<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Tue, 08 Sep 2026 09:29:58 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Wed, 08 Jul 2026 13:45:53 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>ElsGenerator verrijkt natuur- en techniekonderwijs pabo&#039;s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/elsgenerator-verrijkt-natuur--en-techniekonderwijs-pabos/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/elsgenerator-verrijkt-natuur--en-techniekonderwijs-pabos/</guid><pp:caseid>762443</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Vijf Fontys-pabolocaties beschikken voortaan over een ElsGenerator: een handbediend apparaat waarmee studenten letterlijk ervaren hoeveel inspanning nodig is om elektriciteit op te wekken. De exemplaren zijn maandag in Den Bosch uitgereikt.</strong></p><p>De <a href="https://elsgenerator.nl/">ElsGenerator</a> is vernoemd naar Els de Vaan-Bruinsma, die decennialang docent natuuronderwijs was aan de pabo in Nijmegen. Ook bij Fontys liet zij haar sporen na. Haar boek <i>Praktische didactiek voor natuur en techniek</i> geldt op alle pabolocaties als verplichte literatuur.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:266/auto;width:266px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e5250f19-9116-46cc-b4bb-453fd4036fe7/800_img_2150.jpeg?x=1783422674147" alt="De ElsGenerator" width="266" height="auto">Volgens Huub van der Haagen, pabodocent Natuur en Techniek in Eindhoven, is dat niet zonder reden. “Het is praktisch, goed leesbaar en staat vol voorbeelden, uitleg en denkvragen.” Van der Haagen kan het weten, want hij werkt al ruim 35 jaar als docent bij Fontys en studeerde er zelf ook.</p><p>Volgens haar man Jan de Vaan, zus Annette van der Bilt-Bruinsma en broer Geert Bruinsma weerspiegelt het boek precies wie Els de Vaan was. “Els werd gedreven door nieuwsgierigheid en een onderzoekende houding. Dat wilde ze overbrengen op haar studenten en via hen op leerlingen in het basisonderwijs.”</p><p><strong>Zelf onderzoeken</strong><br>Onderwijs moest kinderen raken, vond De Vaan, omdat kennis anders niet beklijft. Zelf onderzoeken, ervaren, voorspellen en vervolgens verifiëren vormden de kern van haar onderwijsvisie. Daarom ontwikkelde ze practica met alledaagse materialen, zoals zonneautootjes van boterkuipjes, die kinderen zelf bouwden en waarmee ze wedstrijden hielden.</p><p>Ook na haar pensionering bleef De Vaan lesmateriaal en proefjes ontwikkelen voor natuur- en techniekonderwijs. “Een van de laatste dingen die zij wilde maken, was een eenvoudig apparaat waarmee leerlingen kunnen voelen hoeveel inspanning het kost om elektriciteit op te wekken”, vertelt Jan de Vaan. Broers Geert en Sjoerd Bruinsma bouwden een prototype dat nog tijdens haar leven werd getest.</p><p><strong>Eenvoudig ontwerp</strong><br>Na haar overlijden werkte de familie het idee verder uit. Uiteindelijk werden vijftig ElsGenerators gebouwd, die worden verspreid onder pabo's in heel Nederland. Een van de exemplaren staat nu in Den Bosch op tafel, eromheen drie pabodocenten samen met de makers. Huub van der Haagen wordt vergezeld door Maartje Schollen en Stefan van Beurden, pabodocenten uit Tilburg en Den Bosch.&nbsp;</p><p>De ElsGenerator bestaat uit een generator die met een lijmklem aan een tafel wordt bevestigd. Deze is verbonden met een printplaatje en drie lampen: een gloeilamp van 21 watt, een gloeilamp van 5 watt en een ledlamp van 2 watt, die evenveel licht geeft als de gloeilamp van 21 watt. Wie aan de hendel draait, merkt direct het verschil. De ledlamp kost relatief weinig inspanning, terwijl de gloeilamp van 21 watt aanzienlijk meer kracht vraagt. [<i>tekst gaat verder na de video</i>]</p><p>“Met de ElsGenerator voel je hoeveel inspanning nodig is om een lamp te laten branden”, licht Geert Bruinsma toe. Tijdens de demonstratie proberen de pabodocenten via een USB-aansluiting een printplaatje tot 12 volt op te wekken. Dat lukt niet, al komen ze wel in de buurt. Het maakt duidelijk hoeveel moeite het kost om elektriciteit te produceren.</p><p>Stefan van Beurden noemt de ElsGenerator een waardevolle aanvulling op het onderwijs. “Ons vak staat of valt met practica. We hebben een heel kabinet aan materialen die onze studenten in de klas gebruiken, en de ElsGenerator past daar uitstekend bij.” Collega Maartje Schollen ziet nog een ander voordeel. “Sommige studenten denken dat natuur- en techniekonderwijs saai of moeilijk is. De ElsGenerator bewijst dat het juist uitdagend en leuk kan zijn.”</p><p><strong>Duurzaamheid</strong><br>Van der Haagen wijst bovendien op de koppeling tussen techniek en duurzaamheid. “De ElsGenerator laat zien dat elektriciteit niet zomaar uit het stopcontact komt. Er is energie nodig om die op te wekken, en sommige apparaten zijn veel zuiniger dan andere.” Daar raakt de pabodocent een andere drijfveer van Els de Vaan: duurzaamheid.</p><p>Van Beurden pleit ervoor de ElsGenerator niet alleen in de bovenbouw in te zetten. “Bewustwording en talentontwikkeling beginnen al bij de kleuters.” Dat sluit naadloos aan bij de onderwijsvisie van Els de Vaan: kinderen leren het meest wanneer ze zelf kunnen onderzoeken, ervaren en ontdekken.</p><h5>Foto bovenin: Stefan van Beurden geeft een slinger aan de ElsGenerator terwijl Maartje Schollen, Huub van der Haagen, Annette van der Bildt-Bruinsma, Geert Bruinsma en Jan de Vaan (vlnr) toekijken.</h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,Pabo&#039;s,lerarenopleiding en pabo&#039;s,FHE,Tilburg,Eindhoven,Venlo,Den Bosch,Sittard,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 07 Jul 2026 13:15:56 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/500_img_2140.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/500_img_2140.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/55732d7e-eaa4-4ecf-9dd6-5ece7ef62a07/img_2140.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[IMG_2140]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studeren in het buitenland: Neeltje in Tanzania</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studeren-in-het-buitenland-neeltje-in-tanzania/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studeren-in-het-buitenland-neeltje-in-tanzania/</guid><pp:caseid>758943</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De een wil zichzelf volledig onderdompelen in een andere cultuur, de ander kiest een specifieke opleiding. Wat de reden ook is, er zijn genoeg Fontysstudenten die ervoor kiezen om te studeren in het buitenland. Zo ook Neeltje Santegoeds, derdejaarsstudent aan de pabo-opleiding bij Fontys. Zij verbleef voor haar minor Experience Abroad in de stad Iringa in Tanzania.</strong></span></p><p><span>Drie maanden lang maakte Neeltje deel uit van een Tanzaniaans gastgezin. Geen kamer in een complex met meerdere studenten dus, maar ook geen studieroosters vol collegedagen. De derdejaars pabo-student dompelde zich onder in een heel andere soort buitenlandervaring. “Ik heb lesgegeven op privéscholen, overheidsscholen, een dovenschool en organisaties voor straatjongeren. Niet alleen leerzaam, maar ook levensveranderend.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:272/auto;width:272px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c719afd4-fcb5-4434-abc0-383db1e6d3a9/800_neeltjemetleerlingen.jpg?x=1782290885167" alt="Neeltje met leerlingen" width="272" height="auto">Neeltje werkte voornamelijk met de straatjongeren, waar ze twee dagen per week naartoe ging. “Om te kijken hoe het met ze gaat en ondersteuning te bieden, maar ook om te sporten en spelletjes te spelen. Zo hebben we heel wat uren gespendeerd aan Uno en touwtjespringen, maar ook aan dansen en tekenen.”</span></p><p><span><strong>Grootste verschillen</strong></span><br><span>De derdejaarsstudent gaf voornamelijk Engelse les en sportlessen. Dat ging niet altijd gemakkelijk. “De kwaliteit van het Engelse onderwijs daar is niet zoals we dat hier kennen, dus dat maakte het soms best lastig om les te geven. Uiteindelijk hebben we dat op weten lossen met de inzet van een vertaler, veel spelletjes en Engelse liedjes. Zo wisten we kinderen toch de taal te leren.”</span></p><p><span>Hoewel Neeltje op verschillende scholen lesgaf, werd zij vooral door de klassengrootte op de openbare overheidsscholen volledig overrompeld. “Ze hebben daar klassen met ruim 150 kinderen. Daar schrok ik echt van. Zoiets kom je in Nederland absoluut niet tegen.” [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto's]</span></i></p><p><span>Ook het dagelijks leven in Iringa stond haaks op haar leven thuis in Nederland. “Koken doen we hier op kolen, wassen doe je met de hand en de dag staat voornamelijk in het teken van je leven onderhouden. Op een langzamer tempo dan dat we gewend zijn.”</span></p><p><span>Dat was soms een uitdaging voor de student, maar gelukkig houdt ze daarvan. Daarom koos ze ook voor ‘een ander soort minor dan normaal’. “In Nederland was ik ook al meer geïnteresseerd in het speciaal onderwijs, en de projecten hier sloten daar heel goed op aan.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:269/auto;width:269px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4583d894-ec29-4d91-ad22-93999816493d/800_neeltjevoordeklasiniringa.jpg?x=1782290906496" alt="Neeltje voor de klas in Iringa" width="269" height="auto">Neeltje wist haar reis op verschillende manieren te bekostigen. Ze spaarde volop voor haar ervaring, maar won ook een </span><a href="https://www.fontys.nl/en/Fontys-Study-Abroad/Scholarships-1.htm" target="_blank"><span>Scholarship</span></a><span>. “Voor vertrek deed ik een soort sollicatie middels een filmpje waarin ik uitlegde wat ik wilde leren. Dat mogen alle studenten doen die voor hun minor buiten Europa gaan. Samen met twee medestudenten won ik die beurs, ter waarde van 2.500 euro.”</span></p><p><span><strong>Waardevolle waarderingen</strong></span><br><span>De student ontving ook een uitwonende beurs van DUO. Allemaal mooi meegenomen, hoewel het leven in Tanzania vele malen goedkoper is dan in Nederland. “Hier kun je voor vijf euro per dag meer dan prima leven. Als je uiteten gaat, kost het je wellicht 10 euro. Maar voor een flinke maaltijd vol groente en fruit ben je hier nog geen 3 euro kwijt. Ga je echt iets toeristisch doen, dan betaal je natuurlijk de Europese prijzen, zoals ik bijvoorbeeld heb gedaan voor een safari. Maar ook dat is het waard.”</span></p><p><span>Terugkijkend op haar reis is Neeltje vooral dankbaar voor de ervaringen die ze in Tanzania op heeft gedaan. “Ik had vooraf nooit verwacht dat ik zoveel nieuws over mezelf en anderen zou leren. Er is wat dat betreft zoveel meer dan Nederland, Europa en het westerse leven. En dat ben ik door deze reis veel meer gaan waarderen. We kunnen in ons landje zo goed zeuren over de kleinste dingen, terwijl je ook dankbaar kunt zijn voor alles wat je hebt. Hoe klein het ook is. Dat is denk ik de mooiste les die ik geleerd heb.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Studenten,Eindhoven,lerarenopleiding en pabo&#039;s,lerarenopleidingen en pabo’s,Pabo,Pabo&#039;s,Berg]]></category>
            <pubDate>Wed, 24 Jun 2026 11:03:43 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/229b23a1-3a1f-4425-b8b5-fcf871497ef2/500_neeltjevoordeklas.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/229b23a1-3a1f-4425-b8b5-fcf871497ef2/500_neeltjevoordeklas.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/229b23a1-3a1f-4425-b8b5-fcf871497ef2/neeltjevoordeklas.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Neeltje voor de klas]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kunst en cultuur winnen terrein in het basisonderwijs</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kunst-en-cultuur-winnen-terrein-in-het-basisonderwijs/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kunst-en-cultuur-winnen-terrein-in-het-basisonderwijs/</guid><pp:caseid>757813</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Stichting Méér Muziek in de Klas bereikt samen met partners steeds meer kinderen en jongeren met kunst- en cultuuronderwijs. “Het is heel fijn om te zien hoe graag het onderwijs dat wil”, aldus Kirsten Smeenk, docent bij Fontys en coördinator van Méér Muziek in de Klas Helmond.</strong></span></p><p style="text-align:start;">De stichting zet zich in voor meer creatieve en cultuurlessen op basisscholen. Uit de cijfers blijkt onder andere dat meer dan 1.200 scholen meedoen. Dat zijn er 200 meer dan het gestelde doel. Daarnaast meten deelnemende scholen meer motivatie, zelfvertrouwen, betere sociale vaardigheden, samenwerking en concentratie bij leerlingen.</p><p style="text-align:start;"><strong>Wegbezuinigen</strong><br>Méér Muziek in de Klas doet dit omdat kunst- en cultuurlessen de afgelopen jaren steeds vaker zijn wegbezuinigd om ruimte te maken voor meer reken- en taallessen. “Het werkt echt niet om nog meer rekenen te geven, de resultaten gaan juist omlaag in plaats van omhoog”, vertelt Smeenk, die ook muziekdocent is op de pabo van Fontys. Volgens haar is het juist de afwisseling die kinderen helpt betere resultaten te behalen. “Het is bewezen dat het zorgt voor betere cognitieve vaardigheden, los van het feit dat het leuk is.”</p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/08f547d3-f72a-4354-803b-40ff85d455a6/500_img_9580.jpeg?x=1781252920557" alt="Pabostudent Eva" width="200">Dit herkent tweedejaars pabostudent Eva. “Als we iets creatiefs doen, zie je de kinderen echt opfleuren. Laatst hadden we het over vriendschap in de klas en dan voeren ze ook echt diepe gesprekken met elkaar. Het is zo mooi om te zien hoe ze elkaar beter leren kennen en begrijpen als ze niet alleen met taal en rekenen bezig zijn.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Geen ruimte</strong><br>Ondanks het positieve tussenrapport kan het volgens Smeenk nog beter. “Als ik lesgeef op de pabo, zijn studenten eerst altijd terughoudend, maar na één les zien ze al in hoe leuk en belangrijk het is om af en toe iets met muziek tussendoor te doen. Helaas zie je ook dat wanneer ze iets wat ze bij mij hebben geleerd willen toepassen, er op hun stageschool meestal geen geld of ruimte voor is.”</p><p style="text-align:start;">Ook hierin kan Eva zich vinden. “Ik vind wel dat we op mijn stageschool meer met muziek en creativiteit kunnen doen dan nu. Je ziet de kinderen die normaal gesproken een beetje op de achtergrond blijven juist naar voren treden en zich van hun beste kant laten zien.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Cultuur,PRO Cultuur,PRO Kunst en cultuur,Onderwijs Educatie,PRO Educatie,Fontys Educatie,Educatie,Pabo,lerarenopleidingen en pabo’s,Mauro]]></category>
            <pubDate>Fri, 12 Jun 2026 10:34:33 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/0c233a8f-2164-45bf-84a7-6f096fcbbdfe/500_shutterstock_2668576591.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/0c233a8f-2164-45bf-84a7-6f096fcbbdfe/500_shutterstock_2668576591.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/0c233a8f-2164-45bf-84a7-6f096fcbbdfe/shutterstock_2668576591.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[muziek muziekles kleuters school basisschool]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys positief over advies doorgaan toegankelijke pabo</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-positief-over-advies-doorgaan-toegankelijke-pabo/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-positief-over-advies-doorgaan-toegankelijke-pabo/</guid><pp:caseid>756816</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Sinds een paar jaar mogen studenten met de pabo beginnen, ook als ze nog niet aan alle toelatingseisen voldoen. Dat leidt tot hogere studiedruk, maar niet tot meer uitval van eerstejaars. Het advies is nu dat het experiment voortgezet mag worden. Iets waar Anton van den&nbsp;Brink, directeur bij Fontys Educatie Eindhoven-Den Bosch en Limburg, heil in ziet.</strong></span></p><p><span>Om ervoor te zorgen dat alle studenten bij de start van de pabo voldoende kennis in huis hebben, moesten mbo’ers en havisten sinds 2015 toelatingstoetsen maken voor schoolvakken als aardrijkskunde en geschiedenis. Anders zijn de opleidingen te veel tijd kwijt aan bijspijkerlessen.</span></p><p><span>Maar te weinig studenten gingen naar de pabo en het lerarentekort werd steeds groter. En dus </span><a href="https://bron.fontys.nl/experiment-geen-strenge-toelatingstoets-meer-voor-pabo/"><span>startte</span></a><span> het kabinet in 2022 een experiment om de opleiding toegankelijker te maken: studenten hoeven niet meer vooraf te slagen voor alle toetsen. Ze mogen gewoon met de pabo beginnen, zolang ze de toetsen – al dan niet alsnog met bijspijkerlessen - alsnog binnen een jaar halen.</span></p><p><span>En dat heeft effect gehad, </span><a href="https://app.1848.nl/document/tkapi/588208"><span>blijkt</span></a><span> nu uit de eindevaluatie uitgevoerd door onderzoeksbureau ResearchNed. De instroom is gegroeid van zo’n 7.700 studenten in 2021/2022 naar 8.500 studenten dit studiejaar. Ook binnen Fontys is er over de hele linie – dus niet geheel toe te schrijven aan dit experiment - &nbsp;een stijging te zien in de instroom van pabostudenten.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:282/auto;width:282px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_antonvandenbrink-3.jpg?x=1780494247466" alt="Anton van den Brink" width="282" height="auto">Stress</strong></span><br><span>Toch blijken er ook nadelen te zijn. Zo ervaren eerstejaarsstudenten gemiddeld meer studiedruk, omdat zij tussen de gewone lessen door de toelatingstoetsen nog moeten herkansen. Een meerderheid zegt hierdoor studievertraging op te lopen.</span></p><p><span>Anton van den Brink, directeur bij Fontys Educatie Eindhoven-Den Bosch en Limburg, herkent dat gegeven ook binnen zijn instituten. “Ik heb afgelopen jaar een aantal keer meegelopen met studenten van de opleiding, waaronder heel recent nog bij de pabo in Sittard. Daar zijn de toetsen echt onderwerp van gesprek, omdat ze als een soort zwaard van Damocles boven de studenten hangen. Dat leidt tot stress.”</span></p><p><span><strong>Doorstromen</strong></span><br><span>In een tussenevaluatie twee jaar geleden klonk dan ook veel </span><a href="https://bron.fontys.nl/soepele-toelating-pabo-werkt-averechts/"><span>kritiek</span></a><span>. Toch is er inmiddels meer steun voor het experiment. Want ondanks de toegenomen druk, weten studenten vaak alsnog door te stromen naar het tweede studiejaar. Zo behaalde in 2025 84 procent van de voorwaardelijk toegestane studenten bij Fontys de toetsen.</span></p><p><span>Fontys wil daarin zelfs een stap verdergaan, door de doorstroomnorm ter discussie te stellen. Nu moeten studenten in de propedeuse 75 procent afronden voordat zij door mogen stromen. “De combinatie van die toelatingstoetsen en de doorstroomnorm levert nog meer stress op. Dat zijn drempels die we weg willen nemen zodat we de studiedruk voor studenten kunnen verlagen”, licht Van den Brink toe.</span></p><p><span><strong>Meer flexibiliteit</strong></span><br><span>Omdat de OER nog niet vastgesteld is, gaat het echter wel nog steeds om een voorstel. Een voorstel om de doorstroomnorm naar 0 te brengen. “Dat betekent niet dat er helemaal geen drempels meer zijn, maar zorgt er wel voor dat onze opleiding flexibeler wordt.”</span></p><p><span>Dat is voornamelijk nodig omdat Educatie steeds meer te maken krijgt met maatwerkstudenten, die met een bepaalde norm gedwongen worden om bepaalde vakken af te ronden voordat ze door mogen stromen. “Dat willen we voorkomen. Wel houden we aan dat je bepaalde propedeuse-onderdelen afgerond moet hebben voordat je in de postpropedeuse aan het volgende, aansluitende onderdeel kunt beginnen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:333/auto;width:333px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_pabostudentenfontyseindhoven.jpg?x=1780494359883" alt="Uit het archief: pabo-studenten van Fontys in Eindhoven." width="333" height="auto">Stevige professionals</strong></span><br><span>Er zijn volgens het rapport ook geen duidelijke signalen dat de kwaliteit van pabo-gediplomeerden vermindert. Van den Brink: “Fontys scoort nationaal gezien zelfs hoog als het gaat om kwaliteit. Dat horen we ook terug van schoolbesturen bij ons in de regio: we leiden stevige professionals op. Mensen die niet alleen de opleiding hebben gevolgd en hun vak goed beheersen, maar die het ook goed doen in de praktijk.”</span></p><p><span>Toch levert het experiment ook meer werk voor de opleidingen zelf op. Ze zijn bijvoorbeeld tijd kwijt aan ondersteuningsprogramma’s en persoonlijke begeleiding. “In Sittard zag ik dat bij bepaalde vakken de groep wordt gesplitst in studenten die de toelatingstoets al wel en nog niet gehaald hebben. Daardoor moet ook de docent zijn of haar aandacht verdelen of verdubbelen.”</span></p><p><span>Voor die extra uren krijgt Fontys momenteel geen extra geld van de overheid. Dat ziet Van den Brink graag veranderen, zeker omdat hij toejuicht dat het experiment omgezet wordt in wettelijke borging binnen de pabo’s. “Omdat de toelatingseis nu in ons onderwijs verwerkt zit, komt dat bovenop het al bestaande curriculum. Dat is geen enkel probleem en we kunnen in die behoefte voorzien, maar dan moeten daar wel middelen tegenover staan. Die zijn nodig zodat de studenten de toetsen ook daadwerkelijk kunnen halen.”</span></p><p><span><strong>Diversiteit en Brainport</strong></span><br><span>Het rapportadvies is om het experiment door te zetten. Wel opperen de onderzoekers enkele verbeteringen.&nbsp;Geef de pabo’s extra geld voor hun inzet. Ook moeten die hun aankomende studenten zoveel mogelijk aanmoedigen de toetsen alvast te halen.</span><br><br><span>Het versoepelen van de regels was deels bedoeld om de pabo-opleiding toegankelijker te maken voor studenten van niet-Europese afkomst, die vaak </span><a href="https://delta.tudelft.nl/article/pabo-wordt-steeds-witter"><span>wegblijven</span></a><span>. Dat is niet gelukt, staat in het rapport. Daar heeft de directeur wellicht nog een oplossing voor. Zo weet hij dat pabo’s in het Randstedelijke gebied geld krijgen vanuit steden en provincies om in te zetten voor diversiteit. “In een regio als Eindhoven, inclusief de Brainport, zien we dat natuurlijk ook graag gebeuren. Meer diversiteit zou ook hier een mooie toevoeging zijn.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,lerarenopleiding en pabo&#039;s,lerarenopleidingen en pabo’s,Pabo,Pabo&#039;s,Eindhoven,Limburg,Sittard,Den Bosch,Student,Studenten,Berg]]></category>
            <pubDate>Wed, 03 Jun 2026 16:23:31 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kippenvel en emoties bij bezoek aan Sachsenhausen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kippenvel-en-emoties-bij-bezoek-aan-sachsenhausen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kippenvel-en-emoties-bij-bezoek-aan-sachsenhausen/</guid><pp:caseid>744135</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Terwijl half Nederland feestend Bevrijdingsdag vierde, verkeerden de pabostudenten die op studiereis zijn in Berlijn gisteren in hele andere sferen. Zij kregen overdag een rondleiding in het voormalig concentratiekamp Sachsenhausen. Een ervaring die zij, zo stellen de studenten unaniem, nooit meer zullen vergeten.</strong></p><p>Natuurlijk: er wordt deze week in Berlijn van alles bekeken en bezocht. De stad bulkt van de historie. En hoewel de Tweede Wereldoorlog daar een groot deel van is, zijn het nog oudere verleden maar ook de Koude Oorlog en de scheiding van Oost- en West-Duitsland destijds ook nergens ver weg. Maar vraag de pabostudenten waarom ze voor deze reis hebben gekozen, en bijna allemaal zeggen ze: vanwege het bezoek aan het concentratiekamp.</p><p><strong>Onder de indruk</strong><br>Wat alle studenten gemeen hebben: ze zijn zwaar onder de indruk. De grappen en grollen die buiten de poorten van monument en voormalig nazi-concentratiekamp Sachsenhausen nog werden gemaakt, zijn verdwenen. De focus ligt helemaal op wat zij van de gidsen te horen krijgen, wat zij met hun eigen ogen zien.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/46542012-242e-4801-9abf-77c4b155c433/800_img_6668.jpeg?x=1778053592206" alt="Jules" width="300" height="auto">Jules, tweedejaars pabostudent in Eindhoven: “Ik was gisteren al zwaar onder de indruk bij de Nationale Dodenherdenking <a href="https://bron.fontys.nl/een-speciale-herdenking-voor-pabostudenten-op-studiereis/" target="_blank">hier in het kamp</a>. Ik had toen al heel veel vragen. Een groot deel daarvan wordt nu beantwoord.”</p><p>En meer dan dat. Het doet hem duidelijk ook wat. “Eerst hoor je over die bekladding van het monument op de Dam, en dan ben je hier. En zie en hoor je dat het nog veel erger was dan je dacht. Zoals die ‘gevangenis binnen de gevangenis’ waar we net waren. Daar werden mensen gemarteld tot aan het gaatje, zodat ze er nét niet aan doodgingen. Een ziekelijk doordacht systeem. Maar dit soort dingen gebeurt elders in de wereld ook vandaag de dag nog. Bizar.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:302/auto;width:302px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0a704569-aa2a-4dcf-b137-a0f75f502b6a/800_img_6674.jpeg?x=1778053669391" alt="Amy" width="302" height="auto">Ook Amy zegt nu pas te beseffen hoe het echt was destijds. “Dat ze hier martelmethodes bedachten die vervolgens in andere concentratiekampen konden worden toegepast… Dat het zo onmenselijk was voor de gevangenen. Je kent het begin en het einde van de oorlog, maar hier hoor en zie je hoe het er dagelijks aan toeging.”</p><p>“En ik denk dat het op plekken als Gaza ook nu nog gebeurt. Dat heel veel onschuldige mensen zo slachtoffer worden van regimes. Daarom moeten we dit blijven herdenken, doorgeven aan volgende generaties.”</p><p><strong>Emotioneel</strong><br>Maud, pabostudent in Tilburg: “Dit is heftig. Ik heb zelf nooit veel gehad met geschiedenis, maar dat is hier nu wel gekomen. Ik sta hier op een plek waar duizenden mensen zijn vermoord. Nu ik wat ouder ben, komt zoiets ook veel harder binnen.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e2322501-e45b-4804-8c6d-a3ef7631f679/800_img_6680.jpeg?x=1778053764106" alt="Maud" width="300" height="auto">“Ik ben er ook best emotioneel van. Toen we daarnet in de barakken van de gevangenen waren werd ik ook helemaal licht in mijn hoofd. Dat had ik nooit verwacht. In elk geval wil ik nu ook veel meer leren over dit deel van de geschiedenis.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:306/auto;width:306px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9b18aa26-a203-4c77-843d-5977945bf22a/800_img_6679.jpeg?x=1778053793787" alt="Stan en Inge" width="306" height="auto">Inge en Stan, respectievelijk van de pabo’s in Den Bosch en Eindhoven, verklaren beiden dat ze niet snel door iets geraakt worden en goed afstand kunnen houden van dingen. Stan: “Maar hier gaan je haren toch echt overeind staan. Dit is nog geen tachtig jaar geleden gebeurd…”</p><p>En Inge: “Hier zie je hoe mensen tot een object zijn gemaakt, totaal onmensenlijk. In de klas blijft dat heel afstandelijk, hier niet. Hoe ik straks als docent<span> </span>ervoor zorg dat het niet zo afstandelijk blijft? Tja, dat weet ik eigenlijk nog niet.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:295/auto;width:295px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e9ace7f5-d88a-4156-ab6c-44ded271475b/800_img_6672.jpeg?x=1778053829904" alt="Romy" width="295" height="auto">Romy, derdejaars deeltijdstudent, krijgt doorlopend kippenvel bij de rondleiding. “Dit raakt me wel. Je kunt je hier veel beter een voorstelling maken van hoe het was dan wanneer je het uit de boeken moet halen. Als ik straks zelf voor de klas sta, wil ik dit zeker ook gaan doorgeven aan de kinderen. Het liefst zou ik hen hier ook mee naartoe nemen. Maar ik heb in elk geval verhalen te vertellen nu.”</p><p><strong>Heden en verleden</strong><br>De wereld draait ondertussen door. Dertig kilometer verderop, in hartje Berlijn, wordt geprotesteerd tegen de oorlog in Oekraïne. Iran en de VS (bek)vechten ook vandaag weer door. In Nederland lopen steden vol voor Bevrijdingsfestivals. En in Amerika presenteren de nog tijdens de Tweede Wereldoorlog geboren Mick Jagger en Keith Richards het nieuwe Rolling Stones album.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:366/auto;width:366px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/52d806cd-8787-4b01-9dbc-336359f50eaa/800_img_6670.jpeg?x=1778054411201" alt="" width="366" height="auto">Niets verandert en alles verandert. Geschiedenis is belangrijk: het heden bestaat niet zonder verleden. En van dat verleden kun je leren. Dat doen de pabo-studenten in Berlijn deze week op een manier zoals je dat, zo zeggen ze zelf ook, nooit in een klaslokaal of achter een laptop zou kunnen.</p><p>Des te jammerder dat dit soort ‘field trips’ tot het verleden gaan behoren. “Dit is helaas het laatste jaar dat we dit doen”, zegt docente Anne van Bussel. Onderwijsvernieuwing. Niet per se slecht. Maar er hangt ook een nieuw kostenplaatje aan. En kennelijk past daar op deze manier kennis voor het leven opdoen in de praktijk, Bildung heet dat, vooralsnog niet bij.</p><p>Het is te hopen dat ook de budgetbepalers leren van het verleden en dit soort studiereizen blijven bestaan.</p><p><i>foto boven: docenten Anne van Bussel en Michel van Ingen met de studenten voor de ingang van het voormalig concentratiekamp Sachsenhausen.</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Pabo,FE,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Wed, 06 May 2026 11:46:32 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/306bc12a-9c06-415d-b57d-f9c959924c14/500_studentenbijdeingangvanhetmuseumannexmonument.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/306bc12a-9c06-415d-b57d-f9c959924c14/500_studentenbijdeingangvanhetmuseumannexmonument.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/306bc12a-9c06-415d-b57d-f9c959924c14/studentenbijdeingangvanhetmuseumannexmonument.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studenten bij de ingang van het museum annex monument]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Een speciale herdenking voor pabostudenten op studiereis</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/een-speciale-herdenking-voor-pabostudenten-op-studiereis/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/een-speciale-herdenking-voor-pabostudenten-op-studiereis/</guid><pp:caseid>743987</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het is een Nationale Dodenherdenking die de 24 pabo-studenten op studiereis in Berlijn niet snel zullen vergeten. Zij waren bij de plechtigheid in wat ooit het crematiegebouw was van concentratiekamp Sachsenhausen. En waren daar niet alleen: zij mochten er ook nog een verhaal houden over hoe hun generatie tegen herdenken aankijkt.</strong></p><p>Als er één plek in Europa is waar geschiedenis, herdenken, een inktzwart verleden en een kleurrijk heden samenkomen is het wel Berlijn. Vergeet Alexanderplatz en Checkpoint Charlie: de historie is op die plekken volledig weggemaaid. Maar op tal van andere plekken is het verleden nog levendig aanwezig in gebouwen, monumenten en musea.</p><p>Oranienburg ligt iets ten noorden van Berlijn. Fluitende merels, geurende lentebloesem en frisgroene bomen, een prachtige zonsondergang: wie de omgeving vergeet zou zich het leven bejubelend in een ideale voorjaarsavond wanen. Maar de locatie en gelegenheid vragen om stilte en maken ook stil.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:410/auto;width:410px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/67491dc6-3e8b-424f-98ee-87eed7d3a2aa/800_deingangtotkampsachsenhausen.jpeg?x=1777965806021" alt="De studenten betreden de officiële ingang van kamp Sachsenhausen" width="410" height="auto">Want aan de grens van een doorsnee woonwijk ligt een inktzwart verleden met hoofdletters. Het hier gelegen monument Sachsenhausen was ooit een ‘modelkamp’ van het naziregime. In totaal werden in dit concentratiekamp meer dan 200.000 mensen gevangen gehouden. Minstens 50.000 gevangenen overleefden het niet, waaronder ruim 1400 Nederlanders.</p><p><strong>Verbrandingsovens</strong><br>Het is hier waar deze maandagavond de Nationale Dodenherdenking in Duitsland plaatsvindt. Van het gruwelijke kamp is weinig over, de meeste gebouwen zijn lang geleden al gesloopt. Zo ook ‘Station Z’, het voormalige crematiegebouw, waar deze avond de plechtigheid wordt gehouden. Aan de buitenkant lijkt het een witte doos zonder deksel, binnen zijn echter nog wel restanten van de voormalige verbrandingsovens te vinden.</p><p>Na de twee minuten stilte om 20.00 uur vertellen de Nederlandse ambassadeur in Duitsland, een Duitse parlementariër en schrijfster Chaja Polak waarom herdenken zo belangrijk is. De 24 Fontysstudenten van pabo’s in Den Bosch, Tilburg, Eindhoven en Venlo luisteren in stilte tussen nabestaanden van gevangenen, Nederlandse militairen en andere, voornamelijk Nederlandse, toehoorders.</p><p>Vooraf zijn ze wel een tikje zenuwachtig, Wieke Kempen, Lisa Maria Gooiker, Ilja Delisse en Ellemijn Verhoeven. Toen docente Anne van Bussel voor aanvang van de studiereis had gevraagd wie zou willen spreken bij deze plechtigheid, hadden zij hun vinger opgestoken. Samen schreven zij een tekst die zij hier nu ook samen presenteren.</p><p>Er zijn steeds minder mensen die de Tweede Wereldoorlog hebben meegemaakt en hun verhalen kunnen vertellen. “Juist daarom ligt de verantwoordelijkheid nu bij ons. Het in leven houden van herinneringen die wij zelf niet hebben meegemaakt”, sprak Ellemijn. En geschiedenis, zo vertelde zij, is geen afgesloten hoofdstuk maar een spiegel. “Juist daarom is het zo belangrijk voor mijn generatie en de generaties die nog komen.”</p><p>Het viertal vertelde verder waarom zij zelf herdenken en waarom deze reis, deze ervaring zo belangrijk is om straks in het werkveld, voor de klas in de basisscholen waar zij gaan werken, te kunnen delen. Zie de volledige toespraak in het filmpje.</p><p>Vandaag gaan de pabo-studenten opnieuw naar Sachsenhausen, nu voor een rondleiding door het voormalige kamp.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p><i><span>foto boven: </span>Wieke Kempen, Lisa Marie Gooiker, Ellemijn Verhoeven en Ilja Delisse</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Pabo,FE]]></category>
            <pubDate>Tue, 05 May 2026 09:27:48 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e5df3410-2ef5-483d-9cc9-152ad14d2143/500_wiekekempenlisamariegooikerellemijnverhoeveneniljadelisse.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e5df3410-2ef5-483d-9cc9-152ad14d2143/500_wiekekempenlisamariegooikerellemijnverhoeveneniljadelisse.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e5df3410-2ef5-483d-9cc9-152ad14d2143/wiekekempenlisamariegooikerellemijnverhoeveneniljadelisse.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Wieke Kempen, Lisa Marie Gooiker, Ellemijn Verhoeven en Ilja Delisse]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>18-jarige Ties heeft al 5 NK-medailles</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/18-jarige-ties-heeft-al-5-nk-medailles/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/18-jarige-ties-heeft-al-5-nk-medailles/</guid><pp:caseid>740285</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Vier dagen per week op de atletiekbaan voor zijn eigen trainingen. Drie keer krachttraining. En dan geeft hij ook nog zelf les met zo nu en dan een NK ertussendoor. Het leven van de 18-jarige Fontysstudent Ties Mutsaers staat (bijna) volledig in het teken van atletiek.</strong></p><p>Het is hem nog net niet met de paplepel ingegoten, maar atletiek is wel iets wat Ties al het overgrote deel van zijn leven doet. Hij begon ermee toen hij zes was. Voetbal vond hij toen maar niks, want ‘daar liepen ze alleen maar saai achter een bal aan’. Maar atletiek daarentegen…&nbsp;</p><p>“Atletiek is een sport met allerlei verschillende onderdelen, waarbij elke training anders is”, vertelt Ties, tweedejaars pabo-student. “Je kunt hardlopen, hoogspringen, verspringen, speerwerpen, kogelstoten. Echt van alles. Dat vond ik op jonge leeftijd heel leuk.”</p><p><strong>Eerste NK</strong><br>Hij probeerde elk onderdeel uit en is zich op latere leeftijd gaan specialiseren in het hardlopen. Sloot zich aan bij een hardloopgroep en deed mee aan competities. Op 15-jarige leeftijd liep hij zijn eerste indoor NK. De finale haalde hij toen niet, maar een half jaar later deed hij een nieuwe poging bij het zomerse NK. Met succes: hij won brons.&nbsp;<span>&nbsp;</span>&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/83f4afca-85e9-4827-8011-85c1c69f5fc6/500_img_4255.jpg?x=1774445797492" alt="Ties Mutsaers" width="200">“Inmiddels staat de teller op vijf NK-medailles”, zegt Ties. En misschien nog wel honderd andere medailles die hij won bij andere competities, maar die stellen volgens hem niet zoveel voor. “Na brons won ik zilver op een NK, goud, weer zilver en vorige maand nog een keertje goud.” Alles op de afstand 800 meter, want dat is waar de uit Dongen afkomstige middenafstandsloper zich op focust.</p><p>“Dat vind ik veruit de leukste afstand om te lopen omdat daar ook een stukje tactiek bij komt kijken. Je loopt op kneiterhoge snelheid twee rondjes van vierhonderd meter. Er zit een baanwissel bij, maar omdat het zo snel gaat, moet je snel denken en heb je bijna geen tijd om fouten te maken. ”</p><p>We vroegen hem wat hij verstaat onder ‘kneiterhoge’ snelheid, en ja dat blijkt inderdaad kneiterhoog te zijn: dertig kilometer per uur. “Mijn persoonlijke record staat op 1 minuut 52”, vervolgt de student. Een mooie tijd, maar om in de toekomst ooit mee te mogen doen aan een WK, zal hij nóg sneller moeten. “Voor een WK moet je 1 minuut 47 kunnen halen. Voor de Olympische Spelen zelfs 1 minuut 45.”</p><p><strong>Toekomstmuziek</strong><br>De aankomende Olympische Zomerspelen in 2028 in Los Angeles denkt Ties nog niet te kunnen halen. Misschien die van 2032 in Brisbane dan? De topsporter blijft realistisch. “Ik kan nu wel gaan dromen over iets wat over zeven jaar is, maar ik kan beter in het nu blijven. Voor hetzelfde geld raak je geblesseerd en kun je niet meer lopen.”&nbsp;</p><p>Gaan we niet vanuit natuurlijk, maar toch. “Ik blijf gewoon lekker trainen en volg ondertussen mijn studie. Tot nu toe is dat goed te combineren. Mede dankzij de <a href="https://www.fontys.nl/Topsport-bij-Fontys.htm" target="_blank">topsportregeling</a> van Fontys, waar ik overigens misschien wel wat vaker gebruik van zou moeten maken. Afgelopen zomer liep ik op zondag een NK en zat ik ’s avonds nog achter mijn laptop voor een schoolopdracht. ‘Wat ben je nou aan het doen Ties?’, zei mijn moeder toen. Tja, daar had ze wel een punt.”</p><p><span>&nbsp;&nbsp;&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Pabo,Tilburg,Student,Luiken]]></category>
            <pubDate>Wed, 25 Mar 2026 14:54:10 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/2876b234-e7d4-4cd1-87e8-29de3d52fe6e/500_img_4258.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/2876b234-e7d4-4cd1-87e8-29de3d52fe6e/500_img_4258.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/2876b234-e7d4-4cd1-87e8-29de3d52fe6e/img_4258.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Ties Mutsaers]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Stageplek vinden voor sommigen nu veel lastiger</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/stageplek-vinden-voor-sommigen-nu-veel-lastiger/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/stageplek-vinden-voor-sommigen-nu-veel-lastiger/</guid><pp:caseid>733708</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het vinden van een stage wordt voor steeds meer studenten een probleem.&nbsp;Onder de Fontys studenten klinken steeds vaker dezelfde verhalen. Studenten sturen tientallen e-mails, krijgen nauwelijks reactie, of horen op het laatste moment dat een stageplek toch niet doorgaat.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Bart, laatstejaarsstudent Fontys ICT, herkent dat beeld. Hij studeert Gamedesign, een niche binnen de ICT-sector. "Ik heb al eerder stage gelopen en dat vond ik echt moeilijk om te regelen", vertelt hij. ‘’Nu ben ik opzoek naar een afstudeerstage en loop ik tegen hetzelfde aan.’’ Om de kans op een geschikte plek te vergroten nam Bart extra tijd. "Ik heb er zelfs een half jaar voor uitgetrokken. Dan kan ik rust nemen en zeker weten dat ik iets vind dat bij me past."</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:268/auto;width:268px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/112b1d63-1ecb-4644-9291-fcb5004cc9f9/800_isa.jpeg?x=1768833516022" alt="Isa" width="268" height="auto">Verschillen tussen opleidingen</strong></span><br><span>Toch verschilt het binnen Fontys én binnen iedere opleiding in hoeverre een geschikte stageplek vinden lastig is. Zo vertelt tweedejaars pabo-student Kiki: “Bij ons wordt de stage door school geregeld. Online kun je dan je voorkeuren doorgeven wat betreft locatie, klas, et cetera, en zij regelen dan de plek.” Dat gaat niet altijd even soepel. "Ik heb een enkele keer bij studiegenoten gezien dat er dan iets fout gaat, maar over het algemeen valt dat best wel mee."&nbsp;</span></p><p><span>Ook binnen de opleiding Journalistiek ervaren studenten moeilijkheden, al verschilt dat per persoon. Isa begint volgende periode aan haar stage. "Het vinden van een plek vond ik best lastig", zegt ze. "Ik was tegelijkertijd druk bezig met school en moest me ook voorbereiden op de volgende periode. Dat combineren vond ik moeilijk. Je moet keuzes maken, en dat lukt niet altijd goed.’’</span></p><p><span>Volgens Isa speelt ook de wens voor een specifieke stage een rol. "Ik zie het bij klasgenoten bijvoorbeeld, die per se een radiostage willen. Dan moet je vaak ver reizen en zijn er minder plekken. Ik kan me voorstellen dat dat het extra lastig maakt."</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:288/auto;width:288px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1025b807-4310-4d59-96ce-e511fa22c879/800_brian.jpeg?x=1768833558737" alt="Brian" width="288" height="auto">Binnen de opleiding Sportmarketing herkent Brian het probleem vooral bij anderen. “Ik zie dat veel studenten hier tegenaan lopen, dus het is zeker een probleem. Bij mij persoonlijk viel het gelukkig mee.” Volgens de student is een actieve houding essentieel. "Ik ben begonnen met bellen, LinkedIn berichten sturen, dat soort dingen. Als je al connecties hebt, helpt dat enorm. Maar je moet er echt bovenop zitten, anders wordt het lastig."</span></p><p><span><strong>Zorgelijke ontwikkeling</strong></span><br><span>Frank Steeghs, coördinator van het stagebureau en afstudeerbegeleider bij Fontys Automotive, ziet het probleem duidelijk toenemen. "Voorheen vonden de meeste studenten wel een geschikte stageplek. Dat het nu zo moeilijk is, is wel zorgelijk.”</span></p><p><span>"Van de 90 stagiaires hebben er 35 nog geen stage bij mij aangemeld", vertelt Steeghs. Hij legt uit dat een deel van deze studenten toch door mogen naar het volgende semester: "We staan toe dat studenten die nagenoeg alle onderdelen van leerjaar 1 en 2 hebben afgerond, gecombineerd met een afgeronde minor, het semester mogen volgen. Dat doen we zodat studenten niet vastlopen."</span></p><p><span>Toch ziet Steeghs duidelijke verschillen. “Onze voorkeur blijft dat studenten een minor en een stage afronden. In semester 7 zien we een groot verschil: studenten met stage-ervaring zijn aantoonbaar volwassener in hun professionele houding en aanpak.”</span></p><p><span>De voorbeelden stapelen zich op, vertelt hij. "Een student stuurde dertig e-mails en kreeg slechts twee reacties. Een ander had alles al geregeld, maar kreeg vlak voor de start te horen dat de stage toch niet doorging."</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:526/auto;width:526px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/133d35a1-7e01-40a8-a659-c3f86a39e0af/1920_franksteeghs.jpg?x=1768833641499" alt="Frank Steeghs" width="526" height="auto">Meerdere factoren</strong></span><br><span>Volgens Steeghs zijn er verschillende oorzaken. “Sommige bedrijven hebben simpelweg niet de capaciteit om een stagiair goed te begeleiden.” Daarnaast spelen ook internationale ontwikkelingen een rol, vooral binnen de automotive sector. “Onzekerheden, zoals de aangekondigde heffingen van Trump, maken bedrijven voorzichtiger.”</span></p><p><span>Ook binnen Fontys Automotive zelf ontstaat er druk. "Studenten hebben een bepaald aantal studiepunten nodig om stage te mogen lopen. Wie die in september nog niet heeft, volgt eerst een minor en begint pas in februari. Daardoor ontstaat in die periode een grote piek van studenten die tegelijk een stage zoeken."</span></p><p><span><strong>‘Ik zag de bui al aankomen’</strong></span><br><span>Steeghs zegt dat hij studenten hier al vroeg voor heeft gewaarschuwd. “Ik zag de bui aankomen en heb studenten vanaf het begin aangespoord om op tijd te beginnen met zoeken. Daar hamer ik echt op.” Toch maakt hij onderscheid: “Studenten die simpelweg te laat beginnen, daar heb ik weinig empathie voor. Maar er zijn ook studenten die slim zijn, op tijd starten, maar introvert zijn of moeite hebben om zichzelf te verkopen. Voor hen wordt het écht lastig.”</span></p><p><span>Tot slot plaatst Steeghs een bredere kanttekening. "Ik vind het opvallend dat bedrijven in deze regio aangeven te kampen met een groot tekort aan goed technisch personeel, terwijl het in de praktijk kennelijk te veel gevraagd is om een stage of afstudeeropdracht beschikbaar te stellen. Juist hierin ligt een gezamenlijke verantwoordelijkheid: investeren in studenten is investeren in toekomstig personeel."</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Onderwijs Algemeen,FHJ,Pabo,lerarenopleidingen en pabo’s,FHICT,Noé]]></category>
            <pubDate>Mon, 19 Jan 2026 15:47:59 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e3f2aa8b-806e-48e0-8b5a-a72ce3721574/500_stagiaire.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e3f2aa8b-806e-48e0-8b5a-a72ce3721574/500_stagiaire.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e3f2aa8b-806e-48e0-8b5a-a72ce3721574/stagiaire.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[stagiaire]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Opleidingen werken samen aan preventie stemproblemen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/opleidingen-werken-samen-aan-preventie-stemproblemen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/opleidingen-werken-samen-aan-preventie-stemproblemen/</guid><pp:caseid>731530</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="padding:0cm;"><strong>Oefening baart kunst. Dat alom bekende gezegde werd in de praktijk toegepast bij studenten van de opleidingen Logopedie en Pabo. Terwijl de ene groep zijn kennis in de praktijk bracht, leerde de ander ervan.</strong></span></p><p><span style="padding:0cm;">Het gebeurde in een klaslokaal op de Fontys-locatie in Eindhoven, waar Pabostudenten tijdens een zogenoemde screening een tekst hardop voor moesten lezen en verschillende stemopdrachten uitvoerden. Studenten van de opleiding Logopedie observeerden hen daarbij op hun houding en uitspraak.&nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/490f0855-a08f-427f-9416-2c581bfa1526/500_evie.png?x=1765813066515" alt="Evie" width="200">“We letten tijdens zo’n screening bijvoorbeeld op houding, spierspanning van de lippen en uitspraak”, vertelt eerstejaars Logopediestudent Evie. “Verder worden de stemwaarden met een hulpprogramma geanalyseerd en moeten de studenten zelf reflecteren middels een zelfbeoordeling."</span></p><p><span style="padding:0cm;"><strong>Preventief en praktijkgericht</strong></span><br><span>Het doel van de screening is om vroegtijdig mogelijke stemproblemen te signaleren, zoals dysfonie. “Veel mensen gaan pas naar een logopedist als ze al klachten hebben”, vervolgt Evie. “Met zo’n screening kun je vooraf bewust worden van je stemgebruik en eventuele maatregelen treffen.”</span></p><p><span>Het is de eerste keer dat Evie een screening alleen uitvoert, legt ze uit: “Ik was best wel nerveus van tevoren. We hebben hier vorige week les over gekregen en moeten het meteen in de praktijk brengen. Dan merk je wel waar je nog aan moet werken, je leert er echt van.”</span></p><p><span>De samenwerking laat zien hoe deze aanpak niet alleen leerzaam is, maar ook bijdraagt aan voorbereidingen op het toekomstige beroep van de studenten. "Ik vind zo’n samenwerking heel erg fijn en zou meer van dit soort initiatieven willen zien. Hoe eerder je er in de praktijk mee aan de slag kunt gaan, hoe beter”, vertelt Evie.&nbsp;</span></p><p><span>Dat de screening waardevol was, bevestigt ook Pabostudent Jasper. “Veel docenten hebben last van bijvoorbeeld stemverlies, dus zo’n screening is natuurlijk heel erg fijn. Ik ga er zeker wat aan hebben.”</span></p><p><span>Vanuit zijn werkervaring in de sales herkent hij het belang van stemgebruik: “Door mijn werk heb ik daar al vaker bij stilgestaan en training in gehad.” De student benadrukt: “Je verhaal komt niet over als je intonatie en houding verkeerd zijn, dat geldt ook voor docenten.”</span></p><p><span style="padding:0cm;"><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/2b071098-872b-4d0f-89a9-1f00a52a46a2/500_priscillabevers.png?x=1765813074684" alt="Priscilla Bevers" width="200">Toekomst</strong></span><br><span>Ook docent Logopedie Priscilla Bevers is enthousiast over de samenwerking: “Een tijd terug was de screening een standaard onderdeel in ons curriculum, maar helaas is dat door omstandigheden verwaterd.”</span></p><p><span>Ze legt uit dat ze samen met de teammanager van de pabo het onderdeel opnieuw heeft geïntroduceerd en dat het wat haar betreft weer een standaard onderdeel van het curriculum wordt: “Vanuit de pabodocenten horen we terug dat ze veel waarde hechten aan het stemgebruik van hun studenten. Zeker wanneer studenten stage lopen en erachter komen dat het meer kost voor hun stem dan ze gedacht hadden.”</span></p><p><span>Naast dit initiatief worden er op de opleiding Logopedie ook andere praktijkgerichte opdrachten gedaan. Zo vertelt Bevers dat studenten een eigen praktijk draaien die gerund wordt door eerste- en tweedejaars studenten, begeleid door docenten.” Het is vrijblijvend voor zowel studenten als docenten. Als een pabo-student straks toch iets wil doen aan zijn of haar stemgebruik, dan kan diegene zich gratis aanmelden voor het spreekuur van onze praktijk.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Noé,Student,FHMG,Pabo,lerarenopleiding en pabo&#039;s]]></category>
            <pubDate>Mon, 15 Dec 2025 16:36:01 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_klaslokaal.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_klaslokaal.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/klaslokaal.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Klaslokaal]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Geen geld maar les over goede doel Glazen Huis: ‘Applaus!’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/geen-geld-maar-les-over-goede-doel-glazen-huis-applaus/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/geen-geld-maar-les-over-goede-doel-glazen-huis-applaus/</guid><pp:caseid>730902</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Met het Glazen Huis van Serious Request in Den Bosch dit jaar, ontkomen de studenten van de Bossche pabo-opleiding er niet aan. Er moet dit jaar serieus aandacht worden besteed aan het goede doel Spieren voor Spieren. Deels door geld op te halen, maar vooral: door les te geven. “Daar zijn we nu eenmaal goed in.”</strong></span></p><p><span>Het is dinsdag aan alle 300 pabo-studenten om in hun eigen stageklas een gastles te verzorgen over spierziekten en het goede doel Spieren voor Spieren, waar Serious Request dit jaar geld voor inzamelt. Wij kijken mee met de les van Nynke Hannink, een eerstejaars student die stageloopt in een groep vier en de les tot in de puntjes voor haar klas heeft aangepast en voorbereid.</span></p><p><span>Maar voordat het zover is vertellen een heleboel rode hoofdjes hoe het net ging bij de sponsorloop waarmee ze zélf geld ophaalden voor het goede doel. De een liep tien rondjes, de ander elf, het record liep op tot veertien. “We hebben allemaal ontzettend ons best gedaan!”, klinkt het achter in de klas. Maar op de vraag voor welk goed doel het precies was, blijft een antwoord uit.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:410/auto;width:410px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/eacc613f-28a2-4eba-8f11-6decc4e1f23d/800_jufnynkevoordeklas.jpg?x=1765289617304" alt="Juf Nynke voor de klas" width="410" height="auto">Wat is een spierziekte?</strong></span><br><span>Gelukkig is daar Juf Nynke. Met haar presentatie in de aanslag vertelt ze eerst iets over Serious Request en het Glazen Huis in het algemeen. Totdat er een plaatje komt van heel veel rennende mensen en één man in een rolstoel. “Die meneer heeft een ziekte waardoor hij niet meer alle dingen kan doen die hij wilde, zoals rennen. Zo’n ziekte noemen we een spierziekte.”</span></p><p><span>Maar hoe voelt zo'n spierziekte? Tijd om wat proefjes te doen. Door je naam met je niet-dominante hand te schrijven bijvoorbeeld. “Dat betekent je hand waar je normaal niet mee schrijft!”, roept een van de kinderen om zijn klasgenootjes te helpen. Na enkele seconden tonen de leerlingen vol trots hun naam, maar lastig was het wel. “Voor mensen met een spierziekte voelt het dus altijd alsof ze met de verkeerde hand schrijven”, legt pabo-student Nynke uit.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:233/auto;width:233px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a702eefe-ac31-4b30-ae1e-89aa2a134f10/800_schrijvenmetjeanderehandiszomakkelijknogniet.jpg?x=1765289633393" alt="Schrijven met je andere hand is zo makkelijk nog niet" width="233" height="auto">Strijd</strong></span><br><span>Want, zo laten andere oefeningen en dia’s in de presentatie zien, leven met een spierziekte is een strijd tegen je eigen lichaam. Een strijd die je iedere dag opnieuw voert, waarvoor je niet gekozen hebt, maar die ook niet te genezen valt.</span></p><p><span>Al snel komt de realisatie bij de leerlingen dat fietsen, drinken, eten doorslikken, lopen, sporten óf geld bij een sponsorloop inzamelen dus helemaal niet zo vanzelfsprekend is voor iemand met een spierziekte. “En in Nederland zijn er dus 20.000 kinderen die daar iedere dag last van hebben. Dat is hetzelfde als veertig van onze scholen vol.’</span></p><p><span><strong>Geld inzamelen<img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:262/auto;width:262px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/59e94975-9fb9-46b0-91c2-929463e4649a/800_nynkehannink.jpg?x=1765289642398" alt="Nynke Hannink" width="262" height="auto"></strong></span><br><span>Op de vraag wat het goede doel Spieren voor Spieren dan precies doet, weet een pientere leerling meteen te vertellen dat ze onderzoek doen naar spierziekten en kinderen die een spierziekte hebben, helpen om in beweging te blijven. Op de sportclub, in de speeltuin, maar ook op school.</span><br><br><span>Daar is natuurlijk geld voor nodig. En een deel daarvan komt van de basisschool waar juf Nynke vandaag lesgeeft; de teller staat al op 5.000 euro. Verder halen pabo-studenten van Fontys ook nog geld op middels de verkoop van emblemen, een bingo en andere initiatieven. Maar het belangrijkste doel hier blijft: kennis delen met basisschoolleerlingen zodat ze zich bewuster worden van het onderwerp waar het dit jaar om draait.&nbsp;</span></p><p><span>Een geslaagde actie, zo blijkt. "Het was een super leuke les zelfs”, klinkt het vanachter een van de bureautjes. “Applaus voor Juf Nynke!”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,lerarenopleiding en pabo&#039;s,lerarenopleidingen en pabo’s,Pabo,Pabo&#039;s,Student,Berg]]></category>
            <pubDate>Wed, 10 Dec 2025 10:17:09 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/9b59c787-c15d-4311-9def-57d17c21eeba/500_delesvanjufnynke.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/9b59c787-c15d-4311-9def-57d17c21eeba/500_delesvanjufnynke.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/9b59c787-c15d-4311-9def-57d17c21eeba/delesvanjufnynke.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De les van Juf Nynke]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pabo-studenten halen taalniveau wél: &#039;Niet laaggeletterd&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabo-studenten-halen-taalniveau-wel-niet-laaggeletterd/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabo-studenten-halen-taalniveau-wel-niet-laaggeletterd/</guid><pp:caseid>729454</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Een op de zes middelbare scholieren haalt aan het einde van de tweede klas het schrijfniveau van de basisschool niet. Dat blijkt uit een onderzoek van de onderwijsinspectie. Maar hoe zit het dan bij pabo-studenten van Fontys? Bron vroeg rond. “Er wordt verwacht dat ze het beheersen als ze hier terechtkomen.’’</strong></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Dat zegt Sanne Broeders, docent taaldidactiek bij Fontys pabo. ‘’Ze zijn hier zeker niet laaggeletterd. Er is sowieso een afgeronde havo-, mbo- of wo-opleiding vereist voordat je aan de pabo mag starten.’’ Ze laat weten dat de meeste studenten het lees- en schrijfniveau daarom goed beheersen. ‘’Ze worden in het propedeusejaar getoetst op 3F-niveau en werken toe naar 4F-niveau.’’</span><br><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Tweedejaars-pabo-student Yoni weet daar alles van. ‘’We hebben dit jaar eerst een 4F-toets en daarna nog een landelijke kennistoets", zegt ze. "Het is een moeilijke toets, die je niet zomaar met algemene kennis van de middelbare kunt halen.’’ De 3F-toets is daarentegen een stuk makkelijker, zo legt studiegenoot Inge uit: ‘’In het eerste jaar moest ik de 3F-toets halen, dat is gelukt. Ik denk dat bijna iedereen die wel haalt, zo niet dan lukt het wel in een tweede keer.’’</span><br><br><strong>Taalles</strong><br>Docent Broeders vindt dat het probleem rondom schrijfvaardigheid niet op het hbo, maar al eerder moet worden aangepakt. <span style="margin:0px;padding:0px;">“Ik denk dat er veel meer moet worden geïnvesteerd in het primaire en middelbare onderwijs, dat de cirkel daar doorbroken wordt", zegt ze.</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Student Inge denkt dat extra taallessen ook zouden werken. "Schrijfvaardigheid wordt steeds minder, heb ik het idee. We krijgen lessen in taal, maar die zijn gericht op hoe je een bepaald vak als docent aanbiedt. Niet voor je eigen taalniveau dus.’’ Ze legt uit dat veel van de vaardigheden die ze ontwikkelde op de basis- en/of middelbare school nog zelden worden gebruikt.&nbsp;</span></p><p><strong>Motivatie</strong><br>Wat volgens docent Broeders verder nog meespeelt in het probleem rondom schrijfvaardigheid, is motivatie. Die mist soms nog. <span style="margin:0px;padding:0px;">“Tot voor kort kregen de studenten van ons de licentie tot hogeschooltaal, een perfecte tool om te oefenen op 3F-niveau. Helaas wordt hier te weinig gebruik van gemaakt door studenten die het juist nodig hebben, terwijl het een fijne tool is om onder andere werkwoordspelling en formuleringen mee te oefenen. Maar dat moet wel op eigen initiatief.”</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Pabo-student Anouk maakt graag gebruik van de tool en ziet om zich heen dat anderen dat ook doen. Met daarbij wel de kanttekening dat zij nog gebruik kon maken van de licentie die door school gegeven werd. Ze hoefde 'm dus niet zelf aan te schaffen. ‘’Mensen die dit jaar beginnen, krijgen de licentie niet meer. Jammer, want je hebt er echt veel aan. Het is fijn om gericht op een niveau te kunnen oefenen.’’</span><br>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Noé,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Pabo,Pabo&#039;s,Student]]></category>
            <pubDate>Mon, 24 Nov 2025 15:27:11 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a4502c29-61de-4c51-8ab1-98c20a893585/500_shutterstock_2617771369.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a4502c29-61de-4c51-8ab1-98c20a893585/500_shutterstock_2617771369.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a4502c29-61de-4c51-8ab1-98c20a893585/shutterstock_2617771369.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[student studeren schrijven lezen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Met pabodiploma voorrang op woning en werk?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabo-voorrang-op-woning-en-werk-meningen-zijn-verdeeld/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabo-voorrang-op-woning-en-werk-meningen-zijn-verdeeld/</guid><pp:caseid>723254</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>In Venlo zijn er op dit moment, vrijdag 26 september, nog kamers vrij voor studenten. Het betreft<span> 7 kamers vrij bij BOEi in Steyl en een 2persoonskamer in HotelPuur.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Als afgestudeerde pabostudent direct zeker zijn van een fulltime baan, een woning en een doorstroomwoning. Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn, maar voor studenten van Hogeschool Windesheim is het sinds dit collegejaar precies hoe het werkt. Bron maakte een rondje langs de pabo-opleidingen binnen Fontys met de vraag of zij dit ook zien zitten.</strong></span></p><p><span>Almere kampt al jaren met een van de grootste lerarentekorten van Nederland. Met het initiatief om afgestudeerde pabostudenten meteen van werk en woning te voorzien, hoopt de gemeente het regionale tekort in het basisonderwijs op te lossen.</span></p><p><span>Dat is tot op heden niet gelukt omdat veel jonge, startende leerkrachten de stad vaak verlaten nadat ze afgestudeerd zijn. Dat is mede vanwege het gebrek aan betaalbare huisvesting en het ontbreken van werkzekerheid. Maar daar moet met de nieuwe regeling verandering in komen.</span></p><p><span>Om dat te bewerkstelligen werken Gemeente Almere en Hogeschool Windesheim samen met Almeerse schoolbesturen, diverse woningcorporaties en verschillende makelaars. Een aanbod dat niet moet zorgen voor concurrentie met andere gemeenten, maar wel investeert in het behouden van ‘eigen’ opgeleide professionals. Is dat ook iets voor Fontys?</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:298px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4b75f86f-ab61-48f2-99a7-a890d2c69d97/500_noaenselena.jpg?x=1758793577296" alt="Noa en Selena" width="200">Goed idee</strong></span><br><span>Derdejaarsstudent Selena studeert in Eindhoven en vindt een dergelijke pilot bij Fontys een goed idee. “In je eerste en tweede jaar van je studie ga je op stage. Daar doe je heel veel voor, maar je krijgt geen stagevergoeding. Dat werkt demotiverend. Maar als je dan na je opleiding wél een extraatje krijgt zoals meer salaris of voorrang op een baan of woning, motiveert dat juist om te blijven. Als iemand tegen mij zou zeggen dat ik hier kan wonen en een goed salaris krijg, blijf ik zeker hangen”, licht ze toe.</span></p><p><span>Haar studiegenoot Noa is het daar volledig mee eens. “Zo’n regeling kan heel waardevol zijn. Ik zou blijven, zeker als je in jouw ‘Fontysregio’ zelf mag kiezen bij welke school je gaat werken.” Toch ziet Selena daar ook het gevaar van in. “Wanneer je dit alleen maar in sommige steden toepast, verschuif je het probleem van het lerarentekort naar andere steden. Dan krijg je wellicht op sommige plekken juist een groter tekort omdat iedereen naar de regio trekt waar men extraatjes krijgt.”</span></p><p><span><strong>‘Terug naar eigen plek’</strong></span><br><span>Basisscholen in Raamsdonksveer en Valkenswaard hoeven daar in ieder geval niet voor te vrezen als het aan Anouk en Noa ligt, beide studenten aan de pabo in Tilburg. “Ik kom hier niet uit de buurt, maar studeer hier alleen maar. Na mijn studie wil ik werken in mijn eigen omgeving”, aldus Anouk.</span></p><p><span>Dat geldt voor Noa, die uit Valkenswaard komt, precies zo. “Ik wil niet werken in de buurt van Tilburg, maar lekker terug naar mijn eigen plek.” Of de dames dan wel gebruik zouden maken van een dergelijke regeling op landelijk niveau? “Nee hoor, we zijn aan deze studie begonnen omdat we het leuk vinden, niet omdat er een tekort aan leraren is.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/11a65e59-0191-45d8-9142-1f4181a61e16/500_wouterjosso.jpg?x=1758799221964" alt="Wouter Josso" width="200">Limburg</strong></span><br><span>En hoe zit dan dat in Limburg, de provincie met de grootste krimp in jongeren en ook een provincie waar veel studenten na afloop van hun studie weer vertrekken naar elders? Bron vroeg het aan Wouter Josso, de manager bedrijfsvoering van de Fontyscampus in Venlo, waar de kleinste pabo van Fontys is te vinden. “De uitdaging in deze provincie is anders”, zegt hij. “De nood is hier niet zo hoog. Het grootste probleem hier is veel meer de laaggeletterdheid.”</span></p><p><span>“Die kent verschillende oorzaken. Het heeft te maken met de van origine lager opgeleide bevolking. Dat is historisch zo gegroeid. Maar je hebt hier ook een behoorlijke instroom van migranten. Dat maakt het voor het basisonderwijs tot een hele uitdaging. En die uitdaging is groter dan het probleem van huisvesting of baangarantie voor aankomende leerkrachten.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,lerarenopleiding en pabo&#039;s,lerarenopleidingen en pabo’s,Pabo,Pabo&#039;s,Student,Tilburg,Venlo,Eindhoven,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 25 Sep 2025 13:21:05 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Rekenen in de natuur, want &#039;zitten is het nieuwe roken&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/rekenen-in-de-natuur-want-zitten-is-het-nieuwe-roken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/rekenen-in-de-natuur-want-zitten-is-het-nieuwe-roken/</guid><pp:caseid>723232</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Samen met basisschoolleerlingen magische bosdrankjes maken of wroeten tussen de bladeren, op zoek naar wormen, en dat allemaal onder de stralende zon. Tweedejaars pabostudenten van Fontys doen het deze week voor het eerst bij het Wasven in Eindhoven.</strong></span></p><p style="text-align:start;">Het geven van buitenles is voor tweedejaars pabostudenten in Eindhoven niks nieuws. Dat doen ze namelijk al een aantal jaren op rij tijdens een driedaags vergroeningskamp. Maar de plek waar ze dat sinds dit collegejaar doen is wél nieuw. Want waar ze voorheen honderden leerlingen verwelkomden in Mariahout, doen ze dat deze week bij het Wasven.</p><p style="text-align:start;"><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:278px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5ea94c25-9a42-4778-b7a1-1fcb095c7697/500_ledouxenhoeks.png?x=1758806793360" alt="Ledoux en Hoeks" width="200">Leren in het groen</strong><br>Het Wasven is een groen gebied met een oppervlakte van 24 hectare, waar je allerlei verschillende landschapselementen zoals bossages, veldjes, ruïnes, watertjes en akkers terugvindt. Alfred van Kampen, een van de oprichters, vertelt er het volgende over: “Wij zijn al 25 jaar bezig om dit gebied groen te houden, maar ook om mensen daarbij te betrekken. Dat doen we deels met een stukje educatie. Wij vinden het belangrijk dat kinderen er al lerend achter komen welke mooie dingen je in de natuur allemaal tegenkomt.”</p><p style="text-align:start;">En dat is dus precies wat er nu tijdens dit vergroeningskamp gebeurt. Een vijftigtal pabostudenten is maandagochtend gestart met het driedaagse programma. Slapen doen ze bij de scoutingvereniging om de hoek, zegt docent Vincent Hoeks, die de boel samen met nog twee andere Fontysdocenten - <span style="margin:0px;">Georges Ledoux en Huub van der Haagen - </span>draaiende houdt.&nbsp;</p><p style="text-align:start;"><strong>Blaadjes tellen</strong><br>Het doel van deze activiteit, die ieder jaar aan het begin van het nieuwe studiejaar wordt georganiseerd, is simpel. “We leren onze studenten hun lessen te vergroenen, oftewel: buiten les te geven”, aldus Hoeks. “Wij geloven namelijk dat alle lessen buiten kunnen worden gegeven. Je kunt leerlingen in een klaslokaal laten rekenen, maar je kunt ze ook buiten drie blaadjes laten pakken. Of je laat ze iets groens, geels en blauw zoeken.”</p><p style="text-align:start;">Zijn collega<span style="margin:0px;"> Ledoux</span> vult hem aan door te zeggen dat het heel waardevol is om kinderen te laten praten over wat ze waarnemen. “Goed voor de taalontwikkeling, maar ook voor het stukje bewegen. Zitten is het nieuwe roken. Kinderen moeten meer naar buiten, meer bewegen. Dat zien we gelukkig steeds vaker gebeuren, maar het mag nog steeds veel meer.”&nbsp;</p><p style="text-align:start;"><strong>Heksendrankje</strong><br>De aanwezige studenten zijn het daarmee eens. Ja, het is misschien even aanpassen om niet in een klaslokaal maar buiten les te geven, maar het is wel erg leerzaam. Esma en Sage zijn samen met een groepje leerlingen het bos ingedoken om heksje te spelen. “Geen stoute heksen, maar goede heksen die mensen beter maken. Samen gaan we op zoek naar spulletjes in het bos waar we magische drankjes van kunnen maken”, zo klinkt het.</p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6c63e9ee-128a-433c-b760-11f658055c21/500_joris.jpg?x=1758806803747" alt="Joris" width="200">Een paar meter verderop wordt er onder begeleiding van student Joris in de grond gezocht naar bodemdiertjes. “Het is geweldig om de kinderen zo ontdekkend te zien leren”, zegt hij. “Ze ervaren heel veel vrijheid. Enerzijds is dat voor ons lastig omdat we daar nu op een creatievere manier op in moeten spelen, maar anderzijds is het voor de leerlingen zelf heel goed. Je ziet veel meer autonomie ontstaan.”</p><p style="text-align:start;">En ondertussen wordt er ook nog magische parfum gemaakt door Senna en zijn groepje leerlingen. “Dit is de ideale omgeving om zintuigen aan het werk te zetten”, vertelt Senna enthousiast. “Ik merk dat veel kinderen het leuk vinden, maar voor sommige kan het ook wel lastig zijn omdat ze een stukje structuur missen die ze normaal gesproken in de klas wel hebben. Voor ons als leraar is dat een wijze les: hoe gaan wij daarmee om? We leren hier heel veel van.”<br>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHKE,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Pabo,Eindhoven,PRO Onderwijs,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 25 Sep 2025 10:30:21 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/890fdb15-4c16-44ba-b393-8b7e73b78dbc/500_senna.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/890fdb15-4c16-44ba-b393-8b7e73b78dbc/500_senna.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/890fdb15-4c16-44ba-b393-8b7e73b78dbc/senna.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[senna]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kritiek op inspectie om negatief rapport over pabo&#039;s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kritiek-op-inspectie-om-rapport-over-pabos/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kritiek-op-inspectie-om-rapport-over-pabos/</guid><pp:caseid>722276</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het is onduidelijk wat een afgestudeerde leraar kan en weet bij het verlaten van de pabo. Zo blijkt uit een onderzoek van de Onderwijsinspectie naar de curricula van 47 verschillende pabo’s. Wettelijke eisen voor het lerarenvak zijn vaak niet te vinden in de leerdoelen en de verschillen tussen opleidingen zijn erg groot, aldus het rapport. Er is veel kritiek op het onderzoek, ook vanuit Fontys.</strong></p><p>De inspectie deed voor het eerst onderzoek naar de curricula van pabo’s in het hbo en wo. Ook vier lerarenopleidingen van Fontys in Tilburg, Den Bosch en Sittard werden daarbij onder de loep genomen. De onderzoekers keken op basis van verschillende aangeleverde documenten onder andere naar de inhoud van de opleiding, de manier van lesgeven en de wijze van toetsing.</p><p><strong>Kennis en vaardigheden</strong><br>Daaruit bleek dat er niet alleen grote verschillen zijn tussen de aanpak van de verschillende pabo’s. Maar ook dat er bijna altijd wel iets ontbreekt in de leerdoelen als het gaat om de bekwaamheidseisen. Deze wettelijke opgestelde eisen bepalen waar leraren in het basisonderwijs na hun afstuderen aan moeten voldoen. Dit roept volgens de inspectie vragen op over de kennis en vaardigheden van startende leraren.</p><p>‘Onzin’, is de veelgehoorde kritiek van onderwijsinstellingen uit het hele land op het rapport. De bevindingen uit het onderzoek zouden namelijk helemaal niets zeggen over wat een leraar met een pabo-diploma wel of niet kan.&nbsp;</p><p>Ook de woordvoerder van Fontys (een van de grootste opleiders van onderwijzers in Nederland) neemt afstand van het idee dat de uitkomsten van het rapport iets zeggen over de kwaliteit van de opleidingen.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:427/auto;width:427px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c5466dd7-6fdf-4a46-84fe-aedda585dde8/800_adobestock-477511685.jpeg?x=1758032525620" alt="" width="427" height="auto">“Het onderzoek gaat over de curricula van de lerarenopleidingen, maar het doet geen uitspraken over de effectiviteit en de kwaliteit daarvan. Het onderzoek analyseert een beperkt deel van het geschreven curriculum, de leerdoelen. Het zegt niets over het geleerde curriculum, dus wat afgestudeerde leraren kennen en kunnen.”</p><p><strong>Kanttekeningen</strong><br>Ook de inspectie zelf plaatst kanttekeningen bij het rapport. Dat komt met name zeggen ze, omdat de keuze is gemaakt voor een ‘papieren onderzoek’. Waarbij de aangeleverde informatie van de opleidingen vaak moeilijk te interpreteren was, aldus de onderzoekers.</p><p>Ook erkennen ze dat het onderzoek uiteindelijk geen oordeel geeft over de effectiviteit of kwaliteit van de curricula van betrokken opleidingen. Iets wat volgens de Fontyswoordvoerder ook na dit onderzoek niet ter discussie staat.</p><p><strong>Geaccrediteerd</strong><br>“Voor alle opleidingen waar de inspectie in dit rapport over spreekt, geldt dat ze geaccrediteerd zijn door de NVAO en dus voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen, waarbij gekeken wordt wat afgestudeerden kennen en kunnen. De NVAO neemt bredere data mee, zoals eindwerken en gesprekken met studenten, docenten en alumni.”</p><p>Om de kwaliteit verder te onderzoeken is een vervolgonderzoek nodig zeggen de onderzoekers. Daarbij zou bijvoorbeeld moeten worden gekeken naar de ontwikkeling die startende leraren doormaken in de eerste jaren van hun carrière in het basisonderwijs.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderwijs Algemeen,Pabo,FE,Annemiek]]></category>
            <pubDate>Tue, 16 Sep 2025 16:25:07 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[basisschool leraar klas pabo]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Minder jongeren kiezen de laatste jaren voor een opleiding tot leraar basisonderwijs.]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Studenten worden kleuters in &#039;grootste speelzaal van NL&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-worden-kleuters-in-grootste-speelzaal-van-nl/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-worden-kleuters-in-grootste-speelzaal-van-nl/</guid><pp:caseid>721601</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Even twintig jaar terug in de tijd. Terug naar de klimrekken, de gymzaal en spelletjes waar je vroeger zo verknocht aan was. Pabostudenten ervaren het tijdens een les van docent Rolf Touwen in wat hij noemt ‘de grootste speelzaal van Nederland’.&nbsp;</strong><span><strong>&nbsp;</strong></span></p><p>In touwen hangen, op turnbalken balanceren en met enige onzekerheid de hoogte in klimmen. Iedereen kan het zich – al dan niet vaag – vast nog wel herinneren. We deden het namelijk allemaal tijdens de gymles in de kleuterklas. Het heeft voor velen nostalgische herinneringen opgeleverd die tweedejaars studenten van de pabo in een bijzondere les van docent Bewegingsonderwijs&nbsp;Rolf Touwen nu opnieuw mogen beleven.</p><p>Dat gebeurt in de ‘grootste speelzaal van Nederland’, die zo door Touwen wordt omschreven, “omdat speelzalen op basisscholen altijd heel klein zijn. Ik heb grote studenten, dus heb ik ook meer ruimte nodig”, aldus de docent. “Die heb ik gelukkig gekregen, inclusief de materialen die ze in echte speelzalen ook gebruiken.”</p><p><strong>Speeltuintjes</strong><br>De les die de docent geeft is geen reguliere les. Hij geeft ‘m in deze vorm slechts één keer per jaar. “In andere lessen doe ik wel losse onderdelen, maar deze les, waarin we met vier verschillende ‘tuintjes’ werken, doe ik maar één keer.” Met tuintjes doelt hij op de verschillende onderdelen, waarbij gefocust wordt op klimmen, mikken, balanceren en spelletjes.</p><p>Studenten krijgen de opdracht om de tuintjes te ontdekken en zelf een uitleg te bedenken, met als bedoeling dat ze later in de les instructies geven en een voorbeeld laten zien. Eerst zijn ze de kleuters die alles uitvoeren, daarna de leraar die het uitlegt. Saskia maakt het voor de eerste keer mee en vindt het fantastisch.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:144/auto;width:144px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/341abf87-2fc1-4ff3-9dba-963b63ab5855/500_saskia.jpg?x=1757419470955" alt="Saskia" width="144" height="auto">“Het is echt heel leuk, een compleet andere les dan die we normaal krijgen”, zegt de student. “Even geen rekenen, taal of pedagogische les, maar uit de banken en actief bezig zijn. Ik voel me echt weer even kind. Lekker in die toestellen klimmen, heerlijk. En bovendien heel inspirerend!”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:163/auto;width:163px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b6497a88-a741-480d-b4f8-1e39f0fcb928/500_bram-2.jpg?x=1757419478939" alt="Bram" width="163" height="auto">Topdocent</strong><br>Studiegenoot Bram omschrijft het als een ‘ontdekkende’ les. En leuk, ook al ambieert hij het geven van kleutergymles niet. “Ik heb voor de pabo eerst de pabo-ALO geprobeerd, maar daar ben ik mee gestopt omdat ik het stukje ALO minder interessant vond.”</p><p>Desondanks staat hij hier met een brede glimlach, want ook hij kan niet ontkennen dat het een bijzondere manier is van les krijgen. “Het is leuk om lekker speels bezig te zijn. We krijgen in andere lessen veel theorie, dus dit springt er wel uit. En wat het extra mooi maakt is dat Rolf Touwen een topdocent is.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Tilburg,Pabo,Luiken,PRO Educatie,PRO Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Tue, 09 Sep 2025 14:49:31 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/cfed175f-5aca-4943-a2dc-fb47b98796b0/500_docentrolftouwen.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/cfed175f-5aca-4943-a2dc-fb47b98796b0/500_docentrolftouwen.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/cfed175f-5aca-4943-a2dc-fb47b98796b0/docentrolftouwen.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Docent Rolf Touwen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pabo wint aan populariteit, ICT en fysio juist niet</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabo-wint-aan-populariteit-ict-en-fysio-juist-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabo-wint-aan-populariteit-ict-en-fysio-juist-niet/</guid><pp:caseid>713006</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De dalende trend van het aantal aanmeldingen voor de pabo-opleiding van Fontys is eindelijk doorbroken. De populariteit is dit jaar gegroeid, terwijl er voor de opleidingen ICT en Fysiotherapie zich juist minder studenten melden. Waar ligt dat aan?</strong></p><p>Het zijn drie grote opleidingen van Fontys die nu andere cijfers laten zien dan voorgaande jaren. Te beginnen met de pabo, waar ten opzichte van vorig jaar meer aanmeldingen voor zijn bij zowel voltijd als deeltijd. Het gaat daarbij om voorlopige cijfers; het aantal definitieve inschrijvingen wordt immers pas aan het einde van deze zomer bekend.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_nuswaleson-2.jpg?x=1751535277298" alt="Nus Waleson" width="200">Nus Waleson, directeur van de pabo, noemt als een van de oorzaken van die stijging de gelijktrekking in het salaris voor het primair en voortgezet onderwijs. “Daarmee verbetert het imago van het primair onderwijs en dat werpt zijn vruchten af”, aldus Waleson.&nbsp;</p><p>Maar het helpt volgens hem ook dat de maatschappelijke waardering voor het leraarschap toeneemt. Er is meer aandacht voor werkdrukverlaging, professionalisering en doorgroeimogelijkheden, en bovendien is er dankzij vernieuwingen in het curriculum van Fontys meer flexibiliteit en verbinding met het werkveld.</p><p>“Hier ben ik natuurlijk heel blij mee, vooral omdat een blijvend lerarentekort negatieve gevolgen heeft die zich makkelijk over een periode van dertig tot veertig jaar laten voelen”, aldus Waleson. Het onderwijs heeft een grote behoefte aan bevlogen en goed opgeleide leerkrachten, en daar kan met deze stijging beter aan worden voldaan, zo klinkt het.</p><p><strong>‘Geen brede basis’</strong><br>Diezelfde behoefte aan nieuwe professionals is er ook in de wereld der fysiotherapeuten, maar daar lijkt het juist wat minder goed te gaan. Landelijk, maar ook bij Fontys, lijken steeds minder jongeren geïnteresseerd in het vak fysiotherapie. Dat was voor dit studiejaar al het geval en lijkt ook voor het komende jaar zo te zijn. Dat kan volgens Thom Rutten, directeur van Fontys Paramedisch, verschillende oorzaken hebben.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1e687359-1bf2-4413-a105-4128491f7e84/800_bvof2024-0529-ayrdirectiefontysparamedischehogeschool.jpg?x=1751535268462" alt="Thom Rutten" width="300" height="auto">“Er zijn meerdere punten die meespelen”, legt hij uit. “Ten eerste hebben we bij Paramedisch beroepsgerichte opleidingen. Als je voor fysiotherapie kiest, dan word je fysiotherapeut. Het is niet dat je net zoals bij een economische opleiding een hele brede basis legt. Dat kan een factor zijn, maar daarnaast kan het afschaffen van de numerus fixus ook een oorzaak zijn; studenten melden zich bij verschillende scholen aan, maar kiezen uiteindelijk voor een andere school dan Fontys.”&nbsp;</p><p>En bovendien heerst er de laatste jaren ook nog eens een negatief toekomstperspectief voor fysiotherapeuten, vooral op het gebied van groeimogelijkheden. Hoewel Rutten dat niet kan ontkennen, weet hij ook dat tegelijkertijd de baankansen voor jonge fysiotherapeuten heel goed zijn. De directeur spreekt zelfs van 100 procent baangarantie na de studie.</p><p>“Er zijn gelukkig ook heel veel positieve ontwikkelingen. De rol van een fysiotherapeut is van groot belang en blijft dat ook. De arbeidsmarkt is actief en onze opleiding staat als een huis. We hebben gelukkig ook niet het idee dat de krimp structureel is, zeker niet bij internationale studenten. Daar is sowieso geen sprake van teruglopende aanmeldcijfers.”</p><p><strong>De schuld van AI</strong><br>En dan is er dus ook nog ICT, toch jarenlang de snelste groeier onder de Fontysinstituten. Dit studiejaar schreven zich voor het eerst minder nieuwe studenten in dan het jaar ervoor. En de voorlopige cijfers vertellen dat er voor het studiejaar 2025/2026 zo’n 8 procent minder aanmeldingen zijn. Daarover spraken we Frens Vonken, directeur bij Fontys ICT. Hij zegt dat de opmars van AI bij veel mensen – helaas vaak onterecht – voor een negatief toekomstperspectief kan zorgen.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_frensvonken-01.png?x=1751535287567" alt="Frens Vonken" width="200">“Sommige mensen denken dat er veel ICT-banen zullen verdwijnen door de komst van AI. Dat komt deels omdat bazen van grote techbedrijven, zoals Mark Zuckerberg en Sam Altman, dingen geroepen hebben over hoe het werk van hun bedrijven geautomatiseerd wordt door AI. Die uitspraken krijgen aandacht in de media, waardoor jongeren daar beïnvloed door worden en minder interesse krijgen in dit vakgebied.”</p><p>Maar, stelt Vonken, ICT-banen gaan helemaal niet verdwijnen door kunstmatige intelligentie. Sterker nog: er komen er alleen nog maar meer bij. Dat stelt ook World Economic Forum, die in een rapport zegt dat er in 2030 zo’n 92 miljoen banen zijn verdwenen door AI, ten opzichte van de 170 miljoen banen die erbij komen.</p><p>ICT is dus eigenlijk juist een van de grootste groeisectoren. Vonken: "Het vakgebied gaat niet verdwijnen, maar veranderen. Ik hoop dat deze krimp een eenmalig iets gaat zijn. Niet alleen voor onze opleiding, maar vooral ook omdat ik denk dat de arbeidsmarkt heel veel ICT-mensen nodig gaat hebben. AI-systemen zijn in feite ICT-systemen en je hebt ICT’ers nodig om die te bouwen en onderhouden.”</p><p>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHICT,FHPM,FHKE,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Pabo,Pabo&#039;s,Luiken]]></category>
            <pubDate>Fri, 04 Jul 2025 09:48:25 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/c05cbee5-9095-4759-afcf-8f68bf89891a/500_jongensmeisjesstudentengroepswerk.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/c05cbee5-9095-4759-afcf-8f68bf89891a/500_jongensmeisjesstudentengroepswerk.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/c05cbee5-9095-4759-afcf-8f68bf89891a/jongensmeisjesstudentengroepswerk.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[jongens meisjes studenten groepswerk]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuw advies voor social media-gebruik: welkom of niet?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuw-advies-voor-social-media-gebruik-welkom-of-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuw-advies-voor-social-media-gebruik-welkom-of-niet/</guid><pp:caseid>711593</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Geen social media voor jongeren tot vijftien jaar en pas een mobiele smartphone vanaf groep 8. De deze week voorgestelde nieuwe richtlijnen voor gezond en verantwoord scherm- en social mediagebruik worden bij Fontys over het algemeen goed ontvangen.&nbsp;</strong></p><p>Het gebruik van intensief scherm- en social mediagebruik kan een slechte invloed hebben op de gezondheid en ontwikkeling van kinderen. Denk aan negatieve gevolgen als slaapproblemen, depressieve klachten, een negatief zelfbeeld of paniekaanvallen. Het instellen van een verbod is bijna niet te doen, maar het opstellen van richtlijnen kan natuurlijk wel. En dat is dan ook precies wat demissionair staatssecretaris Karremans van Jeugd, Preventie en Sport heeft gedaan.&nbsp;</p><p>Zijn <a href="https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2025/06/16/duidelijk-advies-voor-ouders-wacht-met-sociale-media-tot-15-jaar" target="_blank">advies</a> is om kinderen pas op de middelbare school te laten starten met chatapps zoals WhatsApp, en om ze platforms zoals Instagram en TikTok niet te laten gebruiken voor hun vijftiende. Ook geldt er een advies om kinderen pas vanaf groep 8 een eerste smartphone te geven. De richtlijnen zijn vooral bedoeld om ouders en opvoeders houvast te bieden bij de mediaopvoeding van hun kinderen.</p><p><strong>Ervaringen opdoen</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Volgens Marlinde Melissen, docentonderzoeker bij het lectoraat Samenlevingspedagogiek, moeten de ervaringen en behoeften van kinderen zelf meer centraal staan in het debat over schermgebruik. Ze is dan ook blij met de nieuwe richtlijnen. “Wat ik belangrijk vind, is dat kinderen echte ervaringen opdoen – die ze zélf kiezen en beleven,” zegt ze. “Van de duinen rollen, met andere kinderen spelen, een insect uit de tuin vissen – dát voedt hun ontwikkeling veel meer dan verslavende content van social media.”</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:start;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b6127806-4365-48a5-b02c-25a0f8cc9839/500_melissenmarlindeportret.jpg?x=1750342959906" alt="Marlinde Melissen" width="200">Melissen wijst erop dat de invloed van techbedrijven groot is. “Zij ontwerpen programma’s waar kinderen moeilijk van loskomen. Ouders voelen zich vaak machteloos. Juist daarom is het belangrijk om het gesprek met kinderen aan te gaan over wat zij willen en nodig hebben. De richtlijnen kunnen dat gesprek ondersteunen – met oog voor de stem van het kind. Het is goed dat die er nu zijn.”</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:start;"><strong>Geen professionals</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Haar collega Inge Saris heeft het in een reactie ook over de invloed van die techbedrijven. “Dat beleidsmakers nu vooral ouders aanspreken, verbaast me. </span>De zorgelijke aspecten van mediagebruik zijn met name de verslavende mechanismen die erin gebouwd worden. Beleid en regelgeving zouden dus juist gericht moeten zijn op de bedrijven die dit zo ontwerpen, terwijl zij weten dat dit slecht is voor kinderen.”</p><p style="margin-left:0px;text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1518e2c6-b426-4325-9941-d4e7af056065/500_ingesaris.jpg?x=1750352160015" alt="Inge Saris" width="200">En waar Melissen de richtlijnen als fijn handvat ziet, zou Saris het liever anders omschrijven. “Ik vind het frappant dat we voor ouders een richtlijn opstellen. En dat die namens de overheid wordt ingebracht. Ik vind het woord richtlijn passen in een professionele context, maar ik zie ouders niet als professionals en ik denk ook niet dat je ze als zodanig zou moeten benaderen. Die tendens zien we steeds meer: ouders en andere opvoeders worden steeds meer benaderd vanuit een idee dat zij op basis van wetenschappelijke kennis zouden opvoeden.”</p><p style="margin-left:0px;text-align:start;"><strong>Het gesprek aangaan</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Vierdejaars pabo studenten Femke Maton en Blake Spierings vinden dan weer wel dat het nieuwe advies houvast kan bieden. Ze zijn allebei van mening dat je social media moeilijk kunt verbieden onder jongeren, maar richtlijnen zijn natuurlijk welkom. “Ze leven nou eenmaal in die online wereld en die moeten we niet stopzetten”, zegt Femke. “We kunnen kinderen beter leren hoe ze ermee om moeten gaan.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:start;">Datzelfde zegt ook Blake: "Omdat social media in zo’n korte tijd zo groot is geworden binnen de maatschappij, is het vooral belangrijk dat kinderen weten hoe ze ermee om moeten gaan. Als ouders zowel de positieve als negatieve punten kunnen belichten, denk ik dat jongeren het gewoon kunnen gebruiken. Het lijkt me niet goed om een 15-jarige ineens in het diepe te gooien door hem dan ineens wél social media te laten gebruiken."</p><p style="margin-left:0px;text-align:start;">Femke wil ook nog graag een ander punt benoemen, eentje waar de nieuwe richtlijnen goed bij kunnen helpen. “Ik begrijp dat ouders hun kinderen een telefoon geven omdat andere kinderen er ook eentje hebben. Je wil niet dat je daardoor een sociaal aspect afpakt. Maar als er voor iedereen hetzelfde advies geldt - namelijk een smartphone vanaf groep 8 - dan zou dat een mooi uitgangspunt kunnen zijn omdat je daarmee een stukje kansenongelijkheid weghaalt.”&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,Lectoraten,PRO Onderwijs,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 19 Jun 2025 16:24:19 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1c31ac33-750c-4091-b7f7-8ea24083a693/500_shutterstock-2307437015.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1c31ac33-750c-4091-b7f7-8ea24083a693/500_shutterstock-2307437015.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1c31ac33-750c-4091-b7f7-8ea24083a693/shutterstock-2307437015.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[kind schermgebruik sociale media schermpje telefoon]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pabostudent Floor wint eerste Dikke Steen Award</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabostudent-floor-wint-eerste-dikke-steen-award/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabostudent-floor-wint-eerste-dikke-steen-award/</guid><pp:caseid>706058</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Opleidingsdocent Geschiedenis Vincent Hoeks van FHKE Eindhoven zet zich al&nbsp;langer in om het pabo-curriculum vaker ‘naar buiten’ te brengen. Zo organiseerde hij&nbsp;een fietstocht naar concentratiekamp Auschwitz en stuurt hij studenten, samen met&nbsp;basisschoolleerlingen, letterlijk het bos (de natuur) in.&nbsp;</span><br><br><span>“Ook dit initiatief past bij dat streven. In samenwerking met de vakorganisatie van&nbsp;pabo-geschiedenisstudenten VNG heb ik dit idee verder uitgewerkt. Onderwijs is zo&nbsp;veel meer dan alleen een theoretisch verhaal in een klaslokaal.”</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Voor het eerst in de geschiedenis werd woensdag op campus Rachelsmolen in Eindhoven de ‘Dikke Steen Award’ uitgereikt, een prijs&nbsp;voor een basisschoolleraar of pabostudent die een originele manier bedenkt&nbsp;om het historisch besef van leerlingen een ‘boost’ te geven.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Uit twintig inzendingen kwamen drie nominaties, toevallig allemaal Fontysstudenten.&nbsp;Floor Hendriks, bijna afgestudeerd aan Fontys Hogeschool Kind en Educatie in Den&nbsp;Bosch, ging er met de prijs vandoor.&nbsp;</span><br><br><span><strong>Geschiedenis is overal&nbsp;</strong></span><br><span>De award is vernoemd naar de volkse benaming voor reusachtige zwerfkeien uit de&nbsp;IJstijd, die vooral in Drenthe en Overijssel voorkomen. Het wordt vaak vergeten dat&nbsp;onze geschiedenis zich op tal van plekken in de omgeving manifesteert. De Floor &&nbsp;Aty Looy Foundation ondersteunt initiatieven die (de ontwikkeling van) historisch&nbsp;besef méér aanwakkeren. Ook de vakorganisatie van geschiedenisstudenten VNG&nbsp;en hun huisblad Kleio zijn betrokken bij de award.&nbsp;</span><br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:200/auto;width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/af4f5128-97b4-470d-86b8-3d3bb016430d/500_img-0473.jpeg?x=1747306485976" alt="Winnares Floor" width="200" height="auto"><span>Winnares Floor Hendriks (28) bedacht een lesreeks over onderwijs vroeger en nu.&nbsp;“Samen met de leerlingen keek ik hoe het er tachtig jaar geleden aan toe ging in de&nbsp;klas. Ik vond het leuk om zo’n alledaags uitgangspunt te kiezen en de tijd te nemen&nbsp;kinderen inzicht te geven in alle veranderingen.”&nbsp;</span><br><br><span><strong>Onderzoek doen&nbsp;</strong></span><br><span>Een filmpje kijken over een klas zonder laptops is één ding; zelf met kroontjespen&nbsp;schrijven is weer iets anders. “Door die doe-dingen gaat het echt leven. Zo waren de&nbsp;kinderen verrast over het oude systeem van belonen en straffen, waarbij je nog op de&nbsp;vingers kon worden getikt met een liniaal.”&nbsp;</span><br><br><span>Floor zag bovendien een mooie bijvangst: “Ik was onder de indruk van de&nbsp;onderzoeksvaardigheden van kinderen, die ze eigenlijk intuïtief inzetten. Zo gingen&nbsp;ze in gesprek met grootouders en vroegen ze naar foto’s en schoolspullen.”&nbsp;</span><br><br><span>Bij de beoordeling is onder meer gelet op de relevantie voor leerlingen, de&nbsp;afstemming op hun leerniveau en de variatie qua werkvormen en bronnengebruik.</span></p><p><span><strong>Van verleden naar toekomst&nbsp;</strong></span><br><span>“Historisch besef houdt in dat je je er bewust van bent dat het verleden inwerkt op het&nbsp;heden en zodoende impact heeft op de toekomst”, zeggen initiatiefnemers Floor en&nbsp;Aty Looy. “Vooral in tijden van nepnieuws en conflicthaarden is het belangrijk om een&nbsp;betrouwbaar beeld van dat verleden te hebben.”&nbsp;</span><br><br><span>Het gepensioneerde echtpaar – allebei met een verleden in het onderwijs – hoopt dat&nbsp;geschiedenis weer meer gaat leven in de klas. “Het vak Geschiedenis is meer dan&nbsp;een invuloefening van feitjes. Het verleden kun je echt tot leven brengen, maar dan&nbsp;moet je het wel de juiste aandacht geven.”&nbsp;</span><br><br><span><strong>Focus op je omgeving&nbsp;</strong></span><br><span>Prijswinnaar Floor wint naast de trofee een groepsreis voor maximaal veertig&nbsp;kinderen en begeleiders naar het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem.&nbsp;</span><br>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,Student,Nieuwenhuijzen,Pabo]]></category>
            <pubDate>Thu, 15 May 2025 12:58:17 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/d0400595-291f-409e-a79c-e3dca4d31d5f/500_img-0475.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/d0400595-291f-409e-a79c-e3dca4d31d5f/500_img-0475.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/d0400595-291f-409e-a79c-e3dca4d31d5f/img-0475.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Stichtingsvoorzitter Rindert Ekhart, pabo-docent Fleur Geenen, Floor Hendriks en Aty en Floor Looy]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gesplitste pabo? Ook van studiekiezers hoeft het niet</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gesplitste-pabo-ook-van-studiekiezers-hoeft-het-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gesplitste-pabo-ook-van-studiekiezers-hoeft-het-niet/</guid><pp:caseid>703313</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het kabinet wil twee ‘smalle’ pabo-opleidingen in het leven roepen: één gericht op de jongste kinderen en één gericht op leerlingen tot en met groep 8. Maar studiekiezers blijken weinig geïnteresseerd in die specialisaties.&nbsp;</strong></span></p><p style="text-align:start;">Het kabinet-Schoof heeft dit idee in zijn regeerprogramma omarmd, maar verschillende fracties in de Tweede Kamer wilden weten hoe groot de belangstelling eigenlijk zou zijn. Niet zo groot, moet minister Bruins toegeven.</p><p style="text-align:start;"><strong>Weinig belangstelling&nbsp;</strong><br>In zijn <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail/detail?id=2025D18929&did=2025D18929" target="_blank">antwoord</a> op de vele schriftelijke vragen leunt Bruins op een <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail/detail?id=2025D18931&did=2025D18931" target="_blank">online-onderzoek</a> van studiekeuzebedrijf Qompas, waaraan zo’n 4.000 mbo 4-studenten en 1.400 havisten en vwo’ers meededen. Zij tonen nauwelijks belangstelling. Wie voor de pabo kiest, wil liever de brede opleiding, die een bevoegdheid geeft voor alle klassen van het basisonderwijs.</p><p style="text-align:start;">Slechts een klein deel ziet een specialisatie in het jonge of oudere kind wel zitten, maar het is volgens Qompas de vraag “of de nieuwe specialisaties tot genoeg aanmeldingen leiden om levensvatbaar te zijn”.</p><p style="text-align:start;">Maar gezien het lerarentekort is elke extra leraar winst, meent Bruins: “Wij beschouwen deze groep als de potentiële extra studenten waarvoor we alles op alles gaan zetten om hen te werven voor het volgen van een opleiding tot leraar basisonderwijs.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Lange geschiedenis</strong><br>Het plan heeft een lange geschiedenis. Op aandringen van de Tweede Kamer werkten vorige kabinetten al aan een wetswijziging. Toenmalig onderwijsminister Van Engelshoven (D66) zette eind 2020 al een concept-wetsvoorstel online om ‘smallere’ pabo’s mogelijk te maken, naast de ‘gewone’ pabo.</p><p style="text-align:start;">De scholen en de pabo’s zelf hadden veel kritiek op het voorstel. Ze waarschuwden dat leraren met een smalle lesbevoegdheid minder inzetbaar zijn op school, bijvoorbeeld bij ziekte of onvervulde vacatures. Bovendien werd er nog volop <a href="https://bron.fontys.nl/pabos-zien-opsplitsing-nog-steeds-niet-zitten/" target="_blank">geëxperimenteerd</a> met specialisaties binnen de bestaande brede opleidingen. Was zo’n ingrijpende wetswijziging dan wel nodig?</p><p style="text-align:start;">Het wetsvoorstel verdween in de ijskast, maar de Tweede Kamer legde zich er niet bij neer en stemde in 2024 vóór een VVD-motie om de gesplitste bevoegdheid toch mogelijk te maken. Bruins moest ermee aan de slag. De kritische vragen van de Tweede Kamer kwamen later pas.</p><p style="text-align:start;"><strong>Lastig verdedigbaar&nbsp;</strong><br>Ambtenaren van minister Bruins zeggen hem dat het onderzoek geen aanvullende onderbouwing voor de splitsing van de pabo heeft opgeleverd. Het zal nauwelijks tot extra studenten leiden, is de verwachting, en dat maakt “de noodzaak voor wetgeving lastig verdedigbaar”. Het Qompas-onderzoek zal de weerstand bij scholen en pabo’s volgens de ambtenaren versterken en “mogelijk ook effect hebben op de steun in de Kamer”.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHE,FHKE,Pabo]]></category>
            <pubDate>Fri, 25 Apr 2025 11:11:33 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[basisschool leraar klas pabo]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Minder jongeren kiezen de laatste jaren voor een opleiding tot leraar basisonderwijs.]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Leesplezier op één bij eerste finale Pabo Voorleeswedstrijd</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/leesplezier-op-een-bij-eerste-finale-pabo-voorleeswedstrijd/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/leesplezier-op-een-bij-eerste-finale-pabo-voorleeswedstrijd/</guid><pp:caseid>692850</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Een voorleeswedstrijd voor pabostudenten afschaffen in een tijd dat ze het júist nodig hebben vanwege de ontlezing? Dat gaat mooi niet gebeuren. De competitie die jarenlang door Stichting Lezen werd georganiseerd, wordt dit jaar voor het eerst overgenomen door Fontys.</strong></p><p>De Pabo Voorleeswedstrijd werd dertien jaar lang georganiseerd door Stichting Lezen voor vrijwel alle pabo-opleidingen in Nederland. Om hen enthousiast te maken voor het (voor)lezen, maar ook om hen kennis op te laten doen over kind- en jeugdliteratuur. Fontys deed ieder jaar aan de wedstrijd mee. Maar nu komt er dus een einde aan. Althans, bij Stichting Lezen. Want Fontys gaat gewoon vrolijk verder.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/cfaa81b7-cf07-4599-9636-b76b2a9ce45e/800_maesjoostj.j.m..jpg?x=1743674645419" alt="Joost Maes" width="300" height="auto">“Stichting Lezen heeft dit studiejaar gezegd dat ze het niet meer willen doen omdat ze er te weinig studenten mee bereiken”, vertelt Joost Maes, taaldocent en specialist jeugdliteratuur bij Fontys. “Dat komt deels door wat veel hogescholen deden: ze pikten zonder al te veel moeite een student uit die ze naar de regionale finale stuurden. Maar dat is niet de bedoeling, want het gaat er juist om dat je laat zien wat het belang is van voorlezen in de klas.”</p><p><strong>Inroosteren</strong><br>Studenten moeten hun voorleesvaardigheden ontwikkelen. “We moeten laten zien dat kinderen steeds minder lezen, steeds minder plezier ervaren in lezen en dat er ook steeds minder aandacht voor lezen is in het basisonderwijs. Maar aan de andere kant blijft de voorleeswedstrijd ook belangrijk voor ons als Fontys omdat we leerkrachten willen afleveren die liefde hebben voor het kinderboek. Zij zijn uiteindelijk degenen die het moeten overbrengen; zij gaan ervoor zorgen dat kinderen weer geletterd worden.”&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>Vanuit die invalshoek is de opzet nu veranderd. De voorleeswedstrijd wordt dit jaar door Fontys zelf gehouden voor alle pabostudenten van Fontys. Eerstejaars zijn vanaf nu verplicht om deel te nemen. Sterker nog: het is in hun curriculum verweven. Maes: “We roosteren daar extra veel tijd voor in.”</p><p>Wat is voorlezen, hoe doe je dat en welke feedback hoort daarbij? Daar krijgen de studenten tijdens verschillende lessen meer informatie over. Ze lezen elkaar voor en nemen het in verschillende tutorgroepen tegen elkaar op. Dat gebeurt in Den Bosch, Eindhoven, Tilburg, Venlo en Sittard. “In Den Bosch hebben we zes tutorgroepen, waar zes winnaars uit komen. Die doen vervolgens weer mee aan een regionale finale, en de winnaars daarvan aan de Fontys finale.”</p><p><strong>Grote finale</strong><br>Maes geeft toe dat niet alle studenten staan te popelen om mee te doen. Ze vinden het voorlezen spannend, vooral als ze dat voor elkaar moeten doen. “Ze zijn daar oprecht zenuwachtig voor, maar als ze het dan hebben gedaan en ze winnen ook nog, ja, dan zijn ze toch wel trots.”</p><p>De voorrondes zijn inmiddels achter de rug en de grote finale vindt aanstaande maandag plaats in het Explore Lab op campus Rachelsmolen in Eindhoven. Elke locatiewinnaar komt daar met een achterban van een aantal docenten en vijftien tot twintig studenten naartoe. Een vierkoppige jury - bestaande uit <span>Peter van Duijvenboden van Stichting Lezen</span>, de directeur van Bibliotheek Eindhoven, een medewerker van Kinderboekenwinkel De Boekenberg en Nationale Voorleeswedstrijd-winnares Demi - bepaalt wie de winnaar wordt. Kinderboekenschrijver Erik van Os presenteert het evenement.&nbsp;</p><p>En gebeurt er daarna nog iets? Nee, normaal gesproken kwam na deze finale nog de landelijke finale, maar die is er dus niet meer. Wie weet in de toekomst. “Het zou mijn droom zijn om met andere hogescholen een overstijgende samenwerking te realiseren en uiteindelijk samen een landelijke winnaar uit te kiezen", aldus Maes.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FE,FHKE,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Pabo,PRO Educatie,PRO Onderwijs,Luiken,Student]]></category>
            <pubDate>Fri, 04 Apr 2025 09:25:16 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/ef4b20de-3ce2-47a7-9c42-074d2fe92d98/500_p1100510.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/ef4b20de-3ce2-47a7-9c42-074d2fe92d98/500_p1100510.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/ef4b20de-3ce2-47a7-9c42-074d2fe92d98/p1100510.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studenten lezen voor in een theatersetting]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Landelijke toetsen voor lerarenopleidingen? &#039;Interessant&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/landelijke-toetsen-voor-lerarenopleidingen-interessant/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/landelijke-toetsen-voor-lerarenopleidingen-interessant/</guid><pp:caseid>686667</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Een interessante benadering die voor harmonisering kan zorgen. Dat is hoe Joep Houterman, voorzitter van het college van bestuur van Fontys, kijkt naar het advies van de Onderwijsraad om bekwaamheidseisen voor alle lerarenopleidingen te harmoniseren en verder aan te scherpen.</strong></span></p><p style="text-align:start;">De aangescherpte bekwaamheidseisen moeten ervoor zorgen dat de startbekwaamheid van toekomstige leraren beter bewaakt wordt. Dat is nodig, want er zijn momenteel zo veel verschillende routes om leraar te worden, dat het lastig is om de kwaliteit van alle opleidingen in de gaten te houden, stelt de Onderwijsraad in haar advies. Er zijn simpelweg te veel verschillende kaders en kennisbases.</p><p style="text-align:start;">Joep Houterman denkt dat <a href="https://bron.fontys.nl/onderwijsraad-wil-landelijke-examens-lerarenopleidingen/" target="_blank">het advies</a> van de Onderwijsraad daar een helpende hand in kan bieden. “Er zijn veel verschillende routes en er is veel verschil tussen lerarenopleidingen in het hbo en de universitaire opleidingen. De Onderwijsraad wil alles harmoniseren en uniformeren, en dat is interessant. De Onderwijsraad adviseert dat alles op één lijn komt te liggen”, zegt hij.</p><p style="text-align:start;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_joephouterman-2.jpg?x=1738310437163" alt="Joep Houterman" width="200">De voorzitter van het cvb voegt daar nog aan toe dat hij wel benieuwd is naar de technische details van het advies. De Onderwijsraad stelt namelijk ook voor dat er (meer) landelijke toetsen afgenomen gaan worden. Hoe gaan die toetsen er dan uitzien? “Dat wordt een ingewikkelder gesprek dat nog moet plaatsvinden. Niet alleen de theoretische kennis moet getoetst worden, er zou volgens het advies ook gekeken moeten worden naar de pedagogische kennis, didactische kennis en de vaardigheden van toekomstige leraren.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Instroomtoetsen&nbsp;</strong><br>Mochten de landelijke examens er inderdaad komen, dan betekent dat mogelijk ook het einde van de instroomtoetsen voor de pabo, die in 2015 zijn ingevoerd en al vóór de start van een studie toetsen of studenten over genoeg kennis beschikken. Daarover zegt Houterman: “Het lijkt me logischer dat je mensen toetst voordat ze aan het werk gaan. Dat doen we eigenlijk bij alle opleidingen.”</p><p style="text-align:start;">De instroomtoetsen hebben er op landelijk niveau voor gezorgd dat minder scholieren en mbo’ers naar de pabo gingen. Kunnen de landelijke examens die de Onderwijsraad in het leven wil roepen daar een omslag in maken? Misschien. Houterman denkt in ieder geval niet dat de toetsen mensen ervan zullen weerhouden om aan een lerarenopleiding te beginnen. “Dat studenten aan bepaalde eisen moeten voldoen, lijkt me logisch. Dat geldt voor alle opleidingen, niet alleen voor de lerarenopleidingen.”</p><p style="text-align:start;">Een ander punt dat volgens Houterman nog wel interessant is om naar te kijken, maar waar het advies van de Onderwijsraad nu niet om draait, is het begeleiden van nieuwe docenten. “Best veel mensen vallen uit in het begin van hun loopbaan, wat bijdraagt aan het huidige lerarentekort. Ik denk dat dit een verantwoordelijkheid is van de ontvangende scholen, maar wij zouden als lerarenopleiding ook een bijdrage kunnen leveren aan de zogeheten inductiefase - de fase die zich richt op de ontwikkeling van de start van de startende leraar - om ervoor te zorgen dat ze snel en goed doorgroeien.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,featured,Pabo,FHKE]]></category>
            <pubDate>Fri, 31 Jan 2025 09:35:11 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-388588465.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-388588465.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-388588465.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[docent leraar lesgeven klas school]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Onderwijsraad wil landelijke examens lerarenopleidingen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/onderwijsraad-wil-landelijke-examens-lerarenopleidingen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/onderwijsraad-wil-landelijke-examens-lerarenopleidingen/</guid><pp:caseid>684855</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="margin:0cm;"><strong>Met landelijke examens voor alle lerarenopleidingen kan de overheid de kwaliteit beter bewaken, zegt de Onderwijsraad in een nieuw advies. En dan kunnen de omstreden instroomtoetsen voor de pabo ook verdwijnen.</strong></span></p><p style="text-align:start;">Op talloze manieren kun je leraar worden: via een hogeschool of universiteit, in voltijd of deeltijd, maar ook op latere leeftijd als zij-instromer. Door het lerarentekort wordt de roep om flexibele routes alleen maar luider.</p><p style="text-align:start;">Hoe kan de overheid dan de kwaliteit van deze opleidingen in de gaten houden? Het vorige kabinet vroeg de Onderwijsraad om advies. Het antwoord: er moeten landelijke examens komen voor alle leraren in alle trajecten. “We weten onvoldoende wat leraren kennen en kunnen als ze van hun opleiding komen”, zegt voorzitter Louise Elffers.</p><p style="text-align:start;"><i><strong>Is er een probleem met het niveau van de lerarenopleidingen?</strong></i><br>“Dat is een goede vraag, maar onze vraag was niet of de kwaliteit van de opleidingen deugt. De aanleiding voor ons advies is dat er veel verschillen zitten tussen de opleidingen. Er zijn allerlei eisen, kaders en kennisbases, maar uiteindelijk kan de overheid nu niet haar hand in het vuur steken voor de bekwaamheid van leraren. Die is niet goed geborgd.”</p><p style="text-align:start;"><i><strong>Jullie oplossing is het invoeren van landelijke examens voor de kern van de opleidingen en landelijke normen voor de beoordeling in de praktijk. Zou je dit pleidooi niet voor alle studies kunnen houden?</strong></i><br>“In de Grondwet staat dat de overheid toezicht houdt op het onderwijs en onderzoek doet naar de bekwaamheid van leraren. Dat maakt de situatie anders. De overheid moet kunnen garanderen dat leraren voldoende bekwaam zijn en dat lukt nu eigenlijk niet.”</p><p style="text-align:start;"><i><strong>De opleidingen zijn allemaal geaccrediteerd door kwaliteitsbewaker NVAO.</strong></i><br>“Dat geldt niet altijd voor de zij-instroomtrajecten. De NVAO oordeelt over opleidingen die tot een diploma leiden, maar zij-instromers hébben al een bachelor- of masterdiploma. Ze krijgen alleen een bevoegdheid.”</p><p style="text-align:start;"><i><strong>Wat is er mis met de huidige kaders en kennisbases die de opleidingen gebruiken?</strong></i><br>“Sommige zijn er alleen in het hbo, en niet aan de universiteit. Andere zijn te specifiek of juist niet specifiek genoeg. Het is onoverzichtelijk, het is niet duidelijk wat moet en wat mag. Wij zeggen: beperk de landelijke eisen tot de kern van de opleiding. We kunnen natuurlijk gebruik maken van alles wat er nu al is, maar zorg voor een helder kader en wettelijke eisen en toets daar dan ook op.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Wat gebeurt er als nieuwe inzichten tot een wijziging moeten leiden? Eén opleiding kan vrij makkelijk het programma aanpassen, maar als je dat eerst landelijk moet afstemmen…</strong><br>“Dat gebeurt nu ook al. De huidige kaders en de vereiste kennis die leraren moeten hebben, worden periodiek herijkt. Bovendien verandert er meestal maar weinig aan de kern van het beroep.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Pabo’s</strong><br>De Onderwijsraad ziet een bijkomend voordeel van het eigen advies: als je de kwaliteit van lerarenopleidingen aan het einde borgt, dan hoef je specifiek voor de pabo (de opleiding tot leraar in het basisonderwijs) geen instroomtoetsen meer te hanteren.</p><p style="text-align:start;">Deze toetsen zijn in 2015 ingevoerd omdat er in de politiek grote zorgen leefden over het kennisniveau van leraren in het basisonderwijs. De gedachte: als studenten met te weinig kennis binnenkomen, dan zijn de pabo’s nodeloos veel tijd kwijt aan bijspijkerlessen. Dus moeten de aankomende eerstejaars voldoende kennis hebben van schoolvakken als aardrijkskunde en geschiedenis, of anders moeten ze toelatingstoetsen maken.</p><p style="text-align:start;">Dit was van meet af aan omstreden. Door deze toetsen gingen er minder scholieren en mbo’ers naar de pabo. Er kwamen met name minder studenten met een migratieachtergrond. Andere oplossingen, zoals een jaar langer studeren voor wie het nodig heeft, leken taboe.</p><p style="text-align:start;"><i><strong>Helpen die instroomtoetsen niet om de kwaliteit te verhogen?</strong></i><br>“Jongeren zeggen nu over bepaalde onderwerpen: dit heb ik nooit gehad in mijn vooropleiding, dus heb ik weinig kans om in te stromen. Bovendien kun je het eindniveau van een opleiding niet garanderen met een toets vooraf. Maar het ging ons niet om het afschaffen van de instroomtoetsen. Het is vooral een punt dat logisch uit ons advies voortvloeit. In plaats van vooraf een drempel op te werpen kun je studenten beter iets langer de tijd geven als ze bepaalde kennis moeten inhalen.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,FHKE]]></category>
            <pubDate>Fri, 17 Jan 2025 09:36:24 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_examensmiddelbareschool.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_examensmiddelbareschool.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/examensmiddelbareschool.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[examens middelbare school]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>‘Samenwerking professional, ouder en kind moet beter’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/samenwerking-professional-ouder-en-kind-moet-beter/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/samenwerking-professional-ouder-en-kind-moet-beter/</guid><pp:caseid>657349</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Beter samenwerken met ouders en jongeren een stem geven wanneer ze hulpverlening krijgen. Hoe dat kan, laat het tweejarig onderzoek ‘Versterken van de eigen regie op opvoeden en opgroeien’ van Fontys Pedagogiek zien.</strong></p><p>In het onderzoek, uitgevoerd<strong> </strong>in samenwerking met acht partners<strong>,&nbsp;</strong> staat het belang van het versterken van de eigen regie op opvoeden en opgroeien centraal. Op het eindsymposium van het project ‘Partnerschap in Jeugdhulp en Speciaal Onderwijs’, dat woensdag in R13 in Eindhoven plaatsvond,<strong> </strong>blikken betrokkenen terug op het onderzoek, aangevuld met workshops en parallelsessies.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:267/auto;width:267px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/47b31b45-7461-4ea3-8f46-3835cdf51eea/800_projectleiderheacutelegraveneduidtdeuitkomstvanhetonderzoektijdenshetsymposium.jpg?x=1726149131952" alt="Projectleider Hélène duidt de uitkomst van het onderzoek tijdens het symposium" width="267" height="auto">Samenwerking moet beter</strong><br>Uitgangspunt van het project: samenwerken met ouders op basis van gelijkwaardigheid is moeilijk voor professionals. Projectleider Hélène Leenders, <i>associate lector</i> bij Fontys Pedagogiek, duidt: “Uit afstudeeronderzoeken van studenten van Fontys Pedagogiek en de Pabo, kwam telkens naar voren dat de samenwerking tussen professionals, ouders en kinderen verbeterd moet worden.”</p><p>In vakjargon wordt dat ook wel pedagogisch partnerschap genoemd. “Er wordt vaak over, in plaats van met kinderen samen, beslist. En kinderen worden niet goed voorbereid op gesprekken over behandeldoelen”, legt Leenders uit.</p><p>Ook de studenten van beide opleidingen werden – uiteraard - betrokken in het onderzoek. “Onze studenten zijn de professionals van de toekomst. Het is erg belangrijk dat jeugdhulpverleners en leraren goed samenwerken met ouders en jeugdigen in kwetsbare situaties.”&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:278/auto;width:278px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/65e35f03-7cb4-4d3e-9f63-a36db19f3fef/800_lindazijlmanszingteenzelfgeschrevenliedje.jpg?x=1726149139855" alt="Linda Zijlmans zingt een zelfgeschreven liedje" width="278" height="auto">Tools voor de toekomst</strong><br>Maar hoe komt die betere samenwerking uiteindelijk tot stand? Het onderzoek, dat van september 2022 tot augustus 2024 liep, <a href="http://www.educatief-partnerschap.nl" target="_blank">heeft tools opgeleverd</a> die direct inzetbaar zijn in de jeugdhulpverlening, op scholen en in de opleidingen. Denk aan een klasgenotenboekje voor een goede landing op school en kindvriendelijke uitleg over het behandeltraject, zodat iedereen weet wat er gaat gebeuren. Of een app voor professionals om goed contact te leggen en te houden met ouders.</p><p>Na Leenders’ toespraak is er geen tijd voor vragen. De rest van het programma laat namelijk niet op zich wachten. Er is een toolmarkt, waar partners als Koraal, Aloysius (speciaal onderwijs) en R-Newt (jongerenwerk) een inkijkje in hun werk geven. Later op de dag zijn er nog tal van parallelsessies en workshops, die toegespitst zijn op het onderwerp van de dag. Ook is er een afsluitende dansshow van Academy of Arts-student Minou Bossink.</p><p>Betreft het onderzoek, dat is volgens Leenders nooit af: “Hier moeten we blijvend aandacht voor vragen.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Brouwer,PRO Onderwijs,Onderwijs,Onderzoek,Pabo,Eindhoven,Nieuws]]></category>
            <pubDate>Thu, 12 Sep 2024 15:53:41 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/2f8ef533-e677-40b5-8c99-81eeb655c071/500_aandachteluisteraarstijdenshetsymposiumine13ineindhoven..jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/2f8ef533-e677-40b5-8c99-81eeb655c071/500_aandachteluisteraarstijdenshetsymposiumine13ineindhoven..jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/2f8ef533-e677-40b5-8c99-81eeb655c071/aandachteluisteraarstijdenshetsymposiumine13ineindhoven..jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Aandachte luisteraars tijdens het symposium in E13 in Eindhoven.]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[OLYMPUS DIGITAL CAMERA         ]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>‘Pabo neemt zij-instromers niet serieus’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabo-neemt-zij-instromers-niet-serieus/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabo-neemt-zij-instromers-niet-serieus/</guid><pp:caseid>657017</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Actualiteitenprogramma Pointer heeft ook aan Fontys een reactie gevraagd naar aanleiding van de signalen van zij-instromers. De officiële reactie lees je hieronder.</p><p><i><span>Fontys Hogeschool, als grootste lerarenopleider van Nederland, spant zich maximaal in om zoveel mogelijk leraren van de toekomst op te leiden en de uitval tijdens het opleidingstraject zo laag mogelijk te houden. Dit streven lukt bij de zij-instromers goed, mede door het geschiktheidsonderzoek vooraf. Helaas is de uitval bij de deeltijdopleidingen hoger.</span></i></p><p><i><span>In tegenstelling tot wat daarover in het maatschappelijk debat wordt gesuggereerd, is de opleiding tot leraar basisonderwijs beslist een pittige studie. Dit komt mede door de landelijke wet- en regelgeving. Voor studenten met een havo of mbo-opleiding geldt dat verplichte toelatingstoetsen moeten worden behaald, daarnaast kent de opleiding twee landelijke kennistoetsen: wiskunde en Nederlands.</span></i></p><p><i><span>Na één jaar stopt ongeveer een kwart van de deeltijdstudenten met de opleiding, om uiteenlopende redenen. Een belangrijke reden is dat de combinatie studie, werk en privé veelal als (te) zwaar wordt ervaren. Gemiddeld besteden studenten ruim 20 uur aan de opleiding en 15 uur aan zelfstudie per week. Daarnaast lopen ze, als beginnend leerkracht, ook wekelijks stage.</span></i></p><p><i><span>Fontys monitort waarom deeltijders afhaken en evalueert deze ervaringen. </span></i><span style="background-color:white;"><i><span>We luisteren naar alle signalen die ons verder helpen het onderwijs te verbeteren. </span></i></span><i><span>In overleg met het werkveld proberen we de uitval te reduceren door de opleidingen aan te passen met meer aandacht voor de al aanwezige, bewezen talenten. Dit proces vergt zorgvuldige voorbereiding en afstemming en kan niet van vandaag op morgen worden gerealiseerd.</span></i></p><p><i><span>In september 2021 is Fontys gestart met het programma Transitie Educatieve Opleidingen. Fontys wil de in-, en doorstroom en keuzemogelijkheden voor studenten vergroten en beter aansluiten bij wensen en behoeften van het werkveld. Daarnaast is de ambitie om de organisatie en ondersteunende processen te harmoniseren en verbeteren, om zo meer en andere docenten op te leiden en de uitval te verminderen.</span></i></p><p><i><span>Hiermee nemen we als hogeschool onze verantwoordelijkheid om een bijdrage te leveren aan het verminderen van het lerarentekort en in te spelen op diverse onderwijskundige ontwikkelingen in ons werkveld.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Kleien, dansjes doen, verslag na verslag schrijven… De omscholing tot leraar in het basisonderwijs is demotiverend en houdt te weinig rekening met de ervaring die ze al hebben, vertellen zij-instromers aan actualiteitenprogramma Pointer. Bron ving eerder ook dit soort kritiek op over Fontys.</strong></span></p><p><span>Basisscholen lossen hun enorme lerarentekort steeds vaker op met behulp van zij-instromers: mensen die een andere baan hadden en zich nu omscholen tot leraar. Onderwijsvakbond AOb meldde begin dit jaar dat een derde van de studerende juffen en meesters nu een zij-instromer is.</span></p><p><span>De pabo’s lijken echter nog niet helemaal ingericht op zoveel studenten die vaak al eerder gestudeerd hebben, een baan hebben gehad en levenservaring hebben opgedaan. Onder meer verplichte museumbezoekjes en zinloze verslagen zorgen ervoor dat zij-instromers zich afvragen of ze wel op waarde geschat worden, vertellen ze aan tv-programma Pointer, dat vanavond te zien is op NPO 2.</span></p><p><span><strong>Blokfluit</strong></span><br><span>“Ik kom hele avonden naar school om te kleien, te dansen en op de blokfluit te spelen, maar ik heb liever een les over hoe ik het pesten in de klas kan aanpakken”, vertelt een student. Een ander: “Van mijn groep is de helft gestopt omdat het niet te combineren was met een gezin of werk.”</span></p><p><span>Bovenal worden kennis en vaardigheden die ze al hebben te weinig beloond. Iemand die bedrijfskunde en psychologie studeerde en twintig jaar lesgaf in het hbo, kreeg geen vrijstellingen voor de pabo. “Ik moest gewoon de volledige opleiding doen.”</span></p><p><span>Het landelijk overleg van pabo’s herkent de kritiek van studenten. Eerder zijn de onderwijsprogramma’s er wel op aangepast, zegt woordvoerder Karin van Weegen. Maar het aantal verslagen kan misschien wel verder omlaag en alle studenten zouden sowieso een startgesprek moeten krijgen, vindt zij. Daarin kan onder meer gekeken worden naar vrijstellingen.</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:307/auto;width:307px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_nuswaleson-2.jpg?x=1725540826883" alt="Nus Waleson" width="307" height="auto">Verkort traject</strong><br><span>Ook bij Fontys moeten zij-instromers een volledige opleiding volgen, zonder vrijstellingen. “De opleiding die zij volgen is echter niet zo volledig als een reguliere pabo-opleiding”, verklaart Nus Waleson, directeur van Fontys Kind en Educatie waaronder de pabo-opleidingen behoren. “Het is een verkort traject waar je aan deel kunt nemen met een getuigschrift voor hbo of wo, een niveau dat benodigd is om deze verkorte opleiding te volgen.”</span></p><p><span>Daarnaast hanteert Fontys een systeem van leeruitkomsten waarin studenten zich moeten bewijzen. “Hierdoor kun je in jouw dossier aanvoeren wat jij nodig denkt te hebben om bepaalde aspecten te voltooien. Als jij als zij-instromer jouw ervaringen kunt relativeren aan een uitkomst die voldoende is voor de pabo, zal dat ook zo gewaardeerd worden.”</span></p><p><span>Wanneer een zij-instromer de opleiding bij Fontys succesvol afrondt, volgt uiteindelijk een bevoegdheid om voor de klas te staan. “Dat is iets anders dan een getuigschrift, maar je bent daardoor niet minder dan een andere docent”, aldus de directeur.</span></p><p><span><strong>Landelijk systeem</strong></span><br><span>In reactie op de komende uitzending pleit de Algemene Onderwijsbond voor een</span><a href="https://www.aob.nl/actueel/artikelen/onderzoek-pointer-traject-zij-instromers-ontoereikend/" target="_blank"><span> gratis, landelijk georganiseerde opleiding</span></a><span> voor zij-instromers. “De rode loper moet uit voor iedereen die in het onderwijs wil gaan werken”, zegt vakbondsvoorzitter Tamar van Gelder.</span></p><p><span>Waleson ziet een dergelijke opleiding niet direct zitten. “Maar ik ben wel voor een meer geüniformeerd systeem. Nu is het zo dat iedere pabo-opleiding zijn eigen ding kan doen en zij-instromers als het ware kunnen shoppen omdat er zoveel verschillende routes zijn. Daar mag meer eenheid in gebracht worden.”</span></p><p><span><strong>‘Maatwerk kost tijd’</strong></span><br><span>Staatssecretaris van onderwijs Mariëlle Paul wil dat de drempels voor zij-instromers worden&nbsp; opgeruimd. Maar ze waarschuwt ook voor al te hoge verwachtingen: “Voor studenten kan het misschien niet snel genoeg gaan, maar uiteindelijk kost het tijd en aandacht om voor iedere student maatwerk te kunnen leveren.”</span></p><p><span>De overheid stelt miljoenen beschikbaar aan basisscholen om zij-instromers te kunnen begeleiden en opleiden. Het kabinet verlengt deze subsidieregeling. In ieder geval tot en met 2028 kunnen schoolleiders per zij-instromer 25 duizend euro krijgen.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,Berg,FHKE,Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Thu, 05 Sep 2024 15:34:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/500_adobestock-391344115.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/500_adobestock-391344115.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/adobestock-391344115.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leraar klas docent pabo]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Soepelere toelating tot pabo werkt averechts</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/soepele-toelating-pabo-werkt-averechts/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/soepele-toelating-pabo-werkt-averechts/</guid><pp:caseid>650646</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Begin maar vast, zeggen pabo’s tegen studiekiezers die nog niet zijn geslaagd voor hun kennistoetsen in belangrijke schoolvakken. Maar die soepele toelating leidt nog niet tot een hogere instroom, staat in een rapport. Fontys-directeur Nus Waleson meent dat er iets gedaan moet worden aan de vakkenpakketten in het middelbaar onderwijs.</strong></span></p><p><span>Wie naar de pabo wil, moet vooraf genoeg weten van aardrijkskunde, geschiedenis en natuur & techniek. Havisten en mbo’ers moeten sinds 2015 kennistoetsen maken als ze die vakken niet in hun pakket hadden. Anders zouden pabo’s te veel tijd kwijt zijn aan het bijspijkeren van hun studenten. Vwo’ers ontspringen de dans: die mogen sowieso van start.</span></p><p><span><strong>Instroom omlaag</strong></span><br>Met name mbo’ers gaan sindsdien veel minder vaak naar de pabo. Dat probleem kon je van verre <a href="https://delta.tudelft.nl/article/bussemaker-veel-te-optimistisch-over-studiesucces-pabo">zien aankomen</a>, maar toenmalig onderwijsminister Jet Bussemaker wimpelde de bezwaren in 2016 nog weg.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:442/auto;width:442px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_basisschoolleraarklaspabo.jpg?x=1719562500003" alt="" width="442" height="auto">Met het oog op het lerarentekort zwol de kritiek aan en eind 2021 besloot haar opvolger Ingrid van Engelshoven tot een experiment met een soepele toelating vanaf 2022: wie niet slaagt voor de kennistoetsen, mag toch van start en krijgt in het eerste jaar een herkansing. Wie dan nog steeds niet slaagt, moet de opleiding weer verlaten.</p><p>Het experiment krijgt in 2026 een eindevaluatie, maar onlangs verscheen een tussentijdse evaluatie in opdracht van het ministerie van Onderwijs. Het lijkt averechts te werken. Het heeft de pabo niet aantrekkelijker gemaakt (het aantal eerstejaars is ongeveer gelijk gebleven) en er vallen meer studenten in het eerste jaar uit.</p><p><strong>Verantwoordelijkheid</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:243/auto;width:243px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_nuswaleson-2.jpg?x=1719561952368" alt="Nus Waleson" width="243" height="auto">“Ik weet niet of die hogere uitval overeenkomt met onze ervaringen, heb die indruk niet.&nbsp;Maar goed, ik weet ook niet hoe het precies zat in de jaren voor 2022. Ik was toen nog niet werkzaam in deze functie”, zegt Nus Waleson, directeur van Fontys Kind en Educatie waaronder de pabo's vallen.</p><p>Voorwaardelijk toegelaten studenten voelen flinke druk om alsnog aan de eisen te voldoen, wordt in het evaluatierapport gesteld. Het zou velen niet lukken om die stof in te halen naast het gewone pabo-programma. Volgens de geïnterviewden heeft het experiment nu vooral nadelen: meer werk voor de pabo’s, stress bij de studenten, minder capabele eerstejaars en een hogere uitval. Terwijl het dus geen extra leerkrachten oplevert.</p><p>Volgens de rapportage zijn de meeste pabo's de voorwaardelijke toelating liever kwijt dan rijk. Zo ook Waleson. “Ik vind dat de hbo-opleidingen verantwoordelijk moeten zijn voor de vakinhoudelijke kennis van de studenten. En zo niet, dan moeten er toegangseisen worden gesteld voor wie aan de pabo wil studeren. Maar dat kan alleen als de vakkenpakketten op havo en mbo anders worden ingericht.”</p><p><strong>Systeemfout</strong><br>Want dat is wat Waleson een uiterst grove systeemfout noemt. Een havist kan uit een a- of een b-pakket kiezen. Maar in beide pakketten ontbreken vakken die noodzakelijk zijn voor een rechtstreekse toelating tot de pabo. “Dat klopt niet. Zoals het ook vreemd is dat de pabo de enige hbo-opleiding is waar extra eisen voor worden gesteld."</p><p>"In mijn ogen is het probleem van het lerarentekort in Nederland haast van eenzelfde grootte als het klimaatprobleem. Dat betekent dus dat je, of het nu om havo of mbo gaat, juist zoveel mogelijk kansen moet bieden aan leerlingen en studenten om het benodigde niveau te halen.”</p><p>Daar worden overigens op dit moment ook wel stappen in gezet. “Wij zijn met het mbo bezig om een soort portfolio te ontwikkelen dat drempeloos toegang kan bieden tot de pabo. Dat geldt natuurlijk niet voor alle mbo's, het is ook afhankelijk van het pakket. Maar met zo'n portfolio zou je er in het laatste jaar van het mbo wel voor kunnen zorgen dat je een kennisniveau kan borgen dat rechtstreeks toegang verschaft tot de pabo. Toevallig heb ik gisteren in ons team de conceptovereenkomst hierover besproken. Dat plan zit nu in de eindfase en kan naar ik vermoed komend studiejaar al in praktijk worden gebracht.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,Onderwijs,Pabo,PRO Onderwijs,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Fri, 28 Jun 2024 10:17:08 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/80a88bac-1f3b-44ea-a730-4f6181566089/500_leerlinge.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/80a88bac-1f3b-44ea-a730-4f6181566089/500_leerlinge.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/80a88bac-1f3b-44ea-a730-4f6181566089/leerlinge.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leerlinge]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Les in het voedselbos? Leerzaam, maar nu even niet</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/les-in-het-voedselbos-leerzaam-maar-nu-even-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/les-in-het-voedselbos-leerzaam-maar-nu-even-niet/</guid><pp:caseid>632684</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Kinderen kunnen door een tamelijk nieuw voedselbos bij de pabo in Den Bosch leren waar eten vandaan komt. Althans, dat is de bedoeling. Momenteel is de tuin buiten gebruik omdat er simpelweg niks meer staat. Slakken hebben alles aangevreten.</strong></span></p><p><span>De tuin is begin dit kalenderjaar aangelegd en is ontstaan vanuit een gezamenlijk idee van Stefan van Beurden en Stefan de Beukelaar. Zij - de één docent Natuur en Techniek, de ander docent Bewegingsonderwijs en Gezond Gedrag – kregen een jaar of vier geleden een NPO-budget om meer in te zetten op de natuur en het geven van buitenlessen.</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">“Een van de projecten die wij hebben uitgevoerd is de ontwikkeling en uitwerking van het voedselbos in samenwerking met IVN”, legt De Beukelaar uit. Het doel van IVN is om duizend schoolpleinen en kinderopvanglocaties te vergroenen met een voedselbos, om op deze manier kinderen mee te nemen in het verhaal over voedselproductie, het toegankelijk maken van gezond eten en het bijdragen aan de biodiversiteit.&nbsp;</span></p><p><span>Fontys helpt daar graag aan mee. Want, zegt De Beukelaar, het is een win-winsituatie voor iedereen. “De rol van Fontys in dit project is om bij te dragen aan educatie. Onze studenten hebben een voorbeeldfunctie; ze laten leerlingen zien hoe onderwijs in de toekomst eruit kan komen te zien en spelen daarbij in op biodiversiteit, wat momenteel een groot probleem is in onze samenleving.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto's. Deze beelden zijn vóór de slakkeninvasie gemaakt]</span></i></p><p><span>Dat doen ze door kinderen mee te nemen naar het voedselbos en ze daar alles te leren over hoe voedsel op hun bord terechtkomt, wat biodiversiteit is en hoe het systeem samenhangt. De lessen zijn gebaseerd op de door IVN ontwikkelde standaardlessen, waar studenten vervolgens hun eigen draai aan geven.&nbsp;</span></p><p><span>De Beukelaar</span><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="padding:0px;text-align:left;">: “In onze tuin </span><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;">staat bijvoorbeeld colakruid die naar cola ruikt. Maar we hebben ook frambozen, aardbeien en drop- en muntplanten. Dat zijn bekende smaken voor kinderen en ze vinden het hartstikke leuk om daar meer over te weten. We leren ze op welke manier planten en dieren samenwerken en hoe ze afhankelijk zijn van elkaar in het voedselbos."</span></span></p><p><span>Het was de bedoeling dat de lessen nu al zouden draaien, maar door een voor veel mensen welbekend probleem met slakken zit dat er nu niet in. Van de prachtig in bloei staande tuin is niets meer over. Alle planten zijn aangevreten. “De tuin zag er fantastisch uit, totdat er een ware explosie van slakken kwam. Omdat deze dieren met name ’s nachts actief zijn, konden we het niet tegenhouden. Er staat bijna niks meer. Volgende week gaan we de boel opnieuw planten.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Dat klinkt ambitieus, maar hoe voorkom je dat dit nog een keer gebeurt? “</span><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;">Het mooiste zou zijn als de natuurlijke vijanden dit voedselbosje weten te vinden, zoals merels, lijsters, spreeuwen, eksters en eenden, maar ook egels, spitsmuizen en kikkers. Om dit te stimuleren doen studenten onderzoek op welke manier ze de leefomgeving van de natuurlijke vijanden aantrekkelijker kunnen maken.”</span></span></p><p>In september hoopt de docent een nieuw project met studenten en leerlingen te kunnen starten. “<span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;">Met dit voedselbos willen we ook aandacht en draagvlak voor de voedselbosbouwbeweging versterken. Voedselbossen bieden een kansrijke vorm van natuurlijke landbouw en een alternatief voor het gangbare, intensieve landbouwsysteem en de daarmee samenhangende achteruitgang van de biodiversiteit.”</span></span></p><p><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;">Hij vervolgt: “Een voedselbosje draagt bij aan de bodemkwaliteit, klimaatadaptatie door een betere wateropvang en minder hittestress, en biodiversiteit. Net als grote voedselbossen zijn de kleine bosjes een fijne plek&nbsp; voor vlinders, vogels, bijen en zoogdieren. Kortom, een aantrekkelijke, groene speel- en leeromgeving voor kinderen.”</span></span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Onderwijs,Pabo,FHKE,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 23 May 2024 15:58:36 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/901256d8-d034-45d6-b3a9-9e141b732462/500_whatsappimage2024-05-22at09.17.49.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/901256d8-d034-45d6-b3a9-9e141b732462/500_whatsappimage2024-05-22at09.17.49.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/901256d8-d034-45d6-b3a9-9e141b732462/whatsappimage2024-05-22at09.17.49.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Het voedselbos in Den Bosch is aangevreten door slakken]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Bijlesdocent meest populaire bijbaan: “Ik word er blij van”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bijlesdocent-meest-populaire-bijbaan-ik-word-er-blij-van/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bijlesdocent-meest-populaire-bijbaan-ik-word-er-blij-van/</guid><pp:caseid>631663</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Jarenlang was werken in de supermarkt of de horeca de meest populaire bijbaan onder studenten. Dat lijkt te verschuiven. De meeste populaire bijbaan onder Nederlanders is op dit moment die van bijlesdocent.</strong></span></p><p><span>Dat blijkt uit een onderzoek van onlinetalentenplatform Preply. Het gebruikte gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over de Nederlandse arbeidsmarkt met betrekking tot een tweede baan. Ook analyseerde Preply de resultaten van de zoekopdracht ‘bijbaan’ via Indeed.nl. Het gaat dus over een onderzoek onder alle Nederlanders en niet alleen onder studenten, maar uit navraag bij organisaties voor huiswerkbegeleiding blijkt dat het vaak studenten zijn die voor hen werken.</span></p><p><span>Eerstejaars Pabostudent Frederique van Mazijk (20) verruilde er zelfs haar studie Technische Natuurkunde voor. Sinds de tweede klas van de middelbare school geeft ze bijles aan jongere leerlingen en sinds ze is gaan studeren werkt ze voor een organisatie die huiswerkbegeleiding geeft aan middelbare scholieren en basisschoolleerlingen. “Bijles geven keerde zo vaak terug in mijn leven en ik verveelde me nooit, terwijl ik dat bij mijn studie Technische Natuurkunde wel ervaarde. Dat heeft mijn keuze voor de Pabo bepaald.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:234/auto;width:234px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/47622156-b1d7-4e07-8e03-7d97643fa416/800_frederique-1.jpg?x=1715680784594" alt="Frederique van Mazijk (r) geeft bijles aan een leerling" width="234" height="auto">Het begon ermee dat Frederique een zakcentje wilde bijverdienen, maar dat was al snel niet meer de belangrijkste reden om bijles te geven. Ook als het niet uitkwam of ze had het extra geld niet per se nodig, gaf ze bijles. “Ik raakte betrokken bij de leerlingen en het gaf me een goed gevoel om ze te kunnen helpen. Ieder kind en elke bijles is weer anders. Ik merkte dat ik er blij van werd en het echt leuk vond om te doen.”</span></p><p><span><strong>Ideale werktijden</strong></span><br><span>Een bijlesdocent verdient goed, maar het is niet de bestbetaalde bijbaan. Preply rekende uit dat je als chauffeur het meest verdient, dat levert gemiddeld 20 euro per uur op. Voor ongeveer 17 euro per uur kun je aan de slag als orderpicker. Met het geven van bijles verdien je gemiddeld 15 euro per uur. Daarna volgen het geven van sportlessen en werken op een festival als bestbetaalde bijbanen. Volgens Preply heb je als bijlesdocent vaker de mogelijkheid om zelf je uurtarief te bepalen.</span></p><p><span>Frederique bepaalt niet zelf haar uurtarief of werktijden, maar ze vindt die wel een stuk gunstiger dan die van veel andere bijbanen. “Ik geef bijles tussen 13 en 19:00 uur. Ik kan dus zelf ook gewoon naar school en ’s avonds leuke dingen doen. En ik hoef mijn beschikbaarheid niet weken van tevoren op te geven. Dat gaat per week. Ideaal te combineren dus met het studentenleven.”</span></p><p><span>De Pabostudent vindt dat ze goed verdient. “De hoogte van je salaris hangt af van je ervaring, hoeveel vakken je kunt geven en welke opleiding je volgt. Omdat ik de Pabo doe, heb ik een leidinggevende functie gekregen en verdien ik wat meer. Het enige nadeel vind ik dat ik niet altijd veel uren achtereen kan werken. Dat is in bijvoorbeeld de horeca vaak wel anders.”</span></p><p><span><strong>Top 5</strong></span><br><span>De top vijf van meest populaire bijbanen volgens Preply: op één bijlesdocent, gevolgd door respectievelijk chauffeur, festivalmedewerker, horecamedewerker en salespromotor.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Pabo,Verbiesen,Educatie,Onderwijs Algemeen]]></category>
            <pubDate>Tue, 14 May 2024 13:23:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bijlesexactevakken.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bijlesexactevakken.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bijlesexactevakken.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bijles in de exacte vakken (voor corona).]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Minister: &#039;Pabo&#039;s splitsen gaat vier jaar duren&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/minister-pabos-splitsen-gaat-vier-jaar-duren/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/minister-pabos-splitsen-gaat-vier-jaar-duren/</guid><pp:caseid>630747</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Ook al wil de Tweede Kamer tempo maken, het gaat zeker vier jaar duren voordat er speciale pabo’s komen gericht op het jongere en het oudere kind. Dat laat het kabinet weten. Het is eigenlijk geen goed plan, onderstreept minister Robbert Dijkgraaf met zijn brief. Maar het kan wel, als de Tweede Kamer het per se wil.</strong></p><p>Een politieke meerderheid vindt dat het kabinet tempo moet maken met een wetsvoorstel voor smallere pabo’s. Afgestudeerden van zulke pabo’s krijgen dan een bevoegdheid voor het jongere of oudere kind.</p><p>Het idee erachter is simpel. Er zijn grote verschillen tussen kleuters en leerlingen in groep 8. Misschien willen sommige jongeren wel leraar worden, maar hebben ze geen zin in een stage tussen de kleuters, of andersom. Naast de brede pabo’s zouden smallere opleidingen extra studenten voor het onderwijs kunnen winnen.</p><p><strong>Kritiek</strong><br>Maar de praktijk is weerbarstig. Er is eind 2020 al een wetsvoorstel over het splitsen van de pabo online gezet. “De internetconsultatie leverde overwegend negatieve reacties op van onder andere werkgevers, opleidingen en beroepsgroep”, <a href="https://open.overheid.nl/documenten/dpc-dec6d0eb32ab7f225f1eeca01d66ffd19dfbb8e5/pdf">schrijft</a> Dijkgraaf.</p><p>Er leefden onder meer zorgen over de ontwikkelmogelijkheden voor leraren en hun beperkte inzetbaarheid in tijden van een lerarentekort. Stel dat de collega van groep 8 uitvalt, dan kan de collega van groep 1 niet invallen.</p><p>Bovendien zijn er experimenten gedaan met specialisaties <i>binnen</i> de huidige opleidingen. Alle pabo’s werken daaraan. Afgestudeerden houden dan een bevoegdheid voor de hele basisschool, alleen hebben ze zich extra verdiept in een bepaalde leeftijdsgroep.</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Ook Fontys ziet de wens van de Tweede Kamer niet zitten, zo stelde eerder Nus Waleson. De directeur van Fontys Kind en Educatie zei vorige maand dat er al zo veel wegen naar het leraarschap leiden. En dat er bovendien met de bij Fontys ingezette Transitie Educatief Onderwijs al zestig studiepunten profileringsruimte is ingebouwd, waarmee er ook gespecialiseerde leerkrachten worden afgeleverd.&nbsp;</p><p style="margin-left:0px;text-align:left;">Bovendien ziet Waleson nog een negatief punt: de bestuurlijke drukte zal nog groter worden. "Dan worden er weer allerlei projectgroepen, adviescolleges, studie- en klankbordgroepen en weet ik wat opgericht die zich hier dan allemaal over gaan buigen.”&nbsp;</p><p><strong>Motie</strong><br>Maar er ligt nu eenmaal een aangenomen motie. Er moet dus een wetsvoorstel komen dat vier onderwijswetten aanpast. Het oude wetsvoorstel leverde zoveel kritiek op, dat het waarschijnlijk moet worden bijgeschaafd.</p><p>De vooropleidingseisen moeten ook worden aangepast, net als de bekwaamheidseisen voor onderwijspersoneel. Er zijn bovendien nieuwe ‘kennisbases’ nodig, waarin de opleidingen landelijk overeenstemming bereiken over de vereiste stof. Daar komt bij dat nieuwe opleidingen getoetst moeten worden op doelmatigheid en kwaliteit voordat ze van start mogen. Dat is voor deze smalle pabo’s niet anders.</p><p>“Alles bij elkaar duurt het vier jaar voordat studenten kunnen starten aan de nieuwe opleidingen”, verwacht Dijkgraaf, waarmee hij de verwachtingen van de Tweede Kamer tempert. Eind dit jaar stuurt hij een uitgewerkt tijdpad, belooft hij.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,FHKE,Onderwijs Algemeen,Ligthart,PRO Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Mon, 06 May 2024 10:38:55 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/500_adobestock-391344115.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/500_adobestock-391344115.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8a08133-a32d-490f-9447-9b7f4fd7860a/adobestock-391344115.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leraar klas docent pabo]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Steeds meer kinderen hebben moeite met motoriek</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/motorische-oefeningen-steeds-moeilijker-voor-kinderen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/motorische-oefeningen-steeds-moeilijker-voor-kinderen/</guid><pp:caseid>629835</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Het maken van ogenschijnlijk makkelijke motorische bewegingen blijkt steeds moeilijker voor kinderen. Uit onderzoek is gebleken dat duizenden jongeren niet op lage kasten kunnen springen of op handen en voeten kunnen lopen. Dave van Kann, lector bij het Fontys Sport en Bewegen-lectoraat Move to Be, herkent dat gegeven.</strong>&nbsp;</span></span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Begin dit jaar zijn Dave van Kann en zijn collega’s van het lectoraat Move to Be gestart met Actief Fundament, een vierjarig programma waarbij verschillende regio’s van het land samen met de praktijk een programma ontwikkelen dat maatwerk biedt om kinderen vanaf twee jaar veel vaker in aanraking te laten komen met simpele beweegmomenten. &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/68efb361-3eea-4efe-ade4-cb082d272643/800_fontys-dave.jpg?x=1714041654946" alt="Dave van Kann" width="300" height="auto">Want, stelt Van Kann, dat is hard nodig. “Het is voor jonge kinderen heel belangrijk om veel en afwisselend te bewegen, omdat dat leidt tot motorische vaardigheden”, aldus de lector. "In het basisonderwijs hebben leerkrachten pas vanaf groep 3 de verplichting om bevoegd te zijn in het geven van bewegingsonderwijs, terwijl juist in de jaren daarvoor de bouwstenen worden ontwikkeld om op te kunnen voortborduren.”&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Achterstanden voorkomen</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Het is volgens Van Kann belangrijk dat kinderen zo jong mogelijk een goede en actieve basis krijgen, zodat ze daar op latere leeftijd voordeel uit kunnen halen. “Je wil voorkomen dat kinderen achterstanden oplopen. Los van het feit of ze wel of geen ballen kunnen vangen, ontneem je hen ook plezier. Met als gevolg dat ze bepaalde motorische oefeningen vermijden; omdat ze niet geconfronteerd willen worden met datgene waar ze niet goed in zijn.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De boodschap is duidelijk: als je de basis goed legt, kun je die achterstanden bestrijden. En die basis moet op een zo jong mogelijke leeftijd bewerkstelligd worden. Op de basisschool, maar ook thuis en in de periode vóór het kleuteronderwijs. Juist daar. Van Kann: “De vele schermpjes hebben de achterstanden versneld, maar eigenlijk is dit een tendens die we al twee of drie decennia zien. Het wordt steeds meer genormaliseerd dat kinderen minder bewegen.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Elkaar verbinden</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Voor het project Actief Fundament werkt het lectoraat Move to Be samen met verschillende kennisinstellingen, integrale kindcentra in Nederland en opleidingen van Fontys. Sport en Bewegen en Pedagogiek zijn twee belangrijke partners. “Een student van pabo ALO stimuleert het bewegen bij kinderen, maar doet dat wel pas vanaf het basisonderwijs. Dan is het eigenlijk al te laat. Daarom kijken we ook naar wat pedagogische medewerkers kunnen doen. We willen het bewegen richting de jongste leeftijd krijgen en denken dat te kunnen doen door het pedagogische veld en het basisonderwijs sterker met elkaar te verbinden.” &nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De ideale oplossing? Ervoor zorgen dat bewegen een win-winsituatie wordt. Kinderen hebben vaak een beperkte concentratieboog, maar hoe kun je bewegen als middel inzetten om die concentratieboog te verhogen? “Laat ze ontdekken, laat ze gaan, haal de rem eraf. We moeten kijken naar de meest simpele dingen, zoals het verkorten van langdurig zitten rondom eetmomenten op de kinderopvang, maar ook naar het inzetten van beweegprofessionals op de kinderopvang en het versterken van de integratie tussen verschillende disciplines.”&nbsp;&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,featured,Pabo,FHP,PRO Onderwijs,Onderzoek,Onderzoek Algemeen,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 25 Apr 2024 12:55:48 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/97179f3d-7233-4ae5-a2d8-b8b66ec5fc8c/500_shutterstock-2312009149.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/97179f3d-7233-4ae5-a2d8-b8b66ec5fc8c/500_shutterstock-2312009149.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/97179f3d-7233-4ae5-a2d8-b8b66ec5fc8c/shutterstock-2312009149.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[gymles gym basisschool kinderen leerlingen klas]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;De pabo opdelen? Niet verstandig&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-pabo-opdelen-niet-verstandig/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-pabo-opdelen-niet-verstandig/</guid><pp:caseid>626872</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De Tweede Kamer besloot deze week dat het anders moet met de pabo's. Om het lerarentekort tegen te gaan en meer mannen voor de klas te krijgen, wil de Kamer dat de minister realiseert dat er nieuwe pabo's komen, opgesplitst in één voor het oudere kind en één voor het jongere kind. Niet verstandig, zegt Fontys-directeur Nus Waleson van Kind en Educatie.</strong></p><p>Een variant is het op hoe het ooit was, in de tijd dat er nog sprake was van kleuteropleidingen. <a href="https://bron.fontys.nl/tweede-kamer-wil-pabo-splitsen-om-lerarentekort/" target="_blank">De motie</a> die een meerderheid van de Tweede Kamer deze week aannam spoort de minister aan om snel met de hbo's rond de tafel te gaan zitten om deze ‘nieuwe pabo-opleidingen voor smallere bevoegdheden’ te realiseren.&nbsp;</p><p>Het zal bij veel mensen in Nederland de wenkbrauwen hebben doen fronzen. Want niet alleen ontraadde minister Dijkgraaf de motie, ook de beroepsgroep zelf en een overgroot deel van de opleidingen ziet dit plan helemaal niet zitten. Sterker nog: een experiment van dezelfde strekking ging twee jaar geleden hopeloos de mist in omdat ook studenten er geen trek in hadden.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_nuswaleson-2.jpg?x=1712302855393" alt="Nus Waleson" width="200">Ook Nus Waleson loopt niet warm voor de wens van de Kamer. “Daar zijn twee redenen voor. Allereerst: je creëert hiermee de zoveelste weg naar het leraarschap. En er zijn misschien al wel 364 routes die je daartoe in Nederland kunt volgen. Als iedere hogeschool voor deze twee varianten dan ook weer vier routes bedenkt - deeltijd, voltijd, enzovoorts - dan neemt die massaliteit alleen maar verder toe. Het tweede is dat we bij Fontys met TEO (Transitie Educatief Onderwijs, red.) al zestig studiepunten profileringsruimte hebben ingebouwd. Daarmee kun je dus ook al gespecialiseerde leerkrachten afleveren."</p><p><strong>Te veel drukte</strong><br>De Fontys-directeur ziet nog een andere beer op de weg bij dit plan. “Wat ik los van die twee bezwaren verder vrees is dat met deze twee gescheiden opleidingen de bestuurlijke drukte nog groter wordt. Dan worden er weer allerlei projectgroepen, adviescolleges, studie- en klankbordgroepen en weet ik wat opgericht die zich hier dan allemaal over gaan buigen.”</p><p>Of de soep ook zo heet gegeten wordt als de Tweede Kamer hem nu opdient, dat moet Waleson nog zien. “Gelukkig hebben we ook nog een Eerste Kamer en een Raad van State.” Want ook als het om de ongelijkheid in mannen en vrouwen voor de klas in het basisonderwijs gaat, ziet hij in dit idee geen voordelen. “Eerder andersom. Er zal nog meer segregatie ontstaan omdat de mannen dan bijna allemaal naar de bovenbouw gaan.”</p><p><strong>Grenzen</strong><br>Verder vindt Waleson het wel curieus dat een factor die juist voor deze motie spreekt, door het parlement helemaal niet naar voren is geschoven. “Je ziet al langer dat de traditionele grenzen in het onderwijs voor de jongste leerlingen worden verlegd. Kinderopvang en de eerste paar jaar van de basisschool schuiven steeds meer in elkaar. Hetzelfde geldt voor de groepen 7 en 8 van de basisschool en de brugklassen.”</p><p>“In dat kader is er wel behoefte aan specialisatie. Aan de ene kant voor de kinderen tot en met pakweg groep 4, en aan de andere kant voor de leerlingen die in de leeftijdscategorie van acht tot veertien jaar vallen. Vanwege het feit dat ons huidige model dus wat is uitgerekt. Maar daar heb ik niets van gehoord in de berichtgeving over de Kamerdebatten rond die pabo-splitsing."</p><p>"Uiteindelijk is het dus gewoon een misplaatste poging om iets aan de problemen op de arbeidsmarkt te doen. Maar er zullen, dat blijkt ook wel uit het antwoord van de minister, buiten de Tweede Kamer weinig handen op elkaar gaan voor dit idee.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,PRO Onderwijs,Onderwijs Algemeen,Pabo]]></category>
            <pubDate>Fri, 05 Apr 2024 09:56:31 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[basisschool leraar klas pabo]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Minder jongeren kiezen de laatste jaren voor een opleiding tot leraar basisonderwijs.]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Tweede Kamer wil pabo splitsen om lerarentekort</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/tweede-kamer-wil-pabo-splitsen-om-lerarentekort/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/tweede-kamer-wil-pabo-splitsen-om-lerarentekort/</guid><pp:caseid>626672</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Van de Tweede Kamer hoeven pabo-studenten niets van kleuters te weten als ze willen lesgeven in de bovenbouw van het basisonderwijs, en omgekeerd. Een meerderheid wil ‘smalle’ pabo’s mogelijk maken.</strong></p><p>De Tweede Kamer maakt zich zorgen om het lerarentekort en, in het verlengde daarvan, om het kleine aantal mannen dat onderwijzer wil worden. Er moet iets gebeuren, vindt een meerderheid.&nbsp;<br><br>Een parlementaire meerderheid wil dat het kabinet met het onderwijs concrete afspraken maakt om het aandeel mannen voor de klas te verhogen, liefst met een streefcijfer van bijvoorbeeld ‘30 procent meesters’ in 2035. Een motie van die strekking is dinsdag aangenomen.&nbsp;<br><br>Maar een andere motie gaat verder. De Tweede Kamer verzoekt de regering om “twee nieuwe pabo-opleidingen in te richten” voor smallere lesbevoegdheden: een voor het oudere kind en een voor het jongere kind. Het kabinet zou met hogescholen in gesprek moeten gaan over het starten van deze opleidingen.&nbsp;<br><br>Daartoe moet het kabinet volgens diezelfde motie “vaart maken” met een oud wetsvoorstel dat zulke specialisaties mogelijk maakt. Momenteel leiden pabo’s op tot een lesbevoegdheid voor het hele basisonderwijs, van kleuterklas tot en met groep 8. Dat wetsvoorstel van de vorige minister belandde na de val van het kabinet in de ijskast.&nbsp;<br><br><strong>Geen draagvlak&nbsp;</strong><br>In het debat had minister Dijkgraaf de motie ontraden. Onder werkgevers, opleidingen en de beroepsgroep is er volgens hem “geen draagvlak voor smalle bevoegdheden”. Specialisaties binnen de huidige opleidingen zouden al genoeg ruimte bieden.&nbsp;<br><br>Dat was twee jaar geleden de uitkomst van een experiment: bij zeven pabo’s mochten studenten zich direct specialiseren in het jonge of oudere kind, maar een echte opsplitsing zagen de opleidingen én de studenten niet zitten. “Zeer weinig betrokkenen” zagen heil in zo’n gesplitste bevoegdheid.&nbsp;<br><br>Een van de argumenten is juist het lerarentekort waar de Tweede Kamer zich zorgen om maakt. Het zou beter zijn als pabo-afgestudeerden in het hele basisonderwijs mogen werken, meent Dijkgraaf, “zeker gegeven het grote lerarentekort en de mogelijkheden voor docenten om zich binnen het beroep van leraar verder te kunnen ontwikkelen”.&nbsp;<br><br><strong>Uitvoeren&nbsp;</strong><br>Maar dat weerhoudt de Tweede Kamer dus niet van een motie om zo’n splitsing mogelijk te maken. De VVD wil nog deze maand, voor het meireces, van het kabinet horen hoe het deze motie gaat uitvoeren.&nbsp;<br><br>Mannen vormen bijna 25 procent van de eerstejaars pabo-studenten. Ze vallen alleen vaker uit dan vrouwen. De afgelopen jaren is zo’n 18 procent van de gediplomeerden man.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo]]></category>
            <pubDate>Wed, 03 Apr 2024 16:11:20 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/500_shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0abdae1-fd41-4bf9-bd6c-333d9433f54d/shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock-pabo-leerkracht-basisschool]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Van Rabo naar Pabo: “Dít is wat ik wil!”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/van-rabo-naar-pabo-dit-is-wat-ik-wil/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/van-rabo-naar-pabo-dit-is-wat-ik-wil/</guid><pp:caseid>624937</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Je moet later geen spijt krijgen van dingen die je niet hebt gedaan of geprobeerd, zei Yolanda Smith (58) jaren geleden tegen haar opgroeiende kinderen. Dat motto heeft ze inmiddels zelf in praktijk gebracht. Op haar 55ste besloot ze na een carrière van ruim 30 jaar bij de Rabobank de overstap te maken naar het onderwijs.</strong></span></p><p><span>“Ze is lief”, zegt Elin uit groep 3 van basisschool De Meule in Venlo, als haar wordt gevraagd wat ze van haar juf vindt. “Ze leert ons lezen”, vult klasgenootje Natan aan. “En ze strikt onze veters”, weet Aiden, die zijn schoenen in de lucht steekt als bewijs dat dat regelmatig nodig is. De complimentjes regenen op juf Yolanda neer en de klas met 19 kinderen rond de 6 en 7 jaar wordt steeds enthousiaster, totdat ze een voor een opstaan om de juf een knuffel te geven.</span></p><p><span>“Dat is waarom ik dit werk zo leuk vind”, motiveert Smith. “De kinderen zijn nog zo onbevangen, dat opvoedkundige, daar houd ik van.” Smith viel een paar jaar geleden als een blok voor het leraarschap, en wel toen ze tijdens haar eerste jaar aan de Pabo in Venlo voor groep 1-2 kwam te staan. “Ik was niet van plan om weg te gaan bij de Rabobank. Ik had het naar mijn zin en was puur uit interesse begonnen aan de flexibele deeltijdopleiding.”</span><i><span> [Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p>&nbsp;</p><p><span>Wel was het vuurtje voor het onderwijs al eerder ontstaan. “Toen mijn kinderen, nu twintigers, naar school gingen, heb ik jarenlang meegeholpen als hulpouder. Ik was er zo vaak dat ik op een gegeven moment een eigen naamplaatje kreeg.” Toen Smith bij de Rabobank plots boventallig werd verklaard, dacht ze terug aan haar tijd als hulpouder. Van haar werkgever mocht ze de opleiding Doceren als tweede beroep volgen bij Instituut Mentoris.</span></p><p><strong>Boventallig</strong><br><span>Ze had zich er al helemaal op ingesteld om het onderwijs in te gaan toen haar boventalligheid toch werd ingetrokken. Ze werd naar Eindhoven overgeplaatst en ging aan de slag op een nieuwe afdeling in een nieuw team. De teleurstelling was groot. “Ik had me al verzoend met het idee om de Rabobank te verlaten en was plannen aan het maken voor een nieuwe toekomst.”</span></p><p><span>Toch vond Smith haar draai weer. Samen met een collega uit Venlo en de afdeling hr zette ze een opleidingstraject op. Daarvoor kwam haar opleiding Doceren als tweede taal toch nog van pas. De voormalige procescontroller en kredietbeheerder ging collega’s coachen en opleiden. Pas toen ze met het opleidingsbudget van de Rabobank aan de Pabo begon om zich verder te bekwamen in onderwijsvaardigheden, viel voor haar het kwartje: “Dít is wat ik wil!”. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Eenvoudig was het niet, herinnert Yolanda zich. “Vooral de eerste maanden wist ik niet wat er van me verwacht werd en ik heb meerdere keren een dip gehad. Mijn medestudenten en docenten hebben me erdoorheen geholpen.” Daarnaast kreeg ze steun uit onverwachte hoek: “Mijn zoon volgt bij Fontys de opleiding Mechatronica en geeft me bijvoorbeeld tips voor het schrijven van een scriptie. Daar had ik nog geen ervaring mee. En ik leer minder makkelijk dan toen ik jonger was.”</span></p><p><strong>Werkervaring</strong><br><span>Anderzijds heeft Smith weer heel veel aan haar werkervaring. “Ik kom uit een commerciële werkomgeving waar de meeste werkprocessen efficiënter zijn geregeld dan op een school. Ik kan meedenken in verbeteringen. Voor de Rabobank heb ik talloze gesprekken gevoerd met klanten. Ik weet hoe ik een moeilijk gesprek kan omzetten naar een leuk gesprek waardoor mijn gesprekspartner zich toch geholpen voelt. Dat helpt me in de omgang met ouders.”</span></p><p><span>Ook haar leeftijd en moederschap ziet Smith als een groot voordeel. “Vanwege mijn leeftijd accepteerden de kinderen me meteen als hun juf. En omdat ik al twee kinderen heb opgevoed, weet ik hoe ik conflicten het beste kan oplossen. Ik heb het altijd leuk gevonden om mensen te inspireren, dat deed ik bij de Rabobank al en doe ik nu weer met de kinderen. Uiteindelijk hoop ik dat de kinderen terugkijken op hun schooltijd en vinden dat ik iets voor ze heb kunnen betekenen.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Moeder en zoon ontvingen gelijktijdig hun propedeuse en binnenkort hopen ze ook tegelijk af te studeren. Smith hoeft in ieder geval niet meer op zoek naar een baan. Sinds dit schooljaar staat ze voor de klas van groep 3 op haar stageschool de Meule. “Het is best pittig”, geeft ze toe. “Alles is nieuw voor me en ik moet wennen aan de vaste schooltijden. Daardoor ben ik minder flexibel dan voorheen.” Maar dat is een kwestie van wennen, weet ze.</span></p><p><span>Smith heeft nog negen jaar te gaan voor haar pensioen. “Nog negen jaar om te doen wat ik heel leuk vind, zo kijk ik ernaar.”&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Pabo,Onderwijs,Venlo,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 19 Mar 2024 15:38:51 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b1b86e60-c2dc-45fa-b7a0-d45acbc79344/500_dsc03440.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b1b86e60-c2dc-45fa-b7a0-d45acbc79344/500_dsc03440.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b1b86e60-c2dc-45fa-b7a0-d45acbc79344/dsc03440.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Yolanda Smith]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>‘Taalprobleem reikt verder dan de pabo’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/taalprobleem-reikt-verder-dan-de-pabo/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/taalprobleem-reikt-verder-dan-de-pabo/</guid><pp:caseid>624913</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De taaltoets in je propedeusejaar niet gehaald? Dan moet je de pabo-opleiding verlaten. Dat is de strekking van het nieuwe beleid op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). Hoewel de toets nieuw zou zijn, werkt Fontys al jaren met eenzelfde soort toets. “Maar het taal- en rekenprobleem onder studenten reikt veel verder dan de pabo.”</strong></span></p><p><span>Bij de HAN wist 80 procent van de studenten geen voldoende te halen voor de toets die vanaf volgend jaar verplicht wordt. Er werd slecht gescoord op schrijfvaardigheid, spelling, woordenschat en zinsbouw. Iets waar de verplichte taaltoets verandering in moet brengen om zo de kwaliteit van de toekomstige leraren te verhogen.</span></p><p><span>De Nationale Onderwijsgids meldde dat een dergelijke taaltoets nergens anders te vinden is, maar volgens Noud Theunissen, directeur van De Nieuwste Pabo in Sittard, kennen zijn opleidingen zo’n zelfde soort toets al jaren. “We hebben in het eerste jaar zowel taal- als rekentoetsen, die deel uitmaken van de propedeuse. Wil je je propedeuse halen, dan is het succesvol afsluiten van deze toetsen noodzakelijk.”</span></p><p><span><strong>Voldoende vaardigheid</strong></span><br><span>Ook in de daaropvolgende jaren krijgen de pabostudenten de taalvaardigheidstoetsen voorgelegd, zodat zij gedurende hun studie een aantal keer langs de meter worden gelegd. “Zodat ze allemaal voldoende taal- en <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:253/auto;width:253px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0e41969d-23af-40df-bc16-6fa53db69f02/800_shutterstock-basisschool-rekenen-pabo-taal-1.jpg?x=1710852410174" alt="" width="253" height="auto">rekenvaardigheid hebben wanneer ze het werkveld betreden”, aldus Theunissen.</span></p><p><span>De moeite die studenten met taal hebben, komt volgens de directeur echter niet alleen voor op pabo-opleidingen. “Het algemene taal- en rekenniveau onder studenten in Nederland daalt. Een structureel probleem, omdat het vaardigheden zijn waar op het middelbaar onderwijs niet naar gevraagd wordt. En wanneer je een vaardigheid niet onderhoudt, verlies je hem.”&nbsp;</span></p><p><span><strong>Brede ondersteuning</strong></span><br><span>Om ervoor te zorgen dat de pabostudenten in Sittard hun vaardigheden wel op het juiste niveau houden, kent de opleiding verschillende ondersteuningsprogramma’s. Theunissen: “We willen dat onze studenten succesvol zijn. En meer dan hier voldoende aandacht aan besteden, kunnen we eigenlijk niet doen.”</span></p><p><span>Het verhogen van de taalvaardigheid van studenten staat niet alleen bij de pabo-opleidingen hoog op de agenda. Fontys kent namelijk ook de projectgroep Fontys Taalbeleid, die anticipeert op de WIB, de wet internationalisering in balans. Deze wet is een doorontwikkeling van de eerdere wet taal en toegankelijkheid, die uiteindelijk niet aangenomen werd. “Maar het ziet ernaar uit dat deze wet er binnenkort wél door komt”, aldus projectleider Sandra van de Ven.</span></p><p><span><strong>Uitvoerbaar beleid</strong></span><br><span>De nieuwe regelgeving houdt in dat iedere hogeschool in maart volgend jaar een eigen taalbeleid dient te hebben. Binnen Fontys betekent dat een beleid dat bestaat uit verschillende kaders, vastgesteld met professionals binnen de instelling. “Belangrijk daarbij is om te kijken hoe we bepaalde doelstellingen op een haalbare manier kunnen realiseren. Een uitvoerbaar beleid, daar willen we naartoe.”&nbsp;</span></p><p><span>Rond de zomer moet het conceptplan af zijn, zodat het definitieve taalbeleid aan het eind van het kalenderjaar vastgesteld kan worden. Tot die tijd kunnen studenten altijd gebruikmaken van de extra ondersteuningen die er binnen verschillende instituten al zijn, zoals Taalwerkplaatsen. Van de Ven: “Deze liggen nu nog niet vast in Fontysbreed beleid, maar we willen straks iedere student handvatten bieden om aan zijn of haar taalvaardigheid te werken. We willen dat onze studenten uiteindelijk allemaal zo goed mogelijk voorbereid zijn op hun loopbaan. Want met een taalachterstand beginnen aan je carrière is niet alleen voor een werkgever niet wenselijk, maar al helemaal niet voor studenten.”</span></p><p><span><strong>Moeite met taal</strong></span><br><span>Dat ziet ook Katinka de Croon, lid van de werkgroep ‘Taal- en leesontwikkelend opleiden’ van Fontys Kind en Educatie (FKE). “Als een student moeite heeft met schriftelijke taalvaardigheid, is er vaak ook sprake van een tekort aan verdiepende kennis. En als je mondeling al niet goed duidelijk kunt maken wat je wil vertellen, wordt dat op papier helemaal lastig." [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto]&nbsp;</span></i></p><p><span>Daarom ontwikkelde Fontys Kind en Educatie zo’n zeven jaar geleden al een eigen taalbeleid met als doel om studenten te begeleiden op het gebied van professionele taalvaardigheid, van propedeuseniveau naar hbo-eindniveau. “Al onze docenten ondersteunen studenten middels dit beleid zoveel mogelijk in hun taal- en denkontwikkeling, waarbij studenten leren om nieuwe kennis om te zetten in schriftelijke inzichten.”</span></p><p><span><strong>Te weinig begeleiding</strong></span><br><span>Volgens De Croon hebben studenten voornamelijk moeite met schriftelijke taalvaardigheden, zoals analyseren en reflecteren. “We toetsen de voortgang van onze studenten aan de hand van portfolio’s en merkten dat we onze studenten eigenlijk veel te weinig ondersteunen in het schriftelijk weergeven van hun inzichten. We gingen er maar van uit dat het ze lukte op basis van ons aanbod en aanbevolen literatuur om de juiste en soms ook complexe schriftelijke taal te vinden, maar dat was lang niet voor iedere student het geval.”</span></p><p><span>In het taalbeleid van FKE staat dan ook vooral het professionaliseren van de docenten centraal. “Docenten moeten studenten bewust leren hoe zij informatie kunnen verwerken en omzetten in schriftelijke producten. Daar zijn we volop mee bezig, en iedere docent is er inmiddels van overtuigd dat zijn of haar rol in het begeleiden van studenten daarin ontzettend belangrijk is.”</span></p><p><span><strong>Mogelijk maken</strong></span><br><span>Om (nog) meer zicht te krijgen in werkwijzen die effectief zijn in het taalonderwijs en het ondersteunen van de taalvaardigheid van studenten heeft FKE samen met het domein educatie (FLOT, PTH, Pedagogiek) ook een aanvraag gedaan voor een lectoraat op het gebied van taal. “Juist om dit soort Fontysbrede vraagstukken extra te kunnen ondersteunen vanuit onderzoek.”</span></p><p><span>Maar eerst het algemene taalbeleid dat dus volgend jaar actief gebruikt moet worden door alle instituten. “Wij hebben bij Kind en Educatie al heel wat mooie stappen gezet, in lijn met wat binnen heel Fontys wordt doorgezet. Dat we straks vanuit een breed ondersteund kader specifiek kunnen kijken wat nodig is om de ontwikkeling van professionele taalvaardigheid mogelijk te maken, maakt van dit beleid iets moois.”&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FKE,Pabo,Onderwijs Algemeen,Eindhoven,Tilburg,Venlo]]></category>
            <pubDate>Tue, 19 Mar 2024 13:50:29 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_read-7205281.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_read-7205281.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/read-7205281.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Nederlands]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Eigen materiaal ontwikkelen belangrijk voor leerkrachten&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/eigen-materiaal-ontwikkelen-belangrijk-voor-leerkrachten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/eigen-materiaal-ontwikkelen-belangrijk-voor-leerkrachten/</guid><pp:caseid>623010</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Onlangs klaagde een masterstudent over zijn deeltijdopleiding tot leraar, die naar zijn gevoel nauwelijks aansluit bij de praktijk. Fontysdirecteur Anton van den Brink gaf toen aan dat de schoen niet wringt bij onderwijsvernieuwing, maar bij de beperkte tijd die deze studenten &nbsp;op hun werk worden uitgeroosterd. &nbsp;Marina Bouckaert voegt daar in onderstaande opinie nog een ander invalshoek aan toe.&nbsp;</strong></p><p style="text-align:justify;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a2bd743e-7662-4bee-89ef-6ca78ce08669/500_marinabouckaert-dendraak.jpg?x=1709725345684" alt="Marina Bouckaert" width="200">Wat schrok ik van de stelling van masterstudent Jeff van der Linden in <a href="https://bron.fontys.nl/lerarenopleidingen-sluiten-niet-aan-op-elke-praktijk/" target="_blank">het artikel</a> in Bron dat “de dingen die studenten op deeltijd lerarenopleidingen volgen, amper terugkomen als zij voor de klas staan”. Zijn eerder ingezonden brief in Trouw – met daarin “De lerarenopleiding creëert zelfdestructieve hardlopers” – vond ik ronduit schokkend. En toch bemerkte ik bij mezelf een tikje herkenning en een sprankje hoop.</p><p style="text-align:justify;">Zoals FLOS-directeur Anton van den Brink in het genoemde artikel erkent, is het inderdaad ondoenlijk een deeltijdopleiding te volgen, met alle opdrachten en eisen van dien, en daar slechts die ene opleidingsdag voor vrij geroosterd te worden.</p><p style="text-align:justify;">Ook heeft Jeff gelijk wanneer hij stelt dat op een effectieve en efficiënte manier met lesmethodes leren werken – en kritische keuzes kunnen maken met betrekking tot het weglaten of aanpassen van onderdelen daarvan – systematischer aandacht verdient in de opleiding. Zowel bij de eerste- en tweedegraadsopleidingen als bij de pabo is mijn ervaring dat we hier vrij gemakkelijk overheen stappen, er wellicht van uitgaande dat dat vanzelf wel goedkomt in de praktijk. Zeker voor beginnende leraren is de kracht van de lesmethode als bron van zekerheid, als autoriteit, niet te onderschatten.</p><p style="text-align:justify;"><strong>Motivatie</strong><br>Het leren ontwerpen, gebruiken en evalueren van je eigen materiaal is echter niet alleen een belangrijk middel voor onderwijsverbetering. Het is een krachtige vorm van professionele ontwikkeling.&nbsp;</p><p style="text-align:justify;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:576/auto;width:576px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f32afdbf-7a9e-4550-be34-8194006346b3/1920_ideeboekinnovatie.jpg?x=1709725732392" alt="" width="576" height="auto">Onderzoek bevestigt de ervaringen van leraren die met hun eigen materialen werken: je sluit ermee aan op de onderwijsbehoeften van jouw leerlingen (die jij beter kent dan de uitgever), je kunt er actuele gebeurtenissen en thema’s in kwijt, het helpt je de leerstof te personaliseren en te contextualiseren. Het motiveert daarmee jouw leerlingen en niet in de laatste plaats jou zelf.</p><p style="text-align:justify;">Kortom, materiaalontwikkeling is waar jouw kennis van vakinhoud, didactiek, jouw praktijkcontext en jijzelf als professional samenkomen. Voor een taaldocent is het zelfs “de ultieme vorm van toegepaste taalwetenschap” genoemd (Timmis, 2014).</p><p style="text-align:justify;">Dit lijkt mij dan ook een belangrijke drijfveer voor lerarenopleiders om materiaalontwikkeling een prominente plek te geven. Met beperkte tijd en middelen proberen we studenten voor te bereiden op één van de meest complexe beroepen die er zijn, en dat voor zeer uiteenlopende contexten. Met jouw eigen materiaal kun je essentiële leeruitkomsten aantonen. We willen jou als professional met deze opdrachten stimuleren om kennis, vaardigheden en een houding te ontwikkelen die je vooral ook ná de opleiding van pas komen.</p><p style="text-align:justify;">Van kritiek belang daarbij is dat je als student en startbekwame leraar tijd en ruimte krijgt, zowel gedurende de opleiding als tijdens de inductiefase op school. In dat licht biedt de pilot Onderwijstijd, waarin scholen minder lesuren inroosteren en in plaats daarvan meer tijd zullen besteden aan lesvoorbereiding en ontwikkeltijd voor leraren, een mooie kans. Ik wens Jeff en onze andere collega’s-in-opleiding zulke kansen toe.</p><p style="text-align:justify;"><i>Marina Bouckaert is vakexpert Taal bij Fontys Kind en Educatie. Zij is als senior onderzoeker verbonden aan Kenniscentrum YES, Youth Education for Society. Haar promotieonderzoek richtte zich op het ontwikkelen van eigen lesmateriaal als professionaliseringsstrategie voor (taal)docenten.</i></p>]]></description><category><![CDATA[Opinie,Nieuws,Onderwijs Algemeen,Pabo,FLOS,FLOT,FHKE,Deeltijd,PRO Onderwijs,Sittard,Tilburg]]></category>
            <pubDate>Wed, 06 Mar 2024 12:54:41 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/462110e6-cfc3-4b66-ac60-b817fa4ec9f5/500_leraarleerlingenblij.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/462110e6-cfc3-4b66-ac60-b817fa4ec9f5/500_leraarleerlingenblij.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/462110e6-cfc3-4b66-ac60-b817fa4ec9f5/leraarleerlingenblij.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leraar leerlingen blij]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Basisonderwijs mist nog steeds meesters en dus rolmodellen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/basisonderwijs-mist-meesters-en-dus-ook-rolmodellen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/basisonderwijs-mist-meesters-en-dus-ook-rolmodellen/</guid><pp:caseid>622350</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De Tweede Kamer is duidelijk: er moeten meer meesters voor de klas. Nu is nog maar 13 procent van de leraren op de basisschool man, maar daar moet volgens het kabinet de komende jaren flink verandering in komen. Een uitdaging, maar niet onmogelijk, denkt Nus Waleson, directeur Fontys Hogeschool Kind en Educatie.</strong></span></p><p><span>Waleson ziet binnen zijn instituut dat de populatie vrouwen de mannen sterk overtreft. Dat is volgens hem al jaren zo. “Mannen kiezen minder snel voor de pabo vanwege het imago van het vak. Die feminisering heeft een versterkend effect, waardoor de mannelijke student sneller een andere beroepskeuze maakt.”</span></p><p><span>Ook de hbo-brede ontwikkelingen zijn volgens de directeur een belangrijke factor als het gaat om het ontbreken van de mannelijke leraar. “Het onderwijs van nu is erg ‘talig’. Reflecties, portfolio’s en de moderne vorm van toetsing zijn veelal gebaseerd op taalvaardigheid. En in het algemeen zijn meiden taalvaardiger dan jongens. Dat werkt in ons geval niet mee om meer mannelijke studenten aan te trekken.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:215/auto;width:215px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_nuswaleson-2.jpg?x=1709219235815" alt="Nus Waleson" width="215" height="auto">Meesters voorop</strong><br><span>Toch probeert Kind en Educatie middels verschillende initiatieven de mannelijke student aan de opleiding te binden. Zo is in het verleden de campagne ‘Veel Meer Meesters’ uitgerold en werkt Fontys samen met Brabant Meestert, een community van mannelijke leraren die zich inzet voor het werven van meer collega’s van hetzelfde geslacht.</span></p><p><span>Hoewel Waleson geen resultaten van bijvoorbeeld de campagne kan delen, lijken de initiatieven niet echt hun vruchten af te werpen. </span><a href="https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/artikel/5437472/mannen-voor-de-klas-basisschool-plan-tweede-kamer" target="_blank"><span>Landelijk gezien </span></a><span>is namelijk maar 13 procent van de leraren op de basisschool man. “Zulke campagnes kunnen ook een tegengesteld effect hebben. Als er zoveel om mannelijke leraren gevraagd wordt, zal er in die sector vast iets mis zijn’”, vult de directeur aan.</span></p><p><strong>Rolmodel</strong><br><span>En dat terwijl deze leraren echt nodig zijn. Niet alleen om het tekort in het onderwijs op te vangen, maar ook om als rolmodel te fungeren voor (jonge) kinderen. “Deze kinderen moeten zich kunnen identificeren met of afzetten tegen zowel mannen als vrouwen. Dat vormt hun persoonlijkheid en identiteit. Wanneer dat eenzijdig gevoed wordt is dat niet per se schadelijk, maar geeft dat wel een ander beeld.”</span></p><p><span>Vierdejaarsstudent Mees Kerkhof is het daar helemaal mee eens. Hij beslaat met veertien mannelijke medestudenten ongeveer een kwart van zijn lichting. Als leerling had hij alleen in groep 7 en 8 een mannelijke docent, maar dat waren wel de voorbeelden die hij nog steeds voor ogen heeft als hij denkt aan zijn eigen leraarschap. “Mannen denken toch wat anders over bepaalde zaken dan vrouwen en zijn wat harder. Dat is goed voor de weerbaarheid van een kind.”</span><br><br><span>Mees bedoelt daar allesbehalve mee dat de juffen op basisscholen minder belangrijk zijn. “Maar het zijn wel verschillen waar een kind in zijn of haar ontwikkeling veel aan kan hebben en waar voornamelijk jongens behoefte aan hebben."</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b0965488-4177-4d32-9b7b-d1ac90617794/500_knipsel-4.png?x=1709219266663" alt="Mees Kerkhof" width="200">Ontwikkelingen</strong><br><span>Hoe zorgt Fontys er dan voor dat juist die mannen hun weg naar het basisonderwijs vinden? Wellicht biedt TEO, de Transitie Educatieve Opleidingen waarbij educatieve opleidingen kijken hoe zij intensiever kunnen samenwerken en kwaliteit van het onderwijs kunnen borgen, uitkomst. Een optie daarbij is volgens Waleson om in het keuzepakket meer masculiene elementen rondom sport en techniek te brengen. </span><a href="https://bron.fontys.nl/pabos-zien-opsplitsing-nog-steeds-niet-zitten/"><span>Gescheiden hbo-opleidingen</span></a><span> voor het jonge en oudere kind ziet de directeur niet zitten, terwijl het Kabinet daar – wederom - wel heil in ziet.</span></p><p><span>Ook Mees denkt dat een splitsing in de opleidingen geen goed idee is. “Maar een combinatie zou juist wel weer goed kunnen werken. Als net beginnende student ben je sowieso nog erg zoekende naar wat bij je past. Loop in de eerste twee jaar eens een half jaar stage in de onderbouw en bovenbouw. Dan kun je je vanaf het derde jaar specialiseren.”</span><br><br><strong>Balans in leraarschap</strong><br><span>Zelf weet de vierdejaarsstudent ondertussen ook heel goed waar hij aan toe is. “Ik ben een sociaal dier en moet contact kunnen maken met kinderen. Van werken met kleuters word ik bijvoorbeeld niet blij, maar een kleuterjuf wil misschien net zo graag niet op een oudere groep staan. Voor de kinderen zou het het beste zijn wanneer ze van iedereen les krijgen. Zowel van mannen als vrouwen, en van alle leeftijden.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo,FHKE,PRO Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Thu, 29 Feb 2024 17:51:55 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_leraarschoolbordwanhoopdepressed.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_leraarschoolbordwanhoopdepressed.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/leraarschoolbordwanhoopdepressed.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leraar schoolbord wanhoop depressed]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Initiatief Pabo Venlo wekt belangstelling staatssecretaris</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/initiatief-pabo-venlo-wekt-belangstelling-staatssecretaris/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/initiatief-pabo-venlo-wekt-belangstelling-staatssecretaris/</guid><pp:caseid>619185</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Sinds het opheffen van de mediatheken kunnen Pabo-studenten in Venlo niet meer op het eigen instituut terecht voor studieboeken en jeugdliteratuur. “Heel jammer”, zeggen Shirley en Nursah. Maar sindsdien is de samenwerking tussen Fontys Kind en Educatie en bibliotheek Venlo flink uitgebreid. Tot tevredenheid van de studentes. Zelfs de staatssecretaris van onderwijs wilde meer weten over het initiatief.</strong></span></p><p><span>Jarenlang konden studenten en docenten van Pabo Venlo voor studieboeken en jeugdliteratuur putten uit de eigen collectie. Tot de fysieke </span><a href="https://bron.fontys.nl/lectoren-zijn-tegen-opheffen-van-fysieke-mediatheken/"><span>mediatheken</span></a><span> door bezuinigingen en digitalisering vorig jaar werden opgeheven. Nu rest nog slechts een wand in een gang van het gebouw met boeken. Je kunt er niet omheen, maar de collectie wordt niet meer vernieuwd.</span></p><p><span>Pabo-studenten Nursah en Shirley waren vaak te vinden in de mediatheek. “Je kon er makkelijk even binnenlopen”, zeggen ze. “En we konden materialen lenen van andere campussen.” Toch ervaren ze het niet als een hoge drempel dat ze nu voor hun materialen de deur uit moeten naar het centrum van Venlo. “We hebben een gratis biebpas gekregen en kunnen geleende boeken bij de Pabo inleveren, daarvoor hoeven we niet speciaal naar de bibliotheek.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:304/auto;width:304px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e8717d99-70b9-4669-87fe-d4a409d1c85b/800_shirleyennursah-gespeigeld.jpg?x=1706612270393" alt="Nursah en Shirley " width="304" height="auto"><strong>Leesconsulenten</strong></span><br><span>Ook zijn er leesconsulenten aanwezig bij wie ze terechtkunnen met vragen en die hen helpen met boeken uitzoeken om mee te nemen naar hun stagescholen en te gebruiken in de les. “De leesconsulenten geven ons ook waardevolle tips en doen voor hoe we lezen spelenderwijs onder de aandacht van onze leerlingen kunnen brengen”, aldus Nursah en Shirley.</span></p><p><span>De samenwerking tussen de Pabo en de bibliotheek in Venlo is niet nieuw, maar deze is wel uitgebreid sinds de opheffing van de mediatheek. Dat is ook de staatssecretaris van onderwijs Fleur Gräper-van Koolwijk ter ore gekomen, die maandagmiddag een bezoek bracht aan de bibliotheek. “Het enthousiasme en de kennisuitwisseling die door de samenwerking kan plaatsvinden, gaat denk ik heel veel kinderen helpen.”</span></p><p><strong>Belangrijke schakel</strong><br><span>De staatssecretaris begrijpt wel waarom Fontys de eigen mediatheken heeft opgeheven. “Het onderhouden van een eigen mediatheek kan heel ingewikkeld zijn, terwijl bibliotheken die taak al van zichzelf hebben. Dat betekent wel dat je de samenwerking met de bibliotheken verder moet versterken. Voor de leesbevordering van kinderen zijn aankomende leerkrachten een belangrijke schakel.”</span></p><p><span>Pabo-docent Vital Hanssen beaamt dat. “Onze studenten kunnen niet alleen gebruikmaken van de nieuwste boeken, we gaan ook elk kwartaal met onze studenten naar de bibliotheek. Daar <img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:414/auto;width:414px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/eab5df0a-2dc9-4b73-ba50-c7a5da948e34/800_staatssecretarisfleurgraumlper-vankoolwijk.jpg?x=1706612864159" alt="Staatssecretaris Fleur Gräper-van Koolwijk" width="414" height="auto">worden ze geadviseerd en ondersteund door leesconsulenten. Ze volgen workshops en activiteiten om hun eigen leesvaardigheid te bevorderen en doen inspiratie op om hun&nbsp;opgedane kennis en enthousiasme over te brengen op leerlingen.”</span></p><p><span>De leesconsulenten van de bibliotheek zijn niet alleen aanwezig in de bibliotheek, maar ook op de stagescholen en regelmatig op de Pabo. De lijntjes zijn kort. Nu nog wordt de samenwerking bekostigd uit publieke middelen. Maar de stimuleringsregeling waarmee onder meer het gratis lidmaatschap, het transport van de boeken en de leesconsulenten worden bekostigd, loopt eind dit jaar af. Gesprekken over verlenging of een andere bekostiging lopen volop.</span></p><p><strong>Zien lezen, doet lezen</strong><br><span>En wordt er al meer gelezen in de klas, vraagt de staatssecretaris aan het einde van haar bezoek. “Zien lezen, doet lezen”, zegt Shirley, die regelmatig op een rustig moment een boek leest in de klas. “Dan komen kinderen nieuwsgierig vragen welk boek ik lees en waarom ik dat zo leuk vind. Die nieuwsgierigheid is een eerste stap naar het oppakken van een eigen boek.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,Venlo,Pabo,PRO Onderwijs,Pabo&#039;s]]></category>
            <pubDate>Tue, 30 Jan 2024 12:14:26 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/450aed3d-ae2c-4a07-af81-6aef5861bf67/500_staatssecretaris12.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/450aed3d-ae2c-4a07-af81-6aef5861bf67/500_staatssecretaris12.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/450aed3d-ae2c-4a07-af81-6aef5861bf67/staatssecretaris12.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De staatssecretaris (r) in gesprek met leesconsulente Elise Stroeken en Pabo-studenten Shirley en Nursah. foto&amp;#039;s Paul Rous]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>“Ik wil impact maken in verbinding met de praktijk”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ik-wil-impact-maken-in-verbinding-met-de-praktijk/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ik-wil-impact-maken-in-verbinding-met-de-praktijk/</guid><pp:caseid>614838</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Bijdragen aan optimale ontwikkelingsmogelijkheden voor alle kinderen, dat is wat Henderijn Heldens voor ogen heeft. Vanaf januari is ze de eerste lector Onderwijs in Verbinding, dat praktijkgericht onderzoek verricht voor de Nieuwste Pabo in Sittard. “Ik wil met het lectoraat impact maken in verbinding met de praktijk.”</strong></span></p><p><span>Dit jaar nog vierde ze haar 25-jarige werkjubileum bij Fontys voordat ze in dienst gaat bij Zuyd Hogeschool. Maar weg bij Fontys is Henderijn Heldens allerminst. Het lectoraat dat ze gaat leiden, Onderwijs in Verbinding, is verbonden aan de Nieuwste Pabo in Sittard, een samenwerking tussen de pabo's van Fontys Hogeschool en Zuyd Hogeschool. Met het lectoraat wil ze niet alleen bijdragen aan optimale ontwikkelingsmogelijkheden voor alle kinderen in het basisonderwijs, maar ook voor studenten aan de Nieuwste Pabo en leerkrachten en schoolleiders in het werkveld.</span></p><p><span>Een logische stap voor de Limburgse lector, die sociale geografie studeerde in Utrecht. Met de start van het nieuwe lectoraat in januari bouwt Heldens verder aan de kennis die ze door de jaren heen heeft opgedaan. Zo is ze jarenlang actief geweest als pabodocent Aardrijkskunde en Mens en Maatschappij, waarna ze in verschillende rollen heeft gewerkt aan curriculumontwikkeling, kwaliteitszorg en onderwijsinnovatie. “Heel leuk werk omdat het over de inhoud van het curriculum gaat en de kwaliteit van leren”, aldus Heldens.</span></p><p><strong>Iets betekenen</strong><br><span>In 2017 promoveerde ze op de samenwerking van lerarenopleiders in netwerken en tegelijk werkte ze als docent voor een tweetal masteropleidingen: Leren en Innoveren en Leadership in Education. Vanaf dat moment is ze meer en meer de kant op gegaan van het lectoraat. Tijdens haar promotieonderzoek was ze al werkzaam voor het lectoraat Goed leraarschap, goed leiderschap en tot eind dit jaar is ze als associate lector verbonden aan het lectoraat Cross-border business development van Fontys International Business Studies in Venlo. “Ook hier zoeken we de verbinding met het onderwijs.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:259/auto;width:259px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a28072ce-f1e7-484d-97fb-02d3794e91bb/800_henderijnheldens-3.jpeg?x=1702992959055" alt="Henderijn Heldens" width="259" height="auto">Het praktijkonderzoek vindt ze fantastisch om te doen. Met het nieuwe lectoraat Onderwijs in Verbinding ziet ze kansen om ‘echt iets te betekenen voor scholen’. Daarbij legt ze de lat hoog. “Ik wil impact maken in verbinding met de praktijk.” Dat is volgens haar meer dan alleen een bepaald resultaat behalen, een boekje voor in de la. “De ambitie is om samen met scholen en leerkrachten middelen en structuren te ontwikkelen en beschikbaar te stellen die bijdragen aan het bieden van optimale ontwikkelingsmogelijkheden voor kinderen.”</span></p><p><span>Centraal binnen het lectoraat staan vraagstukken rondom de ontwikkeling van de professionele identiteit van leraren en schoolleiders, en wel in relatie tot kansenongelijkheid. “Onderzoeken wijzen uit dat Limburgers verhoudingsgewijs wat lager scoren dan de rest van de Nederlanders als het gaat om vitaliteit, afstand tot de arbeidsmarkt, taalontwikkeling en geletterdheid”, licht Heldens toe. “Hier ligt een grote uitdaging. De Pabo ziet het als haar maatschappelijke opdracht om aankomende en zittende leerkrachten vanuit dit perspectief op te leiden.”</span></p><p><span><strong>Kansengelijkheid</strong></span><br><span>De school in verbinding met ouders, de wijk en andere professionals, daarmee verandert de rol van leerkracht. Het traditionele beeld van een leraar die voor de klas staat met de deur dicht, is volgens Heldens vrijwel nergens meer de realiteit: “Onderwijs waarin kansengelijkheid van kinderen centraal staat, vraagt om leraren die blijven werken aan de ontwikkeling van hun eigen professionele identiteit, en om docenten die aanstaande leerkrachten hierop voorbereiden.”</span></p><p><span>Dat is geen eenvoudige klus, weet de lector. “Er is geen cursus die ze ‘eventjes’ kunnen volgen. Iedere leraar is uniek.” Met het lectoraat wil Heldens dan ook vooral onderzoeken wat de ontwikkeling van de professionele identiteit van de leraar vraagt. Hoe kunnen zij hun eigen kracht inzetten om vanuit verbinding te gaan werken?</span></p><p><span>De lector gaat zich de eerste maanden van het nieuw jaar in eerste instantie richten op het vormgeven van het lectoraat en het uitdiepen van de thema’s. Daarbij gaat ze ook zelf de verbinding aan, en wel met de opleiding, </span>het werkveld <span>en beide hogescholen. Partnerschap is belangrijk om tot een gedragen en relevant onderzoeksprogramma te komen, weet Heldens. “Ik zou het mooi vinden als ik over een aantal jaar met de onderzoeksgroep een bijdrage heb kunnen leveren aan het curriculum van de Nieuwste Pabo en dat we met ons onderzoek relevant zijn geweest voor het werkveld.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[interview,Pabo,lerarenopleiding en pabo&#039;s,Onderwijs Algemeen,Sittard,Lectoraten]]></category>
            <pubDate>Wed, 20 Dec 2023 09:30:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/be4e03c6-2c07-43de-ba50-68be5f572944/500_henderijnheldens-2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/be4e03c6-2c07-43de-ba50-68be5f572944/500_henderijnheldens-2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/be4e03c6-2c07-43de-ba50-68be5f572944/henderijnheldens-2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Henderijn Heldens]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuw spel zet hoogbegaafde kinderen in hun kracht</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuw-spel-zet-hoogbegaafde-kinderen-in-hun-kracht/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuw-spel-zet-hoogbegaafde-kinderen-in-hun-kracht/</guid><pp:caseid>591329</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Hoe kun je kinderen met (kenmerken van) hoogbegaafdheid laten ontdekken wie ze zijn? Die vraag stond centraal bij het ontwikkelen van KarakterKracht, een spel dat dinsdag bij de pabo in Den Bosch op feestelijke wijze is gelanceerd.</strong></p><p>Het spel markeert het einde van een driejarig project van de onderzoekswerkplaats POINT (Passend Onderwijs voor Ieder Nieuw Talent), waar leraren, wetenschappers en pabodocenten en -onderzoekers samenwerken om passend onderwijs te ontwikkelen voor (hoog)begaafde leerlingen in de reguliere klas. Fontys is daar ook bij aangesloten.</p><p>Kim Smeets, coördinator van het project en werkzaam bij POINT, legt uit dat er in de afgelopen drie jaar veel werk is verricht. “In het eerste jaar hebben leraren zelf onderzoek gedaan. In het tweede jaar hebben ze het onderzoek uitgevoerd. En in het derde jaar is het onderzoek geïmplementeerd”, zo klinkt het. “Maar de betrokken leerkrachten zijn ook bezig geweest met het maken van een eindproduct waarbij alle opgedane kennis is gebruikt.” <i>[Tekst gaat verder onder de foto's]</i></p><p>KarakterKracht dus, een spel met een belangrijk doel: alle leerlingen, met in het bijzonder (hoog)begaafde leerlingen, ondersteunen bij het beter begrijpen van zichzelf en het beter begrepen worden door anderen. Het zelfbeeld moet verbeteren. “Hiermee willen we kinderen kunnen laten ontdekken wie ze zijn”, vertelt docentonderzoeker Ellen Rohaan. “We willen dat leerlingen met hoogbegaafdheid beter gezien worden in het onderwijs.”</p><p>KarakterKracht bestaat uit drie onderdelen: kennen, herkennen en erkennen. Bij het deel ‘kennen’ is het de bedoeling dat de spelers de basiskennis leren om de rest van het spel te begrijpen. Daarna komt het tweede deel: ‘herkennen’. Dit bestaat uit 72 kaarten met allerlei verschillende karakterkrachten en stellingen, allemaal vanuit de positieve psychologie benaderd. En dan is er ook nog het deel ‘erkennen’, waarbij de deelnemers van het spel daadwerkelijk aan de slag gaan met de karakterkrachten.</p><p>Het spel is gericht op leerlingen van negen tot veertien jaar, maar kan ook worden gebruikt door professionals die met hen werken. Zoals Sander van Hal, werkzaam in het voortgezet onderwijs. Hij is één van de velen die het spel dinsdag krijgt uitgereikt en het in de praktijk gaat toepassen. “Ik denk dat het heel bruikbaar gaat zijn”, vertelt hij. “De hele vakantie heb ik nagedacht over wat ik met het spel ga doen als ik het in mijn handen zou hebben. Natuurlijk ga ik het in de klas gebruiken, maar ik ben heel benieuwd hoe het gaat vallen.”</p><p>Het product, dat in samenwerking met het onderwijsadviesbureau Onderwijs Maak Je Samen is ontwikkeld, is vanaf vandaag <a href="https://shop.onderwijsmaakjesamen.nl/karakterkracht.html" target="_blank">verkrijgbaar</a>. <i>[Karen Luiken]</i>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHKE,Pabo,PRO Onderwijs]]></category>
            <pubDate>Wed, 20 Sep 2023 13:26:12 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/f30d3605-e6d9-4351-a419-130cbaae894b/500_-66a5093.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/f30d3605-e6d9-4351-a419-130cbaae894b/500_-66a5093.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/f30d3605-e6d9-4351-a419-130cbaae894b/-66a5093.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[KarakterKracht, foto: Onderwijs Maak Je Samen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Studietijd is tegenwoordig een hogedrukketel&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studietijd-is-tegenwoordig-een-hogedrukketel/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studietijd-is-tegenwoordig-een-hogedrukketel/</guid><pp:caseid>577430</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Koningin Máxima en minister Robbert Dijkgraaf ontvingen bij Fontys Pedagogiek in Den Bosch een uitgebreid onderzoeksrapport over stress en prestatiedruk onder studenten. “De studietijd is tegenwoordig een hogedrukketel”, aldus de minister. “Het tegenovergestelde zou het geval moeten zijn.”</strong></p><p><span>Het </span><a href="https://www.trimbos.nl/actueel/nieuws/studenten-noemen-opstapeling-van-onzekerheden-als-bron-voor-prestatiedruk/" target="_blank"><span>onderzoek </span></a><span>naar het mentale welzijn van studenten in het hoger onderwijs is gedaan samen met het Expertisecentrum inclusief onderwijs en het RIVM, en bevat ook </span><a href="https://bron.fontys.nl/maak-stress-en-prestatiedruk-onder-studenten-bespreekbaar/" target="_blank"><span>bijdragen van Fontysstudenten en -medewerkers</span></a><span>. Dat de psychische druk op studenten al sinds jaren toeneemt, en al helemaal door en na de coronacrisis, was al langer bekend. Maar dit onderzoeksrapport, genaamd ‘Harder, better, faster, stronger’, maakt duidelijker wat de oorzaken zijn en wat er mogelijk tegen gedaan kan worden. &nbsp;</span></p><p><span>“En we hebben de risicofactoren in kaart gebracht”, aldus Jolien Dopmeijer, projectleider studenten bij het Trimbos-instituut. “De aanpak en vermindering van stress en prestatiedruk is een gedeelde verantwoordelijkheid. Van de studenten zelf, van de opleidingen, van de overheid en van de maatschappij.”</span></p><p><span>De grote hoeveelheid onzekerheden in het leven van jongeren, individueel, op school én in de maatschappij, zijn niet te vergelijken met de situatie van pakweg twintig of vijftig jaar geleden. Zowel studenten als de minister zelf gaven tijdens de speciale bijeenkomst in Den Bosch aan dat vergelijkingen met voorgaande generaties daarom altijd mank gaan en er alleen maar voor zorgen dat de studenten zich nog minder gehoord voelen.&nbsp;</span></p><p><span>De koningin prees de onderzoekers en iedereen die eraan heeft meegedaan voor het werk wat zij hebben verricht. Zowel zij als de minister vinden het onderzoek van groot belang en ook dat er in praktijk iets mee gedaan wordt. Dijkgraaf wees erop dat het kabinet al enkele maatregelen heeft genomen die de druk enigszins van de ketel zouden moeten halen, zoals de herinvoering van de basisbeurs en de versoepeling van de bsa.&nbsp;</span></p><p><span><strong>Praten</strong></span><br><span>Maar vooral uit het panelgesprek, met daarin Fontysstudent Jelmer Fieret en Heidi van den Hout (projectleider van studentenwelzijn bij Fontys Pedagogiek), werd duidelijk waar de haken en ogen zitten. Net als bij de deelsessies waarin experts en studenten de diepte opzochten op bepaalde thema's. Er is te weinig ruimte en tijd voor zelfontwikkeling. En dat terwijl, zoals Dijkgraaf zei: “Dit nu juist de tijd en de plek is waar je je</span><i><span> life skills</span></i><span> ontwikkelt.” [</span><i><span>Tekst loopt door onder foto's</span></i><span>]</span></p><p>Vrijwel alle aanwezige studenten noemden gebrek aan tijd en ruimte. Dat, en het feit dat het ervaren van stress en prestatiedruk beter, vaker en gemakkelijker bespreekbaar zou moeten worden. Op de hogescholen en universiteiten, maar ook bij verenigingen en onder medestudenten. Als het om het onderwijs gaat, zouden vooral de docenten en coaches hierin een grote (voorbeeld)rol kunnen spelen.&nbsp;</p><p><strong>Verlies</strong><br>Fontysprojectleider Heidi van den Hout presenteerde de deelsessie, samen met onder andere Fontysstudent Daphne Pommé, waarbij de koningin en de minister aanwezig waren. Het ging dan over waar stress vandaan komt en in welke vormen, en het gevoel van verlies dat - als het een kleinere vorm van verlies is, waar niet om gerouwd wordt - niet altijd herkenbaar is. En hoe studenten verlies en daaruit voortkomende stress vaak wegdrukken, wat een hele kettingreactie aan verkeerde handelingen en emoties kan veroorzaken.&nbsp;</p><p>De koningin vroeg zich af of sommige stress niet gewoon tijdelijk is. En de minister had eerder al aangegeven dat stress ook gezond kan zijn, wat tot betere prestaties kan leiden. Maar over die stress ging het nu eigenlijk niet. Het meest enthousiast werd de koningin nog toen tijdens de presentatie werd uitgelegd dat de beste manier om studenten te ondersteunen ‘<i>caring en daring </i>’ is: ondersteunen en helpen waar mogelijk en anderzijds uitdagen. Of dat nu gaat om beter te worden in iets, jezelf te ontwikkelen of problemen te tackelen dan wel bespreekbaar te maken. [<i>Jan Ligthart</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHP,Den Bosch,PRO Onderwijs,Pabo]]></category>
            <pubDate>Wed, 14 Jun 2023 21:11:58 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e7625b4d-a4c4-4f26-b148-25509edd854f/500_ontvangstrapport.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e7625b4d-a4c4-4f26-b148-25509edd854f/500_ontvangstrapport.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e7625b4d-a4c4-4f26-b148-25509edd854f/ontvangstrapport.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Koningin M&amp;aacute;xima en minister Dijkgraaf nemen het Trimbos-rapport in ontvangst over stress en prestatiedruk onder studenten. Foto&amp;rsquo;s: Robin Utrecht | MIND Us]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Foto Robin Utrecht | MIND Us]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Vakken overslaan mag ook bij fulltime lerarenopleidingen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/vakken-overslaan-mag-ook-bij-fulltime-lerarenopleidingen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/vakken-overslaan-mag-ook-bij-fulltime-lerarenopleidingen/</guid><pp:caseid>577265</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Verplicht alle vakken volgen terwijl je de stof allang beheerst? Als het aan minister Dijkgraaf ligt, hoeven studenten van voltijdse lerarenopleidingen dat niet meer te doen.</strong></p><p>Wat je weet, mag je overslaan. Een gewijzigd wetsvoorstel van minister Dijkgraaf kan ervoor zorgen dat studenten slechts een deel van hun lerarenopleiding hoeven te volgen. Tenminste, als ze al de benodigde voorkennis hebben.</p><p>Het gaat in zijn wetsvoorstel niet alleen om de lerarenopleidingen, maar om alle voltijdopleidingen met een “substantiële praktijkcomponent”. Als het onderwijsprogramma voor ongeveer 40 procent bestaat uit leren in de praktijk, dan mag de opleiding gaan werken met zogeheten ‘leeruitkomsten’.</p><p>Tot vorig jaar liep er een experiment met zulke ‘leeruitkomsten’, waaraan 21 hogescholen meededen. Bij zo’n vierhonderd duale- en deeltijdopleidingen mochten studenten in principe zelf weten hoe ze het eindniveau (de ‘leeruitkomsten’) behaalden. Hooguit waren sommige vakken en practica verplicht, de rest mochten ze zelf invullen.</p><p><strong>Cultuuromslag</strong><br>Uit een <a href="https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/04/15/researchned-rapport-evaluatie-experimenten-leeruitkomsten-deeltijd-en-duaal-hoger-onderwijs" target="_blank">tussenevaluatie </a>in 2021 bleek dat de hogescholen enthousiast waren over het experiment. Ze wilden de nieuwe aanpak graag voortzetten, al moest er nog veel gebeuren om die tot een succes te maken. Het lesprogramma, de roosters, de begeleiding, de toetsing en de administratie moesten ingrijpend worden aangepast en dat was nog niet overal gelukt. Ook moesten veel docenten volgens de evaluatie nog wennen aan “de overstap naar een rol als studiebegeleider”.</p><p>Het kabinet vond het <a href="https://bron.fontys.nl/deeltijdonderwijs-wat-je-al-weet-hoef-je-straks-niet-meer-te-leren/" target="_blank">prima</a>, in elk geval voor de deeltijdopleidingen en de duale opleidingen in het hele hoger onderwijs. Nu breidt Dijkgraaf dat uit naar voltijdopleidingen waarin leren in de praktijk een grote rol speelt.</p><p><strong>Toekomstverkenning</strong><br>De rest van de voltijdopleidingen mag dus nog níet met ‘leeruitkomsten’ werken. In zijn toekomstverkenning laat Dijkgraaf uitzoeken of dat misschien moet veranderen, zoals met name regeringspartij VVD graag wil.</p><p>Die<strong> </strong>toekomstverkenning moet voor de zomer klaar zijn en na de zomer zal hij erop reageren. Maar voor de lerarenopleidingen (en soortgelijke praktijkgerichte opleidingen) wil hij daar niet op wachten. Als de Tweede Kamer akkoord gaat, maakt hij het werken met ‘leeruitkomsten’ voor die opleidingen alvast mogelijk.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:416px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_antonvandenbrink-2.jpg?x=1686752990310" alt="Anton van den Brink">FLOS-directeur Anton van den Brink noemt noemt het voorstel van de minister ‘goed nieuws’ en in lijn met de <a href="https://bron.fontys.nl/lerarenopleidingen-gooien-het-over-een-andere-boeg/" target="_blank">transitie</a> die de lerarenopleidingen al in gang hebben gezet. “Dit betekent dat we voor de deeltijd- en voltijdopleidingen geen verschillende curricula meer hoeven maken. Gezien de hoeveelheid kleine lerarenopleidingen zou dat onbetaalbaar worden. Hiermee kunnen we de flexibiliteit van de lerarenopleidingen enorm vergroten.”</p><p>&nbsp;<strong>Switchers</strong><br>Critici denken dat voltijdstudenten dan geen gefaciliteerde leerroute meer krijgen aangeboden. Maar het tegendeel is waar, beweert Van den Brink. “De gemiddelde voltijdstudent heeft eerder meer dan minder sturing nodig, vooral als ze net van de middelbare school komen. Maar daarnaast hebben de lerarenopleidingen best veel switchers die eerst een andere hbo-opleiding hebben gevolgd. Door te werken met leeruitkomsten doen we recht aan de kennis die ze elders al hebben opgedaan.”</p><p>&nbsp;<span>“Bovendien”, vervolgt de FLOS-directeur, “maken dit soort trajecten de lerarenopleidingen een stuk aantrekkelijker en zorgen we ervoor dat we sneller goed opgeleide leraren kunnen afleveren voor de arbeidsmarkt waar grote tekorten zijn.” </span><i>[HOP/Marieke Verbiesen]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FLOS,lerarenopleidingen en pabo’s,Pabo,FLOT]]></category>
            <pubDate>Tue, 13 Jun 2023 17:22:53 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/7a3897be-e6bc-46b9-8d9d-cb4778fb64a3/500_shutterstock-213330322.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/7a3897be-e6bc-46b9-8d9d-cb4778fb64a3/500_shutterstock-213330322.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/7a3897be-e6bc-46b9-8d9d-cb4778fb64a3/shutterstock-213330322.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[leraar student lerarenopleiding]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Maak stress en prestatiedruk onder studenten bespreekbaar&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/maak-stress-en-prestatiedruk-onder-studenten-bespreekbaar/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/maak-stress-en-prestatiedruk-onder-studenten-bespreekbaar/</guid><pp:caseid>577127</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>Morgen worden bij Fontys in Den Bosch de resultaten van een landelijk onderzoek naar stress en prestatiedruk onder studenten gepresenteerd. Die resultaten worden dan officieel </span></i><a href="https://bron.fontys.nl/studentenwelzijn-brengt-koningin-maxima-naar-fontys/" target="_blank"><i><span>overhandigd</span></i></a><i><span> aan koningin Máxima en minister Dijkgraaf. De bevindingen van het projectteam van Fontys Pedagogiek zijn in dat onderzoek meegenomen.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Bespreekbaar maken. Dat is het allerbelangrijkste als het gaat om stress en prestatiedruk onder studenten, zo stellen de projectleider en de studenten die meehelpen bij het project rond studentenwelzijn van Fontys Pedagogiek.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Stapelen. Dat is wat deze generatie studenten op dit moment doet. Maar dan wel het soort stapelen dat voor niemand gezond is: stress over de woningmarkt, stress over geld, stress over de toekomst. Prestatiedruk rond hun studie. Prestatiedruk op sociaal vlak. Eenzaamheid. Er wordt wat afgestapeld. Sommigen gaan daar goed mee om, maar heel wat studenten komen er ook psychisch door onder druk te staan.</span></p><p><span>“Wij worden opgeleid tot pedagogen. En wat we daar leren is dat je als pedagoog zelf het instrument bent dat je inzet om iemand te helpen. Maar als jij zelf niet goed in je vel zit, kun je dat instrument dus ook helemaal niet gebruiken.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a6e344ec-f062-4e3a-8156-c41efa4990e3/500_jelmer1.jpg?x=1686605024576" alt="Jelmer Fieret">Dat zegt Jelmer Fieret, derdejaars Pedagogiek-student bij Fontys in Den Bosch. Hij is een van de studenten die meewerken aan het project dat ruim anderhalf jaar geleden door Fontys Pedagogiek rond studentwelzijn is begonnen. De coronacrisis had er flink ingehakt bij heel wat studenten en de NPO-gelden die het rijk beschikbaar stelde om daar iets aan te doen, werden door Pedagogiek ingezet om een speciaal team rond dit thema twee jaar lang aan een project te laten werken.&nbsp;</span></p><p>Een heel zinnige besteding, zo blijkt uit de woorden van Jelmer. Ja, Fontys deed en doet natuurlijk al wel veel op dit vlak. Denk bijvoorbeeld aan Fontys Helpt. Maar het kan nog beter. “En daarvoor is helemaal niet veel geld nodig. Met kleine ingrepen zouden al heel wat resultaten geboekt kunnen worden”, denkt Jelmer.&nbsp;</p><p>“Het gaat erom dat het normaal wordt om over deze problematiek te praten. Dat het bespreekbaar is. En graag ook dat er professionals zijn waar je bij terecht kunt. Want doorvragen is heel belangrijk. Anders kom je in gesprekken nooit verder dan ‘Ja, het gaat wel’, terwijl er van alles aan de hand is. Met die persoon, met alles wat er rond hem of haar privé en rond de studie aan stress en prestatiedruk komt kijken. En dan staat ondertussen ook nog de wereld in de fik."</p><p><strong>Losse stukjes</strong><br>Daphne Pommé is tweedejaars student in Sittard. Zij stelt zelf ook aan den lijve de stress en prestatiedruk te ondervinden.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/bafa162c-1c8b-4ecb-8f81-439e03aca3c8/500_fotodaphnepommeacute.jpg?x=1686605185423" alt="Foto Daphne Pommé">“Zeker. Het zijn allemaal heel veel kleine losse stukjes. Je stage, een stukje schrijven, samenwerken met andere studenten. En dan zit ik ook nog in de centrale medezeggenschap en net als Jelmer in de opleidingscommissie van Pedagogiek. Waarom ik dan die laatste dingen nog erbij doe? Omdat ik zie hoe belangrijk het is voor studenten.”</p><p>Daphne onderschrijft wat Jelmer zegt over wat er al is bij Fontys en wat nog beter kan. “Er is dan misschien wel van alles beschikbaar binnen Fontys, maar de vindbaarheid is een probleem. Die moet groter zijn. En de drempel om naar iemand toe te stappen moet veel lager worden.”</p><p>Jelmer: “Alleen al door bijvoorbeeld tijdens de lessen een of een paar keer per week hier aandacht aan te besteden kan al heel veel verschil maken. Want het is natuurlijk niet zo dat iedereen meteen een studentenpsycholoog nodig heeft. Erover praten met je studiegenoten, met docenten, decanen of professionals kan al heel veel helpen. Ook preventief.”</p><p><strong>Bewustzijn</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/cdb9b5d7-ae6e-49f2-b70b-244380674855/500_heidi3.jpeg?x=1686605108160" alt="Heidi van den Hout">Dat is ook wat het projectteam onder leiding van Heidi van den Hout na ruim anderhalf jaar als een van de conclusies kan trekken. “Zo'n project heeft tijd nodig. Je inventariseert eerst wat er hier en elders al gebeurt op dit vlak, wat goed gaat en wat niet. En vervolgens ga je aan de slag. We hebben van alles georganiseerd om het bewustzijn van studentenwelzijn te vergroten. Een masterclass, warm welkom na de stage, webinars - ook voor medewerkers. En deze maand nog twee interactieve theatervoorstellingen over prestatiedruk en stress, om daarover daarna met studenten in gesprek te gaan.”</p><p>“En uiteraard gesprekken met studenten. En we verbinden hen aan projecten. We willen ze hier in meenemen, want het gaat tenslotte over hen”, stelt Van den Hout. “Wat we doen is de randvoorwaarden creëren zodat de studenten elkaar kunnen ontmoeten en het gesprek hierover kunnen aangaan."&nbsp;</p><p>In november eindigt voor Van den Hout het project waar zij leider van is. Dan is haar tweejarig contract verstreken. Maar het werk van het projectteam, zo stelt zij, houdt daarmee niet op. “We hebben in elk geval voor elkaar gekregen dat de welzijnsambassadeurs die we op de vier lesplaatsen van Pedagogiek hebben aangesteld ook in het studiejaar 2023/2024 daar aanwezig blijven.”</p><p>"Ik hoop dat de bevindingen van ons projectteam bij Fontys geborgd worden en blijven. Dat is echt heel belangrijk. En niet alleen bij Pedagogiek. Aandacht voor studentenwelzijn moet tot het dna van iedere opleiding gaan behoren.” [<i>Jan Ligthart</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FPH,Pabo,Sittard,Den Bosch,Tilburg,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Tue, 13 Jun 2023 12:00:38 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/500_adobestock-206759950.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/500_adobestock-206759950.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/adobestock-206759950.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[stress student studeren studie]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Tired student trying to study in the night at home]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Favo Pabo’s zetten opleiding in het zonnetje via TikTok</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/favo-pabos-zetten-opleiding-in-het-zonnetje-via-tiktok/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/favo-pabos-zetten-opleiding-in-het-zonnetje-via-tiktok/</guid><pp:caseid>565244</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Hoe laat je zien dat studeren aan de Pabo meer is dan alleen maar knutselen? Renée, Maxime, Filiz, Eva, Isa en Roos maken zich als vriendinnengroep én tweedejaars studenten hard voor hun lerarenopleiding in Sittard met het TikTok-account Favo Pabo’s.</strong></span></p><p><span>Een klein jaar geleden postten de meiden hun eerste TikTok op het account van Favo Pabo’s. “We verveelden ons en hebben toen onze eerste video gemaakt om iedereen kennis te laten maken met de pabo. Heel stom eigenlijk, maar we kregen al snel wat likes en dachten ‘we gaan gewoon door’”, vertelt Renee.</span></p><p><span>De video’s van de tweedejaars studenten gaan zelfs zo hard, dat er inmiddels al ruim 28.000 likes zijn verzameld. “We geven eigenlijk gewoon een kijkje in ons leven aan mensen die meer willen weten van de opleiding. Maar ook op school zelf worden we inmiddels herkend. Dat is wel heel grappig om te ervaren.”</span></p><p><strong>Mooi compliment</strong><br><span>Ook Fontys weet van het account af. De zes studenten werden zelfs gevraagd om een video te maken tijdens de open dag. “We stonden ook in de nieuwsbrief en op intranet. En Fontys deelt onze video’s ook. Dat is toch wel een mooi compliment”, aldus Roos. Het feit dat TikTok als medium weinig privacy kent is bij de studenten wel bekend, maar omdat hun doelgroep, jeugd en jongeren, zich voornamelijk op dit medium bevindt maken de meiden er toch gebruik van. “Daar staan we redelijk neutraal in”, &nbsp;licht Filiz toe.</span></p><p><span>De volgers van de Favo Pabo’s bestaan voornamelijk uit mensen die zich willen aanmelden voor de Pabo. Ook medestudenten en stagekinderen hebben hun weg inmiddels naar het account gevonden, verklaart Eva. “Hoe leuk is het als kinderen dan roepen ‘Kijk, dat is onze juf!’.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:221px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/72c8e88f-1ca7-4c32-b869-b5196aba746d/800_whatsappimage2023-03-20at10.32.29.jpeg?x=1679308685323" alt="TikTok Favo Pabo's">Aan de slag</strong><br><span>De meest bekeken video van de Favo Pabo’s, geeft een beter inzicht in wat een dag op de pabo nu precies inhoudt. En hoewel de video meer dan 278.000 keer is bekeken, duurde het toch niet lang om hem op te nemen, legt Filiz uit. “Een goed idee bedenken duurt langer. Maar ook daar zetten we ons allemaal voor in. We bespreken vooraf welke ideeën we hebben en brainstormen gezamenlijk wat we uiteindelijk willen doen. Daarna kiezen we een leuke sound voor de video en gaan we aan de slag.”</span></p><p><span>De taakverdeling binnen de groep is dan ook heel divers. “Het is niet zo dat één iemand edit en de ander alleen maar filmt. Wie tijd heeft werkt aan de video mee, maar we zorgen er wel voor dat iedereen beelden schiet zodat we genoeg materiaal hebben om mee te werken.”</span></p><p><strong>Toekomstplannen</strong><br><span>Grootse plannen voor het account zijn er echter niet, licht Isa toe. “We streven er niet naar om elke week twee TikToks te maken. Als we iets leuks vinden maken we het. Dat kan de ene maand heel veel zijn en de maand daarop niets. Dat heeft ook te maken met de tijd die we hebben. Soms zien we elkaar ook gewoon niet zoveel wegens excursies of stages. Dan laat TikTok even op zich wachten.”</span></p><p><span>Toch heeft de vriendinnengroep wel nog een paar dingen in petto. “Veel likes hebben we al, maar volgers blijven nog een beetje achter. Zodra we 1000 volgers hebben, gaan we een keer live”, aldus Maxime.</span></p><p><strong>‘Leraren zijn nodig’</strong><br><span>In de tussentijd concentreren de meiden zich vol op hun opleiding. En waar het kan, maken ze video’s. Isa: “Binnenkort komt er nog een weekvideo online, die we onlangs in elkaar gezet hebben. Ook daarin laten we zien wat de leuke aspecten van een lerarenopleiding zijn, want leraren zijn immers hard nodig.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Pabo]]></category>
            <pubDate>Mon, 20 Mar 2023 13:34:12 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/aa10528a-2653-48f7-934e-76ca5e9c0b1a/500_whatsappimage2023-03-20at09.38.57.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa10528a-2653-48f7-934e-76ca5e9c0b1a/500_whatsappimage2023-03-20at09.38.57.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/aa10528a-2653-48f7-934e-76ca5e9c0b1a/whatsappimage2023-03-20at09.38.57.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De Favo Pabo&amp;#039;s]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>NVAO zoekt uit: waarom keurden wij lerarenopleidingen goed?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nvao-zoekt-uit-waarom-keurden-wij-lerarenopleidingen-goed/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nvao-zoekt-uit-waarom-keurden-wij-lerarenopleidingen-goed/</guid><pp:caseid>565000</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0cm;text-align:start;"><strong>Hoe kunnen lerarenopleidingen in het hbo zijn goedgekeurd terwijl de Onderwijsraad het taal- en rekenniveau van afgestudeerden alarmerend laag vindt? Onderwijskeurmeester NVAO gaat het zelf analyseren, meldt minister Dijkgraaf.</strong></p><p style="margin-left:0cm;text-align:start;">In november<span>&nbsp;</span><a href="https://bron.fontys.nl/onderwijsraad-wil-landelijk-examen-taal-en-rekenen-bij-lerarenopleidingen-hbo/" target="_blank"><u>waarschuwde</u></a><span>&nbsp;</span>de Onderwijsraad dat een aanzienlijk deel van de hbo-studenten aan lerarenopleidingen een diploma behaalt terwijl hun opleiders hen niet startbekwaam achten: ze zijn onvoldoende in staat om goed taal- en rekenonderwijs te geven. De raad pleitte daarom voor landelijke eindtoetsen bij de pabo’s en tweedegraadslerarenopleidingen Nederlands en wiskunde.</p><p style="margin-left:0cm;text-align:start;">Zo ver lijkt minister Dijkgraaf voorlopig niet te willen gaan, maar er moet wat hem betreft wel iets gebeuren. Met de lerarenopleidingen had hij in december al<span>&nbsp;</span>afgesproken<span>&nbsp;</span>dat ze opnieuw gaan kijken wat een beginnende leraar moet kennen en kunnen. Ook de kennistoetsen en curricula zullen beter op elkaar worden afgestemd, in de hoop dat de kwaliteitsverschillen tussen de opleidingen daardoor kleiner worden. Maar de minister erkent dat er nu “onvoldoende garantie is dat dat elke student volledig startbekwaam van de opleiding komt”.</p><p style="margin-left:0cm;text-align:start;">Hij laat de NVAO analyseren hoe haar positieve accreditaties van de lerarenopleidingen te rijmen zijn met de signalen van de Onderwijsraad,<span>&nbsp;</span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.rijksoverheid.nl%2Fdocumenten%2Fkamerstukken%2F2023%2F03%2F16%2Faan-de-eerste-kamer-reactie-op-adviesrapport-taal-en-rekenen-in-het-vizier-en-peil-leesvaardigheid&data=05%7C01%7Cbron%40fontys.nl%7C3a78d8031af4424dfaf408db261cc74f%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638145677268553077%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C3000%7C%7C%7C&sdata=jOAID5Dkfh4EtItw9f7jrL0rmdM2sNi%2FqiJGWewe9MA%3D&reserved=0" target="_blank"><u>schrijft</u></a><span>&nbsp;</span>hij aan de Eerste Kamer. Mede aan de hand van die analyse gaat Dijkgraaf met de lerarenopleidingen in gesprek. “Vervolgens zullen we vaststellen welke maatregelen passend zijn.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 Mar 2023 16:37:46 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[basisschool leraar klas pabo]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Minder jongeren kiezen de laatste jaren voor een opleiding tot leraar basisonderwijs.]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Pabo Veghel gaat, maar afstudeerders mogen blijven</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabo-veghel-gaat-maar-afstudeerders-mogen-blijven/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabo-veghel-gaat-maar-afstudeerders-mogen-blijven/</guid><pp:caseid>564960</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De Pabo in Veghel krijgt na de sluiting in de zomer van dit jaar geen alternatieve locatie. Afstudeerders mogen een jaartje extra in het huidige gebouw blijven, de rest verhuist naar Den Bosch. Dat vertelt locatiemanager Frans Koevoets.</strong></p><p>Een jaar geleden kregen studenten en docenten van de opleiding tot leraar basisonderwijs te horen dat de locatie van Fontys Hogeschool Kind en Educatie in Veghel gaat sluiten. Na de zomer van 2023 loopt het huurcontract in het gebouw van het Koning Willem I College af en gaan er dus dingen veranderen.</p><p>Afgelopen september, toen Bron ook al met Koevoets over dit onderwerp sprak, was er nog veel onduidelijk. Komt er een alternatieve locatie in Veghel? Moet iedereen naar een Fontyslocatie in een andere stad verhuizen? Of kunnen studenten en medewerkers misschien toch blijven?</p><p>Nee, er komt geen alternatieve locatie in Veghel. En ja, studenten en medewerkers moeten naar een andere locatie. Dat geldt alleen wel enkel voor studenten die in hun eerste, tweede of derde jaar zitten. “Van onze zittende studenten gaat de meerderheid naar Den Bosch”, zegt Koevoets. “Met uitzondering van de afstudeerders. Zij mogen nog een jaartje langer blijven.”&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9ab3dfbc-8544-4638-b5f7-2f90ee79e1f6/800_franskoevoets.jpeg?x=1678969593201" alt="Frans Koevoets"><strong>Hechte club</strong><br>Het Koning Willem I College heeft volgens Koevoets de garantie gegeven dat er lokalen beschikbaar worden gesteld voor de groep die achterblijft. “Wij zijn heel blij dat ze zo met ons meedenken. De zittende studenten willen niet meer blijven, maar dat geldt niet voor de afstudeerders. Zij zitten in een ander soort energie. Ze hebben altijd in Veghel gezeten en de coronaperiode meegemaakt. Het is een hechte club mensen die zich hier thuis voelt.”</p><p>Alles verloopt tot nu toe erg soepel. Het Koning Willem I College werkt goed mee. Studenten werken mee, docenten werken mee. En ook de gemeente Meierijstad doet dat. “De gemeente had in eerste instantie haar zorgen over het vertrek van het hoger onderwijs uit Veghel. Ze zien nu in dat het hebben van een pabo één ding is, maar dat je daarmee niet het hele hoger onderwijs in huis hebt. Het is zoveel breder dan dat.”</p><p><strong>Ontruimen</strong><br>Momenteel wordt er achter de schermen druk nagedacht over hoe de verhuizing moet worden aangepakt. Alle spullen moeten weg, lokalen moeten leeg en de boel moet natuurlijk worden verplaatst.&nbsp;</p><p>De laatste, en volgens Koevoets ook meteen de grootste uitdaging, is het onderhouden van de relatie met het werkveld. "Wij nemen het initiatief om het gesprek aan te gaan. Dat gaat binnenkort gebeuren. We willen dat het Veghelse werkveld inziet dat Fontys blijft opleiden en dat we dit gebied als ons verzorgingsgebied blijven zien. We willen samen naar de toekomst kijken en merken gelukkig dat daar bereidheid voor is.” <i>[Karen Luiken]&nbsp;</i><span>&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Veghel,Pabo,FHKE]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 Mar 2023 14:10:42 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_00-fo-060039.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_00-fo-060039.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/00-fo-060039.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Fontys in Veghel]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Fontys in Veghel, foto: Bas Gijselhart - BASEPHOTOGRAPHY]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Op bezoek bij de politie: &#039;Ik wil eigenlijk agent worden&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/op-bezoek-bij-de-politie-ik-wil-eigenlijk-agent-worden/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/op-bezoek-bij-de-politie-ik-wil-eigenlijk-agent-worden/</guid><pp:caseid>551943</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Op bezoek bij de politie; een mooiere prijs had je Chrissy van Beers waarschijnlijk niet kunnen geven. De pabo-student, die er stiekem al heel lang van droomt ooit agent te worden, was maandag te gast op het hoofdbureau in Den Bosch. Ze voelde zich als een kind in een snoepwinkel.</strong></span></p><p><span>Chrissy heeft de prijs te danken aan een bezoekje aan de </span><a href="https://bron.fontys.nl/politiebaas-geeft-studenten-mee-zeg-nee-tegen-drugs/" target="_blank"><span>Fontys Masterclass</span></a><span> van Wilbert Paulissen in juni. Daar kreeg de bezoeker met de meest originele vraag aan de hoofdcommissaris van de politie een meeloopdag op het bureau in Den Bosch cadeau.</span></p><p><span>De hoofdprijs ging die dag naar Els van Osch, maar omdat Chrissy met precies dezelfde vraag als Els in haar hoofd zat, kregen beide dames een uitnodiging. “Ik wilde graag weten hoe je beginnende jeugdcriminaliteit aan kunt pakken”, vertelt Chrissy.</span></p><p><span>Die vraag komt er natuurlijk niet zomaar. Als pabo-student werkt Chrissy in het onderwijs en ziet ze precies wat er in het werkveld allemaal gebeurt. “Criminelen vinden steeds meer ingangen om steeds jongere kinderen te benaderen. Wat kun je daar als onderwijzend personeel aan doen? Dat wilde ik graag weten.”</span></p><p><span>Tijdens de meeloopdag, georganiseerd door woordvoerder van de politie Jordi Cebrian en zijn collega Suzan van Zoggel, wordt er op verschillende manieren antwoord op die vraag gegeven. Tijdens gesprekken met een veiligheidscoördinator van het Van Maerlantcollege, maar ook dankzij informatie van een Halt-medewerker en jeugdboa’s.</span></p><p><span>Chrissy vindt het allemaal fantastisch. Ze straalt als ze tijdens een rondleiding door het cellencomplex van het politiebureau loopt. “Ik wil eigenlijk al heel lang agent worden”, geeft ze toe. “Het begon ooit als een kinderdroom. Ik dacht altijd dat ik het niet zou kunnen, maar nu denk ik: waarom heb ik het niet gewoon geprobeerd?”</span></p><p><span>Het antwoord geeft ze zelf al. Ze was veertien jaar oud toen ze van het vmbo kwam en een studiekeuze moest maken. Destijds vond ze eten wel interessant en ze was ‘op zich ook wel creatief’. De koksopleiding dus. “Wist ik veel, ik was zo jong”, zegt Chrissy.</span></p><p><span>Ze rondde de studie na twee jaar af en besloot vervolgens het onderwijs in te gaan. Via het mbo stroomde ze door naar het hbo. En daar zit ze nu alweer vijf jaar. “Ik baal heel erg dat ik niet eerder de keuze heb gemaakt om bij de politie te gaan, maar aan de andere kant is onderwijs nog steeds iets wat ik ambieer en waar ik mijn energie in kwijt kan. Al moet ik wel zeggen dat ik er niet de voldoening uit haal die ik er bij de politie wél denk uit te kunnen halen.”</span></p><p><span>Haar kinderdroom laat ze niet varen. Zodra ze de pabo heeft afgerond, schrijft Chrissy zich meteen in voor de politieopleiding. “Het is niet gemakkelijk om de selectie door te komen, dus ik moet wel een plan b hebben. Maar eigenlijk ben ik al heel lang bezig met wat ik écht wil. Ik ben al twee jaar keihard aan het trainen om fit genoeg te zijn om agent te kunnen worden.”</span></p><p><span>Haar grootste droom? Noodhulp, oftewel: 112-meldingen rijden. “Maar </span><i><span>first things first</span></i><span>. Eerst deze opleiding afronden, dan binnenkomen bij de politie en daarna zien we wel weer verder.” </span><i><span>[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Pabo]]></category>
            <pubDate>Tue, 13 Dec 2022 13:30:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-12-13om09.00.28.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-12-13om09.00.28.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/schermafbeelding2022-12-13om09.00.28.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Het cellencomplex van het hoofdbureau in Den Bosch]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pabo’s zien ‘opsplitsing’ nog steeds niet zitten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pabos-zien-opsplitsing-nog-steeds-niet-zitten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pabos-zien-opsplitsing-nog-steeds-niet-zitten/</guid><pp:caseid>544781</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Bij zeven pabo’s, waaronder Fontys, kunnen studenten zich specialiseren in het jonge of oudere kind. Maar een echte opsplitsing zien de opleidingen én de studenten niet zitten, blijkt uit een tussenevaluatie van dit experiment.</strong></p><p>Sommige opleidingen tot leraar in het basisonderwijs (pabo) experimenteren sinds september 2020 met specialisaties in het jonge en oudere kind. Deze <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2022D44173&did=2022D44173" target="_blank">pilots</a> komen voort uit een politieke wens van met name CDA en VVD.</p><p>Er is een flink lerarentekort, dus wil de politiek van alles verzinnen om meer jongeren voor de lerarenopleidingen te laten kiezen. Nogal weinig jongens kiezen voor de pabo, zien de partijen. Hebben die jongens misschien geen zin in een stage in de kleuterklas?</p><p>Een meerderheid van de Tweede Kamer vond dat je ook een opleiding zou moeten hebben die zich helemaal op het jonge of het oudere kind richt. Vroeger had je immers de opleiding tot kleuterleidster: kan die niet terugkeren?</p><p><strong>Bevoegdheid</strong><br>Maar dan zouden de afgestudeerden een beperkte bevoegdheid krijgen als ze eenmaal aan het werk gaan. Ze zouden dan minder breed inzetbaar zijn dan hun collega’s van een gewone pabo, die aan groep 1 tot en met 8 kunnen lesgeven.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:654px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_basisschoolleraarklaspabo.jpg?x=1667405718676" alt="">Die beperkte bevoegdheid zien de pabo’s én de studenten niet zitten. “Zeer weinig betrokkenen bij de pilots zien heil in een splitsing van de pabo-opleiding of een gesplitste bevoegdheid”, is een van de conclusies. “Bijna iedere pabo zit op de lijn om de specialisaties aan te bieden naast het reguliere curriculum.”</p><p><strong>Fontys</strong><br>Ook Fontys Hogeschool is die mening toegedaan, staat in de evaluatie. Fontys wil net als NHL Stenden en iPabo de specialisatie Pabo Jonge Kind Specialist integreren in de reguliere opleiding. <span style="background-color:white;">Naast de specialisatie volgen de studenten het reguliere curriculum voor Pabo-studenten. Na hun afstuderen zijn ze daardoor toch breed inzetbaar. &nbsp;Daarmee houdt Fontys vast aan het </span><a href="https://bron.fontys.nl/opsplitsen-pabo-geen-goed-idee/" target="_blank"><span style="background-color:white;">standpunt </span></a><span style="background-color:white;">dat ze had bij de start van de pilot.&nbsp;</span></p><p>Fontys heeft er nadrukkelijk voor gekozen om mee te doen aan de pilot Jonge Kind Specialist en niet aan die van het oudere kind. De onderwijsinstelling vindt dat er in het reguliere curriculum voldoende aandacht aan het oudere kind wordt besteed. Wel biedt Fontys nog meer <a href="https://fontys.nl/Studeren/Opleidingen/Leraar-Basisonderwijs-1.htm" target="_blank">specialisaties </a>aan, zoals Learning College, Academische Pabo Tilburg en Leraar Basisonderwijs ALO.</p><p><strong>Wetsvoorstel</strong><br>De vorige minister, Ingrid van Engelshoven, had al een wetsvoorstel in de steigers staan om de splitsing van bevoegdheden mogelijk te maken – het stond zelfs al online voor commentaar van geïnteresseerden – maar na de val van het kabinet is het wetsvoorstel op de plank beland. In een <a href="https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-onderwijs-cultuur-en-wetenschap/documenten/kamerstukken/2022/10/21/kamerbrief-update-lerarenstrategie-primair-en-voortgezet-onderwijs">brief</a> over de ‘lerarenstrategie’ van ministers Wiersma en Dijkgraaf staat ook niets over een mogelijke wetswijziging.&nbsp;</p><p>Naar aanleiding van de pilots gaan de Vereniging Hogescholen en de pabo’s de specialisaties nader uitwerken. Het kabinet verwacht dat hierdoor meer specialisten in het jonge en oudere kind worden opgeleid. “Het onderwijs aan leerlingen wordt hier beter van.” Andere voordelen zouden zijn dat meer mensen zich tot de opleidingen voelen aangetrokken en dat leraren minder snel het onderwijs verlaten dankzij “duidelijkere carrièreperspectieven”.</p><p>Nadelen zijn er ook, blijkt uit de evaluatie. Zo dreigt het gevaar dat de specialisatie voor het jonge kind als de makkelijke route wordt gezien. Studenten zouden kunnen denken dat ze minder van rekenen en taal hoeven te weten. Verder blijken studenten die zich specialiseren minder gemotiveerd om iets te leren over de andere leeftijdscategorie, waar ze toch ook iets van moeten weten. Of het omgekeerde: soms komen ze tot de ontdekking dat ze zich liever in die andere leeftijd zouden specialiseren en dan dreigt uitval.</p><p><strong>195 studenten</strong><br>Verspreid over jaar 1 en 2 zitten er 195 studenten in de specialisaties, verspreid over zeven pabo’s. Dat is een kleine groep. In totaal verzorgen vierentwintig hogescholen een opleiding tot leraar in het basisonderwijs. Afgelopen jaar gingen er 5.300 eerstejaars van start. Bij Fontys volgen in totaal twintig studenten de richting Jonge Kind Specialist. In 2020 telde de specialisatie vier studenten, in 2021 zestien. <i>[HOP/Bron]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHKE,Onderwijs,Pabo,PRO Educatie]]></category>
            <pubDate>Wed, 02 Nov 2022 17:16:05 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_pexels-allan-mas-5622350.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_pexels-allan-mas-5622350.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/pexels-allan-mas-5622350.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[kind kleuter tekening]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Onderwijs: wat voor baan wordt het?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/onderwijs-wat-voor-baan-wordt-het/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/onderwijs-wat-voor-baan-wordt-het/</guid><pp:caseid>513514</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Welke banen kunnen studenten die nu bij Fontys studeren, in de toekomst verwachten? En welk salaris zullen ze daarbij verdienen? Moeten ze zich zorgen maken over nieuwe technologieën? Bron gaat over verschillende branches in gesprek met lectoren en docenten. Vandaag: onderwijs.</strong></p><p>Onderwijs is een vakgebied dat al heel lang bestaat en waarschijnlijk ook nooit zal verdwijnen. Maar het verandert wel, en dat merkt ook Gerdine Velthoven, al zeven jaar werkzaam bij Fontys Lerarenopleiding Tilburg. Ze is begonnen als docent Algemene Professionele Vorming (APV) en werkt nu voornamelijk<span>&nbsp;</span>voor de lerarenopleiding Aardrijkskunde en Master Leren en Innoveren (MLI). We stellen haar vijf vragen.</p><p><strong><u>Welke verschuivingen doen zich voor binnen het onderwijs?</u></strong><br>“Alles is veranderd, vooral bij het lesgeven. Toen ik net bij Fontys begon, werkten we voor het vak APV per<span>&nbsp;</span> periode met verschillende thema’s die werden afgesloten met tentamens. Nu laten studenten met een portfolio pas aan het einde van het jaar zien wat ze hebben geleerd. Tentamens zijn er nog wel, maar niet overal.”</p><p><strong><u><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_schermafbeelding2022-06-09om12.11.07.png?x=1654776094411" alt="Gerdine Velthoven">Welke banen binnen het onderwijs zullen verdwijnen?</u></strong><br>“Ik weet niet of er echt banen zullen verdwijnen. Ik denk eerder dat ze geïntegreerd worden. Een decaan kan straks ook vakdocent en mentor zijn. Je krijgt meerdere banen ineen.</p><p>Verder denk ik ook dat de docent van de toekomst veel meer zijn eigen onderwijs zal ontwikkelen. Kijk naar innovatieve scholen uit de regio: daar werken ze al veel minder met methodes. Boeken voor bepaalde jaarlagen zijn er nog wel, maar verdwijnen langzaam naar de achtergrond. Ik denk dat er veel meer vakoverstijgende projecten zullen komen.”</p><p><strong><u>En welke banen kunnen we verwachten?</u></strong><br>“In het onderwijs zullen veel meer coachingsrollen ontstaan. Het aantal docenten dat voor de klas staat om een verhaal te vertellen, gaat ongetwijfeld afnemen. Ik verwacht dat mensen in verschillende samenstellingen gaan samenwerken, zoals experts uit het onderwijs in combinatie met professionals uit de pedagogische hoek. Dat zie je op middelbare scholen al gebeuren en ook bij de Master Leren en Innoveren werken we samen met experts uit andere vakgebieden.”</p><p><strong><u>Wat gaan studenten verdienen?</u></strong><br>“<span>Laten we vooropstellen dat de meeste mensen die leraar willen worden dit vaak niet doen met het idee om rijk te worden. Het is mijn ervaring dat het lastig is om in het onderwijs snel door te groeien. Een leidinggevende functie bekleden is een stap waardoor je meer kunt gaan verdienen, maar dat is niet iets dat veel docenten per se ambiëren.&nbsp;</span></p><p>Ik denk dat de gemiddelde leraar wordt onderbetaald. Zeker als je het hebt over de werkdruk en verantwoordelijkheid die een docent heeft. Het kan absoluut beter. En dat wordt in de toekomst waarschijnlijk alleen nog maar erger als docenten vaker hun<span>&nbsp;</span> eigen onderwijs gaan ontwikkelen.”</p><p><strong><u>Moeten we ons zorgen over de opkomst van nieuwe technologieën?</u></strong><br>“Ik maak me daar absoluut geen zorgen over, maar misschien ben ik naïef. Ik geloof er heel erg in dat mensen graag contact hebben met andere mensen en dat geldt zeker als het gaat om kinderen die iets moeten<span>&nbsp;</span> leren. Voor mij zou het een doemscenario zijn als robots dit in de toekomst zouden gaan doen.</p><p>Hybride lesgeven is een ander verhaal. Dat doen we sinds de coronatijd en zullen we in de toekomst ook zeker blijven doen. Maar ik geloof niet dat het klassikaal lesgeven helemaal zal verdwijnen. Vooral van vmbo-leerlingen is bekend dat ze heel graag voor iemand werken.<span>&nbsp;</span> Voor iemand die ze hoog hebben zitten.<span> Ze willen een persoonlijke klik voelen met hun docent.</span> Een<span>&nbsp;</span> robot of andere technologische ontwikkeling zal dat gevoel niet snel over kunnen nemen.” [<i>Karen Luiken</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FLOT,Onderwijs,PRO Onderwijs,Onderwijs Algemeen,SLOT,Pabo]]></category>
            <pubDate>Fri, 17 Jun 2022 09:52:51 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-388588465.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-388588465.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-388588465.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[docent leraar lesgeven klas school]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Jeugdhulpverlener in de klas helpt leerkracht én leerling</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/jeugdhulpverlener-in-de-klas-helpt-leerkracht-en-leerling/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/jeugdhulpverlener-in-de-klas-helpt-leerkracht-en-leerling/</guid><pp:caseid>497325</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het in de klassensituatie direct delen van expertise tussen jeugdhulpverlener en leerkracht versterkt het welbevinden van leerlingen. Zo blijkt uit onderzoek onder leiding van Mariette Haasen van het Fontys-Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg.</strong></span></p><p><span>Jeugdhulpverlener en leerkracht overleggen doorgaans buiten de klas over sociaal-emotionele problemen van kinderen. “Wij brachten hen juist daar samen”, vertelt projectleider Haasen van OSO. “Groepsgerichte, preventieve basisondersteuning maakt het mogelijk kwetsbare leerlingen in hun eigen klas op te vangen, in plaats van hen door te verwijzen naar de jeugdhulpverlening.”</span></p><p><span><strong>Problemen snel tackelen</strong></span><br><span>Zowel in het speciaal als het regulier onderwijs (en in de geledingen po, vo en mbo) stak het onderzoeksteam haar licht op. Naast Fontys werden de onderzoekers ondersteund door de Radboud Universiteit, het Nederlands Jeugd Instituut (NJI) en het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO). De laatste, zo </span><a href="https://bron.fontys.nl/elf-procent-kinderen-in-de-jeugdzorg-is-echt-te-veel/" target="_blank"><span>meldde Bron</span></a><span> destijds al, stelde subsidie beschikbaar voor het onderzoek.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_mariettehaasen.png?x=1646838715054" alt="Mariette Haasen">Concreet is er in de klas samengewerkt in themalessen over bijvoorbeeld hechting en onderling respect. “Een aanwezige jeugdhulpverlener herkent de patronen achter boosheid of andere emoties van een kind”, legt Haasen uit. “De leerkracht kan met die informatie gelijk aan de slag.”&nbsp;</span><br><span>Zo verbetert, met name in het basis- en het speciaal onderwijs, de interactie van leerlingen met leerkracht en klasgenoten, en gaat ook hun taakmotivatie omhoog.</span></p><p><span><strong>Pedagogische competenties versterkt</strong></span><br><span>Naast de klassensituatie is er aangehaakt bij bestaande projecten van gemeenten. “Bijvoorbeeld het Jongeren Service Punt (JSP) voor vo en mbo in Venray. Hun medewerkers gingen de klas in en werden zichtbaar. Dat maakte het voor leerlingen gemakkelijker om bij hen aan te kloppen voor hulp.”</span></p><p><span>Overigens hebben ook leerkrachten baat bij de nauwe samenwerking met jeugdhulpverleners. “Doordat ze samen op de lessen reflecteren, voelen leerkrachten zich minder ‘handelingsverlegen’. Hun pedagogische competenties nemen toe. Zij ervaren dat ze ook zelf zaken vlot kunnen trekken.”&nbsp;</span></p><p><span>En als ze er toch een jeugdhulpverlener bij willen halen, is dat een stuk laagdrempeliger geworden: “Ze melden een leerling niet aan bij een officieel loket, maar sturen een appje naar iemand die ze toch al kennen.”</span></p><p><span><strong>Corona vormt bevestiging</strong></span><br><span>De context van de klassensituatie heeft als voordeel dat er aandacht is voor meerdere kinderen tegelijk. “Het gebruikelijke zorgmodel is: één leerling en meerdere specialisten daaromheen.” De onderzoekers hanteerden een Amerikaans model, dat feitelijk omgekeerd werkt. “In dit geval benaderen leraren en jeugdhulpverleners een grote groep leerlingen. Met als doel vooral het verstevigen van de basis en probleempreventie.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:500px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_haasenenleenders.jpg?x=1646838784566" alt="Mariette Haasen en Hélène Leenders, die als associate lector bij Fontys Pedagogiek eveneens bij het onderzoek was betrokken. Archieffoto Bron">Voor Haasen was de coronacrisis juist een bevestiging dat deze aanpak werkt. “Er zijn in ons land veel metingen gedaan naar de effecten van corona bij leerlingen. Over de hele samenleving genomen, daalt dan het welbevinden. Maar de ruim 1000 kinderen in ons onderzoek blijken beter om te gaan met die gevolgen. In sommige groepen leerlingen is er zelfs een stijging van het welbevinden voor én na corona.”</span></p><p><span><strong>Pril</strong></span><br><span>Door het grote aantal verwijzingen is de druk op de jeugdzorg enorm. Of de nauwe samenwerking in de klassensituatie daadwerkelijk leidt tot minder intakes weet Haasen nog niet. “Maar ik kan me voorstellen dat dit zo is. Beide genoemde aspecten – meer welbevinden bij de leerling en meer competentiegevoelens bij de docent – kunnen het aantal verwijzingen voor de jeugdhulpverlening gunstig beïnvloeden.”</span></p><p><span>Echter, voorzichtigheid blijft geboden. “Het is de allereerste keer dat deze vorm van samenwerking wordt onderzocht. De gevonden effecten zijn positief, maar het is te vroeg om daaraan verregaande conclusies te verbinden.”</span></p><p><span><strong>Module ‘samenwerken’</strong></span><br><span>Het onderzoek laat ook zien hoe essentieel de competentie ‘samenwerken’ is. Dat is volgens Haasen iets waarop de Fontys-Instituten kunnen voortborduren, bijvoorbeeld in de vorm van een vaste module in het curriculum.&nbsp;</span></p><p><span>“Gaandeweg het project groeide het vertrouwen in het ‘interprofessioneel handelen’ en het geloof in een gemeenschappelijk doel. De betrokken professionals leren dit nu al doende… maar tijdens hun opleiding blijkt er amper aandacht voor. Daarvoor mag best meer ruimte komen.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderwijs Onderzoek,Onderwijs Algemeen,Pabo,FHKE,Educatie]]></category>
            <pubDate>Thu, 10 Mar 2022 09:05:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_kinderenindeklas.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_kinderenindeklas.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/kinderenindeklas.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[kinderen in de klas]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kamer worstelt met lagere drempel voor pabo</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kamer-worstelt-met-lagere-drempel-voor-pabo/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kamer-worstelt-met-lagere-drempel-voor-pabo/</guid><pp:caseid>497252</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het is een goed idee om de toegang tot de pabo makkelijker te maken, vinden de meeste partijen in de Tweede Kamer. Toch zien ze nog wat beren op de weg, nu het kabinet een experiment heeft aangekondigd.</strong></p><p>Straks hoeven scholieren geen toelatingstoetsen meer te halen voordat ze naar de pabo mogen. Als ze een kennisachterstand hebben, mogen ze die in het eerste jaar van hun opleiding inhalen.</p><p>Met dat ‘<a href="https://bron.fontys.nl/experiment-geen-strenge-toelatingstoets-meer-voor-pabo/">experiment</a>’ wil het kabinet de drempel voor de pabo verlagen, in de hoop dat er weer meer jongeren voor deze opleidingen tot leraar in het basisonderwijs kiezen. Er is tenslotte een lerarentekort.</p><p>Bij Fontys Hogeschool Kind en Educatie (FHKE) werd vorige maand al enthousiast gereageerd op het experiment. Vooral ook omdat hierdoor de pabo's veel toegankelijker worden voor mbo'ers, zo <a href="https://bron.fontys.nl/pabos-willen-af-van-toetsen-aan-de-poort/" target="_blank">vertelde</a> FHKE-opleidingsmanager Marieke Peeters aan Bron. Die groep studenten kan dan gemakkelijker doorstromen naar het hbo.</p><p><strong>Niveau</strong><br>De Tweede Kamer vindt het een goed streven, maar heeft wel wat vragen, blijkt uit een zogeheten schriftelijk overleg waarin de fracties (zowel coalitie- als oppositiepartijen) allerlei vragen aan de minister van Onderwijs stellen.</p><p>Gaat het niveau van de opleidingen niet omlaag, willen ze bijvoorbeeld weten. Sinds 2015 moeten aspirant-studenten van de pabo immers toelatingstoetsen maken als ze niet het vereiste vakkenpakket hebben. Dat was om het niveau te verhogen. Als je dat weer ongedaan maakt, verlaag je dan het niveau weer?&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:500px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_unterricht.jpg?x=1646816794182" alt="">De minister denkt van niet; de nieuwe studenten moeten immers alsnog aan de eisen voldoen, alleen dan een jaar later. Maar de politieke partijen zijn daar nog niet helemaal van overtuigd. Hoe weet hij dat eigenlijk? En de hogescholen zijn misschien blij, maar waarom hebben bijvoorbeeld de basisscholen kritiek op het plan?</p><p><strong>Werkdruk</strong><br>Sommige partijen maken zich ook zorgen over de werkdruk aan de pabo. Er komen meer studenten met kennisachterstanden en die moeten extra lessen en toetsen krijgen. De Kamer wil weten wie dat gaat doen en of daar genoeg geld voor is.</p><p>De werkdruk van de studenten zelf gaat ook omhoog. Die kunnen minder tijd besteden aan hun andere vakken, of ze moeten harder werken. Krijgen studiekiezers daar goede voorlichting over, en zo ja: hoe ziet die er dan uit?</p><p>D66 wil ook weten of er een onderscheid komt in de begeleiding van studenten uit het mbo en studenten van de havo. Met name mbo’ers komen immers minder vaak naar de pabo toe en daar moet het experiment verandering in brengen.</p><p><strong>Extra jaar</strong><br>De SP overweegt dat sommige studenten misschien een heel jaar extra nodig hebben en vraagt “hoe de minister aankijkt tegen een soort overbruggingsjaar indien aspirant-studenten de toelatingstoetsen niet meteen halen”. Ze kunnen dan alvast wat kennis opdoen over het vak zonder dat ze daadwerkelijk aan de opleiding zijn begonnen.</p><p><span>Maar de inzet lijkt iedereen wel te steunen. Alleen de SGP klinkt sceptisch. Het huidige systeem met hogere toelatingseisen is er nog niet zo lang en het kwam er niet voor niets: het pabo-programma was overladen en het niveau moest omhoog. Gelden die redenen allemaal niet meer?</span></p><p><span>Minister Dijkgraaf van Onderwijs zal de vragen van de Tweede Kamer binnen enkele weken beantwoorden. [</span><i><span>HOP, Jan Ligthart</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderwijs,PRO Onderwijs,Educatie,FHKE,Pabo]]></category>
            <pubDate>Wed, 09 Mar 2022 11:08:44 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/basisschoolleraarklaspabo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[basisschool leraar klas pabo]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Minder jongeren kiezen de laatste jaren voor een opleiding tot leraar basisonderwijs.]]></pp:imageDescription></item></channel>
                    </rss>