<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Fri, 23 Oct 2026 11:10:28 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Thu, 21 May 2026 16:25:08 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>Verpleegkundigen in beeld brengen: de do&#039;s en dont&#039;s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-in-beeld-brengen-de-dos-en-donts/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-in-beeld-brengen-de-dos-en-donts/</guid><pp:caseid>746181</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Beeld&nbsp;niet alleen&nbsp;westerse vrouwen&nbsp;af&nbsp;die bij een ziekenhuisbed&nbsp;staan, maar&nbsp;zorg voor&nbsp;een representatieve vertegenwoordiging&nbsp;van gender en culturele achtergrond. Laat zoveel mogelijk sectoren zien en toon binnen die sectoren ook een diversiteit van werkzaamheden. Dat is hoe je het clichématige beeld van verpleegkundigen kunt veranderen, zo blijkt uit onderzoek van&nbsp;Fontys.&nbsp;</strong>&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Twee jaar geleden&nbsp;zijn twee lectoraten van&nbsp;Fontys&nbsp;Mens en Gezondheid en&nbsp;Fontys&nbsp;Journalistiek&nbsp;een onderzoek </span><a href="https://bron.fontys.nl/steunkousen-en-vrouwen-cliches-moeten-weg-uit-beelden-zorgsector/" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">gestart</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;"> naar clichébeelden uit de zorg, plus daarbij de vraag hoe je verpleegkundigen, verzorgenden IG en verpleegkundig specialisten het beste in beeld kunt brengen.&nbsp;Dat deden ze in samenwerking met&nbsp;ZonMw&nbsp;V&V, een financieringsorganisatie van innovatie en onderzoek in de gezondheidszorg,&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:175/auto;width:175px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/908b14d7-398b-4c4c-956b-4794f2e836ef/500_schermshyafbeelding2023-11-28om12.30.16.png?x=1779192068977" alt="Jessie van Wijk" width="175" height="auto">Voor het&nbsp;onderzoek&nbsp;is&nbsp;ook&nbsp;een&nbsp;eerdere&nbsp;</span><a href="https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC12413654/" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">studie</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;">&nbsp;van docent-onderzoeker Jessie van Wijk gebruikt, gericht op de representatie van verpleegkundigen in de Nederlandse krantenmedia. Telkens kwam hetzelfde beeld terug: “We zien steeds dat verpleegkundigen vaak anoniem en stereotyperend worden afgebeeld”, zegt Van Wijk.&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><strong>Verschillende rollen</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Een verpleegkundige is op beeld bijna altijd een blonde vrouw aan een bed of achter een medicijnkastje, vaak in het wit gekleed; de typische ziekenhuiskleur. Maar, zegt lector Pieterbas&nbsp;Lalleman van het lectoraat Verpleegkunde door de Tijd, die namens Mens en Gezondheid meedeed aan het onderzoek&nbsp;voor&nbsp;ZonMw: “Het gros van de verpleegkundigen werkt helemaal niet in het ziekenhuis, maar in de wijk of voor de langdurige zorg.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De rollen die een verpleegkundige kan hebben, rijken volgens hem veel verder dan de directe patiëntenzorg. “Bij&nbsp;Fontys&nbsp;proberen we onze verpleegkundigen heel breed op te leiden. En ja:&nbsp;daar hoort patiëntenzorg bij, maar zeker in de laatste decennia is daar ook heel veel ander werk bij gekomen. Ze kunnen bijvoorbeeld ook zij aan zij staan met bestuurders. Dat zien we alleen bijna niet terug in bestaande&nbsp;beeldbanken.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><strong>Beeldwijzer met tips</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Het&nbsp;doel&nbsp;van het onderzoek voor&nbsp;ZonMw&nbsp;V&V&nbsp;was het ontwikkelen van&nbsp;een </span><a href="https://www.venvn.nl/beeldwijzer-verpleegkundigen-verzorgenden-ig-en-verpleegkundig-specialisten" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">praktische beeldwijzer</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;">,&nbsp;die ervoor moet zorgen dat er meer representatieve beelden gemaakt worden over het werk dat verpleegkundigen doen.&nbsp;Daarin staan vijf tips centraal, te beginnen met: breng zorgprofessionals herkenbaar in beeld. Zorg voor een afspiegeling van de samenleving en breng verschillende sectoren in beeld. Ga dus niet alleen in op ziekenhuispersoneel, maar ook op wijkverpleging, GGZ, gehandicaptenzorg en GGD. Laat binnen die sectoren diversiteit van werkzaamheden zien én maak de handelingen en expertise van verpleegkundigen zichtbaar.&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Verder staan er ook nog fotografische aanwijzingen in, zoals: zet zo weinig mogelijk in scène, houd de werkomgeving zoveel mogelijk intact, gebruik zoveel mogelijk natuurlijk licht en wissel af tussen close-ups en totaalshots.&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/efe29ad1-498b-4470-a8d0-815909487a87/500_fotopieterbaslallemanvierkant.png?x=1779262772962" alt="Pieterbas Lalleman" width="200"><strong>Rol voor journalist</strong></span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">De beeldwijzer is bedoeld&nbsp;voor&nbsp;zowel&nbsp;verpleegkundigen als fotojournalisten.&nbsp;Lalleman: “We kunnen wel zeggen dat verpleegkundigen harder hun best moeten doen om uit te leggen wat hun werk is, maar er is hier ook een rol weggelegd voor&nbsp;journalisten. Want die gebruiken de beelden; zij bepalen welke foto’s er bij hun artikelen komen te staan.&nbsp;Dat is toch wel een heel belangrijk punt uit het onderzoek: dat de verantwoordelijkheid grotendeels bij de journalist ligt.” Van Wijk gaat daar met behulp van een verkregen promotiebeurs in de komende jaren meer onderzoek naar doen.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Of het probleem daarna is opgelost? Daar durven&nbsp;Lalleman&nbsp;en Van Wijk geen harde uitspraken over te doen. AI werkt&nbsp;in ieder geval&nbsp;niet bepaald mee,&nbsp;vinden ze allebei. “Want als jij&nbsp;AI vraagt om een AI-gegenereerd beeld van een verpleegkundige, dan krijg je nog steeds het stereotype beeld dat we juist níét willen zien.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Behalve Lalleman en Van Wijk werkten ook </span><span style="text-align:left;">Daniëlle Arets, Michiel Bles en Karlijn ten Cate van Fontys Journalistiek mee aan het onderzoek.</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Lectoraten,Lectoren,Onderzoek,Onderzoek Algemeen,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,FHJ,FHMG,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Journalistiek,Luiken]]></category>
            <pubDate>Wed, 20 May 2026 10:25:32 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 21 May 2026 14:25:08 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/500_shutterstock_2747679221.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/500_shutterstock_2747679221.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/shutterstock_2747679221.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[zorg ziekenhuis verpleegkundige]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Stagiaires in de zorg krijgen vaker met agressie te maken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/stagiaires-in-de-zorg-krijgen-vaker-met-agressie-te-maken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/stagiaires-in-de-zorg-krijgen-vaker-met-agressie-te-maken/</guid><pp:caseid>738538</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Menig student Verpleegkunde komt tijdens een stage in aanraking met verschillende vormen van agressie door cliënten. Volgens hen worden ze daar tijdens hun opleiding nauwelijks op voorbereid. Opleidingsmanager Meike Berkers herkent dit beeld niet. Niettemin komt er volgend jaar wel een training ‘de-escalarend werken’ in het curriculum.</strong></p><p>Uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat in 2024 bijna zes op de tien (57 procent) medewerkers in zorg en welzijn te maken hebben gehad met agressie door patiënten of naasten. In de meeste gevallen gaat het om verbale agressie (48 procent), maar ook vormen als pesten (25 procent), fysieke agressie (21 procent) en bedreiging en intimidatie (10 procent) komen voor.</p><p>Eline, derdejaars student Verpleegkunde, maakte tijdens haar stage meerdere vormen van agressie mee. “Ze zoeken een beetje de grenzen op en proberen echt persoonlijke punten te raken.” Ook Naomi, eveneens derdejaars, heeft het meegemaakt. Op haar afdeling zijn sommige cliënten snel agressief. “We hebben een cliënt die superboos wordt als er iets misgaat. Dan gaat hij op tafels slaan, schreeuwen en racistische opmerkingen maken.”&nbsp;</p><p>Fleur, ook derdejaars Verpleegkundestudent, herkent dit. “Ik heb echt veel verbale agressie meegemaakt op stage. En dan denk ik: ik ben een stagiair, ik ben ook gewoon aan het leren.” Naast verbale agressie maken studenten soms ook fysieke agressie mee. Naomi: “Er is een autistische patiënt op mijn afdeling die soms ineens slaat. Soms ook op mijn kont. Voor haar is dat gewoon normaal gedrag.” Ook Eline vertelt dat ze een keer heel hard is geduwd.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:457/auto;width:457px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0a82ff44-2da1-4fac-a125-87f583445494/800_agressie.jpg?x=1773220826425" alt="" width="457" height="auto">Achteraf</strong><br>Wanneer studenten met agressie te maken krijgen, weten ze vaak niet direct wat ze moeten doen. Eline kreeg na het incident waarbij ze werd geduwd wel uitleg van haar stagebegeleiders. “Maar dat was pas achteraf. Met verbale agressie weet ik eigenlijk niet goed wat je moet doen. Je kan een VIM-melding (Veilig Incidenten Melding) maken, maar dat is ook pas achteraf."</p><p>De studenten geven aan dat ze vooral op hun stage leren omgaan met agressieve situaties. Vanuit de opleiding zelf krijgen ze daar weinig voorbereiding op. “Op stage krijg je er veel meer uitleg over dan op school”, zegt Eline. “Bij Fontys eigenlijk niet echt.” Fleur vindt dat het tijdens de communicatielessen terug zou moeten komen. Volgens de studenten zou het helpen als het onderwerp eerder in de opleiding terugkomt, bijvoorbeeld vóór de eerste stage. “Als je voor het eerst op stage gaat, ga je dit sowieso meemaken”, zegt Naomi. “Dan weet je gewoon echt niet wat je moet doen.”</p><p><strong>Gepolst</strong><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:218/auto;width:218px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ab3a508d-8e00-4512-a7d6-c994c02681a7/800_meikeberkers.png?x=1773218868745" alt="Meike Berkers" width="218" height="auto">Meike Berkers, opleidingsmanager van Fontys Verpleegkunde, verwijst naar de uitkomst van de Nationale Studentenenquête uit 2024, waarin voltijdstudenten Verpleegkunde van Fontys juist een bovengemiddeld goed cijfer gaven voor ‘het opdoen van vaardigheden voor de beroepspraktijk’. Zij heeft naar aanleiding van vragen van Bron bij docenten gepolst of zij meldingen krijgen van studenten over agressie. “Docenten geven aan dat ze zelden of nooit van studenten horen dat ze last hebben gehad van agressie.”&nbsp;</p><p>Berkers benadrukt dat de opleiding wel degelijk iets doet om studenten voor te bereiden, maar dat studenten dat misschien niet herkennen als voorbereiding op agressie. “We leren ze om de-escalerend te werk te gaan. Daarbij leren ze communicatieve vaardigheden die ze kunnen inzetten als een cliënt bijvoorbeeld zijn stem verheft of wat persoonlijke grenzen zijn.” Daarnaast komt er volgend jaar, naar aanleiding van signalen uit de media en de samenleving, een training de-escalerend werken in het curriculum.&nbsp;</p><p>Tot slot vertelt Berkers dat de stageplekken van tevoren grondig worden gescreend en zorgvuldig worden uitgekozen op basis van een veilig leer- en werkklimaat. Maar mochten studenten niettemin dus toch last ervaren van gedrag van cliënten in de zorg, dan raadt zij hen aan om daarover in gesprek te gaan door contact op te nemen met <span>hun docent praktijkleren, degene die hen tijdens hun stage begeleidt.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Gezondheid en sport,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Kiara,Eindhoven,Tilburg,Student,FHMG]]></category>
            <pubDate>Wed, 11 Mar 2026 10:37:27 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 11 Mar 2026 14:15:45 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/2c25d2f7-b85e-44a2-a520-982127a73273/500_agressieindezorg.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/2c25d2f7-b85e-44a2-a520-982127a73273/500_agressieindezorg.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/2c25d2f7-b85e-44a2-a520-982127a73273/agressieindezorg.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[agressie in de zorg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studie Gezondheid stopt: te weinig animo studenten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studie-gezondheid-stopt-te-weinig-animo-studenten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studie-gezondheid-stopt-te-weinig-animo-studenten/</guid><pp:caseid>738308</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Gezondheid is de nieuwste bachelor binnen Fontys Paramedisch. Toch wordt de studie na vijf jaar alweer beëindigd omdat te weinig studenten zich aanmelden.</strong></p><p>Paul Maas, adjunct-directeur van Fontys Paramedisch, vertelt dat er momenteel al te weinig studenten de studie volgen. “Los van te weinig instroom is er ook relatief veel uitval. Een totaal aantal van 22 studenten voor zowel voltijd als deeltijd op twee locaties, Tilburg en Venlo, is echt onvoldoende.”&nbsp;</p><p>Waar dit aan ligt, is volgens Maas moeilijk te zeggen. Studenten die al zijn begonnen, mogen de studie wel gewoon afronden. “We faseren uit, dus de komende jaren bieden we nog gewoon kwalitatief onderwijs.”</p><p><strong>Breder</strong><br>Een van de studenten die de bachelor nog volgt, is tweedejaarsstudent Levy (22). In Tilburg is hij de enige tweedejaars en in Venlo zit nog één andere tweedejaars student. Levy koos bewust voor de opleiding omdat die een brede kijk op gezondheid biedt. “Ik wilde niet iets heel specifieks doen zoals fysiotherapie of verpleegkunde, maar juist een opleiding die breder naar gezondheid kijkt,” zegt hij.&nbsp;</p><p>Volgens hem kan die brede opzet ook een reden zijn dat studenten afhaken. “In het eerste jaar is het soms nog een beetje vaag en studenten uit de havo zoeken vaak juist meer houvast.” Ook beginnen studenten bij deze opleiding al snel met hun stage, wat voor sommige eerstejaars een grote stap kan zijn.</p><p>Ook eerstejaarsstudent Samuel merkt hoe klein de opleiding inmiddels is. In Tilburg zit hij met vier andere eerstejaars in de klas. Na een mbo-opleiding in de zorg koos hij voor Gezondheid omdat hij minder aan het bed wilde werken en meer richting beleid en theorie wilde gaan. “Je wordt echt geprikkeld om je te verdiepen in een gezondheidsvraagstuk en daar je eigen draai aan te geven.”&nbsp;</p><p>Volgens Samuel kan de oorzaak van de lage instroom ook liggen in het feit dat de opleiding weinig naamsbekendheid heeft. “Ik denk dat de opleiding gewoon niet zo bekend is in de omgeving, terwijl het volgens mij juist een studie is met veel potentie en goede toekomstige banen.” Ondanks dat de studie stopt, is hij van plan om hem zelf wel af te maken. “Of het nou in mijn eentje is of met meerdere studenten, dat maakt me niet uit. Ik wil hem sowieso afronden.”</p><p><strong>Docenten</strong><br>Ook met de docenten van de bachelor Gezondheid is volgens Maas rekening gehouden. Zij zijn in ieder geval nodig tot de laatste studenten zijn afgestudeerd. “Met iedere docent zijn gesprekken gevoerd en we bekijken samen in goede harmonie hoe het verder gaat. Dit ervaar ik tot op heden als erg prettige en constructieve gesprekken,” aldus Maas.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Gezondheidszorg,Gezondheid en sport,FHP,Kiara,Tilburg,Venlo]]></category>
            <pubDate>Mon, 09 Mar 2026 12:00:04 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 13 Mar 2026 10:17:18 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/47b430c6-607a-41bf-a3e5-3f20abd6467d/500_opleidinggezondheid.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/47b430c6-607a-41bf-a3e5-3f20abd6467d/500_opleidinggezondheid.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/47b430c6-607a-41bf-a3e5-3f20abd6467d/opleidinggezondheid.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Opleiding gezondheid]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Suf, benauwd of koorts: online cursus biedt ouders houvast</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/suf-benauwd-of-koorts-online-cursus-biedt-ouders-houvast/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/suf-benauwd-of-koorts-online-cursus-biedt-ouders-houvast/</guid><pp:caseid>732846</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Je zit thuis met een kindje dat koorts, vreemde plekjes of een snelle ademhaling heeft. Bel je de huisarts of zit je het uit? Het is een veelvoorkomende vraag bij jonge ouders. Maar het is ook een vraag die dankzij een nieuwe online cursus van Fontysmedewerker Jenny Korsten helemaal geen vraag meer hoeft te zijn.</strong></p><p>Jenny Korsten heeft als docent Verpleegkunde en voormalig verpleegkundige de nodige kennis en ervaring op het gebied van zorg. Hetzelfde geldt voor haar moeder Gerrie, die naast doktersassistente ook het eerste aanspreekpunt bij een huisartsenpost in Venlo is. Samen kwamen ze op het idee om een online cursus te ontwikkelen voor jonge ouders met zieke kinderen.</p><p>“Het idee ontstond al tijdens de coronatijd”, vertelt Gerrie. “Het viel mij toen op dat jonge ouders die normaal gesproken veel belden met vragen over zieke kinderen, plotseling veel minder vaak belden. Waar haalden ze informatie dan vandaan, vroeg ik me af.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:258/auto;width:258px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/296ff4f4-4ebb-4915-829c-9ee9e2fb0971/800_foto-gerrieenjenny2.jpeg?x=1767884067481" alt="Gerrie en Jenny " width="258" height="auto">In diezelfde coronaperiode beviel Jenny van een te vroeg geboren baby, met als gevolg heel veel zorgvragen. “Daarna heb ik nog een kindje gekregen dat in de eerste week na haar geboorte het RS-virus opliep, waardoor ze benauwdheidsklachten kreeg”, vertelt de docent. “Door al die dingen samen kwamen we steeds weer terug bij de vraag hoe andere ouders die geen achtergrond hebben in de zorg dit soort dingen aanpakken.”</p><p><strong>Late uurtjes</strong><br>Een uitkomst voor die ouders kan de online cursus zijn die Gerrie en Jenny samen hebben ontwikkeld. Dat deden ze samen op het zolderkamertje van Jenny, vaak in de late uurtjes als de kinderen op bed lagen. “In de cursus komen verschillende vraagstukken voorbij, met daarbij altijd de hamvraag: is het wel of geen spoed? Bel je wel of niet de huisarts, huisartsenpost of 112?”, aldus Gerrie. Een voorbeeld van de thema's is sufheid, een onderwerp waar volgens de doktersassistente heel vaak voor gebeld wordt.</p><p>“Een kindje dat écht suf is, is een kind dat amper aanspreekbaar is en dat meteen weer in slaap valt nadat je het wekt. Als het kind reageert, televisie kijkt, drinkt of een knuffeltje aanpakt, is er vaak geen sprake van spoed. Dat soort dingen leggen we allemaal uit in de cursus. Hetzelfde geldt voor benauwdheid: wanneer bel je in zo’n geval de huisarts of andere hulpdiensten en wanneer niet? Is het alarmerend of niet alarmerend, daar draait het om.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c38a8756-8ef2-466a-9578-a49e0ed4ad68/500_folder-cursus.png?x=1767884022350" alt="" width="200">Gerrie heeft in haar carrière al verschillende gevallen meegemaakt waarbij ouders belden die niet per se hadden hoeven bellen. Maar andersom gebeurde het ook: ouders die juist wél met spoed hadden moeten bellen, deden dat niet.&nbsp;</p><p>“Zo was er ooit een moeder die heel lang in de wacht hing vanwege een ziek kind. Maar dat wachten duurde volgens haar zo lang, dat ze naar de huisartsenpost was gekomen zonder afspraak. Eenmaal daar bleek dat haar kind allemaal rare plekjes op het onderbeen had die wezen op puntbloedingen, de gevaarlijke bloedingen waar wij altijd voor waarschuwen. Dit was eigenlijk een spoedgeval en zij had dus de spoedlijn mogen bellen zonder in de wacht te staan, maar dat wist deze vrouw niet.”&nbsp;</p><p><strong>Preventief</strong><br>Jenny kent de alarmsignalen omdat ze zelf al een behoorlijke tijd in de zorg werkt, maar dat geldt lang niet voor alle ouders. “Wij hopen dat onze cursus preventief kan worden aangeboden vanuit bijvoorbeeld de verloskundige of zorgverzekeringen. Want het is natuurlijk fijn dat áls je ergens tegenaan loopt, je weet op welke signalen je moet letten en hoe je moet handelen. We willen hiermee niet alleen bereiken dat mensen minder onnodig bellen als ze zich zorgen maken, maar vooral ook dat ze gerustgesteld worden.”&nbsp;</p><p>De informatie uit de cursus is afkomstig van allerlei betrouwbare bronnen zoals Thuisarts, wet en regelgeving en richtlijnen van huisartsen en de NHG. Iedereen kan de cursus <a href="https://www.myminiandme.nl/" target="_blank">zelf aanschaffen voor 49 euro</a>, maar Jenny en Gerrie hopen dat-ie in de toekomst ook vergoed kan worden door zorgverzekeraars. Gesprekken daarvoor worden gevoerd.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Eindhoven,Limburg,Luiken]]></category>
            <pubDate>Fri, 09 Jan 2026 09:02:50 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 12 Jan 2026 14:58:12 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/44ed748b-58d0-4a2c-9bdd-f4a8c13703cb/500_shutterstock_2074581280.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/44ed748b-58d0-4a2c-9bdd-f4a8c13703cb/500_shutterstock_2074581280.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/44ed748b-58d0-4a2c-9bdd-f4a8c13703cb/shutterstock_2074581280.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[ziek kind baby dokter]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Opleiding die Limburg gezonder moest maken, krimpt</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/opleiding-die-limburg-gezonder-moest-maken-krimpt/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/opleiding-die-limburg-gezonder-moest-maken-krimpt/</guid><pp:caseid>724403</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Vier jaar geleden ging de opleiding Gezondheid van start in Venlo. De eerste vier studenten daarvan kregen vorige week hun diploma. Maar heel veel zullen er de komende jaren niet in hun voetsporen treden: sinds dit jaar is de voltijd variant namelijk afgeschaft vanwege te weinig aanmeldingen. En dat terwijl er juist zo hard voor de komst van de opleiding gestreden is.</strong></p><p>De vreugde in Limburg was groot toen in 2021 na een jarenlange aanloop de voltijd Gezondheidsopleiding met negen studenten <a href="https://bron.fontys.nl/eindelijk-volwaardige-opleiding-gezondheid-voor-venlo/" target="_blank">van start ging</a> bij Fontys Venlo. Dat gebeurde na een aanbesteding die voortkwam uit een in 2016 gestart project, met als doel om van Limburg de gezondste provincie van Nederland te maken. “Nu is Limburg namelijk de ongezondste provincie van het land”, legt Frédérique Emmen uit, teamvoorzitter van de opleiding Gezondheid. “Dat komt omdat we hier heel veel ouderen hebben. Er is sprake van dubbele vergrijzing, alle jeugd loopt hier weg.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:313/auto;width:313px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-05-31at5.13.14pm1.jpeg?x=1759832707846" alt="Opening van bachelor Gezondheid " width="313" height="auto">De vraag vanuit het werkveld was dan ook groot. Er is in de regio een schreeuwend tekort aan specialisten op het gebied van gezondheid, preventie en zorginnovatie. Maar zo groot als de vraag is, zo klein is het aanbod. “Studenten laten het een beetje afweten”, vervolgt Emmen. “Dat komt omdat het zo’n brede opleiding is. Als je fysiotherapie studeert, weet je dat je fysiotherapeut wordt. Studeer je engineering? Dan word je werktuigbouwkunde of engineer. Maar zo werkt dat bij ons niet.”</p><p><strong>Bruggenbouwers</strong><br>Veel mensen denken dat de studie ‘iets met verpleegkunde’ te maken heeft, maar dat is volgens Emmen veel te kort door de bocht. “We zijn absoluut geen handen aan een bed. We zijn bruggenbouwers tussen stakeholders. We houden ons bezig met allerlei verschillende domeinen. Van ziekenhuizen tot mentale zorg en burgers an sich. Wij zorgen ervoor dat mensen juist niet in een zorgtraject terecht komen.” Studenten zetten zich bijvoorbeeld in om kinderen meer te laten bewegen, het gezondheidsgedrag in een wijk te veranderen of door ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen.</p><p>Dit jaar waren er wel aanmeldingen voor de voltijd opleiding, maar dat waren er volgens Emmen te weinig om de studie betaalbaar te laten houden. En dus is er vanuit de directie voor gekozen om in Limburg alleen nog de deeltijd variant aan te bieden. Daar zijn dit studiejaar zes nieuwe studenten mee gestart.&nbsp;<span> </span>In Tilburg zit nog wel een voltijdstudie Gezondheid.</p><p><strong>Potentie</strong><br>“Zes nieuwe studenten voor deeltijd is natuurlijk nog steeds heel weinig, maar omdat er zoveel vraag is vanuit het werkveld, is het wel belangrijk om de studie aan te blijven bieden. Ik denk zelf dat het wel goed is zo. Venlo heeft potentie om de deeltijdstudie vorm te geven en de gemeente doet er alles aan om ons te behouden door ons bij allerlei verschillende bedrijven binnen te krijgen.”&nbsp;</p><p>Dat laatste heeft als resultaat dat studenten heel toepassingsgericht leren door elk half jaar bij een andere opdrachtgever aan de slag te gaan. Ze zijn verplicht om van domeinen te wisselen zodat ze van alle verschillende facetten van het vak kunnen proeven. Van de vier afgestudeerde studenten hebben er drie een baan overgehouden aan zo’n opdracht. De vierde zal volgens Emmen ook binnen no time een baan hebben. “Ik durf er mijn hand voor in het vuur te steken dat onze studenten in Venlo 100 procent baangarantie hebben.”</p><h5><i>Foto bovenin: de vier eerste afgestudeerden van de voltijd opleiding Gezondheid Venlo</i></h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Limburg,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Luiken]]></category>
            <pubDate>Tue, 07 Oct 2025 12:36:38 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 07 Oct 2025 13:51:07 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/cfbeeb15-df72-48fc-a97b-80ac1ff798d4/500_schermafbeelding2025-10-07om12.22.28.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/cfbeeb15-df72-48fc-a97b-80ac1ff798d4/500_schermafbeelding2025-10-07om12.22.28.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/cfbeeb15-df72-48fc-a97b-80ac1ff798d4/schermafbeelding2025-10-07om12.22.28.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De vier eerste afgestudeerden van Gezondheid Venlo]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nog betere aansluiting voor leerlingen: Junior Academie breidt uit</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nog-meer-aansluiting-op-vo-junior-academie-breidt-uit/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nog-meer-aansluiting-op-vo-junior-academie-breidt-uit/</guid><pp:caseid>711164</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Jongeren al vroeg in de studieloopbaan kennis laten maken met het vak techniek gebeurt bij Fontys al een tijdje. Maar vanaf het nieuwe collegejaar wordt er ook ingezet op andere domeinen. De Fontys Junior Academie breidt zich flink uit.</strong></p><p>De Fontys Junior Academie is jaren geleden in het leven geroepen om de overstap vanuit het voortgezet onderwijs en mbo naar het hbo zo soepel mogelijk te maken. Dat gebeurt met zogeheten ‘aansluitingsactiviteiten’, die tot nu toe vooral in de techniekbranche worden georganiseerd. Maar vanaf het nieuwe studiejaar komen daar ook de domeinen Economie & Communicatie, Educatie, Mens & Gezondheid/Paramedisch bij.&nbsp;</p><p><strong>Keuze is reuze</strong><br>Dat heeft als reden dat de studiekeuze voor leerlingen momenteel enorm is. Misschien zelfs wel te groot, en daardoor zien veel studiekiezers door de bomen het bos niet meer. Want ga er maar aanstaan: je rondt als jong bloempje de middelbare school af zonder enig idee welk carrièrepad je wil gaan bewandelen. Toch is het van groot belang dat je op dit moment een studie kiest die bij je past.</p><p>Maar dat is ’t hem nou juist. Want hoe weet jij welke studie bij je past? Nou, dat is dus waar de Junior Academie om de hoek komt kijken. Want met de activiteiten die hier worden georganiseerd, krijgen leerlingen van het voortgezet onderwijs en het mbo een kijkje in verschillende keukens. Voorheen dus alleen in de technische keuken, maar vanaf het nieuwe studiejaar kunnen ze ook kennismaken met alles wat met economie, communicatie, educatie en de gezondheidswereld te maken heeft.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/20543272-25cf-4861-8dc4-0d575541b98a/500_nienkevanotterloo.png?x=1750160340223" alt="Nienke van Otterloo" width="200">“Wij organiseren activiteiten om leerlingen in aanraking te laten komen met de verschillende domeinen, zodat ze een beter beeld krijgen van wat ze leuk of juist niet leuk vinden”, legt Nienke van Otterloo uit, coördinator bij de Junior Academie, afdeling Techniek. Maar daar blijft het niet bij, want: “Aangezien docenten daar een grote rol in spelen en het belangrijk is dat zij weten hoe het vervolgonderwijs eruitziet, organiseren we ook voor docenten verschillende activiteiten.”</p><p><strong>Officiële start</strong><br>Officieel worden de ‘extra’ domeinen pas vanaf september bij de Junior Academie betrokken, maar achter de schermen wordt er wel al aan die nieuwe stap gewerkt. “<span style="text-align:left;">Vanuit de domeinen werken we al een jaar samen binnen de Junior Academie, afgelopen jaar in pilotvorm, komend jaar met een vaste jaarplanning en gezamenlijke website</span>”, vervolgt Van Otterloo.</p><p>Haar collega Martje Pool, die als strategisch consultant aansluiting vanuit de centrale diensten advies uitbrengt over hoe de aansluiting met het voortgezet onderwijs en mbo verbeterd kan worden, vult haar aan. “Veel scholen zien ons als één Fontys, maar Fontys bestaat uit heel veel verschillende instituten met heel veel verschillende contactpersonen. Dat is voor het voortgezet onderwijs natuurlijk niet te overzien, en daarom brengen we met de Junior Academie alles samen.”</p><p><strong>Meerder doelen</strong><br>Tijdens de activiteiten die de Junior Academie organiseert, worden deelnemers aan het werk gezet om de breedte van het domein en vakgebied te laten zien. Met als hoofddoel mensen enthousiast te maken voor dat domein, maar ook om te voorkomen dat ze de verkeerde studiekeuze maken.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/934787ef-860b-4145-85f3-8d3b43e2d90d/500_1000042583.jpg?x=1750160363964" alt="Martje Pool" width="200">Pool: “We willen natuurlijk onder de aandacht brengen wat we hebben, maar dat is uiteindelijk niet het doel. Het grote doel is om de overstap tussen het voortgezet onderwijs en hbo minder groot te maken en bij te dragen aan een goede studiekeuze. Er zijn immers heel veel havisten met motivatieproblemen die overstappen naar het mbo en dan uitvallen, en om dit tegen te gaan wordt er gekeken hoe de havo praktijkgerichter kan worden en zo kan bijdragen aan de voorbereiding op het hbo. Onze activiteiten sluiten daar mooi op aan.”</p><p>Met de nieuwe domeinen die vanaf september worden toegevoegd, wordt Fontys met een groter deel vertegenwoordigd dan ooit. Maar dan zijn ze er nog steeds niet helemaal. Gaat dat in de toekomst nog veranderen? “We zijn nu met een aantal grote domeinen gestart en gaan hiermee kijken waar de struikelblokken en winkansen liggen, maar uiteindelijk hopen we alle Fontys-instituten te vertegenwoordigen bij de Junior Academie.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Luiken,FHEC,FHMG,FHTN,FHE,FHKE,PRO Communicatie,PRO Economie,PRO Educatie,PRO Techniek,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid]]></category>
            <pubDate>Tue, 17 Jun 2025 13:39:46 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 18 Jun 2025 12:59:10 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/500_shutterstock-1962091198.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/500_shutterstock-1962091198.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/shutterstock-1962091198.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[studie keuze richting]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>AI en hokjesdenken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ai-en-hokjesdenken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ai-en-hokjesdenken/</guid><pp:caseid>692721</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Question Zero, oftewel de basisvraag, luidt als het om AI gaat: is AI de oplossing voor mijn probleem? Fontysdocent en AI-expert Erdinç Saçan: “Het is een vraag die iedereen voor zichzelf moet beantwoorden.”&nbsp;</strong></p><p>Hij komt er op veel manieren ook op terug in zijn boek ‘AI voor Iedereen’. “Initieel was het mijn bedoeling bij het schrijven van dat boek om vooral de positieve kanten van AI te laten zien. Maar na alle gesprekken die ik met experts voerde, veranderde dat.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:245/auto;width:245px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/bd2664e9-790f-4321-8a03-91c26a92c588/800_aihoezitdatnou3.jpg?x=1743619409689" alt="" width="245" height="auto">Los van de eerder in deze Bronserie door Erdinç geschetste haken en ogen, noemt hij nog twee principiële nadelen van AI: “Zolang als wij mensen vooroordelen hebben en anderen in hokjes plaatsen, zal AI dat ook doen.”</p><p>“En waar ik me ook zorgen over maak is dat we straks AI ook voor ‘normale’ dingen gaan gebruiken. Dat je AI vraagt hoe een baksteen wordt gemaakt, om maar een simpel voorbeeld te geven. Dat je zelf dus geen moeite meer hoeft te doen om kennis te vergaren. Ik weet niet wat dat met onze hersenen doen, geen idee.”</p><p><strong>Strijd</strong><br>Zo blijft het een strijd tussen de toepassingskant van AI en de morele aspecten van kunstmatige intelligentie. Nog los van het feit dat steeds minder mensen écht veel weten over AI en hoe het precies werkt.</p><p>“In het begin liet ik bij lezingen nog wel zien hoe AI precies werkt. Maar ik kwam er al snel achter dat dit in vrijwel elke zaal het ene oor in en het andere oor uitging. Dus ben ik daarmee gestopt. Nu laat ik zien welke tools er zijn. Maar dan zou je nog steeds wel moeten snappen hoe dat werkt.”</p><p><strong>Diploma</strong><br>En hoe is dat dan bij Fontys? “Je ziet dat onze studenten volop gebruik maken van AI, al dan niet bewust van haken en ogen. Sommige gebruiken het zo goed dat je hen bijna binnen een jaar een diploma kunt geven.”</p><p>Maar dat is ook meteen de door velen al vaak aangehaalde valkuil, die door AI alleen nog maar dieper gemaakt wordt: veruit de meeste studenten willen gewoon met zo weinig mogelijk energie zo snel mogelijk hun diploma halen. Ziet ook Erdinç. “De meerderheid kijkt alleen maar naar ‘certificeren’ in plaats van ‘leren’. Dat roept allerlei vragen op. Zoals: moet je de opleidingen wel vier jaar laten duren? Waarom niet twee jaar?”</p><p>We moeten, zo is Erdinç heel stellig, iets doen aan ons onderwijs. Het moet anders volgens hem. “We zijn goed bezig, begrijp me niet verkeerd. Maar er kan meer en het kan beter. <span>Als het om AI gaat ben ik trots op de basis die wij leggen in ons onderwijs bij Fontys</span>. We hebben verdiepende workshops, we hebben een beleid. Maar als het gaat om de ontwikkeling van het onderwijs, kan het sneller.”</p><p>De wereld staat niet stil, wil hij er maar mee zeggen. Dus er zou meer geëxperimenteerd mogen worden. “Niets is voor altijd. Twintig jaar geleden meldde ik, zoals zovelen, nog op mijn cv dat ik ‘pc-vaardig’ was. Dat doet niemand meer. Nu zie je dat studenten op hun cv ‘AI-vaardig’ zetten.”</p>]]></description><category><![CDATA[Serie,Nieuws,FHICT,AI,PRO Communicatie,PRO Economie,PRO Educatie,PRO Financieel,PRO Gezondheidszorg,PRO HRM en Psychologie,PRO Kunst en cultuur,PRO Logistiek,PRO Management en Organisatie,PRO Marketing,PRO Onderwijs,PRO Ondernemerschap,PRO Recht,PRO Techniek,PRO Welzijn,PRO Talen,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Mon, 14 Apr 2025 09:08:00 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 17 Apr 2025 08:11:21 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/52e669a0-4285-422f-8d8b-57df22b97214/500_img-4228.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/52e669a0-4285-422f-8d8b-57df22b97214/500_img-4228.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/52e669a0-4285-422f-8d8b-57df22b97214/img-4228.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[IMG_4228]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>De vier basisregels voor AI-gebruik</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-vier-basisregels-voor-ai-gebruik/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-vier-basisregels-voor-ai-gebruik/</guid><pp:caseid>692719</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Is het allemaal geweldig wat je met AI kunt doen? Niet allemaal, veel wel. Er zijn echter ook grote risico’s. Fontysdocent Erdinç Saçan: “Ik ben niet negatief over AI. Maar wel heel bewust. Iedereen zou eigenlijk altijd na moet denken over vier basisregels bij het gebruik van AI.” Welke dat zijn? Lees dit tweede deel van de Bron-serie over AI.</strong></p><p>Natuurlijk, ook Erdinç ziet de gevaren in van AI. “Er is een groot risico dat de al bestaande digitale kloof nog immens veel groter wordt. Wat als big tech straks besluit dat je 200 dollar per maand moet betalen voor een AI-tool? Veel mensen kunnen dat helemaal niet betalen. En het heeft overal invloed op. Daarom hoop ik dat de Nederlandse overheid ook door blijft gaan met de ontwikkeling van een eigen GPT.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:277/auto;width:277px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8c971af0-14c6-4b3f-8572-66f97b30cfc1/800_aihoezitdatnou2.jpg?x=1743619356120" alt="" width="277" height="auto">Voor de overheid ziet hij sowieso een grote taak weggelegd. Niet in verbiedende wetgeving. “Nee, dan gaat het de illegaliteit in en ben je nog verder van huis. Maar je moet wel vooraf nadenken over ethische consequenties en daarnaar handelen als wetgever. Ik ben ook helemaal voor de AI Act. En blij dat ik in Europa woon, waar wetgevers ons beschermen tegen misbruik en manipulatie door AI.”</p><p><strong>Motorkap</strong><br>Erdinç geeft zelf als eerste toe dat hij niet de expert is die weet wat er onder de motorkap van AI gebeurt. Er lopen ook binnen Fontys genoeg mensen rond die daar meer kennis van hebben. Maar over de ethische kanten, de voor- en nadelen en de wijze waarop je AI kunt inzetten, daar weet hij genoeg van.</p><p>En dat geldt lang niet voor iedereen. Vandaar zijn pleidooi voor AI-geletterdheid als verplichte kost voor iedereen. Hij heeft om te beginnen vier basisregels die hij iedereen op het hart wil drukken.</p><p>“Gebruik AI als startpunt maar nooit als eindpunt. Check altijd de uitkomst, dus ga er nooit blind vanuit dat AI het enige en correcte antwoord heeft. Zeker, de informatie wordt steeds beter en accurater, maar we zijn nog niet zover dat je niet meer hoeft te controleren of het ook echt waar is.”</p><p>“Daarom is het verstandig om AI vooral te gebruiken voor dingen waar je zelf al verstand van hebt. En als AI dan eens bronnen vermeld, check dan ook die bronnen.”</p><p><strong>Veilig</strong><br>“Het derde punt is privacy. Er is nog steeds geen enkele AI-tool die helemaal veilig is. Ook die van Microsoft niet. Dus, om een voorbeeld te noemen: upload nooit je eigen medische dossier.”</p><p>En het vierde punt is even logisch als dat het noodzakelijk is. “Gebruik je eigen hersenen. De mens moet altijd de baas zijn. Het is de bekende hamburger methode: mens-machine-mens. Gebruik AI zoals je een rekenmachine gebruikt. Jij past het aan, maakt het van jou en jij geeft het de final touch.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:126/auto;width:126px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/db37ada3-3fd7-4de8-9c1b-061feb7d8f94/500_manmade.png?x=1744269162246" alt="" width="126" height="auto">Dat laatste punt is ook meteen zijn grootste zorg. AI is een godsgeschenk voor wie liever lui dan moe is, en dat kan heel gevaarlijk zijn. “Het zorgt voor cognitieve ‘offloading’. Om het voorbeeld van de rekenmachine er nog maar eens bij te halen: ik stelde laatst een vraag aan een volle zaal waarop bleek dat maar heel weinig mensen nog kunnen hoofdrekenen.”</p>]]></description><category><![CDATA[Serie,AI,Ligthart,PRO ICT,PRO Educatie,PRO Economie,PRO Communicatie,PRO Marketing,PRO Kunst en cultuur,PRO Gezondheidszorg,PRO Financieel,PRO Onderwijs,PRO Techniek,PRO Management en Organisatie,PRO Logistiek,PRO HRM en Psychologie,PRO Recht,PRO Talen,PRO Welzijn,Nieuws]]></category>
            <pubDate>Thu, 10 Apr 2025 09:28:00 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 11 Apr 2025 07:04:34 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/6fbba473-3d19-418d-ac85-9c40b0d6d4ee/500_erdinc2-2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/6fbba473-3d19-418d-ac85-9c40b0d6d4ee/500_erdinc2-2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/6fbba473-3d19-418d-ac85-9c40b0d6d4ee/erdinc2-2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[erdinc2]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>De noodzaak van AI-geletterdheid</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-noodzaak-van-ai-geletterdheid/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-noodzaak-van-ai-geletterdheid/</guid><pp:caseid>691912</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Onlangs kwam zijn boek ‘AI voor iedereen’ uit. Docent Erdinç Saçan heeft zich binnen en buiten Fontys tot AI-expert opgewerkt. Hij vindt dat iedereen meer kennis moet hebben over kunstmatige intelligentie. Dit is het eerste deel van een Bron-serie over AI.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:304/auto;width:304px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/487a1592-c01a-4fab-9b0a-66b569908b8d/800_aihoezitdatnou1.jpg?x=1743600997285" alt="" width="304" height="auto">Er lijkt geen dag voorbij te gaan of er is weer een nieuwe ontwikkeling in kunstmatige intelligentie. Het is nauwelijks bij te benen, zelfs voor experts. Als iemand het nog een beetje op een rijtje heeft, is het Erdinç Saçan wel. De aan Fontys ICT verbonden docent ademt AI: hij geeft er les in, maakt podcasts, schrijft <a href="https://bron.fontys.nl/?h=1&t=erdinc" target="_blank">columns</a> en geeft lezingen door het hele land. En onlangs kwam dus ook bovengenoemd <a href="https://www.bol.com/nl/nl/p/ai-die-iedereen-ziet/9300000192360054/?Referrer=ADVNLGOO002008N-S---PMAX-C-22284347193&gad_source=1&gclid=Cj0KCQjw782_BhDjARIsABTv_JCoez1D4t4CP5vTDGS7qbr12aLt_2D5iH6SwPTKaD8f12fUjtVAVqoaAnRSEALw_wcB" target="_blank">boek</a> uit.</p><p>Het feit dat de ontwikkelingen zo snel gaan, verhoogt voor hem de urgentie van zijn boodschap:&nbsp;<span> </span>“We moeten meer AI-geletterdheid creëren. Het zou voor iedereen verplicht moeten worden, van kleuters tot 80-plussers met rollators.”</p><p><strong>Fake of niet</strong><br>Zijn drie zonen (vijftien, elf en zeven jaar oud) kunnen het mantra van hun vader inmiddels dromen: alles wat je online leest of ziet, is fake totdat het tegendeel is bewezen. “Dat weten ze inmiddels heel goed. Het internet en social media zorgen voor een rare manier van kijken naar het leven. En daar maak ik me, zeker bij de jongere generaties, wel zorgen om.”</p><p>Al vallen ouderen net zo hard in die valkuil, zo weet Saçan uit eigen ervaring. “Mijn moeder stuurde me een filmpje van katten die eten aan het maken zijn. Zij geloofde dat echt…”</p><p><strong>Angst</strong><br>Wat het grote verschil is tussen de generaties merkte hij onlangs bij een presentatie in een serviceflat voor ouderen in Tilburg. De zaal zat vol met, inderdaad, mensen met rollators. Maar vooral ook met een grote dosis nieuwsgierigheid én angst. “Waar bijna elke student AI al volop gebruikt, zien ouderen alleen maar enge toepassingen. Ik heb ze getoond dat, zoals alle technologische ontwikkelingen, AI voors en tegens kent.”</p><p>“AI for good is waar het over moet gaan. Dat die technologie heel veel voordelen brengt. Voor blinden en slechthorenden, voor het bestrijden van stropers in Afrika, voor tsunamiwaarschuwingen en een betere sortering van afval, het sneller herkennen van tumorcellen. Er zijn zoveel voorbeelden van AI die positief zijn.”</p><p><strong>Copyright</strong><br>Wat vindt hij ervan dat sommigen, zoals ook de Bron-redactie, geen gebruik wensen te maken van AI? Vanwege de gevaren en, in het geval van journalistiek en culturele uitingen, omdat de big tech bedrijven lak hebben aan copyright en bronvermelding?</p><p>“Ik snap dat, en qua transparantie wordt het er inderdaad niet beter op. Die grote bedrijven ontslaan massaal hele teams die zich met ethische kwesties bezig houden. En zolang we een door geld gedreven maatschappij blijven, zullen we in dat soort zaken altijd achter de feiten aanlopen. Simpel gezegd: we worden ingezet als proefkonijnen door de big tech.”</p><p>“Dat gezegd hebbende: je maakt van jezelf wel een kluizenaar door AI te negeren. Want een status quo, dat gaat niet gebeuren. De trein is al vertrokken en die kunnen we niet meer tegenhouden.”</p>]]></description><category><![CDATA[Serie,Nieuws,AI,Ligthart,FHICT,PRO Communicatie,PRO Economie,PRO Educatie,PRO Financieel,PRO Gezondheidszorg,PRO HRM en Psychologie,PRO ICT,PRO Kunst en cultuur,PRO Logistiek,PRO Management en Organisatie,PRO Marketing,PRO Onderwijs,PRO Recht,PRO Talen,PRO Techniek,PRO Welzijn]]></category>
            <pubDate>Mon, 07 Apr 2025 09:11:11 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 08 Apr 2025 14:19:52 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/28c5f87a-2b5b-4f57-a81b-60fc1de907a9/500_erdinc1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/28c5f87a-2b5b-4f57-a81b-60fc1de907a9/500_erdinc1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/28c5f87a-2b5b-4f57-a81b-60fc1de907a9/erdinc1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Erdinc1]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Beroep verpleegkunde is veelzijdiger dan beeld schetst&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/beroep-verpleegkunde-is-veelzijdiger-dan-beeld-schetst/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/beroep-verpleegkunde-is-veelzijdiger-dan-beeld-schetst/</guid><pp:caseid>691613</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Ja, een verpleegkundige verzorgt inderdaad wonden en dient medicatie toe. Maar een verpleegkundige doet ook veel meer dan dat. Om de veelzijdigheid van het beroep op de kaart te zetten is Fontys samen met zestien andere hbo-opleidingen een nieuwe campagne gestart.</strong></p><p>Zeventien opleidingen Verpleegkunde in Nederland zijn onder de vlag van het Landelijk Overleg Opleiding Verpleegkunde (LOOV) het nieuwe platform ontdekverpleegkunde.nl begonnen. Marloes van den Broek, opleidingsmanager bij Fontys Verpleegkunde, is daar als voorzitter bij betrokken. <span>Zij zegt dat het nodig is om de breedte van het beroep hbo verpleegkunde zichtbaar te maken.</span></p><p>“De tekorten in de zorg gaan we hier niet mee oplossen, maar we hopen wel het eenzijdige beeld dat veel mensen nu van verpleegkunde hebben, te kunnen veranderen. Het is vaak niet duidelijk welke kansen het beroep allemaal biedt en daar willen we iets aan doen. We willen zichtbaarheid geven aan de veelzijdigheid van de hbo-verpleegkundige.”</p><p><strong>Doorgroeimogelijkheden</strong><br>Nu wordt het beeld in veel gevallen beperkt tot het werken in het ziekenhuis. Maar, legt Van den Broek uit, er zijn veel meer sectoren waar verpleegkundigen kunnen werken. “Wat nu vaak onderbelicht blijft, is dat er heel veel doorgroeimogelijkheden zijn. We worden steeds meer uitgedaagd om innovatief te denken, c<span>omplexe zorgtrajecten te coördineren en leiderschap te tonen</span>. We willen op een positieve manier laten zien wat er allemaal gebeurt in de zorg.”&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/230381d1-d77f-4a90-b24e-01e78f1831db/500_whatsappimage2025-03-24at09.02.13.jpeg?x=1742815361960" alt="Marloes van den Broek" width="200">Want er gebeurt genoeg, stelt de opleidingsmanager. Technologische innovaties bijvoorbeeld, het gebruik van AI, de toename van techniek op de operatiekamers, en ga zo nog maar even door. “We zien studenten op dat vlak groeien; ze vinden het leuk om daarmee bezig te zijn en halen er energie uit. Dat willen we ook aan de rest van Nederland laten zien.”</p><p>En met ‘de rest van Nederland’ doelt Van den Broek ook op mannen, omdat deze doelgroep nog erg achterblijft binnen de verpleegkunde-opleiding en de zorg. “Het zijn nog steeds vaak vrouwen die zich aanmelden voor deze studie. En als het al mannen zijn, dan trekken ze vaak naar bepaalde sectoren zoals acute zorg, de psychiatrie en defensie. Maar mannen zijn natuurlijk ook nodig in andere richtingen, zoals ouderenzorg. Met de campagne hopen we ook die zichtbaarheid te vergroten.”&nbsp;</p><p><strong>Verschillende doelgroepen</strong><br>De boodschap wordt via verschillende kanalen verspreid om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Naast de mannen zijn dat jonge ‘potentials’ van 15 tot 22 jaar, de deeltijd doelgroep van 30 tot 45 jaar en de ouders van potentiële studenten. “We hebben samen met de andere hogescholen de handen ineengeslagen om meer zichtbaarheid aan het beroep te geven. Dat we daar ondanks de regionale verschillen in de instroom – bij de een daalt de instroom terwijl die bij de ander stijgt – samen de verantwoordelijkheid voor pakken, maakt me trots.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Luiken]]></category>
            <pubDate>Mon, 24 Mar 2025 14:34:06 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 25 Mar 2025 11:54:46 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_stage-stagiair-verpleegkunde-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_stage-stagiair-verpleegkunde-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/stage-stagiair-verpleegkunde-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[stage_stagiair_verpleegkunde_shutterstock zorg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Maatschappelijke thema&#039;s als studieprofiel Applied Science</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/maatschappelijke-themas-als-studieprofiel-applied-science/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/maatschappelijke-themas-als-studieprofiel-applied-science/</guid><pp:caseid>687124</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De studierichting Applied Science van Fontys Toegepaste Natuurwetenschappen (TNW) heeft zichzelf opnieuw uitgevonden. Voortaan wordt het over een ander boeg gegooid: studenten kunnen uit zes maatschappelijk zeer relevante thema’s er drie kiezen. De praktijk is daarbij het uitgangspunt, waar vervolgens de daarbij passende theorie tijdens de studie wordt geleerd.</strong></span></p><p><span>Wij natuurwetenschappers, zo stellen Carla van Beuningen, Jan van Geldrop en Vincent Fischer, vonden alles maar vanzelfsprekend wat we hier doen. Er gebeuren de mooiste dingen bij deze opleiding, maar niemand had de behoefte dat van de daken te schreeuwen. Daardoor was het ook lastig om de studie te ‘verkopen’ aan potentiële studenten.</span></p><p><span><strong>Moeilijk uit te leggen</strong></span><br><span>Lastig en ook niet okay: de studentaantallen lopen bij dit kleine instituut van 720 studenten al jaren terug. Fischer: “Ons ‘smoelwerk’ was niet echt helder. Het was best moeilijk om uit te leggen wat we hier nu precies doen, wat voor studie je hier nu eigenlijk volgt. Ja, dat het met techniek, biologie en chemie te maken heeft. Maar daar ben je er niet mee.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:320/auto;width:320px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/09a2d570-23af-49be-96a4-c8fc566fc62b/800_img-4042.jpg?x=1738835231386" alt="" width="320" height="auto">En dus ging docent Fischer met de voorzitter van de curriculum commissie Jan van Geldrop rond de tafel zitten om het profiel van Applied Science in een nieuwe jas te hijsen.</span></p><p><span>De opleiding, zo zegt Van Geldrop, liep qua maatschappelijke relevantie al flink voorop binnen Fontys. Maar nu is dat ook zichtbaar. “We ontwikkelen nu iets waarmee we midden in de maatschappij staan, dat én heel erg TGO (Talentgericht Onderwijs, red.) is én heel erg Fontys for Society. Zes maatschappelijk heel relevante thema’s rond één of meer van de Sustainable Development Goals die Fontys ook omarmt.”</span></p><p><span><strong>Circulair en groen</strong></span><br><span>Vanaf komend studiejaar kunnen studenten kiezen uit de volgende thema’s: circulair water, van molecuul naar medicijn, van DNA naar bioproduct, leven, analyse en biochemie, schone energie en groene chemie en tot slot structurele en functionele materialen. Van deze modules kiezen studenten, na eerst een startmodule doorlopen te hebben met een introductie op alle vakgebieden, er uiteindelijk drie van de zes.</span></p><p><span>Dus de wat meer biologisch/medisch/agro geïnteresseerde student zal een voorkeur hebben die daarin voorziet en de meer biologisch/chemisch of chemisch/technologisch geïnteresseerde student zal andere keuzes maken.</span></p><p><span>Op dit moment telt het instituut, dat in Technische Natuurkunde en Applied Science twee richtingen kent, zo’n 700 studenten. Dat waren er vijf jaar geleden rond de 1.000. Nieuwe aanwas is dus meer dan welkom.</span></p><p><span>Onderwijsmanager Van Beuningen: “Wat niet helpt is dat er op de havo minder op de profielen wordt gestuurd die aansluiten bij onze opleidingen. Dat maakt de vijver waaruit wij moeten vissen ook kleiner. Of wij de moeilijkste opleidingen hebben van Fontys? Nee, dat geloof ik niet. Maar het is wel iets wat we vaker horen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:527/auto;width:527px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6ec447cd-21a0-43e8-936e-ce73f9d972c1/1920_img-4023.jpg?x=1738835261380" alt="" width="527" height="auto">Tijdgeest</strong></span><br><span>Dat zal deels met de recent nog ingewikkelde profilering te maken hebben. Maar ook de tijdgeest speelt een rol. Fischer: “Ja, die is zeker belangrijk. Drill, baby, drill: er zijn op dit moment meer mensen die het allemaal niet zo serieus nemen of niet wensen te kijken naar de gevolgen voor de toekomst. En de Nederlandse jeugd is conservatiever dan ooit. Dus ja, dat werkt ook niet in ons voordeel.”</span></p><p><span>Aan de andere kant: bij dit instituut moeten ze het juist hebben van studenten die daar wel mee bezig zijn. “En dat zie je ook terug. De studenten die wij aantrekken zijn toch wel wereldverbeteraars te noemen: jongeren die een positieve bijdrage willen leveren aan de wereld van nu en morgen.”</span></p><p><span>Bijna de helft van de studenten bij TNW is vrouwelijk. Van Beuningen: “Ook daar zit een misverstand: alsof wij een harde bèta-opleiding zijn. Maar dan moet je toch eerder bij Engineering zijn.”</span></p><p><strong>Waterkwaliteit</strong><br><span>Het idee om het over deze boeg te gooien werd voor Fischer en Van Geldrop bevestigd door een Nieuwsuur-item over de kwaliteit van Nederlands water en het dreigend tekort aan drinkwater. Applied Science was al met Talentgericht Onderwijs bezig voordat het een Fontysbreed thema was en het had al een module Circulair Water.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:303/auto;width:303px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3dbff1df-fcea-4b69-a2b2-3c4793ba420b/800_img-4017.jpg?x=1738835289770" alt="Analyse van Dommelwater" width="303" height="auto">En uiteraard nog steeds. Dat blijkt in een van de laboratoria van het instituut, waar op dat moment een collega voorover gebogen door een microscoop zit te turen. Met dunne penstipjes geeft hij op de afgedekte petrischaaltjes aan hoeveel bacteriekoloniën hij per staal Dommelwater heeft ontdekt.</span></p><p><span>Fischer: “De Dommel stroomt hier langs deze campus, en is voor mij de rode draad, of beter de blauwe draad, voor alles wat we hier doen op dat vlak. Want het is toch beschamend dat wij te boek staan als het land met de grootste kennis over water terwijl we tegelijkertijd het meest vervuilde water van heel Europa hebben.”</span></p><p><span><strong>Paradepaardje</strong></span><br><span>Die laboratoria zijn overigens ook wel een paradepaardje. Er wordt ook gebruik van gemaakt door studenten van Summa College en door masterstudenten van de Fontys lerarenopleiding in Tilburg. Is dat trouwens geen idee, dat lerarenopleidingen Scheikunde, Natuurkunde en Biologie ook naar Nexus worden gehaald en op een of andere wijze samengaan met TNW?</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:408/auto;width:408px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7b6cb0cf-debe-4bcf-ac7d-e0291383b1dc/800_img-4024.jpg?x=1738835338309" alt="" width="408" height="auto">Van Beuningen: “Inhoudelijk zou dat zeker goed kunnen. En gezien de dalende studentaantallen, ook bij die educatieve studies, en de vierkante meterprijzen bij Fontys, zou het een logische stap kunnen zijn.”</span></p><p><span>Voor nu wordt echter vooral ingezet op de nieuwe profilering. Met veel aandacht voor wereldwijde vraagstukken als efficiëntere energieproductie, schoner water waarin minder kleurstoffen en medicijnresten belanden, een waterstofeconomie of het brengen van goede gezondheidszorg naar afgelegen gebieden.</span></p><p><span>En dat het gaat werken, daar zijn de drie van overtuigd. “We hebben nu twee open dagen gehad. En we zien overduidelijk dat studenten nu veel beter begrijpen wat we hier doen, waar je hier mee aan de slag gaat. En niet alleen studenten, ook hun ouders.”</span></p><p><i>Foto boven: van links naar rechts Carla van Beuningen, Victor Fischer en Jan van Geldrop</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Duurzaamheid,Ligthart,FTNW,FAS,PRO Techniek,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Thu, 06 Feb 2025 12:30:00 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 10 Feb 2025 12:02:43 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/6af961db-097a-4a73-bcf8-314677ad1a2c/500_img-4030a.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/6af961db-097a-4a73-bcf8-314677ad1a2c/500_img-4030a.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/6af961db-097a-4a73-bcf8-314677ad1a2c/img-4030a.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[IMG_4030a]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Medische olifant geeft belangrijke boodschap af</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/medische-olifant-geeft-belangrijke-boodschap-af/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/medische-olifant-geeft-belangrijke-boodschap-af/</guid><pp:caseid>685520</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Wie nu het R13-gebouw op campus Rachelsmolen binnenloopt, ziet een enorme olifant staan. Geen echte natuurlijk, maar wel eentje met een belangrijke boodschap. Het bijzondere wezen is gemaakt van medisch verpakkingsafval van zo’n tweehonderd staaroperaties.</strong></span></p><p><span>De olifant heeft de toepasselijke naam Polyfant gekregen en is gemaakt door kunstenares Rebecca Banens vanuit een initiatief van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het idee erachter? Het inzichtelijk maken van de grote hoeveelheid afval, en daarmee ook de uitstoot van broeikassen op het milieu, afkomstig uit de zorg.</span></p><p><span>De Polyfant reist het hele land door en staat momenteel bij Fontys, met dank aan verpleegkundedocent Suzanne Guffens. Ze vertelt dat de vervuiling die de zorg teweegbrengt een grote bedreiging is voor onze gezondheid. “Studenten en docenten moeten zich ervan bewust zijn dat het leveren van zorg een grote impact kan hebben op het milieu.”</span></p><p><strong>Oplossingen</strong><br>Want dat de zorgwereld veel afval met zich meebrengt, staat buiten kijf. Kijk alleen al naar de staaroperaties: daarvan worden er i<span>n Nederland ieder jaar zo’n 180.000 van verricht. Er komt bij die operaties zoveel afval bij kijken, dat we jaarlijks ongeveer 900 Polyfanten zouden kunnen maken met enkel schoon verpakkingsmateriaal. “Gelukkig wordt er door allerlei firma’s en industrieën al nagedacht over hoe verpakkingen kleiner kunnen worden gemaakt”, aldus Guffens.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/41cee235-d740-4703-b627-92669770be72/800_schermafbeelding2025-01-22om14.52.35.png?x=1737554162691" alt="Suzanne Guffens bij de Polyfant" width="300" height="auto">“Maar wat ook al zou schelen, is als staaroperaties vaker dubbel worden uitgevoerd. Dus niet aan slechts één oog, zoals nu vaak gebeurt, maar aan twee ogen. Onderzoek wijst uit dat dit geen nadelige effecten heeft op de patiënt, terwijl het wel een heel groot positief effect heeft op de uitstoot van broeikasgassen.” Want, stelt de docent, zo hoeven patiënten die aan beide ogen geopereerd moeten worden, slechts één keer naar het ziekenhuis te rijden.</span></p><p><strong>Bewustzijn creëren</strong><br><span>Het in huis brengen van de Polyfant is volgens Guffens slechts een kleine stap in de goede richting om zoveel mogelijk bewustwording over duurzaamheid te creëren bij studenten en docenten. Volgens Guffens gebeurt dat nu te weinig in het bestaande onderwijs. “Ik haal het aan in mijn lessen omdat het mij aan het hart gaat, maar ik zou het graag verweven zien in het curriculum of als leerlijn.”</span></p><p><span>Die kant gaat het langzaam maar zeker op. Guffens is naast docent bij Fontys Mens en Gezondheid ook als docentonderzoeker actief bij het in september geopende GreenOffice, en houdt zich daar bezig met duurzame ontwikkeldoelen. “We zijn bij Fontys op zich al goed bezig”, vindt ze. “Kijk naar de reisbewegingen; met de NS-businesskaart worden medewerkers gestimuleerd om met het openbaar vervoer naar het werk te komen.”</span></p><p><span>Maar dan zijn we er nog niet. Guffens: “Ik denk dat we in de visies van de curricula heel duidelijk moeten zijn over leeruitkomsten die te maken hebben met duurzame ontwikkeldoelen. In 2018 heeft Fontys de Sustainable Development Goals-charter ondertekend. Sindsdien zijn er al stappen genomen, maar ik denk dat we de duurzame ontwikkeldoelen nog meer terug kunnen laten komen in de onderwijscurricula."&nbsp;</span></p><p><span>"Het is belangrijk dat we het belang daarvan laten inzien. En dat gaat in de komende jaren zeker gebeuren. Verschillende instituten hebben zich al bij ons aangesloten en kenbaar gemaakt dat ze mee willen denken. Ik wil graag ook andere opleidingen uitnodigen om eens stil te staan bij de inhoud van eigen curricula en te onderzoeken waar kansen liggen.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Eindhoven,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 23 Jan 2025 10:03:39 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 27 Jan 2025 09:38:09 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1e57096e-167a-4118-9f59-1cc1ce1c107a/500_schermafbeelding2025-01-22om14.52.21.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1e57096e-167a-4118-9f59-1cc1ce1c107a/500_schermafbeelding2025-01-22om14.52.21.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1e57096e-167a-4118-9f59-1cc1ce1c107a/schermafbeelding2025-01-22om14.52.21.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Polyfant in R13]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Met afscheid Eveline Wouters vertrekt een ‘Fontys-icoon’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/met-afscheid-eveline-wouters-vertrekt-een-fontys-icoon/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/met-afscheid-eveline-wouters-vertrekt-een-fontys-icoon/</guid><pp:caseid>681595</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Meer dan drie decennia is Eveline Wouters al verbonden aan Fontys. Aanvankelijk als docent, daarna als associate lector en de laatste elf jaar als lector Health Innovations & Technology (HIT). In januari gaat zij na een speciaal voor haar georganiseerd symposium met pensioen</strong>.</span></p><p><span>Professor doctor Wouters een Fontys-icoon noemen is geen overdrijving. Als het gaat om technologische en sociale innovaties in de zorgsector is zij in haar veld van expertise een erkende autoriteit. Al sinds haar eerste dag is zij verbonden aan Fontys Paramedisch, en later ook bijzonder hoogleraar bij Tilburg University.</span></p><p><span>De medische wereld is geen onbekende voor Wouters. Haar man is een gepensioneerd huisarts, twee dochters zijn eveneens huisarts geworden. “Ik ben zelf ook opgeleid als medicus. Het is een superinteressant vakgebied. Het leuke eraan is dat het echt iedereen raakt, iedereen aangaat. Tegelijkertijd zijn er zoveel contextfactoren.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:358/auto;width:358px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0992ae10-3eca-4f2a-92c8-02c5fb330c41/800_evelinewoutersstaand-fvw-img-3147.jpeg?x=1734420867589" alt="" width="358" height="auto">En met die laatste is zij al sinds jaar en dag flink aan de slag. Vooral met de technologische ontwikkelingen. Die bij Wouters altijd in dienst horen te staan van de sociale factoren. “Er werd en wordt enorm veel verwacht van technologie. Maar de kern van de verandering zit hem niet daarin. Die zit hem in mensen: in hoe we de zorg beter organiseren en de mens daarin centraal blijft staan.”</span></p><p><span>Want de organisatie van de zorg, die kan wat Wouters betreft echt een stuk beter. Met hulp van technologie, dat dan weer wel. “Er valt veel winst te halen in een betere organisatie. Alles, maar dan ook alles moet nu verantwoord worden. Door een hoop bureaucratie weg te halen, wordt het plezier in het werk ook veel groter.”</span></p><p><span>Door meer naar technologie te kijken, wordt de blik op het werkveld ook anders en kritischer. “Neem mensen met een chronische aandoening. Die hebben vaak thuiszorg nodig. Daar moet je wel verantwoordelijkheid voor af durven te staan. Maar tegelijkertijd moet je niet verwachten dat met alleen technologie de druk op de zorg wordt opgelost. Sociale innovatie is minstens zo belangrijk. Niet alleen in de zorg trouwens. Door social media zijn we allemaal in ons eigen bubbeltje gaan leven. Maar mensen hebben elkaar nodig.”</span></p><p><span><strong>Eilandjes</strong></span><br><span>Ergens in het gesprek zegt zij dat het vakgebied wel heel erg veranderd is in de loop der jaren. Hetzelfde geldt voor haar werk bij Fontys. “Toen ik hier begon waren het allemaal eilandjes en was onderzoek nog een heel klein onderdeel. Nu hebben we centres of expertise en is er veel meer focus. Waar vroeger een student bij wijze van spreken onderzoek deed naar één spier, zijn onderzoeken nu veel breder en groter en met veel meer disciplines.”</span></p><p><span>Haar eigen carrière kwam in een flinke stroomversnelling terecht toen zij lector werd. “Als associate lector zat ik op een zeker moment op een dood spoor, kon ik niet echt meters maken. Toen ik lector en later hoogleraar werd, kwam er ineens heel veel – soms te veel – op mijn bordje.”</span></p><p><span>Maar meters maken, dat deed zij ineens wel. En het vakgebied mag ondertussen veranderd zijn, na een half leven bij Fontys, geldt dat volgens Wouters niet voor het met en voor studenten werken. “Ja, de middelen zijn veranderd. Maar het gaat nog steeds om jonge, enthousiaste mensen. Het is en blijft heel procesgericht: studenten hebben behoefte aan duidelijkheid.”</span></p><p><span>Hóe je die duidelijkheid verschaft, dat is gedurende de jaren wel verschoven. “Dat is misschien wat lastiger geworden, ja. Daarom moet je wel kaders blijven bieden. En je ervaringen delen met hen. Dat is iets anders dan voorschrijven hoe het moet. Tegelijkertijd: de middelen mogen veranderd zijn, het enthousiasmeren van studenten blijft gewoon het leukste aan het docentenvak.” [</span><i><span>Tekst loopt door onder foto</span></i><span>]</span></p><p><span>Gezien haar werkveld lijkt het logisch dat de coronaperiode het deel van haar carrière omspant dat haar het meest is bijgebleven. Niet dus.&nbsp;</span></p><p><span>“Zeker, het was een leerzame periode. Alles ging toen veel sneller op het gebied van in gebruikname van technologie, dat wel. Maar in mijn vakgebied zie je nu dat het weer stukken minder is geworden. Neem het videobellen door artsen en specialisten: dat gebeurt nog maar heel weinig nu. Voor mij persoonlijk: ik heb ook corona gekregen en was daardoor lange tijd mijn reuk kwijt.”</span></p><p><span><strong>(On)gezond</strong></span><br><span>Over gezondheid gesproken…&nbsp;</span><br><span>Wat dat betreft heeft zij al die jaren haar grenzen ook wel moeten bewaken. “Ik doe mijn werk heel graag. Maar mijn werk is mijn hobby? Het is net als topsport: het is niet gezond om alleen maar dat te doen.”</span></p><p><span>“Dat wordt ook de komende tijd nog mijn uitdaging. Ik word 67 en moet dus met pensioen. Maar bij de universiteit heb ik officieel nog vijf jaar promotierecht. En promovendi begeleiden, dat blijf ik ook doen. Want ik vind dat heel inhoudelijk en superleuk werk. Mijn grote uitdaging wordt om niet te veel met nieuwe dingen aan de slag te gaan, geen subsidies meer aan te vragen voor nieuw onderzoek.”</span></p><p><span><strong>Authentiek</strong></span><br><span>Of ze nog een advies heeft voor studenten, docenten en lectoren van nu en in de toekomst? “Ben nieuwsgierig. Blijf vragen stellen. Leer niet om je diploma te halen. Het is het proces dat belangrijk is. Voor docenten: blijf authentiek en betrek elkaar bij dingen.”</span></p><p><span>“En als het om lectoren gaat: ik hoop dat zij wat vaker betrokken worden bij veranderingen in de onderwijswereld. Dat gebeurt nu te weinig.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHP,PRO Gezondheidszorg,Lectoraten,Onderzoek Gezondheid,Campus,Ligthart,FHMG]]></category>
            <pubDate>Tue, 17 Dec 2024 11:10:53 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 18 Dec 2024 11:53:27 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/0d5d1926-0daf-469f-aafc-be57234d710f/500_evelinewoutersfeatured-fvw-img-3166.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/0d5d1926-0daf-469f-aafc-be57234d710f/500_evelinewoutersfeatured-fvw-img-3166.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/0d5d1926-0daf-469f-aafc-be57234d710f/evelinewoutersfeatured-fvw-img-3166.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[foto&amp;#039;s Frank van Welie]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Eveline Wouters]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Kabinet wil geen landelijk loket voor studietoeslag</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kabinet-wil-geen-landelijk-loket-voor-studietoeslag/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kabinet-wil-geen-landelijk-loket-voor-studietoeslag/</guid><pp:caseid>679762</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Slechte voorlichting, wisselende bedragen… Haal de studietoeslag voor studenten met een medische beperking bij de gemeenten weg en laat DUO het geld verdelen, zeggen critici. Maar het kabinet voelt daar niets voor.</strong></span></p><p><span>Zo’n negenduizend studenten met een medische beperking ontvingen vorig jaar een individuele studietoeslag van hun gemeente. De gedachte erachter: ze kunnen geen bijbaan nemen, zoals andere studenten.</span></p><p><span>Een jaar eerder kregen nog maar zesduizend studenten deze toeslag. </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fiederin.nl%2Fgoed-nieuws-gebruik-studietoeslag-neemt-sterk-toe%2F&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C0c93b5f64f654398a2db08dd0f93fdae%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638683850505875635%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=MVpPjRTiybNpqs%2BH9J3SthvrMIN8HKpYWrUrDx4%2FGmI%3D&reserved=0" target="_blank"><span>Ieder(in)</span></a><span>, de club die opkomt voor de belangen van mensen met een handicap of chronische ziekte, denkt dat het er zo’n 14 duizend zouden moeten zijn. Veel studenten zouden de weg naar de toeslag niet weten te vinden.</span></p><p><span>Daarom zou die gewoon een onderdeel van de studiefinanciering moeten zijn, meent de belangenvereniging. Dan is de informatie voor iedereen makkelijk te vinden en krijgt ook iedereen hetzelfde bedrag. Vroeger ging het ook zo.</span></p><p><span><strong>Onbenut geld</strong></span><br><span>Sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 is dat niet meer het geval en zijn het de gemeenten die de studietoeslag toekennen. Volgens Ieder(in) ontvangen ze daarvoor elk jaar 35 miljoen euro, maar bleef daarvan 75 procent op de plank liggen – in totaal zo’n 200 miljoen.</span></p><p><span>De toeslag was erg onbekend bij studenten zodat velen hem niet aanvroegen. Bovendien keerden de gemeenten zeer wisselende bedragen uit: van bijna niets tot een paar honderd euro per maand. Studenten liepen daardoor honderden euro’s&nbsp;mis.&nbsp;</span></p><p><span>Sinds 2022 gelden er landelijke minimumbedragen: 142 euro voor 17-jarigen, oplopend tot 360 euro voor 21-plussers. Sommige gemeenten keren echter meer geld uit. Volgens het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.nibud.nl%2Fnieuws%2Fgrotere-rol-gemeenten-in-minimabeleid-heeft-ongelijkheid-tot-gevolg%2F&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C0c93b5f64f654398a2db08dd0f93fdae%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638683850505942894%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=xA%2F2yULL8k0YBmd%2FDYgQoSARp9739W4pS2ptALlFdo0%3D&reserved=0" target="_blank"><span>gebeurt</span></a><span> dat ook bij andere toeslagen en leidt dat “onbedoeld” tot moeilijk uit te leggen verschillen in behandeling.</span></p><p><span>Net als Ieder(in) </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fdub.uu.nl%2Fnl%2Fnieuws%2Fkamer-wil-%25C3%25A9%25C3%25A9n-loket-voor-student-met-beperking&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C0c93b5f64f654398a2db08dd0f93fdae%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638683850505962317%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=%2Bl2vzwg4JMRe5qwfENLSsAz1eGhc5W%2FsSywt7i%2BuNzw%3D&reserved=0" target="_blank"><span>vond</span></a><span> ook de Tweede Kamer dat DUO het geld moest verdelen. Maar staatssecretaris Nobel (Participatie en Integratie) en onderwijsminister Bruins zijn het daar niet mee eens. In antwoord op Kamervragen van Volt </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fopen.overheid.nl%2Fdocumenten%2F1d9e3e06-df89-47d5-ab7a-33463e272a37%2Ffile&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C0c93b5f64f654398a2db08dd0f93fdae%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638683850505979895%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=Os6AlLBKTznikyulBlkIbky4q4CD%2Bsminfz4YSLeDyc%3D&reserved=0" target="_blank"><span>noemen</span></a><span> ze het deze week “zeer goed nieuws” dat zoveel meer studenten met een medische belemmering nu gebruikmaken van de toeslag. Ze denken niet dat het er meer zullen worden als DUO de studietoeslagen gaat verstrekken.</span></p><p><span><strong>Druk genoeg</strong></span><br><span>Het zou ook niet efficiënt zijn, redeneren ze. Volgens hen hebben gemeenten de groep die in aanmerking komt voor de studietoeslag vaak al in beeld. DUO zou iedere aanvrager opnieuw medisch moeten keuren.</span></p><p><span>Verder voeren ze aan dat de voorlichting over de studietoeslag verbeterd is, dat er sinds 2022 landelijke normbedragen gelden (al mogen gemeenten altijd meer geven) en dat DUO het nu al druk genoeg heeft.</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Vandaag </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fecio.nl%2Fpublicaties%2Fde-staat-van-inclusief-onderwijs-2024%2F&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C0c93b5f64f654398a2db08dd0f93fdae%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638683850505998139%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=wPDhEpfMiU0LGtkWFWM3hjwu3MmHQE2eHrZP0SuT6LM%3D&reserved=0" target="_blank"><span>meldt</span></a><span> het Expertisecentrum Inclusief Onderwijs (ECIO) in de nieuwe Staat van Inclusief Onderwijs 2024 dat 40 procent van de studenten met belemmeringen financiële problemen heeft en dat dit percentage de afgelopen drie jaar sterk is gestegen.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Welzijn,PRO Gezondheidszorg,Onderwijs Algemeen]]></category>
            <pubDate>Thu, 28 Nov 2024 11:53:38 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 28 Nov 2024 10:53:38 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/62cc11d7-be18-4c45-9aed-230cc41e82ca/500_beperking-student-handicap-rolstoel-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/62cc11d7-be18-4c45-9aed-230cc41e82ca/500_beperking-student-handicap-rolstoel-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/62cc11d7-be18-4c45-9aed-230cc41e82ca/beperking-student-handicap-rolstoel-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[beperking-student-handicap-rolstoel-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Efficiëntere zorg met digitale innovaties: &quot;Onderzoek nodig&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/efficientere-zorg-met-digitale-innovaties-onderzoek-nodig/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/efficientere-zorg-met-digitale-innovaties-onderzoek-nodig/</guid><pp:caseid>662815</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span><strong>Het symposium Van sensoren naar zorg </strong>vindt plaats op woensdag 13 november van 12.30 tot 17.00 uur in het ExploreLab van gebouw R13 op campus Rachelsmolen in Eindhoven. Wil je meer weten over het programma en je aanmelden voor het symposium? Kijk dan op de </span><a href="https://www.fontys.nl/actueel/symposium-van-sensoren-naar-zorg/" target="_blank"><span>website</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Het kabinet wil de zorg beter en efficiënter maken met digitale oplossingen.&nbsp;Hiermee wil het voorkomen dat het groeiende personeelstekort in de sector onbeheersbaar wordt. Een goed idee, vindt docent-onderzoeker Manon Peeters. “Maar er is nog wel veel onderzoek nodig.”</strong></span></p><p><span>Peeters werkt als docent-onderzoeker bij Fontys Paramedisch en doet al jaren onderzoek naar digitale zorg. Ze is een voorstander van digitalisering, omdat dit de kwaliteit van de zorg kan verbeteren. Maar ze is voorzichtig. “Het is niet zo dat digitalisering meteen tot een veel grotere efficiëntieslag gaat leiden en alle personeelstekorten oplost.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:218/auto;width:218px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4b5977f7-34ef-4d25-a974-9dde80794bb1/800_m.c.zijlmans-manon-4.jpg?x=1727699345489" alt="Manon Peeters" width="218" height="auto">Het kan zelfs gebeuren dat oplossingen leiden tot meer werk. “Denk aan de uitvinding van e-mail”, zegt Peeters. “Ineens konden we mensen over de hele wereld veel sneller berichten sturen. Maar we gingen ook meer berichten sturen. Met andere woorden: digitale oplossingen gaan vaak gepaard met een verandering van werkflow, daar moeten we rekening mee houden, zodat ze ook daadwerkelijk bijdragen aan betere en efficiëntere zorg.”</span></p><p><span>Digitale oplossingen lopen sterk uiteen: het kan gaan om zichtbare tools zoals robots die taken van zorgverleners overnemen of toepassingen als een robotarm. Maar het kan ook gaan om software die processen vergemakkelijkt, bijvoorbeeld de administratie van een huisarts. Die processen zijn vaak onzichtbaar. Verschillende Fontysinstituten doen praktijkgericht onderzoek naar digitale oplossingen in de zorg.</span></p><p><span><strong>Protocollen nodig</strong></span><br><span>“Technisch gezien kunnen we al heel veel”, zegt Peeters. “Maar wat we vaak nog niet goed weten, is hoe digitale oplossingen waarde kunnen toevoegen aan de zorg. Daar is nog veel onderzoek naar nodig”, aldus Peeters. “Ook kunnen we nog niet alle risico’s goed inschatten. Bij medicijnonderzoeken bijvoorbeeld kunnen we terugvallen op protocollen, die zijn er vaak niet voor nieuwe digitale zorgoplossingen.”</span></p><p><span>Verandert de zorg, dan veranderen ook de opleidingen. Volgens Peeters is Fontys Paramedisch al in 2015 studenten anders gaan opleiden. “Ze volgen nu 2,5 van de 4 jaar vakinhoudelijk onderwijs, waarna ze zich specialiseren op een thema en hun kennis toepassen in de praktijk van de zorgsector. Dat gebeurt samen met het werkveld en met andere instituten zoals Fontys Juridisch en Fontys ICT.” [</span><i><span>tekst gaat verder onder de foto</span></i><span>]</span></p><p><span>Of digitale oplossingen ervoor kunnen zorgen dat de zorg minder duur wordt - en dus ook de premie van onze zorgverzekering omlaaggaat - durft de docent-onderzoeker niet te claimen. “Digitalisering van de zorg is hierin niet de enige oplossing. Preventie bijvoorbeeld draagt ook bij aan een daling van de zorgkosten. Wel weet ik dat als we niets doen, de zorg steeds duurder wordt.”</span></p><p><span><strong>Van sensoren naar Zorg</strong></span><br><span>In 2018 krijgt de onderzoeksgroep van Peeters de vraag vanuit BrabantZorg om een oplossing te bedenken voor de druk die mensen met dementie en onbegrepen gedrag leggen op de zorg en hun omgeving. Daaruit is een polsband voortgekomen die data verzamelt over de fysieke toestand waarin de patiënt verkeert.</span></p><p><span>Peeters noemt deze toepassing een extra set ogen die de zorgprofessional helpt evalueren en betere beslissingen te nemen. Deze ‘wearable’ werd het startschot voor een grootschaliger project: Van sensoren naar zorg, dat is gericht op zorginnovaties en de toepassing van wearables in diverse zorgcontexten.</span></p><p><span>Op 13 november vindt een eindsymposium plaats van dit project. Experts delen resultaten en inzichten uit het onderzoek en er is aandacht voor de noodzaak van samenwerking tussen verschillende vakgebieden en eindgebruikers om technologie waardevol te maken in de zorg.</span></p><p><span>Een opsteker voor het kabinet: de integratie van wearables in de zorg biedt kansen om het welzijn van mensen te ondersteunen, wat de druk op de zorg en de omgeving kan verlichten.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Onderzoek Gezondheid,FPH,FJH,FHICT,PRO Gezondheidszorg,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 30 Sep 2024 14:39:08 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 09 Oct 2024 08:11:32 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/500_metingbijdementie.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/500_metingbijdementie.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/metingbijdementie.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[meting bij dementie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nikki werkt mee aan nieuwe, pijnloze screening borstkanker</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nikki-werkt-mee-aan-nieuwe-pijnloze-screening-borstkanker/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nikki-werkt-mee-aan-nieuwe-pijnloze-screening-borstkanker/</guid><pp:caseid>636421</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Jaren voordat het zover is, zien vrouwen er vaak al tegenop: de mammografie, een bevolkingsonderzoek naar borstkanker. Dit is een pijnlijke methode waar nu mogelijk een alternatief voor is bedacht, de Early Warning Scan. Vierdejaarsstudent MBRT Nikki Luiken is erbij betrokken.</strong></span></p><p><span>Het gaat nu goed met haar, maar een aantal jaren geleden werd bij de moeder van Nikki (21) borstkanker geconstateerd. Dat was de eerste kennismaking met mammografie. “Mijn moeder vond het onderzoek niet prettig”, zegt de studente. Het was voor Nikki reden om te kiezen voor de opleiding Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (MBRT) aan Fontys Paramedisch.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:445/auto;width:445px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/02268696-c022-4478-91e6-c2a10e1b5b40/800_nikkiluikenentomsanders.jpeg?x=1718291818140" alt="Nikki Luiken en Tom Sanders" width="445" height="auto">In haar afstudeerproject valt alles samen. “Dat ik een bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van een alternatieve manier van borstkankerscreening vind ik heel bijzonder. Mijn moeder is heel trots op me en heeft zich al aangemeld als vrijwillige proefpersoon voor de testfase van de Early Warning Scan.”</span></p><p><span>Deze scan is bedacht door Tom Sanders, die een achtergrond heeft in 3D-fotografie. </span>Hij heeft de scan bedacht nadat er bij zijn vrouw borstkanker werd geconstateerd, wat niet ontdekt was in het huidige bevolkingsonderzoek, waar zij al tien jaar aan deelnam.<span> Hij bedacht een vroegtijdige, pijnloze screening die voor alle vrouwen toegankelijk is en niet alleen voor vrouwen vanaf 50 jaar.</span></p><p><span><strong>Geen gemakkelijke klus</strong></span><br><span>Sinds eind 2019 is de Early Warning Scan in de ontwikkeling. Het is bijna zover dat hij kan worden getest op vrouwen. Daarvoor moet een onderzoeksprotocol worden geschreven waarmee Nikki nu bezig is. “In het protocol beschrijf ik alle stappen die gevolgd moeten worden om de kans op fouten te verkleinen en ethische richtlijnen te kunnen handhaven.”</span></p><p><span>Dat is geen gemakkelijke klus, weet ze. “Er zitten veel haken en ogen aan en er is veel wet- en regelgeving waar ik rekening mee moet houden. Daar moet ik heel zorgvuldig mee omgaan.” </span>Ook is het nodig dat er een niet-WMO-verklaring aangevraagd wordt, zodat de scan op een juiste manier getest kan worden, zonder dat het onder de Wet medisch wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO) valt.<span> “Daarmee moet ik ook rekening houden in het onderzoeksprotocol.”</span></p><p><strong>PITCH</strong><br><span>Gelukkig krijgt Nikki ondersteuning van een begeleider van PITCH, zegt ze. PITCH staat voor Platform to Innovate, Test & Connect in Health. Het platform verbindt zorg-innoverende bedrijven en zorgaanbieders met studenten en docentonderzoekers van Fontys Paramedische Hogeschool. “PITCH was ook bezig om contact te leggen met Tom Sanders, zodoende is het allemaal heel snel gegaan.”</span></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:305/auto;width:305px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a94539f4-6dfd-45a0-a19b-f02a631fefac/800_earlywarningscan-2.jpeg?x=1718291866707" alt="De Early Warning Scan" width="305" height="auto"><span>Inmiddels heeft Nikki veel mensen gesproken en is ze naar eigen zeggen goed op weg met haar afstudeerproject. Voor de zomervakantie hoopt ze het onderzoeksprotocol te hebben afgerond. Nikki hoopt dat de Early Warning Scan voor haar dertigste in het bevolkingsonderzoek naar borstkanker is opgenomen. Dat is de adviesleeftijd waarop artsen haar hebben aangeraden zichzelf vroegtijdig te laten screenen op de ziekte. “Als de screening met de nieuwe scan zou kunnen plaatsvinden, zou ik dat een fijn idee vinden.”</span></p><p><strong>Jonge vrouwen</strong><br><span>Toch is ze zich ervan bewust dat met het scanapparaat geen diagnose gesteld kan worden. “Er kunnen wel afwijkingen gesignaleerd worden waarmee je het advies kunt krijgen om je verder te laten onderzoeken. En het grootste voordeel is dat deze methode pijnloos is, zonder straling werkt en eenvoudig kan worden uitgevoerd.”</span></p><p><span>“Een deel van de vrouwen laat zich nu niet onderzoeken omdat de mammografie geen prettig onderzoek is. Dat willen ze voorkomen met de Early Warning Scan”, aldus Nikki. “</span>En ik vind het vooral belangrijk dat jongere vrouwen ook meegenomen kunnen worden in het bevolkingsonderzoek met de Early Warning Scan. Met het huidige bevolkingsonderzoek is dat pas vanaf 50 jaar.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FPH,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,Onderzoek Techniek,Verbiesen,PRO Gezondheidszorg,PRO Techniek]]></category>
            <pubDate>Mon, 17 Jun 2024 15:54:32 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 18 Jun 2024 10:20:53 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/500_earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/500_earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Early Warning Scan-1-liggend]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>De jonge ondernemer: Fit Functional</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-fit-functional/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-fit-functional/</guid><pp:caseid>636304</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>In deze serie interviewen we verschillende Fontysstudenten over hun eigen onderneming. Over hoe zij op het idee kwamen, het runnen van een bedrijf terwijl ze ook studeren en over de voor- en nadelen van ondernemen.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Een eigen onderneming starten terwijl je studeert. Een aantal studenten binnen Fontys ging de uitdaging aan. Wat voor bedrijf hebben ze? Hoe vergaat het ze? En wat zijn de grootste lessen die zij geleerd hebben? Vandaag aan het woord: Chris Stienenbos over zijn bedrijf Fit Functional.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:203/auto;width:203px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7979e1e3-3348-4a11-a5be-64942a4bb374/800_dejongeondernemer.png?x=1718194442480" alt="De jonge ondernemer logo" width="203" height="auto">Chris is het afgelopen jaar afgestudeerd aan de opleiding Fysiotherapie. Toen hij begon met studeren bij Fontys was hij al eigenaar van het bedrijf Fit Functional, waarin hij zich focust op personal training, fysiotherapie en lifestyle.</span></p><p><span><strong>Chris, hoe lang heb je dit bedrijf al en wat houdt het precies in?</strong></span><br><span>“Fit Functional bestaat nu vijfenhalf jaar. Het bestond dus al voordat ik begon met mijn studie Fysiotherapie. Ik beschrijf mijn bedrijf altijd als een trainingslocatie voor de normale, volwassen Nederlander. Geen fitnessbedrijf, maar een locatie waar we functionele sporttrainingen aanbieden die de vitaliteit in het dagelijks leven bevorderen. Zodat je makkelijk kunt bewegen en fysieke activiteiten kunt ondernemen zonder dat je wordt beperkt door je lichaam. Dat doen we door sportlessen aan te bieden, met fysiotherapie fysieke klachten op te lossen of preventief tegen te gaan en mensen te adviseren op het gebied van lifestyle over voeding en mindset."</span></p><p><span><strong>Hoe kwam je op het idee om een eigen onderneming te starten?</strong></span><br><span>“Voor mijn studie Fysiotherapie heb ik sales gestudeerd en liep ik stage bij een sportschool. Daar zochten ze een opvolger en werd ik op mijn achttiende gevraagd om dit over te nemen. Thuis vertelde ik over het aanbod en de kans om in het bedrijf te stappen, maar toen zette mijn moeder me aan het denken. Ik was het met een aantal dingen binnen die sportschool niet eens, dus waarom zou ik dan op die manier doorgaan en niet zelf mijn eigen pad bewandelen? Toen heb ik mezelf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en ben ik voor mezelf begonnen.”</span></p><p><span><strong>Hoe ging dat precies in zijn werk?</strong></span><br><span>“Ik kocht een muziekbox en sportmaterialen en ging op zoek naar mensen die sporttrainingen wilden volgen. Die lessen gaf ik op een speelplaats van een lokale basisschool. Uiteindelijk is Fit Functional uitgegroeid van één simpele training tot het bedrijf dat ik nu run."</span></p><p><span>"Wat dat precies betekent? Binnen Fit Functional werk ik nu met acht werknemers en we zien ongeveer 180 mensen per week die onder begeleiding sporten, fysiotherapie volgen of werken aan hun lifestyle. Dat doen we door alles terug te schalen naar een laagdrempelig niveau, want ik merkte tijdens mijn eerdere stage dat voor veel volwassenen de drempel om te sporten erg hoog lag. Er waren barrières in de vorm van spiegels, het ideaalbeeld dat je ziet op foto’s en sociale media en de onterechte verwachtingen die geschept worden. Die hebben we binnen ons bedrijf allemaal weggenomen.”</span></p><p><span><strong>Hoe combineerde je jouw onderneming met school?</strong></span><br><span>“Door vooral veel uren te maken. De coronatijd was voor mij daarin ook echt een uitkomst. Dat klinkt misschien gek, maar omdat ik alleen maar onlinelessen had, kon ik na die lessen meteen door om dingen voor mijn eigen zaak te regelen. Het belangrijkste daarin is goed plannen wat je met je tijd doet, vooruitdenken en inschatten hoeveel tijd iets je kost. Dat heeft me ontzettend veel gebracht."</span></p><p><span>"Ik heb daarin geen hulp gehad vanuit school, maar dat was ook helemaal niet nodig. Ik wist zonder moeite door mijn opleiding te geraken en rondde alles af zonder vertraging, waardoor ik alle tijd die ik over had in mijn onderneming kon stoppen.” (</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto's)</span></i></p><p><span><strong>Hoe bevalt het ondernemen je?</strong></span><br><span>“Het is super om te doen. Je moet hard werken, maar je hebt ook veel vrijheid. Ik heb normaliter veel afspraken in mijn agenda staan, maar die plan ik zelf in. Wanneer ik vrije tijd nodig heb, zorg ik dat die afspraken bij anderen in de agenda komen. Zo was gisteren mijn vriendin jarig en zorg ik dat ik de tijd heb om leuke dingen te gaan doen."</span></p><p><span>"Normaliter heb ik drukke dagen. Zo kwam ik vandaag om 05.15 uur aan op onze locatie, heb ik alles klaargezet wat ik nodig had en kon ik aan de slag met mijn dagplanning. Die bestaat uit een aantal lessen personal training, fysiotherapiebehandelingen en een training op locatie. Daarna moedig ik nog een grote groep van onze klanten aan die de wandelvierdaagse lopen en dan ben ik rond 20.00 uur klaar. Een lange dag, maar daar heb ik zelf meer dan genoeg energie voor.”</span></p><p><span><strong>Wat is de meest belangrijke les die je hebt geleerd tijdens het ondernemerschap?</strong></span><br><span>“Wanneer andere mensen denken dat het wel mooi geweest is of je zelf geïrriteerd raakt, moet je juist een tandje bijzetten. Pak door op de momenten dat het wat minder gaat en werk net wat harder dan je zou willen. Daar kun je op een later moment echt weer van profiteren. Ik probeer altijd een aantal stappen vooruit te denken, waar anderen nog niet mee bezig zijn. Als je weet wat je over een jaar wilt bereiken, weet je hoe je daarnaartoe kunt werken. Een goede voorbereiding is voor mij ook echt het halve werk.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:249/auto;width:249px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9f7f4ef3-dc45-4c53-b2b0-030febb2f61a/800_image00002-3.jpeg?x=1718194610388" alt="Chris Stienenbos" width="249" height="auto">Heb je hoogte- en/of dieptepunten meegemaakt?</strong></span><br><span>“Ik vind het lastig om dieptepunten te benoemen. Ik heb tot op heden keuzes gemaakt die allemaal goed hebben uitgepakt. Ik heb voornamelijk dingen gedaan waar ik een goed gevoel bij had en dat gevoel heeft me tot op heden niet in de steek gelaten. Dat is ontzettend prettig."</span></p><p><span>“Mijn absolute hoogtepunt is het zien groeien van mijn bedrijf. Ik kom van een speelplaats en sta, na 3,5 jaar in weer en wind getraind te hebben, sinds afgelopen december op een trainingslocatie die Fit Functional volledig tot zijn recht laat komen. We hebben een stuk grond op het sportterrein in Veghel met containers, een overkapping van 140 vierkante meter om overdekt te sporten en een sportveld van 200 vierkante meter."</span></p><p><span>"Sindsdien zie ik hoe hard we zijn gegroeid en hebben we al onze trajecten goed neer kunnen zetten, inclusief fysiopraktijk, kantoorruimte en lokalen om cursussen te geven. Ons motto is dan ook om wereldberoemd te worden in Veghel. Daar werk ik, samen met mijn collega’s, iedere dag keihard aan. Zodat mensen bij sport, fysio of lifestyle automatisch denken aan Fit Functional.”</span></p><p><span><strong>Tenslotte, heb je tips voor andere studenten die willen ondernemen?</strong></span><br><span>“Denk niet te veel na en volg je gevoel. Als jij denkt dat je iets moet doen, wacht dan niet tot morgen, maar onderneem actie. Zorg dat je je zaken op orde brengt, bel die belangrijke potentiële klant en zet jezelf op de kaart. Maak werk van jouw ideeën en doe dat met de juiste mensen om je heen. Dat brengt je als ondernemer ontzettend veel.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Berg,PRO Gezondheidszorg,Student,FHMG]]></category>
            <pubDate>Wed, 12 Jun 2024 14:42:22 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 13 Jun 2024 12:21:57 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/f4f51ffb-6005-43df-942a-bac1ead91954/500_image00001-3.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/f4f51ffb-6005-43df-942a-bac1ead91954/500_image00001-3.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/f4f51ffb-6005-43df-942a-bac1ead91954/image00001-3.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Chris met een groep sporters van Fit functional]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nationale HR Zorg Award is ook beetje voor Fontys</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nationale-hr-zorg-award-is-ook-beetje-voor-fontys/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nationale-hr-zorg-award-is-ook-beetje-voor-fontys/</guid><pp:caseid>635433</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>De </span><a href="https://fwg.nl/nationale-hr-zorg-award/"><span>Nationale HR Zorg Award 2024</span></a><span> wordt eens per twee jaar uitgereikt aan een zorgorganisatie die de meest creatieve oplossing heeft voor het omgaan met de arbeidsmarktkrapte. Dit jaar waren er 5 finalisten. TanteLouise werd dinsdag door de vakjury tot winnaar van editie 2024 uitgeroepen. Naast een bokaal ontving de ouderenzorgorganisatie 10.000 euro om de plannen rondom VanThuisUit verder uit te werken.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>De tekorten in de zorg zijn groot. Meer personeel opleiden of aantrekken is belangrijk, maar levert niet voldoende op. Daarom wordt ook gekeken naar andere oplossingen. Een van die initiatieven heeft nu een landelijke prijs gewonnen, en Fontys speelt daarin een belangrijke rol.</strong></span></p><p><span>Het gaat om het Fontys Leven Lang Ontwikkelen-programma </span><a href="https://fwg.nl/hr-zorg-award-2024-tantelouise/"><span>VanThuisUit</span></a><span> en de module </span><a href="https://www.fontys.nl/Professionals-en-werkgevers/Opleidingen-en-cursussen/Active-ageing-Doorbreek-het-systeemdenken-bij-Dementie.htm"><span>Active Ageing</span></a><span>. Deze vijf maanden durende cursus voor zorg- en welzijnsprofessionals heeft Fontys ontwikkeld in samenwerking met ouderenzorgorganisatie tanteLouise, die daarvoor dinsdag de Nationale HR Zorg Award 2024 van de vakjury in ontvangt mocht nemen. Daarmee is de award ook een beetje voor Fontys, vindt Stan Ockers, opleidingsmanager van Fontys Mens en Gezondheid.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:253/auto;width:253px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/63f8fdd0-7f8e-4590-92a8-0ad952ffca3f/800_stanockers.jpeg?x=1717591841777" alt="Stan Ockers" width="253" height="auto">“Vanuit Fontys for Society hebben we de maatschappelijke taak om een bijdrage te leveren aan de duurzame inzetbaarheid van werkende professionals en een oplossing te bieden voor diverse maatschappelijke vraagstukken, zoals in dit geval het personeelstekort in de zorg. Met deze cursus dragen we hieraan ons steentje bij.”</span></p><p><span>Voor de cursus Active Ageing is Fontys een paar jaar geleden benaderd door tanteLouise. Deze ouderenzorgorganisatie was op een idee gekomen na een werkbezoek in China. Ze zagen daar een bijzondere vorm van community care. Middenin een woonwijk stond een activiteitencentrum waar oudere bezoekers van alles ondernamen. Van tai chi tot dingen maken en van koken tot huidverzorging.</span></p><p><strong>Active ageing</strong><br><span>Dat wilde tanteLouise ook gaan doen in Nederland. Zo ontstond VanThuisUit, een heel nieuw concept dat draait om het vergroten van de zelfredzaamheid van kwetsbare ouderen, ofwel active ageing. In Steenbergen brengt de ouderenzorgorganisatie het in de praktijk. Met succes. De nadruk ligt daarbij niet op wat ouderen niet meer kunnen, maar op wat ze wél kunnen. “Op deze manier kunnen mensen langer en veiliger zelfstandig blijven wonen, wat de druk op de zorg vermindert”, aldus Ockers.</span></p><p><span>Daarvoor moeten zorg- en welzijnsprofessionals wel anders leren kijken. Omdenken dus, en de zorg organiseren vanuit het perspectief van de cliënt. De cursus Active Ageing draait nu drie semesters, sinds februari 2023, en reikt medewerkers de tools en instrumenten aan om veranderingen in te zetten en door te voeren, zodat mensen met dementie langer actief en zelfstandig kunnen wonen.</span></p><p><strong>Meerdere instituten</strong><br>De ontwikkelingen gaan ook verder. Ockers: <span>“Inmiddels is de cursus ook te volgen voor zorg- en welzijnsprofessionals van buiten tanteLouise, en op termijn willen we hem ook incompany gaan aanbieden. Ook denken we erover om de module in het reguliere ad- en bacheloronderwijs te integreren.”</span></p><p><span>Bijzonder aan de cursus is dat hij door meerdere Fontysinstituten is opgepakt. Niet zonder reden, weet opleidingsmanager Ockers: “Elke keer wordt opnieuw gekeken of het team voldoende is toegerust om de cursusgroep op te leiden. We kijken vanuit verschillende instituten naar de juiste expertise. De groep professionals die in opleiding komt, is namelijk ook heel divers.”</span></p><p><span>De prijs die tanteLouise dinsdag in ontvangst mocht nemen is dus evengoed een mooie opsteker voor Fontys. “We hopen dat de cursus hiermee een stevige positie krijgt in de regio en we veel enthousiaste zorg- en welzijnsprofessionals mogen opleiden. Maar de maatschappelijke impact die we ermee kunnen maken, staat voor ons voorop.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,FHMG,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Thu, 06 Jun 2024 08:11:58 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 10 Jun 2024 12:36:15 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/75e7ae46-3ed1-4d13-a6a4-5118f166e335/500_hraward2024tantelouise.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/75e7ae46-3ed1-4d13-a6a4-5118f166e335/500_hraward2024tantelouise.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/75e7ae46-3ed1-4d13-a6a4-5118f166e335/hraward2024tantelouise.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[HRaward 2024 tanteLouise]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Simulatiestoel brengt gamen en revalidatie samen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/simulatiestoel-brengt-gamen-en-revalidatie-samen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/simulatiestoel-brengt-gamen-en-revalidatie-samen/</guid><pp:caseid>634214</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Mogelijkheden om te revalideren, games en virtual reality. De gloednieuwe RevSim, een afkorting voor revalidatie simulatiestoel, heeft het allemaal. “Volgens mij hebben we hiermee een wereldprimeur.”</strong></p><p>De RevSim is een gamestoel die gericht is op de revalidatie van chronisch zieke mensen. Zowel docenten als studenten werken eraan mee. Geert-Jos van der Maazen is de projectleider en kwam op het idee van de stoel. Dat gebeurde een paar jaar geleden toen de docent op het vliegveld van Lelystad was.</p><p>“Een vriend van mij is piloot en geeft les aan onervaren piloten met een door hemzelf gebouwde simulator met een joystick en VR-bril. Dat bracht me op ideeën”, vertelt Van der Maazen. “Het is een prachtige manier om iemand te leren vliegen; je stimuleert de mens met praktische oefeningen om een vaardigheid aan te leren. Toen vroeg ik mezelf af of we dit niet ook toe konden passen in de medische wereld.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/97cff558-06a0-4221-8514-a1d0d92d3312/500_yaw2proedition3dof.jpg?x=1716896633949" alt="RevSim" width="200">En of dat kon. De docent kreeg subsidie voor het aanschaffen van een gamestoel, VR-bril en een complex computersysteem en ging samen met studenten en collega’s aan de slag. Het resultaat is de RevSim, met financiële ondersteuning van Fontys <span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="text-align:start;">EdTech en het Centre of Expertise Health </span></span>. “Als ik als fysiotherapeut tegen een chronische patiënt zeg dat hij zijn linkerarm honderd keer moet buiten en strekken, dan is hij er na de dertigste keer wel klaar mee. Het is veel leuker om te revalideren op een interactieve manier, spelenderwijs met een VR-bril op je neus. Het zorgt voor een totaalbeleving.”</p><p><strong>Gamen</strong><br>De simulatiestoel maakt bewegingen van links naar rechts en van voren naar achteren. De patiënt die erin zit, vaak iemand met niet-aangeboren hersenletsel of iemand die herstelt van een beroerte, wordt met een VR-bril in een door Fontys-studenten ontworpen spel gezogen.</p><p>Dat werkt zo: “Je zit in een roeibootje op een meer en krijgt te maken met golfslag. Door met je romp te bewegen houd je het bootje in evenwicht. Maar ondertussen vliegen er ook vogels door het beeld heen die je kunt verslaan met een sabel. Het is de bedoeling dat je zoveel mogelijk vogels uit de lucht prikt. Hoe meer vogels je vangt, hoe meer punten je krijgt.”</p><p><strong>Revalidatietool</strong><br>Momenteel werken studenten van de opleidingen Werktuigbouwkunde, Fysiotherapie, ICT en Chemie mee aan het project. De bedoeling is om er in de komende jaren meer studenten bij te betrekken en verschillende games te ontwikkelen. Er wordt al gewerkt aan spellen waarmee mensen opnieuw kunnen leren autorijden en het menselijke lichaam kunnen ontdekken.</p><p>Al doende hoopt Van der Maazen genoeg materiaal te kunnen verzamelen om te bewijzen dat de stoel een goede revalidatietool in de zorg kan zijn. “Het is misschien ambitieus, maar we hopen dat de stoel een functionele toepassing in de praktijk gaat worden. Dat zou ik prachtig vinden.”</p><p>De interesse is er al. Van der Maazen heeft uit verschillende hoeken enthousiaste geluiden gehoord en staat de komende weken op meerdere evenementen en beurzen om RevSim aan het grotere publiek te tonen. “Ik durf het niet met zekerheid te zeggen, maar volgens mij hebben we met deze uitvinding een wereldprimeur. We zijn er tot op heden in ieder geval niet in geslaagd om een vergelijkbare toepassing van een game simulatiestoel te vinden.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek,Eindhoven,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid]]></category>
            <pubDate>Tue, 28 May 2024 14:20:42 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 03 Jun 2024 08:27:59 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/db03a4f8-c1fe-4902-b75d-2fc95a8885f4/500_revsimminorstudenten.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/db03a4f8-c1fe-4902-b75d-2fc95a8885f4/500_revsimminorstudenten.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/db03a4f8-c1fe-4902-b75d-2fc95a8885f4/revsimminorstudenten.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studenten met de RevSim]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>LINQ helpt vrouwen met onverklaarbare klachten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/linq-helpt-vrouwen-met-onverklaarbare-klachten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/linq-helpt-vrouwen-met-onverklaarbare-klachten/</guid><pp:caseid>631934</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i>Tijdens de jaarlijkse Dutch Creativity Awards worden er verschillende prijzen in diverse categorieën uitgereikt. Er zijn Bronzen, Zilveren en Gouden Lampen, en dit jaar werden er in het totaal 78 weggegeven. Linq nam het in de categorie ‘Student’ op tegen zeven andere studentengroepjes en ging er uiteindelijk met de prijs vandoor.&nbsp;</i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Van alle mensen met onverklaarbare klachten is het overgrote deel vrouw. Schokkend, vinden studenten Lique Geraedts en Rude Geurts, en dus bedachten zij het platform LINQ. Vorige week mochten ze met hun concept een prijs in ontvangst nemen.</strong></p><p>LINQ is het resultaat van een schoolopdracht waar Lique en Rude in het laatste jaar van hun opleiding Communicatie in Eindhoven aan werkten. Daarvoor gingen ze op zoek naar een maatschappelijk probleem waar ze op een communicatieve en creatieve manier een oplossing voor moesten vinden.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/729e1dfc-d8cc-4dc8-a76c-5fec71dcd73e/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.441.jpeg?x=1715847303656" alt="" width="200">“Wij zijn ons gaan verdiepen in de gezondheidszorg en kwamen erachter dat 80 procent van alle mensen met onverklaarbare klachten vrouw is”, legt Lique uit. “We bedoelen daar personen mee die met bepaalde klachten naar de huisarts gaan, vervolgens worden doorgestuurd en uiteindelijk – na een heel proces – met veel vraagtekens blijven zitten omdat er geen duidelijke diagnose kan worden gesteld.”&nbsp;</p><p><strong>Eenzijdig onderzoek</strong><br>Om erachter te komen wat de oorzaak is van het grote aandeel vrouwen dat met onverklaarbare klachten rondloopt, gingen Lique en Rude op onderzoek uit. Daaruit is volgens hen gebleken dat bij medische onderzoeken de focus in het verleden vooral op mannen lag. “Het gevolg van jarenlang eenzijdig onderzoek heeft geleid tot deze cijfers. De zorg is inmiddels bijgeschroefd en er wordt ook onderzoek op vrouwen gedaan, maar de nasleep is nog altijd zichtbaar.”</p><p>De studenten willen vrouwen met onverklaarbare klachten helpen en komen daarom met LINQ. “In Nederland doneren we stamcellen en bloed, maar nog geen diagnoses. Wij willen daar verandering in brengen met LINQ, een platform voor vrouwen. Aan de ene kant heb je vrouwen die hun onverklaarbare klachten kunnen registreren in een database, aan de andere kant kunnen vrouwen die wel ooit een diagnose hebben gehad, die diagnose doneren.”</p><p><strong>Advies</strong><br>LINQ legt vervolgens een link tussen de onverklaarbare klachten en de bestaande diagnoses. Lique legt uit hoe dat werkt: “Stel, een vrouw heeft klachten als bekkenpijn, onvruchtbaarheid en vermoeidheid. Haar wordt door de huisarts verteld dat het met haar menstruatie of overgang te maken heeft, maar daar kan ze niet zoveel mee. Ze zoekt haar klachten op in de database van LINQ en vindt vervolgens een match met de mogelijke diagnose endometriose.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5755c510-818e-4218-ac6d-bb395fb34de7/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.44.jpeg?x=1715847309875" alt="" width="200">Endometriose is een aandoening waarbij slijmvlies buiten de baarmoeder zit en komt bij ongeveer één op de tien vrouwen voor. “LINQ geeft hiermee natuurlijk geen diagnose. We zien het meer als een advies waar vrouwen vervolgens mee terug naar de dokter kunnen gaan, in de hoop meer onderzoek over deze aandoening te kunnen krijgen. We hopen dat vrouwen daardoor niet langer achterblijven met talloze vragen en mentale problemen, waar ze op den duur meer last van kunnen krijgen dan van de fysieke klachten.”</p><p>Naast vrouwen zijn ook huisartsen en specialisten welkom op het platform. Sterker nog: Lique en haar studiemaatje Rude hopen dat LINQ uiteindelijk een technologische database wordt die wordt overzien door artsen. “We hebben al heel veel positieve reacties ontvangen op ons concept. Vorige week mochten we zelfs een Zilveren Lamp in ontvangst nemen tijdens de Dutch Creativity Awards. Van alle studenten en concepten die meededen, kwamen wij als winnaar uit de bus.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 May 2024 10:38:59 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 17 May 2024 06:58:31 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lique Geraedts en Rude Geurts, foto: Dutch Creativity Awards]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Met boek terug naar de basis van verpleegkunde</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/met-boek-terug-naar-de-basis-van-verpleegkunde/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/met-boek-terug-naar-de-basis-van-verpleegkunde/</guid><pp:caseid>627068</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i>De boekpresentatie vindt op woensdag 15 mei plaats in het Explorelab in gebouw R13 op campus Rachelsmolen in Eindhoven. Auteurs Jelle Reijngoudt en José van Dorst overhandigen die dag het eerste exemplaar aan prof. dr. Marcel Levi (voorzitter NWO, hoogleraar geneeskunde, internist). Geïnteresseerden kunnen online of fysiek bij het evenement aanwezig zijn door zich via </i><a href="https://goto.fontys.nl/forms/boekpresentatie.verpleegkundig.proces.15.mei.2024.41455.nl.htm?utm_campaign=zorg&utm_content=https%3A%2F%2Fwww.coutinho.nl%2Fnl%2Fhet-verpleegkundig-proces-9789046908877%3Futm_medium%3Demail%26utm_source%3Dnieuwsbrief%26utm_campaign%3Dhet-verpleegkundig-proces%26utm_content%3Dzorg&utm_source=nieuwsbrief&utm_medium=email" target="_blank"><i>deze website</i></a><i> aan te melden.</i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>In tijden van schaarste en tekorten, waarbij de zorg in Nederland dreigt vast te lopen, terug naar de basis van het verpleegkundevak. Dat is het doel van het boek ‘Het verpleegkundig proces’, waar Jelle Reijngoudt van Fontys Verpleegkunde een behoorlijke steen aan bijdroeg.</strong></p><p>Door personeelsproblemen, de stijgende vraag naar zorg en vergrijzing komt de verpleegkundige zorg de laatste jaren onder een steeds grotere druk te staan. Dat heeft als gevolg dat een verpleegkundige steeds vaker werkt vanuit een medisch perspectief en niet vanuit de ‘menselijke kant’. Terwijl dat nou net is waar verpleegkundigen voor zijn, stelt Jelle Reijngoudt.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c16f3f75-94d5-468c-9953-d829f66b5f9d/500_pasfotojelle-2.jpeg?x=1712580053643" alt="Jelle Reijngoudt" width="200">Hij is van origine verpleegkundige en werkt inmiddels al een paar jaar als docentonderzoeker bij Fontys Verpleegkunde. Samen met José van Dorst, promovenda aan de Universiteit van Maastricht, schreef hij het informatieve boek ‘Het verpleegkundig proces – op weg naar de best passende zorg’, dat volgende maand verschijnt.</p><p>“Ik heb in de wijkverpleging gewerkt en kwam er daar achter dat de processen in de zorg niet goed op elkaar aansluiten”, aldus Reijngoudt. “In het onderwijs merk je dat nog sterker. Op stageplaatsen zien we regelmatig dat de anamnese, een intakegesprek waarbij de ziektegeschiedenis met een arts wordt doorlopen, niet of onjuist wordt afgenomen bij patiënten. Dat zorgt ervoor dat je problemen mist.”&nbsp;</p><p><strong>Mishandeld</strong><br>De docentonderzoeker geeft een voorbeeldje uit het boek, gebaseerd op een waargebeurd verhaal uit een ziekenhuis waar hij studenten begeleidt. “Op een ziekenhuisafdeling wordt een patiënt tot vier keer toe opgenomen met een complexe botbreuk. De eerste drie keer wordt geen navraag gedaan, waardoor er pas bij de vierde opname – wanneer die navraag wél plaatsvindt – blijkt dat de patiënt thuis wordt mishandeld. Als er de eerste drie keer wel was doorgevraagd, had dit misschien voorkomen kunnen worden.”&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/eadf7a8c-095c-4e82-a71c-47f7371288a5/500_covervanhetboek.png?x=1712580080935" alt="Cover van het boek" width="200">Verpleegkundigen focussen zich tegenwoordig steeds vaker op het medische probleem, terwijl ze veel breder moeten kijken. Verder dan het bekijken van bloeduitslagen of andere feitelijke kennis. “We zien met name in settings waarbij verpleegkundigen samenwerken met artsen dat het medisch aspect belangrijker is geworden, en dat het verpleegkundige aspect naar achteren is geschoven. Het is natuurlijk handig dat verpleegkundigen medisch georiënteerd zijn, maar we zijn geen minidokters. We zijn een klein onderdeel in het leven van een patiënt. Of horen dat in ieder geval te zijn.”</p><p><strong>Kritisch kijken</strong><br>Met het boek willen Reijngoudt en zijn collegaschrijver Van Dorst terug naar de basis. Terug naar waar het verpleegkundevak voor staat. "We willen het verpleegkundige proces weer laten gebruiken zoals het bedoeld is. Hoe? Door verpleegkundigen kritisch te laten kijken naar hun eigen handelen. We zijn al op weg naar een wereld met betere zorg, maar moeten nog wel een grote stap zetten naar de best passende zorg voor patiënten. Dit boek focust op hoe je die zo efficiënt mogelijk in kunt zetten in tijden van schaarste en tekorten, zoals bij covid.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid,FHMG]]></category>
            <pubDate>Tue, 09 Apr 2024 10:49:38 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 10 Apr 2024 12:06:59 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/4f1731d7-6ec8-4b5d-8777-6d60cc1230f7/500_shutterstock-1103094797.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/4f1731d7-6ec8-4b5d-8777-6d60cc1230f7/500_shutterstock-1103094797.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/4f1731d7-6ec8-4b5d-8777-6d60cc1230f7/shutterstock-1103094797.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[verpleegkunde zorg verpleging]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Panorama of a happy nurse with a stethoscope covering an elderly man with a blanket in a nursing home]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>De strijd tegen &#039;medisch&#039; nepnieuws valt niet te winnen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-strijd-tegen-medisch-nepnieuws-valt-niet-te-winnen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-strijd-tegen-medisch-nepnieuws-valt-niet-te-winnen/</guid><pp:caseid>626811</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Naar de dokter voor tips over een gezondheidskwaaltje? Je kunt tegenwoordig ook op TikTok terecht, waar influencers informatie delen over elk denkbaar zorgonderwerp. De vraag is alleen: hoe betrouwbaar is die informatie? Vaak helemaal niet.</strong></p><p>Niet alle informatie die via social media-kanalen zoals TikTok verspreid wordt, is gebaseerd op goede bronnen en waarheden. Soms is het afkomstig van influencers die doen alsof ze verstand hebben over een onderwerp, terwijl ze er eigenlijk helemaal niets over weten. Artsen zijn nu het account Dokters Vandaag gestart om het verspreiden van nepnieuws op die manier tegen te gaan.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ab3a508d-8e00-4512-a7d6-c994c02681a7/500_meikeberkers.png?x=1712239859945" alt="Meike Berkers" width="200">Een goed initiatief, vindt Meike Berkers, docent Verpleegkunde bij Fontys. “Binnen de gezondheidszorg is er op dit moment een groot verdienmodel als het om influencen gaat. Als iemand met een miljoen volgers bepaalde informatie verspreidt, gaan veel van die volgers ervan uit dat het om betrouwbare informatie gaat. Terwijl dat vaak helemaal niet het geval is.”</p><p>Het verspreiden van desinformatie komt onder alle doelgroepen voor, alleen heeft dat in de zorgindustrie direct gevolgen, stelt Berkers. “Op TikTok worden supplementen aangeraden die schadelijk zijn voor het lichaam, terwijl zonnebrandcrème wordt afgeraden. Je ziet echt dat mensen geen zonnebrandcrème meer gebruiken omdat influencers zeggen dat het slecht voor je is. En dat is ernstig, want zonnebrandcrème is juist hartstikke belangrijk om huidkanker tegen te gaan.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a76f4aaf-5ef1-4a78-9569-48b54d60f776/500_rickboesten1.jpg?x=1712239865397" alt="Rick Boesten" width="200">Coronacrisis</strong><br>Rick Boesten, ook docent bij Fontys Verpleegkunde, merkte een stijging in het verspreiden van desinformatie tijdens de coronacrisis. “Vóór Fontys werkte ik dertien jaar bij de GGD, en daar merkte ik ook al op dat er desinformatie over bijvoorbeeld vaccinaties werd verspreid. Met als gevolg dat de vaccinatiegraad van sommige vaccinaties omlaag ging.”</p><p>Dat heeft soms ondenkbare gevolgen, maar toch valt er niet altijd iets aan te doen. Want ja, zie maar eens een rem op influencers te zetten als zij hier hun brood mee verdienen. “Influencers worden betaald voor het delen van bepaalde informatie, dat is hun levensvoorziening. En dat maakt het zo tricky. Ze doen op basis van geld uitspraken die niet kloppen. Daar doe je helemaal niks tegen; dat is nou eenmaal hoe deze markt werkt.”</p><p><strong>Beïnvloedbaar</strong><br>Verpleegkunde-docent Anchiela Valk-Bijl en studenten Emma ten Bruggencate en Joyce Kool, alle drie verbonden aan GGD Hart voor Brabant, zien dat ook. Zij hebben het over de opkomst van de mazelen, een ziekte waarmee sinds kort steeds meer kinderen in vooral de omgeving van Eindhoven besmet raken. Ze vertellen dat er ook op dat vlak veel nepnieuws wordt verspreid.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/db9b3c9a-9aa5-4465-a75d-827388174480/500_fotoemma.jpg?x=1712239872515" alt="Emma ten Bruggencate" width="200">“Er is ooit naar buiten gebracht dat kinderen autisme zouden kunnen krijgen van de BMR-vaccinatie, een prik tegen de bof, mazelen en rodehond. Veel ouders gebruiken dat als argument om hun kind niet te vaccineren, met als gevolg dat die kinderen erg ziek worden door de mazelen”, zegt Emma. “Het is natuurlijk niet waar dat kinderen daar autisme van kunnen krijgen, maar toch wordt die informatie verspreid. Een tijd geleden kwam het zelfs ter sprake bij een televisieprogramma”, vult Joyce aan.</p><p>Een ander voorbeeldje: “Deze week zagen we een meisje dat deed aan automutilatie, ze sneed zichzelf. Dat had ze opgepikt van TikTok, waar meisjes filmpjes van zichzelf doorsturen waarin ze zichzelf snijden. Het zijn dus niet alleen de influencers die jongeren beïnvloeden, maar ook de jongeren onder elkaar”, aldus Emma.&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5e290935-dac3-450d-b727-10c46e010eae/500_maudstaassenfotografie-7761.jpg?x=1712239886002" alt="Anchiela Valk-Bijl, foto: Maud Staassen Fotografie" width="200">Betrouwbare bronnen</strong><br>Hoe ze dit tegengaan? Influencers kunnen ze niet stoppen, maar ze kunnen hun steentje wel bijdragen door het in ieder geval zelf juist te doen. Emma en Joyce voeren bij hun stage bij de GGD Hart voor Brabant regelmatig gesprekken met ouders en wijzen hen enkel op informatieverspreiders die betrouwbare informatie delen, zoals het RIVM. Twee taken waar tijdens hun opleiding bij Fontys veel op gelet wordt.</p><p>“Wij letten er als docent goed op dat de bronnen die onze studenten gebruiken altijd wetenschappelijk onderbouwd zijn”, zegt Anchiela Valk-Bijl. “Maar we leren ze vanaf hun eerste jaar ook alles over gesprekstechnieken. Uiteindelijk zijn het, als we het over vaccineren van kinderen hebben, de ouders zelf die daar een keuze over maken. Wij kunnen hen niet verplichten om dat te doen; we kunnen ze alleen voorzien van juiste informatie.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHMG,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Thu, 04 Apr 2024 16:40:51 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 08 Apr 2024 11:47:11 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/85d1d1ce-f9a1-4061-9a2b-61ff6263d3a1/500_fakenews.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/85d1d1ce-f9a1-4061-9a2b-61ff6263d3a1/500_fakenews.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/85d1d1ce-f9a1-4061-9a2b-61ff6263d3a1/fakenews.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[fake news]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Steeds meer 20-plussers te zwaar: &#039;Zorgwekkend&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/steeds-meer-20-plussers-te-zwaar-zorgwekkend/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/steeds-meer-20-plussers-te-zwaar-zorgwekkend/</guid><pp:caseid>623027</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Meer dan de helft van alle Nederlanders vanaf twintig jaar is te zwaar, blijkt uit cijfers van het CBS. En dat is zorgwekkend, op meerdere terreinen, zeggen studenten van de studie Gezondheid in Venlo.</strong></p><p>Uit de laatste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat 16 procent van de Nederlanders van 20 jaar of ouder het afgelopen jaar obesitas had. Nog eens ruim één derde van de 20-plussers is te zwaar. Tel die twee groepen bij elkaar op en je komt uit op een ruime meerderheid met overgewicht. Begin jaren 80 ging het nog om 33 procent.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/21e4729b-d5f3-430f-9c8a-5b86fb455175/500_whatsappimage2024-03-06at11.42.10.jpeg?x=1709733689073" alt="Kim Gielen" width="200">“Dat is best zorgwekkend”, vindt derdejaars student Kim Gielen. “Op deze manier komen er steeds meer ziektes in de zorgmaatschappij bij. Daardoor wordt niet alleen het zorgpersoneel belast, maar gaan ook de ziektekosten omhoog.”&nbsp;</p><p><strong>Oorzaak</strong><br>Eén oorzaak is er volgens Kim niet. Deels heeft het te maken met een verandering van de levensstijl. De moderne technologie en verandering op de arbeidsmarkt, waardoor we steeds meer thuiswerken en achter computers zitten, zorgen voor minder lichaamsbeweging. Met overgewicht of zelfs obesitas als gevolg.&nbsp;</p><p>“Maar het heeft ook te maken met gemak en toegankelijkheid. Mensen leven steeds vaker in een hectische omgeving, waardoor ze sneller voor makkelijke en ongezondere maaltijden kiezen.”</p><p><strong>Ouders</strong><br>Een andere oorzaak kan volgens een eerstejaarsstudent die in de afgelopen maanden onderzoek deed bij jongeren tussen de nul en achttien jaar, gezocht worden bij het thuisfront.&nbsp;</p><p>“Het begint allemaal bij je ouders. Als je op de middelbare of hogeschool zit, ben je volwassen genoeg om je eigen keuzes te maken. Maar als je op de basisschool zit, volg je vaak het voorbeeld van je vader en moeder. Als er thuis geen groenten en fruit aanwezig zijn, is het geen wonder dat je ze niet eet. Kinderen nemen slechte gewoontes automatisch over.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8c0b97dc-669a-4b2e-95a4-0dd8dee95f5e/500_schermshyafbeelding2024-03-06om14.59.33.png?x=1709733667282" alt="Jessica Tietemans" width="200">Oplossing</strong><br>Maar er is ook nog een derde oorzaak. En een vierde, vijfde, zesde en zevende. “Het heeft met heel veel factoren te maken”, zegt tweedejaarsstudent Jessica Tietema. “Beweeg je genoeg? Rook je? Houd je je eetpatroon bij? Eet je gevarieerd? Gebruik je drugs? Ontspan je genoeg? En heb je stress? Veel mensen denken dat het alleen bij het stukje voeding en beweging ligt, maar dat is niet zo. Gewicht heeft met veel meer zaken te maken.”</p><p>Voor veel van die dingen valt een oplossing te bedenken. “We weten natuurlijk dat meer sporten helpt, net als gezonder eten. Maar ik vind dat er daarnaast ook meer bewustwording moet komen”, zegt Kim. “Je hebt concepten als Hello Fresh, die relatief gezond eten aanbieden, maar niet goedkoop zijn. Supermarkten zouden daar in mijn ogen meer mee kunnen doen. Zij hebben genoeg gezond voedsel in de schappen liggen. Promoot dat dan ook.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Limburg,Student,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid]]></category>
            <pubDate>Wed, 06 Mar 2024 15:32:23 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 07 Mar 2024 13:27:44 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/08f9bca4-aea2-4e95-9df5-ca4557c47146/500_shutterstock-1008560212.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/08f9bca4-aea2-4e95-9df5-ca4557c47146/500_shutterstock-1008560212.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/08f9bca4-aea2-4e95-9df5-ca4557c47146/shutterstock-1008560212.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[gewicht overgewicht obesitas weegschaal]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alles uit de kast voor de zorg: ‘Uitstroom en tekort beperken’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alles-uit-de-kast-voor-de-zorg-uitstroom-en-tekort-beperken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alles-uit-de-kast-voor-de-zorg-uitstroom-en-tekort-beperken/</guid><pp:caseid>620114</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het tekort aan zorgpersoneel loopt de komende jaren verder op. Ook de uitstroom van verpleegkundigen is al jaren hoog. Om deze trend tegen te gaan of in elk geval de schade te beperken, houdt de zorg regelmatig campagnes. Ook Fontys haalt alles uit de kast.</strong></span></p><p><span>De cijfers liegen er niet om: over 8 jaar is het tekort aan zorgpersoneel naar verwachting opgelopen naar 135.000 werknemers, zo </span><a href="https://nos.nl/artikel/2413851-onderzoek-tekort-aan-zorgpersoneel-op-lange-termijn-alleen-maar-groter" target="_blank"><span>berekende</span></a><span> ABF Research in opdracht van het ministerie van VWS twee jaar geleden. Een jaar later komt het onderzoeksbureau met </span><a href="https://abfresearch.nl/publicaties/arbeidsmarktprognoses-zorg-en-welzijn-vernieuwd/" target="_blank"><span>nieuwe cijfers</span></a><span>: het tekort is al opgelopen naar 168.000 personen in 2032.</span></p><p><span>Naar verwachting neemt het personeelstekort in de zorg vooral na 2026 verder toe. De verwachte tekorten zijn het grootst bij verzorgenden en verpleegkundigen afgestudeerd in het mbo en hbo. Oorzaak van het personeelstekort in de sector is onder meer de vergrijzing. Daardoor groeit de vraag naar zorgpersoneel.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:430/auto;width:430px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_zorgmanager.jpg?x=1707321347842" alt="De werkdruk in de zorg is vaak hoog" width="430" height="auto">Onvoldoende jongeren zien een baan in de zorg zitten. Wisselende diensten, hoge werkdruk en het salaris noemen ze als redenen. Het is niet alleen moeilijk om aan nieuw personeel te komen, ook om het te behouden.</span></p><p><span>Hoewel er vorig jaar 21.000 mensen extra zijn gaan werken in de zorg, neemt de uitstroom toe. Een druppel op de gloeiende plaat dus, concludeerde de </span><a href="https://nos.nl/artikel/2487513-steeds-meer-uitstroom-in-de-zorg-toch-toename-personeel" target="_blank"><span>NOS</span></a><span> vorig jaar. Om deze trend tegen te gaan of in elk geval de schade te beperken houdt de sector voortdurend campagnes. Ook Fontys haalt alles uit de kast.</span></p><p><span>Zo haken de instituten Fontys Mens en Gezondheid, Fontys Sociale Studies en Fontys Paramedisch aan bij een landelijke </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=http%3A%2F%2Fwww.100pzorgenwelzijn.nl%2F&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C177717d18a204ebb5fcf08dc21837028%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638422095603380589%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=0HqhMb%2B3d5r35ycPBynVsIRxUcgNvSqeAjw4mKZ4pcM%3D&reserved=0" target="_blank"><span>campagne</span></a><span> om middelbare scholieren warm te maken voor een opleiding in de zorg. Een speciaal daarvoor uitgeruste truck doet vanaf maart tot juni 50 steden aan.</span></p><p><strong>VR-experience</strong><br><span>Middelbare scholieren, van alle jaren en niveaus, worden in één lesuur in vogelvlucht meegenomen in de zorg door VR-experience. “Voor ons is het een kans om in contact te komen met nieuwe potentiële studenten”, aldus Jojanneke Wehmeijer-Haaksman van Fontys Sociale Studies.</span></p><p><span>Om de uitstroom van zorgprofessionals uit de sector te beperken, is Fontys Mens en Gezondheid gestart met masterclasses, bedoeld voor alumni Verpleegkunde die maximaal vier jaar zijn afgestudeerd. Recent afgestudeerden hebben behoefte aan een zachte landing na het afstuderen, weten verpleegkundedocent Tineke van Lieshout en Yvonne Cuijpers, docent management en leiderschap.</span></p><p><span>“Er komt veel op je af in de hectische zorgwereld”, zegt Van Lieshout. “Tijdens hun studie worden ze ondersteund en uitgedaagd en zijn er regelmatig momenten van terugkoppeling. Na het afstuderen valt dit weg. En dan? Hoe houd je jezelf staande? Tijdens de masterclasses gaan de deelnemers hierover met elkaar in gesprek. Dat zorgt voor herkenning en verbinding.”</span></p><p><strong>Ervaringen uitwisselen</strong><br><span>De gedachte achter de masterclasses is dat het uitwisselen van ervaringen en het opdoen van contacten de deelnemers verder helpt en zelfvertrouwen geeft. “Hiermee willen we voorkomen dat zorgprofessionals vroegtijdig stoppen en de sector verlaten”, aldus Cuijpers, die eerder werkzaam was als zorgmanager en veel jonge, capabele mensen zag vertrekken. &nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:372/auto;width:372px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e2a34e50-3a8a-49ba-a794-e39a3777bbdc/800_shutterstock-1418158745.jpg?x=1707321426555" alt="Hbo-verpleegkundigen willen meestal niet alleen aan het bed staan" width="372" height="auto">“Vaak stappen ze met bepaalde verwachtingen het werkveld in om vervolgens 32 uur in de week aan het bed van patiënten te staan. Als hbo-verpleegkundigen willen de meesten een meer zelfstandige, coördinerende en/of onderzoekende rol. Die zijn er genoeg, maar soms duurt het even voordat je op je plek zit. Daarvoor zijn connecties in het werkveld heel nuttig.”</span></p><p><span>Of het nu een rondtrekkende truck met VR-experience is of masterclasses waar recent afgestudeerde zorgprofessionals ervaringen uitwisselen, voor Fontys staat vast dat ze alles uit de kast moet halen om het tekort aan zorgpersoneel en de uitstroom de komende jaren te beperken. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Thu, 08 Feb 2024 09:30:44 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 09 Feb 2024 18:40:45 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/f71ae792-b50c-4c79-acb3-c1d0a3edcbb8/500_verpleegkundige-verpleegkunde-zorg-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/f71ae792-b50c-4c79-acb3-c1d0a3edcbb8/500_verpleegkundige-verpleegkunde-zorg-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/f71ae792-b50c-4c79-acb3-c1d0a3edcbb8/verpleegkundige-verpleegkunde-zorg-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[verpleegkundige-verpleegkunde-zorg-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nursefluencers en hun impact: &#039;We hebben heel veel vragen&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nursefluencers-en-hun-impact-veel-vragen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nursefluencers-en-hun-impact-veel-vragen/</guid><pp:caseid>612220</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Nursefluencers. Wanneer ben je er een, wat doen ze en hoe groot is hun invloed? Die vragen hopen twee lectoraten van Fontys volgend jaar te kunnen beantwoorden na het doen van onderzoek naar dit steeds populairder wordende fenomeen.</strong>&nbsp;</span></span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De lectoraten ‘Persoonsgerichtheid in een ouder wordende samenleving’ en ‘Journalistiek en Innovatie’ doen onderzoek naar nursefluencers, verpleegkundige influencers die via social media met hun volgers het gesprek over de zorg aangaan. Het is een term waarvan de betekenis nog niet in beton is gegoten, maar waar de lectoraten wel meer over willen weten. Nursefluencers lijken namelijk steeds meer aan populariteit te winnen, ook onder studenten.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Zorgdebat</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Wat is de invloed die nursefluencers hebben op het maatschappelijke debat rondom arbeidsmarktkrapte in de zorg en de in- en uitstroom van verpleegkundigen? En kunnen zij dit debat positief beïnvloeden? “Daar gaan we nu naar kijken”, zegt docent-onderzoeker Jessie van Wijk. “We willen weten hoeveel volgers nursefluencers over het algemeen hebben, hoe ze die volgers aantrekken en wat ze belangrijk vinden.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/908b14d7-398b-4c4c-956b-4794f2e836ef/500_schermshyafbeelding2023-11-28om12.30.16.png?x=1701173241303" alt="Jessie van Wijk">Van Wijk en haar collega’s willen weten hoe de stem van verpleegkundigen gehoord kan worden, niet alleen binnen een organisatie maar op een hoger niveau. Maken ze op wat voor manier dan ook impact? En zo ja, op welke manier doen ze dat?&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">“We hebben heel veel vragen. Vragen die niet beantwoord kunnen worden zonder het zetten van de eerste stap: erachter komen wie de gezichten achter nursefluencers zijn. We gaan op zoek naar verpleegkundigen die hun mening via online platformen dusdanig uiten dat ze daar invloed mee proberen uit te oefenen. Ze gaan de discussie aan over het zorgdebat. Wij willen daarover met hen in gesprek.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Instagram</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Het onderzoek is deze maand van start gegaan en neemt een jaar in beslag. De focus ligt vanwege het korte tijdsbestek voornamelijk op nursefluencers die zich op Instagram bevinden. “TikTok en LinkedIn hadden ook gekund, maar we hebben toch besloten om voor Instagram te kiezen. Op TikTok zit vaak een wat jonger publiek en op LinkedIn juist weer een ouder publiek. Bovendien is het op LinkedIn allemaal wat formeler. Wij zijn juist op zoek naar het influencermachtige fenomeen en denken dat vooral op Instagram te kunnen vinden.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Naast collega’s worden er ook studenten van Fontys bij het onderzoek betrokken. “We betrekken sowieso afstudeerders bij het lectoraat, maar stel dat er uit een eerste analyse blijkt dat er ook nursefluencers zijn die bij Fontys studeren, dan kunnen we hun kennis en ervaring zeker gebruiken voor het onderzoek.” </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">[Karen Luiken]</span></i></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">&nbsp; &nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Onderzoek,Lectoraten,Verpleegkunde,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Wed, 29 Nov 2023 09:54:51 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 30 Nov 2023 09:49:47 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/100a63ad-0a03-4d89-8440-f89cfe8e13e0/500_shutterstock-2229889581.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/100a63ad-0a03-4d89-8440-f89cfe8e13e0/500_shutterstock-2229889581.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/100a63ad-0a03-4d89-8440-f89cfe8e13e0/shutterstock-2229889581.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[verpleegster verpleger selfie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Film Teun Toebes inspiratie voor studenten en docenten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/film-teun-toebes-inspiratiebron-voor-studenten-en-docenten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/film-teun-toebes-inspiratiebron-voor-studenten-en-docenten/</guid><pp:caseid>611916</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><a href="https://teuntoebes.com/" target="_blank"><span>Teun Toebes</span></a><span> (24) is verpleegkundige en zet zich in om wereldwijd de zorg voor mensen met dementie te verbeteren. Een aantal jaar geleden is hij afgestudeerd aan Fontys Verpleegkunde. Sinds 2 november draait de documentaire Human Forever van filmmaker Jonathan de Jong met Teun Toebes in de hoofdrol in de Nederlandse bioscopen. Er zijn ook </span><a href="https://www.pathe.nl/film/26963/human-forever" target="_blank"><span>besloten voorstellingen</span></a><span> mogelijk.&nbsp;</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Hij is nog maar 24 en nu al op een missie. Fontys-alumnus Teun Toebes wil wereldwijd de zorg voor mensen met dementie verbeteren. Voor de documentaire Human Forever sprak hij met wereldleiders, topwetenschappers en visionairs. Zijn boodschap is er een van hoop, en die kwam aan bij studenten en medewerkers van Fontys voor wie de film donderdag exclusief werd vertoond.</strong></span></p><p><span>Teun Toebes had eigenlijk in het buitenland moeten zijn, waar hij samen met de filmmakers een prijs in ontvangst mag nemen voor de documentaire. Maar hij koos ervoor om in Eindhoven te zijn, en een zaal van Fontysstudenten en -medewerkers toe te spreken. Want, zegt hij, we staan voor een enorme maatschappelijke opgave met elkaar. “Ik hoop dat jullie beseffen hoe mooi jullie rol kan zijn in deze cultuurverandering.”</span></p><p><span>Die is namelijk hard nodig, stelt Toebes vast. “Wereldwijd zijn er momenteel 55 miljoen mensen met dementie, over zes jaar zijn dat er 78 miljoen en in 2050 maar liefst 139 miljoen. Een op vijf mensen krijgt dementie. Deze film gaat dus mogelijk ook over jouw toekomst.”</span></p><p><strong>Opgesloten</strong><br><span>De film begint bij Toebes die intrekt in een gesloten afdeling van een verpleeghuis voor ouderen met dementie. “De gedachte dat dit mijn voorland is, maakt mij verdrietig”, zegt hij, terwijl we hem door de kale gangen zien lopen en hij steun geeft aan een vrouw die aan een poort rammelt en jammert dat ze eruit wil. “Wie wil nu opgesloten worden na een leven van vrijheid, op een plek waar je stem en mening niks meer waard zijn?”, vraagt hij zich hardop af. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Toebes vindt dat deze situatie moet veranderen en besluit in de film op onderzoek uit te gaan, op zoek naar antwoorden voor later. Hoe gaan andere landen hiermee om en wat kunnen we van hen leren? Wat betekent welvaart als je dementie hebt? Hij praat met topwetenschappers, wereldleiders, visionairs, zorgmedewerkers en patiënten in 35 landen en bezoekt 11 ervan. De verschillen zijn groot.</span></p><p><span>Hij reist af naar Scandinavië, een regio waar we volgens hem vaak tegenop kijken, waar eigen regie en persoonsgerichte zorg maatgevend zijn. Maar ook hier reikt de vrijheid vaak niet verder dan het hek, concludeert Toebes. In het armste land van Europa, Moldavië, leven mensen met verschillende zorgbehoeften en aandoeningen bij elkaar, zonder speciale voorzieningen, ook achter een hek. Maar toch blijkt iedereen mee te tellen en zorgen ze voor elkaar.</span></p><p><strong>Sprankeling</strong><br><span>In Zuid-Afrika zorgt de familie voor hulpbehoevende ouderen, ook als dat betekent dat je je eigen leven ervoor op moet geven om bij je ouders in te trekken. Hier ziet Toebes dat dementie niet het einde hoeft te betekenen van een rijk en sociaal leven. “De sprankeling die ik hier in de ogen van de mensen zie, zie ik zelden bij mijn huisgenoten”, constateert de zorgvernieuwer verdrietig. “In Nederland kunnen we met al ons geld nog steeds geen geluk kopen voor degenen die dat zo hard nodig hebben.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de video]</span></i></p><p><span>Toch wordt Toebes hoopvoller naarmate hij meer landen bezoekt en meer mensen spreekt. Hij raakt geïnspireerd door de degenen die een verandering in gang hebben gezet. Door het nemen van preventieve maatregelen, met nieuwe woonvormen, persoonlijke aandacht, geborgenheid en de vrijheid om jezelf te zijn als patiënt en te gaan waarheen je wilt. “Je kunt met iedereen contact maken, ongeacht leeftijd en aandoening”, zegt Toebes. En dat laat hij ook veelvuldig zien in de film. Zijn toenadering tot ouderen met dementie is hartverwarmend en ontroerend. En inspirerend.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:290px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b6b36f22-0323-41b8-8c43-ad628824fda0/800_sellyeneline.jpg?x=1700820335255" alt="Selly en Eline">“Heel indrukwekkend”, zegt student Social Work Eline, die zichtbaar is geraakt door wat ze heeft gezien en gehoord. “Er is heel veel om over na te denken. Ik moet het echt even laten bezinken.” Haar vriendin Selly, student Verpleegkunde, is al net zo onder de indruk. “De documentaire geeft me een beeld van dementie dat ik nog niet kende. De vraag die meteen in me opkomt, is hoe ik een bijdrage kan leveren aan deze cultuurverandering in de zorg waartoe Toebes oproept.”</span></p><p><strong>Steentje bijdragen</strong><br><span>Selly besluit, aangespoord door verpleegkundedocent Ine Spierings, ter plekke dat ze tijdens een les over de film gaat vertellen en wat deze met haar heeft gedaan. “Ik kom van Bonaire en daar gaan mensen toch wel anders om met dementie. Ook als mensen in een verpleeghuis worden verzorgd, blijft de familie heel nauw betrokken.” In Nederland is iedereen druk en de zorg kan ook beter, constateert ze. “Ik vind het heel mooi wat Teun doet en wil graag mijn steentje bijdragen.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:347px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d34dc258-c16a-417c-8c17-8f91d96fc2c1/800_teunenines.jpg?x=1700820364861" alt="Ine Spierings feliciteert Teun Toebes met zijn film">Docent Spierings loopt de bioscoopzaal uit met ‘een lach en een traan’. Ze stapt direct op Toebes af die buiten de zaal klaarstaat om studenten en medewerkers op te vangen. Sommigen zijn zichtbaar geëmotioneerd. “We hebben in Nederland een systeem ontwikkeld dat helemaal niet past bij de doelgroep. Dat raakt me heel erg”, zegt Spierings. “Je ziet in de film wat persoonlijke aandacht doet met mensen met dementie. Daar moet echt verandering in komen.”</span></p><p><span>De docent vindt het mooi om te zien dat vakgenoten en studenten meteen al met elkaar in gesprek gaan hoe het beter kan in de zorg en hoe het onderwijs hieraan kan bijdragen. En ook Teun Toebes kijkt hoopvol om zich heen naar wat zijn documentaire teweegbrengt. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHMG,Verpleegkunde,Alumni,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Fri, 24 Nov 2023 11:38:58 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 08 Jan 2024 08:52:10 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/797d9eb6-ac70-45e6-9f97-ae0d99cbc9a3/500_belgieuml-teunopbedmetvrouw-bewerkt.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/797d9eb6-ac70-45e6-9f97-ae0d99cbc9a3/500_belgieuml-teunopbedmetvrouw-bewerkt.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/797d9eb6-ac70-45e6-9f97-ae0d99cbc9a3/belgieuml-teunopbedmetvrouw-bewerkt.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Belgi&amp;euml; - Teun op bed met vrouw]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Teun Toebes documentaire Human Forever]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Studenten en medewerkers positief over nieuwe gebouwen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-en-medewerkers-positief-over-nieuwe-gebouwen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-en-medewerkers-positief-over-nieuwe-gebouwen/</guid><pp:caseid>608722</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Eindelijk is het dan zover: de drie nieuwe gebouwen op campus Rachelsmolen zijn maandag opengegaan voor medewerkers en studenten. Ruim twee maanden later dan gepland. Toch moeten ook nu nog wat puntjes op de i worden gezet. Niettemin zijn de reacties overwegend positief.</strong></span></p><p><span>In alle vroegte stapt Aaron Nijssen, ondersteunend medewerker bij Fontys Paramedisch, campus Rachelsmolen op. Hij verhuist van Fontys TF naar gebouw R13. Hij heeft de rondleiding voor medewerkers afgelopen vrijdag gemist, dus hij zal zelf zijn weg naar zijn nieuwe werkplek moeten vinden. In de centrale hal blijft hij staan en kijkt om zich heen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:352px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6c954b72-384d-45f6-a7e5-07b0bf72e662/800_dsc03102.jpg?x=1700494017848" alt="Aaron Nijssen op zijn nieuwe werkplek">“Wat is het hier ruim en licht”, zegt hij. “De nieuwigheid spat ervan af. Gebouw TF was op. De verhuizing komt op het juiste moment.” Er wordt nog gewerkt aan de centrale trap, dus Nijssen zal een andere route naar de derde verdieping moeten vinden. Zoekend kijkt hij om zich heen, collega’s groetend die op dezelfde wijze hun bestemming proberen te vinden. Uiteindelijk vindt hij zijn directe collega’s door de blauw geschilderde ruimtes te volgen.</span></p><p><span>En dat is precies de bedoeling. De gebouwen R11, 12 en 13 bieden onderdak aan verschillende instituten, met als doel dat er meer onderling wordt samengewerkt. Elk instituut heeft zijn eigen kleur, zodat collega’s en studenten elkaar makkelijker kunnen vinden. Aaron Nijssen ziet er de voordelen wel van in. “De lijntjes zijn veel korter nu de instituten niet meer op verschillende locaties in Eindhoven zitten. Je zoekt elkaar makkelijker op en er is meer kans om nieuwe collega’s te ontmoeten.”</span></p><p><span><strong>Kloppend hart</strong></span><br><span>Gebouw R13 is het kloppend hart van Social Studies, Kind en Educatie, Pedagogiek, Mens en Gezondheid en Paramedisch. Het gebouw beschikt over diverse (openbare) onderwijsruimten en werkplekken voor ondersteunend personeel en docenten. R12 huisvest verschillende praktijkruimten, zoals spreek- en behandelkamers en trainings- en observatieruimten. Hier zullen studenten ook met echte cliënten gaan werken.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:279px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5b2d8e5c-b69c-45ed-a157-e6159c3f8eb8/800_dsc03183.jpg?x=1700494048440" alt="Latoya Dankers deelt wegwijzers uit aan studenten">R11 is het gebouw met campusbrede voorzieningen zoals het auditorium, restaurant en het centrale servicepunt. Het restaurantgedeelte opent op 1 januari 2024 zijn deuren.&nbsp;</span></p><p><span>Voor de ingang van R13 schalt inmiddels funky discomuziek uit een dj-tafel. Een viertal jonge mannen van entertainmentbureau Contraversial heet de medewerkers en studenten welkom. Anne van den Munckhof en Latoya Dankers van Fontys Huisvesting en Facilitaire Zaken delen wegwijzers uit met daarin plattegronden van de drie nieuwe gebouwen.</span></p><p><span>Heel handig, vindt eerstejaars podotherapiestudent Bo Strosser. Het is de eerste keer dat ze op campus Rachelsmolen komt. Haar eerste reactie: “Wat is het hier groot!” Een beetje timide staat ze voor gebouw R12 te wachten op twee medestudenten. Ze heeft vandaag al meteen les op de nieuwe locatie. Docent Martine van Hensbergen en studentcoach Marieke Dingen vangen Bo en de andere podotherapiestudenten op. “We doen het vandaag rustig aan”, zegt Van Hensbergen. “Ik wil dat jullie rustig kunnen landen.”</span></p><p><span><strong>Einde van een tijdperk</strong></span><br><span>De docent neemt ze mee op een tour door de gebouwen, langs leslokalen en praktijkruimten. De studenten zijn onder de indruk. Het is hier mooi, ruim en heel nieuw. Elise Dunk kon haar weg in TF niet vinden, liep naar eigen zeggen altijd achter haar medestudenten aan, maar hier heeft ze het vertrouwen dat ze op haar plek is. “Er staat ook overal goed aangeven waar wat is”, zeggen medestudenten David en Suzan.</span></p><p><span>Voor Van Hensbergen betekent de verhuizing het einde van een tijdperk. “Ik liep al even rond in het TF-gebouw, eerst als student, en inmiddels al 25 jaar als docent." Ze is erg te spreken over de nieuwe poli podotherapie: ruim, met veel ramen en nieuwe behandelstoelen. Dat docenten en ondersteunend personeel niet altijd op een vaste plek zitten, zoals eerder wel het geval was, kan lastig <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:522px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fe4ae830-f480-49eb-b43e-2fd931206e4f/1920_dsc03166.jpg?x=1700494345406" alt="Studenten podotherapie krijgen een rondleiding">zijn voor studenten, denkt ze. “We zijn niet meer zo makkelijk te vinden. Maar mensen zijn gewoontedieren, dus we vinden vast wel een nieuwe, vaste plek."&nbsp;</span></p><p><span>"En anders hebben we altijd nog onze groepsapp”, zegt studentcoach Marieke Dingen. Het is gewoon even wennen, besluiten ze.</span></p><p><span>De hele dag lopen studenten en medewerkers nieuwsgierig rondkijkend de gebouwen in en uit. “We hebben alleen nog maar positieve geluiden gehoord”, zeggen Anne van den Munckhof en Latoya Dankers. Toch zijn er ook mensen die minder blij zijn. De rode tekstverlichting van de parkeergarage geeft al voor het middaguur aan dat er geen plaats meer is. De verkeersregelaar stuurt iedereen die met de auto komt weg, de wijk in of naar een andere, betaalde parkeerplaats in de buurt.</span></p><p><span><strong>Parkeren monitoren</strong></span><br><span>Volgens Judith Tollig van Huisvesting en Facilitaire Zaken zou de parkeergarage en de extra parkeerplaatsen die nog worden gerealiseerd, voldoende moeten zijn voor het aantal gelijktijdig aanwezige studenten en medewerkers op de campus. “We gaan dit de komende weken zorgvuldig monitoren. Als blijkt dat er structureel te weinig parkeerplaatsen zijn, zullen we daar actie op ondernemen. In het uiterste geval gaan we een parkeervergoeding vragen, omdat we het gebruik van de auto proberen te ontmoedigen en duurzaam vervoer stimuleren.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/900afe9c-04bc-466c-9b5a-2141103c81be/500_dsc03175.jpg?x=1700494359505" alt="Caitlin">De komst van de vijf instituten betekent ook een uitbreiding van het aantal beveiligers op de campus. “Deze week letten we erop of alles goed verloopt en of iedereen zijn weg kan vinden”, vertelt beveiliger Bjorn Franken. “Het is voor iedereen even wennen, ook voor ons.”&nbsp;</span></p><p><span>Voor sommigen is een nieuwe omgeving extra spannend. Caitlin Valkering heeft een beperking waardoor ze in een rolstoel zit, en ze heeft ASS, een vorm van autisme. Vorige week heeft de student orthopedische technologie een rondleiding gehad, speciaal voor studenten met een beperking. “Mijn eerste indruk is dat de gebouwen best goed toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel. Maar ik heb mijn twijfels over de open leeromgeving, omdat ik erg prikkelgevoelig ben.”&nbsp;</span></p><p><span>Toch wil Caitlin geen voorbarige conclusies trekken. “Ik moet het eerst ervaren voordat ik erover kan oordelen.” Vol goede moed draait ze haar rolstoel richting de ingang van R13. “Welkom”, roepen Van den Munckhof en Dankers haar toe. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,PRO Gezondheid,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Mon, 20 Nov 2023 16:42:58 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 04 Dec 2023 15:52:23 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/40f2e082-c92d-4b99-997f-748bf9ea0ab8/500_dsc03111.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/40f2e082-c92d-4b99-997f-748bf9ea0ab8/500_dsc03111.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/40f2e082-c92d-4b99-997f-748bf9ea0ab8/dsc03111.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Het welkomstcomit&amp;eacute;]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Inclusief Onderzoek: eerlijke kans op gezondheid voor iedereen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/inclusief-onderzoek-eerlijke-kans-op-gezondheid-voor-iedereen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/inclusief-onderzoek-eerlijke-kans-op-gezondheid-voor-iedereen/</guid><pp:caseid>605816</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Iedereen verdient eerlijke en gelijke kansen. Ook als het gaat om gezondheid, zorg en welzijn. Hoe zorg je ervoor dat iedereen deze kans ook krijgt? En wat zijn de valkuilen? Die vragen stonden dinsdag centraal tijdens het symposium Inclusief Onderzoek, verzorgd door het Centre of Expertise Health.</strong></span></p><p><span>Er is een dertigtal geïnteresseerden aanwezig bij de opening van het symposium. Volgens docent-onderzoeker Anne-Mie Sponselee, die het symposium in goede banen leidt, is inclusief werken het willen maken van keuzes waardoor we bewust of onbewust geen mensen buitensluiten. “Met het woord symposium merkte ik al dat ik een bepaalde drempel opwierp voor onze studenten. Dus vanaf nu houden we het maar bij bijeenkomsten.”</span></p><p><span>Deze bijeenkomst staat in het teken van samenwerking tussen praktijk, onderwijs en onderzoek om samen een bijdrage te leveren aan eerlijke kansen op gezond leven, het liefst voor iedereen. “Het zou mooi zijn als je vandaag nóg bewuster bezig bent met inclusiever onderzoek, geïnspireerd raakt en handvatten en tips krijgt zodat we iedereen die inclusievere zorg en gezondheid ook kunnen bieden.”</span></p><p><strong>Baat bij interventies</strong><br><span>Om dat te bewerkstelligen komen deze middag verschillende professionals aan bod, zoals gezondheidsmakelaar Julia Hiddink van GGD Brabant-Zuidoost. Als gezondheidsmakelaar adviseert zij bij de ontwikkeling en uitvoering van gezondheidsbeleid in de regio. "Uit onderzoek blijkt dat mensen met een laag inkomen en een lage opleiding vijftien jaar minder lang in goede gezondheid leven en zeven jaar minder lang leven. Daarom hebben we gekeken welke doelgroep in onze regio de meeste baat heeft bij bepaalde interventies.”</span></p><p><span>Voor Hiddink was het een uitdaging om juist die doelgroepen bij onderzoeken te bereiken. "Doe daarom, voordat je onderzoek uitvoert, eerst een stapje terug en kijk naar je doelgroep. Past je onderzoek of activiteit wel bij ze of vinden zij hele andere dingen relevant?” Lector Gera Nagelhout sluit zich daar volledig bij aan. “Inclusief onderzoek gaat over het onderzoek zo toegankelijk maken zodat iedereen mee kan doen. Heb je enquêtes met moeilijke vragen? Dan moet je doelgroep die wel begrijpen.” Ook diversiteit hoort volgens haar bij inclusief onderzoek. “Spreek bijvoorbeeld niet alleen met hoogopgeleiden, maar zorg voor diverse steekproeven. Zo realiseer je een positieve verandering in het doen van onderzoek.”</span></p><p><strong>Het belang van inclusief onderzoek</strong><br><span>Waarom is inclusief onderzoek eigenlijk zo belangrijk? Dat heeft volgens Nagelhout alles te maken met de maatschappelijke impact. “Wanneer je mensen bij je onderzoek betrekt, wordt het vaak maatschappelijk relevanter en kom je tot betere vragen en uiteindelijke interventies. Wanneer iedereen bijvoorbeeld je vragen begrijpt, kunnen meer mensen meedoen en wordt je onderzoek daar beter van. Ook leren de mensen die jij hierbij betrekt iets over onderzoek en leer jij iets over hen. Daarnaast heb je ook altijd nog het ethische aspect: mensen hebben het recht om mee te denken en te beslissen over onderzoek dat over hun gaat.” [</span><i>Tekst gaat verder onder de foto]</i></p><p><span>Dat onderzoeken soms ook niet goed gaan blijkt uit de afsluitende presentatie van keynotespeaker en gezondheidswetenschapper Charifa Zemouri. “We zijn zoveel bezig met inclusie, inclusieve zorg en inclusieve wetenschap. Toch blijft het een hekel punt. Waarom is dat zo en wat houdt inclusie tegen? Dat heeft alles te maken met institutioneel racisme.”</span></p><p><strong>Afkomst als (probleem)factor</strong><br><span>Iedereen verdient dezelfde toegang tot goede zorg en juiste uitkomsten. Maar uit onderzoek van Zemouri blijkt dat veel wetenschappelijk onderzoek en de resultaten daarvan toegewezen worden aan iemands afkomst. “Maar waarom is dat altijd een factor? Sterker nog, een probleemfactor? Je kunt je afkomst namelijk niet veranderen, maar we houden er wel vaak rekening mee.” Zo zijn er alleen in Nederland al ruim 400 onderzoeken die afkomst toetsen. “Zo krijg je misverstanden door associaties met sterke gevolgen.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:404px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3e30ccc1-f7c3-420d-8cbd-f6dc320d278f/800_fontyssymposiuminclusiefonderzoek07.11.2023-lr-kimvosfotografie.nl4n9a6836.jpg?x=1699443901631" alt="Charifa Zemouri - Kim Vos Fotografie">Aan de hand van verschillende voorbeelden toont Zemouri het publiek onderzoeken die niet inclusief zijn of verkeerde beelden schetsen. Allemaal zorgen ze voor vooroordelen, radicalisatie, discriminatie en stigmatisatie. “Benadruk daarom altijd dat je je patiënten of doelgroep niet benadert op afkomst, maar op klinisch beeld. Anders werk je institutioneel racisme in de hand.”</span></p><p><strong>Streven naar verbetering</strong><br><span>Hoe komt het dat we dit soort dingen allemaal weten, maar dat er niets mee gedaan wordt? Niet alleen in Nederland, maar in de hele wereld? Dat heeft volgens Zemouri alles te maken met de feiten en wat we geloven. “Feiten die niet passen bij wat je denkt, worden vergeten. Dat gebeurt niet opzettelijk, maar we kunnen hier wel een les uit trekken."</span></p><p><span>“Daarom moeten we voortbouwen op elkaars kennis”, vervolgt de gezondheidswetenschapper. "We moeten streven naar het aanpakken van de historische beelden over mensen, biologie en de wetenschap om zo kennis, onderzoek en onderwijs te bevorderen. Door dat te herkennen en te kijken wat voor impact het heeft op je werk, kun je inclusie bevorderen. Maar gebruik je foute data en aannames, krijgen we juist te maken met nog meer exclusie.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Onderzoek,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Wed, 08 Nov 2023 13:41:27 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 09 Nov 2023 11:38:30 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/022a6b27-32b4-41eb-8ea0-ee33b004743e/500_fontyssymposiuminclusiefonderzoek07.11.2023-lr-kimvosfotografie.nl4n9a6393.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/022a6b27-32b4-41eb-8ea0-ee33b004743e/500_fontyssymposiuminclusiefonderzoek07.11.2023-lr-kimvosfotografie.nl4n9a6393.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/022a6b27-32b4-41eb-8ea0-ee33b004743e/fontyssymposiuminclusiefonderzoek07.11.2023-lr-kimvosfotografie.nl4n9a6393.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Symposium Inclusief Onderzoek - Foto Kim Vos Fotografie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Shannon overwint eetstoornis na studie bij Fontys</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hoe-shannon-mede-dankzij-fontys-haar-eetstoornis-overwon/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hoe-shannon-mede-dankzij-fontys-haar-eetstoornis-overwon/</guid><pp:caseid>605204</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><i><span style="text-align:start;">Heb je vragen na het lezen van dit artikel? Op&nbsp;</span></i></span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.fontys.nl%2FFontys-Helpt%2FStudentbegeleiding%2FMentaal-welzijn%2FEetstoornis.htm&data=05%7C01%7Cbron%40fontys.nl%7Cb698971e7dd5400d24c408dbdc5af352%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638346055407007778%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C3000%7C%7C%7C&sdata=GCy4ynqXld%2BjpMwogCfXvYxSqVR3Zq7jMmEdAnw%2Fk5Q%3D&reserved=0" target="_blank"><i><u>Fontys Helpt</u></i></a><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><i><span style="text-align:start;">&nbsp;kun je meer informatie en hulpmiddelen vinden over een eetstoornis. Mocht je meer nodig hebben dan een training en/of van gedachten willen wisselen, maak dan een afspraak met een studentenpsycholoog. Indien je belemmerd wordt in je studievoortgang, maak dan een afspraak met een studentendecaan.</span></i></span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Drie onafgeronde studies. Een weegschaal die veel te weinig kilo's aangeeft. Een ziekenhuis en een kliniek. De 30-jarige Shannon Blezer heeft geen gemakkelijke periode achter de rug. Ze heeft dertien jaar met een eetstoornis gekampt, maar kan nu - mede dankzij haar tijd bij Fontys - eindelijk afscheid nemen van haar ‘oude ik’. &nbsp;“</strong><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="text-align:start;"><strong>Dankzij Fontys leerde ik weer vertrouwen op mezelf en overwon ik bepaalde angsten en onzekerheden.”</strong></span></span></p><p>Shannon was dertien jaar oud toen ze voor het eerst problemen kreeg met eten. Ze zat net op de middelbare school, had niet veel vrienden en voelde zich vaak eenzaam, met als gevolg dat ze steeds minder ging eten. Ze ontwikkelde een eetstoornis die almaar erger werd en aan het einde van haar middelbareschooltijd officieel werd vastgesteld door haar huisarts.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>Terwijl ze in behandeling ging, kwam ze voor een moeilijke keuze te staan. Welke studie zou ze gaan doen? “Ik keek vooral naar wat mijn ouders van mij verlangden. Ik had geen idee wat ik wilde en heb uiteindelijk maar gekozen voor de opleiding Communication and Multimedia Design in Maastricht. Vooral omdat ik dacht dat mijn ouders daar blij van zouden worden.”</p><p><strong>Depressie</strong><br>Ze hield het een paar weken vol. Shannon besloot met de opleiding te stoppen, omdat ze al snel merkte dat dit niet de plek was waar ze gelukkig zou worden. “En dus kwam ik weer thuis te zitten”, vertelt ze. “Dat bleek heel slecht voor mijn eetstoornis te zijn. Ik was veel alleen, was altijd thuis en had alle ruimte om me op mijn eetstoornis te storten. Maaltijden sloeg ik over en ik bewoog ontzettend veel.”</p><p>Shannon was in die periode zwaar depressief. Ze kwam alleen buiten om calorieën te verbranden, het liefst zo veel mogelijk in zo weinig mogelijk tijd. Omdat ze wist dat ze dit niet lang zou volhouden, verplichtte ze zichzelf om een bijbaantje te zoeken. Die vond ze bij La Place, nota bene een plek waar ze de hele dag met eten bezig zou zijn. “Ik smeerde broodjes voor klanten, maar at zelf nauwelijks iets.”</p><p>Eten deed ze niet op het werk, maar ook niet thuis. Ze was inmiddels goed geworden in het verzinnen van smoesjes, zodat ze de maaltijden thuis kon overslaan. “Ik zei dat ik al had gegeten. Of ik kookte een pannetje voor mezelf met heel veel groentes en af en toe een aardappeltje. Het leek alsof ik veel at, maar eigenlijk kreeg ik nooit meer dan honderd calorieën binnen.”</p><p><strong>Dieptepunt</strong><br>De kilo’s vlogen eraf. Week na week woog Shannon steeds minder, tot ze haar absolute dieptepunt bereikte. “Ik was op dat moment net aan de fotovakschool begonnen. Ik had het naar mijn zin, maar kon de opleiding niet afronden, simpelweg omdat mijn lichaam het niet aankon."</p><p>Shannon kwam in het ziekenhuis terecht en later in een eetstoorniskliniek. In totaal is ze een paar jaar zoet geweest met alle behandelingen, daarna ging het eindelijk beter met haar en startte ze vol goede moed met haar derde studie. Dit keer de opleiding tot hondengedragsdeskundige. Maar helaas, ook die kon ze niet afronden. Haar onzekerheid zat haar in de weg.</p><p><strong>Eigen boek</strong><br>Ze slaagde weliswaar niet, maar had er wel veel van geleerd. Ze durfde voor groepen te staan en sprak veel opener over haar eetstoornis. Ze wist inmiddels dat het hielp om over haar problemen te praten. Of beter nog: te schrijven. Ze bracht een eigen boek uit waarin ze het uitgebreid over haar eetstoornis heeft en leerde daarvan dat ze het prettig vond om anderen te helpen. “Toen realiseerde ik me dat de opleiding tot ervaringsdeskundige in zorg en welzijn bij Fontys in Eindhoven misschien wel eens iets voor mij kon zijn."&nbsp;</p><p>En inderdaad, dat bleek het geval. Afgelopen zomer studeerde de Limburgse af. Inmiddels heeft ze haar diploma op zak en is ze haar <a href="https://www.mijneetstoornisenik.nl/" target="_blank">eigen bedrijfje</a> gestart. Ze geeft lezingen - deze maand nog bij Fontys - en hoopt anderen die net als zij een psychische stoornis hebben, te kunnen helpen met haar kennis en ervaringen. "Ik voel me op dit moment beter dan ooit. Voorheen was het de eetstoornis die mijn leven bepaalde, nu doe ik dat zelf.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Limburg,Eindhoven,Maatschappij sociale studies,PRO Gezondheidszorg,PRO Welzijn]]></category>
            <pubDate>Thu, 02 Nov 2023 16:08:00 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 06 Nov 2023 14:16:15 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/840f2463-5fab-4b9d-9e89-b4d1d6fe6430/500_shannonblezer.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/840f2463-5fab-4b9d-9e89-b4d1d6fe6430/500_shannonblezer.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/840f2463-5fab-4b9d-9e89-b4d1d6fe6430/shannonblezer.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shannonblezer]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Ouderen en alcohol: gezond of ongezond genieten?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ouderen-en-alcohol-gezond-of-ongezond-genieten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ouderen-en-alcohol-gezond-of-ongezond-genieten/</guid><pp:caseid>578198</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Genieten met een wijntje bij het eten of de dag afsluiten met een glaasje port. Voor veel 55+'ers is een dagelijkse alcoholische versnapering niet meer dan normaal. Maar is het ook goed voor je, of kent alcohol juist gevaren? Die vragen werden woensdag beantwoord tijdens de masterclass Ouderen en alcohol: gezond of ongezond genieten?</strong></span></p><p><span>Zeker tachtig studenten, medewerkers en professionals zijn woensdagochtend zowel online als fysiek aanwezig bij de masterclass die vanuit de master Healthy Ageing en verslavingszorginstelling Novadic Kentron is georganiseerd. Volgens programmaleider en onderzoeker bij Fontys Spprthogeschool &nbsp;Kenny Jansen is de masterclass voortgekomen vanuit het Eindhovense Preventie Akkoord, waar veel aandacht wordt besteed aan alcoholvrij genieten. “Traditioneel ligt de focus daarbij op jongeren. Maar wat is bij ouderen de uitdaging en wat kunnen we voor deze doelgroep betekenen? Dat gaan we onderzoeken in deze masterclass, waarin we werken aan de deskundigheidsbevordering van (toekomstige) professionals.”</span></p><p><span>De masterclass staat bol van experts. Rob Bovens vertelt als programmaleider Academische Werkplaats Verslaving alles over het feit of genieten met alcohol nu juist gezond of ongezond is. “We proosten op onze gezondheid, terwijl we ongezond bezig zijn”, steekt hij zijn presentatie af. “En dat doen we veel, want in de laatste twee decennia is de mate van alcoholconsumptie in de groep van 55- tot 75-jarigen flink gestegen.”</span></p><p><strong>Drinken uit gewoonte</strong><br><span>Degenen die vaak drinken zijn volgens Bovens vaak single, roken, zitten vaak op de bank, hebben een relatief hoge opleiding en een goed inkomen en tonen kenmerken van angst- of paniekstoornissen. “Deze groep drinkt vaak uit gewoonte. We weten ook niet beter, want we hebben het tijdens het studeren al geleerd. Wanneer je carrière maakt en kinderen krijgt, wordt het even wat minder, maar zodra het weer kan, komt alcohol al weer snel in beeld.”</span></p><p><span>Dat brengt verschillende negatieve gevolgen met zich mee zoals slaapproblemen, een toename van medicatie en onveilige deelname aan het verkeer. “Er zijn er genoeg die een dagje weggaan met de elektrische fiets, een paar wijntjes pakken en uiteindelijk vallen. Dat resulteert in een toename van ziekenhuisbezoeken.”</span></p><p><strong>‘Verslaving is een ziekte’</strong><br><span>Daar blijft het echter niet bij. Ook in de verslavingszorg is het aantal 55+'ers zeker tweeënhalf keer zo groot geworden ten opzicht van tien jaar geleden. “Een alcoholverslaving is een ziekte, maar in onze samenleving heerst het beeld dat je niet bij verslavingszorg wil horen, terwijl deze zorgprofessionals je juist bij willen staan.”</span></p><p><span>Dat wordt beaamt door Novadic Kentron accountmanager Janneke de Jong en verslavingsdeskundige Saskia van Schaijk. “Alcohol verdooft de hersenen, zorgt voor gedragsveranderingen, laat het hart sneller kloppen en droogt het lichaam uit. Op lange termijn kan alcohol zelfs hersenschade, het syndroom van Korsakov, alvleesklierontsteking, leverproblemen, hartinfarcten, beroertes en kanker veroorzaken. En als je weet dat dit de bijsluiter is, wie zou je dan in hemelsnaam adviseren om alcohol te drinken?” </span><i><span>[</span>Tekst gaat verder onder de foto</i>]</p><p><span>Volgens De Jong is de marketing achter alcohol ook een groot probleem. “Denk maar eens aan de reclames van Heineken en Jupiler, of het aanprijzen van speciale vrouwendrankjes. Er wordt gezorgd dat we blijven drinken en het positief blijven bestempelen, zodat deze bedrijven steeds weer geld kunnen verdienen terwijl het onze gezondheid beïnvloedt.”</span></p><p><span>Volgens de accountmanager kan elk glas alcohol dat je drinkt schade opleveren, ook in de hersenen. “Hoeveel alcohol je dan mag drinken? Drink gewoon liever niet.”</span></p><p><strong>‘Probleem heb je nooit alleen’</strong><br><span>Preventiefunctionaris Yvonne Ruhl ervaart in haar werkzaamheden bij Novadic Kentron dat niet alleen de ouderen die alcohol drinken hier last van hebben. “Een alcoholprobleem heb je namelijk nooit alleen. Denk maar eens aan partners, ouders, kinderen, broers en zussen of vrienden van mensen met alcoholproblemen. Zij hebben hier ook last van.”</span></p><p><span>Frustratie, onmacht, onbegrip, boosheid, verdriet en schaamte zijn een aantal gevoelens die naasten van alcoholverslaafden ervaren. “Daarnaast hebben ze ook last van psychische klachten, spanning, somberheid en angst, slapen zij slecht, wordt er veel gepiekerd, ontstaat er een negatief zelfbeeld en worden naasten vaker slachtoffer van huiselijk geweld. Zo groot kunnen de gevolgen van jouw probleem dus voor anderen zijn.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:358px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ed319285-f2f1-4084-a7f0-f10c59edc978/800_whatsappimage2023-06-21at14.04.35.jpeg?x=1687349248784" alt="Links studente Joyce, tijdens de masterclass ouderen en alcohol">Altijd recht op steun</strong><br><span>Maar hoe kom je als 55+'er dan los uit het verslavingsmechanisme? Novadic Kentron kent verschillende methoden en er zijn lotgenootgroepen waarin mensen met een probleem met elkaar in gesprek kunnen. “Het belangrijkste is dat je bewust wordt van je eigen gedrag. Bepaal daarbij je eigen tijd en tempo om alcoholconsumptie aan te pakken. Vergeet daarbij nooit dat je altijd recht hebt op steun, op welke manier dan ook.”</span></p><p><span>Voor masterstudente Joyce en haar collega is de masterclass in ieder geval een enorme eyeopener. “Ik heb gewerkt met Korsakov-patiënten en ben van functie geswitcht, waardoor ik nu help met de opnames van deze mensen. Maar misschien is overstappen naar de verslavingszorg ook nog wel een optie, want alle informatie die ik vandaag te horen heb gekregen was echt enorm interessant.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHS,Eindhoven,PRO Sport,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Wed, 21 Jun 2023 14:31:14 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 22 Jun 2023 09:03:08 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/75b33bea-adb3-496a-994d-83eb0017d004/500_whatsappimage2023-06-21at14.04.34.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/75b33bea-adb3-496a-994d-83eb0017d004/500_whatsappimage2023-06-21at14.04.34.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/75b33bea-adb3-496a-994d-83eb0017d004/whatsappimage2023-06-21at14.04.34.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Masterclass ouderen en alcohol: Kenny Jansen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Hoge uitstroom bij fysiotherapeuten niets nieuws&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hoge-uitstroom-bij-fysiotherapeuten-niets-nieuws/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hoge-uitstroom-bij-fysiotherapeuten-niets-nieuws/</guid><pp:caseid>577628</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Heel veel beginnende fysiotherapeuten stoppen na enkele jaren alweer met hun beroep. Te lage beloning en te weinig mogelijkheden voor doorontwikkeling zijn de hoofdoorzaken. Een trend die al jaren gaande is, zegt de directeur van Fontys Paramedische Hogeschool, Thom Rutten.&nbsp;</strong></span></p><p><span style="text-align:start;">Eerder deze maand meldde de NOS op basis van een eigen rondgang en cijfers van de Stichting Pensioenfonds voor Fysiotherapeuten dat van alle fysio's die de afgelopen drie jaar stopten, ongeveer 45 procent nog geen vijf jaar in het vak zat. En zo'n 25 procent hield het na vijf tot tien jaar voor gezien.</span></p><p><span style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ea872674-8ca7-49db-a1f7-873009683622/500_thomrutten.jpg?x=1686896490692" alt="Thom Rutten">Thom Rutten, directeur van Paramedisch waar ook fysiotherapie onder valt, staat er niet van te kijken. Dat is al jaren zo, stelt hij. “Toen wij in 2019 de numerus fixus van de opleiding haalden, gingen we van 230 naar 450 studenten. &nbsp;Die stap heeft toen aardig wat lastige gesprekken met het werkveld opgeleverd. Zij zeiden: jullie maken de markt kapot. Maar dat is dus niet zo: vanwege die grote uitstroom.”</span></p><p><span style="text-align:start;">Sterker nog: 100 procent van alle studenten fysiotherapie vindt een baan en doet dat gemiddeld al binnen drie maanden, zegt Rutten. “En het beginsalaris is hbo-niveau, dat is echt prima. Vrijwel elke student di zijn bachelor heeft gehaald, gaat ook voor een master. Want dan krijg je meer uitbetaald van de verzekeraars.”</span></p><p><span style="text-align:start;"><strong>Hoeveel knieën wil je zien?</strong></span><br><span style="text-align:start;">Maar dan komen de problemen. Na een jaar of vijf zitten de meeste fysio's aan het dak van wat ze kunnen verdienen. “Het salaris gaat dan niet verder omhoog en je zit bovendien door die master met een specialisatie. Hoeveel knieën wil je in werkbare leven zien? Ja, je kunt nog praktijkeigenaar worden. Maar dan stopt het wel zo'n beetje.”</span></p><p><span style="text-align:start;">Mogelijk geldt die beperkte doorgroei voor heel wat meer beroepen. Maar volgens Rutten is dat juist voor fysio's een probleem. “Er is nauwelijks ruimte en geld voor doorontwikkeling als je eenmaal aan het werk bent. Dit is een beroepsgroep van mensen die heel sterk zitten op groei, op blijven leren en ontwikkelen. En die twee gaan dus niet samen. Daarom zie je bij ons ook veel docenten die zelf uit het beroepsveld komen en die stap naar het onderwijs als een doorontwikkeling zien.”</span></p><p>“Onze studenten zijn zich daar ook wel bewust van. We zeggen ze ook: verdieping is mooi, maar misschien kun je het ook in de verbreding zoeken. In de wijkzorg bijvoorbeeld.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:359px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8638db87-3e7d-4870-8123-a8bfb77f6aae/800_thomruttendirecteurparamedisch.jpg?x=1686896816144" alt="">In eigen mes gelopen</strong><br>Fysiotherapeuten vallen al enkele jaren niet meer onder de basisverzekering. Dat hebben ze eigenlijk aan zichzelf te danken. “Zo rond 2000 zijn er ook echt wel verkeerde dingen gebeurd in het werkveld. Fysio's en praktijken die maar door bleven gaan met behandelingen en zo hun ondernemerschap op de verkeerde manier uitdroegen. Ze hebben toen te veel ruimte genomen. Nu hebben ze te weinig ruimte. En is het vertrouwen wel een beetje uit het systeem verdwenen.”</p><p><span style="text-align:start;">Omdat ze buiten het basispakket vallen, hebben zorgverzekeraars geen zorgplicht, waardoor sindsdien de tarieven steeds lager werden en bleven. Wat weer tot gevolg had dat er ook het geld niet was voor een goede cao.&nbsp;</span> Als nu een huisarts zegt: ik kan u naar het ziekenhuis sturen, dat valt onder uw verzekering, of naar de fysio. Dan zullen veel mensen kiezen voor het eerste, vooral zij die geen dikke portemonnee hebben.&nbsp;</p><p>“Terwijl de fysiotherapeuten juist ook die andere zorg flink kunnen ontlasten. De afgelopen twintig jaar heeft het vak een enorme ontwikkeling doorgemaakt en is veel meer evidence-based geworden. Het is veel beter onderbouwd, veel holistischer van aard geworden. Onze tweede module gaat bijvoorbeeld helemaal over het coachen van patiënten.”</p><p>Zorgen over een terugloop van het aantal studenten fysiotherapie heeft Rutten absoluut niet. Maar hij vindt wel dat fysiotherapeuten veel dichter bij de huisarts én bij de specialist moeten komen staan. “Ook daarom: fysiotherapeuten verdienen het echt om weer in de basisverzekering terecht te komen.” [<i>Jan Ligthart</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Gezondheidszorg,FHPM,Student]]></category>
            <pubDate>Fri, 16 Jun 2023 09:14:41 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 20 Jun 2023 08:32:50 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/5d1e06d8-08f8-423b-ae8a-a6a95a91affc/500_fysiotherapieknie.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/5d1e06d8-08f8-423b-ae8a-a6a95a91affc/500_fysiotherapieknie.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/5d1e06d8-08f8-423b-ae8a-a6a95a91affc/fysiotherapieknie.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[fysiotherapie knie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Depressie verhelp je niet met goede bedoelingen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/depressie-verhelp-je-niet-met-goede-bedoelingen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/depressie-verhelp-je-niet-met-goede-bedoelingen/</guid><pp:caseid>574798</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Ffrancoisdewaal.nl%2F&data=05%7C01%7Cm.verbiesen%40fontys.nl%7C2531c2903e394aa6627b08db5ac677ed%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638203580677174666%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C3000%7C%7C%7C&sdata=tH2Q8tqv3cMLL%2FXmGXWIbNszqIeaYIyyplZMNbUJQgs%3D&reserved=0"><span>François de Waal</span></a><span> is journalist, televisiemaker, jurist en ervaringsdeskundige. Zijn boek ‘Depressie, de dwangmatige denkziekte’ is onder meer verkrijgbaar bij </span><a href="https://uitgeverijlucht.nl/boek/depressie-de-dwangmatige-denkziekte/"><span>uitgeverij Lucht</span></a><span>.</span></p><p><span>Fontys Mens en Gezondheid (FMG) geeft jaarlijks colleges over de geestelijke gezondheidszorg voor studenten Verpleegkunde. De volgende staat gepland op maandag 26 juni. Dan vertelt zelfstandig ondernemer Loes Vork hoe zij vastliep en de hulp die ze kreeg van psychotherapeut Adriaan van ’t Spijker.&nbsp;</span></p><p><span>Kamp je zelf met een depressie of ken je een medestudent die hieraan lijdt? Ook bij Fontys kun je terecht voor ondersteuning en hulp. Kijk op </span><a href="https://fontys.nl/fontyshelpt.htm"><span>Fontys Helpt</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Hoe help je iemand die depressief is? Niet door die persoon actief aan te zetten tot actie of met opbeurende woorden, hoe goed bedoeld ook. Dat zegt ervaringsdeskundige en journalist François de Waal tot verrassing van veel studenten in de collegezaal.</strong></span></p><p><span>Wat wel helpt, is er gewoon zijn, vragen hoe het echt met iemand gaat, luisteren en bijvoorbeeld iets lekkers maken waar diegene gek op is. Depressieve mensen voelen zich vaak erg eenzaam, weet De Waal. Hij kampte jarenlang met een zware depressie. Ondanks therapie en medicijnen dacht hij op een gegeven moment alleen nog aan de dood. “Ik wilde niet dood, maar ik wilde dat de pijn wegging”, zegt hij.</span></p><p><span>In gesprek met docent Herm Kisjes vertelde de journalist maandag over zijn strijd tegen depressie. Dat gebeurde tijdens een college voor studenten van Fontys Mens en Gezondheid (FMG). Aanleiding is zijn recent verschenen boek ‘Depressie, de dwangmatige denkziekte’.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:243px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/878649a8-0202-49cf-bfc2-8e89d1e1534e/800_francoisdewaal.jpg?x=1684841936160" alt="Francois de Waal">“Ik heb van nature iets pessimistisch in mij, maar toen ik op 62-jarige<sup> </sup>leeftijd verhuisde van Amsterdam naar een klein dorpje in Zeeuws-Vlaanderen sloeg na twee weken de paniek toe. We gingen erheen voor de stilte, de rust, de natuur. Maar het enige wat ik dacht, was: ‘Ik ben alles kwijt, mijn werk, mijn vrienden, mijn stad, mijn leven. Het is allemaal mijn schuld, dit komt nooit meer goed.”</span></p><p><span><strong>Een aap met een mitrailleur</strong></span><br><span>Dag en nacht schoot een ‘aap met een mitrailleur’, zoals De Waal het omschrijft, negatieve dwanggedachtes op hem af. “Ik sliep niet meer, durfde de straat niet meer op, sleepte me van mijn bed naar de bank, ik was een zombie. Op een nacht begon ik te shaken en onophoudelijk te huilen. Mijn lichaam kon de stress niet meer aan en ik werd opgenomen in het ziekenhuis. Als ik alleen had gewoond, zat ik hier nu niet.”</span></p><p><span>Zijn partner beurde hem niet op met positieve praatjes en goede ideeën, maar was er gewoon voor hem, wat enigszins hielp. De Waal raadt hulpverleners aan om mensen die lijden aan een depressie en bij wie niets meer binnenkomt, op deze manier bij te staan. “De beste oplossing is beseffen dat er op een bepaald moment geen oplossing is. Pas als het iets beter gaat, komen goedbedoelde adviezen, zoals sporten en gezond eten, weer binnen. Dit noem je een catch-22-situatie.”</span></p><p><span><strong>Niet handelen, maar luisteren</strong></span><br><span>Deze benadering van depressie komt als een verrassing voor veel studenten in de collegezaal. Tweedejaarsstudent Verpleegkunde Floris Huggers is niet bekend met depressie, alleen via casussen tijdens zijn studie. Hij vindt het heel goed dat hij nu een beter beeld heeft van depressie. “Ik denk dat we er als hulpverleners goed aan doen om het gevoel dat we iets moeten doen, vaker te onderdrukken. Daardoor help je uiteindelijk toch.”<img class="image_resized image-style-align-right" style="width:395px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9fad84f9-c3aa-4960-b9df-a9c3df8cd25a/800_floris.jpg?x=1684842043359" alt="Floris"></span></p><p><span>Ook Madelief Oosterhoorn, eveneens tweedejaarsstudent Verpleegkunde, beseft dat het lastig is om je goed te verplaatsen in iemand die lijdt aan depressie als je het zelf niet hebt meegemaakt. “Ik vond het heel interessant om van een ervaringsdeskundige te horen hoe hij zijn depressie heeft ervaren.” Zijn tips neemt Madelief mee de praktijk in. “Ik ken wel wat mensen om me heen die worstelen met een depressie. Ik had er altijd al begrip voor, maar wist niet dat een luisterend oor ook al helpend is.”</span></p><p><span><strong>De pijn in de bek kijken</strong></span><br><span>Toen het eenmaal een beetje beter met hem ging, was mindfulness het laatste zetje dat de Waal goed kon gebruiken. “Ik werd me bewust van mijn onbewuste gedachtes.” Het blijkt nog steeds een effectieve manier om zijn dwangmatige gedachtes te kanaliseren en accepteren.</span></p><p><span>Ook lezen over depressie bood hem nieuwe inzichten. Bibliotherapie, noemt hij het. “Je kunt je laten afleiden met vrolijke boeken, maar je kunt beter de koe bij de horens vatten.” Een andere remedie: de pijn ondergaan. “Veel mensen onderdrukken die met verdovende middelen en verslavende gedragingen”, aldus De Waal. “Maar als je de pijn niet in de bek kijkt, blijft hij buiten op je wachten om vervolgens extra hard toe te slaan.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,Eindhoven,PRO Gezondheidszorg,FHTP]]></category>
            <pubDate>Tue, 23 May 2023 14:15:23 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 24 May 2023 13:46:59 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/500_depressiestudent.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/500_depressiestudent.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa954c93-d421-4145-9450-5bb5130ad79b/depressiestudent.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[depressie student geld zorgen]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Foto: Shutterstock]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Didactisch experimenteren met XR</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/didactisch-experimenteren-met-xr/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/didactisch-experimenteren-met-xr/</guid><pp:caseid>573429</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Het Fontys XR Event wordt vrijdag 12 mei in de Sporthogeschool in Eindhoven gehouden. Aanmelden is niet meer mogelijk: met 180 bezoekers is het evenement strak 'uitverkocht'. Geïnteresseerden kunnen wel een kijkje nemen op de <a href="https://fontys.nl/Blended-Learning/Fontys-en-XR/Fontys-XR-event.htm" target="_blank">website</a> van de organisatie.&nbsp;</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Deze vrijdag wordt voor het eerst het Fontys XR Event gehouden. Een kans voor docenten en studenten om kennis te maken en te delen over de toepassingen in het onderwijs van deze virtuele toolbox.</strong></span></p><p><span>XR staat voor Extended Reality. En die bestaat uit de technologieën Virtual reality (VR) en Augmented Reality (AR) en Mixed Reality. De eerste kent iedereen wel via de VR-brillen waarbij je je afgesloten van de buitenwereld in een virtuele wereld begeeft. Bij AR zie je de echte wereld maar is er iets aan toegevoegd. Denk bijvoorbeeld aan Pokemon Go of, dichter bij huis, de AR waarbij je de nieuwbouw van Fontys op campus Rachelsmolen via je smartphone al kunt zien. &nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/938e4bd6-dedb-4a9b-88c1-c313acdc8a42/500_mariopaiano.jpg?x=1683731087925" alt="Mario Paiano">Hoewel er vier medewerkers van het Scrumteam Fontys Blended Learning energie steken in de organisatie van het event, is het vooral Mario Paiano die de kar trekt. Hij is de initiator is van deze bijeenkomst. Paiano is al twee jaar bezig om het gebruik van XR binnen Fontys onder de aandacht te brengen, en verbindingen te leggen tussen iedereen die er al mee bezig is of wil zijn.</span></p><p><span>“Er zijn binnen Fontys veel mensen hiermee bezig, maar het zijn allemaal kleine eilandjes. In totaal denk ik zo’n 75 mensen. Maar meestal weet niemand waar de ander mee bezig is. Dus gebeurt dat er ergens VR-brillen in een kast liggen en dat op een andere plek binnen Fontys iemand die brillen aanschaft waar dat niet had gehoeven”, aldus Paiano.</span></p><p><span>“Dus al die mensen zijn ermee aan het experimenteren. En de vraag is dan: hoe verbind je die? Dat doen we nu dus met dit event. Sommige universiteiten en hbo-instellingen hebben al een eigen XR-hub. Maar ik krijg er hier de handen niet voor op elkaar om daar geld en tijd voor beschikbaar te krijgen.”</span></p><p><span><strong>Snelheid</strong></span><br><span>Terwijl het volgens Paiano o zo nodig is. “Deze technologie komt er gewoon aan. En het gaat supersnel. Maar bij Fontys zie je er niets of nauwelijks iets van terug. Terwijl we hier wel studenten opleiden die hier later in hun werk mee te maken gaan krijgen. Over vier jaar lopen de eerstejaars van nu daar keihard tegenaan.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:457px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/aa082546-4b28-4749-9d97-11d6be4edde6/800_marioencollegainvirtueelkantoor.png?x=1683731515014" alt="mario in een virtueel kantoor">Wat ooit nog fantasie was in speelfilms als Minority Report of Ready Player One, is snel bezig werkelijkheid te worden. Daarom ziet Paiano vooral voordelen in het binnen Fontys met XR aan de slag gaan, en niet alleen technologisch.&nbsp;</span></p><p><span>“Het is een leuke manier om studenten een andere context te geven. Om ze te laten experimenteren, dat ze de durf hebben zo’n nieuwe stap te maken. Zowel onder docenten als studenten zien we daar nu nog best wat vrees voor.”</span></p><p><span>Terwijl: je hoeft niet te kunnen programmeren om zelf iets te fabriceren met AR. “Nee, dat hoeft niet. Er zijn allerlei tools beschikbaar. Je kunt in AR iets maken binnen dezelfde tijd als dat je een Powerpoint samenstelt.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:451px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b438b727-a310-472c-8094-d09b6641e345/800_collegametforcefeedbackhandschoen.png?x=1683731637964" alt="Een force feedback handschoen">XR wordt overigens op sommige plaatsen al wel ingezet. Zo is het uitermate geschikt gereedschap voor trainingen aan verpleegkundigen. “En het is ideaal als hulpmiddel bij bijvoorbeeld brandbestrijding, of mensen met dementie.” Ook ontwikkelen studenten van de technische lerarenopleiding onderwijs waarbij XR als didactisch hulpmiddel wordt ingezet.</span></p><p><span><strong>Moet dat wel?&nbsp;</strong></span><br><span>Natuurlijk kun je bij XR dezelfde vragen en twijfels hebben als er nu zijn bij ChatGPT. Moeten we dit allemaal willen? En moeten we dat faciliteren en aanmoedigen als onderwijsinstelling? Juist wel, vindt Paiano.</span></p><p><span>“Waarom zouden wij als Fontys de keuze maken voor de studenten dat het niets voor ze is? Dat moeten ze zelf kunnen beslissen. Daarom is het zo belangrijk dat ze het uitproberen. En als zij het niets vinden, dan is dat op basis van hùn ervaring en dan is het prima.”</span></p><p><span>Dat de organisatoren van het event niettemin bewust zijn van de zorgen over de ontwikkelingen op het tech-vlak, blijkt overigens ook wel uit de gastsprekers bij het event. Daaronder zijn Bart Wernaart en Rens van der Vorst.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:448px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/79d9e442-65fd-45d9-ae4c-869fbcfe6914/800_virtueeltrefbal.png?x=1683731699594" alt="Een spelletje augmented trefbal">Wernaart is lector Moral Design Strategie en plaatst technologische ontwikkelingen altijd in een breder maatschappelijk vlak. Van der Vorst is behalve columnist voor Bron ook een veelgevraagde technofilosoof die immer kanttekeningen plaatst bij het nut, de noodzaak en de gevaren van moderne technologie.</span></p><p><span>“We willen met dit event niet alleen tot een grote halleluja maken. Het belangrijkste is dat we elkaar hier kunnen vinden. En daarbij is het goed om ook kritisch te zijn. Zo sluiten we de dag ook af met de workshop ‘Reality Check’, om iedereen weer met beide voetjes op de grond te krijgen.”</span></p><p><span>En na het event? Er is in elk geval een website rondom al het nieuws over XR en wat er binnen Fontys mee gebeurt. “Maar de stip op de horizon is dat er via samenwerking binnen lectoraten of diensten een vliegende start gemaakt gaat worden met XR binnen Fontys.” [</span><i><span>Jan Ligthart</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Onderzoek,FSH,ICT,PRO Onderwijs,PRO Techniek,PRO Gezondheidszorg,PRO ICT]]></category>
            <pubDate>Thu, 11 May 2023 10:48:27 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 11 May 2023 14:24:27 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/60bdebed-9d18-48f1-ad72-148351f4f244/500_collegamethololens.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/60bdebed-9d18-48f1-ad72-148351f4f244/500_collegamethololens.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/60bdebed-9d18-48f1-ad72-148351f4f244/collegamethololens.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[collega met hololens]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&quot;Verpleegkundigen, pak de regie over je ontwikkeling”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-pak-de-regie-over-je-ontwikkeling/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-pak-de-regie-over-je-ontwikkeling/</guid><pp:caseid>568806</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Annemarie de Vos is in juni 2022 aangesteld als lector Continue Professionele Ontwikkeling van Verpleegkundigen bij het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis, Fontys en Avans Hogeschool. In deze positie voert ze samen met (docent-)onderzoekers, verpleegkundigen en studenten praktijkgericht onderzoek uit en vertaalt ze de verkregen kennis en inzichten rechtstreeks naar de beroepspraktijk en het onderwijs. “Dit draagt bij aan de kwaliteit van het onderwijs en de patiëntenzorg en de professionalisering van (docent-)onderzoekers en verpleegkundigen”, aldus de lector.</span></p><p><span>Op 12 mei spreekt De Vos haar lectorale rede uit tijdens een </span><a href="https://us19.campaign-archive.com/?u=4032a89641ed129ae47a7a817&id=64f53b7beb" target="_blank"><span>bijeenkomst</span></a><span> in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>De uitstroom van verpleegkundigen is al jaren hoog. Lector Annemarie de Vos pleit voor continue professionele ontwikkeling. “We willen dat verpleegkundigen met plezier in de patiëntenzorg kunnen blijven werken.”</strong></span></p><p><span>Zelf heeft ze het ook meegemaakt: in 2004 stond Annemarie de Vos na 25 jaar voor het laatst aan het bed van een patiënt. Dat was niet omdat ze niet meer als verpleegkundige wilde werken, maar omdat haar niet de mogelijkheid werd geboden om zich verder te ontwikkelen, en ze geen idee had hoe ze dit eigenhandig moest aanpakken.</span></p><p><span>Geen tijd, geen geld, geen ruimte in het rooster, geen goede reden kunnen aangeven voor zelfontplooiing. Er is door leidinggevenden altijd wel een reden te bedenken waarom een verpleegkundige die zich verder wil ontwikkelen, daar geen ruimte voor krijgt. Terwijl dat juist zorgt voor meer werkplezier, denkt Annemarie de Vos. “En daarmee kun je uitstroom voorkomen.”</span></p><p><span>In het </span><a href="https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/10/31/advies-commissie-werken-in-de-zorg-over-behoud-en-betrokkenheid-van-zorgprofessionals" target="_blank"><span>adviesrapport</span></a><span> van de commissie Werken in de Zorg (2020) bleek dat 40 procent van de verpleegkundigen binnen twee jaar na het afstuderen weer was vertrokken. Een verontrustend percentage, vindt De Vos. Onder meer hoge werkdruk, mentale en fysieke belasting en een gebrek aan zeggenschap en autonomie zouden eraan ten grondslag liggen. Ook ontbreekt het volgens veel verpleegkundigen aan ontwikkelingsmogelijkheden.</span></p><p><span><strong>Zorg Innovatie Centra</strong></span><br><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:539px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1902689d-0507-4d6a-918b-a78812fb36bc/1920_220224annemariedevoslectoretz-5733.jpg?x=1680685704495" alt="Annemarie de Vos. Foto's ETZ/Ellen den Ouden"></strong>De lector is ervan overtuigd dat een zorgprofessional zelf in staat moet zijn om zijn professionele ontwikkeling vorm te geven en de zorgorganisatie dient diegene in staat te stellen of in ieder geval te faciliteren om dit te doen.</span></p><p><span>Sommige leidinggevenden vrezen dat hun personeel de patiëntenzorg juist verlaat als het zich verder ontwikkelt. “Niet iedereen hoeft te promoveren”, zegt De Vos. “Informele leeractiviteiten op de afdeling, een congresbezoek of cursus kunnen ook bijdragen aan de professionele ontwikkeling.” Maar zo ver is het nog lang niet, constateert ze.</span></p><p><span><strong>Bevlogenheid en werkplezier</strong></span><br><span>Alle reden voor het oprichten van het lectoraat </span><i><span>Continue professionele ontwikkeling van verpleegkundigen</span></i><span>. Samen met Avans Hogeschool en het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis in Tilburg gaat Fontys onderzoeken hoe het werken in Zorg Innovatie Centra (ZIC’s) bijdraagt aan de continue professionele ontwikkeling van verpleegkundigen en wat dit oplevert in termen van bevlogenheid, werkplezier en behoud.</span></p><p><span>Het Tilburgse ziekenhuis telt zeven ZIC’s, verpleegafdelingen waar studenten onder begeleiding van verpleegkundigen patiëntenzorg verlenen. “We weten inmiddels dat studenten er veel kennis en ervaring opdoen, maar wat leren de verpleegkundigen? Draagt hun werk op een ZIC bij aan hun professionele ontwikkeling of prikkelt het hun nieuwsgierigheid om net als de studenten nieuwe kennis op te doen? Dat willen onderzoeken.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:507px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_zorgmanager.jpg?x=1680686465306" alt="Verpleegkundigen in het ziekenhuis. Foto: Shutterstock">Individuele behoeften</strong></span><br><span>Het wordt volgens De Vos tijd dat verpleegkundigen de regie over hun eigen ontwikkeling oppakken. Want, zegt ze, verpleegkundigen willen datgene doen, waarvoor ze het vak hebben gekozen: waarde toevoegen aan de kwaliteit van patiëntenzorg. “Daarin ligt ook een verantwoordelijkheid bij leidinggevenden. Het gaat niet zozeer om tijd en geld, maar om wat er speelt in je team en waar de individuele behoeften liggen.”</span></p><p><span>Doel van het lectoraat is om inzichtelijk te maken hoe verpleegkundigen regie kunnen voeren over hun eigen professionele ontwikkeling. “Daarvoor moet je goed kunnen onderbouwen waarom je iets graag wilt en wat de meerwaarde daarvan is voor de kwaliteit van de patiëntenzorg."</span></p><p><span>Het lectoraat gaat de uitkomsten en inzichten van het onderzoek delen met de beroepspraktijk en de opleidingen verpleegkunde. “Het is belangrijk dat studenten op school al leren om voor zichzelf op te komen. Ik denk dat hier nog veel winst valt te behalen”, aldus De Vos.</span></p><p><span><strong>Combinatie</strong>&nbsp;</span><br><span>De Vos zegde bijna 20 jaar geleden haar baan als verpleegkundige op en ging weer studeren. Ze promoveerde en is fulltime aan de universiteit gaan werken. Sinds juni 2022 leidt de lector het lectoraat Continue Professionele Ontwikkeling van Verpleegkundigen. Maar als ze mocht kiezen, stond ze nog steeds aan het bed van patiënten. “Een combinatie van beide functies zou ik het mooist vinden.”&nbsp; </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,Lectoraten,Lectoren,Onderzoek,Verpleegkunde,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Mon, 08 May 2023 14:18:17 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 09 May 2023 11:08:02 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/7e634fff-f2f8-446c-a126-cee8916b366c/500_220224annemariedevoslectoretz-5792-fotoetzfotografieampfilmellendenouden.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/7e634fff-f2f8-446c-a126-cee8916b366c/500_220224annemariedevoslectoretz-5792-fotoetzfotografieampfilmellendenouden.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/7e634fff-f2f8-446c-a126-cee8916b366c/220224annemariedevoslectoretz-5792-fotoetzfotografieampfilmellendenouden.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[220224 Annemarie de Vos Lector ETZ-5792-Foto ETZ  Fotografie &amp;amp; Film  Ellen den Ouden]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Boek over syndroom van Turner geeft stem aan unieke verhalen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/boek-over-syndroom-van-turner-geeft-een-stem-aan-unieke-verhalen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/boek-over-syndroom-van-turner-geeft-een-stem-aan-unieke-verhalen/</guid><pp:caseid>570611</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Docente Lizette van Geene van Toegepaste Psychologie begeleidde als schrijfcoach een groep vrouwen met het syndroom van Turner. Resultaat is ‘Turn to Grow’, een boek vol aangrijpende verhalen. “Voor de deelneemsters was het een eyeopener om uit eigen ervaring te vertellen waarmee ze te maken krijgen.”</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0c54dc6e-41e0-4192-8ee5-20c5268363b1/500_lizettevangeene.jpg?x=1682333348920" alt="Lizette van Geene">Het syndroom van Turner is een afwijking in de chromosomen die optreedt bij ongeveer 1 op 2500 meisjes. Bij hen ontbreekt – geheel of gedeeltelijk – één van de twee vrouwelijke X-chromosomen. Vrouwen die met het syndroom worden geboren vertonen meerdere symptomen: ze blijven bijvoorbeeld klein van gestalte, hebben vaak een brede borstkas en nier- of hartproblemen.</span></p><p><span>“Ons project heeft tot doel deelneemsters meer zelfvertrouwen te geven door het uiten van hun persoonlijke verhaal”, vertelt Van Geene. “Een vorm van talentontwikkeling: veel deelnemers schrijven graag en willen hierin groeien. Bovendien willen we aandacht bieden aan deze zeldzame aandoening.”</span></p><p><span>Zowel de schrijfcoach als de tien deelneemsters hopen met dit boek meer kennis en begrip rondom het syndroom van Turner te creëren, ook in de professionele zorg en begeleiding. Hun boek werd zaterdag ten doop gehouden in Hilversum.</span></p><p><span><strong>Delen</strong></span><br><span>Tijdens twee schrijfweekenden in de bossen rond Ommen bracht Van Geene als freelance-schrijfcoach de fijne kneepjes bij. “Deelneemsters deden groepsgewijs gerichte opdrachten; zo raakten ze vertrouwd met schrijven. Daarnaast werkten ze met behulp van individuele schrijfcoaching aan hun eigen relaas.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:280px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ab0fbd24-e6e7-4b7b-a108-e9a5c81407fc/800_deelneemstersgerjanneenamber.jpg?x=1682333365391" alt="Deelneemsters Gerjanne en Amber">Verder was er volop plek om met elkaar in gesprek te gaan. “Dat leidt tot herkenning en bijzondere momenten. Vrouwen lopen bijvoorbeeld aan tegen de onbekendheid van Turner. De combinatie van schrijven en elkaar leren kennen werkt goed om ervaringen te delen en praktische tips uit te wisselen. Bovendien zijn deze vrouwen vaak verbaal sterk. Daarbij sluit het schrijven weer goed aan.”</span></p><p><span><strong>De kracht van schrijven</strong></span><br><span>Lizette van Geene is naast Fontys-docente Toegepaste Psychologie freelance schrijfcoach en </span><a href="https://www.lizettevangeene.nl/schrijfster/"><span>publiceerde</span></a><span> een roman en verhalen. Eerder begeleidde ze andere groepen bij hun schrijfproces, zoals jongeren met reuma en mensen in het autistisch spectrum. “Schrijven is indringend. Ook in onze groep waren er vrouwen die anders naar zichzelf gingen kijken. Ze vroegen zich af: Wat betekent deze aandoening eigenlijk voor mij? En: Hoe zou ik nu omgaan met eerdere situaties in mijn leven? Zo leer je je eigen ontwikkelingen en processen zien en beter begrijpen.”</span></p><p><span>Ze ziet zeker een synthese tussen haar docentschap en haar rol als schrijver en schrijfcoach. “Voor eerstejaarsstudenten behandelde ik eerder het thema ‘inclusie’. Daarvoor gebruikte ik soms ook teksten uit de workshops met patiëntgroepen. Zo krijgen studenten meer inzicht in waar mensen met een chronische aandoening mee te maken krijgen. Dat invoelen is belangrijk.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:329px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5843455a-32a2-460d-8ae4-6a97e0590769/800_hr-1turntogrowverhalenboekjecover-1.jpg?x=1682333249371" alt="">Van Geene merkt bovendien dat jongeren openstaan voor het schrijven. “Ik hoor geregeld dat studenten bezig zijn met een boek. Er is zeker animo om gevoelens en ervaringen te delen, ook schrijven is daarvan onderdeel. Of het nu een songtekst is, poëzie of een fantasy-verhaal, dat maakt niet uit."</span></p><p><span>"Zelf schrijf ik al heel lang. Veel en van alles door elkaar. Ik ervaar zo de kracht ervan en wil die als coach aan anderen overbrengen.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></p><p><i><span>‘Turn to Grow’ is te koop via Boekenbestellen.nl. Een deel van de opbrengst van het boek komt ten goede aan de Turner Patiëntenvereniging.</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,PRO Gezondheidszorg,PRO HRM en Psychologie,FHRM]]></category>
            <pubDate>Mon, 24 Apr 2023 12:50:58 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 24 Apr 2023 12:37:18 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/ac49ee62-b44d-42a7-b4fb-fd20479173e8/500_groep.v1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/ac49ee62-b44d-42a7-b4fb-fd20479173e8/500_groep.v1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/ac49ee62-b44d-42a7-b4fb-fd20479173e8/groep.v1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Een groep deelnemers van het schrijfweekend]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Een groep deelnemers van het schrijfweekend]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Bijzondere stages: een VR-bril ontwikkelen voor de zorg</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bijzondere-stages-een-vr-bril-ontwikkelen-voor-de-zorg/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bijzondere-stages-een-vr-bril-ontwikkelen-voor-de-zorg/</guid><pp:caseid>553324</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Voor alle voltijdstudies bij Fontys geldt dat een stage verplichte kost is. De ene stage is echter de andere niet. Bron belicht maandelijks een stage die bijzonder is, of het nu is vanwege de stageplek plek zelf of omdat de stage zelf inhoudelijk opmerkelijk is.&nbsp;</strong></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>In het Tilburgse Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) werken studenten van Fontys Verpleegkunde aan virtual reality-scenario’s om bijvoorbeeld reanimaties te oefenen. “Toen ik dit hoorde, besloot ik mijn afstudeerscriptie hierover te schrijven”, zegt vierdejaars Hendrik de Kok.</strong></span></p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:128px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a241f450-7b72-403f-b01a-d0bc04edb7db/500_logobijzonderestages.jpg?x=1681216052136" alt="">“Met behulp van een VR-bril bootsen we klinische situaties na”, vertelt De Kok. “Bijvoorbeeld een hartreanimatie. De technologie stelt je in staat om 360 graden om je heen te kijken, en is voor het brein niet van echt te onderscheiden. In deze setting maak je interactief keuzes over de te volgen stappen.”</p><p style="text-align:start;"><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_hendrikdekok-02.jpg?x=1671533554019" alt="Hendrik de Kok">Krachtige leeromgeving</strong><br>In het zogenaamde VR-project vertalen studenten veelvoorkomende klinische situaties in interactieve 360 graden-scenario’s. “Het blijkt dat veel jong-gediplomeerde verpleegkundigen bij reanimaties nog volop stress ervaren”, zegt Hendrik. “Ze raken overdonderd door alle noodzakelijke handelingen die samenkomen.” Tijdens zijn stage ontwierp Hendrik hiervoor een ‘veilige’, levensechte reanimatiesetting, die hij in het kader van zijn afstudeerproject test bij beginnende verpleegkundigen.</p><p style="text-align:start;">“Als afgestudeerd verpleegkundige ben je bevoegd, maar nog niet op alle vlakken bekwaam”, vertelt Jan Verstijnen, praktijkopleider van de afdeling Cardiologie. “De levensechte VR-context laat het toe dat je fouten maakt, zonder grote consequenties.” Voorheen werden hartreanimaties eens per half jaar getraind met een pop. “Bij zo’n Basic Life Support-training was dan een instructeur aanwezig die nauwgezet de verschillende stappen controleerde. Dat zorgde voor druk bij de studenten. Zo’n VR-bril maakt de context losser, waardoor studenten fouten durven maken. Bovendien ben je niet meer gebonden aan vaste momenten.”</p><p style="text-align:start;">Cardiologie is een van de afdelingen in Tilburg die beschikt over een Zorginnovatiecentrum (ZIC). “Dat maakt ons sowieso anders dan andere stageplekken”, weet Verstijnen. “In deze krachtige leer-werkomgeving voor zowel studenten als collega’s ontvangen we elk half jaar 25 á 30 studenten van Fontys, Avans, ROC Tilburg en Summa College. Zo ontstaat creativiteit en innovatiekracht, waarvan we profiteren bij dit soort projecten.” <i>[Tekst gaat verder onder de foto]</i></p><p style="text-align:start;"><strong>Ontwikkeld door studenten</strong><br>Voor zijn scriptie interviewde Hendrik de Kok acht jong-gediplomeerd verpleegkundigen, nadat zij hadden meegedaan met een VR-training. “Het blijkt dat ze een beter beeld krijgen van een acute situatie. Ook geven ze aan dat ze zelfverzekerder werden, doordat ze zich in dit realistische scenario beter bewust waren van de gemaakte keuzes.”</p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_janverstijnen-02.jpg?x=1671533566700" alt="Jan Verstijnen">VR-toepassingen zijn niet nieuw in het ziekenhuis, zo oefenen chirurgen ermee en wordt de technologie gebruikt bij patiëntenvoorlichting. Wél uniek is dat de reanimatiescenario’s worden ontwikkeld door Fontys-verpleegkunde-stagiaires uit verschillende leerjaren. “Verpleegkundestudenten moeten verschillende competenties halen”, zegt Verstijnen. “Bijvoorbeeld ‘Organiseren’ of ‘Kwaliteitsbevordering’. Je kunt dit VR-project óók zien als een creatieve manier voor het verzamelen van bewijslast voor die noodzakelijke competenties.”</p><p style="text-align:start;">Deze competenties zijn in dit project uitgesplitst per leerjaar. “Opzet is dat studenten van verschillende leerjaren gezamenlijk aan een casus werken die wordt omgezet in een scenario. De eerste- tot en met derdejaars schrijven en ontwikkelen, terwijl de vierdejaars reflecteren op het project door er les over te geven op de opleiding.”</p><p style="text-align:start;">De relevantie van het VR-project is recent aangetoond door een curieus toeval. Verstijnen: “Een patiënt kreeg een hersenbloeding. Deze acute situatie kwam exact overeen met een vlak daarvoor door de studenten verzonnen casus, die al helemaal was uitgewerkt in virtual reality. Met als gevolg dat de student die aan het bed stond van A tot Z wist hoe te handelen.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Theorie en praktijk</strong><br>Eén van de bedenkers van het project is Marc van Bakel. Als ‘Lecturer Practitioner’ (LP) is hij zowel werkzaam binnen het ETZ als bij Fontys Mens en Gezondheid in Eindhoven. Zo is hij de aangewezen persoon om theorie en praktijk steviger te verbinden. “Collega-docent Pieter van Gorkom experimenteerde in zijn lessen al met de VR-bril. Ik kwam op het idee om de technologie naar de praktijk te brengen, in de vorm van een stage.”</p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_marcvanbakel-01.jpg?x=1671533538702" alt="Marc van Bakel">Juist het ontwikkelproces vindt hij interessant. “Dus niet alleen een training met een VR-bril, maar ook het schrijven en evidence-based onderbouwen van scenario’s [ook die onderbouwing is een competentie die de studenten moeten aantonen, red.].” Voor studenten is het leerzaam en interessant om praktijksituaties die zich kunnen voordoen te vertalen naar een leercontext, die idealiter weer wordt ingezet in het curriculum.</p><p style="text-align:start;">Toch merkt hij dat er binnen de opleiding nog vaak koudwatervrees bestaat voor dergelijke initiatieven. “Dan krijg je beren op de weg als: hoe schrijven we dit in het curriculum? Of: past het wel bij de bewijzen die studenten moeten aanleveren? Dat heb je altijd bij nieuwe ontwikkelingen. Het is dan aan mij als LP om vooral ook te wijzen op de kansen. Soms moet je een innovatie een kans geven door het gewoon te doen, zodat de positieve resultaten vanzelf zichtbaar worden.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Toekomst</strong><br>Stagiaire Hendrik de Kok verzorgde begin december een les over het VR-project voor eerste- en tweedejaars studenten. Verstijnen ziet het nut daarvan: “Die uitwisseling maakt ons vak leuker. Mijzelf zijn de colleges van gastsprekers, de verhalen uit de praktijk, altijd het meeste bijgebleven. We hebben een supermooi beroep, en het is zaak om studenten dat al zo vroeg mogelijk te laten inzien.”</p><p style="text-align:start;">Hoe kijkt Marc van Bakel naar de toekomst van de zorg; ziet hij zulke technologische toepassingen een vlucht nemen? “Jawel. Er is al veel, maar ik denk dat we het nog meer moeten omarmen. De techniek wordt steeds geavanceerder en realistischer- alleen daarom kun je niet achterblijven. Wil je zorgprofessionals houden en warm krijgen voor de toekomst, dan moet je ze continu prikkelen en aan het leren zetten. Dat doe je óók met behulp van technologie.” <i>[Frank van den Nieuwenhuijzen]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHMG,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Mon, 30 Jan 2023 15:16:00 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 11 Apr 2023 12:27:46 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_vr-bril-03.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_vr-bril-03.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/vr-bril-03.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[VR-bril]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys stopt met opleiding toegepaste gerontologie</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-stopt-met-opleiding-toegepaste-gerontologie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-stopt-met-opleiding-toegepaste-gerontologie/</guid><pp:caseid>556409</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Vanaf 1 september 2024 wordt de opleiding toegepaste gerontologie niet meer aangeboden bij Fontys. Zowel de bachelor voltijd als deeltijd wordt opgeheven omdat het aantal inschrijvingen al jaren daalt.</strong></span></p><p><span>Studenten die al staan ingeschreven kunnen de studie nog wel afmaken: de opleiding wordt officieel opgeheven per 31 augustus 2029.</span></p><p>De opleiding heeft al langere tijd last van een laag en dalend aantal inschrijvingen, voor zowel de voltijd- als deeltijdvariant. &nbsp;Er is van alles geprobeerd om het tij te keren, op basis van evaluaties met studenten, collega’s en het werkveld, maar niets hielp. Na overleg met het landelijk netwerk Toegepaste Gerontologie, de raad van advies van de opleiding, domein Mens en Maatschappij en de Fontys portfoliotafels is nu besloten te stoppen met de opleiding.</p><p><strong>Avans</strong><br>In de vergadering van de centrale medezeggenschap van donderdagavond werd nog wel gevraagd of het klopte dat, vreemd genoeg, Avans juist zou overwegen om zo’n opleiding te beginnen.&nbsp;</p><p>Arian Steenbruggen, lid van het college van bestuur: “Er is overleg geweest met Avans hierover, zoals we dat altijd hebben over onze portfolio’s. Het is zeker niet zo dat zij al een aanvraag hebben ingediend om zo’n opleiding te mogen beginnen.”&nbsp;</p><p><span style="background-color:rgb(254,254,254);"><span style="text-align:left;">Het team Toegepaste Gerontologie inventariseert nu welke kansen er nog liggen binnen het domein Mens en Maatschappij en eventueel andere instituten. Er word samengewerkt met de Bachelor Gezondheid rondom het thema gerontologie en verouderingsvraagstukken en er is de module ‘Active Ageing, een interdisciplinaire aanpak bij dementie’ die is ontwikkeld voor zorgmedewerkers van Tante Louise. Ook verkent het team nog overige kansen in zakelijk aanbod.&nbsp;</span></span>[<i>Jan Ligthart</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Eindhoven,PRO Gezondheidszorg,Gezondheid en sport,FHMM,Bestuur en medezeggenschap]]></category>
            <pubDate>Fri, 27 Jan 2023 09:35:54 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 02 Feb 2023 12:55:53 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_gerontologie.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_gerontologie.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/gerontologie.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[gerontologie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Lectoren FPH laten van zich horen tijdens HIT-parade</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/lectoren-fph-laten-van-zich-horen-tijdens-hit-parade/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/lectoren-fph-laten-van-zich-horen-tijdens-hit-parade/</guid><pp:caseid>536736</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het lectoraat Health, Innovations en Technology (HIT) binnen Fontys Paramedische Hogeschool is in tien jaar uitgegroeid tot een serieus kenniscentrum. Donderdag laten de lectoren voor het eerst van zich horen in een heuse HIT-parade.</strong></span></p><p><span>Normaal gesproken zijn ze ieder met hun eigen onderzoek bezig, maar vanmiddag zitten de vier lectoren op de hei voor een sessie over de aankomende HIT-parade. Een klinkende naam voor het symposium rond hun installatie en lectorale redes.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:218px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_evelinewouters-2.jpg?x=1665411695851" alt="Eveline Wouters">Ze hebben dan ook wat te vertellen. Tien jaar geleden startte lector Eveline Wouters het lectoraat Health, Innovations en Technology in een tijd dat technologie net haar intrede deed in de gezondheidzorg. Denk aan Zorg op Afstand en valdetectie.</span></p><p><span>Het onderzoek draagt inmiddels wezenlijk bij aan systeem- en kennisontwikkeling in de paramedische gezondheidszorg. “We zijn uitgegroeid tot een serieus kennisinstituut dat gevonden wordt door diverse partijen”, aldus Wouters.</span></p><p><span><strong>Langer leven</strong></span><br><span>Het lectoraat werkt samen met universiteiten, lectoraten, zorginstellingen en IT-bedrijven aan de ambitie om Nederlanders vijf jaar langer in goede gezondheid te laten leven en de gezondheidsverschillen tussen sociaaleconomische groepen significant te laten afnemen. Wouters: “We willen een leven in goede gezondheid kansrijker maken voor meer mensen.”</span></p><p><span>Zelf houdt de lector en hoogleraar aan Tilburg University zich bezig met het overkoepelende thema Technology acceptance, implementation and accessibility in health care. Dat gaat over de acceptatie en implementatie van technologie in de zorg voor chronische gezondheidsproblemen en wat er nodig is om technologische innovaties te laten slagen op het niveau van cruciale stakeholders en organisaties.</span></p><p><span>Ze legt uit: “In de praktijk werd heel veel van de mooie technologie die was ontwikkeld niet gebruikt. Wij zijn gaan<img class="image_resized image-style-align-right" style="width:230px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9341robjanssen.jpg?x=1665411709601" alt="Rob Janssen"> kijken hoe we deze slimme toepassingen beter in het zorgproces kunnen laten landen. Dat is een ingewikkelde puzzel die van veel factoren afhankelijk is.”</span></p><p><span><strong>Niet transparant</strong></span><br><span>De focus van lector Rob Janssen ligt met het thema Value Based Health Care op de ontwikkeling en implementatie van waarde gedreven zorg, meer betekenisvolle uitkomsten, betere ervaringen van zorgprofessionals en patiënten in verhouding tot de kosten. “We willen graag dat de zorg die een patiënt krijgt heel persoonlijk is, dat die van waarde is en dat die over de hele keten aansluit.”</span></p><p><span>Dat is nu vaak niet het geval. De uitkomsten van zorgverlening zijn vaak moeilijk te vergelijken, weet Janssen, die ook orthopedisch chirurg is in het Máxima Medisch Centrum. “Patiënten kunnen hier en daar wel prijzen vinden van zorgverleners, maar ze kunnen die niet een-op-een vergelijken met de diensten van andere zorgverleners.”</span></p><p><span>Om hier verbetering in te brengen, brengt het lectoraat de ‘patient journey’ in kaart, de reis die een patiënt maakt binnen de gezondheidszorg. Janssen vindt het heel bijzonder dat een hogeschool dit soort onderzoek oppakt. “Tot nu toe gebeurt dit eigenlijk nog alleen binnen ziekenhuizen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:231px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9348martijnpisters.jpg?x=1665411730469" alt="Martijn Pisters"></strong></span><strong>E-coaching</strong><br><span>Lector Martijn Pisters richt zich op het realiseren van duurzame verandering in gezondheid en beweeggedrag. Doel van het thema Empowering Healthy Behaviour is om de langetermijneffectiviteit van preventie en behandeling door paramedici te verbeteren. &nbsp;</span></p><p><span>“Paramedici geven tijdens of na afloop van een behandeling gezondheidsadviezen, zodat patiënten langer gezond blijven. Er is een grote groep, zo blijkt uit onderzoek, die deze adviezen niet opvolgt. De hamvraag is: hoe kunnen we dit verbeteren?”</span></p><p><span>Volgens Pisters komt hier technologie om de hoek kijken. “In de sportwereld worden apps om de gezondheid van sporters te monitoren en te coachen al veelvuldig ingezet. Maar in de gezondheidszorg staan ze nog in de kinderschoenen.”</span></p><p><span><strong>In de praktijk</strong></span><br><span>Artificial intelligence (AI), 3D-scantechnologie, fitnessgaming en robotica. Het thema waarmee Rens Brankaert zich bezighoudt, spreekt veel mensen tot de verbeelding. Met Technology to Enable people in the Context of Health richt de lector zich op de innovatieve toepassing van technologie in de zorgpraktijk.<img class="image_resized image-style-align-right" style="width:344px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9355-rensbrankaert.jpg?x=1665411775457" alt="Rens Brankaert"></span></p><p><span>Stuk voor stuk prachtige middelen, vindt Brankaert. Maar, zo vraagt hij zich in zijn onderzoek af, hoe ontwikkel je technologie die effectief is én ook echt wordt gebruikt door iedereen voor wie ze is bedoeld? “Daarvoor is praktijkonderzoek enorm belangrijk.”</span></p><p><span>Volgens Brankaert verschilt praktijkonderzoek wezenlijk van wetenschappelijk onderzoek dat zich voornamelijk afspeelt tussen de vier muren van een laboratorium. “Door de praktijk wordt je sneller afgerekend als iets niet goed werkt.” [</span><i><span>Marieke Verbiesen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FPH,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Tue, 11 Oct 2022 13:13:00 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 12 Oct 2022 13:51:52 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_robot-pepperindezorg.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_robot-pepperindezorg.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/robot-pepperindezorg.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Robot-Pepper in de zorg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Ageism&#039; komt vaker voor dan je denkt</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ageism-komt-vaker-voor-dan-je-denkt/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ageism-komt-vaker-voor-dan-je-denkt/</guid><pp:caseid>534887</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Leeftijdsdiscriminatie, ofwel ageism. Het komt vaker voor dan mensen denken. Drie deeltijdstudenten van de opleiding Toegepaste Gerontologie deden er met bijzondere onderwerpen onderzoek naar.</strong></p><p>Naomi Vissers, Heide-Lise Dings en Astrid Bons zitten in het tweede jaar van hun opleiding als ze van docent Eric Schoenmakers de opdracht krijgen om onderzoek te doen naar ageism. Heide-Lise besluit daarbij de focus te leggen op de zorg. Dat is immers de sector waar ze naast haar studie in werkt.&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:282px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_heide-lisedings.png?x=1664359868772" alt="Heide-Lise Dings"></strong>“Ageism gaat over leeftijdsdiscriminatie. Bij jongeren, maar ook bij ouderen. Ik heb me gericht op de ouderen”, vertelt Heide-Lise. “Veel mensen hebben vooroordelen over ouderen. Ze zouden kwetsbaar zijn. Kunnen niks. Willen niks. Dat is waar mijn onderzoek over gaat.”</p><p>De interesse van Heide-Lise ging uit naar het uiterlijk van ouderen in een verzorgingstehuis. Specifieker nog: naar hun kleding. “Als ik aan een oudere denk, denk ik aan iemand die bruine kleding draagt, voor het gemak kiest en niet snel een jurk aantrekt. Maar klopt dat beeld wel? Ik merkte al snel dat hier weinig onderzoek naar gedaan is en besloot daar verandering in te brengen.”</p><p>De student bezocht een verpleeghuis, ging in gesprek met ouderen en liet hen twee verschillende afbeeldingen zien: een van een senior in ouderwetse kleding, een van een senior in een moderne outfit. “Ouderen blijken meer positieve associaties te hebben bij de ouderen met moderne kleding. Ze zien hen als toegankelijk, rijk, zelfverzekerd en competent. Bij de ouderwetse kleding kwamen er meer negatieve woorden naar boven.”&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:247px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_naomivissers.png?x=1664359878323" alt="Naomi Vissers">Elderspeak</strong><br>Naomi, medestudent van Heide-Lise, werkt als doktersassistent bij de geriatrie-afdeling van het Amphia Ziekenhuis in Breda. Ouderen zijn haar patiënten en ze merkt dat zij vaak worden aangesproken met een kinderstem. Ook worden er veel verkleinwoordjes gebruikt. Oftewel: er is sprake van ‘elderspeak’. Dat is een versimpelde spraakstijl die jongere volwassenen gebruiken als ze met ouderen praten.&nbsp;</p><p>“Hier heb ik mijn onderzoek op gericht”, vertelt Naomi. “Ik heb mijn collega’s maandenlang geobserveerd om te kijken hoe vaak zij elderspeak toepassen en op welke manier. Uit data die ik heb bijgehouden, blijkt het regelmatig te gebeuren. Ik heb mijn collega’s daarop aangesproken en daar waren ze heel blij mee. Ze hadden zelf niet door dat ze het deden.”</p><p>Maar hoe erg is het als ouderen met een kinderstem worden aangesproken? Of als er verkleinwoorden worden gebruikt? Erger dan je denkt, stelt Naomi. “Zodra je elderspeak gebruikt, zie je dat mensen zich afhankelijker gaan gedragen. Als jij zegt dat mevrouw ‘haar jasje maar mee moet nemen omdat het maar een klein stukje wandelen is’, zal je haar gedrag zien veranderen. Ze vindt het niet fijn.”&nbsp;</p><p style="margin-left:0cm;"><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:268px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_astridbons.png?x=1664359884286" alt="Astrid Bons">Leeftijdsdiscriminatie op verjaardagskaarten</strong><br><span>In tegenstelling tot Heide-Lise en Naomi heeft Astrid geen achtergrond in de zorg. Haar interesses liggen bij communicatie en media, en dat is precies waar zij zich met haar onderzoek op heeft gericht. Ze zocht uit hoe het zit met leeftijdsdiscriminatie op verjaardagskaarten.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Ageism is volgens Astrid vaak niet duidelijk zichtbaar. In vacatureteksten ontdek je het alleen tussen de regels door. ‘Je komt terecht in een jong en dynamisch team’, staat er dan. “Waarmee je dus eigenlijk direct een wens uitspreekt voor de persoon die gaat solliciteren: die moet jong en dynamisch zijn”, legt Astrid uit. “Bij verjaardagskaarten is het tegenovergestelde het geval. Daar is het juist héél zichtbaar.” &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>De student onderzocht hoe vaak er op verjaardagskaarten gebruik wordt gemaakt van stereotypen. Het antwoord: vrij vaak. “Meestal gaat het om clichés waarbij ouder worden wordt geassocieerd met negatieve gevolgen. Dat het tijd wordt om achter de geraniums te gaan zitten bijvoorbeeld. Of dat je midlifecrisis aanbreekt.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Het zijn teksten of afbeeldingen die grappig bedoeld zijn, maar die voor sommige ouderen helemaal niet grappig zijn. Astrid: “Ze kunnen gelinkt worden aan twee theorieën: de angst voor het ouder worden en de angst voor de dood. Sommige kaarten zijn ronduit beledigend. Dat is niet oké. Als je veertig wordt en je krijgt een kaart met een afbeelding van hangende borsten… Dat vindt toch niemand leuk?”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Haar conclusie: leeftijdsdiscriminatie op verjaardagskaarten moet stoppen. “Uit verschillende studies blijkt dat mensen met een negatief zelfbeeld over veroudering korter leven dan mensen met een positief zelfbeeld. Als ageism minder voor zou komen, kunnen we daartegenin gaan.” &nbsp;</span><i><span>[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,PRO Gezondheidszorg,FHMG]]></category>
            <pubDate>Wed, 28 Sep 2022 13:39:38 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 30 Sep 2022 07:48:57 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_hand-3666974-1920.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_hand-3666974-1920.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/hand-3666974-1920.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[oudere, eenzaamheid, bejaarde]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Wordt Pepper straks een nuttige zorgassistent?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/wordt-pepper-straks-een-nuttige-zorgassistent/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/wordt-pepper-straks-een-nuttige-zorgassistent/</guid><pp:caseid>516272</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Techniek en robots kunnen de komende jaren 110.000 zorgmedewerkers uitsparen, zo blijkt uit onderzoek. Maar daarvoor is wel betere software nodig. Een mooie uitdaging voor studenten en onderzoekers van Fontys Hogeschool ICT.</strong></span></p><p><span>Het Robots4Care project van Fontys Hogeschool ICT (FHICT) en het lectoraat High Tech Embedded Software (HTES) onderzoekt de kansen voor robotica in de zorgsector. In samenwerking met het Catharina Ziekenhuis hopen de onderzoekers een robot te ontwikkelen die het zorgpersoneel kan assisteren.</span></p><p><span>Het betreft in dit geval een robot die een menselijke vorm heeft en de naam Pepper draagt. Pepper moet voor allerlei functies gebruikt kunnen worden, van sociale interactie met patiënten tot het ontvangen en informeren van familie van patiënten.</span></p><p><span><strong>Oplossen personeelstekort</strong></span><br><span>“Het belang van robots in de zorg is overduidelijk nu de personeelstekorten oplopen”, stelt projectleider Erik van Alphen. “Bij FHICT zijn we ervan overtuigd dat zorgrobots een mooie bijdrage kunnen leveren, mits ze goed zijn geprogrammeerd.” <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_foto-erikvanalphen.jpg?x=1656656873799" alt="Erik van Alphen"></span></p><p><span>Juist in dat programmeren van de robots zit de uitdaging. Tot op de dag van vandaag is de software van zorgrobots namelijk te beperkt. In de meeste gevallen kunnen ze niet veel meer dan een dansje en dus belanden ze vaak na enkele weken al in de kast.</span></p><p><span><strong>Niet adaptief genoeg</strong></span><br><span>Volgens Teade Punter, </span>lector High Tech Embedded Software zijn zorgrobots nog niet adaptief genoeg. Ze passen zich onvoldoende aan aan de wensen van hun omgeving. “We werken al enkele semesters aan een prototype zorgrobot die meer kan dan een dansje, maar dat gaat met vallen en opstaan.”</p><p><span>Punter en Van Alphen zien twee belangrijke verbeterpunten voor Pepper waaraan ze samen met ICT-studenten hard werken. Het eerste betreft de navigatie van de robot. Die kan volgens de onderzoekers nog worden verbeterd door de parameters aan te passen. Dan zal Pepper zich nauwkeuriger over een afdeling kunnen bewegen. <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_foto-teadepunter.jpg?x=1656656929433" alt="Teade Punter"></span></p><p><span>Het tweede verbeterpunt betreft de sociale vaardigheden van Pepper, want ook op dat vlak is nog wel een slag te slaan. “</span>Een robot is niet in staat om emoties te herkennen”, stelt Van Alphen. “Hij kan 'de ruimte niet lezen’ en heeft maar een beperkte blik op zijn omgeving.”</p><p>De onderzoekers kijken nu of soundcamera’s in de ziekenhuisomgeving uitkomst kunnen bieden. Van Alphen: “Deze soundcamera kan de emotie in een ruimte vaststellen en doorgeven aan de robot. Die past daar vervolgens zijn interactie met de mensen op aan.”</p><p><span><strong>Digital Twin Academy</strong></span><br><span>Het project Robot4Care is sinds 2021 onderdeel van het grotere project Digital Twin Academy. En dus heeft Pepper inmiddels een digitale tweelingbroer waarmee de onderzoekers in een virtuele omgeving experimenteren.</span></p><p>Punter: “De digital twin is ideaal gebleken tijdens de covid-periode. Studenten mochten niet naar de campus en al helemaal niet naar het ziekenhuis, maar konden wel gewoon doorgaan met het project. In een nagebouwde virtuele ziekenhuisomgeving hebben we de digitale tweeling aan allerlei onderzoeken onderworpen.” <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:454px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_peppersdigitaltwin.png?x=1656657307010" alt="Peppers digital twin in een virtuele ziekenhuisomgeving."></p><p><strong>‘Brein’-functie verbeteren</strong><br>Ook nu de coronarestricties zijn opgeheven zien de onderzoekers van Robot4Care nog veel potentie in de digital twin. Van Alphen: “We onderzoeken in de virtuele omgeving hoe we de cognitieve functies van Pepper kunnen verbeteren. Dat doen we door heel veel data op te halen met sensoren in die virtuele ziekenhuisomgeving. Met al die data kunnen we de ‘brein’-functie van de digital twin beter z’n werk laten doen.”</p><p><span>Van Alphen en Punter weten dat er nog veel werk te doen is voordat Pepper de gedroomde assistent is, maar ze zijn hoopvol dat er snel weer op locatie in het Catharina Ziekenhuis getest kan worden. Punter: “Dan kunnen we testen in de omgeving waarvoor de robot bedoeld is en krijgen we feedback van het ziekenhuis. Die terugkoppeling is voor ons heel belangrijk, want dan weten we beter hoe en waar we bij moeten sturen.” &nbsp;[</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHICT,PRO Techniek,Onderzoek,PRO ICT,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Tue, 05 Jul 2022 10:04:38 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 05 Jul 2022 14:28:00 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_20190402-fontysict-0378.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_20190402-fontysict-0378.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/20190402-fontysict-0378.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[20190402_FontysICT_0378]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Zorg: wat voor baan wordt het?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/zorg-wat-voor-baan-wordt-het/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/zorg-wat-voor-baan-wordt-het/</guid><pp:caseid>515258</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Welke banen kunnen studenten die nu bij Fontys studeren, in de toekomst verwachten? En welk salaris zullen ze daarbij verdienen? Moeten ze zich zorgen maken over nieuwe technologieën? Bron gaat over verschillende branches in gesprek met lectoren en docenten. Vandaag: zorg.</strong></p><p><span>De zorgbranche is een branche die constant in beweging is. Er worden om de haverklap nieuwe technieken of behandelingen ontwikkeld en nieuwe eisen gesteld. Aan zorgmedewerkers de soms bijna onmogelijke taak om de boel bij te benen. Met de coronaperiode als perfect en herkenbaar voorbeeld. Wat kunnen we van de toekomst verwachten? Jelle Reijngoudt, lecturer practioner bij Fontys, vertelt erover.</span></p><p><strong>Welke veranderingen zie jij binnen de zorg?</strong><br>“Er zijn veel veranderingen gaande. Je ziet innovatie op het gebied van zorg en bovendien wordt er steeds meer verwacht van verpleegkundigen. Maar ik merk ook dat er de laatste tijd veel behoefte is aan capaciteitsplanning. Daar zijn veel tekorten in. Managers schuiven het door naar de werkvloer, maar verpleegkundigen zijn hier niet voor opgeleid. Er zijn te weinig zorgverleners die goed kunnen plannen.”</p><p><strong>Welke banen binnen de zorg zie jij ontstaan?</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_pasfotojelle.jpeg?x=1655887489386" alt="Jelle Reijngoudt">“Ik denk dat er vooral banen zullen ontstaan die gericht zijn op zelfredzaamheid. Denk aan leefstijlcoaches die zich richten op stoppen met roken of het omgaan met stress. Maar ook naar schuldhulpverlening of mantelzorgmakelaars. Vijf jaar geleden had nog nooit iemand van mantelzorgmakelaars gehoord, maar in de toekomst kunnen we niet zonder deze mensen die mantelzorgers ondersteunen in het zoeken van passende hulp.</p><p>Wat ik ook zie gebeuren, is dat zorg steeds meer van het ziekenhuis naar de wijk verplaatst. Patiënten moeten veel dingen zelf regelen of kunnen. Maar weinig opleidingen spelen daar al op in. In Rotterdam heb je een curriculum dat gericht is op wijkverpleging. Fontys had een minor, maar daar zijn ze mee gestopt omdat er te weinig inschrijvingen waren. En dat snap ik ook wel; wijkverpleging is niet sexy genoeg.”</p><p><strong>Welke banen zullen verdwijnen?</strong><br>“Met name de helpende functies, niveau 2 op zorggebied. Bij wijkverpleging gebeurt dat al. Iedereen vraagt tegenwoordig om niveau 3. Er wordt meer kwaliteit geëist, maar tegelijkertijd wordt er niet stilgestaan bij het feit dat er een groot tekort aan zorgmedewerkers is.”</p><p><strong>Maak je je zorgen over technologische ontwikkelingen?</strong><br>“Nee. Ik zie het niet voor me dat een patiënt over veertig jaar wordt gewassen door een robot. Dan krijg je een soort wasstraat-idee. Ziet er misschien leuk uit, maar het is niet realistisch. Wat er wel gebeurt, is dat er steeds meer samenwerkingen met ICT’ers komen. Ik geloof er heilig in dat je straks aan de hand van een productiemodel kunt voorspellen hoe lang iemand in het ziekenhuis ligt.&nbsp;</p><p>Verder verandert het werk van een chirurg ook door de opkomst van technologische ontwikkelingen. Een groot deel van de operaties wordt uitgevoerd met behulp van een camera. Vroeger was dat niet zo. Als je in een buik moest kijken, moest die buik opengesneden worden. Robots kunnen in dit soort situaties ondersteuning bieden, maar ze gaan een zorgmedewerker nooit vervangen.”</p><p><strong>Tot slot: hoe zit het met de salarissen?</strong><br>“Salarissen in de zorg zijn niet verkeerd, zeker voor afgestudeerde hbo’ers die een beetje kunnen onderhandelen. Maar een zorgmedewerker hoeft in de toekomst niet te rekenen op een flinke loonstijging.&nbsp;</p><p>Enerzijds is er een tekort aan medewerkers, waardoor je zou denken dat ze meer kunnen vragen. Maar aan de andere kant is de betaalbaarheid van zorg een groot probleem in Nederland. Er is voor 2030 een bedrag van bijna 100 miljard begroot, maar we weten nu al dat we per jaar miljarden tekortkomen. Verwacht dus geen hoge salarissen. Je mag blij zijn als de inflatie überhaupt wordt gevolgd.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,FHMG,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Fri, 01 Jul 2022 09:33:55 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 05 Jul 2022 08:05:17 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_zorgmanager.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_zorgmanager.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/zorgmanager.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Er is in deze tijd een grote behoefte aan intensive care-verpleegkundigen.]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[SER-rapport gezondheidszorg]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Medische klacht of blessure? Nieuw behandelcentrum biedt uitkomst</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/medische-klacht-of-blessure-studenten-staan-voor-je-klaar-in-nieuw-behandelcentrum/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/medische-klacht-of-blessure-studenten-staan-voor-je-klaar-in-nieuw-behandelcentrum/</guid><pp:caseid>515497</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Werken met echte mensen. Met echte cliënten die echte klachten hebben. Dat is wat studenten en docenten van Fontys gaan doen in het donderdag geopende Fontys Centre of Health and Movement (FCHM), een kleinschalig paramedisch behandelcentrum in Eindhoven.</strong></span></p><p>Heb je een lichamelijke klacht of blessure? Dan kun je als medewerker, student of externe partner van Fontys terecht in het behandelcentrum bij de Fontys Paramedische Hogeschool, gehuisvest in het pand aan de Dominee Theodor Fliednerstraat in Eindhoven.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontysalumni07.04.2022lrkimvosfotografie.nl-001brechtjepoelman-7i5b9460-bewerkt.jpg?x=1656002940343" alt="Brechtje Poelman">“Je kunt je via een speciale website aanmelden voor een spreekuur”, legt Brechtje Poelman uit. Zij is als consultant zakelijke dienstverlening nauw betrokken bij de oprichting van het concept. “Of je nou een medische klacht hebt, een pedicurebehandeling voor je voeten wenst, een echo wilt of stem- of spraakproblemen hebt. Je kunt er allemaal voor terecht.”</p><p><strong>Jarenplan</strong><br>Het idee voor het behandelcentrum is zeven jaar geleden ontstaan. Poelman: “Het begon met Engelstalige studenten die geen stageplek konden vinden. We wilden voor hen een authentieke leeromgeving creëren waarin ze in aanraking kwamen met de praktijk. Daarna dachten we al snel: het zou ook leuk zijn om eerste- en tweedejaarsstudenten op deze manier kennis te laten maken met het werkveld.”</p><p>Zo gezegd, zo gedaan? Niet helemaal. Het heeft jaren geduurd voordat FCHM uiteindelijk de deuren kon openen. En dat gebeurde dus donderdag, met alle toeters en bellen die daarbij komen kijken. “Het behandelcentrum is voor alle studenten, maar het zijn vooral de eerste- en tweedejaars die fulltime aanwezig zullen zijn. Misschien ook derde- en vierdejaars, maar die gaan de praktijk al in met een stage of minor.”&nbsp;</p><p><strong>Vrijwillig</strong><br>In eerste instantie zullen studenten op vrijwillige basis in het centrum aanwezig zijn, later – zo is de bedoeling – wordt het een onderdeel van het curriculum. “We zijn bezig met de verbinding tussen praktijkleren binnen Fontys en de curricula, maar zolang dat nog niet ingebed zit, en dat kan lang duren, proberen we studenten enthousiast te maken om uit zichzelf te komen.”</p><p>Poelman heeft er vertrouwen in dat het gaat lukken. “Superveel vertrouwen zelfs. Onze studenten zijn met hun passie bezig. Ze zijn niet alleen op school om te leren, maar ook om elkaar te ontmoeten en beter te worden in hun vak. Het wordt nooit meer zo leuk als tijdens hun studietijd. Wij hebben de verantwoordelijkheid om hen dat te laten voelen en ervaren. En dat doen we door onderwijs leuk te maken. Ik denk dat dit een element is dat onderwijs leuk maakt.” <i>[Tekst gaat verder onder de afbeeldingen]</i></p><p>Om te vieren dat het centrum officieel de deuren opent, is er donderdag op de locatie een route uitgestippeld. Een van de eerste stops na binnenkomst is een lokaal waar Mariëlle Dortmans zit, docent Stem. Bij haar kunnen liefhebbers stemtests doen. Echt storm loopt het echter niet. “Er lopen af en toe wel mensen binnen, maar het is niet superdruk”, zegt ze.&nbsp;</p><p>Dortmans zal binnenkort ook regelmatig in het behandelcentrum te vinden zijn. “Na de zomer gaan we echt starten en worden er uren opgenomen in het rooster. Mensen mogen dan langskomen voor een gratis behandeling terwijl studenten meekijken.”</p><p><strong>Spelletjes&nbsp;</strong><br>Een paar lokalen verder worden er spelletjes gespeeld. Een soort <i>30 seconds</i> bijvoorbeeld, speciaal voor fysiotherapeuten. Bedoeling daarvan: termen uit de fysiowereld omschrijven zonder het woord daadwerkelijk te noemen. Drie docenten spelen enthousiast mee. ‘Bekkeninstabiliteit!’, klinkt het antwoord wanneer Jaron Schnitzer zijn uitleg heeft geven. En daarna: ‘Contractie!’, ‘Intermitterend drukken!’, ‘BMI!’.&nbsp;</p><p>Wie vervolgens de route verder volgt en de trap omhoog neemt, komt bij het lokaal van Jeroen van Bree en Bastiaan van Zundert uit. Zij staan bij een Biodex-apparaat, een grote stoel waar door het maken van buig- en strekbewegingen de kracht van een knie of schouder kan worden gemeten.</p><p>Voetballers van FC Eindhoven zijn er volgens de docenten Fysiotherapie bekend mee. Van Bree: “Zij maken er ook gebruik van na een blessure. Met deze tests kunnen we kijken of ze er klaar voor zijn om terug het veld op te gaan.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,FHPM,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Fri, 24 Jun 2022 09:13:27 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 27 Jun 2022 10:33:02 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-2252.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-2252.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/img-2252.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Opening Fontys Centre of Health and Movement]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Een stage zoeken: hoe en waar doe je dat?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/een-stage-zoeken-hoe-en-waar-doe-je-dat/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/een-stage-zoeken-hoe-en-waar-doe-je-dat/</guid><pp:caseid>513797</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Flessenpost versturen, een sollicitatiebrief mailen of via een daarvoor bedoelde markt op zoek gaan naar een stage? Niet meer van deze tijd. Studenten pakken het liever anders aan. Met behulp van social media bijvoorbeeld.&nbsp;</strong></p><p>Met nog maar een aantal lesweken te gaan en een stageperiode die na de zomervakantie voor veel studenten te wachten staat, is het hoog tijd om een stage te regelen. Of, in het geval van Anne van Proosdij, een plek waar ze haar afstudeeronderzoek kan uitvoeren. De student Toegepaste Psychologie begint in september aan haar laatste studiejaar.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-06-13om13.46.17.png?x=1655120893025" alt="Anne van Proosdij">De stress voor het vinden van een plek waar ze haar afstudeerproject kan uitvoeren – gericht op het veranderen van het gedrag van mensen – begint lichtelijk toe te slaan. Heel veel eisen heeft ze niet. Want, zo vertelt ze, het is ‘moeilijker dan je denkt om een bedrijf te vinden’. Via LinkedIn doet ze een poging. ‘Afstudeeropdracht gezocht’, klinkt het.&nbsp;</p><p><strong>Horizon verbreden</strong><br>“Ik zou het tof vinden als de opdracht binnen mijn interesses ligt, maar dat is geen must”, vertelt Anne. “Ik vind het belangrijker dat ik überhaupt een opdracht krijg, dan dat ik een bedrijf vind dat naadloos op mijn wensen aansluit. Natuurlijk heb ik wensen, maar door er open in te staan kun je je interesses ook verbreden of er juist achter komen wat je niet wilt.”</p><p><span>Lars Kros besloot in zijn zoektocht naar een stage ook social media in te schakelen. Hij spreidde zijn kansen en deelde zowel op Facebook als LinkedIn een oproep. “Maar ik heb ook rondgevraagd bij vrienden, familie en bekenden. Van klasgenoten weet ik dat ze via het stagesysteem van Fontys een poging doen.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_image0-2.jpeg?x=1655120900820" alt="Lars Kros">Lars, student ICT & Media Design, hoopt een stage in Tilburg of Den Haag te kunnen vinden. Dat zijn namelijk de plekken waar hij als topsporter vaak te vinden is. “De locatie van mijn stage bepaalt hoeveel tijd ik kwijt ben aan reistijd”, vertelt hij. “Hoe dichter ik bij mijn trainingslocatie zit – voornamelijk Den Haag – hoe makkelijker ik mijn trainingen in kan plannen.”</span></p><p><strong>Niks concreets</strong><br><span>De reden dat hij LinkedIn en Facebook uitkoos als manier om een stage te vinden, heeft alles te maken met het netwerk dat hij daar heeft opgebouwd. “Dankzij mijn sport heb ik een vrij groot netwerk. Ik zou het fijn vinden om via via een stage te kunnen vinden.”</span></p><p><span>En, lukt dat al? “Ik heb een aantal reacties gekregen en ook al contact gehad met mogelijke stageplekken.” Tot iets concreets heeft dat vooralsnog niet geleid. In tegenstelling tot Anne vindt hij een bedrijf dat bij zijn wensen past namelijk belangrijker dan überhaupt iets vinden. “Het heeft invloed op mijn toekomst en bovendien wil ik me graag fijn voelen bij een stage.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-06-13om13.44.09.png?x=1655120907924" alt="Yigit Kocaaga">Dat laatste geldt ook voor Yigit Kocaaga, die Automotive Management in Eindhoven studeert. “Een stage is een leermoment waarbij je erachter komt wat je leuk vindt. En natuurlijk is het ook handig als je lekker in je vel zit, want dit reflecteert op je stageopdracht."</span></p><p><strong>Via via&nbsp;</strong><br><span>In zijn branche blijkt LinkedIn – daar hebben we ‘m weer – wederom een gouden platform voor het delen van een oproep. “Ik heb hiervoor gekozen omdat ik weet dat daar veel HR-medewerkers actief op zoek zijn naar stagiaires”, zegt Yigti.</span></p><p><span>Zijn post leverde drie privéberichten op. Toch vond Yigit zijn stage uiteindelijk op een andere manier. De ouderwetse maar nog altijd effectieve via-via-manier. “Mijn neef, die ook student van Automotive Management is geweest, heeft me uiteindelijk geholpen.” [</span><i><span>Karen Luiken</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Student,FHTP,FHICT,FHE,PRO ICT,PRO Techniek,PRO Gezondheidszorg,PRO HRM en Psychologie,Achtergrond]]></category>
            <pubDate>Wed, 15 Jun 2022 12:58:02 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Thu, 16 Jun 2022 12:14:26 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-4727.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-4727.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/img-4727.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studenten R3]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Eindelijk volwaardige opleiding Gezondheid voor Venlo</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/eindelijk-volwaardige-opleiding-gezondheid-voor-venlo/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/eindelijk-volwaardige-opleiding-gezondheid-voor-venlo/</guid><pp:caseid>511213</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De kogel is eindelijk door de kerk: dinsdag opende de bacheloropleiding Gezondheid in Venlo officieel haar deuren. Een opleiding die studenten klaarstoomt tot professionals in gezondheidsbevordering.</strong></span></p><p><span>De opleiding startte officieus in september vorig jaar als propedeuse-opleiding, maar inmiddels is Gezondheid een volwaardige hbo-studie van vier jaar. Projectleider Joke Manders is vanuit de Paramedische Hogeschool een van de kartrekkers en maar wat blij dat het officiële startschot is gegeven: “Samen met onze studenten en instellingen en bedrijven uit de regio kunnen we eindelijk een slag slaan in de gezondheidszorg.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:270px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-05-31at5.13.14pm.jpeg?x=1654010077435" alt="Joke Manders (r) tijdens de officiële opening">Dat bleek ook hard nodig. Vanuit de regio Venlo kwamen veel vraagstukken met betrekking tot de gezondheidszorg. “Venlo en omstreken vergrijst en is in vergelijking met andere delen van het land minder gezond. Daarom was het van groot belang dat we juist hier een opleiding faciliteerden waarin we deze uitdagingen aan kunnen gaan.”</span></p><p><span><strong>Van eigen ontwikkeling naar maatschappij</strong></span><br><span>Dat doen de studenten in vier jaar, waarin ze in het eerste jaar voornamelijk leren over zichzelf, gezondheid in het algemeen en verschillende partijen in de gezondheidsomgeving. “In het tweede jaar wordt deze focus verlegd naar de gezondheid per levensfase. In jaar drie draait alles om gezondheid in de regio, met als afsluitend jaar gezondheid in de maatschappij.”</span></p><p><span>Toch bleek het realiseren van de nieuwe opleiding niet zonder slag of stoot te gaan. “In 2015 hebben we samengezeten met de provincie, gemeente en partners. Daar kwam de vraag naar voren wat we als onderwijsinstelling in Noord-Limburg kunnen betekenen voor een gezondere maatschappij. In juni 2016 startten we met het project, en inmiddels zijn we dus zes jaar verder.”</span></p><p><span>Vanuit de regio werd verwacht dat Fontys zou komen met een opleiding tot ‘Superzuster’. Maar er waren eerst heel </span><a href="https://bron.fontys.nl/beoogde-zorgopleiding-moet-op-herexamen/" target="_blank"><span>wat hobbels</span></a><span> weg te werken. Toestemming van het ministerie, het voldoen aan verschillende criteria en het volledig inrichten van de opleiding waren enkele uitdagingen.&nbsp;</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:322px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-05-31at3.35.50pm.jpeg?x=1654009140156" alt="Studenten van Gezondheid, met Bart Gerritsen links">Opleiding als geen ander</strong></span><br><span>In september startten negen studenten met de propedeuse Gezondheid, nu officieel een bacheloropleiding. Zeven van hen zijn nog over, waaronder Bart Gerritsen en Marlon Jacobs. Beiden zijn dolenthousiast over de opleiding, al was het in het begin nog wel even wennen. “We hebben geen vaste colleges of tentamens maar halen onze studiepunten door middel van portfolio’s. Dat zie je niet vaak.”</span></p><p><span>Voor Bart was de omschakeling naar de nieuwe onderwijsvorm dan ook groot. Hij studeerde voordat hij aan Gezondheid begon bij een andere Fontys-opleiding, waar de collegejaren anders in elkaar zaten. “Hier wordt van je verwacht dat je ervaring opdoet binnen professionele werkplaatsen en je je portfolio niet alleen tekstueel, maar ook grafisch verzorgt. Een omschakeling waardoor ik mijn eerste portfolio moest herkansen, maar nu heb ik alles op de rit.”</span></p><p><strong>Klaar voor de toekomst</strong><br><span>De studie Gezondheid leidt de studenten op tot specialisten in gezondheidsbevordering. Mensen die zich niet richten op kwalen en aandoeningen, maar met vraagstukken op het gebied van innovatie en technologie in de gezondheidszorg. “Dat klinkt heel breed, en dat is het ook. Wanneer je klaar bent met de opleiding ben je automatisch gecertificeerd leefstijlcoach en kun je nog allerlei kanten op”, aldus Marlon.</span></p><p><span>Wat beide studenten precies willen worden, weten ze nog niet. “Dat gaan we in de komende jaren ondervinden. We hebben nog een vrije keuze periode, minor en afstudeerjaar voor de boeg. Daarna zijn we klaar om aan de slag te gaan als bijvoorbeeld zorgmanager, ziekteverzuimspecialist, zorginnovator of preventiemedewerker. En daar hebben we enorm veel zin in.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Venlo,Gezondheid en sport,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Tue, 31 May 2022 17:43:35 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 01 Jun 2022 14:13:39 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-05-31at5.13.14pm1.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-05-31at5.13.14pm1.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/whatsappimage2022-05-31at5.13.14pm1.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Proost op opening Fontys Bachelor Gezondheid]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Lectoraat wil uitstroom in de zorg tegengaan</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/lectoraat-wil-uitstroom-in-de-zorg-tegengaan/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/lectoraat-wil-uitstroom-in-de-zorg-tegengaan/</guid><pp:caseid>511207</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De hoge uitstroom van verpleegkundigen moet een halt worden toegeroepen door hen meer ontwikkelmogelijkheden te bieden. Hoe dat precies vorm moet krijgen onderzoekt het nieuwe lectoraat ‘Continue professionele ontwikkeling van verpleegkundigen’.</strong></span></p><p><span>Fontys, Avans Hogeschool en het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis slaan met dit gloednieuwe lectoraat in Tilburg de handen ineen. Samen gaan zij vanaf 1 juni onderzoeken hoe de professionele ontwikkelmogelijkheden van verpleegkundigen vergroot kunnen worden.</span></p><p><span>Het lectoraat richt zich voornamelijk op het effect van Zorg Innovatie Centra (ZIC’s) op de continue professionele ontwikkeling van verpleegkundigen. Het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) telt sinds 2014 acht van dit soort centra en werkt hierin al jaren nauw samen met de Verpleegkunde-opleiding van Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.</span></p><p><span>Deze ZIC’s zijn leeromgevingen binnen ziekenhuisafdelingen die door studenten zelfstandig draaiend worden gehouden onder leiding van een gediplomeerd verpleegkundige. Leren, onderzoeken en innoveren gaat op deze afdelingen hand in hand gaan. <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:389px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_annemariedevoslectoretz-2.jpg?x=1654002800332" alt="Annemarie de Vos"></span></p><p><span><strong>Ontwikkeling studenten</strong></span><br><span>De ZIC’s van het ETZ zijn volgens L.INT-lector Annemarie de Vos (zie kader) de afgelopen jaren cruciaal gebleken in de ontwikkeling van studenten Verpleegkunde. “Op deze afdelingen lopen heel veel studenten stage. Ze ervaren hier dat ze daadwerkelijk zeggenschap hebben over hun eigen professionele ontwikkeling en dat werpt duidelijk zijn vruchten af.”</span></p><p><span>Volgens De Vos tonen studenten die in ZIC’s stage lopen meer leiderschap. “Ze zijn ondernemender en hebben meer reflecterend vermogen. Ze zijn daarmee beter toegerust op een lange carrière in de zorg.”</span></p><p><span>Het nieuwe lectoraat van Fontys en Avans wil verder bouwen op de kennis die de afgelopen jaren in de ZIC’s is opgedaan. De Vos: “We willen niet alleen de studenten ruime mogelijkheden bieden voor professionele ontwikkeling, maar ook de zittende verpleegkundigen. De komende vier jaar gaan we vanuit het lectoraat onderzoeken hoe we dat verder vorm kunnen geven.”</span></p><p><span><strong>Leven lang leren</strong></span><br><span>Het lectoraat verbindt volgens De Vos twee actuele concepten: de Zorg Innovatie Centra en het Leven Lang Leren. “Wij willen de zittende verpleegkundigen mogelijkheden bieden om zelf de regie te pakken op hun Leven Lang Leren-traject. Zij kunnen bijvoorbeeld deelnemen aan allerhande onderzoeken en worden daarmee in feite mede-onderzoekers in het lectoraat.”</span></p><p><span>De kennis die het lectoraat opdoet in de ZIC’s kan ook op andere afdelingen in het ETZ worden toegepast, verwacht De Vos. “Op termijn kan deze kennis ook in andere ziekenhuizen worden ingezet en wellicht zelfs in andere zorgsectoren zoals bijvoorbeeld de gehandicaptenzorg.”</span></p><p><span>De Vos spreekt daarom van een hele mooie samenwerking tussen zorg en onderwijs. “Dit lectoraat verbindt het ziekenhuis met de hogescholen en vice versa.” De onderzoeksresultaten zullen volgens haar zowel de beroepspraktijk als de opleidingen versterken. Zo kan het lectoraat ook handvatten bieden om het curriculum van de opleiding Verpleegkunde aan te passen.</span></p><p><span>Maar het belangrijkste doel van het lectoraat blijft om de uitstroom van verpleegkundigen te verminderen door hen meer regie te bieden over de eigen professionele ontwikkeling. Want dat is met de oplopende personeelstekorten in de zorg van groot belang. [</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,Tilburg,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Tue, 31 May 2022 16:08:52 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 31 May 2022 14:46:58 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotostudentenverpleegkunde.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotostudentenverpleegkunde.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fotostudentenverpleegkunde.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Foto studenten verpleegkunde]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Medical team standing in the hospital corridor]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Tweede studie blijft duur voor leraar en zorgmedewerker</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/tweede-studie-blijft-duur-voor-leraar-en-zorgmedewerker/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/tweede-studie-blijft-duur-voor-leraar-en-zorgmedewerker/</guid><pp:caseid>504833</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het kabinet wil niet morrelen aan het hoge collegegeld voor tweede studies. Daardoor blijven leraren en zorgmedewerkers duizenden euro’s betalen als ze zich willen omscholen.</strong></p><p>Aan universiteiten en hogescholen staan zo’n 23 duizend bachelorstudenten ingeschreven die al eerder een bachelordiploma hebben behaald, <a href="https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-onderwijs-cultuur-en-wetenschap/documenten/kamerstukken/2022/04/29/antwoorden-op-kamervragen-over-een-tweede-studie-op-het-gebied-van-zorg-of-onderwijs">meldt</a> onderwijsminister Robbert Dijkgraaf in zijn antwoord op Kamervragen van GroenLinks. Ook zijn er ruim vierduizend masterstudenten die al een eerste masteropleiding hebben afgerond.</p><p>Sinds 2010 kan zo’n tweede studie duizenden euro’s aan instellingscollegegeld kosten, tenzij je hem oppikt voordat je je eerste studie hebt afgerond: dan mag je tegen het gewone tarief doorstuderen. Maar dat doet lang niet iedereen.</p><p>Ook geldt er een uitzondering voor omscholing naar het onderwijs of de zorg: dan betaal je het lagere, wettelijke collegegeldtarief voor een tweede bachelor of master: komend jaar zo’n 2.200 euro.</p><p>Maar ben je bijvoorbeeld leraar scheikunde en wil je een bevoegdheid halen voor het vak wiskunde? Of ben je een verpleegkundige die alsnog fysiotherapie wil studeren? Dan moet je diep in de buidel tasten. Je hebt immers al een diploma in het onderwijs of de zorg.</p><p><strong>De volle mep</strong><br>Het is dus duur, maar het komt wel voor. Er staan 9.339 bachelorstudenten ingeschreven voor een tweede opleiding in de zorg of het onderwijs, meldt Dijkgraaf, en van hen betalen er 2.171 het instellingstarief. In de masters betalen 490 van de 2.171 studenten (of hun werkgevers) de volle mep.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:441px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_zorgmanager1.jpg?x=1652100342244" alt="">GroenLinks wijst op de personeelstekorten in de zorg en het onderwijs. Waarom zou je mensen in die sectoren zoveel laten betalen voor een andere studie, wil de partij weten.</p><p>Het antwoord komt hierop neer: de overheid wil mensen wel aanmoedigen tot omscholing naar de zorg of het onderwijs, maar heeft geen zin om extra scholing te betalen als mensen eenmaal in deze tekortsectoren werken.</p><p><strong>Subsidie</strong><br>Toch is er van alles mogelijk. Dijkgraaf noemt het niet, maar er is ook een <a href="https://duo.nl/particulier/tegemoetkomingen-en-subsidies-lerarenopleiding/subsidie-tweede-lerarenopleiding.jsp">subsidieregeling</a> voor tweede lerarenopleidingen, waarbij leraren tot zesduizend euro kunnen krijgen. Er zijn ook allerlei <a href="https://duo.nl/particulier/tegemoetkomingen-en-subsidies-lerarenopleiding/">andere subsidies</a>, zoals de populaire <a href="https://www.advalvas.vu.nl/en/node/9723">lerarenbeurs</a>.</p><p>Verder kunnen studenten voor het hogere collegegeld het levenlanglerenkrediet aanvragen, dat is ingevoerd in september 2017. Daarmee kunnen ze jaarlijks tot vijf keer het wettelijk collegegeld lenen, oftewel 11 duizend euro. Dat maakt een studie niet goedkoper, maar wel eenvoudiger te financieren.</p><p>Sinds de overheid in principe geen tweede studies meer bekostigt, zijn er ook minder mensen die een tweede diploma behalen. De aantallen zakten tot zo’n tweeduizend masterdiploma’s en tot drie- à vierduizend bachelordiploma’s per jaar. [<i>HOP</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderwijs Algemeen,Gezondheid en sport,PRO Gezondheidszorg,PRO Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Mon, 09 May 2022 14:49:19 +0200</pubDate>
            <pp:lastModified>Mon, 09 May 2022 12:49:19 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_geld.v1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_geld.v1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/geld.v1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[geld.v1]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Verpleegkundige Angila is een hit op TikTok</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/angila-is-hit-op-tiktok-voor-verpleegkundigen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/angila-is-hit-op-tiktok-voor-verpleegkundigen/</guid><pp:caseid>494476</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Honderden filmpjes, duizenden volgers en honderdduizenden likes. Het zijn cijfers die passen bij het TikTok-account van de onlangs afgestudeerde Angila uit Veldhoven. Met haar filmpjes ondersteunt ze (toekomstige) verpleegkundigen.</strong></p><p>Angila studeerde tot een maand geleden nog bij Fontys. Ze heeft vijf jaar over de opleiding Verpleegkunde in Eindhoven gedaan en mocht in januari eindelijk haar diploma in ontvangst nemen. Gemakkelijk is het niet altijd geweest.&nbsp;</p><p>Slechte stageperiodes, studievertraging en seksuele intimidatie op de werkvloer. Angila heeft het allemaal meegemaakt en vertelt daarover op TikTok. “Ik ben er tijdens de eerste lockdown uit verveling mee begonnen”, vertelt ze over <a href="https://www.tiktok.com/@angggilavpk" target="_blank">haar account</a>.<br><br><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-02-16at10.44.50am.jpeg?x=1645022658088" alt="Angila met haar diploma">Praten over taboes</strong><br>“Ik deelde mijn ervaringen over mijn opleiding en de zorg, en kreeg al snel tienduizenden likes. Mensen herkenden zich in mijn verhaal, ze raakten gemotiveerd. Mijn account werd steeds serieuzer en telt inmiddels honderden filmpjes. De één grappig, de ander taboe besprekend.”</p><p>In sommige video’s heeft Angila het over seksuele intimidatie op de werkvloer. Een onderwerp waar ze zelf ook mee te maken heeft gehad.&nbsp;<br><br>“Patiënten hebben meerdere keren vervelende opmerkingen naar me gemaakt. Als beginnend student wist ik niet hoe ik daarmee om moest gaan, maar dat veranderde toen ik wat wijzer en ouder werd. Ik wil jongeren daar iets over meegeven.”</p><p>Angila’s belangrijkste doel is het informeren van verpleegkundestudenten. Taboes bespreekbaar blijven maken. Steun bieden. Tips geven. Maar ook het personeelstekort in de zorg aanpakken. “Hopelijk blijven studenten gemotiveerd door naar mijn filmpjes te kijken.”</p><p><strong>Het Handige Boekje</strong><br>Maar Angila gebruikt haar TikTok-account ook voor andere doeleinden. In haar afstudeerjaar maakte ze ‘Het Handige Boekje’ en dat hoopt ze via het wereldwijde web zoveel mogelijk te kunnen verspreiden.<img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-02-16at10.44.52am1.jpeg?x=1645022819213" alt="Het Handige Boekje"><br><br>Het boekje is een houvast voor verpleegkundestudenten ‘die het even niet meer weten’. Maar ook iets waarin aandacht wordt geschonken aan mentale gezondheid. Er staat informatie in over vitale functies, internationale ‘zakkaarten’, handige formules voor medisch rekenen, kenmerken van assertiviteit, noem het maar op.</p><p>“Het past precies in je witte jas en komt overigens ook goed van pas voor andere opleidingen zoals die van Verloskunde of Verzorgende IG.” <i>[Karen Luiken]</i></p><p>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Gezondheidszorg,FHMG,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Thu, 17 Feb 2022 10:40:44 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 18 Feb 2022 08:50:52 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_angila.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_angila.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/angila.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Angila: &amp;ldquo;Mensen herkenden zich in mijn verhaal.&amp;quot;]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Vaak lichamelijke klachten voor studenten verpleegkunde</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/vaak-lichamelijke-klachten-voor-studenten-verpleegkunde/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/vaak-lichamelijke-klachten-voor-studenten-verpleegkunde/</guid><pp:caseid>492156</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Staan, vooroverbuigen, zakken. Een verpleegkundestudent doet het tijdens een gemiddelde stage of praktijkles meerdere keren per dag. Uit onderzoek is gebleken dat dit bij velen tot lichamelijke klachten kan leiden, maar hoe zit dat bij Fontysstudenten?</strong></span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De betreffende </span><a href="https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S8755722321002015#bb0325" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;"><u>studie</u></span></a><span style="margin:0px;padding:0px;"> is uitgevoerd door Hogeschool Rotterdam en de Erasmus Universiteit. Onderzoekers zijn tot de conclusie gekomen dat vier op de vijf verpleegkundestudenten last hebben van spieren, gewrichten of pezen. Oorzaak: werkzaamheden die ze voor hun opleiding moeten uitvoeren. In zeldzame gevallen gaat het zo ver dat studenten hun opleiding uitstellen, of er in het ergste geval zelfs van afzien.&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Rugklachten</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Voor Miriam, tweedejaars student Verpleegkunde bij Fontys, komen de bevindingen niet uit de lucht vallen. “Ik heb van anderen gehoord dat ze hier ook last van hebben”, vertelt ze. “Zelf kamp ik nu niet met klachten omdat we momenteel geen stages hebben. Maar als ik in het ziekenhuis ben en niet ergonomisch te werk ga, kan ik rugklachten krijgen.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Haar klasgenoot Louise beaamt dat: “Je kan last van je rug krijgen als je vaak voorover gebukt staat. Dat belemmert je in je werk. Fontys benadrukt daarom dat je ergonomisch moet werken. Dat wil bijvoorbeeld zeggen dat je het bed van een patiënt op heuphoogte moet zetten zodat je niet constant vooroverbuigt.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Ervaring&nbsp;</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Maar zijn de klachten zó erg dat ze overwegen te stoppen met hun studie of eventueel – als hun diploma eenmaal op zak is – ander werk gaan zoeken? “Nog niet”, zegt Lonne.&nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">“Wij zitten nu in ons tweede jaar. Ik heb er nog niet veel last van gehad. Tijdens onze stage vorig jaar was het de eerste keer dat we in het werkveld kwamen te staan. Het zit nog niet voldoende in ons systeem om een bed van een patiënt omhoog te zetten. Ik denk dat hoe langer je het doet, hoe meer je eraan gewend raakt om ergonomisch te werken.”&nbsp;&nbsp;</span></p><img src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_tom-4.jpg?x=1643809785240" alt="Verpleegkundestudent Tom"><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Huisarts</strong>&nbsp;</span><br>Tom weet dat als laatstejaars student ook. Hij werkt nu twee jaar in een verpleeghuis. <span style="margin:0px;padding:0px;">"Daarvoor heb ik nooit te maken gehad met klachten die aanblijven, maar sinds vorig jaar is daar wel sprake van. Sterker nog, ik kom net van de huisarts omdat ik last heb van mijn knie, wat – denk ik – mede is veroorzaakt door het werk dat ik doe.”</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Vooral het draaien, keren en omrollen van patiënten kunnen volgens Tom belastende taken zijn. “Ik ben er echt van onder de indruk hoe zwaar het vak is”, vervolgt hij. “Ik ben 45 jaar en dus niet meer de jongste, maar ik ben vrij sterk, heb nooit ergens last van gehad en ben fit. Vroeger liep ik honderd kilometer aan een stuk hard. Ik kan wel wat aan, dus ben er eerlijk gezegd een beetje van geschrokken.”&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><strong>Tips&nbsp;</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Toms doel is ‘om nog vijftig jaar door te kunnen’. En om dat te kunnen bereiken, wordt alles uit de kast gehaald om zo ergonomisch mogelijk te werk te gaan.&nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">“Ik lees de nodige protocollen, let op mijn houding, gebruik zoveel mogelijk liften, probeer mijn eigen wijsheid toe te passen. En natuurlijk krijg je vanuit de opleiding ook de nodige tips mee.”&nbsp;</span></p><p style="text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Bovendien is Tom niet van plan om de rest van zijn werkzame leven fysiek zwaar werk te blijven doen. “Ik ga wel keuzes maken in de zin dat ik niet altijd in de dagelijkse zorg zal staan. Als je als verpleegkundige in het ziekenhuis staat, heb je die keuze vaak niet. In het verpleeghuis wel. Daar heb je al vrij snel een leidinggevende functie, of een rol als teamleider. Maar ook meer dagdiensten in plaats van onregelmatige diensten” </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Tilburg,Eindhoven,PRO Gezondheidszorg,FHMG]]></category>
            <pubDate>Wed, 02 Feb 2022 15:40:23 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Fri, 04 Feb 2022 09:48:48 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_lonnemiriamenlouise-2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_lonnemiriamenlouise-2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/lonnemiriamenlouise-2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lonne, Miriam en Louise]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Lonne, Miriam en Louise]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>‘Kei in enthousiasmeren’ Marc Geboers is Docent van het Jaar</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kei-in-enthousiasmeren-marc-geboers-is-docent-van-het-jaar/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kei-in-enthousiasmeren-marc-geboers-is-docent-van-het-jaar/</guid><pp:caseid>489271</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Marc Geboers is Fontys Docent van het Jaar 2022. De docent Marketing van Fontys Academy for the Creative Economy kreeg de prijs vanmiddag uitgereikt tijdens de online nieuwjaarsbijeenkomst. En daar was hij even stil van.</strong></span></p><p><span>Alle vijf de genomineerden voor de titel Fontys Docent van het Jaar werden deze middag in het zonnetje gezet. Want, zo gaf bestuursvoorzitter Joep Houterman in het voorwoord al aan:</span></p><p><span>“Deze verkiezing laat zien hoe wij als gemeenschap, met de studenten voorop, de inspanningen van de docenten hebben gewaardeerd het afgelopen jaar.” </span><i><span>[tekst gaat verder na foto]</span></i></p><p><span><strong>Vol energie</strong></span><br><span>Er kon er echter maar een winnen en dat was Marc Geboers. De jury was unaniem in haar oordeel. &nbsp;“Hij is altijd vol energie, supergemotiveerd, gedreven, heeft humor, is energiek en pro-actief.”</span></p><p><span>Geboers wordt door zijn studenten op handen gedragen. Ze roemen zijn toegankelijk, zijn grote hart en zijn inlevingsvermogen. ‘Een voorbeeld voor veel leraren’ volgens de een, en ‘een kei in enthousiasmeren’ volgens een ander.</span></p><p><span>Een college van Geboers is altijd een lichtpuntje in de week, stellen zijn studenten. En hij staat 24/7 voor ze klaar. Voor de jury was het duidelijk dat de docent Marketing, die voor de vierde keer was genomineerd, de titel Docent van het Jaar dik en dik verdiende.</span></p><p><span>Geboers zelf was er even stil van, en dat is best bijzonder voor een man die nooit om een woord verlegen zit. Maar hij herpakte zich snel.</span></p><p><span><strong>Mega grote taart</strong></span><br><span>“Ik ben hier supertrots op”, gaf hij aan. “Voor mij was de nominatie een mega grote taart, dat ik nu win is de kers op die taart. Wauw.”</span></p><p><span>Volgens de trotse winnaar stonden de vijf genomineerden namens alle 3.500 Fontysdocenten deze middag in de spotlights. “We hebben allemaal kei en keihard gewerkt het afgelopen jaar, iedereen verdient stuk voor stuk die spotlight.”</span></p><p><span>Naast de titel ontving Geboers een mooie bos bloemen en een cheque ter waarde van 1.000 euro die ten behoeve komt van innovatie in het onderwijs. Hij had ook al een idee waarvoor dat geld ingezet kan worden.</span></p><p><span>“Het moet ten goede komen aan de studenten. We kunnen het geld gebruiken om de digitalisering in de maatschappij duidelijk te maken. En om studenten te enthousiasmeren om de wereld op wat voor manier dan ook nog mooier te maken.”</span></p><p><span><strong>Landelijke verkiezing</strong></span><br><span>Marc Geboers wordt later dit jaar afgevaardigd naar de landelijke verkiezing van Docent van het Jaar, georganiseerd door Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO).</span></p><p><span>De andere genomineerden voor de titel Docent van het Jaar waren </span><a href="https://bron.fontys.nl/marieke-kamphuis-zet-door-durf-lef-te-hebben/" target="_blank"><span>Marieke Kamphuis</span></a><span>, </span><a href="https://bron.fontys.nl/jos-niewold-mijn-deur-staat-altijd-open/" target="_blank"><span>Jos Niewold</span></a><span>, </span><a href="https://bron.fontys.nl/ik-maak-continu-de-vertaalslag-naar-praktijk/" target="_blank"><span>Evie Heinrichs</span></a><span> en </span><a href="https://bron.fontys.nl/jaron-schnitzer-we-pakken-het-samen-aan/" target="_blank"><span>Jaron Schnitzer</span></a><span>. [</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Campus,FHSS,FLOT,PRO Onderwijs,PRO Welzijn,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Mon, 10 Jan 2022 18:33:31 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Tue, 11 Jan 2022 08:59:13 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_marcgeboersreageertblijopprijs.-2.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_marcgeboersreageertblijopprijs.-2.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/marcgeboersreageertblijopprijs.-2.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Marc Geboers reageert blij op prijs.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>‘Dit regeerakkoord is één grote teleurstelling’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/dit-regeerakkoord-is-een-grote-teleurstelling/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/dit-regeerakkoord-is-een-grote-teleurstelling/</guid><pp:caseid>487148</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><span><span><strong><span><span><span>Het regeerakkoord is een grote teleurstelling voor verpleegkundigen. Niet &eacute;&eacute;n keer wordt deze beroepsgroep genoemd in het akkoord. Een bestuurlijke blunder vindt Pieterbas Lalleman, docent en lector bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.</span></span></span></strong></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>Lalleman heeft het aantal keren geturfd dat verpleegkundigen worden genoemd in het regeerakkoord. Hij kwam tot nul keer. &ldquo;Niet &eacute;&eacute;n keer worden we genoemd. We gaan van hero naar zero. En dat ten tijde van de grootste gezondheidscrisis van de afgelopen eeuw.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><strong><span><span><span>Een beetje dom</span></span></span></strong><br /><span><span><span>De lector Leiderschap bij het Lectoraat Persoonsgerichtheid in een Ouder wordende Samenleving noemt het &ldquo;een beetje dom&rdquo; en &ldquo;een bestuurlijke blunder&rdquo; dat de verpleegkundigen zo over het hoofd worden gezien<img alt="Pieterbas Lalleman" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/pieterbaslalleman.jpg?x=1640169962628" style="float:right; height:330px; margin:5px; width:440px" />. Zeker in het licht van de toenemende personeelstekorten in de zorg.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>&ldquo;Een jaar geleden werden verpleegkundigen nog als helden neergezet en werd er geapplaudisseerd, nu wordt deze o zo belangrijke beroepsgroep compleet over het hoofd gezien door de mensen in Den Haag. Ik ben echt &lsquo;flabbergasted&rsquo;.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><strong><span><span><span>Protesteren en lobbyen</span></span></span></strong><br /><span><span><span>Dat ook veel andere beroepsgroepen niet genoemd worden in het regeerakkoord, daar heeft Lalleman geen boodschap aan. &ldquo;I couldn&rsquo;t care less. Ik ben lector Leiderschap. Ik sta voor de verpleegkundigen. Ik sta ervoor dat ze meer en beter gehoord worden. Dat is mijn taak.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>&ldquo;Want&rdquo;, zo stelt Lalleman, &ldquo;verpleegkundigen zijn veel te bescheiden, die protesteren en lobbyen altijd vanuit de coulissen. Ik draai dat om: ik word juist scherper. Het gaat in deze tijd nadrukkelijk w&eacute;l om verpleegkundigen."</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>"Zij moeten ervoor zorgen dat wij weer een biertje kunnen gaan drinken, dat we kunnen gaan sporten en dat de cultuursector weer gaat draaien. Voor nu en in de toekomst.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><strong><span><span><span>Geen opsteker</span></span></span></strong><br /><span><span><span>Ook voor de opleiding Verpleegkunde is dit regeerakkoord geen opsteker, denkt Lalleman. &ldquo;Het helpt niet dat er niet gerept wordt over verpleegkundigen in het coalitieakkoord.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>Nieuwe aanwas kan de opleiding namelijk goed gebruiken. Na een forse toename van studenten in 2018, mede vanwege het loslaten van de numerus fixus, is het aantal nieuwe Verpleegkunde-studenten bij Fontys de afgelopen twee jaar licht gedaald.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>&ldquo;Voor havisten, de groep die traditioneel voor deze opleiding kiest, is het verpleegkundig vak er niet aantrekkelijker op geworden. Zij kiezen steeds vaker voor een andere studierichting.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>En dus is positieve aandacht voor het vak volgens Lalleman van groot belang.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>&ldquo;Om te zorgen voor meer verpleegkundigen zijn drie zaken nodig: de lonen moeten omhoog, de loopbaanpaden moeten aantrekkelijker worden &eacute;n we moeten als beroepsgroep uitstralen dat het verpleegkundig vak een fantastisch en machtig interessant vak is met een enorm brede scope.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><strong><span><span><span>Breed palet aan opleidingen</span></span></span></strong><br /><span><span><span>Fontys draagt hieraan bij door een steeds breder palet aan opleidingen te bieden, stelt Lalleman. &ldquo;We hebben niet alleen een bachelor, maar ook een Assosiate degree (tweejarige hbo-opleiding), een master en een duale opleiding.&rdquo;</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>Voor wat betreft een structurele loonsverhoging voor verpleegkundigen heeft Lalleman zijn hoop gevestigd op de nieuwe minister die op dit dossier komt.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span><span><span>&ldquo;Ik ben benieuwd wie dat wordt. Ik hoop dat er een minister komt die het vizier op de verpleegkundigen heeft. Dat zou een positieve impuls aan het vak kunnen geven.&rdquo; [<em>Ivo van der Hoeven</em>]</span></span></span></span></span></span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHMG,PRO Gezondheidszorg,Eindhoven,Tilburg,Gezondheid en sport]]></category>
            <pubDate>Wed, 22 Dec 2021 12:23:37 +0100</pubDate>
            <pp:lastModified>Wed, 22 Dec 2021 16:21:48 +0000</pp:lastModified>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_zorgmanager.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_zorgmanager.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/zorgmanager.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Er is in deze tijd een grote behoefte aan intensive care-verpleegkundigen.]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[SER-rapport gezondheidszorg]]></pp:imageDescription></item></channel>
                    </rss>