<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Tue, 08 Sep 2026 09:09:12 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Fri, 28 Aug 2026 10:08:58 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>Bekende journalisten geven eerstejaars blik op toekomst</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bekende-journalisten-geven-eerstejaars-blik-op-toekomst/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bekende-journalisten-geven-eerstejaars-blik-op-toekomst/</guid><pp:caseid>791346</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Bekende podcast-makers, sportjournalisten en media-experts. </strong></span><strong>Met bezoekjes van verschillende grote namen uit de journalistiekwereld kregen de nieuwe eerstejaarsstudenten Journalistiek deze dinsdag alvast een voorproefje van hun toekomstige werkveld.</strong></p><p><span>Na een silence disco op maandagavond, gevolgd door een korte nacht, werden de nieuwe journalisten in spé dinsdagochtend om 08.15 uur bij MindLabs verwacht. Eerst was het tijd voor een dagstart, waarbij de slaperige ogen bij veel aanwezigen nog half dicht hingen, om vervolgens na een paar bakken koffie door te gaan met de bezoekjes van verschillende gastsprekers. Verspreid over meerdere groepen woonden de studenten drie sessies bij. </span></p><p><span><strong>Op zoek naar Marlotte</strong></span><br /><span>Studenten konden aansluiten bij sessies met Gijs Sanders, presentator bij BNNVARA, en media-expert Victor Vlam. Maar ook met Lizzy Diercks, momenteel werkzaam bij DPG Media maar eigenlijk vooral bekend van de best beluisterde Nederlandse podcast ooit: ’Op zoek naar Marlotte’. Daarmee ging ze vorig jaar hartstikke viral vanwege het bizarre verhaal dat de podcast vertelt. Dat gaat namelijk over Annika, een medewerkster van de Kindertelefoon die jarenlang werd voorgelogen over een ‘ernstig mishandeld’ meisje dat - zo bleek later uit onderzoek van Lizzy Diercks - nooit heeft bestaan. </span></p><p><span>In een gesprek met studenten vertelt de journaliste hoe die zoektocht is gegaan, welke reacties ze kreeg en wat het onderzoek met haar heeft gedaan. “Ik vond het best heftig dat de podcast zo viral ging”, vertelt ze. “Dit verhaal gaat om echte mensen, het is echt gebeurd. Dat heeft wel wat me gedaan, maar natuurlijk niet zoveel als met de slachtoffers. En los daarvan ben ik natuurlijk ook trots dat het zo groot is geworden. Natuurlijk lig je onder een vergrootglas als iets viral gaat, maar ik denk dat je als journalist blij bent dat je gelezen wordt. Daar schrijf je immers voor.”</span></p><p><span>Diercks vertelt ook dat de tijd waarin zij journalist werd, heel anders is dan de huidige tijd. Waar Diercks dagenlang zocht naar allerlei documenten, hoeven studenten nu alleen maar op een paar AI-knoppen te drukken om diezelfde informatie te krijgen. “Dat maakt het allemaal wel een stuk makkelijker”, lacht ze. “Dan hoef je al dat vervelende werk niet meer te doen. Maar tegelijkertijd natuurlijk ook lastiger, want je moet je feiten wel extra goed checken.”</span></p><p><span>Dat is dan ook de tip die ze de nieuwe studenten wil meegeven: wees zorgvuldig. Publiceer pas een verhaal als je zeker weet dat alles klopt. Maar ook: “Lees iedere dag de krant. Of kijk naar nieuws via TikTok, social media, de televisie, wat dan ook. Consumeer iedere dag twintig minuten nieuws en je creëert binnen vier jaar tijd een kennisvoorsprong die heel veel anderen niet hebben.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:279px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ab712fb7-2062-49d2-be61-2d41fe1b9833/800_img_6087.jpg?x=1787662139810" alt="Carmen, Tess, Fleur en Ilay" width="279" />Goed beeld</strong></span><br />Carmen, Tess, Fleur en Ilay, v<span>ier studenten die bij de sessie van Diercks aanwezig waren, kenden de podcast allemaal niet. Ze hadden er via TikTok wel over gehoord, maar hadden ‘m niet beluisterd. Toch vonden ze de dingen die de journaliste vertelde, heel interessant. “We krijgen vandaag een goed beeld van wat journalistiek precies inhoudt”, klinkt het. </span>"Het is heel leuk dat we veel verschillende verhalen horen van diverse mensen die allerlei werkzaamheden in de journalistiek doen."</p><p><span>Precies wat de bedoeling was, vertelt mede-organisator Esmee. “We hebben met de gastsprekers geprobeerd een divers aanbod te verzamelen dat laat zien op welke manieren je in het werkveld terecht kan komen. Als podcast-maker, sportjournalist, maar ook als media-expert of onderzoeksjournalist. We willen laten zien dat er meerdere wegen zijn die naar Rome leiden, zodat onze nieuwe studenten met een open vizier de opleiding in kunnen gaan.” </span></p><h5><i><span>Foto bovenin: Lizzy Diercks</span></i></h5>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHJ,Journalistiek,Student,Studenten,Tilburg,Luiken,Purple]]></category>
            <pubDate>Tue, 25 Aug 2026 15:44:06 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bdddb5cd-2a90-4828-9078-750a09a4d908/500_img_60842.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bdddb5cd-2a90-4828-9078-750a09a4d908/500_img_60842.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bdddb5cd-2a90-4828-9078-750a09a4d908/img_60842.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lizzy Diercks op de achtergrond]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studeren in het buitenland: Winke in Melbourne</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studeren-in-het-buitenland-winke-in-melbourne/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studeren-in-het-buitenland-winke-in-melbourne/</guid><pp:caseid>758171</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De een wil zichzelf volledig onderdompelen in een andere cultuur, de ander kiest een specifieke opleiding. Wat de reden ook is, er zijn genoeg Fontysstudenten die ervoor kiezen om te studeren in het buitenland. Zo ook Winke van Gemert, derdejaars student aan de opleiding Journalistiek bij Fontys. Zij volgde een minor in de Australische stad Melbourne.</strong></span></p><p><span>Ze is pas een week terug uit Australië, dus het is voor Winke vooral nog even acclimatiseren deze eerste dagen. Hiervoor verbleef ze in het Australische Melbourne, waar ze de opleiding Entertainment Business Management volgde en zich onderdompelde in creativiteit, contentcreatie en ondernemerschap. “Die studie sloot heel goed aan bij wat ik later wil doen, namelijk de creatieve kant op binnen de journalistiek. Dit was de perfecte toevoeging.”</span></p><p><span>Wat Winke vooral bijzonder vond aan de opleiding, is dat ze terechtkwam in een klas vol Australische studenten. “Zij volgden dit een heel jaar, maar ik maar een trimester. En dat alleen maar op maandagmiddag, dinsdagochtend en woensdag de hele dag. Luxe he?”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:236/auto;width:236px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/308e5c6a-948d-46ca-836d-39a1e8c0b5ca/800_winkeinaustralieuml.jpg?x=1781604594234" alt="Winke in Australië" width="236" height="auto">Op de bonnefooi vertrokken</strong></span><br><span>Ook de studiedruk was volgens de student veel anders dan op haar eigen opleiding binnen Fontys. “Net als hier hadden ze daar geen tentamens en werd je beoordeeld op projecten, maar de studiedruk was daar veel minder hoog dan in Nederland. Dat gold ook voor de beoordelingen op je uiteindelijke studieresultaten. Presenteren mocht in Melbourne bijvoorbeeld gewoon van een blaadje af, terwijl je hier alles uit je hoofd moet leren.”</span></p><p><span>Hoewel Winke destijds met een gerust hart aan haar studie begon aan de JMC Academy, waren haar eerste weken in Melbourne allesbehalve rustgevend. Ze vertrok namelijk zonder het hebben van een woonruimte naar de andere kant van de wereld. “Dat werd aangeraden door andere internationals, omdat je daar lokaal heel snel wat zou moeten kunnen vinden.” [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto’s[</span></i></p><p><span>Winke had echter niet door dat ze ook in Melbourne kampen met een algemene woningnood. “Gelukkig zat ik in een appgroep met ruim 700 andere Nederlanders die in Melbourne verblijven. Vanuit die groep wist ik een Airbnb te bemachtigen, waar ik een week heb moeten slapen voordat ik echte woonruimte had gevonden.”</span></p><p><span>Uiteindelijk bemachtigde ze een studentenkamer in een huis vol andere internationals. “We gingen ieder weekend iets doen. Reizen, werken op een festival in een natuurgebied, feesten, de stad ontdekken, surfen en wildkamperen. Ik heb het allemaal mogen ervaren.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:238/auto;width:238px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e870b117-35f0-4661-b1a7-0da723823af4/800_winkekampeert.jpg?x=1781604614297" alt="Winke kampeert" width="238" height="auto">Combineren</strong></span><br><span>Winke bekostigde haar woning, studie en reizen op verschillende manieren. Ze betaalde haar visum en vlucht van haar </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.fontys.nl%2Fen%2FFontys-Study-Abroad%2FScholarships-1.htm&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7C40d67a9f96b945cfe68108decacc6423%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C639171176396539649%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=BfAQPpfNkvz%2BjuQGVsSHKt5uMjGAkVls79utsOM%2BhyI%3D&reserved=0" target="_blank"><span>scholarship</span></a><span>, zette haar DUO op uitwonend en zette drie jaar lang haar verdiende centen opzij. “Ik heb niets geleend, maar er gewoon keihard voor gewerkt.”</span></p><p><span>Voordat ze met haar studie Journalistiek begon had Winke een tussenjaar waarin ze naar Thailand ging. Daarna twijfelde de student of ze door wilde reizen of studeren. “Mijn moeder wees me erop dat ik het wellicht ook kon combineren, en dat is me nu dus ook gelukt.”</span></p><p><span><strong>Er zijn voor anderen</strong></span><br><span>Voordat ze vertrok, dacht ze vaak: waar begin ik aan? Maar eenmaal in Australië merkte ze al snel dat je nooit alleen bent. "Je komt in een omgeving terecht vol mensen die precies hetzelfde meemaken en ik heb daar meer geleerd dan ooit. Niet alleen op school, maar ook over mezelf. Ik durf nu zoveel meer en mijn zelfvertrouwen is ook echt gegroeid.”</span></p><p><span>Daarom raadt Winke het alle andere Fontysstudenten ook aan om een minor in het buitenland te volgen. “En als je vragen hebt of twijfelt, mag je altijd </span><a href="https://www.instagram.com/winke.vg/" target="_blank"><span>contact met me opnemen</span></a><span>. Ik miste de ervaringen van andere studenten ook voordat ik wilde gaan, dus ik ben er graag om anderen te helpen.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Studenten,Internationals,Journalistiek,Tilburg,Erasmus+,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 18 Jun 2026 08:49:17 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/17154e60-afdb-4536-8b7a-de532bd57ca0/500_winkeinaustralieuml..jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/17154e60-afdb-4536-8b7a-de532bd57ca0/500_winkeinaustralieuml..jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/17154e60-afdb-4536-8b7a-de532bd57ca0/winkeinaustralieuml..jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Winke in Australi&amp;euml;.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Verpleegkundigen in beeld brengen: de do&#039;s en dont&#039;s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-in-beeld-brengen-de-dos-en-donts/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/verpleegkundigen-in-beeld-brengen-de-dos-en-donts/</guid><pp:caseid>746181</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Beeld&nbsp;niet alleen&nbsp;westerse vrouwen&nbsp;af&nbsp;die bij een ziekenhuisbed&nbsp;staan, maar&nbsp;zorg voor&nbsp;een representatieve vertegenwoordiging&nbsp;van gender en culturele achtergrond. Laat zoveel mogelijk sectoren zien en toon binnen die sectoren ook een diversiteit van werkzaamheden. Dat is hoe je het clichématige beeld van verpleegkundigen kunt veranderen, zo blijkt uit onderzoek van&nbsp;Fontys.&nbsp;</strong>&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Twee jaar geleden&nbsp;zijn twee lectoraten van&nbsp;Fontys&nbsp;Mens en Gezondheid en&nbsp;Fontys&nbsp;Journalistiek&nbsp;een onderzoek </span><a href="https://bron.fontys.nl/steunkousen-en-vrouwen-cliches-moeten-weg-uit-beelden-zorgsector/" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">gestart</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;"> naar clichébeelden uit de zorg, plus daarbij de vraag hoe je verpleegkundigen, verzorgenden IG en verpleegkundig specialisten het beste in beeld kunt brengen.&nbsp;Dat deden ze in samenwerking met&nbsp;ZonMw&nbsp;V&V, een financieringsorganisatie van innovatie en onderzoek in de gezondheidszorg,&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:175/auto;width:175px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/908b14d7-398b-4c4c-956b-4794f2e836ef/500_schermshyafbeelding2023-11-28om12.30.16.png?x=1779192068977" alt="Jessie van Wijk" width="175" height="auto">Voor het&nbsp;onderzoek&nbsp;is&nbsp;ook&nbsp;een&nbsp;eerdere&nbsp;</span><a href="https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC12413654/" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">studie</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;">&nbsp;van docent-onderzoeker Jessie van Wijk gebruikt, gericht op de representatie van verpleegkundigen in de Nederlandse krantenmedia. Telkens kwam hetzelfde beeld terug: “We zien steeds dat verpleegkundigen vaak anoniem en stereotyperend worden afgebeeld”, zegt Van Wijk.&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><strong>Verschillende rollen</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Een verpleegkundige is op beeld bijna altijd een blonde vrouw aan een bed of achter een medicijnkastje, vaak in het wit gekleed; de typische ziekenhuiskleur. Maar, zegt lector Pieterbas&nbsp;Lalleman van het lectoraat Verpleegkunde door de Tijd, die namens Mens en Gezondheid meedeed aan het onderzoek&nbsp;voor&nbsp;ZonMw: “Het gros van de verpleegkundigen werkt helemaal niet in het ziekenhuis, maar in de wijk of voor de langdurige zorg.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">De rollen die een verpleegkundige kan hebben, rijken volgens hem veel verder dan de directe patiëntenzorg. “Bij&nbsp;Fontys&nbsp;proberen we onze verpleegkundigen heel breed op te leiden. En ja:&nbsp;daar hoort patiëntenzorg bij, maar zeker in de laatste decennia is daar ook heel veel ander werk bij gekomen. Ze kunnen bijvoorbeeld ook zij aan zij staan met bestuurders. Dat zien we alleen bijna niet terug in bestaande&nbsp;beeldbanken.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><strong>Beeldwijzer met tips</strong><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Het&nbsp;doel&nbsp;van het onderzoek voor&nbsp;ZonMw&nbsp;V&V&nbsp;was het ontwikkelen van&nbsp;een </span><a href="https://www.venvn.nl/beeldwijzer-verpleegkundigen-verzorgenden-ig-en-verpleegkundig-specialisten" target="_blank"><span style="margin:0px;padding:0px;">praktische beeldwijzer</span></a><span style="margin:0px;padding:0px;">,&nbsp;die ervoor moet zorgen dat er meer representatieve beelden gemaakt worden over het werk dat verpleegkundigen doen.&nbsp;Daarin staan vijf tips centraal, te beginnen met: breng zorgprofessionals herkenbaar in beeld. Zorg voor een afspiegeling van de samenleving en breng verschillende sectoren in beeld. Ga dus niet alleen in op ziekenhuispersoneel, maar ook op wijkverpleging, GGZ, gehandicaptenzorg en GGD. Laat binnen die sectoren diversiteit van werkzaamheden zien én maak de handelingen en expertise van verpleegkundigen zichtbaar.&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Verder staan er ook nog fotografische aanwijzingen in, zoals: zet zo weinig mogelijk in scène, houd de werkomgeving zoveel mogelijk intact, gebruik zoveel mogelijk natuurlijk licht en wissel af tussen close-ups en totaalshots.&nbsp;&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/efe29ad1-498b-4470-a8d0-815909487a87/500_fotopieterbaslallemanvierkant.png?x=1779262772962" alt="Pieterbas Lalleman" width="200"><strong>Rol voor journalist</strong></span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">De beeldwijzer is bedoeld&nbsp;voor&nbsp;zowel&nbsp;verpleegkundigen als fotojournalisten.&nbsp;Lalleman: “We kunnen wel zeggen dat verpleegkundigen harder hun best moeten doen om uit te leggen wat hun werk is, maar er is hier ook een rol weggelegd voor&nbsp;journalisten. Want die gebruiken de beelden; zij bepalen welke foto’s er bij hun artikelen komen te staan.&nbsp;Dat is toch wel een heel belangrijk punt uit het onderzoek: dat de verantwoordelijkheid grotendeels bij de journalist ligt.” Van Wijk gaat daar met behulp van een verkregen promotiebeurs in de komende jaren meer onderzoek naar doen.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Of het probleem daarna is opgelost? Daar durven&nbsp;Lalleman&nbsp;en Van Wijk geen harde uitspraken over te doen. AI werkt&nbsp;in ieder geval&nbsp;niet bepaald mee,&nbsp;vinden ze allebei. “Want als jij&nbsp;AI vraagt om een AI-gegenereerd beeld van een verpleegkundige, dan krijg je nog steeds het stereotype beeld dat we juist níét willen zien.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Behalve Lalleman en Van Wijk werkten ook </span><span style="text-align:left;">Daniëlle Arets, Michiel Bles en Karlijn ten Cate van Fontys Journalistiek mee aan het onderzoek.</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Lectoraten,Lectoren,Onderzoek,Onderzoek Algemeen,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,FHJ,FHMG,PRO Gezondheid,PRO Gezondheidszorg,Journalistiek,Luiken]]></category>
            <pubDate>Wed, 20 May 2026 10:25:32 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/500_shutterstock_2747679221.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/500_shutterstock_2747679221.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/34f318cb-776e-4483-8645-72bff560bd5b/shutterstock_2747679221.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[zorg ziekenhuis verpleegkundige]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumna duikt in wereldwijd succes van Nederlandse dj’s</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumna-schrijft-boek-over-werelds-succes-nederlandse-djs/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumna-schrijft-boek-over-werelds-succes-nederlandse-djs/</guid><pp:caseid>746253</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Al sinds haar vijftiende bezoekt Fontys Journalistiek alumna Robyn van Gorsel festivals en clubs. De liefde voor muziek werd zo groot dat ze zich na haar studie ontpopte tot freelance muziekjournalist. Zo'n vijftien jaar na haar eerste festival brengt Van Gorsel deze maand haar nieuwe boek uit: ‘For the Record: waarom de meest succesvolle dj’s uit Nederland komen'.</strong></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:212/auto;width:212px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/37c183a2-ffea-4184-ba8c-7cbb2c8fff01/800_robynvangorssel.jpg?x=1779201833804" alt="Robyn van Gorsel. Foto Denise Valk" width="212" height="auto">Tijdens haar festivalbezoeken en opdrachten voor verschillende werkgevers in de muziekbranche vroeg de Journalistiek alumna zich steeds één ding af. Hoe komt het dat zoveel succesvolle dj's uit Nederland komen? Die vraag staat centraal in haar boek, waarin ze onderzoekt hoe Nederland kon uitgroeien tot het grootste dj-land ter wereld. Daarvoor sprak ze tientallen mensen uit de dancewereld en dook ze in de geschiedenis van housemuziek, beleid en uitgaanscultuur.<strong>&nbsp;</strong>“Het afgelopen jaar heb ik onderzocht wat er nou precies in het water zit in Nederland, waardoor wij zoveel succesvolle dj’s hebben”, vertelt ze.</span></p><p><span>Volgens Van Gorsel speelde de Nederlandse overheid daarin een grotere rol dan veel mensen denken. Waar andere landen streng optraden tegen housefeesten en raves, was Nederland relatief tolerant. “In Engeland was er een wet waardoor je niet met auto’s mocht samenkomen als er housemuziek klonk. En in New York had je burgemeester Rudy Giuliani, die zo anti-uitgaan en anti-drugs was dat dansen in clubs zonder speciale vergunning verboden werd.”</span></p><p><strong>Mannenwereld</strong><br><span>In haar boek besteedt Van Gorsel ook aandacht aan het gebrek aan vrouwen binnen de dancewereld. Dat viel haar tijdens haar onderzoek direct op. “Negentig procent van de mensen die ik heb geïnterviewd waren man, en dat vind ik zo jammer.” Volgens haar is ook het seksisme binnen de industrie zichtbaarder geworden. “Je hoort steeds vaker dat vrouwen alleen geboekt zouden worden vanwege hoe ze eruitzien of wat voor topje ze dragen, terwijl niemand zich afvraagt wat een man aantrekt.”&nbsp;</span></p><p><span>Waar die toename vandaan komt, weet ze niet precies. “Vroeger waren er maar een paar vrouwelijke dj’s en die kregen eigenlijk alleen maar complimentjes. Waarschijnlijk hangt het samen met de bredere toename van seksisme in het algemeen.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8c0f7e8b-bac9-47f4-a146-094e9af80008/500_robynvangorssel..jpg?x=1779201848400" alt="Robyn van Gorsel" width="200">Dj als ambacht</strong><br><span>Met haar boek wil Van Gorsel laten zien dat het leven van dj’s vaak minder glamoureus is dan mensen denken. Ze hoopt dat lezers meer waardering krijgen voor zowel het vak als de Nederlandse dancescene. “Sowieso is dj-en niet zo makkelijk als het lijkt. Natuurlijk kan tegenwoordig veel met één druk op de knop, maar er zijn nog steeds dj’s die echt met platen werken, handmatig mixen en allerlei technieken beheersen.”&nbsp;</span></p><p><span>Daarnaast draait het volgens haar niet alleen om techniek. “Je moet ook een sfeer aanvoelen en een publiek kunnen meenemen.” Ook de mentale druk binnen de industrie is volgens de alumna groot. “Kijk bijvoorbeeld naar Avicii. Ook Armin van Buuren is heel open geweest over hoe zwaar het voor hem is. Hardwell heeft er zelfs een tijdje uitgelegen en Nicky Romero overwoog om helemaal te stoppen." Het leven van een dj is eigenlijk best eenzaam, verklaart Van Gorsel. “Je bent constant onderweg, staat iedere avond op een podium en komt daarna alleen terug in een lege hotelkamer.”</span></p><p><strong>Geheim&nbsp;</strong><br><span>Daarin zit niet het geheim van succes, maar waarin dan wel? Dat blijkt uiteindelijk een samenloop van verschillende omstandigheden. “Waaronder dus onze relatief coulante overheid, onze technische kennis en - vond ik persoonlijk heel verassend - het feit dat Nederland een klein land is.”&nbsp;</span><br><br><span>Hoe dat precies zit, lees je </span><a href="https://www.bruna.nl/boeken/for-the-record-9789089757272" target="_blank"><span>vanaf 28 mei</span></a><span> in het boek 'For the Record: waarom de meest succesvolle dj's uit Nederland komen'. Een boek over een vak dat altijd zal blijven bestaat, aldus Van Gorsel. “Want we willen ook blijven dansen. Dit boek geeft mensen die graag naar festivals gaan een kijkje in wat daar allemaal achter zit. En ik hoop dat mensen na het lezen ervan extra trots zijn op onze dj's.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Journalistiek,Alumni,Tilburg,Student,Mauro,FHJ]]></category>
            <pubDate>Tue, 19 May 2026 16:58:46 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/f192ee39-a071-4331-9b44-595eb02becab/500_shutterstock-2454781497.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/f192ee39-a071-4331-9b44-595eb02becab/500_shutterstock-2454781497.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/f192ee39-a071-4331-9b44-595eb02becab/shutterstock-2454781497.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[festival feesten feest]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumnus schrijft boek: Waarom mannen niet praten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-schrijft-boek-waarom-mannen-niet-praten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-schrijft-boek-waarom-mannen-niet-praten/</guid><pp:caseid>742992</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>Het boek ‘Waarom mannen niet praten’ is </span></i><a href="https://www.bol.com/nl/nl/p/waarom-mannen-niet-praten/9300000256557428/?Referrer=ADVNLGOO002008J-S---PMAX-C-22294751959&gad_source=1&gad_campaignid=22284338556&gclid=CjwKCAjwnZfPBhAGEiwAzg-VzCGKRr3j0UEtKDnwcdlbKPjas2bN5gHi9AEUoBTppgIWbCu22C0_ARoCMUMQAvD_BwE"><i><span>nu te pre-orderen</span></i></a><i><span> en vanaf donderdag 30 april te koop via Bol.com of de lokale boekhandel.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Toen Tim van Boxtel nog op de middelbare school zat, werd hij van de een op de andere dag geconfronteerd met angst. Wat begon als een onverklaarbaar gevoel, groeide uit tot een angst- en dwangstoornis waardoor hij overal gevaar zag. Toch ging hij de strijd aan, en met succes. Nu publiceert de alumnus Journalistiek een boek om anderen te helpen, onder de noemer ‘Waarom mannen niet praten’.</strong></span></p><p><span>Van Boxtel was vijftien jaar toen hij zijn angststoornis ontwikkelde. “Ik was opeens bang dat ik in elkaar geslagen zou worden. Op elke hoek zag ik gevaar.” Jaren van therapie volgden, maar open praten over zijn gedachten bleek voor hem moeilijker dan gedacht. “Om me heen zag ik hoe makkelijk het leven van andere mannen leek te verlopen in vergelijking met het mijne. Dat wilde ik niet toegeven.”</span></p><p><span>Toch besloot de alumnus om zich in de materie te verdiepen. Wat bleek: mannen voeren juist vaak de boventoon in cijfers over suïcide en verslaving. “Maar als het zo slecht gaat met mannen, waarom hoor je daar dan zo weinig over? Ik kreeg vaak het antwoord ‘mannen praten niet over hun gevoelens’, maar dat vond ik te makkelijk. Alsof het een keuze is, alsof mannen niet wíllen praten.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:235/auto;width:235px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a9b76e07-264b-4a68-8072-e9f8f8db0d74/800_timvanboxtel.fotobonnitapostma.jpg?x=1776936077581" alt="Tim van Boxtel. Foto: Bonnita Postma" width="235" height="auto">Online vergelijkingen</strong></span><br><span>Daarom ging Van Boxtel zelf aan de slag met het vraagstuk waaróm mannen niet praten. Aan de hand van literair onderzoek en gesprekken met experts en ervaringsdeskundigen wilde hij verder kijken dan het cliché. Vooral de verhalen van die laatste groep vond hij indrukwekkend. “Deze mannen lieten zien wat er gebeurt als iemand van jongs af aan leert om gevoelens in te slikken, hoe ver dat kan gaan.”</span></p><p><span>Tijdens zijn onderzoek zag de alumnus ook een andere brede ontwikkeling, vooral onder jongeren. Mentale problemen nemen toe en sociale media spelen daar een grote rol in. “Jongeren zijn constant aan het vergelijken en zien alleen maar succesverhalen voorbijkomen. Wanneer je zelf niet lekker in je vel zit, voelt het al snel alsof je de enige bent.”</span></p><p><span><strong>‘Harder worden’</strong></span><br><span>Niets is minder maar, weet Van Boxtel. Hij herkent het gevoel vooral uit zijn jeugd, maar ook tijdens zijn opleiding Journalistiek vergeleek hij zichzelf met ‘de rest’. “Ik was wat terughoudender, rustiger. Tijdens een evaluatie schreef ik ook dat ik te verlegen en gevoelig was als journalist, dat ik harder moest worden.” [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Docenten gaven hem echter een ander perspectief. “Mijn empathie en inlevingsvermogen waren juist mijn kracht, vonden ze. Dat moment is me altijd bijgebleven, en heeft er misschien wel voor gezorgd dat ik deze kant op ben gegaan.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:233/auto;width:233px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f98b44cb-cf76-4801-bc51-e946fab7fa99/800_waarommannennietpraten.jpg?x=1776936086171" alt="" width="233" height="auto">Drempels en tips</strong></span><br><span>Inmiddels schrijft Van Boxtel geregeld over mentale gezondheid, bijvoorbeeld op LinkedIn. Ook daar merkt hij hoe urgent zijn boek is. “Vooral vrouwen reageren en moedigen aan zodra ik iets deel. Mannen doen dat veel minder. Misschien zijn ze het niet met me eens, maar misschien voelen ze ook wel een drempel.”</span></p><p><span>Daarom behandelt hij in zijn boek het ontstaan van het probleem, persoonlijke verhalen en aanbevelingen. “Niet alleen voor mannen zelf, maar juist ook voor hun omgeving.” Want iedereen moet volgens de alumnus anders leren kijken en luisteren. “Als je vraagt hoe het gaat en iemand reageert met ‘goed’, vraag dan door. Let op subtiele signalen, bijvoorbeeld in grappen. Daar laten mannen dingen in doorschemeren.”</span></p><p><span><strong>‘Wereld te winnen’</strong></span><br><span>Een belangrijke taak dus voor partners, vrienden, ouders en collega’s. “Ik kom zelf uit een veilige en liefdevolle omgeving en had toegang tot hulp, maar niet iedereen heeft dat. Goed luisteren kan daarom echt het verschil maken.”</span></p><p><span>Met zijn boek hoopt Van Boxtel vooral inzicht te bieden. Niet alleen in het probleem, maar ook in de oorzaken erachter. “Als je nooit hebt geleerd om je gevoelens te uiten, weet je ook niet hoe dat moet. Neem dit boek daarom als beginpunt voor een gesprek dat je wellicht al veel eerder had moeten voeren.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Alumni,Journalistiek,Studentenwelzijn,Studentwelzijn,Tilburg,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 23 Apr 2026 12:10:36 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/69e2a713-5147-41c2-b408-c20c09135c18/500_timvanboxtel.jpg?12417" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/69e2a713-5147-41c2-b408-c20c09135c18/500_timvanboxtel.jpg?12417</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/69e2a713-5147-41c2-b408-c20c09135c18/timvanboxtel.jpg?12417</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Tim van Boxtel]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Media bijten zich stuk op de student als nieuwsconsument</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/media-bijten-zich-stuk-op-de-student-als-nieuwsconsument/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/media-bijten-zich-stuk-op-de-student-als-nieuwsconsument/</guid><pp:caseid>740691</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>“Bron? Oh ja, iets met nieuws toch?” Het is een reactie die opvallend vaak terugkomt op de Fontys-campussen. Veel studenten hebben nog nooit van het platform gehoord, of herkennen de naam slechts vaag. En dat terwijl Bron juist voor hen produceert. Het probleem: niet desinteresse, maar zichtbaarheid.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Dat studenten geen interesse hebben in het nieuws is een hardnekkig misverstand. Uit onderzoek en gesprekken met studenten blijkt juist het tegenovergestelde: ze zijn geïnteresseerd, maar consumeren nieuws fundamenteel anders.&nbsp;</span></p><p><span>Zo vertelt Patrick Selbach, directeur van #UseTheNews (een stichting die zich samen met jongeren inzet voor een andere nieuwsvoorziening): “Jongeren zoeken het nieuws niet actief op, ze komen het tegen in hun feed.” Die manier van consumeren, ook wel het “news finds me”-principe genoemd, maakt zichtbaarheid van het platform cruciaal. Wat niet direct opvalt, verdwijnt namelijk weer in het algoritme.&nbsp;</span></p><p><span><strong>Scrollen, kiezen, weg</strong></span><br><span>Sociale media spelen dus een belangrijke rol. Studenten ‘snacken’ nieuws, zo legt Britney Sieben uit, onderzoeker aan het lectoraat Waarde(n)volle Journalistiek van de hogeschool Windesheim. “Ze scrollen door korte fragmenten en maken meteen een keuze: dit vind ik interessant. Of niet, en scrollen meteen door."</span></p><p><span>Die snelheid kent een keerzijde vindt Karin Schut, freelance onderzoeker en auteur van het onderzoek ‘Jongeren, nieuws en media: een blik op de toekomst van het nieuws’. "Je komt heel veel nieuws tegen dat misschien helemaal niet geverifieerd is. Daar heb je als gebruiker echt een stuk mediawijsheid voor nodig.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:486/auto;width:486px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/256250f2-75a0-43c1-8689-af278bf83787/800_shutterstock-2354615783.jpg?x=1774879496228" alt="" width="486" height="auto">Sociale media oplossing?</strong></span><br><span>Vrijwel alle mediaplatformen zetten vol op sociale media in, met de hoop om zo hun studenten te bereiken. Instagram is daarin de grote uitblinker. Schut legt uit: “In ons onderzoek hebben we daarop ingezoomd: sociale media. Het is voor de klassieke nieuwsmedia best ingewikkeld om jongeren te bereiken, áls ze daar al mee bezig zijn.” Ze vindt het belangrijk dat je je als platform afvraagt waar je sociale media voor inzet: “Je hebt weinig invloed op wie je bereikt middels sociale media."&nbsp;</span></p><p><span>Opvallend is dat jongeren klassieke nieuwsmedia betrouwbaarder vinden dan sociale media, maar toch vooral via die sociale platforms nieuws consumeren. Dus niet elk platform wordt als betrouwbaar beschouwd, maar vanwege de routine wel geconsumeerd via sociale media. Vooral bij de onbekende/twijfelachtige platforms wordt het checken en vergelijken van informatie ingezet. Zo vertelt Sieben: "Als ze iets op Instagram zien en twijfelen, kijken ze bijvoorbeeld in de NOS-app wat er echt aan de hand is.” Het probleem zit hem dus in een overdaad aan informatie, en het gebrek aan richting daarin.&nbsp;</span></p><p><span>Veel nieuwsmedia proberen jongeren te bereiken door formats van elkaar over te nemen, denk aan de swipebare stories van NOS Stories. Begrijpelijk vindt Sieben, maar niet zonder risico. “Als iedereen hetzelfde format gaat gebruiken, dan gaat alles op elkaar lijken. Het algoritme moet dan alsnog kiezen. Dan krijgen ook accounts zonder geverifieerd nieuws de kans om jongeren te bereiken." Je eigen identiteit als platform is daar veel belangrijker in, stelt ze. Sociale media zou gebruikt moeten worden als trechter naar diepere journalistiek.&nbsp;</span></p><p><span><strong>Studenten willen relevantie en hoop</strong></span><br><span>Wat studenten wél willen is duidelijk: nieuws dat dichtbij komt. “Ik vind het belangrijk dat nieuws echt relevant voor me is”, vertelt een bevraagde student. “Als het over mijn opleiding specifiek zou gaan, zou ik het zeker lezen.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:471/auto;width:471px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/54ce183b-c70e-48d8-9db3-dd7bb51686d1/800_studentesmartphone.jpg?x=1774879719178" alt="" width="471" height="auto">Dat is volgens Selbach heel herkenbaar: “Onderwerpen moeten dichtbij de leefwereld liggen. Studie, huisvesting, mentale gezondheid, het studentenleven. Dat raakt ze direct.”&nbsp; En ook Sieben ziet daar kansen liggen: "Studenten missen vaak hun eigen perspectief in het nieuws. Ze hebben niet het idee dat ze worden aangesproken.”</span></p><p><span>Naast relevantie speelt ook de toon een rol. Studenten haken af door de constante stroom van negatief nieuws. “Wat we veel terugzien is negativiteit, herhaling en een gevoel van machteloosheid”, vertelt Sieben. “Constructieve journalistiek kan daar een goed antwoord op zijn.” Niet alleen het probleem tonen, maar ook context en mogelijke oplossingen.&nbsp;</span></p><p><span><strong>Zichtbaarheid en betrokkenheid</strong></span><br><span>De kern van het probleem is niet te verwijten aan één oorzaak. Het niet of moeilijk bereiken van jongeren is een mondiaal probleem, waar geen duidelijke oplossing voor bestaat. Als die al zou bestaan zou iedere redactie die overnemen. Het gaat om een combinatie van verschillende factoren: lage bekendheid, veranderend mediagedrag, concurrentie van algoritmes en de capaciteit van een redactie.&nbsp; “Er is geen vaste strategie om jongeren te bereiken, je moet blijven experimenteren”, onderstreept Selbach. “Kijk wat er aanslaat, samen met de studenten, betrek ze erbij.”&nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:453/auto;width:453px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8ee7e87f-a4d1-4c1a-8037-73322550286e/800_bronl.png?x=1774879536661" alt="" width="453" height="auto">Daarentegen is het opvallend dat Bron in de praktijk al veel stappen heeft gezet om studenten te bereiken. Van zichtbaarheid op de campus met posters en schermen, aanwezigheid bij evenementen zoals het Purple Festival, winacties, en het experimenteren met sociale media. Het platform zoekt actief naar manieren om dichter bij de doelgroep te komen. Dat deze inspanningen tot op heden slechts een beperkt bereik hebben gehad, onderstreept hoe complex het huidige medialandschap is.&nbsp;</span></p><p><span>Bereik is niet langer vanzelfsprekend, maar afhankelijk van algoritmes, timing en relevantie voor de doelgroep. Het vraagstuk rondom zichtbaarheid lijkt daarmee minder een kwestie van inzet, en meer een kwestie van experimenteren met de juiste vorm en de juiste plek.&nbsp;</span></p><p><i><span>Noé van Beek is vierdejaars student Journalistiek bij Fontys en liep de afgelopen maanden stage bij Bron. Bovenstaand artikel is de uitkomst van de onderzoeksopdracht die deel uitmaakte van zijn stage.</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Nieuws,economie,Noé,Student,Journalistiek]]></category>
            <pubDate>Mon, 30 Mar 2026 16:22:54 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b8575f4e-2ad9-4296-a7f2-0478c6f63319/500_studentnieuwsscrollenmobiel.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8575f4e-2ad9-4296-a7f2-0478c6f63319/500_studentnieuwsscrollenmobiel.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b8575f4e-2ad9-4296-a7f2-0478c6f63319/studentnieuwsscrollenmobiel.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[student nieuws scrollen mobiel]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Bijbaan als kistdrager: ‘Je kunt echt verschil maken’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bijbaan-als-kistdrager-je-kunt-echt-verschil-maken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bijbaan-als-kistdrager-je-kunt-echt-verschil-maken/</guid><pp:caseid>739637</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Knallen in de horeca, werken in de supermarkt, eten bezorgen of bijles geven. Het is een greep uit de meest populaire bijbanen onder studenten. Ook de 22-jarige Benthe uit Tilburg heeft een bijbaan, maar wel eentje uit een iets andere richting. Ze is kistdrager bij uitvaarten en begrafenissen. “De maatschappelijke impact is waardevol.”</strong></span></p><p><span>Het is een goede drie maanden geleden dat Benthe begon met haar werk als kistdrager bij Draagkracht. Een bijbaan die ze aannam tijdens haar afstudeerperiode voor de opleiding Journalistiek. “Mijn huisgenoot werkte hier ook en liet me weten dat ze nog mensen zochten en dat het werk heel flexibel is. Toen dacht ik: ik probeer het gewoon.”</span></p><p><span>Die keuze bleek een goede zet, want Benthe draait nu gemiddeld twee diensten per week. En hoewel het dragen van kisten wellicht zware emoties en verdriet oproept als je eraan denkt, is het in de praktijk een stuk rationeler, aldus de kersverse alumnus. “Als drager ben je onderdeel van een team, vaak met leeftijdsgenoten. Je rijdt samen naar de locatie, maakt een praatje over je weekend en hebt het meestal best gezellig. Dat voelt bijna als een gewone bijbaan.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:251/auto;width:251px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/533e6e57-6341-4a00-ac49-dcdf96f4adf2/800_benthekuijpers.jpg?x=1773839274515" alt="Benthe Kuijpers" width="251" height="auto">Rust en structuur</strong></span><br><span>Tot de dragers arriveren op locatie, dan ‘schakelen ze om’, legt Benthe uit. “Kistdragers zijn er om de familie van de overledene te ondersteunen. Zij zitten in een emotionele situatie, dus is het aan ons om rust en structuur te brengen.”</span></p><p><span>Dat doen de kistdragers iedere keer weer op hun eigen manier, want een typische dienst is er eigenlijk niet. “Soms duurt een dienst minder dan een uur, maar het kan ook zijn dat je inclusief reizen een halve dag kwijt bent. Zo moest ik laatst naar Antwerpen omdat daar specifiek om vrouwelijke dragers werd gevraagd.”</span></p><p><span><strong>Werkzaamheden</strong></span><br><span>Wat wel vaak overeenkomt zijn de werkzaamheden op locatie. “Je komt aan, zet alles klaar, ontvangt de familie en begeleidt daarna de kist naar binnen. Tijdens de dienst wacht je vaak achter in een kamer en help je bij afloop weer met het vertrek of het begraven.”</span></p><p><span>Volgens Benthe kan in principe iedere student dit werk doen. “Maar niet iedereen wil het. Je moet er wel feeling mee hebben. Mocht je interesse hebben, dan kom je er tijdens de sollicitatieprocedure snel genoeg achter of kist dragen daadwerkelijk bij je past.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:358/auto;width:358px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a4275afe-96ad-4718-adad-22d26cd5f1b8/800_studentenwerkzaambijdraagkracht.jpeg?x=1773839281056" alt="Studenten werkzaam bij Draagkracht" width="358" height="auto">Maatschappelijke impact</strong></span><br><span>Voor Benthe is vooral de maatschappelijke impact die ze kan maken waardevol. Iets wat ze ook in haar werk als journalist belangrijk vindt. “Ik heb echt het gevoel dat ik iets bij kan dragen. En ja, dit bijbaantje verdient goed, maar daar gaat het niet om. Je hebt een hele belangrijke rol op dagen dat je werkt en je kunt echt het verschil maken voor een familie. Dat is waar het in dit werk om draait.”</span></p><p><span>Nu Benthe is afgestudeerd blijft ze werkzaam bij Draagkracht, waar ze samenwerkt met ruim honderd andere studenten. Dat werk combineert ze met haar eigen onderneming, haar baan in de journalistiek en een aantal uren als caissière bij een lokale supermarkt. “Ik hoef geen 40-urige werkweek, maar kan op deze manier flexibel plannen, genoeg verdienen en iets betekenen voor anderen. Ik zou het anderen ook aanraden. Het is misschien een bijbaan die je niet verwacht, maar juist dat maakt dit werk interessant.”</span></p><h5><i><span>Foto bovenin: afkomstig van Draagkracht, Benthe staat hier niet op</span></i></h5>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Studenten,Tilburg,Journalistiek,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 19 Mar 2026 09:27:35 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b47b13c1-6f6b-47c9-bc1c-3e3ac43d23e3/500_studentendiewerkenbijdraagkracht.fototerillustratie.jpeg?54667" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b47b13c1-6f6b-47c9-bc1c-3e3ac43d23e3/500_studentendiewerkenbijdraagkracht.fototerillustratie.jpeg?54667</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b47b13c1-6f6b-47c9-bc1c-3e3ac43d23e3/studentendiewerkenbijdraagkracht.fototerillustratie.jpeg?54667</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studenten die werken bij Draagkracht. Foto ter illustratie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>AI-richtlijnen in journalistiek: &#039;Zelf blijven nadenken&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/ai-richtlijnen-in-journalistiek-zelf-blijven-nadenken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/ai-richtlijnen-in-journalistiek-zelf-blijven-nadenken/</guid><pp:caseid>736229</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="margin-bottom:0px;margin-right:0px;margin-top:0px;padding:0px;"><strong>Fontys-breed</strong></span><br><span>De behoefte aan duidelijke AI-richtlijnen speelt niet alleen bij Fontys Journalistiek. Volgens Renske Nieuwpoort van MC&P werkt Fontys als organisatie aan een overkoepelend beleid. “Maar AI en de toepassingen ontwikkelen zich zó snel dat dit steeds aangescherpt moet worden. Daar zijn we ook Fontys-breed actief mee bezig."</span></p><p><span>Volgens Nieuwpoort kijkt Fontys daarbij, net als Journalistiek, goed naar andere onderwijsinstellingen. “Je wilt hier als hogeschool niet alleen in staan. De aanpak is om dit samen te doen.” Ze vult aan: “Leren van elkaar, zichtbaar maken wat er gebeurt en samen kijken hoe je dit zorgvuldig vormgeeft.”</span></p><p><span>Fontys voerde voor de zomer nog een brede impactanalyse uit naar de betekenis van AI voor onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering. Die analyse vormde de basis voor een Fontys-breed plan van aanpak. “Als je Fontys-brede richtlijnen wilt opstellen, moeten die stevig en helder zijn”, legt ze uit. Hoe individuele opleidingen op dit moment met AI omgaan, verschilt en is volgens Nieuwpoort nog niet eenduidig vastgelegd. Ze vertelt dat de werklijnen ‘beleid en ethiek’, ‘professionalisering’ en ‘digitale infrastructuur’ prioriteit hebben in 2026.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="margin-bottom:0px;margin-right:0px;margin-top:0px;padding:0px;text-align:start;"><strong>Kan een journalist straks zelf nog nadenken? Bij Fontys Journalistiek is het antwoord duidelijk: ja, en ChatGPT mag dat niet voor je doen. De opleiding heeft daarom nieuwe aangescherpte richtlijnen opgesteld voor het gebruik van generatieve AI.&nbsp;</strong></span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">De richtlijnen zijn opgesteld in samenwerking met het lectoraat Ontwerpen aan de Journalistiek, de examencommissie en Onderwijs-programmaleider Harmen Groenhart. De conceptversie van de nieuwe richtlijnen werd gepresenteerd op een collectieve studiedag. “Docenten konden daar feedback geven en we hebben het vervolgens aan de opleidingscommissie voorgelegd. Op basis daarvan zijn de laatste aanpassingen gedaan”, vertelt Groenhart.&nbsp;&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Die betrokkenheid was volgens de programmaleider essentieel: "Dat je AI mag gebruiken staat vast, dat je er transparant over moet zijn ook. Maar er zijn momenten dat het niet gewenst is, en daar hebben we ons nu op gefocust.” Hij vult aan: “Dat staat nergens in de oude richtlijnen duidelijk beschreven en kan per opleiding verschillen."&nbsp;&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Richtlijnen</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Binnen de journalistiek draait het om authenticiteit en verantwoordelijkheid. Groenhart legt uit: “Je moet zelf nadenken en voelen hoe het is om er verantwoordelijk voor te zijn. Daarom moet je binnen de opleiding leren omgaan met generatieve AI.” Waar eerdere richtlijnen vooral benadrukten wat er wel mocht, ligt de nadruk nu op wat niet is toegestaan. De aangescherpte regels zijn gebaseerd op drie kernprincipes: transparantie, werk ook zonder AI, en blijf zelf nadenken. &nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Concreet betekent dit onder andere dat de kern van een journalistieke bewering of onderbouwing altijd door de student zelf moet worden gedaan. Een journalist is zelf verantwoordelijk voor insteek, beweringen en duiding. AI mag daarom geen conclusies, analyses of aanbevelingen formuleren. Dat zijn vaardigheden die een journalist zelfstandig moet beheersen. &nbsp;&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Daarnaast stellen de richtlijnen dat het niet is toegestaan om gegenereerde beelden of audio te presenteren als werkelijkheid. En er mogen geen reflecties gegenereerd worden. In de richtlijnen staat duidelijk opgenomen dat enkel de student zelf iets zinnigs kan zeggen over zijn of haar ontwikkeling.&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Wat mag er dan wel?</strong></span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Dat er is beschreven wat er allemaal niet mag met generatieve AI, betekent niet dat het totaal verboden is. De richtlijnen beschrijven namelijk ook wat er wél is toegestaan.&nbsp;Zo mag generatieve AI gebruikt worden als sparringpartner bij het schrijven van teksten. Denk hierbij aan structuurvoorstellen voor hoofdstukken, inspiratie en hulp bij het bepalen van een invalshoek.&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Ook taalcorrecties, hulp bij formulering en eindredactie zijn toegestaan. Verder mag generatieve AI ingezet worden om teksten te vertalen en om te brainstormen over onderzoek en interviewvragen. Tot slot mag het ondersteunend worden toegepast bij onderzoek. Dit allemaal met de kanttekening dat de output goed gecontroleerd wordt.&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:284/auto;width:284px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/acc71425-68eb-4364-b86a-c60ba4232902/800_schermshyafbeelding2026-02-12om13.33.12.png?x=1770900038796" alt="Harmen Groenhart" width="284" height="auto">Leerdoel én toetsvraagstuk</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">De nieuwe richtlijnen stellen dus duidelijke grenzen aan het gebruik van generatieve AI, en dat is niet zonder reden. “We willen echt dat studenten ermee om kunnen gaan”, benadrukt Groenhart. AI wordt binnen het onderwijs dan ook steeds verder geïmplementeerd.&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Ook tussen de journalistieke opleidingen onderling wordt er actief gespard over het gebruik van AI. “De kennis over AI als maatschappelijk fenomeen, daar staan we met alle opleidingen wel achter. Een journalist moet begrijpen hoe AI werkt, net zoals ze moeten weten hoe de economie en de maatschappij werken”, vertelt Groenhart. “Maar hoe journalisten AI precies moeten gebruiken, daar zijn we nog niet collectief over uit.”&nbsp;&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Naast onderwijsinhoud speelt ook de toetsing een belangrijke rol. Om de nieuwe richtlijnen te waarborgen is de toetscommissie momenteel bezig om alle onderwijseenheden in kaart te brengen om te beoordelen hoe ‘AI-proof’ de bewijsstukken zijn.&nbsp;</span></p><p><span style="margin:0px;padding:0px;">Daarnaast wordt binnen het afstuderen geëxperimenteerd met aangepaste toetsvormen. Studenten studeren namelijk af met een portfolio en een assessment van twee uur, waarin ook een performance-opdracht zit. Tijdens die opdracht mogen studenten een half uur lang niet online werken. “Op deze manier krijgen we meer zicht op de kwaliteiten van de student. We weten dat studenten ChatGPT gebruiken, dus de vraag is of we dan het werk van de student of die van AI zien.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHJ,Journalistiek,Noé,AI]]></category>
            <pubDate>Thu, 12 Feb 2026 15:56:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/204a0909-7124-4210-bee0-9f6eb8ec9c81/500_shutterstock_2242808107.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/204a0909-7124-4210-bee0-9f6eb8ec9c81/500_shutterstock_2242808107.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/204a0909-7124-4210-bee0-9f6eb8ec9c81/shutterstock_2242808107.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[fake news]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Hoe ook onderwijsmedia als Bron last hebben van AI</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hoe-ook-onderwijsmedia-als-bron-last-hebben-van-ai/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hoe-ook-onderwijsmedia-als-bron-last-hebben-van-ai/</guid><pp:caseid>734835</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Bron en alle andere (onafhankelijke) onderwijsmedia verliezen lezers aan AI, net als algemene nieuwswebsites. Strikte wetgeving zou een oplossing kunnen zijn, maar mediaminister Gouke Moes zegt die nog niet toe.</strong></p><p>Googles AI-zoekhulp Gemini meldde donderdagmiddag dat er tot tien miljard euro wordt bezuinigd op de zorg. Gemini baseerde zich onder meer op de NOS, de Correspondent, RTL en de Telegraaf. Maar donderdagmiddag is over die bezuinigingen nog niets bekend.</p><p>Er wordt alleen maar gespeculeerd. Politiek verslaggever Joost Vullings van EenVandaag legt uit hoe onderhandelingen kunnen lopen: stel dat de coalitie vijf miljard op de zorg wil bezuinigen, dan begin je gewoon met tien miljard en kom je na gesprekken met de oppositie in het midden uit.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:453/auto;width:453px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/cece0fb9-8bd9-49ac-8e9c-18e5f7135dae/800_aienmedia.jpg?x=1769782247422" alt="\" width="453" height="auto">Deze flater van Gemini illustreert de onbetrouwbaarheid van AI. Toch vertrouwen lezers op de snelle samenvattingen. Ze klikken steeds minder door naar de bron zelf, blijkt uit <a href="https://blog.cloudflare.com/ai-search-crawl-refer-ratio-on-radar/">onderzoek</a> van cybersecuritybedrijf Cloudflare. Ook Pew Research <a href="https://www.pewresearch.org/short-reads/2025/07/22/google-users-are-less-likely-to-click-on-links-when-an-ai-summary-appears-in-the-results/">zag</a> rond die tijd een halvering van het aantal doorklikkers.</p><p><strong>‘Grote zorgen’</strong><br>In november stuurden vrijwel alle Nederlandse media een brandbrief naar de onderhandelende partijen. Daarin uiten ze hun zorgen over de macht en invloed van AI-bedrijven. De media dreigen opgegeten te worden door Gemini en al die andere kunstmatige samenvatters. De mediabedrijven vragen de overheid om bescherming.</p><p>Hogeronderwijsmedia zijn niet bij deze brandbrief betrokken, maar ze hebben precies dezelfde zorgen, zegt Willem Andrée, hoofdredacteur van Resource van Wageningen Universiteit. Hij mist websitebezoekers en wijt dat onder andere aan Google’s AI-antwoorden. “Ik maak me daar grote zorgen over.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:339/auto;width:339px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f6af56ad-5965-4679-a9b8-7cc12e3cdfb8/800_tue1.jpg?x=1769782039812" alt="\" width="339" height="auto">Ook andere onderwijsbladen zien lezers verdwijnen. Hoofdredacteur Marieke Verbiesen van Cursor van de TU Eindhoven heeft de daling in bezoekcijfers door haar hostingbedrijf laten onderzoeken. Ook die achtte het mogelijk dat AI-samenvattingen lezers ervan weerhouden om nog naar de bron te gaan.</p><p>En over Bron gesproken: ook dit medium ziet dalende bezoekerscijfers die volgens geraadpleegde experts bijna alles te maken hebben met het toenemend gebruik van AI als ‘nieuwsbron’. Een grote zorg én irritatie voor de Bron-redactie is bovendien dat geen enkel AI-bedrijf bij nieuws aan bronvermelding doet of toestemming vraagt om artikelen te gebruiken. Laat staan dat auteursrechten betaald worden.&nbsp;</p><p><strong>Waarheidsvinding</strong><br>Media staan niet te springen om openbaar te maken hoe dramatisch het beeld precies is, maar dat ze zich bedreigd voelen is duidelijk. AI-bedrijven gebruiken de media als bron, maar tegelijkertijd houden ze daarmee lezers bij diezelfde media weg. “Samen zorgt dit ervoor dat nieuwsorganisaties op grote schaal bereik en inkomsten mislopen”, schrijven ze in de brandbrief.</p><p>Willem Andrée leunt als universiteitsblad niet zozeer op advertenties, maar hij wil wel graag dat zijn journalistieke producties gelezen worden. “Het is doodzonde dat we lezers verliezen aan AI. Bovendien wil je dat mensen hun informatie bij de bron vandaan halen, los van de vraag of het geld oplevert. Dat principe ondergraaft AI nu.”</p><p><strong>Betaalmuur</strong><br>Mediabedrijven vragen de Nederlandse overheid om Europese AI-regels in strikte wetgeving te vertalen. Daarmee kan ‘illegale scraping’ tegengegaan worden. Het lijkt erop dat sommige AI-bedrijven zelfs artikelen achter betaalmuren vandaan halen. Of content waarvan de auteur expliciet heeft gezegd dat deze niet in AI-databases opgenomen mag worden.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:470/auto;width:470px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8d0fc6c9-3410-46d3-adcb-a58f74e384f4/800_tadaimages.jpg?x=1769782423270" alt="foto: Tada Images" width="470" height="auto">Dat zag ook de New York Times, die een <a href="https://nytco-assets.nytimes.com/2023/12/NYT_Complaint_Dec2023.pdf">rechtszaak</a> aanspande tegen enkele grote AI-bedrijven. Chatbots citeren soms woordelijk uit Times-artikelen die online alleen voor abonnees beschikbaar zijn en daardoor dreigen AI-bedrijven een cruciale pijler onder de democratie weg te concurreren, claimt de krant.</p><p>Die angst leeft ook onder Nederlandse media, blijkt uit de brandbrief. Door de grote techbedrijven verliest de samenleving haar greep op een “op waarheidsvinding gerichte en pluriforme informatievoorziening”. En: “Hoe minder ruimte voor journalistieke verslaggeving, hoe minder we weten wat er in ons land en in de wereld werkelijk gebeurt.”</p><p><strong>Nog geen oplossing</strong><br>De Tweede Kamer stelde er vragen over aan demissionair minister Gouke Moes, die naast onderwijs ook media in zijn portefeuille heeft. In zijn <a href="https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-onderwijs-cultuur-en-wetenschap/documenten/kamerstukken/2026/01/23/antwoorden-op-schriftelijke-vragen-over-het-nos-artikel-brandbrief-media-techgiganten-bedreigen-democratie-in-nederland">antwoord</a> maakte Moes vorige week duidelijk dat hij nog geen oplossing heeft voor dit fundamentele probleem.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:320/auto;width:320px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/17976555-005a-4bdd-8fd2-72d64e7d5eef/800_goukemoes.png?x=1769782072489" alt="Minister Gouke Moes" width="320" height="auto">Zo legt hij een deel van de verantwoordelijkheid bij de burger, die zich met “mediawijsheid” moet wapenen tegen de gevolgen van “desinformatie”, aldus Moes. Hij verwijst naar een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid uit 2024, waarin de relatie tussen media en Big Tech wordt onderzocht.</p><p>Maar desinformatie is niet het probleem waar media op wijzen. En mediawijsheid is er zeker niet de oplossing voor. Dat zegt ook de WRR in haar rapport. Mediawijsheid zal door de opkomst van generatieve AI “steeds minder soelaas bieden”, schrijft de WRR, want “echt en nep zijn nu al nauwelijks meer te onderscheiden”.</p><p><strong>Bescherming</strong><br>Media kunnen zich een beetje wapenen. Er bestaat software die AI-robots (‘crawlers’) buiten de deur houdt. Cloudflare stelt deze gratis <a href="https://blog.cloudflare.com/nl-nl/ai-crawl-control-for-project-galileo/">beschikbaar</a> voor journalistieke media en het lijkt erop dat er in Nederland interesse voor is. Maar Cloudflare is uiteindelijk een commercieel bedrijf en het is bij techbedrijven altijd de vraag hoelang gratis precies gratis is.</p><p>Een andere oplossing is om zware betaalmuren op te tuigen of om helemaal van Google weg te blijven, overweegt Willem Andrée van het Wageningse Resource. Maar kunnen nieuwe lezers je dan nog wel vinden?</p><p>Andrée denkt dat er uiteindelijk toch regels moeten komen. “Van mij mag die Europese wetgeving hier snel ingevoerd worden. Het gaat zo verschrikkelijk hard. De tijd van toekijken is voorbij.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Journalistiek,AI]]></category>
            <pubDate>Fri, 30 Jan 2026 15:20:10 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/8bbfb07a-6078-469e-a9a0-5734a95d12c3/500_aihondleestkrants.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/8bbfb07a-6078-469e-a9a0-5734a95d12c3/500_aihondleestkrants.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/8bbfb07a-6078-469e-a9a0-5734a95d12c3/aihondleestkrants.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[AI hond leest krants]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Koning wil in gesprek met kritische Fontysdocent</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/koning-wil-in-gesprek-met-kritische-fontysdocent/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/koning-wil-in-gesprek-met-kritische-fontysdocent/</guid><pp:caseid>723481</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Koning Willem-Alexander gaat komende donderdag bij het bezoek aan Fontys Journalistiek in Tilburg in gesprek met docent Jos Baijens. Bron publiceerde afgelopen woensdag een kritisch opinie van Baijens over dat bezoek. Nog dezelfde avond kwam vanuit het koningshuis het verzoek om een gesprek.</strong></p><p>“Ik kreeg donderdagochtend van de directeur (<i>Gerrie Zwartjes, red.</i>) te horen dat de koning het stuk had gelezen, het interessant vond en daar graag met mij over in gesprek wilde", aldus Baijens. "Mijn eerste reactie was: daar ga ik niet op in. Precies om wat ik al in mijn opiniestuk schreef.”&nbsp;</p><p>Baijens <a href="https://bron.fontys.nl/eervol-dat-de-koning-fontys-journalistiekbezoekt/" target="_blank">schreef</a> onder meer dat h<span style="text-align:left;">et omarmen van de macht – of het nu om een koning of om een minister gaat – journalisten mede tot dragers van die macht maakt. En dat dit niet de taak is van journalisten.&nbsp;</span></p><p><span style="text-align:left;">“Dat is ook echt hoe ik er als privépersoon over denk. Maar de directeur wees me erop dat ik ook docent ben. En dat ik studenten dus moet laten zien dat je nooit het gesprek uit de weg gaat. Dat je vanuit die rol ook een verantwoordelijkheid hebt. En daar had en heeft ze wel gelijk in. Dus heb ik uiteindelijk toch ingestemd met het verzoek van de koning. Wat ik wel grappig vind is dat ook collega-journalisten me allemaal zeiden dat ik het gesprek aan moet gaan."</span></p><p><strong>Non-gesprek</strong><br><span style="text-align:left;">Het gesprek vindt nu tussen de </span><a href="https://bron.fontys.nl/koning-brengt-bezoek-aan-fontys-in-tilburg/" target="_blank"><span style="text-align:left;">andere activiteiten</span></a><span style="text-align:left;"> door plaats in de koffiekamer van de school in het Mindlabs-gebouw. “Ik heb nog geen protocol ontvangen, maar dat zal nog wel komen. Het probleem wat ik ook heb met dit soort gesprekken is dat het voor hem en voor mij misschien leuk is, maar daar houdt het ook meteen op. Wat met de koning besproken wordt, mag nooit naar buiten komen. Daarom is het ook inherent problematisch en eigenlijk een non-gesprek.”</span></p><p>Baijens erkent dat de koning de regels niet heeft bepaald, dat doet immers het parlement. “Maar door mee te gaan in die regels houdt hij wel de status quo in stand, een status quo die gunstig is voor de macht. Ik ben benieuwd wanneer de koning zelf eens zegt: dit gaat te ver. Er vindt elders een genocide plaats en daar ga ik me wel over uitspreken. Ik weiger namelijk te accepteren dat iemand geen ‘zeggingskracht’ heeft. Hij heeft ook een eigen geweten. Ik ben benieuwd wanneer hij dat inzet. Dat ga ik hem ook vragen."</p><p><strong>Weerklank</strong><br>Baijens klinkt strijdbaar en kritisch. En dat vindt weerklank bij studenten, heeft hij gemerkt. “Collega's zijn allemaal stil. Alsof iedereen in de lakeistand springt. Maar ik ben wel blij dat we het er nu allemaal over kunnen hebben. En ik vind het ook echt wel fideel van de koning dat hij het gesprek aan wil gaan. Dat siert hem.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHJ,Journalistiek,PRO Communicatie,Ligthart,Tilburg]]></category>
            <pubDate>Mon, 29 Sep 2025 10:29:19 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/4b763cf3-3373-4b40-b811-7d98a2c08f37/500_koningvsbaijens.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/4b763cf3-3373-4b40-b811-7d98a2c08f37/500_koningvsbaijens.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/4b763cf3-3373-4b40-b811-7d98a2c08f37/koningvsbaijens.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Koning en Jos Baijens]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Eervol dat de koning Fontys Journalistiek bezoekt?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/eervol-dat-de-koning-fontys-journalistiekbezoekt/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/eervol-dat-de-koning-fontys-journalistiekbezoekt/</guid><pp:caseid>722984</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Een rondgang door MindLabs, gesprekken met docenten en studenten, praten over de ontwikkelingen in het vak én een interview in de tv-studio. Het is een greep uit het programma van 2 oktober, wanneer Koning Willem-Alexander de opleiding Journalistiek bezoekt. Een bijzondere erkenning volgens directeur Gerrie Zwartjes. Maar moeten studenten en docenten deze dag juist niet kritisch zijn? Docent Jos Baijens schrijft in onderstaande opinie over de taak van journalisten.</strong></span></p><p>Bij de aangekondigde komst van de koning naar de opleiding Fontys Journalistiek wil ik een kritische noot plaatsen. Het is namelijk de vraag of we zo’n bezoek, met de woorden van de directeur, ‘heel eervol’ moeten noemen. Hoe dienen journalisten en de opleiding journalistiek zich te verhouden tot de macht?</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5832cb7d-425c-4346-9eee-111d465f9cc9/500_josbaijens.png?x=1758635882088" alt="Jos  Baijens" width="200">De macht van de koning is<span> </span>beperkt. Maar de Koning symboliseert nog steeds de eenheid van de regering. Tot voor kort zat daar een radicaal-rechtse eenmanspartij in, die onze democratie bedreigt met aanvallen op journalisten, rechters en de Grondwet. Willem-Alexander installeerde menig PVV-minister, ondertekende wetten die een bezuiniging van meer dan een miljard op het Hoger Onderwijs mogelijk maken, houdt mede een regering in stand die klimaatmaatregelen afremt en die weigert een genocide een genocide te noemen. Hij spreekt zich niet uit. Misschien nog erger: hij is de enige in Nederland zonder vrijheid van meningsuiting. Zijn wij vereerd zo iemand met veel bombarie feestelijk te ontvangen? We kunnen niet eens serieus vragen stellen, want we weten dat er geen echt antwoord komt, behalve van de Rijksvoorlichtingsdienst.<span>&nbsp;</span></p><p><strong>Van waakhond naar welkomstcomité</strong><br>Fontys leidt journalisten op, onder meer door ze de rol van ‘waakhond’ aan te laten nemen. Op 2 oktober verschuift de rol van waakhond naar welkomstcomité, van kritische controleur naar decorstuk voor het imago van de macht.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:374px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fbc3c1c8-f088-43a6-85ba-a5c0bc5ff6a1/500_willemalexander.jpeg?x=1758870738169" alt="" width="200">Journalistiek is geen voorlichtingsdienst. Een opleiding journalistiek evenmin. Nu kan het zo zijn dat de koning zich interesseert in het opleiden van jonge journalisten. Daar zijn open dagen voor. Hij kan Villa Media lezen. Maar Fontys is geen PR-bureau. En al helemaal geen applausmachine. Onze eerste verantwoordelijkheid ligt niet bij de status quo, maar bij het publiek – bij de burger die recht heeft op controle van de macht, op waarheid, en op context.</p><p><strong>Dienstbare journalistiek</strong><br>Volgens Kovach en Rosenstiel is de journalistiek pas écht dienstbaar aan de democratie als ze haar kritisch vermogen volledig benut – vooral wanneer macht zich presenteert met een glimlach en een lintje. Het omarmen van die symbolische macht – of het nu om een koning of om een minister gaat – maakt ons mede tot dragers van die macht. Dat is niet onze taak.</p><p>De wereld staat in brand. Onze democratie wankelt. Antifascisme wordt het liefst verboden, fascisme vooralsnog niet. Welk voorbeeld geven wij onze studenten als wij<span> </span>onze kritische stem inruilen voor beleefdheid, voor protocollen? We<span> </span>spelen met onze relevantie. We zijn een controle op de macht, niet een verlengstuk ervan.</p><p><i>Jos Baijens is docent <span style="text-align:left;">eindredactie en taalbeheersing</span></i><span style="text-align:left;"> </span><i>bij Fontys Journalistiek.</i></p>]]></description><category><![CDATA[Opinie,Nieuws,Journalistiek,PRO Communicatie,Tilburg,FHJ]]></category>
            <pubDate>Tue, 23 Sep 2025 14:00:37 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/94616ae3-7912-4b53-b2ce-fc1c327f9bce/500_shutterstock_1573427446.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/94616ae3-7912-4b53-b2ce-fc1c327f9bce/500_shutterstock_1573427446.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/94616ae3-7912-4b53-b2ce-fc1c327f9bce/shutterstock_1573427446.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Willem Alexander]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumnus Thijs maakt podcast over overleden vader</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-thijs-maakt-podcast-over-overleden-vader/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-thijs-maakt-podcast-over-overleden-vader/</guid><pp:caseid>710860</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>De podcast ‘Of ik je mis?’ is vanaf zondag 15 juni te beluisteren via <a href="https://omroepbrabant.nl/podcast" target="_blank">omroepbrabant.nl/podcast</a> of podcastapps zoals <a href="https://open.spotify.com/show/3yPNqpZkfv4kRb64vwwTEv?si=gOhwaY47TUaQIn1b6w1wFw" target="_blank">Spotify</a>.</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Vaderdag. Voor velen een dag vol cadeautjes met ‘Beste Papa’ en trotse foto’s. Maar wat als je die vader niet meer hebt? Oud-journalistiekstudent Thijs den Ouden (23) verloor zijn vader al op 5-jarige leeftijd. Nu, achttien jaar later, publiceert hij op Vaderdag de podcast ‘Of ik je mis?’. Een zoektocht voor zichzelf, zijn familie en alle anderen die een ouder hebben verloren.</strong></span></p><p><span>Thijs verloor zijn vader aan een hartstilstand toen hij zelf nog maar vijf jaar oud was. “Mijn vader had een spierziekte waardoor hij maar zeventig procent kracht had vergeleken met anderen. Dat betekent dat hij veel harder moest werken om te doen wat wij doen en dus ook sneller vermoeid raakte.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1ad17b51-df52-4295-b0ab-5fb3bd990ce6/800_podcastofikjemis.jpg?x=1749800015138" alt="Podcast Of ik je mis" width="300" height="auto">Achttien jaar zonder vader, maar toch bleven de herinneringen levend. Totdat in 2019 ook zijn oma aan zijn vaders kant overleed. “Toen kwam bij mij en mijn twee zussen het besef dat alle verhalen over mijn vader ook verdwenen.”</span></p><p><span><strong>Gemis</strong></span><br><span>Dat jaar opende de alumnus zijn ‘papadoos’, een doos vol herinneringen aan zijn vader. En tijdens zijn eerste jaar van de opleiding Journalistiek merkte hij dat meer studenten een ouder waren verloren. “Maar zij hadden er allemaal veel meer last van dan ik. Toen realiseerde ik me dat ik eigenlijk helemaal niets over hem wist.”</span></p><p><span>Of ja, niks. Thijs wist dat zijn vader 1.86 meter lang was, een spierziekte had, in een scootmobiel reed, een dikke buik bezat en hij wist waar hij voor het laatst gewerkt had. “Toen dacht ik bij mezelf: holy shit, waarom weet ik eigenlijk zo weinig van hem? En is het erg dat ik hem niet mis?”</span></p><p><span><strong>Veters strikken</strong></span><br><span>Ja, Thijs vond het erg. Dus besloot hij het heft in eigen handen te nemen en daar iets aan te veranderen. “Ik wilde mijn vader beter leren kennen en ook mijn eigen gevoel onder de loep nemen. We maakten thuis vooral veel grapjes over hem, maar al snel realiseerde ik me dat dat ook een soort beschermingsmechanisme was om verdriet en gemis niet toe te laten. Het is ook gek, want mijn vader is eigenlijk al even lang dood dan dat ik mijn eigen veters kan strikken.” (</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto)</span></i></p><p><span>En hoewel dat al een hele lange tijd is, ging Thijs toch de uitdaging aan om zijn overleden vader beter te leren kennen. Daarom ging de alumnus in gesprek met allerlei mensen die zijn vader hebben gekend. Met zijn moeder en twee zussen, maar ook met jeugdvrienden en oud-collega’s die hij nog nooit eerder gezien of gesproken had. Mooie gesprekken en bijzondere ontdekkingen volgden.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:296/auto;width:296px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/80cf5bd5-4499-49f1-88e0-3521a5b3ca6c/800_thijsmetzijntweeouderezussen.jpg?x=1749722123729" alt="Thijs met zijn twee oudere zussen" width="296" height="auto">Eigenwijs</strong></span><br><span>Zo kwam Thijs erachter dat zijn vader ook in Tilburg studeerde en net als hij in de journalistiek heeft gezeten. En bleek na een gesprek met de beste vriend van zijn vader dat Thijs zijn eigenwijsheid van zijn vader heeft. “We lijken dus best wel op elkaar. Niet alleen qua uiterlijk, meer dan dat ik al die tijd gedacht heb.”</span><br><br><span>Thijs sprak maar liefst vijftien mensen, waaronder ook ervaringsdeskundigen en rouw- en verliesexperts, en bundelde alle verhalen in een podcastserie onder de naam ‘Of ik je mis?’. De eerste aflevering leverde hij afgelopen jaar in voor zijn afstuderen, onder het mom van ego-journalistiek. “Dat raad ik echt iedere journalistiekstudent aan. Want wanneer je mensen interviewt van wie je houdt besef je pas dat jouw bronnen ook gevoelens hebben.”</span></p><p><span><strong>Vertrouwen</strong></span><br><span>Zijn assessoren spraken echter weinig vertrouwen uit. Is zo’n productie wel slim? Is het journalistiek genoeg? En waarom is zijn verhaal interessant voor een ander? “Dat was erg vervelend, want mijn werkgever, Omroep Brabant, had me al laten weten dat ze de podcast wilden uitbrengen.”</span></p><p><span>Thijs liet zich dan ook niet uit het veld slaan. De assessoren reageerden uiteindelijk positief op het eindresultaat en vonden de podcast juist erg mooi. Net als zijn werkgever, want de eerste aflevering van de podcast ‘Of ik je mis?’ is vanaf komende zondag, op Vaderdag, te horen via Omroep Brabant.</span></p><p><span><strong>Helpen</strong></span><br><span>Of de alumnus zijn vader inderdaad mist? “Dat antwoord blijf ik je schuldig tot de laatste aflevering. Een duidelijke conclusie heb ik nog niet, maar ik kan je wel verklappen dat ik een hele mooie reis heb gemaakt waarbij ik alle kanten op ben gegaan. Nu hoop ik vooral dat mijn verhaal ook anderen kan helpen doordat zij ook gaan praten. Al is het maar over alle mooie en leuke dingen.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Journalistiek,FHJ,Berg,Alumni]]></category>
            <pubDate>Fri, 13 Jun 2025 09:30:25 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b18c66b2-0adf-4e8c-aee1-a1ebd2a4e8f8/500_thijs.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b18c66b2-0adf-4e8c-aee1-a1ebd2a4e8f8/500_thijs.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b18c66b2-0adf-4e8c-aee1-a1ebd2a4e8f8/thijs.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Thijs]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Persvrijheid van media in hoger onderwijs nog steeds onder druk</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/persvrijheid-van-media-in-hoger-onderwijs-nog-steeds-onder-druk/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/persvrijheid-van-media-in-hoger-onderwijs-nog-steeds-onder-druk/</guid><pp:caseid>708838</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Bestuurlijke bemoeizucht kan de redacties van hogeronderwijsmedia soms dwarszitten, en intimidatie door studenten en activisten drukt steeds meer op de academische persvrijheid. Redacties verweren zich met duidelijke grenzen, robuustere statuten en openheid over hun keuzes.</strong></span></p><p><span>Na maandenlange conflicten met het universiteitsbestuur zette de redactie van </span><i><span>Cursor</span></i><span> (TU Eindhoven) de website in oktober 2023 op zwart: een protest tegen het op non-actief stellen van de hoofdredacteur. Een jaar later dwong het Delftse College van Bestuur het nieuwsmedium </span><i><span>Delta</span></i><span> een kritisch artikel te verwijderen en in 2022 haalden hackers de website van het Maastrichtse nieuwsmedium </span><i><span>Observant</span></i><span> offline. De redactie zou zich schuldig hebben gemaakt aan ‘transfobe taal’.&nbsp;</span></p><p><span>Deze en andere hoog oplopende conflicten rond de academische persvrijheid haalden de afgelopen jaren de landelijke pers. Hoe staat de persvrijheid van hogeronderwijsmedia er nu voor? En welke lessen trekken redacties uit dergelijke voorvallen?</span></p><p><span><strong>Fixatie op imago</strong></span><br><span>Ze was behoorlijk ‘flabbergasted’, vertelt Bridget Spoor achteraf. Spoor, redacteur bij nieuwsmedium </span><i><span>Cursor</span></i><span> van de Technische Universiteit Eindhoven, had te horen gekregen dat de hoofdredacteur, Han Konings, haar artikel over grensoverschrijdend gedrag van een hoogleraar niet zou plaatsen. Niet omdat ze niet genoeg bronnen of bewijsmateriaal had, maar omdat de redactieraad niet akkoord ging.&nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:491/auto;width:491px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f6af56ad-5965-4679-a9b8-7cc12e3cdfb8/800_tue1.jpg?x=1749553370626" alt="TU/e, foto: Wesley Klop" width="491" height="auto">Hoewel Konings </span><a href="https://assets.w3.tue.nl/w/fileadmin/content/pers/2024/05%20May/Rapport%20van%20bevindingen%20en%20advies%20van%20de%20commissie%20melding%20onregelmatigheden.pdf"><span>formeel gezien wel mocht publiceren</span></a><span>, zag hij hier toch vanaf wegens ernstige spanningen met het bestuur. Ook een kritisch stuk over de nieuwe rector weigerde hij enige maanden later te plaatsen. “Hij had zoiets van, het is een goed stuk, maar als we het publiceren, gaat de relatie met het bestuur helemaal kapot en komen er represailles", zegt Spoor. “Dan worden we gekort, of verliezen we onze baan. En ik zei: als dat argument in ons hoofd zit, zijn we al verloren.”</span></p><p><span>Een onafhankelijke commissie </span><a href="https://assets.w3.tue.nl/w/fileadmin/content/pers/2024/05%20May/Rapport%20van%20bevindingen%20en%20advies%20van%20de%20commissie%20melding%20onregelmatigheden.pdf"><span>oordeelde</span></a><span> naderhand dat het universiteitsbestuur de interne regels rondom de persvrijheid van </span><i><span>Cursor</span></i><span> had geschonden door het uitoefenen van mentale druk op de hoofdredactie.</span></p><p><span><strong>Angst</strong></span><br><span>Gedoe rondom persvrijheid van de hogeronderwijsmedia is niet iets van de laatste jaren. Ries Agterberg, hoofdredacteur van </span><i><span>DUB</span></i><span> (Universiteit Utrecht), vertelt dat bestuurlijke angst voor onverkwikkelijk nieuws over de eigen campus vooral in de jaren negentig sterk toenam. Een neoliberale politieke koers zette de instellingen aan tot voortdurende concurrentie en een fixatie op het eigen imago.&nbsp;</span></p><p><span>“Dat profileren van de eigen universiteiten is nu wel wat minder dan toen”, zegt Agterberg. “Toen waren ze nog veel gevoeliger voor negatief nieuws dat naar buiten kwam. Nu zie je dat ze vooral kijken hoe ze zo min mogelijk mensen tegen het hoofd kunnen stoten, bijvoorbeeld op het terrein van diversiteit. Ze waaien mee met een bepaalde wind.”</span></p><p><span>Toch blijft mogelijke imagoschade door negatieve berichtgeving voor veel instellingsbesturen een gevoelig punt, zo blijkt uit gesprekken met acht nieuwsplatformen. Saskia Bonger, hoofdredacteur van </span><i><span>Delta</span></i><span>, vertelt bijvoorbeeld over de moeizame contacten met bepaalde woordvoerders die inmiddels zijn vertrokken. “Ze trokken te pas en te onpas onze integriteit in twijfel. Bij vragen ontspon zich een hele discussie over of het wel de juiste vragen waren. Voor mij was het zonneklaar dat dit een poging was om ons aan onszelf te doen twijfelen. Het was echt </span><i><span>gaslighting</span></i><span>.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:567/auto;width:567px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4d8b4e5d-f404-411e-8497-974c86219368/1920_journalist-2.jpg?x=1749553445351" alt="" width="567" height="auto">Zwak redactiestatuut</strong></span><br><span>Edith van Gameren, hoofdredacteur van </span><i><span>Profielen</span></i><span> (Hogeschool Rotterdam) zegt dat de redactie gemiddeld eens per jaar onenigheid heeft rondom persvrijheid. “Het schuurt altijd. Stel dat we constateren dat er iets mis is met de onderwijskwaliteit. Dan vragen we het college te reageren, want het doel van de hogeschool is goed onderwijs te verzorgen."</span></p><p><span>"Op dat moment kunnen ze proberen aan de noodrem te trekken door naar de redactieraad te stappen en begint er een soort spel: Wat is het belang om dit op te schrijven? Hebben we de journalistieke regels wel goed gevolgd?”</span></p><p><span>De redactieraad baseert het oordeel op het redactiestatuut, maar daarin speelt journalistieke onafhankelijkheid niet de hoofdrol. “In ons redactiestatuut staat dat we het belang van de hogeschool moeten dienen”, zegt Van Gameren. “Dat is een formulering die ruimte laat om wat we schrijven in te perken. Wanneer is transparantie niet meer in het belang van de hogeschool?”</span></p><p><span><strong>Buffer</strong></span><br><span>De situatie van </span><i><span>Profielen</span></i><span> is niet uitzonderlijk. Ook bij </span><i><span>Cursor</span></i><span> liep de situatie mede uit de hand door een redactiestatuut dat de journalisten verbood om de belangen van de instelling te schaden. Het redactiestatuut is inmiddels vervangen door een robuust document waarin de persvrijheid van </span><i><span>Cursor</span></i><span> beter is verankerd.&nbsp;</span></p><p><span>“Het voelt nu als een buffer, een soort helm die helemaal goed zit”, zegt Spoor. “Ook voor de redactieraad hebben we zelf mensen mogen aandragen met journalistieke expertise. Alle checkboxes zijn nu goed, dat geeft mij een gerust gevoel.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:466/auto;width:466px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6d4dd7db-5e89-4f0f-8054-ce490fd1f5bf/800_vermoeidwerkmanhopeloos.jpg?x=1749553582211" alt="" width="466" height="auto">In Delft leidde het conflict tussen </span><i><span>Delta</span></i><span> en het universiteitsbestuur eveneens tot een herziening van het redactiestatuut en ook andere redacties sleutelen momenteel aan hun handvest. Hoewel de redactie van </span><i><span>Resource</span></i><span> (Universiteit Wageningen) het bijvoorbeeld zelden aan de stok heeft met het huidige bestuur, neemt hoofdredacteur Willem Andrée maar liever het zekere voor het onzekere. “Ook bij ons komt er nu een zin in het statuut dat </span><i><span>Resource</span></i><span> niet gebruikt kan worden voor welk deelbelang dan ook. Het is geen marketing. Universiteiten worden betaald met gemeenschapsgeld en daar hoort gewoon een tegenmacht bij.”</span></p><p><span><strong>Pesten met geld</strong></span><br><span>De Groningse </span><i><span>UKrant</span></i><span> is, net als enkele andere hogeronderwijsmedia, ondergebracht in een onafhankelijke stichting. Volgens hoofdredacteur Rob Siebelink maakt dat de buffer tussen de krant en het bestuur nog net iets schokbestendiger. “Formeel is het zo dat ik mijn spreekwoordelijke middelvinger kan opsteken naar de collegevoorzitter. Niemand kan mij wat maken op de redactie, want ik hoef geen verantwoording af te leggen aan het college van bestuur.”&nbsp;</span></p><p><span>Tegelijkertijd relativeert hij die luxe. “Het bestuur kan natuurlijk wel zeggen: wij waarderen een onafhankelijke pers, maar volgend jaar krijg je minder geld. Dat gebeurde een jaar of zeven geleden. Het werd gebracht als noodzakelijke bezuiniging, maar het was gewoon pesten. Aan het eind van het verhaal heb je altijd die afhankelijkheid.”</span></p><p><span><strong>Bron</strong></span><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:544/auto;width:544px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8ee7e87f-a4d1-4c1a-8037-73322550286e/1920_bronl.png?x=1749552460231" alt="" width="544" height="auto"><span>Het belang van geld als smeermiddel van de persvrijheid komt bij meerdere gesprekken met redacties naar voren. Gevraagd of hij bij Fontys vrij is om te schrijven wat hij wil, zegt hoofdredacteur Jan Ligthart van </span><i><span>Bron</span></i><span> volmondig ‘ja’. Of hij daar ook aan toe komt, is een tweede.&nbsp;</span></p><p><span>“Met drie fte zijn wij een van de minst bedeelde media in de hoger onderwijswereld. Onze directe buren, </span><i><span>Cursor</span></i><span>, hebben een redactie van ruim zes fte, terwijl de universiteit een derde is van de omvang van Fontys. Soms komt de redactieraad met goede tips, waarvan ik denk, ja, dat had ik zelf ook al bedacht, maar dat gaat gewoon niet met onze bezetting.”&nbsp;</span></p><p><span>Bovendien moet Bron ook nog eens een enorm terrein bestrijken, van Venlo tot Tiburg en van Den Bosch tot Sittard, en daarmee een van de grootste verspreidingsgebieden in het hoger onderwijs. Uiteraard een vrijwel onmogelijke taak is met een dergelijk kleine redactie. Dus bedoeld of onbedoeld spelen door het bestuur toegekende budgetten bij Bron en andere hogeronderwijsmedia een grote rol.</span></p><p><span><strong>Intimidatie</strong></span><br><span>Maar niet alleen bestuurders maken het de hogeronderwijsmedia soms lastig. Ook studenten staan geregeld op de stoep omdat ze het niet eens zijn met de inhoud of bij nader inzien hun naam van de website verwijderd willen zien.</span></p><p><span>Wat eenmaal op het internet verschijnt, blijft ook jaren later nog voor jan en alleman te vinden. Hoofdredacteur Wieneke Gunneweg van </span><i><span>Erasmus Magazine</span></i><span> herinnert zich nog dat studenten ooit stapels papieren kranten probeerden weg te slepen uit onvrede met de inhoud. Wie nu een publicatie teniet wil doen, moet de redactie zover krijgen het offline te halen.&nbsp;</span></p><p><span>Pogingen daartoe kunnen soms vervelende vormen aannemen, vertelt Gunneweg. “Een paar weken geleden hadden we een verhaal over een feest voor queer studenten van kleur. Een van onze freelancers die ook graag naar dat soort feesten gaat, maakte er een verhaal over. Dat is heel erg geëscaleerd, terwijl wij gewoon netjes en volgens journalistieke regels hebben geopereerd. Onze medewerker is echt heftig geïntimideerd.”</span></p><p><span>Gunneweg ervaart inmiddels meer druk op de persvrijheid door ontevreden studenten, dan door lastige bestuurders. “Het is iets van de laatste paar jaar. Ik relateer het wel eens aan de coronatijd. Daardoor zijn ontwikkelingen in de maatschappij in stroomversnelling geraakt met groepen die tegenover elkaar staan. Alles wat in de samenleving speelt, komt ook de universiteit binnen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:612/auto;width:612px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5d651dc4-8697-495f-934f-c91ba8b147da/1920_propalestijnsebetogingingroningenmeivorigjaar.jpg?x=1749552920866" alt="Pro-Palestijnse betoging in Groningen mei vorig jaar" width="612" height="auto">‘Bloed aan je handen’</strong></span><br><span>Siebelink herkent dit. “Ik heb doorgaans meer problemen vanuit die hoek, dan vanuit het universiteitsbestuur. Vorig jaar stond bijvoorbeeld een tentenkamp van pro-Palestijnse activisten naast de redactie. Ik kom uit de dagbladenwereld, ik ben in oorlogen geweest, dus ik word niet snel warm of koud van een bedreiging. Maar het was wel intimiderend wat ze toen deden. Bijvoorbeeld op de persoon spelen: ‘Rob Siebelink, jij bent hoofdredacteur, je hebt bloed aan je handen als je niet voor ons bent.’ Dat soort dingen.”</span></p><p><span>Vorig jaar zag Siebelink zich drie keer genoodzaakt om op het politiebureau melding te doen van bedreiging en intimidatie. “De polarisatie en verharding zijn een beetje inherent aan de samenleving. Maar als je drie keer bij de politie zit, dan geeft dat wel te denken.”</span></p><p><span>Om woede en onbegrip te voorkomen, probeert Gunneweg transparanter te zijn over journalistieke keuzes. In verantwoordingskaders geeft </span><i><span>Erasmus Magazine</span></i><span> tekst en uitleg over hoe artikelen tot stand kwamen. Tegelijkertijd is de hoofdredacteur de eigen grenzen wat beter gaan bewaken.&nbsp;</span></p><p><span>“Als mensen vroeger met stoom uit de oren bij ons binnen kwamen lopen, lieten we alles uit de handen vallen om in gesprek te gaan. Op een gegeven moment zei ik: dit gaan we dus niet meer doen. Als iemand boos is, prima. Kunnen we er binnen vijf minuten uitkomen? Zo nee, maak dan maar een afspraak.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Communicatie,Campus,Bestuur en medezeggenschap,Journalistiek]]></category>
            <pubDate>Tue, 10 Jun 2025 13:17:36 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/544ae217-f2eb-4660-b202-5989bebb5c6a/500_journalistjournalistiek.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/544ae217-f2eb-4660-b202-5989bebb5c6a/500_journalistjournalistiek.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/544ae217-f2eb-4660-b202-5989bebb5c6a/journalistjournalistiek.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Journalist Journalistiek]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumnus start nieuw, radicaal journalistiek platform</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-start-nieuw-radicaal-journalistiek-platform/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-start-nieuw-radicaal-journalistiek-platform/</guid><pp:caseid>663353</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Woeste Grond is een platform dat zich richt op onderzoeksjournalistiek in Brabant. Heb je een tip voor een artikel, of ben je freelance journalist of student Journalistiek en sta je open om voor Woeste Grond te werken? Neem dan contact op met Rens van de Plas via </span><a href="mailto:rens@woestegrond.org"><span>rens@woestegrond.org</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Alumnus Rens van de Plas studeerde in 2022 af bij Fontys Journalistiek in Tilburg. Tijdens zijn studie verdiepte hij zich in onderzoeksjournalistiek, maar een heus journalistiek platform dat zich daar in Brabant op richtte miste hij nog. Dus startte de alumnus Woeste Grond: “Om misstanden aan het licht te brengen”.</strong></span></p><p><span>Tijdens het tweede en het derde jaar van zijn studie volgde Rens van de Plas Condor, een persoonlijke leerroute waarin hij zich focuste op onderzoeksjournalistiek. “Daar is de liefde voor onderzoeksjournalistiek geboren, want hoe vet is het wanneer jouw journalistiek impact maakt, iets boven tafel brengt en iets betekent voor de lezers en burgers”, gaat Rens direct van start.</span></p><p><span>Na zijn afstuderen miste de journalist echter een platform dat zich met die verdiepende journalistiek bezighield. “Je ziet bij de gevestigde namen in Brabant dat zij zich vooral focussen op verslaggeving, 112-nieuws, raadsvergaderingen en human interest-verhalen. De serieuze onderzoeksjournalistiek ontbreekt daar nog.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:367/auto;width:367px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ad837ace-d043-41d0-acd9-8d2528708fef/800_rensvandeplas.jpg?x=1727953526416" alt="Rens van de Plas" width="367" height="auto">Stapje meer</strong><br><span>Dat terwijl de kranten en omroepen ook een onderzoeksredactie hebben. Van de Plas vindt dat daar op zich goede verhalen worden gemaakt, maar toch vraagt hij zich altijd af: wat als je nou net dat stapje meer zet, net iets radicaler te werk gaat en je meer mengt in het onderzoek dat je doet?</span></p><p><span>Die vragen leidden uiteindelijk tot de oprichting van Woeste Grond, een nieuw journalistiek platform waar journalisten actief zoeken naar misstanden. “De journalistiek van nu is al tientallen jaren hetzelfde en ontzettend traditioneel, maar wij gaan nét dat stapje verder. Wij zoeken de reuring op.”</span></p><p><strong>Bijzondere zaken</strong><br><span>Met Woeste Grond wil Van de Plas juist de journalistieke verhalen maken die de gevestigde media niet oppakken. En met succes, want de eerste producties brengen meteen bijzondere zaken aan het licht. Zo werd deze zomer </span><a href="https://woestegrond.org/verhalen/" target="_blank"><span>een verhaal gepubliceerd</span></a><span> over ‘gevonden’ portemonnees, die de redactie zelf wegbracht naar Brabantse gemeentehuizen en politiebureaus.</span></p><p><span>“Die portemonnees vulden we zelf met geld, pasjes en briefjes, waarna we ze afgaven alsof ze gevonden waren”, legt de initiator van Woeste Grond uit. Nadat de redactie de portemonnees weer ophaalden konden er bijzondere conclusies getrokken worden. “Sommigen waren bijna spoorloos verdwenen, uit anderen werd geld gestolen of geld werd soms zelf verwisseld.” Na dat onderzoek schakelden verschillende gemeenten en politiebureaus zelf een onderzoek in.</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:475/auto;width:475px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/92f68af6-5e2b-480a-8cde-6770102f1f1a/800_woestegrondflyer.jpg?x=1727953537480" alt="Woeste Grond" width="475" height="auto">Fontys Journalistiek</strong><br><span>Van de Plas ziet Woeste Grond dan ook als de toekomst van onderzoeksjournalistiek in Brabant. Om dat in goede banen te leiden werkt hij samen met freelance journalisten én studenten Journalistiek van Fontys aan verschillende producties. “Studenten zijn benieuwd naar onderzoeksjournalistiek en kunnen het ook. Ik ben lovend over hun kwaliteiten en zie Woeste Grond als een soort leerschool, een plek waar ze in aanraking kunnen komen met en waar ze uiteindelijk ook stage kunnen lopen en werkervaring op kunnen doen.”</span></p><p><span>Een officiële samenwerking met Fontys is er nog niet, maar tot die tijd blijft de alumnus graag samenwerken met studenten die dat willen. Zo komen er binnenkort ook nog verhalen aan over de schrijnende wereld van schoolmaaltijden en woonplaatsen van wethouders. “Dat tweede onderwerp gaat over wethouders die niet in hun eigen gemeente wonen terwijl dat eigenlijk wel moet. Nu krijgen ze extra reiskostenvergoeding.”</span></p><p><strong>Goed doen</strong><br><span>Van de Plas heeft Woeste Grond niet alleen maar opgericht om misstanden aan het licht te brengen of machthebbers te controleren. Uiteindelijk wil hij ook positieve acties opzetten, zoals het uitdelen van soep en sjaals tijdens de wintermaanden. “Als we zeggen dat we er voor de Brabanders zijn, moeten we dat ook naleven. We willen uiteindelijk niet alleen melden wat er mis gaat, maar ook goed doen voor de maatschappij, dat is wat het werk van een journalist in wezen inhoudt.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Tilburg,Alumni,PRO Communicatie,Journalistiek,FHJ,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 03 Oct 2024 13:40:45 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/41d7fc30-eee9-4f84-81ec-947520d307b9/500_woestegrond.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/41d7fc30-eee9-4f84-81ec-947520d307b9/500_woestegrond.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/41d7fc30-eee9-4f84-81ec-947520d307b9/woestegrond.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Woeste Grond]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Zo ervaren studenten journalistiek de ingevoerde onderwijsvernieuwing</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/zo-ervaren-studenten-journalistiek-de-ingevoerde-onderwijsvernieuwing/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/zo-ervaren-studenten-journalistiek-de-ingevoerde-onderwijsvernieuwing/</guid><pp:caseid>636776</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Bij vrijwel elke Fontys-opleiding is de afgelopen paar jaar een onderwijsvernieuwing doorgevoerd. Zo ook bij Fontys Journalistiek. Vierdejaars FJ-studente Lucia Geelen vond het een interessant onderwerp voor een reportage en interviewde huidige en voormalige studenten en docenten. Dat resulteerde in onderstaand artikel dat Lucia aan haar afstudeerportfolio toevoegde en voor Bron beschikbaar maakte.&nbsp;</strong>&nbsp;</p><p><img class="image_resized" style="aspect-ratio:83/auto;width:83px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0cd8bdb4-edb1-4a05-aea4-838179dcc42d/500_longread.png?x=1718798122138" alt="" width="83" height="auto"><br><span>Het onderwijs van Fontys Journalistiek in Tilburg is tijdens de visitatie op donderdag 28 maart officieel goedgekeurd. Dit was nog even spannend aangezien er afgelopen jaar ophef heerste rondom de onderwijsvernieuwing. Het nieuwe curriculum vroeg studenten om hun flexibiliteit en aanpassingsvermogen. ‘‘Het voelde voor mij het eerste jaar aan als een experiment, maar de school heeft wat met onze kritiekpunten gedaan’’, vertelt een studente.</span></p><p><span><strong>De visitatie</strong></span><br><span>Het visitatiepanel kwam weer langs om het onderwijs van Fontys Journalistiek onder de loep te nemen. De nieuwsvloer was aan het eind van de dag het podium voor de uitslag. Voorzitter Vladimir Bartels stond achter de microfoon en de docenten op een afstandje aan staantafels. ‘‘De opleiding heeft het oog van de storm doorstaan’’, begon hij zijn speech.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8fae5038-f9a0-42ac-bc09-cb19980f8559/500_luciageelen.jpg?x=1718794743752" alt="Lucia Geelen" width="200">De conclusie? De nieuwe journalistieke rollen pakken goed uit, de voorzieningen nodigen uit voor een creatieve studiehouding en het werkveld is enthousiast over stagiaires en net-afgestudeerden. Een zucht van verlichting klonk over de nieuwsvloer. ‘‘We hebben de afgelopen twee jaar keihard gewerkt aan het nieuwe onderwijs. Stap voor stap gaan we verder’’, vertelde directrice Gerrie Zwartjes.&nbsp;</span><br><span>Naast alle lovende punten was er ook kritiek op het nieuwe onderwijs. Bartels: ‘‘Blijf de kennisbasis en taalvaardigheidsbasis borgen.’’</span></p><p><span><strong>Meningen van studenten</strong></span><br><span>In het nieuwe onderwijs doorlopen studenten acht journalistieke rollen en volgen daarbij de zogenoemde expertlabs. Ze gaan op twee stages van een half jaar en volgen een minor naar keuze. Iedere student nu een mentor.</span></p><p><span>Tweedejaarsstudente Isa Mijland heeft zowel de beginfase van het nieuwe onderwijs als het tweede jaar ervan meegemaakt. ‘‘Het voelde voor mij in het eerste jaar aan als een experiment, maar de school heeft wat met onze kritiekpunten gedaan. Er zit nu meer theorie verweven in het onderwijs, zoals hoe een camera werkt. Ook hebben we iedere rol een les politiek of recht’’, vertelt de studente.</span></p><p><span style="background-color:white;">‘‘Het onderwijs was volgens de studenten echt te open. Ze moesten interviewen terwijl ze daar nooit eerder les in hebben gehad’’, vertelt onderwijsmanager Harmen Groenhart, ook wel de ‘kartrekker’ van het nieuwe onderwijs. ‘‘Daarom zijn er meer expertlessen, instructies en workshops toegevoegd. De student heeft behoefte aan de vastigheid van lessen, maar de eigen invulling moet zeker blijven</span><span>’’</span><span style="background-color:white;">, vertelt Groenhart.</span></p><p><span>Studenten zijn verdeeld over de hoeveelheid theorie die wordt aangeboden. Tweedejaarsstudent Niels Goddrie vindt het goed dat bijvoorbeeld economie niet langer een verplicht vak is. ‘‘De meeste willen zich hierin toch niet specialiseren.’’ Eerstejaarsstudent Rick Minnebach vindt echter dat het nodig is om elke week standaard kennislessen in te roosteren die iedereen moet volgen. ‘‘Vooral bij de rol Waakhonden zouden vaste lessen politiek interessant zijn. Nu krijgen we maar een les politiek per journalistieke rol, dat vind ik vrij karig. Ik vind dat iedere journalist een brede algemene kennis moet hebben’’, vertelt Minnebach.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:661/auto;width:661px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e2a493e7-0744-419f-802e-6545bb762c57/1920_krant.jpg?x=1718791600455" alt="" width="661" height="auto">Derdejaarsstudent Nick Wolters geeft aan dat de expertlabs beter besteed kunnen worden. ‘‘Dat is alleen enorm lastig als er studenten uit verschillende jaren in het project zitten. Ik merk dat er voor mij heel veel dubbeling in zit.’’ Groenhart vindt dit juist wenselijk: ‘‘Zo leren de studenten van elkaar. Overigens bestond het curriculum van het derde jaar eigenlijk maar uit een half jaar, door de verplichte minor.’’</span></p><p><span><strong>Waarom vernieuwen?</strong></span><br><span>Er leefden vanuit Fontys Journalistiek een aantal argumenten te vernieuwen. ‘‘Allereerst was het onderwijs niet goed studeerbaar. Studenten liepen grote achterstanden door het toetsprogramma. Dat had weer gevolgen voor de doorstroom, waardoor docenten met een hoge werklast kwamen te zitten. Bovendien miste de student inhoudelijke diepgang in het onderwijs</span><span style="background-color:white;"><span>. Ze hadden behoefte aan ruimte om zichzelf te profileren’’, legt</span></span><span> Groenhart uit.</span></p><p><span>De laatste grote onderwijsvernieuwing had een lange adem. Rond 2017</span><span style="background-color:white;"><span> ging Fontys centraal aansturen op de periodestructuur met </span></span><span>strakke periodes van tien weken; het onderwijs moest daarop worden aangepast. Daarbij was er geen samenhang tussen de projecten Mediaredactie en Onderzoeksredactie. ‘‘Ook de verhuizing naar Mindlabs speelde mee, daar zat ook een heel didactisch concept achter: studenten zitten nu dicht op andere partijen, op die manier kun je veel meer met praktijkopdrachten werken’’, aldus Groenhart.</span></p><p><span>Dus is er in 2023 het zogenoemde ‘vraaggericht onderwijs’ ingevoerd, waarbij studenten vanuit intrinsieke motivatie hun eigen leerproces invullen, in plaats van een docent die vertelt wat zij moeten doen. Het nieuwe onderwijs is tot stand gekomen vanuit de bovenstaande argumenten, samen met de visie van Fontys, die ‘wil bijdragen aan een duurzame, inclusieve en vitale samenleving door zich te </span><span style="background-color:white;"><span>ontwikkelen tot een talentgericht, onderzoekend en wendbare scholengemeenschap.’</span></span></p><p><span style="background-color:white;">Zijn de problemen uit het oude curriculum nu opgelost? </span><span>Groenhart: ‘‘Het aantal langstudeerders en herkansingen is afgenomen, maar er is nu een andere druk voor in de plaats gekomen, vooral de onzekerheid en de zorg of studenten wel genoeg leren in het eerste jaar van de opleiding.’’</span></p><p><span><strong>De kennisbasis</strong></span><br><span>Die kennisbasis kan dus beter volgens het visitatiepanel. Klein geschiedenislesje: iedere zes jaar komt een visitatiepanel de opleiding beoordelen. De school kreeg in het verleden al een aantal kanttekeningen over de kennisbasis, zoals in 1987. ‘‘De discussie ‘kennis versus vaardigheden’ stond centraal en ook bij de visitatie van 1999 was kennis een kritiekpunt. Studenten waren niet goed genoeg voorbereid op de praktijk’’, vertelt voormalig directeur en -docent Wiel Schmetz. Hij werkte van 1981 tot 2000 als docent, was lid van het managementteam, en was van 2002 tot en met 2011 als directeur op de school voor journalistiek.</span></p><p><span>Tijdens de vorige visitatie in 2017 was het visitatiepanel te spreken over de keuzevrijheid, het ondernemende karakter en de komst van de vijf competenties zoals we die nu kennen (Publieksgerichtheid, Produceren, Researchen, Reflecteren en Vernieuwen). Echter waarschuwde het panel toen al voor de werkdruk voor docenten en, je raadt het al, &nbsp;de kennisbasis. Het ging de visitators met name over de maatschappijkennis.</span></p><table border="1" cellpadding="0" cellspacing="0"><tr><td style="border:1pt solid windowtext;vertical-align:top;width:453.1pt;" width="604"><i><span>*Kennisbasis is nogal een abstract begrip. De kennisbasis is volgens Groenhart te omschrijven als de body of knowlegde: alle kennis die verweven zit in de opleiding. Er zijn twee interpretaties van de kennisbasis. Technische zaken zoals de bediening van de camera, maar ook de kennis het vakgebied, mediatheorie en het medialandschap.</span></i></td></tr></table><p><span><strong>&nbsp;</strong></span><br><span><strong>Taalvaardigheid onder vuur</strong></span><br><span>Naast de kennisbasis, was ook taalvaardigheid een aandachtspunt van het visitatiepanel. Vierdejaarsstudent Maud Ruiter denkt dat de FJ er goed aan doet om de traditionele werkcolleges terug te brengen. Nu kun je voor taalkundige feedback terecht in het expertlab Tekst. ‘‘De contactmomenten zijn nu meer sessies. In het oude onderwijs kregen we bij het vak Eindredactie de regels van de Nederlandse taal en bij Taalbeheersing les over hoe je een artikel schrijft. Ik vind die vakken harstikke belangrijk, omdat je als journalist op zijn minst in staat moet zijn om een goed, en in correct Nederlands, nieuwsbericht op te stellen’’, vertelt Ruiter.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:623/auto;width:623px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/227b7506-3054-4fde-8a30-41b4231c21be/1920_typemachine.jpg?x=1718794059842" alt="" width="623" height="auto">Derdejaarsstudente Sem Dirks maakte het oude onderwijs nog een jaar mee, waarin ze elke week vaste lessen eindredactie kreeg. ‘‘Dit vond ik fijn werken. Nederlands komt overal terug, ongeacht welk blok en in welke vorm je een productie maakt. Eenmaal die toetsen gehaald betekent dat niet dat die kennis voor eeuwig in je hoofd blijft, daarvoor heb je herhaling nodig.’’</span></p><p><span>Daarnaast volgen de studenten nu de leer-en oefenmodule ‘Hogeschooltaal’. Tweedejaarsstudent Niels Goddrie maakte als eerste lichting kennis met deze manier van Nederlands onderwijs. ‘‘Op korte termijn onthoud je het, maar tijdens het leren ga je de vragen onthouden en dus de stof niet echt begrijpen. Het is ook niet leuk om te maken. Hoewel ik het oude onderwijs niet heb meegemaakt, heb ik liever traditioneel les’’, geeft hij aan.</span></p><p><span><strong>Medezeggenschap</strong></span><br><span>De Instituuts Medezeggenschapsraad (IMR) is vanaf het begin betrokken geweest bij het nieuwe curriculum. Oud-student Youri van Heumen was van 2020 tot 2023 als voorzitter actief in de IMR. Hij weet het nog goed: ‘‘Studenten hadden zeker in het begin weinig affiniteit met het nieuwe curriculum. ‘Wat zijn we aan het doen?’, klonk in de wandelgangen. De vastigheid van de toetsen viel weg en studenten moesten omgaan met de druk van alle studiepunten halen in het eerste jaar’’, verklaart Van Heumen.</span></p><p><span>De IMR schreef al eerder het zogenoemde ‘studentenhoofdstuk’. Daarin werd beschreven dat 92 studenten in het najaar van 2023 al een enquête invulden en het nieuwe onderwijs gemiddeld beoordeelden met een 3.0. De studenten geven de persoonlijke begeleiding net een voldoende (3,5). De expertbegeleidingen kregen een half punt lager toebedeeld. Ook gaven studenten van de oude lichting aan moeite te hebben met de mix van tweede en derdejaars in de hoofdfase.</span></p><p><span>Uit de peiling van de Monitor Medezeggenschap (2021-2022) blijkt dat slechts een derde van de medezeggenschapsleden in het hbo ervaart dat zij invloed heeft op de gang van zaken. ‘‘Vaak wanneer de onderwijsvernieuwing al helemaal is uitgedacht en de plannen rond zijn, wordt pas aan studenten gevraagd of ze het wel of niet goed vinden’’, verklaart Linda Huisman, penningmeester</span><span style="background-color:white;"><span> bij de Landelijke Studentenvakbond (LSVB).</span></span><span>&nbsp;</span><br><span>Van Heumen kan zich hier niet in vinden. ‘‘In de IMR-vergaderingen waren docenten en studenten waardige gesprekspartners. Soms liepen de meningen uiteen, maar dat werd altijd wel opgelost.’’</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:534/auto;width:534px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6b9ae8d4-2c1e-4adb-9c02-7b878441cfc1/1920_img-2091.jpg?x=1718794132468" alt="" width="534" height="auto">Het is volgens Huisman belangrijk om ook de rest van de studenten uit te leggen waarom zo’n onderwijsvernieuwing plaatsvindt. ‘‘Er is naar mijn idee een grote welwillendheid voor de inspraak die studenten willen leveren in het onderwijs, maar vaak zien zij het werk van een opleidingscommissie niet, waardoor betrokkenheid en begrip lastig kan zijn.’’</span></p><p><span><strong>Bredere visie op onderwijsvernieuwing</strong></span><br><span>Dat de meningen verdeeld zijn over onderwijsvernieuwing, is duidelijk. Een onderwijsvernieuwing is complex. Welke factoren dragen bij aan een succesvolle onderwijsvernieuwing? ‘‘Een hechte community, vertrouwen en een visie’’, meent Wim Gijselaers, hoogleraar Educatie aan de Universiteit van Maastricht. Er moet volgens hem actief samengewerkt worden tussen management, docent en student. Dit bleek ook uit een </span><a href="https://bron.fontys.nl/rapport-benoemt-pijnpunten-proces-onderwijsvernieuwing/" target="_blank"><span>intern onderzoek van Fontys</span></a><span> na een storm van interne kritiek.</span></p><p><span>Gijselaers is het eens met Huisman, die eerder stelde dat het belangrijk is om docenten en studenten uit te leggen wáárom onderwijsvernieuwing nodig is. "Studenten zien het onderwijs om iets te bereiken in het leven’’, vervolgt Gijselaers. ‘‘Ze willen waar voor hun geld. Die dwingende mentaliteit, die overigens ook vanuit hun ouders komt, zorgt voor een druk op de opleiding.’’&nbsp;</span><br><span>Ook Van Heumen merkt dit terug onder de journalistiek studenten. ‘‘Ze verwachten kwaliteit, onder andere vanwege de coronaperiode waarin zij een tijd lang niet fysiek naar school mochten. Ook de lange reistijd speelt mee voor sommige studenten.’’</span></p><p><span style="background-color:white;">Sinds&nbsp;2002 kent het Nederlandse hoger&nbsp;onderwijs&nbsp;het accreditatiestelsel.</span><span> De accreditaties die wel of niet gegeven worden tijdens de visitaties, leiden tot verdediging volgens Gijselaers. ‘‘Vernieuwing vormt dus een groot risico voor de reputatie van de school. Want waar haal je de drive vandaan om door te zetten? Scholen moeten een uitzondering durven maken en zich daarbij blijven aanpassen aan de tijdsgeest.’’</span></p><p><span>Dat laatste heeft Fontys Journalistiek zeker gedaan. Toch blijft het nieuwe curriculum nog even wennen voor de studenten. Het is goed om te weten dat zo’n omslag even duurt. ‘‘Een onderwijsvernieuwing heeft drie tot vijf jaar de tijd nodig voordat hij eigen is gemaakt’’, vertelt Gijselaers.</span></p><p><i><span>*Het visitatierapport verschijnt waarschijnlijk eind 2024.</span></i></p><p><i><span><strong>Lucia Geelen is vierdejaarsstudent aan Fontys Journalistiek in Tilburg en hoopt komende maand daar haar diploma te halen.</strong></span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Journalistiek,Onderwijsvernieuwing,Student,PRO Communicatie,Tilburg]]></category>
            <pubDate>Wed, 19 Jun 2024 13:59:49 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2023-02-06at13.44.34.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2023-02-06at13.44.34.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/whatsappimage2023-02-06at13.44.34.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Fontys Journalistiek in Mindlabs]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Superfan Nola schrijft boek over Taylor Swift</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/superfan-nola-schrijft-boek-over-taylor-swift/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/superfan-nola-schrijft-boek-over-taylor-swift/</guid><pp:caseid>631987</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Journalistiekstudent Nola is al ruim tien jaar fan van Taylor Swift. Waar ze vroeger haar fanaccount verborg voor schoolgenoten, staat ze nu met naam en toenaam in het boek T.S., een boek waarin dertien schrijvers alles delen over misschien wel de meest populaire artiest van het moment. “Ik ben hier enorm trots op.”</strong></span></p><p><span>Nola is derdejaars student Journalistiek en noemt zichzelf een echte ‘Swiftie’, de bijnaam die fans van Taylor Swift zichzelf toegeëigend hebben. Dat is niet onterecht, want Nola is al sinds haar twaalfde fan van de Amerikaanse singer-songwriter. Dat begon allemaal na een concert in Amsterdam, waar ze niet naartoe ging maar wel lucht van kreeg. “Toen ontdekte ik haar muziek en verdiepte ik me in haar songteksten.”</span></p><p><span>Hoewel Nola toentertijd tweetalig onderwijs volgde, was haar Engels alles behalve goed. “Maar ik was wel meteen </span><i><span>hooked</span></i><span> aan het album ‘1989’ dat Taylor rond die tijd uitbracht. Ik ben me toen ook meer gaan verdiepen in Taylor als persoon en dat vond ik in één woord fantastisch.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:241/auto;width:241px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/316847e9-eeaf-4785-83f9-fe8ff9a13dcc/800_nolazagers.jpg?x=1715865299788" alt="Nola Zagers" width="241" height="auto">Account verwijderen</strong><br><span>Zo fantastisch zelfs dat Nola stiekem een fanaccount begon en allerlei foto’s en video’s over Taylor Swift op Instagram plaatste. “Stiekem ja, want op de middelbare school was het helemaal niet cool om fan van haar te zijn. Telkens als ik op school kwam verwijderde ik het account van mijn telefoon, zodat niemand kon zien dat ik daarachter zat.”</span></p><p><span>Een aantal jaren later groeide het account van Nola uit tot een van de grotere fanaccounts ter wereld en werd ze gevolgd door allerlei fans uit verschillende landen. “Daar werd mijn Engels alleen maar beter van, en ik heb met sommige volgers nog steeds contact. Zelfs Taylor likete een paar posts en heeft ooit gereageerd.”</span></p><p><strong>‘Beste van onze generatie’</strong><br><span>Dat was ook één van de redenen waarom Nola gevraagd werd om een essay te schrijven voor het boek T.S., waarin dertien schrijvers onderzoeken wat Taylor Swift betekent voor henzelf, de fans en de tijd waarin we leven. “Ik schrijf daarin over mijn ervaringen als superfan, de community en wat Taylor Swift tot de beste singer-songwriter van onze generatie maakt.”</span></p><p><span>Want: Taylor Swift is er niet alleen maar voor de ‘gillende meiden’. Ook bij het mannelijke en het meer volwassen publiek heeft de Amerikaanse artieste zichzelf in de kijker gespeeld. Dat komt volgens de student doordat de teksten herkenbaar zijn voor iedereen. “Voor elke situatie waarin je je bevindt heeft Taylor wel een nummer dat je raakt. Je kunt je in haar muziek herkennen en ze groeit als het ware mee in je eigen levensfases.”</span></p><p><strong>Concerten</strong><br><span>Het fanaccount heeft Nola inmiddels niet meer, maar dat neemt de liefde voor de zangeres niet weg. “Ik ben toevallig net terug uit Parijs, waar ik haar Europese Eras Tour heb bezocht. Diezelfde tour heb ik ook al in New York gezien en, geloof het of niet, ik ga nog zeven keer.”</span></p><p><span>Dat is in grote lijnen ook waar </span><a href="https://lnkd.in/gNwxDyPK"><span>het boek</span></a><span> over gaat: de bijzondere band die de schrijvers hebben met Taylor Swift en haar muziek. “Daarom zou ook iedereen dit boek moeten lezen, zelfs als je geen fan bent. Taylor is niet meer het simpele ‘pop-meisje’, maar een vrouw waar we allemaal niet meer omheen kunnen. Daar duiken we met dit boek dieper op in.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,Tilburg,FHJ,Journalistiek,Berg]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 May 2024 15:25:33 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/98ed073c-5271-4d21-a09d-5c27ce02ed1f/500_nolazagersmethaarco-auteurs.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/98ed073c-5271-4d21-a09d-5c27ce02ed1f/500_nolazagersmethaarco-auteurs.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/98ed073c-5271-4d21-a09d-5c27ce02ed1f/nolazagersmethaarco-auteurs.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Nola Zagers met haar co-auteurs]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>‘Inclusie moet een kernwaarde zijn van journalistiek’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/inclusie-moet-een-kernwaarde-zijn-van-journalistiek/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/inclusie-moet-een-kernwaarde-zijn-van-journalistiek/</guid><pp:caseid>625730</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span><strong>Werkgroepen FJ Inclusie</strong></span><br><span>FJ Inclusie telt nu ongeveer negen werkgroepen, en er volgen er nog veel meer als het aan de studenten en docenten ligt. Waaronder die voor de Journalistiek voor iedereen-dag, de Inclusieve stijlgids, het Curriculum, de Palestinadag, Werkdruk en toegankelijkheid, Werving, Aanspreekpunt (voor studenten met een vervelende ervaring), Communicatie en een Inclusieve database (met interessante personen binnen en buiten Fontys). Voor meer informatie of vragen kun je mailen naar </span><a href="mailto:fj-inclusie@fontys.nl"><span>fj-inclusie@fontys.nl</span></a><span>.&nbsp;</span><br>&nbsp;</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Journalistiek voor iedereen, zo heette de dag van FJ Inclusie voor alle Journalistiekstudenten. Want de journalistiek is nog lang niet voor iedereen, vinden de studenten en docenten van Fontys Journalistiek die zich hier hard voor maken. “We willen journalisten opleiden die kunnen opereren in een hyperdiverse samenleving."</strong></span></p><p><span>Toen docentonderzoeker Elizabeth Venicz (Fontys Journalistiek, FJ) jaren geleden vanuit Amsterdam in Tilburg kwam werken viel haar op hoe ‘wit’ de populatie studenten en docenten was. Ze voelde meteen de urgentie om daar verandering in te brengen. “Als we goede journalisten willen opleiden die moeiteloos kunnen opereren in een hyperdiverse samenleving, dan moet de opleiding hiervan een afspiegeling zijn.”</span></p><p><strong>Denktank</strong><br><span>De eerste jaren richtte Venicz zich vooral op docenten. Ze begon een denktank en organiseerde een studiemiddag om bewustwording over diversiteit en inclusie te vergroten. Maar sinds er zo’n anderhalf jaar geleden studenten bij zijn betrokken, heeft FJ Inclusie een vlucht genomen en zijn de eerste resultaten zichtbaar. Zoals de vorige week gehouden Journalistiek voor iedereen-dag, met gastlessen van voorlopers uit de media en workshops die goed lieten zien hoe breed het onderwerp diversiteit in de media is. De dag is zo succesvol verlopen dat erover wordt gedacht om deze jaarlijks te houden.</span></p><p><span>FJ Inclusie bestaat uit studenten en docenten met diverse achtergronden die zich hard maken voor diversiteit en inclusie binnen Fontys Journalistiek. Inclusie en diversiteit gaan volgens hen onder meer over etnische achtergrond, sociaal milieu, geloof, opleidingsniveau, neurodiversiteit en gender- en seksuele diversiteit. De groep van zo’n veertig leden heeft tot doel om de opleiding inclusiever te maken, zowel binnen de docenten- en studentenpopulatie als in het curriculum.</span></p><p><span><strong>Actie</strong></span><br><span>Volgens Journalistiekstudent Rosalien Manderscheid wordt er veel gepraat over diversiteit en inclusie, maar wordt er nog altijd weinig actie ondernomen. “Dat is de reden dat ik me heb aangesloten bij FJ Inclusie. Ik <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:363/auto;width:363px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f4b2b091-a79b-4ef4-88e0-68533c82ea83/800_rosalien.jpg?x=1711447088623" alt="Rosalien" width="363" height="auto">vind het heel erg dat jongeren zich niet thuis voelen op de opleiding. Dat moeten we doorbreken. En we moeten leren hoe we verhalen kunnen vertellen vanuit verschillende perspectieven. We worden betere journalisten als we uit onze eigen bubbel komen.”</span></p><p><span>Daarvoor hebben de studenten wel handvatten nodig, vindt Rosalien. “Op dag één van mijn eerste stage kreeg ik meteen de stijlgids in handen geduwd, met afspraken over diversiteit en inclusie waar we ons op de redactie aan moesten houden. Zoals: niet alleen witte mannen aan de talkshowtafel, maar een divers gezelschap.” Terug op de opleiding ontmoette ze medestudent Lisa Schuurmans, die constateerde dat Fontys Journalistiek geen eigen stijlboek heeft en er nauwelijks les in geeft. Samen begonnen ze een werkgroep binnen FJ Inclusie die een inclusieve stijlgids ontwikkelt.</span></p><p><span>Welke termen gebruik je en wanneer? Wat zijn gevoelige punten in onze taal? “Ik vind het heel interessant om de discussie hierover aan te gaan”, vertelt de Journalistiekstudent. Inclusie moet een kernwaarde zijn van Fontys Journalistiek, vindt ze. “We moeten weten hoe we diversiteit en inclusie in ons werk kunnen incorporeren. Het lijkt heel simpel en vanzelfsprekend, maar zo eenvoudig is het niet. Dus moeten we het hier op school leren.”</span></p><p><span><strong>Framen</strong></span><br><span>Medestudent en FJ Inclusielid Mai-lin Steegers zit om die reden samen met onder andere docentonderzoeker Elizabeth Venicz in de werkgroep Curriculum. “We onderzoeken in hoeverre diversiteit en inclusie onderdeel zijn van het curriculum en waarover studenten nog meer zouden moeten en willen leren.” De werkgroep wil materiaal maken voor docenten, zoals werkvormen en presentaties, die ze kunnen gebruiken in <img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:303/auto;width:303px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1ada9ff4-5749-42f1-b086-3c4594c4164a/800_ylva-mai-lin-lisa.jpg?x=1711447286169" alt="De studenten Ylva, Mai-lin en Lisa" width="303" height="auto">hun lessen.</span></p><p><span>Mai-lin vindt het ‘enorm belangrijk’ dat er meer bewustwording komt over diversiteit en inclusie. “Waar het in de journalistiek in de basis om gaat, zijn mensen. En daar krijgen we geen les in. Het is geen wonder dat er veel wantrouwen is richting de media; veel mensen voelen zich niet gerepresenteerd, zij voelen zich geframed. Journalisten zijn zich meestal niet bewust van de vooroordelen die ze hebben waarop ze hun verhalen bouwen en hun interviewkandidaten uitzoeken.”</span></p><p><span>Mai-lin weet waar ze het over heeft, want ze is Aziatisch en vrouw. Zo zag ze tijdens haar stage bij het tv-programma Koffietijd met eigen ogen hoe de redactie vooral mensen met een kleur uitnodigt om te koken en witte mensen om plaats te nemen aan de talkshowtafel. Toen ze daar een opmerking over maakte, waren ze zich daar totaal niet van bewust. “Een redactie van zo’n 60 journalisten en niemand die hier eerder over had nagedacht”, verzucht Mai-lin.</span></p><p><span><strong>Bewustwording</strong></span><br><span>Daar zit de winst, meent Rose Noël, studentondersteuner bij FJ en lid van FJ Inclusie. “Het is een heel groot probleem in de media en inmiddels weten we hoe groot de schade kan zijn. Ons doel is om studenten op de opleiding al bewust te maken van diversiteit en inclusiviteit. Daarin heeft onze opleiding nog wel wat te doen. Dat geldt trouwens niet alleen voor Fontys Journalistiek, maar voor heel Fontys.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHJ,Student,Diversiteit en inclusiviteit,Tilburg,Journalistiek,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 26 Mar 2024 11:26:04 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/36dff3ed-44d5-422b-b0f6-7c6ba7263c3d/500_rosalienlopdejournalistiekvooriedereen-dag.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/36dff3ed-44d5-422b-b0f6-7c6ba7263c3d/500_rosalienlopdejournalistiekvooriedereen-dag.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/36dff3ed-44d5-422b-b0f6-7c6ba7263c3d/rosalienlopdejournalistiekvooriedereen-dag.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Rosalien (l) op de Journalistiek voor iedereen-dag]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Verhuizing Journalistiek naar Mindlabs eindelijk rond</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/verhuizing-journalistiek-naar-mindlabs-eindelijk-rond/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/verhuizing-journalistiek-naar-mindlabs-eindelijk-rond/</guid><pp:caseid>544779</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het heeft wat voeten in de aarde gehad, maar de verhuizing van Fontys Journalistiek naar het nieuwe Mindlabs-gebouw in de Tilburgse Spoorzone is eindelijk rond. Op 6 februari neemt het instituut zijn intrek in het gebouw.&nbsp;</strong></p><p>Gerrie Zwartjes, directeur van Fontys Journalistiek, is blij dat het eindelijk zover is. Nadat de bouw talloze keren vertraging opliep en de uiteindelijke oplevering telkens weer werd uitgesteld.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_gerriezwartjes-2.jpg?x=1667401188103" alt="Gerrie Zwartjes">“Maar nu is het definitief. Op 6 februari gaan we over”, aldus Zwartjes. “De week ervoor worden de spullen die we meenemen uit het gebouw aan de Professor Gimbrèrelaan al overgehuisd. En de studio's, die aanzienlijk meer tijd vergen om in te richten en af te stellen, worden daarvoor al in gereedheid gebracht.”</p><p><strong>Assesments</strong><br>De verhuizing valt precies na afloop van het huidige semester. Zodat het nieuwe semester in het nieuwe gebouw kan beginnen. “De assesments van het eerste semester vinden nog wel plaats in ons huidige onderkomen.”</p><p>Het personeel en de studenten zijn inmiddels ingelicht over de verhuizing naar het gebouw waar ook onder meer de eind- en internetredacties van de Brabantse kranten van DPG Media worden gehuisvest. &nbsp;</p><p>“Dat is wat dit zo'n mooie plek maakt. Midden in de stad, centraal gelegen, dus waar veel meer reuring is. En het feit dat ook die DPG-redacties daar komen te zitten, maakt het tot een echt hybride leeromgeving. En dat past weer heel goed bij de nieuwe onderwijsmethode waar we dit studiejaar mee zijn begonnen.”</p><p>Het gebouw is nog niet helemaal af. Aan de buitenkant lijkt het er zelfs op dat er nog heel veel moet gebeuren. Zwartjes: “Maar ons is verzekerd dat dit voor die bewuste datum allemaal af is. Ook binnen wordt trouwens nog van alles afgewerkt. Maar het ziet er nu al prachtig uit.”&nbsp;</p><p><strong>ICT</strong><br>Ook een deel van Fontys ICT Tilburg, het gaat dan om de studenten uit het derde en vier jaar, nemen hun intrek in het gebouw. Zij komen op de derde verdieping te zitten. Journalistiek zit verspreid over de begane grond en de eerste, tweede en derde verdieping.&nbsp;</p><p>Voor de man die het concept van Mindlabs bedacht, Gabriël Bergmans, komt daarmee eindelijk de afronding van een proces van vele jaren in zicht. Of hij wel eens moedeloos werd van alle uitstel? “Nee. Een gebouw komt grommend uit de grond, zei een bevriende architect me ooit eens. Unieke gebouwen zijn altijd moeilijker te realiseren. Dat geldt ook voor Mindlabs, toch zeker omdat het nog complexer is door alle verschillende partijen die in dit gebouw komen te zitten.”&nbsp;</p><p>Behalve Fontys en DPG Media verhuist bijvoorbeeld ook uitgeverij Zwijsen naar Mindlabs. Bergmans: “Die komen misschien wat later dan Fontys, maar ook zij nemen hun intrek ergens in februari. Eind van die maand zal Mindlabs volop in gebruik zijn.” [<i>Jan Ligthart</i>]&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Journalistiek,FHJ,PRO Communicatie,Campus,FHICT]]></category>
            <pubDate>Wed, 02 Nov 2022 16:05:57 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_mindlabs1.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_mindlabs1.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/mindlabs1.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Er wordt druk gewerkt aan het Mindlabs-gebouw, maar de oplevering staat nu definitief vast. (Archieffoto)]]></pp:imageTitle></item></channel>
                    </rss>