lezers ruim boven de veertig ligt.</p><p><i>Cijfer - Een cijfer geven we dit keer niet, wel een verwachting: na deze recensie zullen de leescijfers van bovenstaande top 5 wel niet meer kloppen als iedereen doorklikt en leest…&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Rubriek,Verbiesen,Recensie]]></category>
            <pubDate>Fri, 20 Dec 2024 09:39:10 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/925a2d74-9898-4837-9c48-2e1ef4f89c20/500_review-recensie-2024-2025-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/925a2d74-9898-4837-9c48-2e1ef4f89c20/500_review-recensie-2024-2025-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/925a2d74-9898-4837-9c48-2e1ef4f89c20/review-recensie-2024-2025-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[review-recensie-2024-2025-shutterstock]]></pp:imageTitle></item></channel>
                    </rss>