<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Mon, 07 Sep 2026 17:39:30 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Mon, 01 Sep 2025 11:58:19 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>&#039;Gezellig, maar jammer dat er niet meer wordt overnacht&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gezellig-maar-jammer-dat-er-niet-meer-wordt-overnacht/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gezellig-maar-jammer-dat-er-niet-meer-wordt-overnacht/</guid><pp:caseid>720307</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Leuk, gezellig, maar vorig jaar misschien toch nog iets leuker en gezelliger. Dat vinden de mama's (en één papa) van de eerstejaars Fontys Pedagogiek uit Eindhoven van de voorbije Purpleweek.&nbsp;</strong></p><p>En waarom het dan vorig jaar leuker was? Simpel: er waren geen campings, er kon niet worden overnacht. “En die eerstejaars kennen nog niemand, dus die kunnen ook niet bij een vriend of vriendin blijven logeren", zegt derdejaars studente Jill. Ze krijgt bijval van tweedejaars collegamama Feline.</p><p>Want dat betekende dat er treinen en bussen gehaald moesten worden. Omdat sommige eerstejaars van heel ver komen, blijft er dan geen tijd over om buiten het dagprogramma nog veel te doen of deel te nemen aan een volledig avondprogramma. “Dat geldt natuurlijk niet alleen voor onze studie. Het effect zag je 's avonds wel op het Stratumseind. Daar waren vrijwel uitsluitend ouders te vinden, geen kindjes.”</p><p><strong>Sjuutje</strong><br>Jill en andere ‘ouders’ van de intro van Pedagogiek doen hun verhaal aan een lange tafel vol ontbijt bij een horecatent aan het Stratumseind. Dit is hun afsluiting van de Purpleweek. Even bijkomen en bijkletsen onder het genot van een sjuutje en een broodje.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:313/auto;width:313px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/0bcdaf92-bd5f-4fe0-9694-2afabb40d0b3/800_pleunjillenfelinevanrechtsnaarlinks.jpg?x=1756463694865" alt="Pleun, Jill en Feline (van rechts naar links)" width="313" height="auto">Pleun, vierdejaars Pedagogiek, was voor de tweede keer mama. Zij merkte nog een verschil vergeleken met vorig jaar. “De kindjes waren toen iets meer betrokken dan deze lichting. Al hangt dat natuurlijk ook veel af van de groep die je begeleidt. Die groepen zijn niet allemaal hetzelfde. Bovendien waren ze dit jaar veel kleiner. We hadden nu tien groepen van acht eerstejaars, vorig jaar waren het vijf groepen van zestien. Maar we hadden wel veel meer ouders: dertig waar dat er vorig jaar achttien waren.”</p><p>En dat maakt verschil. “Het was nu wel veel veiliger daardoor, je leert de kinderen ook beter kennen.” Maar met overnachten erbij was dat nog veel beter gegaan, zo weet Pleun zeker. “Je krijgt een heel andere sfeer en veel meer saamhorigheid als je dag én nacht bij elkaar bent tijdens zo'n week. Aan de andere kant is dit wel veel minder vermoeiend. Het is allebei eigenlijk wel fijn.”</p><p><strong>Ontgroening</strong><br>Wat de mama's ook merkten: er is toch veel vrees bij eerstejaars. “Ze zijn bang voor ontgroening”, zegt Jill. “Daar doen we helemaal niet aan, maar dat beeld hebben veel aankomende studenten wel.”</p><p>En toch ook wel merkbaarder dan vorige jaren: veel kindjes vinden het lastig om ‘sociaal’ te zijn. In een groep functioneren met leeftijdsgenoten die je nog niet kent, is toch heel iets anders dan een like of een post versturen op social media.</p><p><strong>Papa</strong><br>Kyano zit aan het eind van de lange ontbijttafel. Hij is de enige papa van de Pedagogiek-ouders. Niet zo vreemd, vindt hij zelf. “In mijn jaar zitten ook maar twee andere jongens. Of dat voor mij verschil maakt? Nee hoor. Het is toch een echte meidenopleiding dus je went er snel aan.”</p><p>Vorig jaar was hij zelf nog een kindje, dit jaar voor het eerst dus een papa. “Het is allebei even leuk. Hoewel ik het dit jaar leuker vond omdat de groep kleiner en daardoor ook leuker was. Maar zoals voor iedereen geldt: het hangt gewoon af van de studenten in je groep."</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Eindhoven,FPH,FE,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Fri, 29 Aug 2025 12:53:13 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bc310c21-0d5e-4c78-836a-5b2a24fc3e77/500_ontbeit.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc310c21-0d5e-4c78-836a-5b2a24fc3e77/500_ontbeit.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc310c21-0d5e-4c78-836a-5b2a24fc3e77/ontbeit.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[ontbeit]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pedagogisch opvoeden voor een betere samenleving</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pedagogisch-opvoeden-voor-een-betere-samenleving/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pedagogisch-opvoeden-voor-een-betere-samenleving/</guid><pp:caseid>688197</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>Het nieuwe programma Samenlevingspedagogiek wordt aanstaande vrijdag gelanceerd tijdens een symposium in de LocHal in Tilburg (vanaf 14.00 uur). Tijdens het symposium spreekt naast lector Iris Andriessen ook Micha de Winter, de grondlegger van het gedachtegoed achter samenlevingspedagogiek.</span></i></p><p><i><span>Om 16.00 uur wordt officieel afscheid genomen van Maike Kooijmans, die acht jaar lang het lectoraat Opvoeden voor de Toekomst draaide. Haar afscheidsrede is vanaf vrijdag te vinden op de website van het lectoraat: </span></i><a href="http://fontys.nl/opvoedenvoordetoekomst"><i><span>fontys.nl/opvoedenvoordetoekomst</span></i></a><i><span>.&nbsp;</span></i></p><p><i><span>Het symposium is volgeboekt. Wel is het mogelijk om online aan te sluiten: </span></i><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=http%3A%2F%2Fwww.onlinekijker.nl%2Fsymposium.fontyspedagogiek&data=05%7C02%7Cm.kooijmans%40fontys.nl%7C71e34e377dea4f6d5d4208dd41e6a6cb%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638739181101235513%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJFbXB0eU1hcGkiOnRydWUsIlYiOiIwLjAuMDAwMCIsIlAiOiJXaW4zMiIsIkFOIjoiTWFpbCIsIldUIjoyfQ%3D%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=lIlErsGItdOFjnj0iOyeAIcBqaBjyI7dkFmcmBOA7Cg%3D&reserved=0"><i><span>www.onlinekijker.nl/symposium.fontyspedagogiek</span></i></a><i><span>.&nbsp;</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Eind deze week vindt het symposium Pedagoog in de Samenleving plaats. Maike Kooijmans, lector Opvoeden voor de Toekomst, spreekt die middag haar afscheidsrede uit. Lector Iris Andriessen lanceert dan het nieuwe lectoraatsprogramma ‘Samenlevingspedagogiek’. Een gesprek met de staande en gaande pedagogiek-lector.</strong></span></p><p><span>Begonnen in 2017, neemt Maike Kooijmans deze week na acht jaar afscheid van haar lectoraat. En daarmee ook van Fontys: zij begint nu voor zichzelf. “De termijn van twee keer vier jaar zit erop. Nu komt er tijd voor iets anders. Pedagogiek had altijd twee lectoraten. Dat wordt er nu een. En dat wordt anders ingericht, met het lectoraatsprogramma Samenlevingspedagogiek van Iris. Een mooie organische overgang, vind ik.”</span></p><p><span>“Ik ben een praktijkmens, heb met mijn team echt met de voeten in de klei gestaan. We hebben onderzocht wat de meest prangende thema’s zijn. Prestatiedruk is een hele grote, die nog eens versterkt werd door de coronatijd. Een tweede prangend thema is de online wereld en hoe wij daar als opvoeders mee moeten dealen.”</span></p><p><span><strong>Pedagogische vrijplaats</strong></span><br><span>Beide thema’s werden destijds door Kooijmans al aangesneden in haar lectorale rede. Kooijmans en haar team gingen de oorzaken onderzoeken, maar belangrijker nog: zij zochten vooral naar middelen om een tegenbeweging aan te jagen. En vonden die ook: de pedagogische vrijplaats.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:259/auto;width:259px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f03cbae0-3381-467a-95f2-0198cb3d1268/800_maikekooijmans-2.jpg?x=1739797836035" alt="Maike Kooijmans" width="259" height="auto">“Sparrenhof, een voormalige kloosterboerderij in Tilburg, bleek al een tijd leeg te staan. Samen met vijf partners zijn we met de fraters van Tilburg, en met hulp van een mooie ZonMw-subsidie, overeengekomen dat wij die vrijplaats daar mochten inrichten. Een ‘Empty Farm to Fill’: een plek waar jongeren en kinderen in de lead waren, waar zij konden ont-moeten en ont-wikkelen.”</span></p><p><span>En wat ze daar in de loop der jaren hebben geleerd? “Allereerst dat jeugdparticipatie een recht is. Maar wel een waar de jeugd zelf mee moet kunnen oefenen. Kinderen hebben een plaats nodig waar niets moet, waar ze geen prestatiedruk voelen. Zo’n vrijplaats hebben we gecreëerd en er een oefenruimte van gemaakt. In de basis is dat een plek waar tijd en ruimte en veiligheid is, waar je nog mag lummelen en nergens op wordt afgerekend.”</span></p><p><span>Maar, zo geeft zij toe, ook in zo’n vrijplaats zijn er regels en kaders: ‘speelregels’ waaraan iedereen zich moet houden. “Ja, ook daar komt soms ‘moeten’ om de hoek kijken. Het verschil is dat de kinderen en jongeren er mede-eigenaar van zijn.”</span></p><p><span>Klaar is het project nog niet. “Er valt nog heel veel te leren. Maar het is heel mooi dat de gemeente Tilburg het landgoed heeft aangekocht en zich hieraan verbonden heeft en ermee door wil gaan. Al het primair onderwijs uit Tilburg en het jeugdwelzijnswerk mogen hier nu verder pionieren. Fontys Pedagogiek blijft partner en stuurt de Professionele Werkplaats Sparrenhof aan.”</span></p><p><span><strong>Burgerschap</strong></span><br><span>Pionieren: dat mag Iris Andriessen nu ook gaan doen met het nieuwe programma. Ze luistert met een grote glimlach naar het verhaal dat Kooijmans vertelt over de afgelopen acht jaar. “We vinden elkaar sterk in het idee dat kinderen en jongeren volwaardige burgers zijn. Hun belangen en perspectieven zijn niet minder legitiem dan die van volwassenen. Maar burgerschap moeten zij nog ontwikkelen door het te doen. En Maike heeft hele mooie innovatieve ideeën over hoe je dat in praktijk brengt.”</span></p><p><span>Zet Andriessen nu dan ook dat werk voort? “Sommige dingen wel, ja. Neem bijvoorbeeld de Kinderrechtendag.” Kooijmans vult aan: “Die dag hebben wij vier jaar lang echt gevierd. Dat is inderdaad precies zo’n voorbeeld van iets waar Iris heel organisch op dezelfde weg doorgaat. Ook dit lectoraat gaat uit van kinderen als volwaardige burgers met hun eigen belangen.”</span></p><p><span><strong>Draai</strong></span><br><span>Andriessen is in de eerste termijn vooral bezig geweest met diversiteit en pedagogiek, vanuit het idee dat er veel ongelijkheid en onrechtvaardigheid is in de samenleving. “Het nieuwe lectoraatsprogramma is een doorstart van Diversiteit en Orthopedagogisch Handelen. Nu maken we de draai naar: hoe kunnen we met elkaar een goede samenleving vormgeven?.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:384/auto;width:384px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7bb11c24-b600-4c11-bfaf-a588f710f862/800_bvof2022irisandriessen3.jpg?x=1739797881291" alt="Iris Andriessen" width="384" height="auto">“Dat vinden we in democratie als samenlevingsvorm met ruimte voor de perspectieven van iedereen. Met openheid en vrijheid, ook voor de volgende generatie. Daarin zit dan ook meteen de paradox, want die vrijheid brengt dus ook een verantwoordelijkheid met zich mee.”</span></p><p><span>“Democratie is ook hard werken, we moeten het zelf doen. Opvoeders hebben daar een hele belangrijke taak in: zij moeten het ook voorleven. En op dit moment zien we echt hele zorgwekkende ontwikkelingen zoals democratisch verval en een feitenvrije samenleving.”</span></p><p><strong>Iets hoopvols</strong><br><span>“Daar willen we iets hoopvols tegenover zetten. Door zelf ook elke dag te werken aan een betere wereld. Jongeren en kinderen hebben wel een democratisch besef, maar in onze samenleving is er ook een groot geloof dat het met de juiste instituties allemaal wel goed komt. Tegen die stroom willen wij in roeien.”</span></p><p><span>“De grote vraag bij opvoeden, en dus ook bij pedagogiek, is ‘waartoe voed je op?’. Met dit lectoraat willen we gezamenlijk uitademen dat opvoeden geen persoonlijk project is van ouders waarvan je het slagen kan afmeten aan het maatschappelijk succes van het kind. ”Volgens ons heeft opvoeden ook een maatschappelijke functie: dat kinderen zich onderdeel gaan voelen van een gemeenschap en daaraan willen bijdragen. Dat sociaal engagement ontstaat niet vanzelf; daar is actieve vorming voor nodig. Het is de verantwoordelijkheid van opvoeders om kinderen democratisch betrokken burgers te laten willen, kunnen en mogen zijn.”&nbsp;</span></p><p><span>Maike knikt instemmend. “Ik zou het geweldig vinden als er over acht jaar vacatures ‘samenlevingspedagoog’ zouden zijn.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Nieuws,FPH,PRO Educatie,Onderzoek Onderwijs,Onderwijs Algemeen,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Mon, 17 Feb 2025 14:36:45 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/aaa6f416-512c-43ff-9787-e7329b8ccad2/500_pedagogieklectoraatopvoedengeneraties.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/aaa6f416-512c-43ff-9787-e7329b8ccad2/500_pedagogieklectoraatopvoedengeneraties.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/aaa6f416-512c-43ff-9787-e7329b8ccad2/pedagogieklectoraatopvoedengeneraties.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[pedagogiek lectoraat opvoeden generaties]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gezamenlijke masters AI en data: &quot;Behoefte neemt toe&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</guid><pp:caseid>686321</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Fontys mag beginnen met het ontwikkelen van de nieuwe masteropleiding Artificial Intelligence Translator. Daarnaast heeft het ministerie van OCW groen licht gegeven voor de start van een andere master: Data Driven Business. Bijzonder aan de masters is dat Fontys ze samen met andere hogescholen gaat ontwikkelen en aanbieden.</strong></p><p>De twee nieuwe masteropleidingen maken deel uit van een clusteraanvraag voor vijf cross-sectorale masters. Verschillende hogescholen hebben hiervoor intensief samengewerkt. Bijzonder aan deze opleidingen is dat ze diverse vakgebieden en sectoren met elkaar combineren en door verschillende hogescholen worden ontwikkeld en aangeboden (joint degrees). Eerder kregen de masters Human Capital Innovation, Sustainability Transitions en Transitie naar Gezondheid en Welzijn al groen licht van OCW.&nbsp;<br><br>Zo’n clusteraanvraag is vrij nieuw in Nederland. Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen, <a href="https://www.vereniginghogescholen.nl/actueel/actualiteiten/opnieuw-groen-licht-voor-twee-cross-sectorale-hbo-masters-grote-stap-voor-onderscheidend-aanbod" target="_blank">reageerde </a>opgetogen nadat bekend werd dat alle vijf clusteraanvragen zijn goedgekeurd. “Het betekent een grote impuls voor de verbreding van praktijkgericht aanbod aan hbo-masters. Dat is belangrijk: de arbeidsmarkt schreeuwt om praktijkgerichte professionals die in staat zijn om sectoroverstijgend te denken en te doen.”&nbsp;<br><br><strong>Joint degrees</strong><br>Voor deze vijf masters werken zes hogescholen samen in zogenoemde <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-en-avans-slaan-handen-vaker-ineen/" target="_blank">joint degrees</a>, daarbij wordt één opleiding door meerdere hogescholen ontwikkeld en aangeboden. Het gaat om Hogeschool Windesheim, Avans Hogeschool, De Haagse Hogeschool, Hogeschool Inholland, Saxion Hogeschool en natuurlijk Fontys Hogeschool.&nbsp;<br><br>Voor elke master is één hogeschool ‘penvoerder’. Dat betekent dat een student zich bij een van de hogescholen inschrijft voor de betreffende master, maar dat dezelfde opleiding bij alle samenwerkende hogescholen wordt aangeboden, en dus op verschillende locaties gevolgd kan worden. Wel kunnen de hogescholen er een eigen accent aan geven dat aansluit bij de regio. Zo zal Fontys zich meer richten op de Industrial Engineering en Health Tech, sectoren die dominant zijn in de Brainportregio.&nbsp;[<i>tekst gaat verder onder de foto</i>]&nbsp;</p><p>Een van de masters waarvoor Fontys penvoerder is, is de recent goedgekeurde opleiding AI Translator. Samen met Avans start Fontys in februari met de ontwikkeling ervan. “Met deze masteropleiding willen de hogescholen straks professionals afleveren die bedrijven en overheden kunnen helpen om AI praktisch inzetbaar te maken. De AI Translator analyseert voor een organisatie de kansen, bedreigingen, kwetsbaarheden en bedreigingen voor de inzet van AI”, licht Michael Franssen, manager development bij ICT en projectleider van de master, toe.&nbsp;<br><br>Avans is penvoerder van de master Data Driven Business. Hierin staat het verzamelen, analyseren en visualiseren van data centraal om organisaties te helpen om betere beslissingen te nemen. Volgens Franssen is er opvallend veel vraag naar dergelijke professionals in AI en data. “Die behoefte zal alleen maar toenemen. Om die reden worden beide masters eveneens in deeltijd aangeboden, zodat ook mensen uit het werkveld kunnen instromen.”&nbsp;<br><br><strong>Expertise delen</strong><br>Groot voordeel van een joint degree is dat je de ontwikkeling van een nieuwe opleiding als onderwijsinstelling niet helemaal zelf hoeft te doen, weet Franssen. “Je deelt je expertise, wat mogelijk ook leidt tot meer eenheid in het aanbod.”&nbsp;</p><p>Of eenzelfde master aangeboden door meerdere hogescholen de concurrentie niet in de kaart speelt? Franssen denkt van niet. “Uitgangspunt is en blijft de student. Uiteindelijk worden alle hogescholen gefinancierd door de overheid om studenten op te leiden voor de arbeidsmarkt. Puur vanwege de afstand denk ik dat we niet in elkaars vaarwater zitten. In de praktijk kiezen studenten vaak voor een school in de buurt.”&nbsp;<br><br><strong>Goedkeuring</strong><br>Voordat studenten zich daadwerkelijk kunnen aanmelden, moeten de nieuwe masters nog worden ontwikkeld en/of goedgekeurd door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO).&nbsp;</p><p>Twee van de vijf opleidingen - Responsible AI Innovation en Transitie naar Gezondheid en Welzijn - starten naar verwachting in september dit jaar, voor de andere drie masters - Sustainability Transitions, AI Translator en Data Driven Business - kunnen studenten zich hoogstwaarschijnlijk inschrijven vanaf studiejaar 2026-2027.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Master,PRO Onderwijs,FHICT,FPH,FHEC,Verbiesen,AI,PRO ICT]]></category>
            <pubDate>Wed, 29 Jan 2025 10:56:18 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bigdata-01.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Big data-01]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys en TU/e werken samen aan ‘snelle’ soa-test</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</guid><pp:caseid>685068</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) zijn in Nederland aan een flinke opmars bezig. Om verspreiding tegen te gaan en een betere behandeling mogelijk te maken, werken onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e samen aan een ‘snelle’ soa-test die bij een specialist kan worden afgenomen.</strong></p><p>Soa kunnen schadelijke gevolgen hebben voor de gezondheid, zoals verminderde vruchtbaarheid, buitenbaarmoederlijke zwangerschap en bij mannen kan het leiden tot ontstekingen in bekken, bijballen of prostaat. Vooral Gonorroe is hiervan de veroorzaker, zo blijkt uit een <a href="https://www.rivm.nl/publicaties/sexually-transmitted-infections-in-netherlands-in-2023" target="_blank">rapport </a>uit 2024 van het RIVM. Een snelle en gerichte behandeling kan verspreiding en erger voorkomen.&nbsp;<br><br>En daar zit hem nu net het probleem, weten Joost Schoeber, lector Life Sciences bij Fontys, en Harm van der Veer, onderzoeker bij de TU/e. Op dit moment duurt het tot wel twee dagen voordat een patiënt de uitslag van een test krijgt over een mogelijke soa-aandoening. Ondertussen kan de arts geen goed behandelplan in gang zetten en kan de patiënt zijn omgeving niet juist informeren.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:325/auto;width:325px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9a2a6b67-836d-4a66-b99b-d8211664df75/800_onderzoeksgroepfontystueglowinthedarktest.jpg?x=1737449506955" alt="De onderzoeksgroep van Fontys en TU/e met vlnr: Joost Schoeber, Yosta de Stigter, Harm van der Veer, Anne Loonen (Fontys) en Maarten Merkx." width="325" height="auto">Om die reden werken de onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e aan een ‘snelle’ test die laagdrempelig bij een lokale zorgverlener, zoals een huisarts of GGD-poli, kan worden afgenomen. “Het onderzoek is erop gericht om de technologie die door de TU/e al is ontwikkeld en bruikbaar is voor deze soa-test, door te ontwikkelen tot een<a href="https://www.biotechbooster.nl/projects/glow-in-the-dark-molecular-diagnostics/" target="_blank"> point-of-care-test</a> (POCT)”, licht Schoeber toe.&nbsp;<br><br><strong>Makkelijke apparatuur</strong><br>“Dat betekent dat de soa-test niet plaatsvindt in een lab, zoals nu wel gebruikelijk is en wat voor veel vertraging zorgt, maar met makkelijke apparatuur bij een behandelend specialist kan worden afgenomen. Met onze test heeft de patiënt straks binnen 30 minuten de uitslag en kan de specialist meteen een behandeling starten.”&nbsp;<br><br>De testmethode kan ook voor andere infectieziekten worden gebruikt. Daarnaast wordt gedacht aan gebruik door dierenartsen. “Het hebben van een snelle test maakt het mogelijk direct te behandelen, in de wetenschap welke ziekteverwekker de boosdoener is. Dat kan in veel gevallen bijdragen aan het beperken van antibioticaresistentie, wat een groeiend probleem is”, aldus Schoeber.&nbsp;<br><br>Volgens de lector is de samenwerking tussen Fontys en de TU/e in dit project uniek. Er wordt al vaker samengewerkt tussen beide instellingen, maar nog nauwelijks voor de valorisatie van onderzoek. Valorisatie is het creëren van waarde uit kennis, door deze beschikbaar te maken voor economische en/of maatschappelijke toepassing. Schoeber: “De technologie heeft alleen meerwaarde als je deze ook kunt implementeren.”&nbsp;<br><br><strong>Van tafel naar hal</strong><br>Maar voor onderzoek en implementatie is geld nodig, veel geld. Recent hoorde de onderzoekersgroep dat het project 200.000 euro van het Biotech Booster-programma uit het Nationaal Groeifonds ontvangt. Net als 53 andere biotechuitvindingen ‘met veel nut voor de maatschappij’. Hiermee kunnen deze uitvindingen daadwerkelijk van de tekentafel naar de productiehal, aldus het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in een persbericht.&nbsp;<br><br>Wanneer kunnen we deze nieuwe, snelle soa-test bij de specialist verwachten? “Dat is moeilijk te voorspellen”, zegt Harm van der Veer. “We starten nu met dit project aan de ontwikkeling van onder meer een bijbehorend testapparaatje en dat duurt zeker twee jaar. Daarna moet de test nog worden goedgekeurd en op de markt worden gebracht.”&nbsp;<br><br><strong>In de praktijk</strong><br>De samenwerking tussen Fontys en de TU/e zorgt er wel voor dat techniekontwikkeling en valorisatiestappen meer gelijk opgaan. Van der Veer: “Wij werken aan de fundamentele ontwikkeling van de technologie aan de TU/e en bij Fontys wordt gewerkt aan toepassing van die technologie in de praktijk.”&nbsp;<br><br>Hiervoor zijn de instituten Fontys Paramedisch en Fontys Economie en Communicatie betrokken bij het project. Zij hebben wensen opgehaald bij patiënten, huisartspraktijken en GGD-poli’s, weet Schoeber. “Het is echt heel bijzonder dat we al tijdens de ontwikkeling van deze point-of-care-test de technologie kunnen toetsen en niet pas achteraf.”&nbsp;</p><p><i>Foto boven: Gonorroe-bacteriën gezien onder de microscoop.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,FPH,FHEC,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 21 Jan 2025 10:30:14 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[soa-gonorroe-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Docent Ties van den Hurk wint de halve marathon</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/docent-ties-van-den-hurk-wint-de-halve-marathon/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/docent-ties-van-den-hurk-wint-de-halve-marathon/</guid><pp:caseid>669536</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Hij noemt hardlopen zijn tweede baan. Zondag won Ties van den Hurk, docent bij Fontys Paramedisch, de halve marathon van Eindhoven. “Het was helemaal niet mijn bedoeling om te winnen, ik liep mee om een vriend te helpen zijn persoonlijke record te verbeteren.”</strong></span></p><p><span>18 kilometer liepen ze op kop, hij en zijn vriend. Slechts twee anderen liepen met hen mee in de kopgroep. Docent Ties van den Hurk voelde zich goed. Met nog maar 3 kilometer te gaan, maakte hij zich los van de groep en won. Zijn vriend werd tweede en verbeterde zijn persoonlijke record. Missie geslaagd. Zelfs meer dan dat.</span></p><p><span>“Het was helemaal niet mijn bedoeling dat ik zou winnen”, zegt Van den Hurk bescheiden. “Ik deed mee om een vriend te <img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:385/auto;width:385px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/ea1ea522-3aa8-477c-aa49-cb0181ae5392/800_tiesvandenhurk-1.jpg?x=1728908439535" alt="Ties van den Hurk" width="385" height="auto">helpen zijn persoonlijke record te verbeteren. Dat dit is gelukt, maakt de overwinning extra bijzonder.”</span></p><p><span>Maandag trakteerden studenten en collega’s de winnaar op taart. Ongeveer 250 medewerkers van Fontys deden mee aan een van de wedstrijden van de ASML Marathon Eindhoven. Van den Hurk liep niet mee in het Fontyspaarse shirt. Hardlopen is voor hem een serieuze zaak, een uit de hand gelopen hobby.</span></p><p><span><strong>Hoogste niveau</strong></span><br><span>Zes jaar geleden, aan het einde van zijn opleiding fysiotherapie, is hij ermee begonnen omdat hij graag met anderen buiten sportief bezig is. Hij heeft altijd gevoetbald, maar bleek aanleg te hebben voor hardlopen. Inmiddels doet hij mee op het hoogste niveau. Hij staat in de top 10 van Nederland. Vorige week nog werd hij achtste op het Nederlands Kampioenschap halve marathon in Breda.</span></p><p><span>“Hardlopen is mijn tweede baan”, zegt hij gekscherend. “Ik probeer twee keer per dag te trainen, zo’n 12 tot 15 uur per week. Dat lukt niet altijd, want ik woon in Nijmegen en ik werk op campus Rachelsmolen in Eindhoven. Dat betekent vaak vroeg opstaan en tot laat doorgaan. Ik loop ook wel eens met collega’s een rondje.”</span></p><p><strong>Golf van geluid</strong><br><span>Al dat trainen loont dus. Maar Van den Hurk noemt zijn prestatie niet meer bijzonder dan deelnemers die er zondag langer over hebben gedaan. Zij verdienen volgens hem net zo veel lof. “Wel vind ik het heel bijzonder om in de stad waar ik werk de eerste prijs te pakken."&nbsp;</span></p><p><span>Veel Fontyscollega's stonden langs het parcours om de renners aan te moedigen en zagen Van den Hurk in de kopgroep lopen. "Die golf van geluid zorgde ervoor dat ik werd voortgestuwd", aldus Van den Hurk.&nbsp;</span></p><p><i><span>Foto boven: Ties van den Hurk gefotografeerd door </span>Seth Profet.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH,Verbiesen,Campus,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Mon, 14 Oct 2024 15:01:13 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e02ea17b-4174-4d03-9461-e919734d4c5b/500_tiesvandenhurh-2-fotograafsethprofet.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e02ea17b-4174-4d03-9461-e919734d4c5b/500_tiesvandenhurh-2-fotograafsethprofet.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e02ea17b-4174-4d03-9461-e919734d4c5b/tiesvandenhurh-2-fotograafsethprofet.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[foto Seth Profet]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Efficiëntere zorg met digitale innovaties: &quot;Onderzoek nodig&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/efficientere-zorg-met-digitale-innovaties-onderzoek-nodig/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/efficientere-zorg-met-digitale-innovaties-onderzoek-nodig/</guid><pp:caseid>662815</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span><strong>Het symposium Van sensoren naar zorg </strong>vindt plaats op woensdag 13 november van 12.30 tot 17.00 uur in het ExploreLab van gebouw R13 op campus Rachelsmolen in Eindhoven. Wil je meer weten over het programma en je aanmelden voor het symposium? Kijk dan op de </span><a href="https://www.fontys.nl/actueel/symposium-van-sensoren-naar-zorg/" target="_blank"><span>website</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Het kabinet wil de zorg beter en efficiënter maken met digitale oplossingen.&nbsp;Hiermee wil het voorkomen dat het groeiende personeelstekort in de sector onbeheersbaar wordt. Een goed idee, vindt docent-onderzoeker Manon Peeters. “Maar er is nog wel veel onderzoek nodig.”</strong></span></p><p><span>Peeters werkt als docent-onderzoeker bij Fontys Paramedisch en doet al jaren onderzoek naar digitale zorg. Ze is een voorstander van digitalisering, omdat dit de kwaliteit van de zorg kan verbeteren. Maar ze is voorzichtig. “Het is niet zo dat digitalisering meteen tot een veel grotere efficiëntieslag gaat leiden en alle personeelstekorten oplost.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:218/auto;width:218px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/4b5977f7-34ef-4d25-a974-9dde80794bb1/800_m.c.zijlmans-manon-4.jpg?x=1727699345489" alt="Manon Peeters" width="218" height="auto">Het kan zelfs gebeuren dat oplossingen leiden tot meer werk. “Denk aan de uitvinding van e-mail”, zegt Peeters. “Ineens konden we mensen over de hele wereld veel sneller berichten sturen. Maar we gingen ook meer berichten sturen. Met andere woorden: digitale oplossingen gaan vaak gepaard met een verandering van werkflow, daar moeten we rekening mee houden, zodat ze ook daadwerkelijk bijdragen aan betere en efficiëntere zorg.”</span></p><p><span>Digitale oplossingen lopen sterk uiteen: het kan gaan om zichtbare tools zoals robots die taken van zorgverleners overnemen of toepassingen als een robotarm. Maar het kan ook gaan om software die processen vergemakkelijkt, bijvoorbeeld de administratie van een huisarts. Die processen zijn vaak onzichtbaar. Verschillende Fontysinstituten doen praktijkgericht onderzoek naar digitale oplossingen in de zorg.</span></p><p><span><strong>Protocollen nodig</strong></span><br><span>“Technisch gezien kunnen we al heel veel”, zegt Peeters. “Maar wat we vaak nog niet goed weten, is hoe digitale oplossingen waarde kunnen toevoegen aan de zorg. Daar is nog veel onderzoek naar nodig”, aldus Peeters. “Ook kunnen we nog niet alle risico’s goed inschatten. Bij medicijnonderzoeken bijvoorbeeld kunnen we terugvallen op protocollen, die zijn er vaak niet voor nieuwe digitale zorgoplossingen.”</span></p><p><span>Verandert de zorg, dan veranderen ook de opleidingen. Volgens Peeters is Fontys Paramedisch al in 2015 studenten anders gaan opleiden. “Ze volgen nu 2,5 van de 4 jaar vakinhoudelijk onderwijs, waarna ze zich specialiseren op een thema en hun kennis toepassen in de praktijk van de zorgsector. Dat gebeurt samen met het werkveld en met andere instituten zoals Fontys Juridisch en Fontys ICT.” [</span><i><span>tekst gaat verder onder de foto</span></i><span>]</span></p><p><span>Of digitale oplossingen ervoor kunnen zorgen dat de zorg minder duur wordt - en dus ook de premie van onze zorgverzekering omlaaggaat - durft de docent-onderzoeker niet te claimen. “Digitalisering van de zorg is hierin niet de enige oplossing. Preventie bijvoorbeeld draagt ook bij aan een daling van de zorgkosten. Wel weet ik dat als we niets doen, de zorg steeds duurder wordt.”</span></p><p><span><strong>Van sensoren naar Zorg</strong></span><br><span>In 2018 krijgt de onderzoeksgroep van Peeters de vraag vanuit BrabantZorg om een oplossing te bedenken voor de druk die mensen met dementie en onbegrepen gedrag leggen op de zorg en hun omgeving. Daaruit is een polsband voortgekomen die data verzamelt over de fysieke toestand waarin de patiënt verkeert.</span></p><p><span>Peeters noemt deze toepassing een extra set ogen die de zorgprofessional helpt evalueren en betere beslissingen te nemen. Deze ‘wearable’ werd het startschot voor een grootschaliger project: Van sensoren naar zorg, dat is gericht op zorginnovaties en de toepassing van wearables in diverse zorgcontexten.</span></p><p><span>Op 13 november vindt een eindsymposium plaats van dit project. Experts delen resultaten en inzichten uit het onderzoek en er is aandacht voor de noodzaak van samenwerking tussen verschillende vakgebieden en eindgebruikers om technologie waardevol te maken in de zorg.</span></p><p><span>Een opsteker voor het kabinet: de integratie van wearables in de zorg biedt kansen om het welzijn van mensen te ondersteunen, wat de druk op de zorg en de omgeving kan verlichten.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Onderzoek Gezondheid,FPH,FJH,FHICT,PRO Gezondheidszorg,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Mon, 30 Sep 2024 14:39:08 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/500_metingbijdementie.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/500_metingbijdementie.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/70b7f010-1475-41ef-9348-63c0a17d8851/metingbijdementie.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[meting bij dementie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumna Maartje Bregman verspreidt positief nieuws</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-maartje-bregman-verspreidt-positief-nieuws/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-maartje-bregman-verspreidt-positief-nieuws/</guid><pp:caseid>636775</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span><strong>Fontys for Society Event</strong></span><br><span>Maartje Bregman van </span><a href="file:///C:/Users/maart/Library/Containers/com.apple.mail/Data/Library/Mail%20Downloads/70F9A1A6-6267-4215-9101-79CA5103F741/happytimesmagazine.nl" target="_blank"><span>Happy Times</span></a><span> is keynotespeaker op de eerste editie van het </span><a href="file:///C:/Users/maart/Library/Containers/com.apple.mail/Data/Library/Mail%20Downloads/70F9A1A6-6267-4215-9101-79CA5103F741/fontysforsocietyevent.nl" target="_blank"><span>Fontys for Society Event</span></a><span>. Dat wordt op vrijdag 13 september gehouden op campus Rachelsmolen. Het thema: sustainable connections. Tijdens dit event komen studenten, medewerkers en werkveldpartners van Fontys samen om te laten zien hoe onderwijs en onderzoek bijdraagt aan een duurzame, vitale en inclusieve samenleving.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Alumna Maartje Bregman (25) is na haar studie Fysiotherapie in korte tijd uitgegroeid tot een enthousiaste ondernemer met een passie voor duurzaamheid. De zelfbenoemde klimaatoptimist weet mensen door heel Nederland te inspireren met haar talks, Happy Times Magazine, radioshow en Instagramposts.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:183/auto;width:183px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_logosporenverdiend-336971.jpg?x=1718634422414" alt="" width="183" height="auto">Sporten en gezonde voeding, dat is wat Maartje Bregman dreef toen ze na een jaar bewegingswetenschappen te hebben gestudeerd aan de Vrije Universiteit in Amsterdam overstapte naar de opleiding Fysiotherapie bij Fontys in Eindhoven. Maar ook hiervoor had ze niet de juiste motivatie, concludeerde de alumnus nog tijdens haar studie die ze twee jaar geleden afrondde. “Ik wilde geen fysiotherapeut worden zoals de andere studenten.”</span></p><p><span>Wat wilde ze dan wel? Het kwartje viel aan het begin van de coronapandemie. Bregman ging voor een weekend naar haar ouders in de buurt van Utrecht, maar ze moest er drie weken blijven vanwege de strenge regelgeving op dat moment. Om de tijd te doden -alles lag die eerste coronaweken stil, ook haar studie- ging ze veel wandelen, ondertussen luisterend naar podcasts. Haar mond viel regelmatig open van verbazing.</span></p><p><span><strong>Betekenis geven</strong></span><br><span>“Ik leerde veel over de opwarming van de aarde, CO2-uitstoot en de bio-industrie en ik voelde met elke podcast die ik luisterde de urgentie toenemen. ‘Waar ben ik eigenlijk mee bezig?’ vroeg ik me af. Een beetje bier drinken met mijn medestudenten in de kroeg en leren voor een vak dat ik niet wilde gaan uitoefenen. Ook blogde ik al sinds 2012 over gezonde voeding en sporten, maar het werd me duidelijk dat ik meer betekenis wilde geven aan mijn leven.”</span></p><p><span>Bregman zag in deze periode kans om een langgekoesterde wens in vervulling te laten gaan: het schrijven van een boek over gezonde voeding, fitheid en duurzaamheid. “Naast mijn studie dook ik in de boeken en leerde mezelf van alles over deze onderwerpen.” Het werd een ‘persoonlijke reis’ die negen maanden later eindigde in een boek en werkboek, De Kracht van Teruggeven, dat ze in eigen beheer uitbracht. “Hierin inspireer ik lezers hoe ze zelf gezonde en duurzame keuzes kunnen maken.”</span></p><p><span><strong>Beweging op gang brengen</strong></span><br><span>Alles deed ze zelf: de teksten, de vormgeving, de fotografie en de verkoop. 2.400 exemplaren liet Bregman drukken van haar spaargeld. “Bij 600 verkochte exemplaren zou ik uit de kosten zijn, en dat is me gelukt. Ik heb altijd een goede ondernemersmindset gehad.” Nog elke week verkoopt ze twee tot drie boeken. Ook geeft ze haar boek regelmatig cadeau aan bezoekers van haar talks waarvoor ze tegenwoordig steeds vaker wordt gevraagd. Maar destijds was het nog niet zo ver.</span></p><p><span>Na haar studie ging ze toch deels aan het werk als fysiotherapeut. “Op de andere dagen probeerde ik mijn eigen bedrijf op te zetten, maar in mijn hoofd liepen deze twee werelden volledig door elkaar heen.” De keuze om volledig voor zichzelf te kiezen werd uiteindelijk gemaakt toen ze zich aansloot bij de Jonge Klimaatbeweging. “Mijn vrije geest botste met de traditionele regels van mijn werkgever en dus stopte ik als fysiotherapeut in vaste dienst.” (</span><i><span>tekst gaat verder onder de foto</span></i><span>)</span></p><p><span>Een spannende keuze, herinnert de alumna zich. “Maar ik houd van nieuwe dingen proberen en avonturen aangaan. En ik verdiende voldoende als influencer om mijn huur te betalen en serieus werk te maken van mijn eigen bedrijf.” Kort daarna richtte Bregman Happy Times Magazine B.V. en Stichting Happy Times Foundation op, een steward-ownedbedrijf (zie verderop) dat op verschillende manieren positief klimaatnieuws brengt.&nbsp;</span></p><p><span>“Ik merkte aan mezelf dat al het negatieve nieuws in de media over het klimaat me verlamde. Maar niks doen was geen optie. Duurzaamheid is superurgent en er gebeurt genoeg om een positieve bijdrage te leveren.”&nbsp;</span></p><p><span>Sinds enige tijd gaat Bregman dan ook door het leven als klimaatoptimist. “Ik doe nog steeds hetzelfde als ik altijd al deed: positief nieuws delen over duurzaamheid. Dat doe ik via talks, Happy Times Magazine, het gelijknamige onlineplatform en Instagramaccount en een wekelijkse radioshow.” Met het verspreiden van positief nieuws over duurzaamheid hoopt ze dat zoveel mogelijk mensen het onderwerp gaan omarmen. “In je eentje kom je ver, maar met zijn allen kom je verder. Bovendien is het veel leuker om samen op te trekken.”</span></p><p><span><strong>In de details</strong></span><br><span>Haar bijdrage zit hem volgens de klimaatoptimist niet alleen in het delen van haar boodschap, maar ook in de details. Zo heeft ze met Happy Times Magazine gekozen voor het steward-ownership. “Dit wil zeggen dat het bedrijf van niemand is en er geen aandelen te koop zijn. Daarmee wordt de missie -inspireren, motiveren en informeren over duurzaamheid- gewaarborgd”, legt ze uit.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:309/auto;width:309px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1a4580b1-e201-45e1-8256-365227d7d6c5/800_maartjebregman-staandefoto.jpg?x=1718634801761" alt="Maartje Bregman: "Werk, reis, volg je passie."" width="309" height="auto">Daarnaast werkt Bregman geheel vrijwillig voor Happy Times Magazine, net als alle andere medewerkers. Haar inkomsten haalt ze uit haar talks voor bedrijven, brancheverenigingen en hogeronderwijsinstellingen. “Dat is geen vetpot, maar ik vind het veel belangrijker dat ik elke dag doe wat ik leuk vind en van betekenis ben.”</span></p><p><strong>Duurzame keuzes</strong><br><span>Hoe duurzaam is Bregman inmiddels zelf bezig? “Ik doe mijn best om binnen ons maatschappelijke systeem zo duurzaam mogelijk te leven. Ik draag bijvoorbeeld alleen nog tweedehands of eerlijk geproduceerde kleding, ik heb geen auto, vlieg zo min mogelijk en ik houd er een veganistische levensstijl op na.&nbsp;</span></p><p><span>Ook voor Happy Times Magazine maken we zoveel mogelijk duurzame keuzes. Een voorbeeld is de ‘light’ website. Hoe geavanceerder, hoe meer opslag, dus hoe meer uitstoot. Anderzijds kan het altijd beter. Ik reis veel met de trein, en ook daarmee laat ik een voetafdruk achter.”</span></p><p><span>Maar het hoeft niet perfect te zijn, benadrukt de klimaatoptimist om niemand te ontmoedigen. “Daarom kijk ik liever naar mijn handafdruk: dat is de positieve impact die je hebt op de aarde.” Ze denkt even na. “Natuurlijk maak ik me ook zorgen over onze toekomst. Daarom heb ik het positieve nieuws zo hard nodig. En ik weet niet of we het gaan redden met alles wat we doen. Maar daardoor laat ik me niet weerhouden om mijn bijdrage te leveren aan een mooiere wereld.”</span></p><p><span><strong>“Werk, reis, volg je passie”</strong></span><br><span>Huidige Fontysstudenten geeft ze het advies mee om zich niet te laten beperken door het curriculum van de opleiding. “Werk, reis, volg je passie. Het is oké als je je studie met een voldoende haalt in plaats van met een negen. Ontwikkel je daarnaast op andere vlakken, doe dingen die je interesseren, ga samenwerken met anderen en laat je zoveel mogelijk inspireren. En bovenal: ben niet bang voor mislukkingen. Daar leer je veel van.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[interview,FPH,Student,Alumni,Verbiesen,Sporen verdiend]]></category>
            <pubDate>Wed, 19 Jun 2024 11:15:19 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/d005e3cf-0aed-4714-925b-5afa4e57e651/500_maartjebregman-liggendefoto.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/d005e3cf-0aed-4714-925b-5afa4e57e651/500_maartjebregman-liggendefoto.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/d005e3cf-0aed-4714-925b-5afa4e57e651/maartjebregman-liggendefoto.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Maartje Bregman-liggende foto]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nikki werkt mee aan nieuwe, pijnloze screening borstkanker</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nikki-werkt-mee-aan-nieuwe-pijnloze-screening-borstkanker/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nikki-werkt-mee-aan-nieuwe-pijnloze-screening-borstkanker/</guid><pp:caseid>636421</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Jaren voordat het zover is, zien vrouwen er vaak al tegenop: de mammografie, een bevolkingsonderzoek naar borstkanker. Dit is een pijnlijke methode waar nu mogelijk een alternatief voor is bedacht, de Early Warning Scan. Vierdejaarsstudent MBRT Nikki Luiken is erbij betrokken.</strong></span></p><p><span>Het gaat nu goed met haar, maar een aantal jaren geleden werd bij de moeder van Nikki (21) borstkanker geconstateerd. Dat was de eerste kennismaking met mammografie. “Mijn moeder vond het onderzoek niet prettig”, zegt de studente. Het was voor Nikki reden om te kiezen voor de opleiding Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (MBRT) aan Fontys Paramedisch.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:445/auto;width:445px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/02268696-c022-4478-91e6-c2a10e1b5b40/800_nikkiluikenentomsanders.jpeg?x=1718291818140" alt="Nikki Luiken en Tom Sanders" width="445" height="auto">In haar afstudeerproject valt alles samen. “Dat ik een bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van een alternatieve manier van borstkankerscreening vind ik heel bijzonder. Mijn moeder is heel trots op me en heeft zich al aangemeld als vrijwillige proefpersoon voor de testfase van de Early Warning Scan.”</span></p><p><span>Deze scan is bedacht door Tom Sanders, die een achtergrond heeft in 3D-fotografie. </span>Hij heeft de scan bedacht nadat er bij zijn vrouw borstkanker werd geconstateerd, wat niet ontdekt was in het huidige bevolkingsonderzoek, waar zij al tien jaar aan deelnam.<span> Hij bedacht een vroegtijdige, pijnloze screening die voor alle vrouwen toegankelijk is en niet alleen voor vrouwen vanaf 50 jaar.</span></p><p><span><strong>Geen gemakkelijke klus</strong></span><br><span>Sinds eind 2019 is de Early Warning Scan in de ontwikkeling. Het is bijna zover dat hij kan worden getest op vrouwen. Daarvoor moet een onderzoeksprotocol worden geschreven waarmee Nikki nu bezig is. “In het protocol beschrijf ik alle stappen die gevolgd moeten worden om de kans op fouten te verkleinen en ethische richtlijnen te kunnen handhaven.”</span></p><p><span>Dat is geen gemakkelijke klus, weet ze. “Er zitten veel haken en ogen aan en er is veel wet- en regelgeving waar ik rekening mee moet houden. Daar moet ik heel zorgvuldig mee omgaan.” </span>Ook is het nodig dat er een niet-WMO-verklaring aangevraagd wordt, zodat de scan op een juiste manier getest kan worden, zonder dat het onder de Wet medisch wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO) valt.<span> “Daarmee moet ik ook rekening houden in het onderzoeksprotocol.”</span></p><p><strong>PITCH</strong><br><span>Gelukkig krijgt Nikki ondersteuning van een begeleider van PITCH, zegt ze. PITCH staat voor Platform to Innovate, Test & Connect in Health. Het platform verbindt zorg-innoverende bedrijven en zorgaanbieders met studenten en docentonderzoekers van Fontys Paramedische Hogeschool. “PITCH was ook bezig om contact te leggen met Tom Sanders, zodoende is het allemaal heel snel gegaan.”</span></p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:305/auto;width:305px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a94539f4-6dfd-45a0-a19b-f02a631fefac/800_earlywarningscan-2.jpeg?x=1718291866707" alt="De Early Warning Scan" width="305" height="auto"><span>Inmiddels heeft Nikki veel mensen gesproken en is ze naar eigen zeggen goed op weg met haar afstudeerproject. Voor de zomervakantie hoopt ze het onderzoeksprotocol te hebben afgerond. Nikki hoopt dat de Early Warning Scan voor haar dertigste in het bevolkingsonderzoek naar borstkanker is opgenomen. Dat is de adviesleeftijd waarop artsen haar hebben aangeraden zichzelf vroegtijdig te laten screenen op de ziekte. “Als de screening met de nieuwe scan zou kunnen plaatsvinden, zou ik dat een fijn idee vinden.”</span></p><p><strong>Jonge vrouwen</strong><br><span>Toch is ze zich ervan bewust dat met het scanapparaat geen diagnose gesteld kan worden. “Er kunnen wel afwijkingen gesignaleerd worden waarmee je het advies kunt krijgen om je verder te laten onderzoeken. En het grootste voordeel is dat deze methode pijnloos is, zonder straling werkt en eenvoudig kan worden uitgevoerd.”</span></p><p><span>“Een deel van de vrouwen laat zich nu niet onderzoeken omdat de mammografie geen prettig onderzoek is. Dat willen ze voorkomen met de Early Warning Scan”, aldus Nikki. “</span>En ik vind het vooral belangrijk dat jongere vrouwen ook meegenomen kunnen worden in het bevolkingsonderzoek met de Early Warning Scan. Met het huidige bevolkingsonderzoek is dat pas vanaf 50 jaar.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FPH,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,Onderzoek Techniek,Verbiesen,PRO Gezondheidszorg,PRO Techniek]]></category>
            <pubDate>Mon, 17 Jun 2024 15:54:32 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/500_earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/500_earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/341a7991-de5e-4c1a-ae73-d9c23ddc15cb/earlywarningscan-1-liggend.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Early Warning Scan-1-liggend]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Eén miljoen voor studie om beroertes te voorkomen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/een-miljoen-voor-studie-om-beroertes-te-voorkomen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/een-miljoen-voor-studie-om-beroertes-te-voorkomen/</guid><pp:caseid>622763</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span><strong>Rise </strong>staat voor </span><i><span>Reduce and Interrupt Sedentary behaviour using a blended behaviour intervention to Empower people at risk towards sustainable movement behaviour change</span></i><span>. Het onderzoek wordt uitgevoerd binnen de Academische Werkplaats Fysiotherapie, een structurele samenwerking in onderzoek, innovatie en onderwijs tussen UMC Utrecht, Fontys Paramedisch, Hogeschool Utrecht en Leidsche Rijn Julius Gezondheidscentra (LRJG). Daarnaast zijn nog andere partners betrokken waaronder een zestal ziekenhuizen en negentien eerstelijnspraktijken voor fysiotherapie. ZonMw financiert het onderzoek. Deze organisatie stimuleert met gerichte subsidieprogramma's innovatie in de gezondheidszorg.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Fontys heeft met een aantal partners ruim 1 miljoen euro subsidie ontvangen voor een vervolgonderzoek naar de verbetering van leefstijl na een beroerte. “Het doel van deze studie is de kans op nieuwe gezondheidsproblemen na een beroerte te verkleinen. Als dat lukt, dan zal dat enorme maatschappelijke impact hebben”, voorspelt projectleider Yvonne Hartman van Fontys Paramedisch.</strong></span></p><p><span>Jaarlijks worden in Nederland 40.000 mensen getroffen door een beroerte. Van die groep krijgt ongeveer 25 procent binnen een jaar opnieuw te maken met een ‘cardiovasculair event’, zoals een TIA, beroerte of hartinfarct. De gezondheidsproblemen die zij hieraan overhouden, hebben een enorme impact op het leven van patiënten en dat van hun families en vrienden.</span></p><p><span>Bovendien is bij een volgende beroerte de kans groot dat de fysieke en cognitieve gevolgen groter zijn. Denk aan concentratieverlies, moeilijker kunnen bewegen van armen of benen of zelfs een halfzijdige verlamming. Dit brengt hoge zorgkosten met zich mee.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/60c86dc9-29ac-419f-a33c-fd77479d38e6/500_mfpisters2-klein.jpg?x=1709567212921" alt="Martijn Pisters" width="200">In het voorafgaande onderzoek genaamd RISE hebben Martijn Pisters, lector Empowering Healthy Behaviour bij Fontys Paramedisch en verbonden aan het UMC Utrecht, en biomedisch wetenschapper Yvonne Hartman van Fontys Paramedisch gekeken naar het beweeggedrag van mensen die een beroerte hebben gehad. Daaruit kwam naar voren dat een grote groep te veel zit en te weinig beweegt. &nbsp;Dit vergroot de kans op een nieuw cardiovasculair event of overlijden.</span></p><p><span><strong>Maatschappelijke impact</strong></span><br><span>Volgens Hartman beweegt slechts één op de vier mensen voldoende nadat ze een beroerte hebben gehad. “Bewegen is heel belangrijk. Ook als sporten niet meer mogelijk is, is elk beweegmoment evident om een nieuwe beroerte te voorkomen. Daar zijn veel patiënten zich onvoldoende bewust van”, weet Hartman.</span></p><p><span>Daarom hebben Pisters en Hartman de Rise-interventie ontwikkeld. Met het vervolgonderzoek wil de onderzoeksgroep onder hun leiding de dagelijkse balans in zit-, beweeg- en slaapgedrag van beroertepatiënten verbeteren. “Het doel van deze studie is de kans op nieuwe gezondheidsproblemen na een beroerte te verkleinen. Als dat lukt, dan zal dat veel maatschappelijke impact hebben”, aldus Hartman.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:332/auto;width:332px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9bfbc7bf-bb5f-47b6-bc92-efd2f69ffe65/800_yvonnehartman.jpg?x=1709567235939" alt="Yvonne Hartman" width="332" height="auto">Door de nieuwe subsidie van ruim 1 miljoen euro kunnen de onderzoekers het Rise-project de komende tijd opschalen door uit te breiden naar andere regio’s en de samenwerking aan te gaan met neurologen, revalidatieartsen en verpleegkundig specialisten in twintig ziekenhuizen en zo’n vijftig tot zestig fysiotherapeuten uit de eerste lijn.</span></p><p><span>De deelnemende fysiotherapeuten worden speciaal geschoold om dit onderzoek te kunnen uitvoeren. “Dat geeft wel aan hoe vernieuwend de interventie is”, aldus Hartman. “Ze doen geen oefeningen met de patiënten, maar gaan met hen in gesprek over hoe zij hun leefstijl kunnen veranderen. De nadruk ligt op de coachende rol van de fysiotherapeut.”</span></p><p><span><strong>Duizend patiënten</strong>&nbsp;</span><br><span>Maar liefst duizend patiënten zullen de komende drie jaar worden gevolgd. “Die aantallen helpen om te analyseren hoe goed de Rise-interventie werkt op het voorkomen van nieuwe gezondheidsproblemen.” Daarnaast wordt er gekeken naar de kosteneffectiviteit. “Als de interventie kosteneffectief blijkt, willen we in gesprek gaan met zorgverzekeraars zodat de behandeling vanuit het basispakket vergoed wordt.”</span></p><p><span>Het onderzoek werkt ook door in het onderwijs op Fontys Hogeschool. In het eerdere onderzoek was al een promovendus betrokken en in de vervolgstudie komen er nog twee onderzoekers bij die de metingen gaan uitvoeren. Verder draaien er verschillende projecten om studenten mee te nemen in deze nieuwe ontwikkelingen.</span></p><p><span>“Het gaat om een actueel en urgent vraagstuk, wat het bijzonder interessant maakt voor onze studenten”, aldus Hartman, die ook verbonden is aan de Learning Community Empowering Healthy Behaviour in de afstudeerfase van Fontys Paramedisch. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH,Onderzoek Algemeen,FHMG]]></category>
            <pubDate>Tue, 05 Mar 2024 09:42:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a2803714-e7b3-4e4f-aebf-0abe583aa759/500_shutterstock-2216879681.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a2803714-e7b3-4e4f-aebf-0abe583aa759/500_shutterstock-2216879681.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a2803714-e7b3-4e4f-aebf-0abe583aa759/shutterstock-2216879681.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[zorg fysiotherapie verpleegkunde]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[shutterstock]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Grip op geluid in sportzalen om gehoorschade te voorkomen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/grip-op-geluid-in-sportzalen-om-gehoorschade-te-voorkomen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/grip-op-geluid-in-sportzalen-om-gehoorschade-te-voorkomen/</guid><pp:caseid>620244</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Donderdag 15 februari besteedt onderzoeksprogramma </span><a href="https://pointer.kro-ncrv.nl/uitzendingen" target="_blank"><span>Pointer</span></a><span> een uitzending aan dit onderwerp. Hierin komt ook docentonderzoeker Saskia Tuinder aan het woord.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Veel vakleerkrachten bewegingsonderwijs hebben last van hoge geluidsniveaus. Hoofdpijn, concentratieverlies en overprikkeling komen veelvuldig voor. “Met het onderzoek Grip op geluid willen we een bijdrage leveren aan een gezonde werkomgeving”, aldus docentonderzoeker Saskia Tuinder.</strong></span></p><p><span>Je herkent het vast wel: na een (paar) uur sporten in een volle sporthal ben je moe, en niet alleen door de lichamelijke inspanning. Meestal komt dat door de akoestiek in de sportzaal. Die is vaak niet optimaal. We staan er alleen niet bij stil, want we denken dat het erbij hoort. Maar dat is niet zo, weet Saskia Tuinder inmiddels. &nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/563a81e8-790d-4e11-b441-d2e344b3cdf7/500_saskiatuinder.jpg?x=1707400565765" alt="Saskia Tuinder" width="200">De docentonderzoeker bij Fontys Paramedisch doet samen met een groot aantal partijen onderzoek naar de akoestiek in sportzalen en het effect dat dit heeft op vakleerkrachten bewegingsonderwijs. De meeste mensen knappen snel op na het sporten, maar dat geldt niet voor een gymleraar. De sporthal is zijn werkplek en hij geeft ook nog eens les aan kinderen in het primair onderwijs.</span></p><p><span>De onderzoeksgroep deed het afgelopen anderhalf jaar geluids- en akoestische metingen in sporthallen en gehoormetingen bij vakleerkrachten bewegingsonderwijs. Ook nam ze vragenlijsten af. “Veel van de vakleerkrachten gaven aan aanzienlijke last te ervaren van hoge geluidsniveaus”, vertelt Tuinder.</span></p><p><span>“Hoofdpijn, concentratieverlies en stemproblemen komen voor. Net als overprikkeling en stress. Een op de drie ondervraagde vakleerkrachten ervaart een piep in het oor, gemiddeld is dat een op vijf bij mensen in dezelfde leeftijdsgroep. Blootstelling aan hoge geluidsniveaus kan op lange termijn voor onherstelbare gehoorschade zorgen. Die sluipt er vaak geleidelijk in, waardoor je het niet in de gaten hebt.”</span></p><p><span><strong>App voor geluidsmetingen</strong></span><br><span>Bij het onderzoek zijn stakeholders betrokken, waaronder gehoor- en geluidsspecialisten, de vakvereniging KVLO, diverse gemeenten, NOC*NSF en verschillende Fontysinstituten. Zo gaan onderzoekers van Fontys Sport en Bewegen het werkveld in en heeft Fontys Toegepaste Natuurwetenschappen geluidsmetingen gedaan. Studenten van Fontys ICT zijn bezig met het ontwikkelen van een app waarmee vakleerkrachten zelf geluidsmetingen kunnen doen, zodat ze weten hoe groot de belasting is waaraan ze worden blootgesteld in hun werkomgeving. “Als deze te hoog is, kunnen ze het gesprek aangaan met hun werkgever”, aldus Tuinder. </span><i><span>[De tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p>&nbsp;</p><p><span>Een sportzaal moet voldoen aan de norm voor bouwakoestiek. Een ruimte mag namelijk niet te veel galmen. Voldoet een ruimte hier aan, dan zegt dat nog niets over een veilig geluidsniveau weet Tuinder. Daar zijn Arbonormen voor die wettelijk zijn vastgelegd. Een werknemer is verplicht gehoorbescherming te gebruiken als de dagelijkse blootstelling gemiddeld hoger is dan 85 decibel (dB). “We hebben metingen gedaan bij verschillende sportzalen in Nederland. Bij de slechtst presterende accommodatie maten we een daggemiddelde van 92 dB, met uitschieters naar 130 dB.”</span></p><p><span><strong>Akoestische panelen</strong></span><br><span>Daar valt volgens de docentonderzoeker wel wat aan te doen. Beheerders van de gebouwen, meestal zijn dat gemeenten, kunnen de akoestiek van sportzalen onder meer verbeteren door het aanbrengen van akoestische wand- en plafondpanelen. “Die absorberen het geluid en verminderen zo de galm in een ruimte. Het helpt enorm om de akoestiek aan te passen. Uit ons onderzoek is gebleken dat een ruimte daardoor als veel aangenamer en rustiger wordt ervaren.” </span><i><span>[De tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Een andere preventieve maatregel is gehoorbescherming. “De helft van de door ons ondervraagde vakleerkrachten weet niet dat ze van hun werkgever recht heeft op gehoorbescherming. Met het onderzoek willen we bewustwording creëren. Niet alleen bij vakleerkrachten bewegingsonderwijs, maar ook bij schoolbesturen, beleidsmakers, opleiders en studenten. Door het probleem in beeld te brengen en te agenderen willen we een bijdrage leveren aan een gezonde werkomgeving.” De onderzoeksgroep komt voor de zomer met haar aanbevelingen. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Gezondheid,Onderzoek,Onderzoek Gezondheid,FPH,FHTN,FHICT,FSH]]></category>
            <pubDate>Fri, 09 Feb 2024 10:44:54 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a4c3da8a-4a79-438c-a5e2-debc65c50ea8/500_sport-vakleerkracht-bewegingsonderwijs-gymdocent-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a4c3da8a-4a79-438c-a5e2-debc65c50ea8/500_sport-vakleerkracht-bewegingsonderwijs-gymdocent-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a4c3da8a-4a79-438c-a5e2-debc65c50ea8/sport-vakleerkracht-bewegingsonderwijs-gymdocent-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Sport-vakleerkracht-bewegingsonderwijs-gymdocent-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Postcovid beperkt studie en werk bij Fontys</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/postcovid-beperkt-studie-en-werk-bij-fontys/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/postcovid-beperkt-studie-en-werk-bij-fontys/</guid><pp:caseid>619218</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Kamp jij ook met postcovid? Dan kun je de onderzoekers helpen door de </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fforms.office.com%2FPages%2FResponsePage.aspx%3Fid%3DZWdrxpS3K0qE7YRbNBwIaoSmMaWxtVFNq0JYlpSu3zNUOVg5Q0RKTFBLNlhKWDJaS04wSDJaS1o2MC4u%26origin%3DQRCode&data=05%7C02%7Cm.verbiesen%40fontys.nl%7Cd14cfa91018742c4d20908dc21661f9a%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638421969704539261%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=61GOmt3%2B4%2FmomqIjnnlwgN6ttFPm2N7CXygv7nkbCPo%3D&reserved=0" target="_blank"><span>enquête</span></a><span> in te vullen. Daarnaast kun je terecht bij het Fontys Centre of Health and Movement (FCHM) via </span><a href="mailto:fchm@fontys.nl" target="_blank"><span>fchm@fontys.nl</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Corona lijkt voor velen alweer lang geleden. Dat geldt niet voor mensen die met postcovid kampen. Ook binnen Fontys worstelen studenten en medewerkers nog altijd met de gevolgen van een besmetting. Het is onduidelijk waar zij tegenaan lopen en waar zij behoefte aan hebben. Reden om een onderzoek te starten.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9b3536a1-c261-47ef-b729-92669190ddf9/500_leonivandijk2-r.jpg?x=1706621461264" alt="Leoni van Dijk " width="200">Even wat cijfers op een rij: naar schatting hebben&nbsp;450.000 Nederlanders postcovid. 90.000 mensen zijn ernstig beperkt. Fontys telt ongeveer 40.000 studenten en 5.000 medewerkers. Hoeveel van hen kampen met postcovid en tegen welke beperkingen lopen zij aan? Daar gaat een onderzoeksgroep van Fontys Paramedisch zich over buigen. Daarna wordt het onderzoek buiten Fontys voortgezet.</span></p><p><span>Het promotieonderzoek wordt geleid door Leoni van Dijk. De docentonderzoeker van Fontys Paramedisch merkt op dat er inmiddels veel studies zijn verschenen over postcovid, maar dat er amper onderzoek is gedaan naar de impact ervan onder jongvolwassenen. “Dat is onze doelgroep. Daarom zien we het als onze maatschappelijke opdracht om hier praktijkgericht onderzoek naar te doen.”</span></p><p><span>Doel is om meer inzicht te krijgen in de klachten en de dagelijkse beperkingen. “Wat is de impact op de kwaliteit van leven van studenten? Tegen welke uitdagingen lopen ze aan? Welke ondersteuningsbehoeften hebben zij? Daarbij richten we ons op de sociale, emotionele en fysieke beperkingen die zij ervaren”, aldus Van Dijk. “Als we meer inzicht krijgen in hun beperkingen en behoeften, kunnen we betere ondersteuning bieden.”</span></p><p><span><strong>Onvoldoende gehoord</strong></span><br><span>Bij postcovid gaat het om aanhoudende klachten als vermoeidheid, problemen met het verwerken van prikkels, hoofdpijn, kortademigheid bij inspanning, verminderde reuk, spierpijn en slaapproblemen. Uit eerste gesprekken met verschillende medewerkers en studenten blijkt dat de doelgroep binnen Fontys zeer divers is en uiteenlopende ervaringen en behoeften heeft rondom de gezondheid. Volgens Van Dijk voelen veel jongvolwassenen met postcovid zich onvoldoende gehoord.</span></p><p><span>Dat geldt ook voor deeltijdstudent Bart Wijten. Hij volgt de opleiding tot Leraar Consumptieve Technieken bij Fontys. “In eerste instantie stuitte ik op veel onbegrip, vooral vanuit mijn werkgever. Ze dachten dat de klachten werden veroorzaakt door een burn-out die ik eerder heb gehad. Maar voor mij waren de klachten die ik overhield na corona heel anders. Uiteindelijk is mijn contract niet verlengd.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/6305fa05-51ee-419b-a183-999bbc6855a9/500_bartwijten.jpg?x=1706621670244" alt="Bart Wijten" width="200">Bart was een van de eerste in Nederland die besmet werd met het virus. Er was toen nog maar weinig over bekend. “Ik was jong en iedereen dacht dat ik wel beter zou worden. De focus lag vooral op oudere mensen.” Weken werden maanden en maanden werden jaren. Nog altijd kampt de deeltijdstudent met vermoeidheid, benauwdheid en concentratie- en geheugenproblemen</span></p><p><strong>Balansen</strong><br><span>Toen corona hem in zijn greep kreeg, zat Bart in zijn derde studiejaar. Hij werkte drie dagen op een school en ging één dag naar school, de andere dagen studeerde hij. Dat veranderde doordat zijn klachten niet overgingen. Het eerste jaar na de besmetting kon hij helemaal niets, het jaar erna werkte hij een halve dag, vorig jaar werd dat anderhalve dag en inmiddels zit hij in zijn oude ritme. “Maar het is elke dag ‘balansen’ om mijn dagen door te komen.”</span></p><p><span>Hij is nog even ver met zijn studie als voor corona. Toch is Bart vastbesloten om zijn opleiding af te ronden. Daar heeft hij wel de hulp van Fontys bij nodig. “Wat ik fijn vind is het regelmatige contact met de decaan. En ik word begeleid door een studentpsycholoog, maar die zie ik weinig omdat deze het erg druk heeft. Waar ik nu tegenaanloop, is dat mensen aan de buitenkant niet zien wat er met me aan de hand is. Docenten weten wel dat ik postcovid heb, maar vergeten dat ook snel weer.”</span></p><p><span><strong>Enquête</strong></span><br><span>De onderzoeksgroep van Leoni van Dijk heeft al een eerste aanzet gemaakt naar het promotieonderzoek. Noah Bongers, student fysiotherapie, heeft een </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fforms.office.com%2FPages%2FResponsePage.aspx%3Fid%3DZWdrxpS3K0qE7YRbNBwIaoSmMaWxtVFNq0JYlpSu3zNUOVg5Q0RKTFBLNlhKWDJaS04wSDJaS1o2MC4u%26origin%3DQRCode&data=05%7C02%7Cm.verbiesen%40fontys.nl%7Cd14cfa91018742c4d20908dc21661f9a%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638421969704539261%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C0%7C%7C%7C&sdata=61GOmt3%2B4%2FmomqIjnnlwgN6ttFPm2N7CXygv7nkbCPo%3D&reserved=0" target="_blank"><span>enquête</span></a><span> opgesteld en deze is verspreid onder studenten en medewerkers van Fontys. De vragen gaan onder andere over lichamelijke klachten, zorgbehoefte, mentaal welbevinden, het dagelijkse leven en participatie. “Het doel van de vragenlijst is om de grootte van het probleem binnen onze organisatie in kaart te brengen”, aldus Van Dijk.</span></p><p><span>Ook Bart heeft de vragenlijst ingevuld. Hij wil graag meewerken aan het onderzoek, zodat de situatie van studenten en medewerkers met postcovid verbeterd kan worden. “Ik kan nu niet bij iedereen op begrip rekenen. Dat snap ik ook wel. Maar het voelt heel eenzaam. Ik sta wel ingeschreven, maar wordt onvoldoende gezien en gehoord. Ik wil graag weer als volwaardige student worden gezien, mijn bachelor halen en de docent worden die ik voor ogen heb.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH,Onderzoek Gezondheid,PRO Gezondheid,PRO Welzijn]]></category>
            <pubDate>Tue, 30 Jan 2024 14:36:58 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/00e630c3-ac90-498f-a954-c00f84e00040/500_postcovid-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/00e630c3-ac90-498f-a954-c00f84e00040/500_postcovid-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/00e630c3-ac90-498f-a954-c00f84e00040/postcovid-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[postcovid-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Skillslab echografie</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/wat-doe-jij-hier-skillslab-echografie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/wat-doe-jij-hier-skillslab-echografie/</guid><pp:caseid>612412</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Wie: Hamza Ben Abderrahmane</span><br><span>Wat: skillslabbeheerder</span><br><span>Waar: Fontys Paramedisch</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Wat gebeurt er in de honderden verschillende lokalen en ruimtes van een campus? In deze rubriek worden de krochten van Fontys opgezocht, worden deuren die normaal gesloten blijven geopend en vertellen zowel medewerkers als studenten wat zij in een bepaalde ruimte aan het doen zijn.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_logowatdoejijhier.png?x=1701271058659" alt="">“Wat een skillslabbeheerder doet? Binnen Fontys Paramedisch hebben we verschillende lokalen ingericht met medische apparatuur waarmee studenten kunnen oefenen. Ik beheer de </span><i><span>skillslabs</span></i><span> van de opleidingen Fysiotherapie en Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (BMRT). Ook ben ik IT-contactpersoon.</span></p><p><span>Met de verhuizing naar campus Rachelsmolen vorige week hebben we veel nieuwe apparatuur aangeschaft. Dat moet ook wel, studenten moeten hun opgedane kennis meteen kunnen toepassen in het werkveld. Sommige apparaten zijn zelfs nieuwer dan waarmee ze in ziekenhuizen werken.</span></p><p><span>Ik onderhoud de medische apparatuur en de software en verhelp storingen. Ik kan bijna alles oplossen. Daarvoor volg ik intensieve cursussen. Aan de oude apparatuur had ik best veel werk, nu gaat het al twee weken goed. Alhoewel, ik ben de hele ochtend bezig geweest met het verhelpen van een netwerkprobleem in het skillslab echografie. Inmiddels is het probleem opgelost.</span></p><p><span>Ik zit bij Fontys in een warm bad. Vanmiddag nog heb ik met collega’s geluncht om mijn 25<sup>ste</sup> dienstjaar te vieren, maar eigenlijk zijn het er al 27. Ik krijg veel waardering van mijn collega’s en het bestuur.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Watdoejijhier,FPH]]></category>
            <pubDate>Wed, 29 Nov 2023 16:29:48 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/aeb267c4-e121-49c5-bbf0-9c632c9713c8/500_hamzabenabderrahmane.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/aeb267c4-e121-49c5-bbf0-9c632c9713c8/500_hamzabenabderrahmane.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/aeb267c4-e121-49c5-bbf0-9c632c9713c8/hamzabenabderrahmane.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Hamza Ben Abderrahmane]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Maak stress en prestatiedruk onder studenten bespreekbaar&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/maak-stress-en-prestatiedruk-onder-studenten-bespreekbaar/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/maak-stress-en-prestatiedruk-onder-studenten-bespreekbaar/</guid><pp:caseid>577127</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>Morgen worden bij Fontys in Den Bosch de resultaten van een landelijk onderzoek naar stress en prestatiedruk onder studenten gepresenteerd. Die resultaten worden dan officieel </span></i><a href="https://bron.fontys.nl/studentenwelzijn-brengt-koningin-maxima-naar-fontys/" target="_blank"><i><span>overhandigd</span></i></a><i><span> aan koningin Máxima en minister Dijkgraaf. De bevindingen van het projectteam van Fontys Pedagogiek zijn in dat onderzoek meegenomen.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Bespreekbaar maken. Dat is het allerbelangrijkste als het gaat om stress en prestatiedruk onder studenten, zo stellen de projectleider en de studenten die meehelpen bij het project rond studentenwelzijn van Fontys Pedagogiek.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Stapelen. Dat is wat deze generatie studenten op dit moment doet. Maar dan wel het soort stapelen dat voor niemand gezond is: stress over de woningmarkt, stress over geld, stress over de toekomst. Prestatiedruk rond hun studie. Prestatiedruk op sociaal vlak. Eenzaamheid. Er wordt wat afgestapeld. Sommigen gaan daar goed mee om, maar heel wat studenten komen er ook psychisch door onder druk te staan.</span></p><p><span>“Wij worden opgeleid tot pedagogen. En wat we daar leren is dat je als pedagoog zelf het instrument bent dat je inzet om iemand te helpen. Maar als jij zelf niet goed in je vel zit, kun je dat instrument dus ook helemaal niet gebruiken.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a6e344ec-f062-4e3a-8156-c41efa4990e3/500_jelmer1.jpg?x=1686605024576" alt="Jelmer Fieret">Dat zegt Jelmer Fieret, derdejaars Pedagogiek-student bij Fontys in Den Bosch. Hij is een van de studenten die meewerken aan het project dat ruim anderhalf jaar geleden door Fontys Pedagogiek rond studentwelzijn is begonnen. De coronacrisis had er flink ingehakt bij heel wat studenten en de NPO-gelden die het rijk beschikbaar stelde om daar iets aan te doen, werden door Pedagogiek ingezet om een speciaal team rond dit thema twee jaar lang aan een project te laten werken.&nbsp;</span></p><p>Een heel zinnige besteding, zo blijkt uit de woorden van Jelmer. Ja, Fontys deed en doet natuurlijk al wel veel op dit vlak. Denk bijvoorbeeld aan Fontys Helpt. Maar het kan nog beter. “En daarvoor is helemaal niet veel geld nodig. Met kleine ingrepen zouden al heel wat resultaten geboekt kunnen worden”, denkt Jelmer.&nbsp;</p><p>“Het gaat erom dat het normaal wordt om over deze problematiek te praten. Dat het bespreekbaar is. En graag ook dat er professionals zijn waar je bij terecht kunt. Want doorvragen is heel belangrijk. Anders kom je in gesprekken nooit verder dan ‘Ja, het gaat wel’, terwijl er van alles aan de hand is. Met die persoon, met alles wat er rond hem of haar privé en rond de studie aan stress en prestatiedruk komt kijken. En dan staat ondertussen ook nog de wereld in de fik."</p><p><strong>Losse stukjes</strong><br>Daphne Pommé is tweedejaars student in Sittard. Zij stelt zelf ook aan den lijve de stress en prestatiedruk te ondervinden.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/bafa162c-1c8b-4ecb-8f81-439e03aca3c8/500_fotodaphnepommeacute.jpg?x=1686605185423" alt="Foto Daphne Pommé">“Zeker. Het zijn allemaal heel veel kleine losse stukjes. Je stage, een stukje schrijven, samenwerken met andere studenten. En dan zit ik ook nog in de centrale medezeggenschap en net als Jelmer in de opleidingscommissie van Pedagogiek. Waarom ik dan die laatste dingen nog erbij doe? Omdat ik zie hoe belangrijk het is voor studenten.”</p><p>Daphne onderschrijft wat Jelmer zegt over wat er al is bij Fontys en wat nog beter kan. “Er is dan misschien wel van alles beschikbaar binnen Fontys, maar de vindbaarheid is een probleem. Die moet groter zijn. En de drempel om naar iemand toe te stappen moet veel lager worden.”</p><p>Jelmer: “Alleen al door bijvoorbeeld tijdens de lessen een of een paar keer per week hier aandacht aan te besteden kan al heel veel verschil maken. Want het is natuurlijk niet zo dat iedereen meteen een studentenpsycholoog nodig heeft. Erover praten met je studiegenoten, met docenten, decanen of professionals kan al heel veel helpen. Ook preventief.”</p><p><strong>Bewustzijn</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/cdb9b5d7-ae6e-49f2-b70b-244380674855/500_heidi3.jpeg?x=1686605108160" alt="Heidi van den Hout">Dat is ook wat het projectteam onder leiding van Heidi van den Hout na ruim anderhalf jaar als een van de conclusies kan trekken. “Zo'n project heeft tijd nodig. Je inventariseert eerst wat er hier en elders al gebeurt op dit vlak, wat goed gaat en wat niet. En vervolgens ga je aan de slag. We hebben van alles georganiseerd om het bewustzijn van studentenwelzijn te vergroten. Een masterclass, warm welkom na de stage, webinars - ook voor medewerkers. En deze maand nog twee interactieve theatervoorstellingen over prestatiedruk en stress, om daarover daarna met studenten in gesprek te gaan.”</p><p>“En uiteraard gesprekken met studenten. En we verbinden hen aan projecten. We willen ze hier in meenemen, want het gaat tenslotte over hen”, stelt Van den Hout. “Wat we doen is de randvoorwaarden creëren zodat de studenten elkaar kunnen ontmoeten en het gesprek hierover kunnen aangaan."&nbsp;</p><p>In november eindigt voor Van den Hout het project waar zij leider van is. Dan is haar tweejarig contract verstreken. Maar het werk van het projectteam, zo stelt zij, houdt daarmee niet op. “We hebben in elk geval voor elkaar gekregen dat de welzijnsambassadeurs die we op de vier lesplaatsen van Pedagogiek hebben aangesteld ook in het studiejaar 2023/2024 daar aanwezig blijven.”</p><p>"Ik hoop dat de bevindingen van ons projectteam bij Fontys geborgd worden en blijven. Dat is echt heel belangrijk. En niet alleen bij Pedagogiek. Aandacht voor studentenwelzijn moet tot het dna van iedere opleiding gaan behoren.” [<i>Jan Ligthart</i>]</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FPH,Pabo,Sittard,Den Bosch,Tilburg,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Tue, 13 Jun 2023 12:00:38 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/500_adobestock-206759950.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/500_adobestock-206759950.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/46b6c276-dfd8-4a73-a666-4a2dd4a0a22b/adobestock-206759950.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[stress student studeren studie]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Tired student trying to study in the night at home]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Studentenwelzijn brengt koningin Máxima naar Fontys</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studentenwelzijn-brengt-koningin-maxima-naar-fontys/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studentenwelzijn-brengt-koningin-maxima-naar-fontys/</guid><pp:caseid>576589</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Koningin Máxima brengt aanstaande woensdag een bezoek aan Fontys Pedagogiek in Den Bosch. Eerder was al bekend dat ook minister Dijkgraaf daar dan aanwezig is. Samen nemen zij de resultaten in ontvangst van een onderzoek naar stress en prestatiedruk onder studenten. Aan dat onderzoek heeft ook Fontys een bijdrage geleverd.&nbsp;</strong></p><p>Harder, Better, Faster, Stronger? heet het onderzoek naar het onder druk staan van het studentenwelzijn in het hoger onderwijs. Het onderzoek is uitgevoerd door Trimbos<span>- instituut</span>, Expertisecentrum inclusief onderwijs (E<span>CIO</span>) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.&nbsp;</p><p>Het onderzoeksrapport geeft aan waar de oorzaken van al die prestatiedruk en stress vandaan komt en doet ook suggesties over of deze te voorkomen of verminderen zijn. Dat de minister hiervoor naar Den Bosch komt, is logisch. Maar al net zo logisch is de komst van de koningin, aangezien zij erevoorzitter is van MIND Us, <span style="text-align:start;">een organisatie die ernaar streeft dat jongeren grip krijgen op hun mentale gezondheid.&nbsp;</span></p><p><span style="text-align:start;">Ook de keuze voor Fontys als locatie voor de overhandiging is niet toevallig. Twee jaar geleden is een speciaal projectteam onder leiding van Heidi van den Hout, speciaal voor dit project met NPO-gelden binnengehaald voor de duur van twee jaar, aan de slag gegaan met studentenwelzijn bij&nbsp;</span> Fontys Pedagogiek. Dat project is vrijwel afgerond nu. De afgelopen week vonden nog twee themadagen plaats in Den Bosch en Eindhoven, waarbij studenten aan de hand van een knap in elkaar gezette toneelopvoering de discussie aangingen over stress en prestatiedruk.&nbsp;</p><p>Van den Hout, maar ook andere docenten en studenten van Fontys hebben als experts meegedaan in de zogenaamde expertrondes waarin landelijk informatie werd opgehaald rond dit thema. De uitkomsten daarvan zijn in het onderzoeksrapport verwerkt.&nbsp;</p><p>Die uitkomsten maar zeker ook de resultaten van bovengenoemde projectgroep bij Fontys worden de komende tijd Fontysbreed ingezet en toegepast om ‘een blijvende impuls aan studentenwelzijn’ te geven. [<i>Jan Ligthart</i>]</p><p><i>foto: RVD</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FPH,PRO Onderwijs,PRO Welzijn,PRO Gezondheid,PRO Educatie]]></category>
            <pubDate>Thu, 08 Jun 2023 13:47:04 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/79d7d436-6584-4c51-9df1-998b1d320bbe/500_koningin-maxima-okt-15-l.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/79d7d436-6584-4c51-9df1-998b1d320bbe/500_koningin-maxima-okt-15-l.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/79d7d436-6584-4c51-9df1-998b1d320bbe/koningin-maxima-okt-15-l.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[koningin-maxima-okt-15-l]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Night of the Nerds verbindt scholieren en technologie</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/night-of-the-nerds-verbindt-scholieren-en-technologie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/night-of-the-nerds-verbindt-scholieren-en-technologie/</guid><pp:caseid>576472</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Duizenden middelbare scholieren en mbo’ers dompelen zich woensdag onder in de wereld van technologie tijdens Night of the Nerds in het Klokgebouw op Strijp-S. Met tientallen workshops, techtalks en allerhande technische proefjes worden de jonge bezoekers klaargestoomd voor een toekomst met technologie.</strong></span></p><p><span>Radiografische wagens besturen, gamen, muziek componeren met codes, wandelen op de hoogste gebouwen dankzij een VR-bril en op de foto met PSV-icoon Luuk de Jong. Het kan woensdag allemaal tijdens Night of the Nerds, een evenement dat bol staat van de laatste technische ontwikkelingen.</span></p><p><span>Die technische ontwikkelingen hebben alles te maken met Dutch Technology Week, waar deze dag onderdeel van uitmaakt. De missie: jongeren op een aantrekkelijke manier inspireren, bewustmaken en enthousiasmeren voor de kracht en impact van technologie, creativiteit en maken. Iets waar oud Mechatronica-student Bart zich graag voor inzet. “Zelf heb ik als leerlingen nooit zulke events gehad, maar het is onwijs gaaf om de nieuwe generatie op deze manier kennis te laten maken met alle mogelijkheden die Fontys op het gebied van techniek biedt.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:346px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a3a3b618-2304-49dc-ae97-09e86b4ae30c/800_whatsappimage2023-06-07at14.29.42.jpeg?x=1686142475421" alt="Racesimulator">Automotive scoort</strong><br><span>Zo staat er een stand met 3D-geprinte hulpstukken vanuit de Mens en Techniek-opleiding Orthopedische (schoen)technologie, klopt het </span><a href="https://bron.fontys.nl/glow-culturele-kweken-een-kloppend-hart-en-gedichten/" target="_blank"><span>gekleurde GLOW-hart</span></a><span> wanneer mensen op bedieningspanelen staan en staat er een racesimulatie vanuit de opleiding Automotive. “Die laatste scoort als een trein. Helemaal wanneer we vertellen dat deze simulatie gewoon op school staat, vinden de leerlingen dat geweldig.”</span></p><p><span>Toch zijn er ook wat leerlingen die moeite hebben met de middag, zoals Diede, Hannah en Myrthe. “We hebben nog niet heel veel gedaan vandaag, want het is superdruk. De escaperoom was al vol en we hebben nog maar een uur, want daarna komt de volgende groep alweer binnen.”</span></p><p><strong>Toekomst met of zonder technologie</strong><br><span>Dat het tijdslot van de meiden bijna ten einde is, vinden ze niet heel erg. Werken in de technologie is niet voor ze weggelegd. “Dat weten we wel zeker na vandaag, maar het was wel leuk om te zien wat er allemaal mogelijk is.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:271px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5ac55954-265b-491b-ae45-ed1a0f968a6d/800_whatsappimage2023-06-07at14.29.41.jpeg?x=1686142485678" alt="Marlon en Brian, op zoek naar games">Wie zichzelf wél in de technologische wereld ziet werken, is Brian. Samen met klasgenoot Marlon struint hij alle stands af, ook op zoek naar iets om uit te proberen. “Alles is bezet en ik mis de gaming-stations. Ik ben wat dat betreft best wel kieskeurig, want ik speel het liefst spellen waarbij ik meteen de actie op kan zoeken of mijn digitale werelden uit kan breiden. Wie weet doe ik vandaag nog wel wat inspiratie op, zodat ik later de perfecte game kan ontwikkelen.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHE,FPH]]></category>
            <pubDate>Wed, 07 Jun 2023 15:21:02 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/5a699e28-6fbe-4618-b710-09743194e40a/500_whatsappimage2023-06-07at14.29.43.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/5a699e28-6fbe-4618-b710-09743194e40a/500_whatsappimage2023-06-07at14.29.43.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/5a699e28-6fbe-4618-b710-09743194e40a/whatsappimage2023-06-07at14.29.43.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Night of the Nerds]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Night of the Nerds]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Met wearables stress in de zorgsector te lijf gaan</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/met-wearables-stress-in-de-zorgsector-te-lijf-gaan/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/met-wearables-stress-in-de-zorgsector-te-lijf-gaan/</guid><pp:caseid>554521</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>‘Van sensoren naar zorg’ is een samenwerking tussen de Fontysinstituten, externe technologiepartners, zorginstellingen en een consortiumzorgorganisatie. Het project wordt mogelijk gemaakt door RAAK-mkb financiering en is verbonden aan het Kenniscentrum Applied AI for Society. Verschillende lectoraten zoals het FPH lectoraat Health Innovations & Technology (HIT), FHICT lectoraat AI & Big data en het JHS lectoraat Recht en Digitale Technologie zijn hierbij betrokken.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Kunnen wearables als smartwatches en smartphones de zorg rondom stress makkelijker en efficiënter maken? Die vraag staat centraal in het onderzoeksproject ‘Van sensoren naar zorg’, dat opgezet is door een interdisciplinair team binnen Fontys.</strong></span></p><p><span>Dat team is ook zeker niet het minste. Fontys Hogeschool ICT (FHICT), de Juridische (JHS) én de Paramedische Hogeschool (FPH) zijn alle drie aan het onderzoek - dat in 2017 is gestart – verbonden, legt Manon Peeters van FPH uit. “Vanuit de praktijk kregen we de vraag of sensoren beter ingezet kunnen worden in de zorg. Daar doen wij nu volop onderzoek naar.”</span></p><p><span>Zo’n zes jaar geleden waren Fitbits, bandjes die allerlei data verzamelen om je gezondheid te monitoren, enorm populair. “Deze sensoren heb je continu bij je en laten je beter begrijpen hoe je lichaam functioneert. Denk daarbij aan een stappenteller, de uren die je slaapt of het aantal calorieën dat je per dag verbrandt”, aldus Petra Heck vanuit ICT. “Maar stel je eens voor wat je allemaal zou kunnen doen met die berg data vanuit een zorgperspectief.”</span></p><p><span><strong>Juridische en technische vraagstukken</strong></span><br><span>Welke rol is daarin voor ieder instituut weggelegd? Noortje Lavrijssen van de Juridische Hogeschool licht toe wat de rol van haar studenten inhoudt. “Binnen onze opleiding maken we ons hard voor adviseren aan de voorkant. Juristen geven vaak aan wat niet kan, maar wij willen een cultuuromslag inzetten."</span></p><p><span>"Daarom kijken we binnen dit project samen met de opdrachtgever wat juist wel kan als het gaat om privacy en gegevensbescherming. Een andere student &nbsp;belicht de regels van het gezondheidsrecht, meer specifiek de Wet zorg en dwang en weer een ander focust op intellectueel eigendomsrecht.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:316px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_manonpeeters-schaap.jpg?x=1673271684561" alt="Manon Peeters-Schaap">Vanuit ICT houden verschillende studenten zich natuurlijk bezig met de technische kant van het project, zo licht Heck toe. “We kijken nu bijvoorbeeld naar een algoritme om stress te detecteren in wearable data. Een groep software engineering-studenten bouwt een dataplatform, anderen houden zich bezig met gebruikersinteractie en er wordt ingezet op de bedrijfsprocessen achter de data, zodat we duidelijk inzicht krijgen in wat we allemaal kunnen met de data die we verzamelen.”</span></p><p><span><strong>Stress signaleren</strong></span><br><span>De gegevens die verzameld worden moeten uiteindelijk leiden tot een beter vorm van stressdetectie waardoor de zorg beter ondersteund kan worden. En dat is nodig volgens Peeters, want er is geen precieze indicator die stress aangeeft.&nbsp;</span></p><p><span>“Met de algoritmes die we ontwikkelen proberen we ongewenste of problematische stress te signaleren, zodat dit zo efficiënt mogelijk op te lossen is. Soms willen we ook meten wat ontspant of ‘ont-stresst’. Daarnaast hoeft stress niet altijd negatief te zijn. Iemand die heel enthousiast is heeft bijvoorbeeld ook een hoog stresslevel. Dit is in de zorg ook zinvol om te detecteren.”</span></p><p><span>Om de inzet van het onderzoek te testen worden de wearables, die de op maat ontworpen software van de onderzoeksgroep bevatten, onder twee groepen verdeeld: mensen met dementie en mensen met Aanhoudende Lichamelijke Klachten (ALK).&nbsp;</span></p><p><span>“Bij de eerste groep zijn mensen met dementie, hun mantelzorgers en zorgverleners betrokken”, licht Peeters toe. “De tweede groep betreft mensen met ALK en fysiotherapeuten. In</span> beide contexten speelt stressmanagement namelijk een belangrijke rol in het dagelijks leven. Dit systeem, dat bestaat uit de wearables en de software, meet stress en kan deze mensen ondersteunen.<span>”</span></p><p><span><strong>Gezamenlijk doel</strong></span><br><span>De resultaten die uit het onderzoek voortvloeien worden uiteindelijk gebruikt om naar een gezamenlijk doel te werken: binnen een stresssituatie een moment van ontspanning creëren. “Mensen met ALK kunnen zich daar zelf bewust van zijn. Voor mensen met dementie is het belangrijk voor de zorgverleners, zodat zij de stress- en ontspanningsmomenten van hun cliënt begrijpen.”</span></p><p><span>Of het systeem om stress te meten ook daadwerkelijk werkt in de praktijk, is nog even afwachten. Maar de drie onderzoekers hebben er alle vertrouwen in. “Het project bestaat al zo’n vijf jaar, maar we staan eigenlijk nog maar aan het begin. We hebben veel vooronderzoek moeten doen waarbij we alle eisen uit de praktijk moesten halen.”</span></p><p><span><strong>Sprongen vooruit</strong></span><br><span>Dat heeft geleid tot de mogelijke oplossing die binnenkort in de praktijk uitgeprobeerd wordt. “Daarna kunnen we waarschijnlijk weer terug naar de tekentafel om het systeem om stress te meten te optimaliseren. Dat zou ook goed nog twee jaar kunnen duren. Maar dan hebben we wel enorme sprongen vooruit gemaakt om de zorg rondom stress te kunnen ondersteunen.”</span></p><p><span>Peeters ziet daarbij niet alleen de meerwaarde voor de maatschappij, maar ook voor onderzoekers en de betrokken studenten. “Het heeft echt een toegevoegde waarde, op verschillende levels. We functioneren daarbij ook echt als één team met de verschillende instituten. Wat dat betreft had ik dit binnen alleen onze opleiding ook nooit kunnen bewerkstelligen.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH,FHICT,FJH,Onderzoek,Onderzoek Gezondheid]]></category>
            <pubDate>Wed, 11 Jan 2023 11:10:24 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1416346082.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1416346082.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-1416346082.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[mantelzorg zorg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Lectoren FPH laten van zich horen tijdens HIT-parade</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/lectoren-fph-laten-van-zich-horen-tijdens-hit-parade/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/lectoren-fph-laten-van-zich-horen-tijdens-hit-parade/</guid><pp:caseid>536736</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het lectoraat Health, Innovations en Technology (HIT) binnen Fontys Paramedische Hogeschool is in tien jaar uitgegroeid tot een serieus kenniscentrum. Donderdag laten de lectoren voor het eerst van zich horen in een heuse HIT-parade.</strong></span></p><p><span>Normaal gesproken zijn ze ieder met hun eigen onderzoek bezig, maar vanmiddag zitten de vier lectoren op de hei voor een sessie over de aankomende HIT-parade. Een klinkende naam voor het symposium rond hun installatie en lectorale redes.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:218px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_evelinewouters-2.jpg?x=1665411695851" alt="Eveline Wouters">Ze hebben dan ook wat te vertellen. Tien jaar geleden startte lector Eveline Wouters het lectoraat Health, Innovations en Technology in een tijd dat technologie net haar intrede deed in de gezondheidzorg. Denk aan Zorg op Afstand en valdetectie.</span></p><p><span>Het onderzoek draagt inmiddels wezenlijk bij aan systeem- en kennisontwikkeling in de paramedische gezondheidszorg. “We zijn uitgegroeid tot een serieus kennisinstituut dat gevonden wordt door diverse partijen”, aldus Wouters.</span></p><p><span><strong>Langer leven</strong></span><br><span>Het lectoraat werkt samen met universiteiten, lectoraten, zorginstellingen en IT-bedrijven aan de ambitie om Nederlanders vijf jaar langer in goede gezondheid te laten leven en de gezondheidsverschillen tussen sociaaleconomische groepen significant te laten afnemen. Wouters: “We willen een leven in goede gezondheid kansrijker maken voor meer mensen.”</span></p><p><span>Zelf houdt de lector en hoogleraar aan Tilburg University zich bezig met het overkoepelende thema Technology acceptance, implementation and accessibility in health care. Dat gaat over de acceptatie en implementatie van technologie in de zorg voor chronische gezondheidsproblemen en wat er nodig is om technologische innovaties te laten slagen op het niveau van cruciale stakeholders en organisaties.</span></p><p><span>Ze legt uit: “In de praktijk werd heel veel van de mooie technologie die was ontwikkeld niet gebruikt. Wij zijn gaan<img class="image_resized image-style-align-right" style="width:230px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9341robjanssen.jpg?x=1665411709601" alt="Rob Janssen"> kijken hoe we deze slimme toepassingen beter in het zorgproces kunnen laten landen. Dat is een ingewikkelde puzzel die van veel factoren afhankelijk is.”</span></p><p><span><strong>Niet transparant</strong></span><br><span>De focus van lector Rob Janssen ligt met het thema Value Based Health Care op de ontwikkeling en implementatie van waarde gedreven zorg, meer betekenisvolle uitkomsten, betere ervaringen van zorgprofessionals en patiënten in verhouding tot de kosten. “We willen graag dat de zorg die een patiënt krijgt heel persoonlijk is, dat die van waarde is en dat die over de hele keten aansluit.”</span></p><p><span>Dat is nu vaak niet het geval. De uitkomsten van zorgverlening zijn vaak moeilijk te vergelijken, weet Janssen, die ook orthopedisch chirurg is in het Máxima Medisch Centrum. “Patiënten kunnen hier en daar wel prijzen vinden van zorgverleners, maar ze kunnen die niet een-op-een vergelijken met de diensten van andere zorgverleners.”</span></p><p><span>Om hier verbetering in te brengen, brengt het lectoraat de ‘patient journey’ in kaart, de reis die een patiënt maakt binnen de gezondheidszorg. Janssen vindt het heel bijzonder dat een hogeschool dit soort onderzoek oppakt. “Tot nu toe gebeurt dit eigenlijk nog alleen binnen ziekenhuizen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:231px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9348martijnpisters.jpg?x=1665411730469" alt="Martijn Pisters"></strong></span><strong>E-coaching</strong><br><span>Lector Martijn Pisters richt zich op het realiseren van duurzame verandering in gezondheid en beweeggedrag. Doel van het thema Empowering Healthy Behaviour is om de langetermijneffectiviteit van preventie en behandeling door paramedici te verbeteren. &nbsp;</span></p><p><span>“Paramedici geven tijdens of na afloop van een behandeling gezondheidsadviezen, zodat patiënten langer gezond blijven. Er is een grote groep, zo blijkt uit onderzoek, die deze adviezen niet opvolgt. De hamvraag is: hoe kunnen we dit verbeteren?”</span></p><p><span>Volgens Pisters komt hier technologie om de hoek kijken. “In de sportwereld worden apps om de gezondheid van sporters te monitoren en te coachen al veelvuldig ingezet. Maar in de gezondheidszorg staan ze nog in de kinderschoenen.”</span></p><p><span><strong>In de praktijk</strong></span><br><span>Artificial intelligence (AI), 3D-scantechnologie, fitnessgaming en robotica. Het thema waarmee Rens Brankaert zich bezighoudt, spreekt veel mensen tot de verbeelding. Met Technology to Enable people in the Context of Health richt de lector zich op de innovatieve toepassing van technologie in de zorgpraktijk.<img class="image_resized image-style-align-right" style="width:344px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_fontys@fifth-9355-rensbrankaert.jpg?x=1665411775457" alt="Rens Brankaert"></span></p><p><span>Stuk voor stuk prachtige middelen, vindt Brankaert. Maar, zo vraagt hij zich in zijn onderzoek af, hoe ontwikkel je technologie die effectief is én ook echt wordt gebruikt door iedereen voor wie ze is bedoeld? “Daarvoor is praktijkonderzoek enorm belangrijk.”</span></p><p><span>Volgens Brankaert verschilt praktijkonderzoek wezenlijk van wetenschappelijk onderzoek dat zich voornamelijk afspeelt tussen de vier muren van een laboratorium. “Door de praktijk wordt je sneller afgerekend als iets niet goed werkt.” [</span><i><span>Marieke Verbiesen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FPH,PRO Gezondheidszorg]]></category>
            <pubDate>Tue, 11 Oct 2022 13:13:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_robot-pepperindezorg.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_robot-pepperindezorg.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/robot-pepperindezorg.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Robot-Pepper in de zorg]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys-onderzoeken &#039;beloond&#039; met RAAK-subsidie</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-onderzoeken-beloond-met-raak-subsidie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-onderzoeken-beloond-met-raak-subsidie/</guid><pp:caseid>514479</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De uitslag van je soa-test direct bij de huisarts meekrijgen of meer bewegen na het hebben van een beroerte dankzij monitoring. Twee Fontysprojecten maken het waar met behulp van de RAAK-PRO-subsidie.</strong></span></p><p><span>Stel je eens voor dat je een partnerwaarschuwing krijgt: je hebt seks gehad met iemand die een soa heeft. Een onaangename verrassing die een hoop geregel met zich meebrengt. Je moet namelijk eerst naar de huisarts, een test doen, wachten tot de analyses vanuit een ziekenhuislaboratorium als uitslag in een computersysteem gezet worden, terug naar de huisarts voor een vervolggesprek en uiteindelijk starten met een behandeling.</span></p><p><span>Daar komt verandering in als het aan lectoren Anne Loonen en Joost Schoeber ligt. Vanuit het lectoraat Applied natural sciences startten zij het onderzoek ‘Moleculaire diagnostiek naar de huisarts’, waarin het gehele proces van testen en wachten op uitslag voor patiënten wordt vereenvoudigd.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:524px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_fontystnwlectoraat60.jpg?x=1655217369503" alt="Anne Loonen en Joost Schoeber.">Van lang wachten naar meteen geholpen</strong></span><br><span>Dat gebeurt in een notendop door een simpele test die in de toekomst af te nemen is bij de huisarts zelf.&nbsp; “Patiënten kunnen direct met deze test zien of zij ergens mee besmet zijn. Het lange wachten hoeft daarbij niet meer, omdat de huisarts meteen een behandeling voor kan schrijven.”</span></p><p><span>Maar voordat het zover is moet er nog veel onderzoek plaatsvinden. Dat wordt uitgevoerd met verschillende partners zoals TU Eindhoven, ziekenhuizen, gezondheidsexperts, klinieken en huisartsenposten. Zo wordt onder andere gekeken naar welk lichaamsmateriaal voor de test gebruikt moet worden. “Denk daarbij aan een coronatest. Maar in plaats van de monsters via mond en neus, willen we nu het liefst gebruik maken van urine.”</span></p><p><span><strong>Miljoen euro aan budget</strong></span><br><span>De RAAK-PRO-subsidie, die toegekend wordt door Regieorgaan SIA, moet daarbij helpen. “We hebben 700.000 euro ontvangen en partners moeten 30 procent van de kosten dragen. Zo loopt het budget van ons project op tot een miljoen euro voor de komende vier jaar.”</span></p><p><span>Van die subsidie wordt ten eerste een PhD aangenomen die de verbindende factor vormt tussen alle partners. “Deze start in het najaar als spin in het web. Daarna gaan we onze test en onze technologie ontwikkelen en valideren. Met als uiteindelijk doel een aanpasbaar systeem te genereren dat ook andere aandoeningen op kan sporen, gewoon bij de huisarts in de praktijk.”</span></p><p><span><strong>RISE</strong></span><br><span>Eenzelfde budget komt vrij voor het Fontysproject RISE, waarin de nadruk wordt gelegd op mensen die een beroerte hebben gehad. Het project loopt al even, maar er valt nog veel te winnen aldus docentonderzoeker Roderick Wondergem: “We hebben al een behandeling ontwikkeld voor mensen die na een beroerte direct naar huis gaan en relatief veilige restverschijnselen hebben, maar deze groep loopt veel risico. Daar zetten we ons nu voor in.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:440px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_img-6150.jpg?x=1655217416025" alt="Roderick Wondergem.">Een tweede beroerte, hoge bloeddruk of andere aandoeningen: het zijn allemaal mogelijke gevolgen voor mensen die na een beroerte thuis komen te zitten. “Zij lopen bij een huisarts, maar in dat programma speelt bewegen geen grote rol. Mensen die een beroerte hebben gehad zitten zo’n 70 tot 80 procent van de dag. Daarom richt ons onderzoek zich op het vertrouwen terugkrijgen in ‘gewoon bewegen’ in plaats van zitten.”</span></p><p><span><strong>Coaching en bewegingsmonitor</strong></span><br><span>Met RISE wil de onderzoeksgroep van Fontys met andere partners patiënten weer rustig laten wandelen, kleine dingen in en rondom huis doen, of gewoon een dagelijkse boodschap.&nbsp; Dat gebeurt door middel van een vijftien weken lang traject, bestaande uit coaching en het controleren van een bewegingsmonitor.</span></p><p><span>“Met die monitor kunnen patiënten ieder moment van de dag terugkijken op hun beweeggedrag. En coaches maken aan de hand van die gegevens een actieplan. Maar eerst gaan we de integratie binnen ons onderzoek beter verdelen en inzetten op een grotere gebruiksvriendelijkheid. Daarna starten we met meer onderzoek onder twee groepen: een met standaardzorg, en een andere met ‘pluszorg’. Daarin kijken we naar de effectiviteit van ons systeem. Dat voert Fontys uit met fysio’s, een integratieteam en naasten van deelnemers, zodat we optimale ondersteuning kunnen bieden in het herstel van de cliënten.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHTNW,FPH,PRO Gezondheid,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Mon, 20 Jun 2022 11:09:54 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotosnelteststraat.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotosnelteststraat.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fotosnelteststraat.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Foto snelteststraat]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontysteams ondersteunen sporters Alpe D’HuZes</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontysteams-ondersteunen-sporters-alpe-dhuzes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontysteams-ondersteunen-sporters-alpe-dhuzes/</guid><pp:caseid>503383</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Twaalf studenten van Fontys Paramedische Hogeschool gaan eind deze maand in Frankrijk deelnemers van Alpe d’HuZes ondersteunen. Van Hogeschool Mens en Gezondheid doet een fors team verpleegkundestudenten dat al sinds 2013.&nbsp;</strong></span></p><p><span>Tweedejaarsstudent Tané Graumans staat 2 juni met elf medestudenten van de opleiding Fysiotherapie op de Alpe d’Huez. Als onderdeel van het medisch team gaat zij deelnemers van Alpe d'HuZes helpen de berg op te komen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:190px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_taneacutegraumans.jpg?x=1652266759553" alt="Tané Graumans">Tané’s werkzaamheden zullen vooral bestaan uit masseren, masseren en nog eens masseren. “En mensen moed inpraten, want het is voor amateursporters niet niks om die berg te bedwingen. Sommigen gaan zelfs meerdere keren omhoog."&nbsp;</span></p><p><span>Voor Tané wordt het een weerzien met de Alpenreus. Ook in 2015 stond ze al eens op de berg. Toen vooral als supporter van haar moeder die de berg op fietste om haar overleden oom te herdenken.</span></p><p><span><strong>Bijzondere sfeer</strong></span><br><span>Een indrukwekkende ervaring, weet ze nog goed. “De sfeer op de berg is heel bijzonder. Er fietsen en wandelen duizenden mensen naar boven die elkaar niet kennen en er staan duizenden supporters langs de kant, maar op die dag is het één grote familie.”</span></p><p><span>De berg heeft dan ook iets speciaals volgens Tané. “Mensen beklimmen de Alpe d’Huez voor het goede doel, om geld in te zamelen voor KWF, maar velen doen het ook om een dierbare te gedenken. Bovenop die berg is iedereen even iets dichterbij diegenen die ze verloren hebben.”</span></p><p><span><strong>Trainingsdagen</strong></span><br><span>Het team fysiotherapiestudenten van Fontys reist al op zondag 29 mei af naar Frankrijk en verblijft een week in het Alpengebied. “De maandag en dinsdag voor het evenement trainen mensen op de berg en dan zijn wij dus al aan het werk.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:554px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_alped039huzes.jpg?x=1652266808141" alt="Alpe d'HuZes 2019. Foto: Marco Ammers">Op woensdag, daags voor de koersdag, mogen de vrijwilligers zelf naar boven tijdens Alpe d’HuZus en dat gaan de studenten ook zeker doen. “Ik weet niet of dat op die woensdag zal zijn, want ook dan moeten we werken”, vertelt Tané. “Maar dat we allemaal een keer naar boven gaan die week, dat is zeker.”&nbsp;</span></p><p><span><strong>Leerzame ervaring</strong></span><br><span>Het initiatief voor het fysiotherapieteam van Fontys komt van docent Johan Huijsmans. Hij wilde eigenlijk al in 2020 met studenten afreizen naar Frankrijk, maar toen gooide corona roet in het eten en ook in 2021 kon het evenement niet doorgaan.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:186px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_johan-huijsmans.jpg?x=1652266943592" alt="Johan-Huijsmans">“Mooi dat we nu wel kunnen gaan”, stelt Huijsmans. “Ik verwacht dat het een heel leerzame ervaring wordt voor de studenten. Niet alleen op het gebied van de sportmedische ondersteuning, maar vooral ook op het gebied van het samenwerken en alles wat er verder bij komt kijken. Het zal een intensief weekje worden.”&nbsp;</span></p><p><strong>Verpleegkunde</strong><br><span>Bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid weten ze al hoe intensief dat is. Al sinds 2013 gaat een team studenten van de opleiding Verpleegkunde met hetzelfde doel naar de Franse Alpen. Ook dit jaar gaat er weer een team van bijna 50 studenten een volle week die kant uit, stelt FHMG-medewerker Nard Langenberg.&nbsp;</span></p><p>“We gaan een volle week. We hadden plaats voor 50 studenten, maar er had zich bijna dat dubbele aantal aangemeld.” &nbsp;Het doel voor dit team is tweeledig. “Aan de ene kant stimuleren we hiermee vrijwilligerswerk en daarmee ook een stukje persoonlijke ontwikkeling. "</p><p>“Aan de andere kant doen de studenten ervaring op die ze later in hun werkloopbaan heel goed kunnen gebruiken. Onze studenten gaan immers allemaal ooit te maken krijgen met mensen met kanker, met chronische ziektes.<span>”</span> &nbsp;Los van het verzorgen van catering en het fysiek begeleiden van deelnemers voorafgaand en tijdens het evenement, is ook het bieden van emotionele ondersteuning een belangrijke taak.”</p><p>Waarom de twee verschillende Fontysteams de handen niet ineen hebben geslagen? “Daar is zeker wel overleg over geweest, maar dat heeft nog niet tot een samensmelting van de twee initiatieven geleid.” Daar komen volgens Langenberg ook praktische hobbels bij kijken: “De groep wordt dan zo groot dat het alleen al qua vervoer lastiger is.” <span>[</span><i><span>Ivo van der Hoeven, Jan Ligthart</span></i><span>]</span></p><p><i><span>De verrichtingen van de studenten fysiotherapie zijn te volgen via Instagram: &nbsp;</span></i><a href="https://www.instagram.com/fontysfysio_alpedhuzes/" target="_blank"><i><span>fontysfysio_alpedhuzes</span></i></a></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH,Gezondheid en sport,FHMG]]></category>
            <pubDate>Fri, 13 May 2022 14:53:55 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_alped039huzes2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_alped039huzes2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/alped039huzes2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Alpe d&amp;#039;HuZes 2]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Met Alpe d&amp;#039;HuZes wordt al sinds jaar en dag geld ingezameld voor onderzoek naar kanker. Foto: Jannemieke Termeer]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Hybride docent geeft impuls aan onderwijs</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hybride-docent-geeft-impuls-aan-onderwijs/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hybride-docent-geeft-impuls-aan-onderwijs/</guid><pp:caseid>490880</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Kennis van mensen uit het technische bedrijfsleven het onderwijs in brengen, dat is het doel van de pilot ‘Hybride Tech Docenten in Brainport Eindhoven’. De pilot loopt als een tierelier. “Nu wordt het tijd voor duurzame inbedding in de organisatie.”</strong></span></p><p><span>Al meer dan honderd mensen uit het technische bedrijfsleven zijn de afgelopen twee jaar geplaatst als hybride docenten bij middelbare scholen, mbo-, hbo-, en wo-instellingen in de regio.&nbsp;</span></p><p><span>Matchers Simone van der Velde en Henk Versluis van Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool brachten deze matches tot stand. Zij koppelen enthousiaste mensen uit het bedrijfsleven aan onderwijsinstellingen. Een groot deel bij de TU/e en de technische opleidingen van Fontys zelf. &nbsp;</span></p><p><strong>Docententekort</strong><br>Versluis: “De pilot is geïnitieerd door een nijpend docententekort bij technische opleidingen, maar heeft een veel bredere scope. Door mensen met bepaalde expertise te koppelen aan opleidingen geven we een impuls aan de kwaliteit <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:270px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_henkversluis2.jpg?x=1643027235168" alt="Henk Versluis">van het onderwijs en dichten we de kloof tussen bedrijfsleven en onderwijs.”</p><p>Het enthousiasme voor de pilot in het bedrijfsleven is in korte tijd enorm gegroeid. Zowel grote bedrijven als ASML, TMC en Demcon als ook kleine ondernemers zijn inmiddels aangehaakt en zelfs zzp’ers tonen interesse.</p><p>“Veel mensen vinden het leuk om naast hun werk parttime actief te zijn in het onderwijs”, stelt Van der Velde. “De afwisseling inspireert en dat komt beide partijen ten goede.”</p><p>Want dat ook het onderwijs profiteert is overduidelijk. Van der Velde: “Expertise die er nog niet is bij bepaalde technische opleidingen kunnen we binnenhalen uit het bedrijfsleven. Bovendien smullen studenten van de ervaringen en verhalen die deze mensen inbrengen.”</p><p><strong>Geen lesbevoegdheid nodig</strong><br>De hybride docenten die via de pilot aan de slag gaan geven minder dan 240 uur per schooljaar les en hoeven daardoor geen bevoegdheid te halen. Dat wordt ook wel ‘hybride light’ genoemd.</p><p>Met een speciale EHBO-cursus, ‘Eerste Hulp bij Onderwijs’, kunnen kandidaten die dat willen de basis pedagogische en didactische vaardigheden leren.</p><p>“Maar”, verduidelijkt Versluis, “het is niet zo dat alle hybride docenten voor de klas komen te staan. Ze werken in allerlei rollen, ook in de rol van coach of afstudeerbegeleider.”</p><p>Daarnaast <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:268px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_simonevandervelde2.jpg?x=1643027268696" alt="Simone van der Velde">worden deze experts uit het werkveld steeds vaker betrokken bij het vernieuwen van het curriculum van opleidingen. “Ideaal”, stelt Van der Velde. “Zo houd je de opleidingen up to date. Hier zou Fontysbreed over nagedacht moeten worden.”</p><p><strong>Toekomstproof</strong><br>Van der Velde en Versluis zijn sowieso voorstanders van een meer duurzame inbedding van het concept ‘hybride docent’ in de organisatie.</p><p>“We willen dit project toekomstproof maken”, zegt Versluis. “Komend jaar ligt onze focus daarom naast de matching van kandidaten en onderwijsinstellingen op een goede inbedding van de pilot in de organisatie.”</p><p>Nu leggen veel instituten los van deze pilot op eigen houtje contacten met mensen uit het werkveld. Elk instituut stelt hier eigen contracten voor op. Dat kan efficiënter geregeld worden denken Van der Velde en Versluis.</p><p>Versluis: “Het zou goed zijn als er een centraal punt is waar mensen met vragen terecht kunnen, een soort expertisecentrum voor hybride docentschap. We zijn de mogelijkheden hiervoor aan het verkennen.”</p><p>Van der Velde: “Dan kunnen we bijvoorbeeld ook met standaard contracten werken. Dat scheelt een hoop tijd en moeite.”<i> [Ivo van der Hoeven]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FPH]]></category>
            <pubDate>Tue, 25 Jan 2022 10:19:53 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotohybridetechdocenten.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotohybridetechdocenten.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fotohybridetechdocenten.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Hybride Tech Docenten kunnen als geen ander de brug leggen tussen het werkveld en het onderwijs.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwbouw campus Rachelsmolen komt tot leven met VR en AR</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwbouw-campus-rachelsmolen-komt-tot-leven-met-vr-en-ar/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwbouw-campus-rachelsmolen-komt-tot-leven-met-vr-en-ar/</guid><pp:caseid>489352</pp:caseid><description><![CDATA[<p><b><span><strong>Een kijkje nemen op de Eindhovense campus Rachelsmolen van 2023? Met de VR- en AR-toepassing die Fontys biedt kan dat sinds kort. In een virtuele omgeving komt de nieuwbouw en groene campus helemaal tot leven.</strong></span></b></p><p><span>Aan het begin van collegejaar 2023 openen drie nieuwe onderwijsgebouwen op het Eindhovense campusterrein de deuren: R11, R12 en R13. &nbsp;</span></p><p><span>In de nieuwbouw is straks onder meer plaats voor de Paramedische opleidingen, Mens en Gezondheid en Social Studies die van de Ds. Th. Fliednerstraat komen, en Pedagogiek en Kind & Educatie die nu nog op de TU/e campus zitten. <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:809px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/plattegrondcampusrachelsmolen2023.png?x=1641906828222" alt="Campus Rachelsmolen in  2023."></span></p><p><span>Om medewerkers, studenten en toekomstige studenten alvast een beeld te geven van de nieuwbouw en de omringende groene campus hebben de architecten van Barcode Architects zowel een AR-app als ook een online VR-tour ontwikkeld.</span></p><p><span>“Hiermee willen we verhuizende instituten, huidige campusbewoners en toekomstige studenten alvast enthousiast maken voor de nieuwbouw”, stelt Yvette Laros, communicatieadviseur van de dienst Huisvesting & Facilitaire zaken.</span></p><p><span>De VR-tour richt zich vooral op potentiële studenten. Bezoekers van de </span><a href="https://roundme.com/tour/771368/view/2508421"><span>site</span></a><span> kunnen een kijkje nemen in de drie toekomstige onderwijsgebouwen. Via informatiezuilen in de gebouwen kunnen ze bovendien extra informatie krijgen over de opleidingen die hier gehuisvest worden. <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:363px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_arappinhandoverview.jpg?x=1641906851966" alt="Een AR-app biedt nieuwsgierigen een kijkje in de toekomst van campus Rachelsmolen."></span></p><p><span>Studenten en medewerkers die willen zien hoe de nieuwbouw er op locatie straks uit komt te zien, kunnen gebruikmaken van de AR-app. Want met plaatjes alleen komt de nieuwbouw niet echt tot leven, denken Laros en haar collega’s.&nbsp;</span></p><p><strong>AR-app opstarten</strong><br><span>Rondom het bouwterrein op de campus in Eindhoven zijn met stickers op de grond en op hekken vier plekken aangegeven waar je de AR-app kunt opstarten. Op je telefoon of iPad verschijnt vervolgens een ‘overlay’ die een kijkje in de toekomst biedt.</span></p><p><span>“In plaats van een saai bouwterrein zie je dan op je telefoon de gebouwen zoals ze in 2023 op het campusterrein zullen pronken”, aldus Laros.</span></p><p><strong>Open campus</strong><br><span>De campus wordt in 2023 helemaal opengegooid voor de stad. “Alle hekken verdwijnen en het terrein krijgt een groene, parkachtige uitstraling”, vertelt procesmanager Jeroen Knikkink.</span></p><p><span>“We willen de stad echt binnenhalen op de campus. Mensen kunnen er straks rondwandelen en jongeren kunnen er bijvoorbeeld skaten.” <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:813px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/barcodearchitects-fontys-gebouwr12-03-min-min.jpg?x=1641906644343" alt="Gebouw R12"></span></p><p><span>Ook de onderwijsgebouwen worden meer open van karakter, stelt Knikkink. “Met uitzondering van R12 waar vooral veel praktijkonderwijs wordt gegeven. Hier komen bijvoorbeeld fysiotherapie behandelruimtes en OK-ruimtes van Mens en Gezondheid. Deze ruimtes worden uiteraard meer gesloten.”</span></p><p><span>R11 wordt daarentegen wel een zeer open en transparant gebouw. “Hier komen de campusbrede voorzieningen zoals een bedrijfsrestaurant, een centraal informatiepunt en een grote collegezaal annex congresruimte”, aldus Knikkink. &nbsp;<img class="image_resized image-style-align-left" style="width:815px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/barcodearchitects-fontys-gebouwr11-03-min-min.jpg?x=1641906675845" alt="Gebouw R11"></span></p><p><span>R13, het grootste gebouw van de drie, biedt plek aan alle generieke onderwijsruimtes en de werkplekken voor docenten. Knikkink: “Dit gebouw wordt door de vijf instituten gezamenlijk gebruikt. Hierdoor zal er ook meer kruisbestuiving tussen de instituten ontstaan, zo is de gedachte.” <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:809px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/barcodearchitects-fontys-gebouwr13-01-min-min.jpg?x=1641906711588" alt="Gebouw R13"></span></p><p><span>De bouw ligt volgens Knikkink op schema. In 2023 kunnen de vijf instituten op campus Rachelsmolen terecht. Dat zal wel moeten ook, want eind 2023 loopt de erfpacht op de gebouwen TF en S3 af. [</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p><p><span>De AR-app is gratis te downloaden</span><i><span>&nbsp;</span></i><a href="https://apps.apple.com/gb/app/ar-fontys-campus-rachelsmolen/id1594379886?ign-mpt=uo%3D2&ct=t(EMAIL_CAMPAIGN_10_26_2021_14_35_COPY_01)">App store van Apple</a> <span>en</span> <a href="https://play.google.com/store/apps/details?id=com.StichtingFontys.FontysCampusAR&ct=t(EMAIL_CAMPAIGN_10_26_2021_14_35_COPY_01)">Play Store van Google</a></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Huisvesting en facilitair,FHSS,FHKE,FHMG,FPH,FHP,Campus]]></category>
            <pubDate>Tue, 11 Jan 2022 16:50:35 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_barcodearchitects-fontys-campus-01-min-min.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_barcodearchitects-fontys-campus-01-min-min.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/barcodearchitects-fontys-campus-01-min-min.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Barcode Architects_Fontys_Campus_01-min-min]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[De nieuwbouw op campus Rachelsmolen in 2023.]]></pp:imageDescription></item></channel>
                    </rss>