<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Tue, 08 Sep 2026 09:05:20 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Thu, 18 Dec 2025 16:26:44 +0100</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>Studenten activeren en motiveren met een tegoedbon</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-activeren-en-motiveren-met-een-tegoedbon/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-activeren-en-motiveren-met-een-tegoedbon/</guid><pp:caseid>731914</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Betrokkenheid, motivatie, inspiratie. Maar al te vaak lijkt het studenten daaraan te ontbreken. De oorzaak daarvan, zo betoogt </strong><span><strong>Soufiane El Ouastani in onderstaand opiniestuk, is eigenlijk vrij simpel. Studenten zijn te weinig fysiek aanwezig bij de lessen. En dat ligt volgens de </strong></span><strong>FEC-docent</strong><span><strong> niet aan hen maar aan de manier waarop het onderwijs is ingericht.</strong></span></p><p>Er is een trend bij Fontys waar je als medewerkers waarschijnlijk maar al te bekend mee bent (zeker na de pandemie): studenten zijn nergens te vinden. Niet in de klaslokalen. Niet in de prachtig ontworpen studieruimtes. Overdreven? Misschien. Een beetje. Maar ik overdrijf niet als ik zeg dat mijn lessen op de meeste dagen aanvoelen als een masterclass voor drie of vijf studenten die toevallig aanwezig zijn (acht of negen op een goede dag).</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:285/auto;width:285px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/684b9fea-d4d6-4b4f-96c0-2a33071f0486/800_portretsoufiane.jpg?x=1766058489365" alt="Soufiane El Ouastani" width="285" height="auto">Met deze trend daalt de betrokkenheid en productiviteit op een zorgwekkende manier. Combineer dit met wat lijkt op een volledige afhankelijkheid van AI, en ja, je weet waar dit naartoe gaat.</p><p>Ik heb met studenten uit verschillende opleidingen van deze instelling gewerkt. Hoewel de betrokkenheid varieert, blijft de trend hetzelfde. Wanneer ik mijn studenten vraag waarom ze niet komen opdagen, krijg ik bijna altijd een van twee antwoorden: ‘Waarom naar de les komen als ik de slides thuis kan bekijken (sic)?’ of ‘We voelen ons niet gemotiveerd om aanwezig te zijn of deel te nemen’ (au!).</p><p>Verontrustend? Ja. Maar hun antwoorden deden me een stap terug doen en reflecteren over de bredere dynamieken die aanwezigheid en betrokkenheid beïnvloeden.</p><p><strong>Nooit terugspoelen</strong><br>Wat doe je als je de eerste aflevering van die Netflix-serie kijkt waar je collega’s het over hebben, maar het jou gewoon niet aanspreekt? Je skipt naar de volgende aflevering. Of je pauzeert hem en komt later terug, als je al terugkomt. Je spoelt zelden de aflevering of delen ervan terug om te zien wat je hebt gemist.&nbsp;<br>Geen urgentie. Geen toewijding. En geen noodzaak om te blijven kijken.</p><p>Ik geef het niet graag toe, maar precies zo heb ik mijn cursussen opgezet. Elke workshop, elke slide (inclusief docentnotities), elke opdracht wordt online gepubliceerd, soms weken voor de daadwerkelijke workshop. Mijn cursussen zijn afleveringen geworden op een streamingplatform dat wij hier Canvas noemen.&nbsp;</p><p>De studenten hoeven niet naar mijn workshop te komen, ze kunnen hem later ‘bekijken’. Of erdoorheen bladeren. Of hem overslaan. Of hem nooit zien, want in tegenstelling tot Netflix heeft Canvas geen ‘Top Picks voor jou’-functie.&nbsp;<br>Geen urgentie. Geen toewijding. En geen noodzaak om te blijven kijken.</p><p>Het geeft me zeker te denken, en misschien jou ook. Als onze studenten onze cursussen kunnen behandelen zoals ze een Netflix-serie behandelen, dan ligt het probleem misschien niet bij hun instelling, maar bij ons ontwerp.</p><p><strong>Actie eerst</strong><br>Ik ga hier geen gepolijst betoog houden over de rol van docenten en coaches in het inspireren en motiveren van studenten. De simpele waarheid is deze: we kunnen studenten alleen motiveren door ze eerst naar de les te krijgen. Pas door aanwezig te zijn kunnen studenten gemotiveerd raken.</p><p>Passief wachten tot studenten zich gemotiveerd en geïnspireerd voelen, is als wachten tot een fiets beweegt voordat je begint te trappen. Actie eerst. Overigens niet mijn idee. Mark Manson noemt dit het ‘Do Something Principle’. Een principe gebaseerd op het idee dat motivatie bijna nooit als eerste komt.</p><p>Zodra onze studenten naar de les komen en iets gaan doen (of ten minste hun klasgenoten iets zien doen), komt er vaart in. Dit kleine gevoel van vooruitgang voelt goed. Voedt motivatie. En motivatie opent deuren voor inspiratie.</p><p><strong>Coachingbonnen</strong><br>Ik coach in het Honours Programme bij FEC; een briljante gemeenschap van zeer gemotiveerde, ambitieuze studenten. Maar zelfs deze studenten zouden net zo lief een coachingsessie overslaan als ze konden, of er alleen online aan deelnemen. Om dit te voorkomen, begonnen sommige coaches met een heel simpel experiment: coaching cadeaubonnen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:538/auto;width:538px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/71ba6d0d-18fd-4302-99bf-f267fe4ea53b/1920_cadeaubon.jpg?x=1766059189067" alt="" width="538" height="auto">Elke student ontvangt aan het begin van het jaar tien bonnen. Eén bon staat gelijk aan één individuele coachingsessie. Alle tien moeten worden ingewisseld voor het einde van het academiejaar.&nbsp;</p><p>Het werkt. Studenten hebben regelmatig om coachingsessies gevraagd. Ik bedoel, wat moet je anders met een bon dan hem uitgeven aan iets wat je echt nodig hebt? Elke bon vereist een kleine maar bewuste actie van de student: een coachingsessie boeken, zelfs als ze er geen zin in hebben.</p><p>Studenten die eerder passief waren, werden plots actief. Degenen die motivatie misten, begonnen meer initiatief te tonen. En hoe meer actie ze ondernamen, hoe betrokkener en gemotiveerder ze werden. Het waren niet de bonnen die hen veranderden. Het was de daad van het doen.</p><p><strong>Momentum benutten</strong><br>Deze korte reflectie-oefening bracht me tot een belangrijke realisatie: de kracht van momentum. Wanneer studenten naar de les komen, hebben ze al de eerste en belangrijkste stap gezet. Aanwezig zijn verlaagt de drempel tot actie. Zodra ze deelnemen, vragen stellen, hun klasgenoten horen of kleine vooruitgang boeken, volgt motivatie vanzelf.</p><p>Ik denk dat de coachingbonnen ook helpen om de studenten gedurende het jaar die betrokkenheid vol te houden, waardoor het momentum groeit. Je zou kunnen stellen dat verplichte aanwezigheid (nu bijna verouderd) in de reguliere programma’s een vergelijkbaar effect heeft. Maar de coachingbonnen nodigen ons uit om creatiever na te denken over hoe verantwoordelijkheid, initiatief en momentum in het leerproces kunnen worden ingebouwd.</p><p><i><span>Soufiane El Ouastani is docent Engels bij Fontys Economie en Communicatie</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Opinie,Nieuws,Student,FHEC,Onderwijs Algemeen]]></category>
            <pubDate>Thu, 18 Dec 2025 13:46:23 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/27abdf61-9aa1-4758-ad4a-63f903fbbc51/500_motivatieluiafweziglaptopstudent.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/27abdf61-9aa1-4758-ad4a-63f903fbbc51/500_motivatieluiafweziglaptopstudent.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/27abdf61-9aa1-4758-ad4a-63f903fbbc51/motivatieluiafweziglaptopstudent.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Motivatie lui afwezig laptop student]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Student wil als Prins Guus d’n Urste jong en oud verbinden</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/student-wil-als-prins-guus-dn-urste-jong-en-oud-verbinden/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/student-wil-als-prins-guus-dn-urste-jong-en-oud-verbinden/</guid><pp:caseid>730479</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Als jongste prins ooit zwaait Guus d’n Urste deze carnaval de scepter over het Brabantse dorp Asten. Een enorme eer, vindt de 21-jarige Fontysstudent. Al zag hij het belletje van de carnavalsvereniging totaal niet aankomen. “Zitten jullie wel goed, moet je niet toevallig mijn vader hebben?”</strong></p><p>Nog niet eerder koos carnavalsvereniging De Plekkers voor zo’n jonge prins. Geen wonder dus dat Guus, vierdejaars student Commerciële Economie, compleet verrast was toen hij op een maandagavond werd gebeld. “Mijn mond viel open van verbazing. Ik dacht: wajo wat gebeurt hier? Normaal zijn de prinsen veel ouder en hebben ze allemaal een huisje, boompje, beestje. Ik woon nog gewoon bij mijn ouders.” Toch was er geen enkele twijfel en vond hij het vanaf het eerste moment ‘super gaaf’ om prins van zijn geboortedorp te worden.&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8ecb7894-c63a-4d2d-a504-591485d53b24/500_guus.jpg?x=1764845931601" alt="Guus" width="200">Jong en oud</strong><br>Dat Guus veel jonger is dan zijn voorgangers betekent niet dat hij alleen oog heeft voor leeftijdsgenoten. “Als prins wil ik juist jong en oud met elkaar verbinden. Met carnaval maakt het namelijk helemaal niet uit hoe oud je bent. Ik zou het heel mooi vinden om iedereen straks samen te zien dansen en feesten.”<span>&nbsp;</span></p><p>En als prins doet Guus daar graag aan mee. Een voordeel met zijn leeftijd, denkt hij. “Ik weet hoe je een feestje moet maken en heb nog flink veel energie. Ik kan van ‘s ochtend tot ‘s avonds dansen en springen.”</p><p>Hij heeft er veel zin. Al zal het voor hem als echte carnavalsvierder dit jaar wel een tikkeltje anders zijn. “Ik houd wel van feesten en een beetje gek doen met mijn vrienden. Dat mag natuurlijk nog steeds als je prins bent, maar je kan dan niet te zat op een podium gaan staan.” Want bij deze erefunctie horen ook bepaalde verantwoordelijkheden, weet Guus. “Als je een speech moet houden, dan is het wel belangrijk dat je even goed nadenkt wat je gaat zeggen.”</p><p><strong>Lopend vuurtje</strong><br>Tijdens zijn eerste speech als Prins op een groot podium waren er wel even zenuwen. Maar hij sloeg zich er goed doorheen en sindsdien wordt hij in het dorp voortdurend aangesproken. Ook tijdens zijn bijbaan als pakketbezorger merkt hij dat het nieuws als een lopend vuurtje is rondgegaan. “Als ik in Asten moet bezorgen en aanbel met een pakketje, dan is het meteen: 'Hé Prins Guus!' Mijn werkdagen duren voortaan iets langer, want ik ben constant aan het buurten.”</p><p>Ook zijn medestudenten bij Fontys waren via social media al snel op hoogte. “Het weekend na de bekendmaking kwam ik het leslokaal binnen en werd ik meteen als prins aangesproken. Toen ze allemaal vragen gingen stellen, zei de docent dat ik maar even naar voren moest komen om mijn speech ook nog maar eens voor de klas te doen.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3c40adaf-c2e3-457b-aff8-db3df5d05282/500_prinsguusd039nurste.jpg?x=1764846013298" alt="Prins Guus d'n Urste" width="200">Beetje ijdel</strong><br>In de aanloop naar carnaval heeft Guus met zijn nieuwe titel een druk programma. Toch verwacht hij dat het prinsenleven prima is te combineren met zijn afstudeerjaar. Een activiteit heeft hij inmiddels afgevinkt: de fotosessie met de Raad van Elf. Daar bleek dat het voor een prins die best een beetje ijdel is, wel ingewikkeld kan zijn met zo’n verplicht hoofddeksel.</p><p>“Met die steek op mijn hoofd is mijn haar wel echt een dingetje. Als het er net onderuit komt heb ik een rare krul, maar wanneer ik het eronder stop vind ik het ook niet mooi. En als ik hem afdoe dan is mijn haar helemaal een ravage. Ik hou die steek dus maar gewoon zo lang mogelijk op. En als ie toch af moet, dan hoop ik maar dat het laat genoeg is en niemand het meer opmerkt.”</p><p><strong>Lijfspreuk</strong><br>Net als iedere prins heeft ook Guus een lijfspreuk, die hij vol trots uitspreekt. “Met een glas in mijn hand en plezier om te geven, roep ik luid vier het leven.” Een motto dat bij hem thuis vandaan komt. “Dit is echt iets van ons gezin. We zeggen altijd vier het leven in goede en slechte tijden. Ik ben blij dat ik deze boodschap nu ook tijdens carnaval door mag geven.”</p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,FHEC,Annemiek]]></category>
            <pubDate>Mon, 08 Dec 2025 10:17:40 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/8e5ce84f-b697-4bf1-8065-6a8adba8e72d/500_guusheader.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/8e5ce84f-b697-4bf1-8065-6a8adba8e72d/500_guusheader.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/8e5ce84f-b697-4bf1-8065-6a8adba8e72d/guusheader.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[guus header]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pastaslagveld en traumatische bevalling in één roman</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pastaslagveld-en-traumatische-geboorte-in-een-roman/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pastaslagveld-en-traumatische-geboorte-in-een-roman/</guid><pp:caseid>729734</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>Een kleine anekdote uit het boek:</p><p><i>‘Ik ben geen rijst maar pasta!’ ‘Right, maak dat de kat wijs. Je bent gewoon rijst.’ ‘Ik haat katten en ik ben PASTA!’ ‘Je bent gewoon kleffe rijst.’ ‘Nu ga je te ver!’ ‘Rustàgh,’ zegt Meester Penne met zijn hese stem. Hij werpt zich met zijn imposante torso tussen de ruziënde Orzo en Makker Oni in. Orzo kijkt woest. Makker glimlacht neerbuigend.</i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Mark Sars, onderwijsmanager bij Fontys, heeft zaterdag zijn eerste boek uitgebracht. ‘Voordat je sterft’ is voortgekomen uit een traumatische ervaring die hij tien jaar geleden meemaakte, maar bevat tegelijkertijd ook een surrealistische verhaallijn over ruziënde pastasoorten.</strong></p><p>Ruziënde pastasoorten? Als in: macaroni, spaghetti en orzo? Jep, het klinkt misschien gek, maar toch is het zo en volgens Mark Sars, werkzaam bij Ondernemerschap & Retailmanagement, is het zelfs hartstikke logisch. Hij werd bij het schrijven geïnspireerd door een verschillende dingen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/682bd175-b11c-417f-be7a-4e926d0cab0f/500_marksarsfotogodijnpublishing.jpg?x=1764163894708" alt="Mark Sars, foto: Godijn Publishing" width="200">Het oorspronkelijke verhaal gaat tien jaar terug in de tijd, toen Sars samen met zijn vrouw in het ziekenhuis was. “Onze dochter werd geboren”, vertelt hij. “Ik zat in de kraamkamer en mijn partner werd weggereden omdat ze te veel bloed had verloren. Ik kreeg mijn dochter in mijn armen gedrukt, niet wetende wat er met mijn vrouw gebeurde.”&nbsp;</p><p>Pas een uur na dat moment hoorde Sars iets over de toestand van de kersverse moeder van zijn kersverse dochter. “Tot die tijd wist ik niet eens of ze nog wel in leven was. Ik was hartstikke bang dat ze het niet zou halen. Zou ik dan echt alleen overblijven met onze dochter? Het is gelukkig allemaal goed afgelopen, maar dat gevoel was zo sterk, dat ik daar een verhaal van heb gemaakt.”&nbsp;</p><p><strong>Meer verhaallijnen</strong><br>In zijn boek, waar hij tien jaar geleden al mee begon, loopt het met de hoofdrolspeler minder goed af. Daar gebeurde hetzelfde als wat Sars is overkomen, alleen blijft in dit verhaal de vader wel alleen achter met zijn dochter. “In eerste instantie heb ik een boek geschreven dat alleen over dit verhaal ging, maar van Robert Vuijsje, de Nederlandse schrijver, kreeg ik het advies om er een roman van te maken.”</p><p>Dat advies nam Sars ter harte en dus ging hij verder. In plaats van één verhaallijn maakte hij er vijf, die in het uiteindelijke boek allemaal door elkaar lopen. En van die vijf verhaallijnen gaat er dus eentje over ruziënde pastasoorten. “Ja, dat is een beetje een vreemd verhaal”, geeft de onderwijsmanager toe. Het is gebaseerd op een hervertelling van de uit 1954 afkomstige Japanse film ‘Seven Samurai’ en speelt zich af op een bord met allerlei verschillende pastasoorten.</p><p>De pastasoorten krijgen ruzie met elkaar en dat ontaardt uiteindelijk in de tragische dood van een vrouw, die haar laatste adem uitblaast nadat ze wordt geraakt door het vliegende spaghettimonster. “Ze wordt gevonden door haar 79-jarige buurvrouw, die – nadat de criminele zoon van de overleden vrouw plotseling voor de deur verschijnt – op de vlucht slaat, ook al heeft ze er niks mee te maken. En dan ontstaat er een heuse klopjacht op die vrouw.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f47bd478-1008-4a51-9bb5-7c595dee324b/500_voordatjesterftmarksarscoverfront.jpg?x=1764163963466" alt="Voordat je sterft" width="200">Mocht u als lezer nou denken: hoe is dit verhaal in hemelsnaam tot stand gekomen? Wel, daar heeft Sars natuurlijk een antwoord op. “Het idee hiervan ontstond toen ik op een avond orzo aan het klaarmaken was in de keuken. Orzo is een pastasoort, maar heeft de vorm van een rijstkorrel en wordt dan ook regelmatig een graansoort genoemd. Dat fascineerde me: je zal maar elke keer uitgemaakt worden voor rijst terwijl je pasta bent.”</p><p><strong>Undercover agent</strong><br>Hoe dan ook, het verhaal over de pastasoorten komt op een bizarre maar volgens Sars toch logische manier samen met het verhaal over de vader die achterbleef met zijn dochter. Hetzelfde geldt voor de overige drie verhaallijnen. “De hoofdpersonages hebben allemaal één ding met elkaar gemeen en dat is dat ze in dezelfde straat wonen.”</p><p>Wie op zoek is naar meer logica in dit verhaal, zal het boek ‘Voordat je sterft’ moeten lezen. Sars belooft: “Alle puzzelstukjes vallen uiteindelijk in elkaar.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 27 Nov 2025 09:24:05 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/04665ad8-c1d9-4da6-af50-7bb881f88438/500_chatgptimage26nov202514_54_51.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/04665ad8-c1d9-4da6-af50-7bb881f88438/500_chatgptimage26nov202514_54_51.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/04665ad8-c1d9-4da6-af50-7bb881f88438/chatgptimage26nov202514_54_51.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Afbeelding gemaakt met AI]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gen Z lui? Dit spel verbindt generaties op de werkvloer</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gen-z-lui-dit-spel-verbindt-generaties-op-de-werkvloer/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gen-z-lui-dit-spel-verbindt-generaties-op-de-werkvloer/</guid><pp:caseid>729171</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Misvattingen tussen generaties ophelderen. Dat is het doel van het Generatie Spel, dat door oud-student Vera Donkers (29) en Roos Vos (31) is gelanceerd. ‘’Als we er niet over praten, blijven we hangen in vooroordelen.’’</strong></span></p><p><span>Het spel dwingt je om je eigen tijdgeest opzij te zetten en in de huid van een andere werkende generatie te kruipen. ’’Je speelt in teams en leert hoe verschillende generaties naar werk kijken,’’ zegt Vera Donkers, die Communicatie Management in Eindhoven heeft gestudeerd. ‘’Er wordt vaak gezegd dat gen Z lui is op de werkvloer, maar dat werd vijftig jaar geleden ook over de nieuwe werkende generatie gezegd.’’&nbsp;</span><br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/2ef55149-a5f5-4919-9445-f0fc354a1b42/500_duo_for_a_job_unsnoozed_7cd557c4-912f-4eb4-99f0-264964406970_1_105_c1.jpeg?x=1763640213515" alt="" width="200"><span>De Generatie Game werkt met zogenaamde generatie- en speelkaarten. Iedere speler trekt een generatiekaart die hij geheim moeten houden. Daarna volgt een werksituatie op een speelkaart, zoals: ‘je collega werkt alleen met een hoofdtelefoon en noice-cancelling’. De opdracht is simpel maar effectief: reageer volgens je generatie op de desbetreffende situatie. Het andere team moet raden namens welke generatie je reageert.&nbsp;</span><br><br><strong>Complexe thema's</strong><br><span>‘’Het is een spel, maar het behandelt complexe thema’s zoals werkdruk en mentale gezondheid. Er wordt gelachen en ondertussen wordt er over serieuze onderwerpen gepraat", vervolgt Donkers. Tijdens het tweede deel van het spel ligt de focus op wat collega's uit verschillende generaties van elkaar kunnen leren. Spelers staan tegenover elkaar en delen wat ze mooi vinden aan de andere generatie. ‘’Het is belangrijk om als organisatie zulke dingen bespreekbaar te maken."</span><br><br><span>Het spel krijgt ook internationaal aandacht en wordt ondertussen binnen verschillende sectoren gespeeld. ‘’Een week voor de lancering werden we uitgenodigd op een conferentie in India.’’ De conferentie bestond uit verschillende traditionele bedrijven. ‘’Het ging om bedrijven uit de print/drukindustrie waar weinig jongeren willen werken. Werkgevers zien dat natuurlijk en willen weten hoe die generatie in elkaar steekt.’’ Verder kreeg het spel ook aandacht in Duitsland, Zuid-Afrika en Australië.&nbsp;&nbsp;</span><br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:234/auto;width:234px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8b8a1797-5c8f-45aa-b713-152fd12a0725/800_nori_de_winter_generatie_game.png?x=1763640261314" alt="" width="234" height="auto"><span><strong>UNSNOOZED</strong></span><br><span>De Generatie Game is een initiatief van communicatieadviesbureau UNSNOOZED, waar de oud-Fontysstudent oprichtster van is. Het spel is onderdeel van een workshop die ze daar aanbieden, legt ze uit, want ze vindt het belangrijk om generaties beter te laten samenwerken.&nbsp;</span><br><br><span>‘’De kijk op werk verandert en dat is maar goed ook, maar dat betekent wel dat je als werkgever mee moet bewegen.’’ De jonge ondernemer hoopt dat meer mensen het spel gaan spelen. ‘’Het is een super mooie stap rondom dit vraagstuk en we onderzoeken op dit moment hoe we een structurele aanpak kunnen realiseren.’’</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Alumni,PRO Communicatie,FHEC,Noé]]></category>
            <pubDate>Thu, 20 Nov 2025 13:12:19 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/fe40a324-e896-4447-b697-fced7746688e/500_nori_de_winter_unsnoozed_game.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/fe40a324-e896-4447-b697-fced7746688e/500_nori_de_winter_unsnoozed_game.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fe40a324-e896-4447-b697-fced7746688e/nori_de_winter_unsnoozed_game.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Roos en Vera (r)]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten zetten startups uit Singapore op de kaart</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-zetten-startups-uit-singapore-op-de-kaart/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-zetten-startups-uit-singapore-op-de-kaart/</guid><pp:caseid>727931</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Enorme cultuurverschillen, een compleet andere manier van werken en tropische in plaats van winterse temperaturen. Een groep van bijna twintig studenten is deze week in Singapore om daar startups te helpen met hun marktpositionering.</strong></p><p>Van projecten op school kun je veel leren, maar als je je opgedane kennis vervolgens in kunt zetten in een ander land, met andere mensen én andere culturen, dan leer je daar nog veel meer van. Dat stellen althans Bink en Sterre, die als twee van de achttien studenten meer dan 10.000 kilometer hebben gereisd voor de trip naar Singapore. De een doet Commerciële Economie, de ander Communicatie. Maar er zijn ook studenten bij van SPECO, vertelt docent Joep Peeters.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:293/auto;width:293px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3d92f1b1-90ca-4b42-babd-ff7446477691/800_whatsappimage2025-11-11at04.40.44.jpg?x=1762860409915" alt="Student Sterre, docent Joep en student Bink" width="293" height="auto">Hij legt uit dat deze reis niet zomaar een studiereis is. Het is veel meer dan dat: “Wat dit zo bijzonder maakt, is dat het niet alleen om de reis naar Singapore gaat”, aldus Peeters. “We zetten ons tien weken lang in voor verschillende startups uit Singapore. Eerst waren er de voorbereidingen voorafgaand aan de reis in Singapore. Nu we hier zijn gaan we bij ze op bezoek. En als we volgende week weer terug zijn, gaan we er nog eens vier weken mee verder.”</p><p>Speciaal voor die startups worden er door de betrokken studenten <i>brandbooks</i> gemaakt, visuele uitwerkingen van een merk. Dat gebeurt voornamelijk voor bedrijven in de tech-hoek, waar Singapore er heel veel van heeft. “Startups heb je natuurlijk overal ter wereld, maar er is een reden waarom we dit project in Singapore doen. Ten eerste staat het land <span style="text-align:start;">bekend als een belangrijk centrum voor startups en innovatie. Maar daarnaast zijn w</span>ij ook heel westers georiënteerd. Veel casevoorbeelden die bij onze studies gebruikt worden, zijn Europees of Amerikaans. Maar in Azië werkt alles heel anders en dat willen we laten zien.”</p><p><strong>Grote verschillen</strong><br>Ze zijn er pas een dag of twee, maar toch zijn die verschillen nu al zichtbaar. “Niet alleen de cultuurverschillen zijn groot, ook de manier waarop mensen met elkaar omgaan verschilt enorm”, zegt Sterre. “Terwijl wij als Nederlanders heel direct zijn, zijn ze hier juist heel beleefd. Als iemand in Singapore zegt dat hij iets mooi vindt, dan weet je niet of hij dat 100 procent meent. Je moet echt doorvragen om goede feedback te krijgen.”</p><p>Bink vult haar aan door wat meer in te gaan op de bedrijfsculturen. “Hier in Singapore zijn ze niet zo bezig met branding, marketing en communicatie. Ze richten zich vooral op het technische gedeelte van de producten die ze aanbieden, terwijl dat niet altijd is wat klanten willen zien. Startups focussen zich op hun product en dat product is geweldig. Maar zonder marketing kom je er niet; wij gaan ze daarbij helpen.”&nbsp;</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d1da4598-8123-4b8b-ab0c-8a62291f5163/500_whatsappimage2025-11-11at05.02.13.jpeg?x=1762860417317" alt="Oefenen met AI" width="200">Strak programma</strong><br>Dat doen ze door deze week dagelijks bij de startups op bezoek te gaan. Ze luisteren naar sprekers, leren over AI en volgen een strak programma dat goed gevuld is. Aanstaande maandag wordt de trip afgesloten met een bijeenkomst waarbij alle studenten hun ideeën moeten pitchen. En dat doen ze niet voor de minste. “Naast de betrokken startups is ook een delegatie van de ambassade in Singapore daarbij aanwezig”, aldus docent Peeters. “Wat mij betreft de kers op de taart, want dat geeft natuurlijk nét wat extra spanning.”</p><p>En na de reis? Dan gaat het project gewoon door. De studenten vliegen terug naar Nederland en gaan daar verder met de marketing en communicatie voor de startups. Natuurlijk in de hoop dat daar uiteindelijk daadwerkelijk iets mee gebeurt, zoals dat in voorgaande jaren ook het geval was.&nbsp;</p><p>“Het is niet de eerste keer dat we voor dit project in Singapore zijn”, vervolgt Peeters. “En het mooie is dat bepaalde projecten waar studenten in voorgaande jaren mee bezig zijn geweest, ook echt zijn uitgewerkt. Verschillende verpakkingen die onze studenten hebben gemaakt, zijn nu bijvoorbeeld terug te vinden in de supermarkten van Singapore.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Speco,FHEC,FHC,Luiken]]></category>
            <pubDate>Tue, 11 Nov 2025 16:00:10 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/dedbeeb0-7256-4b3e-9992-b2e209b2df71/500_whatsappimage2025-11-11at05.18.47.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/dedbeeb0-7256-4b3e-9992-b2e209b2df71/500_whatsappimage2025-11-11at05.18.47.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/dedbeeb0-7256-4b3e-9992-b2e209b2df71/whatsappimage2025-11-11at05.18.47.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De hele groep in Singapore]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwe Fontysminor speelt in op populariteit K-Wave</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwe-fontysminor-speelt-in-op-populariteit-k-wave/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwe-fontysminor-speelt-in-op-populariteit-k-wave/</guid><pp:caseid>723967</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>K-pop, K-food, K-drama en K-technologie. Zet er een K voor en het wordt bijna altijd gegarandeerd een succes. K-Wave, </strong></span><span style="text-align:start;"><strong>de wereldwijde populariteit van de Zuid-Koreaanse cultuur,</strong></span><span><strong> leeft onder studenten en dat is precies waarom Fontys nu met een gloednieuwe minor komt én daar zelfs een steentje aan bijdraagt.</strong></span></p><p>De minor, onderdeel van de opleiding International Business, krijgt de naam ‘About the K-Wave’ en speelt in op de wereldwijde opkomst van Zuid-Korea als invloedrijke speler op het gebied van entertainment, technologie en economie. Het wordt een Engelstalige minor waarbij studenten werken aan actuele vraagstukken die hen inzicht bieden in de Koreaanse markt en cultuur. De minor vindt deels in Nederland en deels in Zuid-Korea plaats.</p><p>De centrale medezeggenschapsraad (cmr) heeft ingestemd met de komst van de minor, maar deed dat niet zonder eerst een paar kritische vragen te stellen aan het college van bestuur (cvb). Fontys bekostigt een deel van de reis en de cmr vroeg zich onder meer af hoe dat realiseerbaar is terwijl er bij andere onderwijsprogramma’s juist onderdelen geschrapt worden vanwege financiële krapte.</p><p><strong>Verplicht onderdeel</strong><br>Volgens Mariette Mambwe, opleidingsmanager bij International Business, is daar een logische verklaring voor. Ze legt uit dat studenten worden geacht zelf zo’n duizend euro in te leggen, de rest wordt door Fontys betaald. “Wij betalen het ticket en de educatieve activiteiten. Dat doen we omdat de reis een verplicht studieonderdeel is. Zonder deze reis kun je je minor niet afronden. Bij de China- en USA-minoren bekostigen we om diezelfde reden ook een deel.”</p><p>Bovendien creëert de minor bij een grote populariteit extra inkomsten en is er een aanvraag gedaan voor een subsidie in de vorm van een Erasmusbeurs, waarvan de kans groot is dat die wordt toegekend. Al is de verwachting dat de minor ook zonder die beurs succesvol zal worden. Daarover zegt Mambwe: “Om de minor betaalbaar te maken, heb ik achttien aanmeldingen nodig. Die aantallen halen we bij onze andere minoren – zoals USA en China – met gemak; voor China hadden we er 43.”</p><p>Hoe verder ze boven die achttien aanmeldingen komen, hoe meer dat oplevert. En daar komen die extra inkomsten dus vandaan. Maar of dat dan voldoende reden is om de minor te laten draaien? “Nee, daar zijn meer eisen voor nodig. Ten eerste moet een minor nieuw zijn in Nederland. Dat is de K-Wave minor; er zijn in ons land nog geen minoren die puur op Zuid-Korea gericht zijn. Verder moet er een samenwerking zijn met een partnerschool in het andere land, is er een USP en wordt er samengewerkt met andere instituten binnen Fontys. Dat laatste gebeurt in dit geval met de Rockacademie en ACE.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/dc5ff387-76d6-4fbe-8715-8614df7500fd/500_rumeysagungor.png?x=1759993918878" alt="Rümeysa Güngör" width="200">Belangstelling</strong><br>Rümeysa Güngör is binnen Fontys de initiator van de minor en is blij dat-ie is goedgekeurd. In februari gaat de eerste lichting - waar tot nu toe negentien aanmeldingen voor zijn, waarvan zes buiten Fontys - van start. “Ik heb altijd gedacht dat deze minor populair zou worden”, zegt ze.</p><p>“De Korean Wave is een wereldwijd fenomeen. Je ziet tegenwoordig steeds vaker Koreaanse idolen in internationale reclames, Koreaanse films in lokale bioscopen, Koreaans eten in supermarktschappen en Koreaanse series die de top 10 van Netflix domineren. De wereldwijde belangstelling voor Korea blijft maar groeien. Bovendien hebben we binnen Fontys veel mensen met uitgebreide kennis over Korea en een sterk netwerk van partners in de Koreaanse industrie.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,minor,Luiken,Eindhoven,FHEC]]></category>
            <pubDate>Thu, 09 Oct 2025 15:05:19 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/5a96f64b-d921-45e5-966b-b9f8945549f2/500_shutterstock_2548827233.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/5a96f64b-d921-45e5-966b-b9f8945549f2/500_shutterstock_2548827233.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/5a96f64b-d921-45e5-966b-b9f8945549f2/shutterstock_2548827233.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[K-Wave Zuid-Korea]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Staatsraad: geen nieuwe afstudeerkans voor Fontysstudent</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/student-krijgt-geen-derde-afstudeerkans-na-onvoldoendes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/student-krijgt-geen-derde-afstudeerkans-na-onvoldoendes/</guid><pp:caseid>720819</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Een student die in 2016 begon aan de opleiding Commerciële Economie bij Fontys, krijgt geen derde kans om af te studeren met zijn afstudeeronderzoek. Hij voelde zich onaangenaam behandeld tijdens zijn afstudeergesprek en besloot daarom naar de Raad van State te stappen, maar die heeft de student woensdag ongelijk gegeven.</strong></span></p><p style="text-align:start;">De student had gehoopt zijn studie in het studiejaar 2022-2023 af te ronden door zijn scriptie in te leveren. Maar omdat hij een onvoldoende kreeg, probeerde hij het ’t jaar daarop weer. Ook toen ging het mis: zijn scriptie werd beoordeeld met opnieuw een onvoldoende.</p><p style="text-align:start;">Na een herkansing werd dat cijfer opgehoogd naar een een krappe voldoende, maar tijdens het mondeling verdedigen van zijn scriptie ging hij opnieuw de mist in. Zijn examinatoren, ook wel assessoren genoemd, beoordeelden zijn assessment samen met een externe deskundige als onvoldoende en trokken vervolgens een heel punt van zijn cijfer af. Eindstand: een 4,6.</p><p style="text-align:start;">De student vindt dat het proces rondom de verdediging van zijn afstudeeronderzoek niet zorgvuldig en objectief is verlopen. Hij zegt onder andere meerdere keren onderbroken te zijn omdat hij kortere en inhoudelijkere antwoorden moest geven, en werd met de verkeerde voornaam aangesproken. Zijn verzoek om een derde kans werd door het College van Beroep voor de Examens van Fontys (CBE) afgewezen. Dat is namelijk van mening dat er geen sprake was van onredelijke benadering.</p><p style="text-align:start;">Omdat de student het daar niet mee eens was, stapte hij naar de Raad van State. Daar werd de zaak woensdag besproken. Maar het bleek niet gunstig voor de student: het CBE kreeg gelijk, wat betekent dat de student niet alsnog een derde kans krijgt om af te studeren met zijn afstudeeronderzoek. Wel kan hij volgens Marlies Hesseling, jurist bij Fontys, een nieuw afstudeeronderzoek starten waarmee hij uiteindelijk alsnog kan afstuderen bij zijn opleiding.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Eindhoven,Student,FHEC]]></category>
            <pubDate>Thu, 04 Sep 2025 13:49:52 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/51b1c720-6b25-461c-bc29-c383c3e69c50/500_shutterstock_703300780.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/51b1c720-6b25-461c-bc29-c383c3e69c50/500_shutterstock_703300780.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/51b1c720-6b25-461c-bc29-c383c3e69c50/shutterstock_703300780.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock_703300780]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kritisch leren omgaan met misinformatie over anticonceptie</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kritisch-leren-omgaan-met-misinformatie-over-anticonceptie/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kritisch-leren-omgaan-met-misinformatie-over-anticonceptie/</guid><pp:caseid>713553</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>TikTok, Instagram en YouTube zijn voor veel jongeren dé informatiebron over anticonceptie. Bronnen die overtuigend klinken, maar zelden gebaseerd zijn op feiten. En dus moeten we jongeren leren hier met een kritische blik naar te kijken, vindt Fontysstudent Anouk Vossen.</strong></p><p>De beeldvorming van jongeren wordt veelal bepaald door social media, maar dat is ook de plek waar veel onbetrouwbare informatie rondgaat. Ook over anticonceptie. Anouk, ACE-student Trend Research & Concept Creation in Lifestyle, besloot van dit actuele en in haar ogen urgente thema haar afstudeerproject te maken. Want zij ziet hoe influencers onvolledige, onjuiste of sturende informatie over voorbehoedsmiddelen verspreiden.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/276d8d25-ff40-4e2d-b686-00e4eb0b0041/500_anouk-2.jpg?x=1752055135304" alt="Anouk" width="200">“Er zijn er bij die het helemaal niet uitmaakt wat ze verspreiden. Die doen het alleen voor de clicks en views, of ze weten het zelf niet zo goed en vertellen maar wat.”</p><p><strong>Negatieve verhalen</strong><br>Zorgelijk vindt Anouk, zeker omdat ze jongeren vaak desinformatie voorschotelen of onbetrouwbare anticonceptiemethoden promoten. Met name de negatieve verhalen over de pil en de hormonen die daar inzitten missen veel nuance, zegt ze.<span>&nbsp;</span></p><p>“Als iemand een slechte ervaring heeft met de pil, betekent het niet dat dat voor iedereen geldt. Maar als hier een dramatisch verhaal van wordt gemaakt - en dat scoort natuurlijk - waarin tien anderen die wel positief zijn niet worden meegenomen, dan raakt de beeldvorming nogal uit balans.”</p><p><strong>Minder betrouwbaar</strong><br>Daardoor kiezen sommige vrouwen ervoor om te stoppen met de pil en over te gaan op natuurlijke anticonceptie. Een methode waarbij je op basis van lichaamstemperatuur achterhaalt wanneer je vruchtbaar bent of niet. En dat is vaak minder betrouwbaar.</p><p>Anouk: “Je moet hierbij heel precies en nauwkeurig zijn. Maar meer dan de helft van de vrouwen voert dat verkeerd uit. Je moet dus wel goed voorgelicht worden, anders is de kans om ongewenst zwanger te raken veel groter.”<span>&nbsp;</span></p><p>Maar juist aan goede voorlichting ontbreekt het vaak op social media. Het algoritme tegengaan door dan zelf maar betrouwbare informatie te plaatsen, daar begint Anouk niet aan. “Daar is het veel te veel voor, dan ben je alleen maar brandjes aan het blussen.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8e20d129-c141-492e-8ea4-08465e2b784f/500_opblaasbarebaarmoeder.jpg?x=1752059458657" alt="" width="200">En dus besloot ze het anders aan te pakken. Dinsdag presenteerde ze de uitkomsten van haar afstudeerproces midden op het terrein van campus Stappegoor. Terwijl de andere studenten binnen hun presentaties gaven, gaf Anouk buiten naast een grote opblaasbare baarmoeder tekst en uitleg over haar aanpak en liet ze met een expositie in een bus zien waar ze op uit is gekomen.<span>&nbsp;</span></p><p><strong>Goede fundering</strong><br>Om ervoor te zorgen dat jongeren op een eerlijke manier voorgelicht worden over anticonceptie en een weloverwogen keuze kunnen maken, moet je er volgens Anouk op tijd bij zijn. En dus richtte ze zich met haar afstudeerproject op jongeren tussen de vijftien en achttien jaar.&nbsp;</p><p>“Je moet een huis bouwen op een goede fundering. Met volledige en betrouwbare informatie op school geef je jongeren een goede basis, waarmee ze vervolgens op social media veel kritischer kunnen kijken naar wat ze daar zien.”</p><p>Om jongeren die stevige basis te bieden en ze beter voor te bereiden om met desinformatie om te gaan, besloot ze de hulp in te schakelen van Rutgers, het kenniscentrum voor seksualiteit. Daar lag al veel wetenschappelijk onderbouwde onderzoeksinformatie over dit onderwerp voor haar klaar. Want ook bij hen staat het probleem van desinformatie hierover hoog op de agenda.</p><p>Vervolgens klopte Anouk aan bij uitgeverij Noordhoff om daar het lesmateriaal over seksuele voorlichting door te lichten. Dat bleek geen overbodige luxe. “In de lesmethodes bleek dat er echt wel dingen te verbeteren waren. Niet alles klopte helemaal of was niet volledig. Er zijn bijvoorbeeld echt wel meer keuzes dan alleen de pil en een condoom.”</p><p>De boeken voor het nieuwe schooljaar zijn inmiddels al gedrukt. Maar voor de volgende editie heeft de uitgever Anouk uitgenodigd om samen met Rutgers te kijken welke aanpassingen er nodig zijn.<span>&nbsp;</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f1ea9520-9965-4343-b147-74e0b9999b9e/800_expobusanticonceptie.jpg?x=1752059742515" alt="" width="300" height="auto">Gedeelde verantwoordelijkheid</strong>&nbsp;<br>Ook vroeg Anouk voor haar onderzoek input van de leerlingen zelf. En niet alleen van de meisjes, ook de jongens. Want anticonceptie is een gedeelde verantwoordelijkheid voor mannen én vrouwen, vindt ze, en dus moet je iedereen erbij betrekken. “Toen ik op de basisschool in groep zeven zat, gingen de jongens voetballen en kregen de meiden les over menstruatie.”</p><p>Dat is echt verleden tijd wat Anouk betreft. “Als je vriendin vergeetachtig is, dan kun je haar best helpen herinneren dat ze de pil slikt en ook jij kan als man een condoom meenemen als je op stap gaat. Dat is geen verantwoordelijkheid die alleen bij vrouwen ligt.”</p><p>En dus schoven zowel jongens als meisjes aan om mee na te denken over geschikt lesmateriaal dat hun mediawijsheid vergroot. Het werd uiteraard een spel. Een soort wie is de mol, maar dan met als missie om erachter te komen wie de misinformatie verspreidt.</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Annemiek,FHEC]]></category>
            <pubDate>Wed, 09 Jul 2025 13:36:12 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/5cfb91ed-3451-4967-b37f-d06ef08a9f55/500_anoukmisinfo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/5cfb91ed-3451-4967-b37f-d06ef08a9f55/500_anoukmisinfo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/5cfb91ed-3451-4967-b37f-d06ef08a9f55/anoukmisinfo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Anouk misinfo ]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Eindje Bouwen wil leegstaand vastgoed omtoveren</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/eindje-bouwen-wil-leegstaand-vastgoed-omtoveren/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/eindje-bouwen-wil-leegstaand-vastgoed-omtoveren/</guid><pp:caseid>712742</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Vastgoed wat toch leegstaat in Eindhoven tijdelijk ombouwen naar huisvesting voor studenten. Met dit plan willen de studenten van Eindje Bouwen hun steentje bijdragen om het tekort aan studentenwoningen in de stad op te lossen.</strong><span><strong>&nbsp;&nbsp;</strong></span></p><p>Net als in de rest van Nederland is er ook in Eindhoven een groot tekort aan woonruimte voor studenten. En dat wordt er niet beter op nu de Brainportregio in de toekomst nog veel meer technische studenten aan wil trekken. En dus besloot een vijftal studenten van Fontys Vastgoed en de TU/e Bouwkunde niet langer af te wachten en in actie te komen. Met de oprichting van Eindje Bouwen willen ze het huisvestingsprobleem aanpakken door leegstaand vastgoed tijdelijk te transformeren tot studentenwoningen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/3c16aa70-2a8e-4d79-865d-2f781140ae70/500_india.jpg?x=1751364615182" alt="India" width="200">“Door panden die toch leegstaan om te toveren tot studentenwoningen, willen we zoveel mogelijk studenten in Eindhoven onderdak bieden”, legt Fontysstudent en voorzitter India uit. “Zo tackelen we meteen twee problemen; de leegstand in de stad en het tekort aan woonruimte voor studenten.”</p><p><strong>Warm welkom</strong><br>Het bestuur van Eindje Bouwen keek het idee af van een studenteninitiatief in Delft met precies dezelfde aanpak. Vorige maand presenteerden de studenten hun plannen aan de buitenwereld, maar eigenlijk zijn ze al sinds september vorig jaar bezig met de oprichting en werden de eerste lijntjes uitgezet in het Eindhovense vastgoedwereldje. Ze kregen een warm welkom, vertelt Fontysstudent en bestuurslid Marijse.</p><p>“We merken dat mensen uit het vakgebied heel enthousiast zijn, dat wij dit als studenten non-profit willen doen. Het gaat ons niet om winst maken, maar willen iets bijdragen aan een maatschappelijk probleem. We weten natuurlijk ook goed wat studenten willen, dus iedereen staat heel erg open om ons te ontmoeten. En dat is belangrijk want om iets te bereiken moet je echt veel mensen kennen.”</p><p><strong>Tijdelijk huurder</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1d3d8911-217f-4fdb-96a7-b287610ccb48/500_presentatieeindjebouwen.jpg?x=1751365183802" alt="" width="200">Ze hebben inmiddels hun weg in de Eindhovense bouw- en vastgoedwereld gevonden en kunnen nu gemakkelijk aankloppen bij verschillende partijen die samen met hen willen optrekken en ook interesse hebben om te investeren.&nbsp;</p><p>Een concreet transformatieproject is er helaas nog niet. Eindje Bouwen gaat zelf geen pand aankopen, maar wil juist als tijdelijk huurder een leegstaand gebouw geschikt maken voor bewoning door studenten. Ze zien dat met name kantoorpanden in de stad vaak meerdere jaren leegstaan. En die zijn uitermate geschikt om te transformeren tot studentenhuisvesting, zegt India.</p><p>“We zoeken naar panden die nu leeg staan en waar een eigenaar eigenlijk pas over minimaal vijf jaar iets mee van plan is. Langer is natuurlijk nog beter, korter niet. Bij de transformatie van bijvoorbeeld een groot kantoorpand is het natuurlijk niet rendabel om het voor een korte tijd te verbouwen en het dan, als een bedrijf het zelf weer gaat gebruiken, weg te halen.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e631265d-365d-4d82-bcf1-4e58af1a9131/500_marijse.jpg?x=1751365394530" alt="Marijse" width="200">“Bovendien”, voegt Marijse toe, “willen we iemand in een woning wel een volledig studentenleven aan kunnen bieden en niet dat je ergens twee jaar woont en dan weer moet opzouten. Daar heb je niets aan.”</p><p><strong>Te duur&nbsp;</strong><br>Inmiddels wordt er door diverse partijen in Eindhoven echt wel wat gebouwd voor studenten. Helaas is dat volgens India nog steeds niet voldoende en is het vaak niet het type huisvesting waar studenten op zitten te wachten.<span>&nbsp;</span></p><p>India: “Je ziet vaak dat er appartementen en studio’s worden gebouwd, maar die zijn stiekem veel te duur voor de meeste studenten. En zelfs ook na deze bouwprojecten is er een tekort aan studentenwoningen. Dus met hoe meer projecten je samen bezig bent, hoe sneller het probleem is opgelost.”<span>&nbsp;</span></p><p>Daarnaast gaat het wat de studenten van Eindje Bouwen betreft om meer dan alleen een plek om te wonen. Juist het samenwonen met anderen en de ruimte om elkaar te ontmoeten staan centraal bij hun ontwikkelplannen. Iets wat India de eerste jaren dat ze als student antikraak woonde wel heeft gemist.<span>&nbsp;</span></p><p>“Ik woonde daar op mezelf en miste mensen om me heen. Daarom woon ik nu ook in een studentenhuis, dat is veel socialer en gezelliger. Hier ontmoet ik medebewoners in de keuken en woonkamer en dat is precies de sociale cohesie die we bij Eindje Bouwen ook zo belangrijk vinden.”</p><p><strong>Geen feestcommissie</strong><br>De studenten zijn het afgelopen schooljaar wekelijks zeker 20 uur bezig geweest met Eindje Bouwen. Het was ontzettend leuk en leerzaam, vinden ze, maar niet iets wat ze ook volgend jaar kunnen combineren tijdens hun stage en afstuderen. “Dit is geen feestcommissie”, benadrukt India. “Natuurlijk is het leuk met de andere bestuursleden, maar we zijn vooral hard aan het werk, want we willen wel echt wat bereiken.”</p><p>Tijd dus om het stokje door te geven. Vier van de bestuursposten zijn inmiddels ingevuld. En al zou het fijn zijn als ook die laatste student zich aanmeldt, ze zijn er gerust op dat hun werk doorgaat.</p><p>Marijse: “Het afgelopen jaar hebben we Eindje Bouwen echt op de kaart gezet. Met alle contacten die er nu zijn, geven we onze opvolgers een goede toolbox mee om aan de slag te gaan. Het enige wat ze nu nog nodig hebben is een pand. Op dit moment zijn&nbsp;we hierover serieus in gesprek met verschillende partijen, dus ik hoop echt&nbsp;dat het&nbsp;ons&nbsp;voor de overdracht nog&nbsp;gaat lukken&nbsp;om&nbsp;dat rond te krijgen.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Annemiek,Student,Eindhoven,FHEC,PRO Ondernemerschap,PRO Management en Organisatie,PRO Economie]]></category>
            <pubDate>Tue, 01 Jul 2025 14:17:26 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1f061dd5-f881-4e64-bb43-68109c50084d/500_eindjebouwenpitch.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1f061dd5-f881-4e64-bb43-68109c50084d/500_eindjebouwenpitch.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1f061dd5-f881-4e64-bb43-68109c50084d/eindjebouwenpitch.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[eindje bouwen pitch]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nog betere aansluiting voor leerlingen: Junior Academie breidt uit</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nog-meer-aansluiting-op-vo-junior-academie-breidt-uit/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nog-meer-aansluiting-op-vo-junior-academie-breidt-uit/</guid><pp:caseid>711164</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Jongeren al vroeg in de studieloopbaan kennis laten maken met het vak techniek gebeurt bij Fontys al een tijdje. Maar vanaf het nieuwe collegejaar wordt er ook ingezet op andere domeinen. De Fontys Junior Academie breidt zich flink uit.</strong></p><p>De Fontys Junior Academie is jaren geleden in het leven geroepen om de overstap vanuit het voortgezet onderwijs en mbo naar het hbo zo soepel mogelijk te maken. Dat gebeurt met zogeheten ‘aansluitingsactiviteiten’, die tot nu toe vooral in de techniekbranche worden georganiseerd. Maar vanaf het nieuwe studiejaar komen daar ook de domeinen Economie & Communicatie, Educatie, Mens & Gezondheid/Paramedisch bij.&nbsp;</p><p><strong>Keuze is reuze</strong><br>Dat heeft als reden dat de studiekeuze voor leerlingen momenteel enorm is. Misschien zelfs wel te groot, en daardoor zien veel studiekiezers door de bomen het bos niet meer. Want ga er maar aanstaan: je rondt als jong bloempje de middelbare school af zonder enig idee welk carrièrepad je wil gaan bewandelen. Toch is het van groot belang dat je op dit moment een studie kiest die bij je past.</p><p>Maar dat is ’t hem nou juist. Want hoe weet jij welke studie bij je past? Nou, dat is dus waar de Junior Academie om de hoek komt kijken. Want met de activiteiten die hier worden georganiseerd, krijgen leerlingen van het voortgezet onderwijs en het mbo een kijkje in verschillende keukens. Voorheen dus alleen in de technische keuken, maar vanaf het nieuwe studiejaar kunnen ze ook kennismaken met alles wat met economie, communicatie, educatie en de gezondheidswereld te maken heeft.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/20543272-25cf-4861-8dc4-0d575541b98a/500_nienkevanotterloo.png?x=1750160340223" alt="Nienke van Otterloo" width="200">“Wij organiseren activiteiten om leerlingen in aanraking te laten komen met de verschillende domeinen, zodat ze een beter beeld krijgen van wat ze leuk of juist niet leuk vinden”, legt Nienke van Otterloo uit, coördinator bij de Junior Academie, afdeling Techniek. Maar daar blijft het niet bij, want: “Aangezien docenten daar een grote rol in spelen en het belangrijk is dat zij weten hoe het vervolgonderwijs eruitziet, organiseren we ook voor docenten verschillende activiteiten.”</p><p><strong>Officiële start</strong><br>Officieel worden de ‘extra’ domeinen pas vanaf september bij de Junior Academie betrokken, maar achter de schermen wordt er wel al aan die nieuwe stap gewerkt. “<span style="text-align:left;">Vanuit de domeinen werken we al een jaar samen binnen de Junior Academie, afgelopen jaar in pilotvorm, komend jaar met een vaste jaarplanning en gezamenlijke website</span>”, vervolgt Van Otterloo.</p><p>Haar collega Martje Pool, die als strategisch consultant aansluiting vanuit de centrale diensten advies uitbrengt over hoe de aansluiting met het voortgezet onderwijs en mbo verbeterd kan worden, vult haar aan. “Veel scholen zien ons als één Fontys, maar Fontys bestaat uit heel veel verschillende instituten met heel veel verschillende contactpersonen. Dat is voor het voortgezet onderwijs natuurlijk niet te overzien, en daarom brengen we met de Junior Academie alles samen.”</p><p><strong>Meerder doelen</strong><br>Tijdens de activiteiten die de Junior Academie organiseert, worden deelnemers aan het werk gezet om de breedte van het domein en vakgebied te laten zien. Met als hoofddoel mensen enthousiast te maken voor dat domein, maar ook om te voorkomen dat ze de verkeerde studiekeuze maken.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/934787ef-860b-4145-85f3-8d3b43e2d90d/500_1000042583.jpg?x=1750160363964" alt="Martje Pool" width="200">Pool: “We willen natuurlijk onder de aandacht brengen wat we hebben, maar dat is uiteindelijk niet het doel. Het grote doel is om de overstap tussen het voortgezet onderwijs en hbo minder groot te maken en bij te dragen aan een goede studiekeuze. Er zijn immers heel veel havisten met motivatieproblemen die overstappen naar het mbo en dan uitvallen, en om dit tegen te gaan wordt er gekeken hoe de havo praktijkgerichter kan worden en zo kan bijdragen aan de voorbereiding op het hbo. Onze activiteiten sluiten daar mooi op aan.”</p><p>Met de nieuwe domeinen die vanaf september worden toegevoegd, wordt Fontys met een groter deel vertegenwoordigd dan ooit. Maar dan zijn ze er nog steeds niet helemaal. Gaat dat in de toekomst nog veranderen? “We zijn nu met een aantal grote domeinen gestart en gaan hiermee kijken waar de struikelblokken en winkansen liggen, maar uiteindelijk hopen we alle Fontys-instituten te vertegenwoordigen bij de Junior Academie.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Luiken,FHEC,FHMG,FHTN,FHE,FHKE,PRO Communicatie,PRO Economie,PRO Educatie,PRO Techniek,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid]]></category>
            <pubDate>Tue, 17 Jun 2025 13:39:46 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/500_shutterstock-1962091198.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/500_shutterstock-1962091198.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/9933c02d-2b60-45f9-aada-06f13d5fcb25/shutterstock-1962091198.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[studie keuze richting]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Bijzondere stages: Festivalorganisator This is Live</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bijzonder-stages-festivalorganisator-this-is-live/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bijzonder-stages-festivalorganisator-this-is-live/</guid><pp:caseid>706325</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Natuurlijk is het leuk om artiesten van dichtbij te zien en met je neus op het podium te staan bij een festival. Maar dat is niet het enige wat de stage van Fontysstudenten Eef en Desi bij festivalorganisator This is Live nou zo leuk maakt.</strong></p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a241f450-7b72-403f-b01a-d0bc04edb7db/500_logobijzonderestages.jpg?x=1747903665855" alt="" width="200">Wie net als Desi en Eef stage wil lopen bij This is Live in Schijndel, organisator van onder andere Paaspop, moet wel van hard werken houden. Want tijdens een festival moet echt iedereen aan de bak, vertelt Eef, vierdejaars student Commerciële Economie in Tilburg.</p><p>“Ook al loop je net als ik stage op de afdeling marketing, als het nodig is om houtsnippers te verspreiden over het veld omdat het hard heeft geregend, dan helpt iedereen gewoon mee en zet zijn schouders eronder. Er heerst een enorm teamgevoel en als stagiair ben je echt part of the team.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9db44f7a-4bf2-46a6-a806-fdc1d63d22e3/500_desi.jpeg?x=1747726345401" alt="Desi" width="200">Het is juist die teamsfeer waarom ze het allebei zo ontzettend naar hun zin hebben op deze stageplek. Dat ze uiteindelijk maar weinig meekrijgen van een evenement, is volgens Desi, tweedejaars student Commerciële Economie, dan ook niet erg.</p><p>“Je bent non-stop aan het rennen en hebt echt geen tijd om ergens bij stil te staan. En je moet ook zeker tegen weinig slaap kunnen, want als het festival afgelopen is, drinken we vaak nog wat met het team. Ik heb inmiddels al heel wat overuren gemaakt. Maar ik vind het allemaal leuk, dus dat maakt mij niet uit.”</p><p><strong>Geen slaafje</strong><br>Een groot deel van hun stage zitten ze natuurlijk ook gewoon achter een bureau. Want ook vooraf is er genoeg te doen, merkte Desi al snel. “Ik heb hier pas gezien wat er allemaal geregeld moet worden voor zo’n festival. Daar sta je als normale bezoeker niet bij stil.”&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>Vanaf het eerste moment hoort ze helemaal bij het team en mag ze verrassend veel doen, vindt ze. “Je bent hier als stagiair zeker geen slaafje. Ik beheer bijvoorbeeld zelf de social media van This is Live, dat is echt mijn eigen project. Ik had vooraf niet verwacht dat ik zoveel verantwoordelijkheid zou krijgen.”</p><p><strong>Backstage</strong><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fcf74be4-7f7f-4233-9955-baf077eafa5c/500_eefstage.jpeg?x=1747726548969" alt="Eef" width="200">En als het dan na maanden voorbereiding eindelijk zover is, wil je er natuurlijk zelf wel bij zijn. Eef: “Die festivals zijn uiteindelijk het allerleukst, daar doe je het allemaal voor. Het is mooi om het zien hoe het op zo’n dag allemaal samenkomt.”&nbsp;</p><p>Zelf kon ze na haar eerste stage blijven werken bij This is Live en doet daar nu ook haar afstudeerstage. Inmiddels heeft ze drie edities van Paaspop backstage meegemaakt en weet nog goed hoeveel indruk de eerste keer op haar maakte.&nbsp;<span>&nbsp;</span></p><p>“Ik keek toen echt mijn ogen uit. Je komt als stagiair op plekken waar je als bezoeker nooit komt. Natuurlijk is de achterkant van zo’n festival niet super sexy en werken we in een soort keet op onze laptops. Maar als je foto’s of video’s gaat maken, sta je echt op of vlak naast het podium en kun je de artiesten bij wijze van spreken bijna aanraken. Dat is supervet om mee te maken.”</p><p><strong>Fangirlen</strong><br>Al zijn er over de omgang met artiesten hele duidelijke regels, die iedereen tijdens de briefing vooraf te horen krijgt. “Als een band vol adrenaline het podium afkomt willen ze natuurlijk niet lastiggevallen worden met de vraag of ze met jou op foto willen”, legt Eef uit. “Backstage is ook voor hen een safe space. Het is niet de bedoeling dat je daar een beetje gaat staan fangirlen, er wordt wel professionaliteit van je verwacht.”</p><p>Natuurlijk zijn er, net als bij iedere stageplek, ook dingen die gewoon niet zo leuk zijn, geeft Eef toe. “Dan heb je super leuke dagen bij Paaspop gehad en mag jij daarna de mailbox met klachten bijwerken, dat is minder leuk. Maar dat zal bij iedere stage wel zo zijn en er staat zoveel leuks tegenover.”</p><p><strong>Keihard werken</strong><br>Ze zouden een stage bij de Schijndelse festivalorganisator iedereen aanraden. Nou ja, bijna iedereen. Want met een negen tot vijf mentaliteit ga je het hier niet redden. Je moet namelijk niet alleen in de weekenden willen werken, deze stage is ook standaard net een beetje langer dan normaal.</p><p>“Mijn stage loopt nog een extra maand door in de zomervakantie, dat is vooraf zo afgesproken”, legt Desi uit. “Maar dat heb ik er wel voor over. Ik zou het veel te jammer vinden om de festivals Wish en Solar niet mee te pikken. Bovendien hoef ik me dan niet meer druk te maken over school en is het inmiddels lekker zomer.”</p><p><span>&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Student,FHEC,Annemiek]]></category>
            <pubDate>Thu, 22 May 2025 11:22:01 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e0efa77d-c1d0-4a27-996a-778a419790f8/500_desieneef.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0efa77d-c1d0-4a27-996a-778a419790f8/500_desieneef.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e0efa77d-c1d0-4a27-996a-778a419790f8/desieneef.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Desi en Eef]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gezamenlijke masters AI en data: &quot;Behoefte neemt toe&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gezamenlijke-masters-ai-en-data-behoefte-neemt-toe/</guid><pp:caseid>686321</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Fontys mag beginnen met het ontwikkelen van de nieuwe masteropleiding Artificial Intelligence Translator. Daarnaast heeft het ministerie van OCW groen licht gegeven voor de start van een andere master: Data Driven Business. Bijzonder aan de masters is dat Fontys ze samen met andere hogescholen gaat ontwikkelen en aanbieden.</strong></p><p>De twee nieuwe masteropleidingen maken deel uit van een clusteraanvraag voor vijf cross-sectorale masters. Verschillende hogescholen hebben hiervoor intensief samengewerkt. Bijzonder aan deze opleidingen is dat ze diverse vakgebieden en sectoren met elkaar combineren en door verschillende hogescholen worden ontwikkeld en aangeboden (joint degrees). Eerder kregen de masters Human Capital Innovation, Sustainability Transitions en Transitie naar Gezondheid en Welzijn al groen licht van OCW.&nbsp;<br><br>Zo’n clusteraanvraag is vrij nieuw in Nederland. Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen, <a href="https://www.vereniginghogescholen.nl/actueel/actualiteiten/opnieuw-groen-licht-voor-twee-cross-sectorale-hbo-masters-grote-stap-voor-onderscheidend-aanbod" target="_blank">reageerde </a>opgetogen nadat bekend werd dat alle vijf clusteraanvragen zijn goedgekeurd. “Het betekent een grote impuls voor de verbreding van praktijkgericht aanbod aan hbo-masters. Dat is belangrijk: de arbeidsmarkt schreeuwt om praktijkgerichte professionals die in staat zijn om sectoroverstijgend te denken en te doen.”&nbsp;<br><br><strong>Joint degrees</strong><br>Voor deze vijf masters werken zes hogescholen samen in zogenoemde <a href="https://bron.fontys.nl/fontys-en-avans-slaan-handen-vaker-ineen/" target="_blank">joint degrees</a>, daarbij wordt één opleiding door meerdere hogescholen ontwikkeld en aangeboden. Het gaat om Hogeschool Windesheim, Avans Hogeschool, De Haagse Hogeschool, Hogeschool Inholland, Saxion Hogeschool en natuurlijk Fontys Hogeschool.&nbsp;<br><br>Voor elke master is één hogeschool ‘penvoerder’. Dat betekent dat een student zich bij een van de hogescholen inschrijft voor de betreffende master, maar dat dezelfde opleiding bij alle samenwerkende hogescholen wordt aangeboden, en dus op verschillende locaties gevolgd kan worden. Wel kunnen de hogescholen er een eigen accent aan geven dat aansluit bij de regio. Zo zal Fontys zich meer richten op de Industrial Engineering en Health Tech, sectoren die dominant zijn in de Brainportregio.&nbsp;[<i>tekst gaat verder onder de foto</i>]&nbsp;</p><p>Een van de masters waarvoor Fontys penvoerder is, is de recent goedgekeurde opleiding AI Translator. Samen met Avans start Fontys in februari met de ontwikkeling ervan. “Met deze masteropleiding willen de hogescholen straks professionals afleveren die bedrijven en overheden kunnen helpen om AI praktisch inzetbaar te maken. De AI Translator analyseert voor een organisatie de kansen, bedreigingen, kwetsbaarheden en bedreigingen voor de inzet van AI”, licht Michael Franssen, manager development bij ICT en projectleider van de master, toe.&nbsp;<br><br>Avans is penvoerder van de master Data Driven Business. Hierin staat het verzamelen, analyseren en visualiseren van data centraal om organisaties te helpen om betere beslissingen te nemen. Volgens Franssen is er opvallend veel vraag naar dergelijke professionals in AI en data. “Die behoefte zal alleen maar toenemen. Om die reden worden beide masters eveneens in deeltijd aangeboden, zodat ook mensen uit het werkveld kunnen instromen.”&nbsp;<br><br><strong>Expertise delen</strong><br>Groot voordeel van een joint degree is dat je de ontwikkeling van een nieuwe opleiding als onderwijsinstelling niet helemaal zelf hoeft te doen, weet Franssen. “Je deelt je expertise, wat mogelijk ook leidt tot meer eenheid in het aanbod.”&nbsp;</p><p>Of eenzelfde master aangeboden door meerdere hogescholen de concurrentie niet in de kaart speelt? Franssen denkt van niet. “Uitgangspunt is en blijft de student. Uiteindelijk worden alle hogescholen gefinancierd door de overheid om studenten op te leiden voor de arbeidsmarkt. Puur vanwege de afstand denk ik dat we niet in elkaars vaarwater zitten. In de praktijk kiezen studenten vaak voor een school in de buurt.”&nbsp;<br><br><strong>Goedkeuring</strong><br>Voordat studenten zich daadwerkelijk kunnen aanmelden, moeten de nieuwe masters nog worden ontwikkeld en/of goedgekeurd door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO).&nbsp;</p><p>Twee van de vijf opleidingen - Responsible AI Innovation en Transitie naar Gezondheid en Welzijn - starten naar verwachting in september dit jaar, voor de andere drie masters - Sustainability Transitions, AI Translator en Data Driven Business - kunnen studenten zich hoogstwaarschijnlijk inschrijven vanaf studiejaar 2026-2027.&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Master,PRO Onderwijs,FHICT,FPH,FHEC,Verbiesen,AI,PRO ICT]]></category>
            <pubDate>Wed, 29 Jan 2025 10:56:18 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_bigdata-01.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bigdata-01.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Big data-01]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Fontys en TU/e werken samen aan ‘snelle’ soa-test</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fontys-en-tue-werken-samen-aan-snelle-soa-test/</guid><pp:caseid>685068</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) zijn in Nederland aan een flinke opmars bezig. Om verspreiding tegen te gaan en een betere behandeling mogelijk te maken, werken onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e samen aan een ‘snelle’ soa-test die bij een specialist kan worden afgenomen.</strong></p><p>Soa kunnen schadelijke gevolgen hebben voor de gezondheid, zoals verminderde vruchtbaarheid, buitenbaarmoederlijke zwangerschap en bij mannen kan het leiden tot ontstekingen in bekken, bijballen of prostaat. Vooral Gonorroe is hiervan de veroorzaker, zo blijkt uit een <a href="https://www.rivm.nl/publicaties/sexually-transmitted-infections-in-netherlands-in-2023" target="_blank">rapport </a>uit 2024 van het RIVM. Een snelle en gerichte behandeling kan verspreiding en erger voorkomen.&nbsp;<br><br>En daar zit hem nu net het probleem, weten Joost Schoeber, lector Life Sciences bij Fontys, en Harm van der Veer, onderzoeker bij de TU/e. Op dit moment duurt het tot wel twee dagen voordat een patiënt de uitslag van een test krijgt over een mogelijke soa-aandoening. Ondertussen kan de arts geen goed behandelplan in gang zetten en kan de patiënt zijn omgeving niet juist informeren.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:325/auto;width:325px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9a2a6b67-836d-4a66-b99b-d8211664df75/800_onderzoeksgroepfontystueglowinthedarktest.jpg?x=1737449506955" alt="De onderzoeksgroep van Fontys en TU/e met vlnr: Joost Schoeber, Yosta de Stigter, Harm van der Veer, Anne Loonen (Fontys) en Maarten Merkx." width="325" height="auto">Om die reden werken de onderzoeksgroepen van Fontys en de TU/e aan een ‘snelle’ test die laagdrempelig bij een lokale zorgverlener, zoals een huisarts of GGD-poli, kan worden afgenomen. “Het onderzoek is erop gericht om de technologie die door de TU/e al is ontwikkeld en bruikbaar is voor deze soa-test, door te ontwikkelen tot een<a href="https://www.biotechbooster.nl/projects/glow-in-the-dark-molecular-diagnostics/" target="_blank"> point-of-care-test</a> (POCT)”, licht Schoeber toe.&nbsp;<br><br><strong>Makkelijke apparatuur</strong><br>“Dat betekent dat de soa-test niet plaatsvindt in een lab, zoals nu wel gebruikelijk is en wat voor veel vertraging zorgt, maar met makkelijke apparatuur bij een behandelend specialist kan worden afgenomen. Met onze test heeft de patiënt straks binnen 30 minuten de uitslag en kan de specialist meteen een behandeling starten.”&nbsp;<br><br>De testmethode kan ook voor andere infectieziekten worden gebruikt. Daarnaast wordt gedacht aan gebruik door dierenartsen. “Het hebben van een snelle test maakt het mogelijk direct te behandelen, in de wetenschap welke ziekteverwekker de boosdoener is. Dat kan in veel gevallen bijdragen aan het beperken van antibioticaresistentie, wat een groeiend probleem is”, aldus Schoeber.&nbsp;<br><br>Volgens de lector is de samenwerking tussen Fontys en de TU/e in dit project uniek. Er wordt al vaker samengewerkt tussen beide instellingen, maar nog nauwelijks voor de valorisatie van onderzoek. Valorisatie is het creëren van waarde uit kennis, door deze beschikbaar te maken voor economische en/of maatschappelijke toepassing. Schoeber: “De technologie heeft alleen meerwaarde als je deze ook kunt implementeren.”&nbsp;<br><br><strong>Van tafel naar hal</strong><br>Maar voor onderzoek en implementatie is geld nodig, veel geld. Recent hoorde de onderzoekersgroep dat het project 200.000 euro van het Biotech Booster-programma uit het Nationaal Groeifonds ontvangt. Net als 53 andere biotechuitvindingen ‘met veel nut voor de maatschappij’. Hiermee kunnen deze uitvindingen daadwerkelijk van de tekentafel naar de productiehal, aldus het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in een persbericht.&nbsp;<br><br>Wanneer kunnen we deze nieuwe, snelle soa-test bij de specialist verwachten? “Dat is moeilijk te voorspellen”, zegt Harm van der Veer. “We starten nu met dit project aan de ontwikkeling van onder meer een bijbehorend testapparaatje en dat duurt zeker twee jaar. Daarna moet de test nog worden goedgekeurd en op de markt worden gebracht.”&nbsp;<br><br><strong>In de praktijk</strong><br>De samenwerking tussen Fontys en de TU/e zorgt er wel voor dat techniekontwikkeling en valorisatiestappen meer gelijk opgaan. Van der Veer: “Wij werken aan de fundamentele ontwikkeling van de technologie aan de TU/e en bij Fontys wordt gewerkt aan toepassing van die technologie in de praktijk.”&nbsp;<br><br>Hiervoor zijn de instituten Fontys Paramedisch en Fontys Economie en Communicatie betrokken bij het project. Zij hebben wensen opgehaald bij patiënten, huisartspraktijken en GGD-poli’s, weet Schoeber. “Het is echt heel bijzonder dat we al tijdens de ontwikkeling van deze point-of-care-test de technologie kunnen toetsen en niet pas achteraf.”&nbsp;</p><p><i>Foto boven: Gonorroe-bacteriën gezien onder de microscoop.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek Gezondheid,Onderzoek Maatschappij,FPH,FHEC,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Tue, 21 Jan 2025 10:30:14 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/500_soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/882f83ca-43c6-4320-904d-5605a4e4b2d5/soa-gonorroe-shutterstock.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[soa-gonorroe-shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Goede doelen-actie levert bijzondere resultaten op</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/goede-doelen-actie-levert-bijzondere-resultaten-op/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/goede-doelen-actie-levert-bijzondere-resultaten-op/</guid><pp:caseid>684985</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>“Het is geweldig geweest.” De Good Vibes Week, georganiseerd door zestig Communicatie-studenten die in actie kwamen voor vijf goede doelen, heeft voor mooie resultaten gezorgd.</strong></p><p>Van 13 tot en met 19 januari werden er door tientallen groepjes Communicatie-studenten <a href="https://bron.fontys.nl/studenten-in-actie-voor-goede-doelen-onverwachts-succes/" target="_blank">allerlei activaties</a> georganiseerd om een steentje bij te dragen aan het goede doel. De één richtte zich op het inzamelen van geld, de ander op het werven van vrijwilligers en donateurs.&nbsp;</p><p>Er was een dansmarathon, kledingbeurs en een vintagemarkt. Er was een benefietconcert en een bingo. Allemaal in de steigers gezet om Make A Wish, Stichting Met je Hart, Stichting Vlinderkind, Cordaid en Wakibi een bijdrage te kunnen leveren.</p><p><strong>Tipje van de sluier</strong><br>Het bedrag dat voor al deze organisaties is opgehaald, wordt aanstaande vrijdag pas bekendgemaakt. Maar Sanne Verschuijten, een vierdejaarsstudent die de Good Vibes Week samen met twee medestudenten opzette in het kader van hun afstudeerproject, kan wel vast kwijt dat het een betekenisvol evenement was.&nbsp;</p><p>“Er zijn heel veel mooie activaties gehouden”, aldus Sanne. “Veel goede doelen hadden als focus het vergroten van naamsbekendheid of creëren van awareness. Dat is gelukt; veel mensen zijn op de hoogte gebracht van wat de goede doelen doen en waar ze zich voor inzetten.”&nbsp;</p><p>Maar dat is nog niet alles. Want belangrijker nog: de Good Vibes Week heeft ook daadwerkelijk nieuwe vrijwilligers opgeleverd die zich actief willen inzetten. “Er is een groepsapp ontstaan met daarin studenten die graag iets willen betekenen voor Stichting Met je Hart. De organisatie is daar heel blij mee. En wij zijn natuurlijk heel trots dat we dit met z'n allen hebben bereikt.” <i>[Tekst gaat verder onder de foto's]</i></p><p>Die vrijwilligers zijn er onder andere dankzij Jenna en haar medestudenten, die samen een evenement voor (eenzame) ouderen hebben georganiseerd. “We hebben ouderen met jongeren in contact gebracht door ze vrijdag samen te laten koken bij Ikigai, een restaurant in het PSV-Stadion in Eindhoven”, vertelt ze. “We wilden de twee generaties met elkaar verbinden door ze verhalen te laten vertellen en gesprekken te delen terwijl ze samen achter het fornuis stonden.”</p><p><strong>Sponsoring</strong><br>Dat bleek een groot succes. Elf ouderen waren aanwezig, samen met dertien jongeren en een mooi aantal vrijwilligers. “Ons doel was om zoveel mogelijk vrijwilligers te werven voor Stichting Met je Hart. We hadden mensen benaderd die in de ouderenzorg werken, maar er waren ook mensen die zichzelf hadden aangemeld.”</p><p>Dankzij een sponsoring van 1000 euro van het DELA-fonds hebben Jenna en haar medestudenten een kookboek kunnen ontwikkelen, met daarin recepten die tijdens de kookmiddag werden gemaakt en opgediend. “Je moet denken aan witlof met ham en kaas, schnitzel met zigeunersaus, caesersalade en allerlei andere klassieke gerechten.”</p><p>Tijdens het koken, maar ook tijdens het eten en achteraf, werd er druk gekletst. Spelletjes werden uit de kast getrokken. “De ouderen haalden herinneringen op. We waren natuurlijk in het PSV-stadion, wat bij een aantal van hen voor mooie verhalen zorgde. Ze hadden het over de bezoekjes die ze vroeger aan het stadion brachten, maar ook over vakanties en reizen. De jongeren hadden het op hun beurt over hun studies.”</p><p><strong>Gespreksstof</strong><br>Wat het zo mooi maakte, zegt Jenna, is dat er ondanks de grote leeftijdsverschillen veel gespreksstof was. “Misschien juist door de enorme generatiekloven. Gesprekken liepen nooit dood. Het was echt heel bijzonder om te zien. Het was echt geweldig, ik zit helemaal vol emoties. Voor ons was het een mooie dag, maar voor de ouderen ook. We zijn helemaal tevreden.”</p><p>Hetzelfde geldt voor opdrachtgever Stichting Met je Hart, die ook bij de middag aanwezig was. Ze hebben er een nieuwe lading vrijwilligers bij, en dat is precies waar deze actie voor bedoeld was. Jenna: “We hebben een goede band opgebouwd met de stichting en ouderen, en willen graag betrokken blijven.”</p><p>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Eindhoven,Luiken]]></category>
            <pubDate>Mon, 20 Jan 2025 13:35:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/50cff82a-2a06-4337-a4c9-4b1e511aff11/500_kookmetjehart.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/50cff82a-2a06-4337-a4c9-4b1e511aff11/500_kookmetjehart.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/50cff82a-2a06-4337-a4c9-4b1e511aff11/kookmetjehart.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Kook met je hart]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten in actie voor goede doelen: &quot;Onverwachts succes&quot;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-in-actie-voor-goede-doelen-onverwachts-succes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-in-actie-voor-goede-doelen-onverwachts-succes/</guid><pp:caseid>684646</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Zestig communicatiestudenten en vijf goede doelen. Van een benefietconcert, vintagemarkt en dansmarathon tot photobooth en workshop bloemenpotten en mokken schilderen. Maanden van voorbereiding zijn eraan voorafgegaan. Tijdens de Good Vibes Week rollen de euro’s binnen, op een enkele tegenvaller na.</strong></p><p>Binnen twee uur na de start van de Good Vibes Week afgelopen maandag tikten de studenten van ‘De week van de euro’ in de hal van R3 op campus Rachelsmolen al 600 euro aan. Aan het einde van de eerste van vier dagen staat de teller op 1.097 euro, ruim boven het streefbedrag van €500. De euro’s rollen binnen.&nbsp;<br><br>De studenten Rosa, Iris, Nina, Sofie en Renée totaal verrast door dit onverwachte succes van hun actie. “Studenten zitten vaak krap bij kas, dus bedachten we De week van de euro”, vertelt Rosa. “Een euro kan ook een student wel missen, was het idee. Maar nu blijken veel studenten, en ook medewerkers, toch meer te doneren, vaak wel vijf of tien euro”, voegt Renée toe.<br><br><strong>Sterrenmuur</strong><br>Iedereen die meer dan vijf euro doneert, krijgt een vermelding op de sterrenmuur. Die raakt al snel voller en voller. Het geld dat deze studenten ophalen, gaat naar Make-A-Wish Nederland. Deze organisatie vervult een wens van kinderen tussen de drie en achttien jaar met een ernstige, soms zelfs levensbedreigende ziekte. “Dat spreekt veel mensen aan”, constateert Nina.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:363/auto;width:363px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b9ff9892-8db8-4ebb-ac5c-0e5d8f581e54/800_dsc03900.jpg?x=1736952042353" alt="Annabel, Sanne en Britt" width="363" height="auto">Make-A-Wish Nederland is niet het enige goede doel waarvoor de tweedejaars communicatiestudenten geld inzamelen deze week. Stichting Vlinderkind, Wakibi Microkredieten, Cordaid en Stichting Met je Hart doen ook mee aan de actieweek. “Studenten konden kiezen uit een van deze goede doelen”, vertelt Annabel Timmermans, vierdejaarsstudent Communicatie.&nbsp;<br><br>Samen met haar twee jaargenoten Sanne Verschuijten en Britt Piron begeleidt Annabel de zestig studenten in de maanden voorafgaand aan en tijdens de actieweek. Zelf hebben ze tijdens hun studie al de nodige ervaring opgedaan met het organiseren van evenementen. Volgens Annabel gaat het niet alleen om het ophalen van geld, maar ook om het genereren van aandacht en bewustzijn.&nbsp;<br><br>“De overheid is van plan om vanaf 2026 de subsidie aan goede doelen met 1 miljard euro te verlagen”, vertelt ze. “Dit benadrukt de noodzaak van creatieve acties zoals die van onze studenten, zodat goede doelen mensen kunnen blijven helpen.”&nbsp;<br><br><strong>Voorbereiden op het echte werk</strong>&nbsp;<br>In de opleiding leren de studenten alles over communicatie, en hoe ze dit kunnen inzetten om mensen in beweging te krijgen. Tijdens dit project kunnen ze hun opgedane kennis en vaardigheden inzetten. De studenten worden op deze manier voorbereid op het werkveld, krijgen een breder begrip van de maatschappij en de rol die zij daarin spelen.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:352/auto;width:352px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a334ee2d-22f0-4652-9e9e-06a40a2f721e/800_dsc03899.jpg?x=1736952296447" alt="Lars, Lotte, Wiebe en Stef" width="352" height="auto">Stef en Wiebe kunnen daarover meepraten. Zij werken allebei in de ouderenzorg. Wiebe als klusjesman en Stef was bijna drie jaar wensmedewerker voor ouderen, zo maakte hij een praatje met ze als ze daar behoefte aan hadden of deed hij een spelletje met hen. Samen met medestudenten Lars en Lotte houden ze op dinsdagavond een benefietconcert in Café040 op de campus. Hun goede doel: Stichting Met je Hart, die lokaal uitjes organiseert voor eenzame ouderen.&nbsp;<br><br>“Bijna iedereen van onze leeftijd heeft nog wel een opa en oma of heeft deze nog gekend”, vertelt Lars. “Voor de meesten is het een bekend probleem. Daarom sprak dit goede doel ons aan.” Ronnie van Berlo, facilitair medewerker van Fontys, herkent het probleem ook en hoefde niet lang na te denken om zijn zangtalent in te zetten voor het goede doel, net als Fontysdocent Stefan Wolter en collega Jasper van Gulik, die als presentator optreedt.&nbsp;<br><br><strong>Streefbedrag voorbij&nbsp;</strong><br>Tachtig entreekaarten heeft het viertal in de voorverkoop verkocht. Daarvoor hebben ze flink wat reclame gemaakt. Daarnaast ging er behoorlijk wat organisatie aan vooraf voordat de catering, locatie, vergunningen en bhv’ers geregeld waren. Ook Wiebe, Stef, Lotte en Lars tellen na afloop meer dan 1.000 opgehaalde euro’s.&nbsp;<br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5d36d0da-6767-41c0-ae31-06de31837b71/800_img-3757.jpeg?x=1736952784732" alt="Kelly" width="300" height="auto">Hetty Kriesels, vrijwilliger van Stichting Met je Hart, reageert opgetogen. “Met dit geld kunnen we heel wat leuke uitjes organiseren voor onze leden.” Maar wat haar vooral raakt, is de verbinding tussen de ouderen en de jongere generatie. “Een kleine stichting als de onze kan alleen bestaan als er genoeg vrijwilligers zijn.”&nbsp;<br><br>Een dag later, op woensdagochtend, balen Sem, Kelly, Kevin, Naomi en Georgi behoorlijk. Hun vintagemarkt in het Inspiration Center van campus Rachelsmolen ziet er feestelijk uit. Alleen lijkt een feestje niet op zijn plaats. Het wifinetwerk van Fontys ligt plat. Sem en Kelly vermoeden dat veel studenten ervoor hebben gekozen om niet naar de campus te komen.&nbsp;<br><br>Na een dag hebben ze slechts 216 euro aangetikt, terwijl ze graag 500 euro hadden willen ophalen. “Gelukkig heb ik gisteravond zelf koeken gebakken”, vertelt Sem met een lach. “Daarmee proberen we studenten die er wel zijn naar binnen te lokken.”&nbsp;De Good Vibes Week duurt nog tot en met zaterdag.&nbsp;</p><p><i>Foto bovenin: Rosa en Nina bij de sterrenmuur van De week van de euro.&nbsp;</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,PRO Communicatie,PRO Marketing,Verbiesen,Student]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 Jan 2025 10:18:20 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/500_img-3719.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/500_img-3719.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/52df19ec-7b9e-41d8-ae46-55eef42271db/img-3719.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Good Vibes Week]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Kruisbestuiving van opleidingen levert meer waarde op&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kruisbestuiving-van-opleidingen-levert-meer-waarde-op/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kruisbestuiving-van-opleidingen-levert-meer-waarde-op/</guid><pp:caseid>680092</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Kevin en Thijs hebben er plezier in. De twee studenten Finance & Control volgen een minor bij Fontys ICT. Waar een wereld voor hen openging. En andersom geldt hetzelfde voor de ICT-studenten waarmee zij samenwerken. Hoe combineren tot betere professionals kan leiden.</strong></span></p><p><span>“Het zijn natuurlijk twee verschillende opleidingen. Wij doen dit ‘gewoon’ als project binnen onze eigen opleiding, voor hen is het een minor. Maar het is leerzaam voor ons allemaal, omdat we vanuit verschillende kenniskringen werken”, zegt Joy van Rijn.</span></p><p><span>De derdejaarsstudent werkt met zijn ICT-studiegenoten Jip Voss en Gijs Verdonk samen met Kevin van Oudheusden en Thijs Kujpers aan een project voor Spie, een bedrijf dat klanten begeleidt bij de energietransitie en digitale transformatie. De opdracht: automatiseer de maandrapportages.</span></p><p><span>“We hebben bij onze eigen opleiding wel een beetje ict gehad, maar nooit diepgaand en ik heb er ook niet veel van opgestoken. Het was meer verplichte kost: tentamen doen en je punt halen. Hier leer je door het te doen en leer je van elkaar”, zegt Kevin. Thijs vult aan: “Hier gaat het niet om hoe je een programma moet gebruiken, maar werk je vooral vanuit de mogelijkheden.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:300/auto;width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/306f352b-9967-40f2-94c2-ed609058e05a/800_allen.jpg?x=1733226337794" alt="Van links naar rechts: Joy van Rijn, Thijs Kuijpers, Gijs Verdonk, Jip Voss, Ronald Vermeulen, Kevin van Oudheusden" width="300" height="auto">En het is Fontys ICT, dus de studenten werken met Open Learning. Dat betekent geen vooraf vastgestelde leerdoelen: studenten maken volledig hun eigen keuzes in wat en hoe ze een zelfgekozen opdracht willen uitvoeren, en wat ze daarmee willen leren.</span></p><p><span><strong>‘Meneer, is dit goed?’</strong></span><br><span>Docent Finance & Control Ronald Vermeulen is heel enthousiast over die werkwijze en over de ‘symbiose’ van de twee opleidingen. “Ik zie echt hoe Kevin en Thijs veranderd zijn. Zij zitten in een project met een klant en lopen dan tegen zaken aan. De vraag ‘Meneer, is dit goed?’ wordt je als docent heel vaak gesteld in het traditionele onderwijs. Hier niet. Omdat ze helemaal gericht zijn op de vraag of de klant tevreden is.”</span></p><p><span>“Dat maakt je rol als docent compleet anders. Ja, je rol is veel meer die van coach. Iedereen is gewend aan een bepaald stramien, maar hierbij is dat heel anders. Daar leer je van. En andersom.”</span></p><p><span>Dat geldt voor alle betrokkenen. Joy: “Wij weten inmiddels veel beter dan docenten hoe programma’s werken. Maar zij kunnen ons weer helpen met structuren, met hoe je iets moet doen. Qua overzicht en denkwijzen hebben wij wel heel veel aan hen.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:235/auto;width:235px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/fd7636ae-67f6-466e-82d3-ff45164fd8df/800_ronaldvermeulen.jpg?x=1733226362574" alt="Ronald Vermeulen" width="235" height="auto">Coach Vermeulen: “Wat we hier doen is leiden, uitdagen en soms de kikkers weer terug in de kruiwagen stoppen. Soms ook niet trouwens. Laat ze af en toe maar eens een doodlopende weg inslaan, maar niet te lang natuurlijk, daar leren ze ook van.”</span></p><p><span><strong>Samenwerken</strong></span><br><span>Wat de studenten betreft, is de samenwerking met studiegenoten van andere opleidingen zeker iets dat ze vaker zouden willen doen. Jip: “Nu werken we samen met studenten van Finance & Control. Maar je kunt dit veel breder trekken, ook studenten van andere opleidingen erbij halen.”</span></p><p><span>Dat denkt ook Vermeulen. “Wij geloven dat als je verschillende disciplines bij elkaar brengt, dat je veel verder komt. Of je nu bezig bent met automatiseren of naast een ziekenhuisbed werkt. En het mooie is altijd dat het in opdracht van een werkgever is. Studenten zijn snel afgeleid, maar hebben daardoor juist meer focus.”</span></p><p><span>“Omdat het niet per se met je opleiding te maken heeft, met het halen van punten, groeien studenten meer en leren ze ook wat ze nu precies willen leren. En ja, daar heb je nog steeds docenten bij nodig. Maar wel docenten die een expertrol in kunnen vullen.”</span></p><p><span>En merken de studenten al effect van hun samenwerking? “Zeker wel”, zegt Kevin. “Waar ik werk hebben ze mij sinds deze minor ook zien veranderen. Ze zien me nu veel meer als een onderzoekend persoon.”</span></p><p><span>En Joy: “De kans dat we voor Spie nog iets gaan doen, dat we daar verder gaan, schat ik in als heel groot. Ze zien daar de toegevoegde waarde heel goed in.” Dat doet hij zelf ook. “Ik ben eigenlijk gewoon een software-engineer. Maar met dit project leer ik ook dingen uit de wereld van Kevin en Thijs, moet ik nadenken over wat en hoe je moet communiceren.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Nieuws,ICT,FEC,FHEC,PRO ICT,PRO Financieel,Student,Onderwijsvernieuwing,Ligthart]]></category>
            <pubDate>Tue, 03 Dec 2024 13:23:45 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/70577fc4-b14d-4d22-8530-41f1a37add57/500_groep.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/70577fc4-b14d-4d22-8530-41f1a37add57/500_groep.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/70577fc4-b14d-4d22-8530-41f1a37add57/groep.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[groep]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>De jonge ondernemer: Aron&#039;s Fit Food</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-arons-fit-food/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-arons-fit-food/</guid><pp:caseid>650926</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>In deze serie interviewen we Fontysstudenten met een eigen onderneming. Over hoe zij op het idee kwamen, het runnen van een bedrijf terwijl ze ook studeren en over de voor- en nadelen van ondernemen.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Een eigen onderneming starten terwijl je studeert. Een aantal studenten binnen Fontys ging de uitdaging aan. Wat voor bedrijf hebben ze? Hoe vergaat het ze? En wat zijn de grootste lessen die zij geleerd hebben? Vandaag aan het woord: Aron Tinga over zijn bedrijf Aron’s Fit Food.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7979e1e3-3348-4a11-a5be-64942a4bb374/500_dejongeondernemer.png?x=1719913457591" alt="" width="200">Aron volgde ruim tweeënhalf jaar geleden de minor Ondernemerschap van Fontys en is bijna afgestudeerd aan de opleiding Commerciële Economie bij Avans. Daarnaast is hij eigenaar van het bedrijf Aron’s Fit Food, waarin hij zich focust op gezonde alternatieven van bekende snacks.</span></p><p><span><strong>Aron, hoe lang heb je dat bedrijf al en wat houdt het precies in?</strong></span><br><span>“Aron’s Fit Food staat sinds anderhalf jaar ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en sinds maart 2023 ben ik volop bezig in mijn onderneming. Met mijn bedrijf verkoop ik verschillende bekende snacks die voorzien zijn van meer eiwitten en gezonder zijn dan het origineel. Zo hebben we eiwitrijke worstenbroodjes, kipworstenbroodjes, pita’s Chicken Kebab en een Meatpie Pulled Chicken.”</span></p><p><span><strong>Hoe kwam je op het idee om een eigen onderneming te starten?</strong></span><br><span>“Ik ben opgegroeid in Brabant en tussen de worstenbroodjes. Zes jaar geleden maakte ik samen met een vriend van mij de keuze om bewuster te gaan leven en ons te focussen op gezonde voeding. Dat zou betekenen dat ik de worstenbroodjes voortaan moest schrappen uit mijn dieet. Samen met die vriend grapte ik erover. Zou ik een eiwitrijk worstenbroodje kunnen ontwikkelen voor mensen die hier net als ik van houden, maar wel bewuster willen eten? Wat eigenlijk begon als een grap, sloeg heel goed aan in de sportindustrie.”</span></p><p><span><strong>Hoe ging dat precies in zijn werk?</strong></span><br><span>“De eerdergenoemde vriend heeft een grote productiehal waar hij ambachtelijke snacks produceert. Daar zijn we op zoek gegaan naar de juiste receptuur om gezondere alternatieven te bereiden. Met dat eindproduct ben ik op bezoek geweest bij XXL Nutrition en Fit Meals, bedrijven die kant-en-klare, eiwitrijke maaltijden verkopen. Daar werden mijn worstenbroodjes zo goed ontvangen, dat de eerste orders al snel volgden en we in een mum van tijd op konden schalen. Niet alleen in aantallen, maar ook in producten. Deze worden allemaal gemaakt in de productiehal en ik fungeer als tussenpartij die vraag en aanbod bij elkaar brengt.”</span></p><p><span><strong>Hoe combineer je jouw onderneming met school?</strong></span><br><span>“Door een minder sociaal leven te hebben. Ik feest niet veel en ga niet vaak op stap, maar dat vind ik ook helemaal niet erg. Als ik ergens voor ga, doe ik dat altijd voor de volle honderd procent. Het afgelopen jaar stond ik iedere dag tussen 04.00 en 05.00 uur op zodat ik een extra paar uren in de dag had om aan mijn onderneming te werken. Dat geeft niets, want ik vind mijn werk leuk en doe dat nooit met tegenzin.”</span></p><p><span>“Vanuit de minor Ondernemerschap heb ik ook veel hulp gehad met het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden die bij een onderneming horen en kreeg ik advies van businesscoaches. Dat waren dingen die ik in mijn eigen opleiding miste, maar die me zeker hebben geholpen om te komen waar ik nu sta.” [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto's</span></i><span>.]</span></p><p><span><strong>Hoe bevalt het ondernemen je?</strong></span><br><span>“Ik ben er tot op de dag van vandaag heel blij mee dat ik hiermee begonnen ben. Het ondernemende en zelf keuzes moeten maken heb ik van nature, dus ik was vroeg of laat sowieso ondernemer geworden. Het past bij mijn persoonlijkheid. Daarnaast ben ik trots op mijn producten. Voedselwaren die niet alleen superlekker zijn, maar ook nog eens voldoen aan de voedingsstoffen die je nodig hebt. Iets waar ik zelf naar op zoek was en waarmee ik nu ook de behoeften van anderen kan vervullen. Dat is voor mij een hele belangrijke toegevoegde waarde.”</span></p><p><span><strong>Wat is de meest belangrijke les die je hebt geleerd tijdens het ondernemerschap?</strong></span><br><span>“Ik ben nogal een ‘go getter’, iemand die snel aan de slag gaat en daarna pas leest wat je eigenlijk echt moet doen. Dat heeft me in het verleden al een paar keer de kop gekost, maar toen kwam ik nog weg met mijn fouten omdat ik student was. Nu neem ik meer tijd voor belangrijke zaken, anders maak ik fouten die me veel geld kunnen kosten.”</span></p><p><span><strong>Heb je hoogte- en/of dieptepunten meegemaakt?</strong></span><br><span>“Ooit heeft iets me al veel geld gekost. Dat was tijdens mijn voorgaande onderneming, waarin ik producten uit China liet importeren om deze door te verkopen. In die tijd heb ik ook een product ontwikkeld dat op Airpods leken. Ik ben toen all-in gegaan met mijn eigen geld om veel stuks in te kunnen kopen, maar twee weken later lag er een brief van Apple op de deurmat. Ze zouden me voor de rechter slepen als ik mijn product zou verkopen en we niet tot een overeenkomst konden komen. Een lastige periode waarin ik slecht heb geslapen, maar waarvan ik ook heel veel heb geleerd.”</span></p><p><span>“Een hoogtepunt van Aron’s Fit Food is het feit dat we nu in ongeveer 600 supermarkten liggen met onze producten. Ook ben ik nog met grote bedrijven zoals Appèl, Libéma en Vermaat Groep in gesprek. Die laatste verzorgt de catering voor bijvoorbeeld de Formule 1 business suites. Dat ik als jonge ondernemer al met zulke bedrijven in gesprek ben, vind ik ontzettend gaaf.”</span></p><p><span><strong>Tenslotte, heb je tips voor andere studenten die willen ondernemen?</strong></span><br><span>“Wees niet te naïef en sta zakelijk sterk in je schoenen. Het is jouw onderneming, dus jij bent de enige die iets te zeggen heeft over hoe je dingen aanpakt. Zorg dat jouw product schaalbaar is, zodat je duurzaam kunt groeien om aan de vraag te voldoen. Met dat toekomstperspectief loop je voor op andere beginnende ondernemers. Duik daarnaast ook nog even in het juridische stukje. Wanneer je een eenmanszaak hebt kun je enorm kwetsbaar zijn wanneer er iets gebeurt, dus zorg dat je ook daar goed op voorbereid bent.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Serie,Nieuws,PRO Ondernemerschap,Berg,CvO,Eindhoven,Student,FHEC]]></category>
            <pubDate>Tue, 02 Jul 2024 13:44:25 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/0e09cd25-f091-4336-b911-ba8c3dc31343/500_arontinga.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/0e09cd25-f091-4336-b911-ba8c3dc31343/500_arontinga.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/0e09cd25-f091-4336-b911-ba8c3dc31343/arontinga.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Aron Tinga]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Einde aan woekerhuren: goed nieuws of toch niet?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/einde-aan-woekerhuren-goed-nieuws-of-toch-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/einde-aan-woekerhuren-goed-nieuws-of-toch-niet/</guid><pp:caseid>650826</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Vandaag treedt de Wet betaalbare huur en de Wet vaste huurcontracten in werking. Deze wetten moeten een einde maken aan de torenhoge huren in de private huursector en zorgen voor een betere rechtspositie van de huurder. Wat betekent dit voor studenten? Corien Hoogbergen, docent Privaatrecht bij Fontys, ligt het toe.</strong></span></p><p><span>Huurders en verhuurders krijgen vanaf vandaag, 1 juli, te maken met twee nieuwe huurwetten: de </span><a href="https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2024/06/25/wet-betaalbare-huur-aangenomen-en-van-kracht-vanaf-1-juli" target="_blank"><span>Wet betaalbare huur</span></a><span> en de </span><a href="https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2024/06/07/wet-vaste-huurcontracten-vanaf-1-juli-2024-van-kracht" target="_blank"><span>Wet vaste huurcontracten</span></a><span>. Er komt een verbod op tijdelijke huurcontracten. Dit geeft huurders meer zekerheid over hun woonsituatie. Maar er zijn uitzonderingen mogelijk. Zo mag je als verhuurder wel tijdelijke contracten aanbieden aan bijvoorbeeld studenten. &nbsp;</span></p><p><span>Sommige studenten balen ervan dat ze onder de uitzonderingen vallen binnen de Wet vaste huurcontracten en daardoor geen recht hebben op een vast huurcontract als ze in een studentenkamer wonen. Hoogbergen snapt deze studenten wel, maar ze is tegelijk van mening dat een contract van maximaal vijf jaar, zoals het in het huidige huurrecht is geregeld, niet onredelijk is.</span></p><p><span>“In principe moeten studenten in vijf jaar hun studie kunnen afronden. Het probleem is dat de doorstroming voor starters op de woningmarkt of dit nu huur of koop is, op zijn gat ligt. Studenten kunnen na hun afstuderen vaak nergens naartoe. Veel van hen trekken weer bij hun ouders in. Dat wil toch niemand.”</span></p><p><span><strong>Weinig voordelen</strong></span><br><span>Daar zou de Wet betaalbare huur een uitkomst in kunnen bieden, denkt demissionair minister De Jonge van Wonen, grondlegger van de wet. Het voornaamste doel van deze wet is ervoor zorgen dat er meer betaalbare huurwoningen en kamers worden aangeboden, of beter gezegd: woningen en kamers met een huurprijs die passen bij de kwaliteit ervan.</span></p><p><span>De nieuwe wet regelt dat niet alleen (sociale) huurwoningen in het lagere segment (met huurprijzen tot 879,66 euro), maar ook huurwoningen in het nieuwe gecreëerde middensegment (van 879,66 tot 1.157,95 euro) gereguleerd worden en moeten voldoen aan het vernieuwde Woningwaarderingsstelsel (WWS).</span></p><p><span>Hoogbergen verwacht echter niet dat de Wet betaalbare huur uitwonende studenten veel voordelen gaat opleveren. “De meeste studentenkamers zijn onzelfstandige woonruimte en vallen daarmee nu al in het lage huursegment waarvoor een gereguleerde huurprijs geldt.” &nbsp;(</span><i><span>tekst gaat verder onder de foto</span></i><span>)</span></p><p><span>“Waar studenten wel garen bij kunnen spinnen”, zegt de docent, “is het gemoderniseerde Woningwaarderingsstelsel (WWS) voor onzelfstandige woonruimte, zoals studentenkamers.” Het WWS is een wettelijk rekenmodel waarmee de maximaal te vragen huurprijs voor een woning of woonruimte kan worden vastgesteld.&nbsp;</span></p><p><span>Huur je een kamer, dan kun je je </span><a href="https://checkjeprijs.huurcommissie.nl/onderwerpen/huurprijs-en-punten/huurprijscheck-en-puntentelling" target="_blank"><span>huurprijs checken</span></a><span> via de website van de huurcommissie. Valt je huurprijs volgens dit puntensysteem te hoog uit, dan kun je het advies van de huurcommissie voorleggen aan je verhuurder in de hoop dat dit tot een nieuwe lagere huurprijs zal leiden. De kans dat je huur lager uitpakt als je om een huurprijsvaststelling vraagt bij de huurcommissie is heel reëel, maar Hoogbergen denkt dat niet veel studenten hiervan gebruik zullen gaan maken.&nbsp;</span></p><p><span>“Je moet goed op de hoogte zijn van je rechten als huurder en stevig in je schoenen staan om het advies van de huurcommissie met een lagere huurprijs voor je kamer voor te durven leggen aan je verhuurder. Veel huurders willen de relatie met hun verhuurder niet op het spel zetten of zijn bang voor andere repercussies.”</span></p><p><strong>Te weinig huurwoningen</strong><br><span>Toch kunnen de Wet betaalbare huur in combinatie met de Wet vaste huurcontracten indirect toch nadelige gevolgen hebben voor studenten. De docent Privaatrecht legt het uit: “De lagere huurprijzen en de verplichte vaste huurcontracten als gevolg van deze wetten, maken dat het verdienmodel van de particuliere verhuurder onder grote druk komt te staan. "</span></p><p><span>"Ook op fiscaal gebied is er weinig gunstigs te verwachten voor de verhuurders van woningen. Dit is voor velen nu al reden om tot verkoop van hun woning(en) over te gaan. Deze verdwijnen dan waarschijnlijk voorgoed van de huurmarkt.”</span></p><p><span>Daarmee schiet de Wet betaalbare huur volgens Hoogbergen zijn doel voorbij. “In plaats van meer betaalbare huurwoningen en kamers, heeft de wet tot gevolg dat het aanbod drastisch naar beneden gaat en de druk op de huurmarkt nog verder toeneemt.” (</span><i><span>tekst gaat verder onder de foto</span></i><span>)</span></p><p><span>Wat moet er volgens de docent dan gebeuren om te zorgen voor voldoende woningen voor studenten? “Bouwen, bouwen, bouwen”, zegt ze stellig. “Je moet de oorzaak van het probleem aanpakken. Maar dat gaat niet gebeuren gezien de stikstofregels, de hoge kosten van bouwmaterialen, het gebrek aan bouwmogelijkheden en het tekort aan bouwvakkers.”</span></p><p><span><strong>Hospitaverhuur</strong></span><br><span>Hoogbergen ziet een meer haalbare oplossing van het kamertekort in het aantrekkelijker maken van de hospitaverhuur en een flexibelere opstelling van gemeenten ten aanzien van ‘verkamering’ (of woningsplitsing) van eengezinswoningen. Voor deze vorm van woningdelen, die ook onder studenten populair aan het worden is, moeten verhuurders in veel gemeenten een vergunning aanvragen. Zo wordt de leefbaarheid van woonwijken gewaarborgd.</span></p><p><span>Daar hebben gemeenten wel een punt, vindt Hoogbergen. “Als er meerdere studenten in één huis wonen die allemaal hun eigen leven leiden, kan dat tot overlast zorgen voor de buren.” De docent Privaatrecht is even stil en komt dan tot de conclusie dat ze niet weet waar het naartoe zal gaan. “Maar het ziet er momenteel niet goed uit”, zegt ze. &nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Verbiesen,Internationalisering,FHEC,PRO Economie]]></category>
            <pubDate>Mon, 01 Jul 2024 14:25:34 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bc21da5b-c058-45ee-b4d3-bc74288b7bed/500_shutterstock-317915021.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc21da5b-c058-45ee-b4d3-bc74288b7bed/500_shutterstock-317915021.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bc21da5b-c058-45ee-b4d3-bc74288b7bed/shutterstock-317915021.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Studentenkamer wonen student kamer woning]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nick laat stem student horen in lokale politiek Eindhoven</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nick-laat-stem-student-horen-in-lokale-politiek-eindhoven/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nick-laat-stem-student-horen-in-lokale-politiek-eindhoven/</guid><pp:caseid>637041</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Hoe betrek je studenten bij het ontwikkelen van overheidsbeleid? Door ze in dienst te nemen, dacht de gemeente Eindhoven. Sinds april van dit jaar slaan twee studentvertegenwoordigers van het hbo en mbo acht uur per week een brug tussen studenten en de overheid. Fontysstudent Nick van Ballegooij is een van hen.</strong></span></p><p><span>Nick (26), eerstejaarsstudent Communicatie, glundert als hij vertelt dat hij zich sinds april studentvertegenwoordiger mag noemen voor het Eindhovense stadsbestuur. Hij is ongeveer een maand geleden gestart met gesprekken met medewerkers van de gemeente. “Het is best complex”, geeft hij aan. “Er zijn zoveel verschillende beleidsstukken en onderwerpen. Ik wil erachter komen welke voor studenten interessant zijn.”</span></p><p><span>Daarvoor gaat hij samen met collega-studentvertegenwoordiger Sanne van het Summa College zijn oor te luisteren leggen bij alle studenten die in Eindhoven studeren. Want wat zij zelf belangrijk vinden, dat doet er niet zozeer toe, zegt Nick. “We willen erachter komen wat hen bezighoudt en wat er onder hen speelt. Dat nemen we mee naar de gemeente, zodat ze daar op in kunnen spelen met het ontwikkelen van nieuw beleid.”</span></p><p><span><strong>Prikbordsessies</strong></span><br><span>Hoe ze dat gaan doen? “Daarover zijn we nog aan het nadenken. Wel zijn we al met de onderwijsinstellingen in gesprek om prikbordsessies te houden op de verschillende instituten van Fontys en scholen van Summa College. Dat zijn bijeenkomsten waarbij we studenten laten meedenken over onderwerpen die bij hen spelen, zoals werk, wonen en mentale gezondheid.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:491/auto;width:491px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/76b080b1-87fb-40df-a174-84951de77930/800_dsc03815.jpg?x=1718884408088" alt="Nick van Ballegooij en Veerle Hurks" width="491" height="auto">Studenten kunnen straks ook zelf contact opnemen met de studentvertegenwoordigers. Daarvoor is er onder meer een Instagramaccount, een landingspagina op de website van de gemeente en zijn de studenten zichtbaar via de communicatiekanalen bij de middelbare en hogeronderwijsinstellingen. “We willen de drempel om ons te benaderen zo laag mogelijk maken, want we vinden het heel belangrijk dat studenten kunnen meepraten over hun eigen toekomst”, aldus Nick.</span></p><p><span><strong>Studenten zijn de toekomst</strong></span><br><span>Dat beaamt Veerle Hurks, beleidsadviseur Onderwijs en Arbeidsmarkt van gemeente Eindhoven. “We willen dat het beleid dat we ontwikkelen aansluit bij de belevingswereld van studenten. Zeker sinds de coronapandemie zagen we het gat tussen jongeren en de overheid groter worden. Mede om die reden kwamen we op het idee om studentvertegenwoordigers in dienst te nemen.”</span></p><p><span>De aanstelling loopt in ieder geval drie jaar, elk jaar worden twee nieuwe studentvertegenwoordigers gekozen uit het mbo, hbo of wo. De beleidsadviseur vertelt dat de studentvertegenwoordigers betrokken worden bij tal van onderwerpen, zoals de arbeidsmarkt, economie en wonen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:250/auto;width:250px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/9dcffa4b-bdf1-46cf-8414-cb8a7784352b/800_dsc03823.jpg?x=1718884480455" alt="Nick achter het spreekgestoelte in de Eindhovense raadszaal" width="250" height="auto">“Ook laten we ze meedenken over de stadsvisie, dat gaat over de toekomst van Eindhoven. Daar hebben studenten een grote rol in. Sterker nog: zij zijn de toekomst van deze stad. De input van studenten kunnen we zelf niet bedenken en dat willen we ook niet. Met de studentvertegenwoordigers kunnen we er wel voor zorgen dat we door een studentenbril naar bepaalde onderwerpen gaan kijken.”</span></p><p><strong>Hart verloren</strong><br><span>Nick heeft naar eigen zeggen zijn hart verloren aan de stad. 3,5 jaar geleden kwam hij vanuit Oss naar Eindhoven. Sindsdien heeft hij hier een leven opgebouwd. “De mensen maken de energie”, zegt hij. “Wat er wordt georganiseerd is sociaal en inclusief, daar kan ik me in vinden.” De student sloot zich al eerder aan bij StadsMakers Eindhoven en Jong040, organisaties vanuit gemeente Eindhoven waarbij jonge ambassadeurs zich inzetten om de stem van jongeren te laten horen.</span></p><p><span>Het spreekgestoelte in de Eindhovense raadszaal is dan ook niet nieuw voor hem. Eerder presenteerde hij al de uitkomsten van een onderzoek naar de mentale gezondheid van jongeren voor de voltallige gemeenteraad. “Dat ik mag meedenken over onze eigen toekomst, vind ik heel bijzonder.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Achtergrond,FHEC,Eindhoven,Student,Verbiesen]]></category>
            <pubDate>Fri, 21 Jun 2024 09:24:29 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/7c6d71bf-bf18-45ba-832d-5bf1561602cd/500_dsc03818.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/7c6d71bf-bf18-45ba-832d-5bf1561602cd/500_dsc03818.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/7c6d71bf-bf18-45ba-832d-5bf1561602cd/dsc03818.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[DSC03818]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Het leven van een nieuwe student: de laatste loodjes</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/het-leven-van-een-nieuwe-student-de-laatste-loodjes/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/het-leven-van-een-nieuwe-student-de-laatste-loodjes/</guid><pp:caseid>632304</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>In dit collegejaar spreek ik regelmatig met Jenna af om te kijken hoe het met haar gaat. In elke aflevering vragen we haar naar haar projecten, cijfers, studie en studentenstad. Wat vindt ze ervan? Wil ze Roermond al verlaten voor een leven in Brabant? En heeft ze nog dingen met haar studievereniging meegemaakt? Tot over een paar weken voor de allerlaatste aflevering in deze serie!</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Van middelbare school naar studentenleven. Met nieuwe mensen, andere roosters, grote verantwoordelijkheden en misschien zelfs wel een andere stad. Hoe is die switch? Ik - Karen Luiken, redacteur bij Bron - volg dit studiejaar de 17-jarige Jenna uit Roermond om een antwoord te krijgen op deze vraag. Jenna slaagde voor de zomer voor haar havodiploma en studeert nu Communicatie in Eindhoven. In deze vijfde aflevering vertelt ze hoe het met haar gaat.&nbsp;</strong></span></p><p><span>“Ik zit nu in de trein voor een paar uurtjes les. De vierde en laatste periode is twee weken geleden van start gegaan. Tot nu toe zijn het rare weken geweest in verband met Hemelvaart en Pinksteren. En bovendien was vorige week maandag de huldiging van PSV, toen was ik ook niet op school.</span></p><p><span>Ik had die dag met mensen uit Roermond afgesproken. Zij zouden de hele dag naar het centrum van Eindhoven gaan en omdat ik bang was dat ik ze in de drukte niet zou kunnen vinden als ik later zou aansluiten, besloot ik met hen mee te gaan en eenmalig school te skippen. Ik vond dat het wel kon: we hadden die dag geen belangrijke lessen.</span></p><p><span>Het was een fantastische dag die redelijk pittig begon omdat we de dag ervoor ook al naar PSV waren geweest. Mijn vriend is voor PSV; door hem ben ik meer van de voetbalclub gaan houden. Thuis ging het altijd over Fortuna Sittard omdat mijn vader daar vroeger heeft gekeept. Mijn vriend probeert mijn vader mee te nemen naar PSV en mijn vader doet hetzelfde bij hem voor Fortuna Sittard. Ik waai met beide winden mee. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto's]</span></i></p><p><span>Dinsdag, de dag na de huldiging, moest ik om negen uur op school zijn. Dat was te doen. Het project uit </span><a href="https://bron.fontys.nl/het-leven-van-een-nieuwe-student-nieuwe-klas/" target="_blank"><span>de derde periode</span></a><span> voor Swinkels was inmiddels afgerond – we moesten een drankje maken en bedachten het concept Tranqutea, een frisdrank waarmee we jongeren die veel verplichtingen hebben in de maatschappij, een rustmomentje willen geven – en het nieuwe project ging van start.</span></p><p><span>Dit keer moeten we in duo’s een subcultuur onderzoeken. Ik heb samen met een klasgenoot gekozen voor de vrijwilligersbrandweer van Mierlo. Wat drijft hen en waarom doen ze wat ze doen? Dat proberen we uit te zoeken. We krijgen lessen rondom interculturele communicatie en het doen van onderzoek. Vooralsnog is het me nog een beetje onduidelijk hoe het project er precies uit gaat zien, maar dat is eigenlijk altijd aan het begin van een nieuwe periode.</span></p><p><span>Ik moet voor de start van de zomervakantie nog een taaltoets inhalen. Spelling en taal zijn niet mijn sterkste kanten, dus dit wordt een herkansing. Waarvan ik uiteraard hoop dat ik ‘m haal omdat ik graag mijn propedeuse in de wacht wil slepen. De rest van de vakken en projecten heb ik wel met een voldoende afgerond.</span></p><p><span>Haal ik mijn propedeuse niet? Dan is dat jammer, maar geen ramp. Ik mag gewoon door naar het volgende jaar en haal dan later mijn propedeuse. Ik til daar niet zo zwaar aan omdat ik, in tegenstelling tot een aantal studiegenoten, niet over hoef te stappen naar de universiteit. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto's]</span></i></p><p><span>Mijn klas blijft volgend collegejaar voor een groot deel hetzelfde. Een aantal mensen zal voor de richting Advertising kiezen, maar ik doe dat niet. Eigenlijk was dat wel mijn oorspronkelijke plan; ik kwam op deze school om Advertising te studeren, maar ik ben er inmiddels achter dat het niet bij mij past. Ik wil nog heel graag sport- en crisiscommunicatie onderzoeken en die vakken krijg je niet bij Advertising.</span></p><p><span>Het reizen tussen Roermond en Eindhoven bevalt me nog steeds prima en ik ben dan ook niet van plan om te verhuizen. Misschien dat daar in het derde jaar, als ik een minor moet volgen, verandering in komt. Maar tot die tijd blijf ik lekker bij mijn ouders wonen.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Eindhoven,Limburg,Student,FHC,FHEC,Luiken]]></category>
            <pubDate>Tue, 21 May 2024 11:42:56 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/500_jennavanlier.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/500_jennavanlier.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/jennavanlier.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Jenna van Lier]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>LINQ helpt vrouwen met onverklaarbare klachten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/linq-helpt-vrouwen-met-onverklaarbare-klachten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/linq-helpt-vrouwen-met-onverklaarbare-klachten/</guid><pp:caseid>631934</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i>Tijdens de jaarlijkse Dutch Creativity Awards worden er verschillende prijzen in diverse categorieën uitgereikt. Er zijn Bronzen, Zilveren en Gouden Lampen, en dit jaar werden er in het totaal 78 weggegeven. Linq nam het in de categorie ‘Student’ op tegen zeven andere studentengroepjes en ging er uiteindelijk met de prijs vandoor.&nbsp;</i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><strong>Van alle mensen met onverklaarbare klachten is het overgrote deel vrouw. Schokkend, vinden studenten Lique Geraedts en Rude Geurts, en dus bedachten zij het platform LINQ. Vorige week mochten ze met hun concept een prijs in ontvangst nemen.</strong></p><p>LINQ is het resultaat van een schoolopdracht waar Lique en Rude in het laatste jaar van hun opleiding Communicatie in Eindhoven aan werkten. Daarvoor gingen ze op zoek naar een maatschappelijk probleem waar ze op een communicatieve en creatieve manier een oplossing voor moesten vinden.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/729e1dfc-d8cc-4dc8-a76c-5fec71dcd73e/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.441.jpeg?x=1715847303656" alt="" width="200">“Wij zijn ons gaan verdiepen in de gezondheidszorg en kwamen erachter dat 80 procent van alle mensen met onverklaarbare klachten vrouw is”, legt Lique uit. “We bedoelen daar personen mee die met bepaalde klachten naar de huisarts gaan, vervolgens worden doorgestuurd en uiteindelijk – na een heel proces – met veel vraagtekens blijven zitten omdat er geen duidelijke diagnose kan worden gesteld.”&nbsp;</p><p><strong>Eenzijdig onderzoek</strong><br>Om erachter te komen wat de oorzaak is van het grote aandeel vrouwen dat met onverklaarbare klachten rondloopt, gingen Lique en Rude op onderzoek uit. Daaruit is volgens hen gebleken dat bij medische onderzoeken de focus in het verleden vooral op mannen lag. “Het gevolg van jarenlang eenzijdig onderzoek heeft geleid tot deze cijfers. De zorg is inmiddels bijgeschroefd en er wordt ook onderzoek op vrouwen gedaan, maar de nasleep is nog altijd zichtbaar.”</p><p>De studenten willen vrouwen met onverklaarbare klachten helpen en komen daarom met LINQ. “In Nederland doneren we stamcellen en bloed, maar nog geen diagnoses. Wij willen daar verandering in brengen met LINQ, een platform voor vrouwen. Aan de ene kant heb je vrouwen die hun onverklaarbare klachten kunnen registreren in een database, aan de andere kant kunnen vrouwen die wel ooit een diagnose hebben gehad, die diagnose doneren.”</p><p><strong>Advies</strong><br>LINQ legt vervolgens een link tussen de onverklaarbare klachten en de bestaande diagnoses. Lique legt uit hoe dat werkt: “Stel, een vrouw heeft klachten als bekkenpijn, onvruchtbaarheid en vermoeidheid. Haar wordt door de huisarts verteld dat het met haar menstruatie of overgang te maken heeft, maar daar kan ze niet zoveel mee. Ze zoekt haar klachten op in de database van LINQ en vindt vervolgens een match met de mogelijke diagnose endometriose.”</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5755c510-818e-4218-ac6d-bb395fb34de7/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.44.jpeg?x=1715847309875" alt="" width="200">Endometriose is een aandoening waarbij slijmvlies buiten de baarmoeder zit en komt bij ongeveer één op de tien vrouwen voor. “LINQ geeft hiermee natuurlijk geen diagnose. We zien het meer als een advies waar vrouwen vervolgens mee terug naar de dokter kunnen gaan, in de hoop meer onderzoek over deze aandoening te kunnen krijgen. We hopen dat vrouwen daardoor niet langer achterblijven met talloze vragen en mentale problemen, waar ze op den duur meer last van kunnen krijgen dan van de fysieke klachten.”</p><p>Naast vrouwen zijn ook huisartsen en specialisten welkom op het platform. Sterker nog: Lique en haar studiemaatje Rude hopen dat LINQ uiteindelijk een technologische database wordt die wordt overzien door artsen. “We hebben al heel veel positieve reacties ontvangen op ons concept. Vorige week mochten we zelfs een Zilveren Lamp in ontvangst nemen tijdens de Dutch Creativity Awards. Van alle studenten en concepten die meededen, kwamen wij als winnaar uit de bus.”</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC,PRO Onderwijs,PRO Gezondheidszorg,PRO Gezondheid,Luiken]]></category>
            <pubDate>Thu, 16 May 2024 10:38:59 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/500_whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/15537023-d103-45df-a7b5-c2f51d0c5ac1/whatsappimage2024-05-15at19.08.43.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lique Geraedts en Rude Geurts, foto: Dutch Creativity Awards]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>De jonge ondernemer: Dr. Burrito</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-dr-burrito/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/de-jonge-ondernemer-dr-burrito/</guid><pp:caseid>630761</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>In deze serie interviewen we verschillende Fontysstudenten over hun eigen onderneming. Over hoe zij op het idee kwamen, het runnen van een bedrijf terwijl ze ook studeren en over de voor- en nadelen van ondernemen.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Een eigen onderneming starten terwijl je studeert: een aantal studenten binnen Fontys ging de uitdaging aan. Wat voor bedrijf hebben ze? Hoe vergaat het ze? En wat zijn de grootste lessen die zij geleerd hebben? Vandaag aan het woord: Tom Dings over zijn bedrijf Dr. Burrito.</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7979e1e3-3348-4a11-a5be-64942a4bb374/500_dejongeondernemer.png?x=1714987003874" alt="De jonge ondernemer logo" width="200">Tom zit in zijn laatste jaar van de opleiding Werktuigbouwkunde. Naast zijn studie is hij eigenaar van het bedrijf Dr. Burrito, waarmee hij allerlei bedrijfsevenementen en festivals voorziet van lekker en gezond eten.</span></p><p><span><strong>Tom, hoe lang heb je dat bedrijf al en wat houdt het precies in?</strong></span><br><span>“Dr. Burrito is de naam van mijn eigen foodtruck waarmee ik op festivals sta. Ook verzorg ik de catering op verschillende bedrijfsevenementen, tijdens zakelijke bijeenkomsten of privégelegenheden. Daarbij focus ik me op Mexicaans eten, met als hoofdgerecht natuurlijk de burrito. Dat doe ik nu iets meer dan tweeënhalf jaar.”</span></p><p><span><strong>Hoe kwam je op het idee om een eigen onderneming te starten?</strong></span><br><span>“Ik heb een aantal ooms en tantes die ook een eigen onderneming hebben, maar binnen mijn eigen gezin zijn deze er niet. Mijn vader heeft ooit de kans gehad om het bedrijf van zijn vader over te nemen, maar koos daar bewust niet voor omdat hij hem altijd met burn-outs en stress zag struggelen en daar zelf ook bang voor was. Toch was ik van jongs af aan al geïnteresseerd in het ondernemerschap. Mijn vriendin en ik zijn altijd kookfanaten geweest en houden van eten en festivals. Het viel ons op dat op deze festivals vaak foodtrucks staan met pizza en friet, de echte ‘hardlopers’. Maar wij misten een gezonde, voedzame optie zoals burrito’s. En om dat gebrek op te vullen zijn we zelf Dr. Burrito gestart.”</span></p><p><span><strong>Hoe ging dat precies in zijn werk?</strong></span><br><span>“We hebben ons in september 2022 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, waarna we drie cateringopdrachten hebben gedaan vanuit een partytent om ons concept te testen. Onze grootste try-out was tijdens de Zomerparkfeesten in Venlo, waar we met minimale apparatuur draaiden als een malle. Toen wisten we: dit is een schot in de roos. We hebben daarna een oude schaftwagen gekocht die ik, mede dankzij mijn opleiding Werktuigbouwkunde, zelf om heb gebouwd tot foodtruck. Een graffiti-artiest voorzag de foodtruck van een uniek design, waardoor we echt opvallen tussen onze concurrentie.”</span></p><p><span><strong>Hoe combineer je jouw onderneming met school?</strong></span><br><span>“Ik ben vrijwel tegelijkertijd de Minor Ondernemerschap van Fontys begonnen. Die minor heeft me echt geholpen om mijn weg te vinden in mijn onderneming. Ik heb me destijds ingeschreven als studentondernemer. Door die regeling kan ik altijd terecht met mijn vragen of bijeenkomsten bezoeken. Of het lastig is om mijn onderneming te combineren met mijn studie? Niet echt, want festivals zijn vaak in het weekend of tijdens de vakantie. Dan heb ik zelf ook veel tijd.” </span><span style="background-color:white;"><i><span>[Tekst gaat verder onder de afbeeldingen]</span></i></span></p><p><span><strong>Hoe bevalt het ondernemen je?</strong></span><br><span>“Ontzettend goed. Ik vind het tof om alles te regelen en te organiseren. Zo doe ik zelf de boekhouding, bouwde ik een eigen website en houd ik het klantcontact bij. Toch loop ik op dit moment ook wel tegen twijfels aan. Ik heb al zes jaar een supertoffe bijbaan in een gieterij, waar ik nu ook ga afstuderen. Ik voel me daar helemaal thuis en op mijn plek, maar de foodtruck loopt – vooral tijdens het festivalseizoen – ook erg goed. Ik weet niet of ik in de toekomst eigen ondernemer wil blijven of juist ondernemend in een bestaand bedrijf wil werken. Dat tweede biedt toch meer zekerheid. Maar voor nu ben ik wel vastberaden om door te gaan met Dr. Burrito.”</span></p><p><span><strong>Wat is de belangrijkste les die je hebt geleerd tijdens het ondernemerschap?</strong></span><br><span>“Dat ik niet moet twijfelen aan mezelf of aan mijn product. Ik had in het begin heel erg de neiging om te kijken naar prijzen van concurrerende foodtrucks, waardoor ik mijn eigen product onderwaardeerde. Als je vindt dat iets een bepaalde prijs waard is, mag je die prijs ook echt vragen. En dat ik moet blijven leren. Na een evenement pak ik de telefoon op om opdrachtgevers te bellen. Zijn er klachten of feedback waar ik iets mee kan? Daar wordt Dr. Burrito iedere keer beter van.”</span></p><p><span><strong>Heb je hoogte- en/of dieptepunten meegemaakt?</strong></span><br><span>“Het feit dat we alles zelf hebben kunnen doen is voor mij echt een winst. Het starten van een foodtruck is relatief laagdrempelig en alle investeringen die we hebben gedaan hebben we in het eerste jaar al terugverdiend. Ik heb niets met een bank te maken gehad en dat vind ik een heel groot voordeel. Ook heb ik altijd wel wat ‘quality time’ met mijn vriendin. Tijdens kleinere cateringklussen hebben we samen lol, maar het is ook echt kicken als je van 16.00 tot 23.00 uur continue een rij van veertig meter voor jouw foodtruck hebt staan. Dat gevoel is onwerkelijk. Wat ik wel lastig vind is de combinatie van ondernemen met het gezinsleven en vrienden. Mijn vriendin en ik zijn vaak aan het werk terwijl anderen vrij zijn. Of het feit dat op vrije evenementen minder mensen langskomen dan verwacht. Dan sta je te wachten totdat er iemand komt, terwijl je voor honderden euro’s aan verse producten hebt liggen die je daarna misschien wel weg moet gooien. Ondernemen heeft dus echt zijn voor- en nadelen.”</span></p><p><span><strong>Tenslotte: heb je tips voor andere studenten die willen ondernemen?</strong></span><br><span>“Start. Schrijf je in bij de Kamer van Koophandel en begin gewoon. Ik heb veel dingen gaandeweg zelf uitgezocht en daar leer je ontzettend veel van. En mocht je nog een minor moeten volgen, kies dan voor de Minor Ondernemerschap van Fontys. Daar heb ik erg veel aan gehad.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Serie,PRO Ondernemerschap,Student,FHEC,Nieuws]]></category>
            <pubDate>Mon, 06 May 2024 14:03:34 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/24c27d29-f7d2-4937-9174-bd1b080757ae/500_tomenzijnvriendin.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/24c27d29-f7d2-4937-9174-bd1b080757ae/500_tomenzijnvriendin.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/24c27d29-f7d2-4937-9174-bd1b080757ae/tomenzijnvriendin.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Tom en zijn vriendin]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Gebruik AI in creatieve processen&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gebruik-ai-in-creatieve-processen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gebruik-ai-in-creatieve-processen/</guid><pp:caseid>629638</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Het is een misverstand dat de voortschrijdende technologie juist de creatiefste mensen niet van een baan zou beroven. Of wacht: dat is géén misverstand, zo concluderen docent-onderzoekers Joris van Dooren en Coen Luijten in onderstaand opiniestuk. Op voorwaarde dat creatievelingen die technologieën ook omarmen en gebruiken.&nbsp;</strong></p><p>In 2018 brachten we ons boek Creativity Works! uit. We zijn inmiddels zes jaar verder en de voorspelling in het boek dat niet-creatieve mensen snel werkloos zouden worden is behoorlijk waardeloos gebleken. De arbeidsmarkt is krapper dan krap. Werk genoeg, ook voor mensen die niet dagelijks brainstormen.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:338/auto;width:338px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/a34cfd0e-dfa4-4c95-b942-1f5d1ade25b6/800_jorisencoen.jpg?x=1713949077918" alt="Joris van Dooren en Coen Luijten" width="338" height="auto">Gedurende de afgelopen jaren leken meer van onze voorspellingen niet uit te komen. We wisten niet wie er precies aan die algoritmes voor kunstmatige intelligentie aan het klussen waren, maar erg opschieten leken ze niet te doen. Het viel nogal tegen, de vooruitgang die geboekt werd met de zelfrijdende auto’s en poetsrobots waar we zo naar uitkeken. En dus had op 30 november 2022 een taxi nog steeds een chauffeur en groetten we op onze hogeschool elke morgen vrolijk de schoonmaakploeg.</p><p>De zojuist genoemde datum - 30 november 2022 - is echter geen lukraak gekozen datum. Het is de dag waarop OpenAI zijn kunstmatige intelligente chatbot ChatGPT op de wereld losliet. We probeerden het uit en waren flabbergasted. Een chatbot die wél werkte, dat kon dus gewoon. Eat that, beste verzekeraar/webwinkel/kabeltelevisieprovider!</p><p><strong>Typisch menselijk</strong><br>Ondertussen vroegen wij ons af of creativiteit eigenlijk wel de sleutel is om je brood te kunnen blijven verdienen. Wij zagen het in 2018 namelijk vooral als een typisch menselijke activiteit. Een uniek domein waarin we de computer voorlopig de baas zouden kunnen blijven. Een vaardigheid waarmee je de robot kon verslaan om nog lang en gelukkig te kunnen werken. Over hoe kunstmatige intelligentie creatieve processen zélf zou beïnvloeden hadden we eigenlijk niet zo diep nagedacht. Dat hebben we de afgelopen tijd wel proberen te doen.</p><p>Vanuit ons onderzoeksgebied The Next Level Marketeer bij FMC bekeken we hoe het creatieve proces van het ontwikkelen en uitwerken van communicatie en marketingconcepten beïnvloed wordt door kunstmatige intelligentie en wat dat betekent voor ons onderwijs. Dat hebben we gedaan door gesprekken te voeren met collega-docenten en ervaringsdeskundigen. Daarnaast hebben we studenten geobserveerd in hun creatieve processen. Tot slot hebben we zelf geëxperimenteerd, vooral met ChatGPT. We delen graag onze eerste inzichten.</p><p>Laten we beginnen met een beschrijving van wat we voor de komst van kunstmatige intelligentie verstonden onder het creatieve proces. <i><span>“Creativity is a process in which you search for inspiration and insights, alone or in a team, that help you to come up with ideas, evaluate these ideas on their merit, select the most valuable ideas and combine, improve and enrich these ideas into a concept that you transfer into a prototype that you can learn from”.</span></i></p><p>Onder deze definitie ligt een proces met vier fasen: onderzoeken, ideeën bedenken, ideeën beoordelen en prototypen. Voor elke van deze fases hebben we in kaart gebracht wat ons is opgevallen in gesprekken en observaties. Waar zien we dat kunstmatige intelligentie inzetbaar is in dit proces? Wat zien we studenten doen? We proberen een balans op te maken en kijken steeds hoe dat ons onderwijs beïnvloedt.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:602/auto;width:602px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/43d1815c-a072-4bfc-8ba2-40fa6c8071eb/1920_samaltmanchatgpt.jpg?x=1713949173363" alt="" width="602" height="auto">Onderzoeken</strong><br>In het onderzoek dat het startpunt vormt van een creatief proces speelt de zoektocht naar werkende theoretische principes en modellen een vrij prominente rol. De verwerking van zo’n theorie zorgt er namelijk voor dat een originele oplossing uiteindelijk ook echt werkt. Dat is belangrijk, want een origineel idee is nog geen goed idee. Het moet namelijk ook werken.&nbsp;</p><p>In vrijwel elk creatief onderwijsproject worden daarom theoretische vragen gesteld en beantwoord. Niet dat de gemiddelde student dit zo leuk vindt, maar het hoort er wel bij. Hoe fijn is het dus voor die student dat ChatGPT daarbij een krachtig hulpmiddel is gebleken. Met de juiste prompts heb je zo je theoretische vragen beantwoord. Wil je er APA bronvermelding bij? Kan gewoon. Het beantwoorden van theoretische vragen vraagt op deze manier veel minder tijd. Die tijd kan dan mooi besteed worden aan de drie volgende fasen in het proces.</p><p>Een paar uitdagingen zien we wel. Zo is het bepaald niet gegarandeerd dat studenten hun door ChatGPT gelikt in elkaar gestoken theoretische kaders daadwerkelijk doorgronden. Nu is dat ook bij een door de student volledig zelf geschreven theoretisch kader geen vanzelfsprekendheid, maar toch. In het onderwijs is het iets om alert op te zijn. Het is immers iets wat je wel zou willen.</p><p>Een ander vraagstuk is of studenten in staat zijn om de zin en onzin die een chatbot als Chat GPT mogelijk uitbraakt van elkaar weten te scheiden. Er zullen manieren aangeleerd moeten blijven worden om de kwaliteit van bronnen te kunnen beoordelen. Ook hierover zullen we met de studenten in gesprek moeten blijven.</p><p>Theoretische vragen worden in de meeste creatieve onderzoeksprojecten gecombineerd met toegepaste. Logisch, we noemen een hogeschool niet voor niets een university of applied sciences. De cases die we studenten voorleggen worden opgehaald in het werkveld waar we voor opleiden. Dus, hop, lekker in gesprek met doelgroepen. Wat ons betreft liefst letterlijk. We zien studenten daarbij nog maar mondjesmaat de hulp van ChatGPT inroepen. Gek eigenlijk. De chatbot heeft weinig moeite met het samenstellen van vragenlijsten gebaseerd op theoretische modellen.</p><p><strong>Ideeën bedenken</strong><br>Na de onderzoeksfase volgt de fase waarin ideeën gegenereerd worden. Over het algemeen wordt dit de brainstormfase genoemd. We hebben als creativiteitsdocenten hele generaties studenten uitgelegd hoe belangrijk het was om heel veel domme, wilde ideeën te kunnen bedenken. Was leuk, hebben we veel plezier mee gehad, maar zijn we mee gestopt.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:627/auto;width:627px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b5aba03c-e39f-4213-a74e-81141f98a58d/1920_prompt.jpg?x=1713949674699" alt="" width="627" height="auto">Je kunt ChatGPT die grote hoeveelheid ideeën namelijk gewoon voor je laten bedenken. De chatbot doet daarbij geen uur over het bedenken van honderd ideeën, maar vijf seconden. En die ideeën zijn meestal niet eens dom en wild, maar eerder uitstekend bruikbaar. Je krijgt echt een inspirerend startpunt om op door te brainstormen of om door te gaan naar de volgende fase: het beoordelen en selecteren van de meest kansrijke ideeën.</p><p><strong>Ideeën beoordelen</strong><br>Het lijkt erop dat dit nog even mensenwerk blijft. Bij de beoordeling van ideeën zijn twee zaken belangrijk. Ten eerste moet je de potentie van een idee op waarde kunnen schatten. Om dat te kunnen doen moet je veel weten van de context waarin het idee gelanceerd gaat worden. Je hebt er de inzichten uit het onderzoek van de eerste fase voor nodig. Een berg ervaring helpt ook.&nbsp;</p><p>De mix van inzichten en ervaringen die je nodig hebt om in te kunnen schatten of een idee echt gaat werken in de praktijk is doorgaans zo complex dat deze lastig over te brengen is aan een computer. Het is voor mensen ook moeilijk onder woorden te brengen. Kansrijke ideeën zorgen voor energie en enthousiasme bij de bedenkers ervan. Ze voelen gewoon dat ze iets te pakken hebben dat gaat werken.</p><p>Een algoritme heeft echter geen emoties. Een enthousiaste tone of voice kan het wel maken als je het om een tekst vraagt, maar echt enthousiasme voelen kan het niet. Dus ook niet voor een idee. Wie een algoritme criteria voor de haalbaarheid en impact van een idee kan geven, zal misschien best nog een heel eind komen. Meer onderzoek is nodig.</p><p><strong>Prototypen</strong><br>In deze fase wordt er van het gekozen concept een prototype ontwikkeld om deze te testen en verbeteren. Hierbij vergroten toepassingen die gebruik maken van kunstmatige intelligentie de mogelijkheden enorm. Een uitgangspunt dat wij in het onderwijs gebruiken is dat je begint met een quick & dirty in elkaar geflanst prototype. Daarmee ga je een iteratief proces in waarbij je bij elke volgende feedback loop meer tijd, moeite en middelen in het nieuwe prototype steekt.</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:530/auto;width:530px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/e960b708-414d-4a0d-917a-95d98b8bd45a/1920_chatgpt.jpg?x=1713949958136" alt="" width="530" height="auto">De kunstmatige intelligentie achter toepassingen als Midjourney en Chat GPT rekt de mogelijkheden bij prototyping enorm op. Veel bekende technieken als user story writing, storyboarding, visual prototyping en mockup design, die tot anderhalf jaar terug best veel tijd en moeite kostten om te maken, zijn nu veel sneller te vervaardigen.</p><p><strong>Inzichten en issues</strong><br>Welke overkoepelende inzichten en issues filteren we uit de ervaringen die we opgedaan hebben in de voorgaande vier fases? Ten eerste zien we dat juist creatieve mensen dik profiteren van de nieuwe mogelijkheden die kunstmatige intelligentie biedt. Zij zetten kunstmatige intelligentie op slimme en originele manieren aan het werk. Ze zijn nieuwsgierig en experimenteren er graag op los. Daarmee wordt hun voorsprong op mensen die deze mindset minder hebben waarschijnlijk groter dan ooit tevoren. Je raakt je baan niet kwijt aan kunstmatige intelligentie denken wij, maar aan iemand die wél kunstmatige intelligentie gebruikt.</p><p>Ten tweede zien we dat inhoudelijke kennis en analytische vaardigheden belangrijk zijn. De kwaliteit van de output van kunstmatige intelligentie hangt in hoge mate af van de kwaliteit van de opdracht, de zogenaamde prompt. Hoe beter deze prompt, hoe beter het antwoord. Iemand die inhoudelijke kennis heeft van creatieve processen en er vaardig mee is komt veel gemakkelijker tot goede prompts.</p><p>Ten derde confronteert anderhalf jaar experimenteren met kunstmatige intelligentie ons met een issue waar we in ons onderwijs diep over na zullen moeten denken. Er zweeft namelijk een loeier van een vraag boven alles die voor de toetsing die nou eenmaal tot nu toe ook bij onderwijs hoort, essentieel is. Wie is onder de streep de maker? Waar we het tot nu hebben over kunstmatige intelligentie bedoelen we eigenlijk generative artificial intelligence: kunstmatige intelligentie die op aanvraag voor de gebruiker iets genereert. We zien daarbij dat de kwaliteit van de output sterk afhangt van de kwaliteit van de prompt. Degene die de prompt geeft speelt dus een belangrijke rol. Maar is daarmee de gebruiker ook echt nog de maker?</p><p>Kunstmatige intelligentie gaat in zijn hulp een stap verder dan de ondersteuning die tot nu toe gangbare software bood. Een tekst laten schrijven door Chat GPT is toch net wat van een wat andere orde dan in Word een tekst typen en daar de spellingscontrole op loslaten. Een foto laten genereren is van een andere orde dan er zelf eentje nemen en hem bewerken in Photoshop. Daardoor zien we dat we als hogeschool in de toetsing worstelen met het begrip eigen werk. Is het voldoende als de student zijn dialoog met Chat GPT als bijlage inlevert? We wensen examencommissies bij de beantwoording van dit soort vragen wijsheid toe.</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:592/auto;width:592px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_shutterstock-438568522.jpg?x=1713951740001" alt="" width="592" height="auto">Combinatie</strong><br>Tot slot, wat leren onze ervaringen ons als het gaat om onze blik op het fenomeen creativiteit? Een interessante gedachte is dat nieuwe ideeën eigenlijk niet bestaan. Elk zogenaamd nieuw idee kan ook gezien worden als een nieuwe, zinnige combinatie van ideeën die al bestonden.&nbsp;</p><p>Nieuwe combinaties maken kon een computer altijd al. Eindeloos en in een hoog tempo. Die combinaties ook zinnig laten zijn leek ons voorbehouden aan de mens. Computers hebben immers geen idee wat ze aan het doen zijn.&nbsp;</p><p>Maar zo simpel blijkt het niet te zijn. De mens lijkt erin geslaagd te zijn de computer zo te programmeren dat als je hem duizenden voorbeelden van nieuwe, zinnige combinaties uit het verleden geeft, hij zelf ook zulke combinaties kan gaan maken. Daarmee zijn we in een fase beland waarin mens en computer echt samen kunnen optrekken in creatieve processen, waarvan beide zullen leren.</p><p>In ons boek Creativity Works! staat op een tussenpagina als geintje een definitie van creativiteit die ons destijds wel aansprak. Creativity is intelligence having fun. Ook al kan een computer geen blijdschap voelen, misschien moet dat óók wel zijn: creativity is artificial intelligence having fun?</p><p>Studenten van nu hebben een supereffectieve assistent die met delen van het creatieve proces wel raad weet. Dat heeft een gevolg voor de student, waar we in onze omgeving nog niemand over gehoord hebben. Van iemand die geweldige hulp krijgt bij onderzoek, ideeëngeneratie en prototyping mag meer verwacht worden. Als de helft van het praktische werk voor je gedaan wordt, hou je tijd over om na te denken. Daarmee kun je komen tot meer volwassen gedachten over wat je bij wie wil bereiken met je concept en hoe dat je dat gaat doen.&nbsp;<br>Hoe lastig het misschien ook te toetsen is, de strategische lat voor studenten kan en moét omhoog.</p><p><i>Joris van Dooren en Coen Luijten zijn beiden<span> docent-onderzoeker bij FMC, voorheen FEHT. Hun onderzoeksgebied heet The Next Level Marketeer.&nbsp;</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Opinie,AI,FHEC,PRO ICT,PRO Marketing,PRO Communicatie]]></category>
            <pubDate>Wed, 24 Apr 2024 13:47:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/b5aba03c-e39f-4213-a74e-81141f98a58d/500_prompt.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/b5aba03c-e39f-4213-a74e-81141f98a58d/500_prompt.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/b5aba03c-e39f-4213-a74e-81141f98a58d/prompt.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Prompt]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten reiken ‘vuile’ award uit aan gemeente Eindhoven</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-reiken-vuile-award-uit-aan-gemeente-eindhoven/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-reiken-vuile-award-uit-aan-gemeente-eindhoven/</guid><pp:caseid>625749</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De gemeente Eindhoven viel afgelopen week in de prijzen. Of het een prijs is waar ze trots op zijn, is te betwijfelen. De berm aan de Tilburgseweg werd namelijk door twee studenten van de opleiding Communicatie Advertising bekroond met ‘De Meest Bevuilde Berm Award’.</strong></span></p><p><span>De award is een idee van studenten Patty van den Broek en Bart Buijs, die beiden stage lopen bij reclamebureau Fama Volat. Datzelfde reclamebureau bedacht eerder dit jaar een bord om afval in de berm tegen te gaan, het ‘Beschermde Bermbord’. “Uit onderzoek bleek dat het labelen van een berm als ‘beschermd’ leidt tot een afvalafname van 60 procent”, vertelt Patty.</span></p><p><span>Zo’n bord is leuk, maar hoe krijg je dit onder de aandacht bij gemeenten? Daar bedachten de twee studenten de award voor. Een ludieke manier om het bermafval opnieuw op de kaart te zetten. Dat lukte, want afgelopen zaterdag, tijdens de Landelijke Opschoondag, stonden Hart van Nederland en Omroep Brabant klaar om het overhandigen van de award vast te leggen op beeld. Zo werd de berm aan de Tilburgseweg plots niet de meest bevuilde berm van Brabant, maar van Nederland.</span></p><p><strong>Vervuilde leefruimte</strong><br><span>De award voor de meest bevuilde berm werd die dag symbolisch overhandigd aan Frans Kapteijns, boswachter en ambassadeur van het ‘Beschermde Bermbord. “De bermen zijn Nederlands grootste natuurgebied”, legt Bart uit. “Het is een leefruimte voor veel kleine diertjes en insecten, maar dat beseffen mensen niet. Wij vinden het gek dat mensen hier hun afval in gooien, daar moet deze campagne wat aan veranderen.”</span></p><p><span>Dat is voor Patty en Bart de volgende stap tijdens hun stage: samen met de gemeente Eindhoven realiseren dat bermen voorzien worden van de ‘Beschermde Bermborden’, een bruin bord dat geïnspireerd is op de exemplaren die onder andere in beschermde natuurgebieden te vinden zijn. “Bij het zien van deze borden zijn automobilisten minder snel geneigd om hun afval weg te gooien, het straalt autoriteit uit”, aldus Bart.</span></p><p><strong>‘200 gegadigden’</strong><br><span>Dat blijkt uit eerdere onderzoeken. Zo staan in Tilburg en Waalwijk al enkele borden in bermen met 60 procent minder zwerfafval tot gevolg. “We hebben &nbsp;nog niets van de gemeente gehoord, maar op sociale media hebben we meer dan 200 reacties ontvangen met andere bermen die ook zo’n bord kunnen gebruiken”, vult Patty aan.</span></p><p><span>Eén blikje uit het zwerfafval is door Patty en Bart zelf gered, als model voor de award. De twee studenten zijn zelf ook bewuster geworden van zwerfafval. “Wanneer je het schoolterrein opstapt bijvoorbeeld. Bij Campus Rachelsmolen liggen de peuken massaal op de grond en zwerven overal verpakkingen rond. Dankzij dit project zijn we in gaan zien dat zwerfafval echt een probleem is. Dat we dankzij dit soort projecten iets aan het probleem kunnen doen, voelt goed."&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Student,Eindhoven,Duurzaamheid]]></category>
            <pubDate>Wed, 27 Mar 2024 13:58:24 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1ad952ca-b4db-448d-8cab-7aa65a0d6809/500_bartfranskapteijnsenpatty.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1ad952ca-b4db-448d-8cab-7aa65a0d6809/500_bartfranskapteijnsenpatty.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1ad952ca-b4db-448d-8cab-7aa65a0d6809/bartfranskapteijnsenpatty.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bart, Frans Kapteijns en Patty]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Student Lisanne naar WK synchroon schaatsen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/student-lisanne-naar-wk-synchroon-schaatsen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/student-lisanne-naar-wk-synchroon-schaatsen/</guid><pp:caseid>625602</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Fulltime studeren, stage lopen en tussendoor volop trainen voor het WK synchroon schaatsen in Zagreb, Kroatië. De 20-jarige communicatiestudente Lisanne Szlapka heeft het er maar druk mee, maar is vooral dolenthousiast.</strong></span></p><p><span>Op haar vijfde, na het halen van haar zwemdiploma’s, bond Lisanne voor het eerst de ijzers onder. Een verdraaid goede keuze, want samen met haar teamgenoten van Team Ice United wist Lisanne zich dit jaar voor de derde keer op rij te kwalificeren voor het WK. “Wij schaatsen in de hoogste klasse binnen onze sport, samen met nog één ander team uit Nederland.”</span></p><p><span>Toch was het Team Ice United dat zich wederom weer wist te plaatsen voor de wereldkampioenschappen die van 4 tot en met 6 april plaatsvinden in het Kroatische Zagreb. “Vanuit de KNSB zijn er drie ISU-wedstrijden, kwalificatiewedstrijden op wereldniveau. Het team met de meeste punten over die drie wedstrijden gaat naar het WK, en wij wisten alle drie de keren die winst binnen te slepen.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:254/auto;width:254px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c50e98c5-9efe-4d79-a71b-8d9cb03b951c/800_lisannemiddenmeteenaantalteamgenoten.jpeg?x=1711362476607" alt="Lisanne (midden) met een aantal teamgenoten" width="254" height="auto">Trainen en progressie</strong><br>H<span>et team van Lisanne staat drie maal per week 2,5 uur lang paraat om te trainen. Te beginnen met een off-ice, waar de schaatsroutines al lopend en springend doorgenomen worden. Daarna volgt een uur op het ijs, waarna wederom afgesloten wordt op ‘vaste grond’. Daarnaast worden wekelijks video's geanalyseerd en krijgt ieder teamlid constant tips om uitvoeringen te verbeteren.</span></p><p><span>Die trainingen en analyses werpen hun vruchten af. Team Ice United stond voorgaande jaren namelijk nog onder rivaal Eindhoven, wist daarna op hetzelfde niveau te komen en staat nu ver daarboven. “Op het WK stonden we vorig jaar flink achter op het nationaal team van Polen, maar dat is nu al teruggebracht naar maar 0.5 punt. Ze hebben deze kampioenschappen dus een ‘target’ op hun rug, want hun plaats wordt voor ons.”</span></p><p><strong>Topsport, maar (nog) niet Olympisch</strong><br><span>Dat is dan ook het doel van Lisanne en haar team tijdens het komende WK: steeds beter worden. Een plek in de top drie zit er waarschijnlijk niet in, want die gaan meestal naar Canada, Finland en Amerika. Landen waarin synchroon schaatsen een veel bekendere sport is dan in Nederland. “Waar dat aan ligt? Nederland is echt een schaatsland, maar synchroon schaatsen is vrijwel onbekend. Het is geen Olympische sport en heeft geen NOC*NSF-status, dus krijgt het ook minder aandacht. Onze wedstrijden zijn bijvoorbeeld alleen te volgen via livestreams, maar zullen nooit op tv uitgezonden worden.”</span></p><p><span>Dat lijkt, na het zien van een van de trainingen van Lisanne en haar team, onterecht. Wie denkt dat synchroon schaatsen nog steeds alleen maar bestaat uit gezamenlijk lijnen rijden en rondjes draaien, wordt bij het zien van Team Ice United positief verrast. Al schaatsend worden niet alleen gecompliceerde routines uitgevoerd, maar worden mensen ook op allerlei manieren de lucht in getild en worden trucs uitgevoerd.</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:313/auto;width:313px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/888b971e-41a3-4b62-a9ed-f5503b634abd/800_lisannelinkstijdenseenkuumlr.jpeg?x=1711362490041" alt="Lisanne (links) tijdens een kür " width="313" height="auto">Passie en opleiding</strong><br><span>Synchroon schaatsen is Lisannes grootste passie, maar ze heeft ook nog een hbo-opleiding te volgen. Die twee dingen combineren gaat haar goed af, maar is soms toch ook wat lastig. “Mijn topsport heeft mijn prioriteit, maar ik zorg wel dat mijn schoolwerk altijd op tijd af is. Ook heb ik samengezeten met een topsportcoördinator vanuit Fontys omdat het WK tijdens mijn stageperiode valt. Helaas waren er geen mogelijkheden om daar iets in aan te passen.”</span></p><p><span>Dat betekent dat Lisanne de uren die zij mist ‘gewoon’ in moet halen, zodat zij net zoveel stage-uren loopt als haar studiegenoten. “Ik moet aan dezelfde eisen voldoen als andere studenten. Dat is ook niet verkeerd, want we krijgen natuurlijk allemaal hetzelfde diploma. De topsportcoördinatie zou bijvoorbeeld wel ingezet kunnen worden voor het verplaatsen van tentamens, maar die hebben we op onze opleiding niet.”</span></p><p><strong>Puntjes op de ‘i’</strong><br><span>Inmiddels loopt Lisanne stage bij de bibliotheek in Eindhoven, maar haar trainingen én haar team, dat inmiddels aanvoelt als familie, staan altijd nog op één. “We zijn beide WK’s negentiende geworden (waarvan de tweede editie uit meer teams bestond). Dit jaar willen we hoger op de ranking eindigen en ons persoonlijk verbeteren. We hebben nu nog even de tijd om de puntjes op de ‘i’ te zetten, zodat we ons begin april van onze beste kant kunnen laten zien.”</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Student,PRO Sport,PRO Communicatie,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Mon, 25 Mar 2024 12:59:52 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/d656d3b9-ff47-4183-9f22-85df02355a85/500_lisanneszlapka.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/d656d3b9-ff47-4183-9f22-85df02355a85/500_lisanneszlapka.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/d656d3b9-ff47-4183-9f22-85df02355a85/lisanneszlapka.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lisanne Szlapka]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Studenten ontwikkelen nieuw duurzaam rietje StrawMigo</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/studenten-ontwikkelen-nieuw-duurzaam-rietje-strawmigo/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/studenten-ontwikkelen-nieuw-duurzaam-rietje-strawmigo/</guid><pp:caseid>623504</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>We zijn allemaal al even gewend aan papieren rietjes. Op het terras, bij restaurants of fastfoodketens: we vinden ze inmiddels overal. Heel praktisch zijn ze echter niet. Om er toch voor te zorgen dat iedereen op een duurzame en zorgeloze manier van zijn of haar drankje kan genieten, hebben zes studenten een nieuw rietje ontwikkeld: de StrawMigo.</strong></span></p><p><span>Een nieuw rietje als je beste vriend dus, die je overal mee naartoe kan nemen. Het is een idee van zes derdejaarsstudenten van de opleiding Ondernemerschap & Retailmanagement in Eindhoven, die aan het begin van dit collegejaar hun eigen bedrijf moesten starten.</span></p><p><span>Jarmo is een van de studenten die onderdeel uitmaakt van de kersverse ondernemersgroep. Samen met zijn ‘collega’s’ hadden ze tien weken om een idee te pitchen. “We zijn als groep vanuit problemen gaan denken. Wat vinden we allemaal nu echt heel vervelend? Al snel kwamen we uit op de papieren rietjes die je bijvoorbeeld krijgt bij McDonalds en op het terras. En de metalen rietjes die mensen thuis hebben liggen om mee te nemen zijn onhandig omdat je ze niet meteen schoon kunt maken en niet handig in je broekzak kunt stoppen.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:371/auto;width:371px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/784937fb-38ee-4d51-99cf-b7d6feaaef13/800_jarmoderdevanrechtsmethetteamvanstrawmigo.png?x=1710159078992" alt="Jarmo (derde van rechts) met het team van StrawMigo" width="371" height="auto">Rietje bij de hand</strong><br><span>Daar moet StrawMigo dus een eind aan maken: een uitschuifbaar metalen rietje in een koker, inclusief borsteltje om het ter plekke schoon te maken. “De koker is ongeveer een vinger lang en kun je als een soort sleutelhanger aan je sleutels of je tas hangen. Zo heb je altijd een handig rietje bij de hand.”</span></p><p><span>De papieren versies op het terras, die naarmate van tijd altijd verslappen, zijn voor Jarmo en zijn medestudenten dan ook verleden tijd. Zelf maakten ze afgelopen weekend nog gebruik van StrawMigo op het terras, maar daar blijft het niet bij. Want ook al zijn er al heel wat duurzame rietjes op de markt, zijn de studenten er volledig van overtuigd dat ze een nieuw en goed product op de markt hebben gebracht. “Dankzij onze bijgeleverde borstel zit je nooit meer met vuiligheid te kijken. En als er wel nog wat vuil achterblijft, heb je daar dankzij onze koker geen last van wanneer je het rietje weer inpakt.”</span></p><p>Inmiddels zijn de eerste rietjes ook al de deur uit. Een bestelling van 150 stuks, die<span> werd gedaan door een bedrijf dat de rietjes als relatiegeschenk inzet. Eén van de voordelen van StrawMigo, aldus Jarmo: “De kokers zijn te personaliseren, waardoor ieder bedrijf haar eigen logo of slogan op ons product kan laten zetten en een eigen kleur kan kiezen.”</span></p><p><strong>‘Goud waard’</strong><br><span>Dat gebeurt binnenkort ook bij de Jumbo, waar 500 exemplaren voor zijn besteld met de slogan ‘Je bent goud waard’, op een toepasselijke gouden koker. “Die zijn voor het personeel. Maar daarnaast komt StrawMigo ook in de verkoop bij de supermarkt, om te beginnen bij zes verschillende locaties.”</span></p><p><span>Naast dat StrawMigo dus bij bedrijven wordt ingezet als relatiegeschenk, zijn de duurzame rietjes straks ook voor de ‘gewone consument’ te koop. “In pakjes van drie of vijf stuks bijvoorbeeld, voor het hele gezin, vrienden of familieleden.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:270/auto;width:270px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d307334c-0ddd-4870-a965-48f2a92edc67/800_strawmigo.png?x=1710159066006" alt="StrawMigo" width="270" height="auto">Duurzaamheid</strong><br><span>Om ervoor te zorgen dat iedereen van StrawMigo afweet, heeft Jarmo in de groep de rol van marketingmanager op zich genomen. Hij is nu dan ook volop bezig met het maken van flyers, reclames en het aanschrijven van klanten. Dat lijk zijn vruchten af te werpen, want er zijn inmiddels weer een paar offertes de deur uitgegaan. “Bij iedere klant die we benaderen, sturen we meteen foto’s mee van hoe ons product eruit kan zien met hun logo erop. Dat spreekt aan. Ook merk je dat bedrijven duurzaamheid steeds belangrijker vinden, en een product als StrawMigo past daar goed bij.”</span><br><br><span>Hoewel de zes studenten veel zelf doen, krijgen ze vanuit hun opleiding bij Fontys ook een docentcoach, een externe coach en een accountant om alles in goede banen te leiden. Echte obstakels is Jarmo dan ook nog niet tegenkomen. “Maar het is wel lastig wanneer een bedrijf na een offerte niet meer reageert, maar door binnen ons team goed samen te werken en erachteraan te gaan, komt het ook altijd wel weer goed.”</span></p><p><span>Die samenwerking willen Jarmo en zijn medestudenten ook na dit collegejaar doorzetten. “Officieel zit het project er dan op, maar als we merken dat er inderdaad genoeg vraag is vanuit bedrijven en consumenten, willen we graag doorgaan. We hebben een mooi product en zijn er allemaal ontzettend enthousiast over.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Ondernemerschap,FHEC]]></category>
            <pubDate>Tue, 12 Mar 2024 09:54:33 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/fa9aa250-880d-4564-854a-61a4f7cb43d8/500_strawmigo.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/fa9aa250-880d-4564-854a-61a4f7cb43d8/500_strawmigo.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fa9aa250-880d-4564-854a-61a4f7cb43d8/strawmigo.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[StrawMigo]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Meer jongeren beleggen: &#039;Maar miljonair word je niet&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/meer-jongeren-beleggen-maar-miljonair-word-je-niet/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/meer-jongeren-beleggen-maar-miljonair-word-je-niet/</guid><pp:caseid>623009</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Beleggen wordt steeds populairder onder jongeren. Bij de Fontysminor Financiële Planning wordt er zelfs les in gegeven. Volgens docent Marcel Berende heeft de toename van jonge beleggers op de aandelenmarkt alles te maken met één ding: online en op een snelle manier geld verdienen. Maar kan dat wel met beleggen?</strong></span></p><p><span>Effectenmakelaars als EasyBroker en Brand New Day zagen de afgelopen paar jaar het aantal 30-minners onder hun klanten aanzienlijk groeien. Grote bedragen blijven daarbij nog uit, maar er worden wel elke maand bedragen vanaf vijftig à honderd euro ingelegd. Een logische trend, vindt docent Beleggen Marcel Berende. “Als we kijken naar de afgelopen 120 jaar in de beleggingshistorie, wordt je geld jaarlijks gemiddeld 8 tot 9 procent meer waard.”</span></p><p><span>Dat gegeven zorgt er volgens minorcoördinator Sanne Boumans weer voor dat de minor Financiële Planning zo in trek is bij studenten. “Sommige studenten beleggen al en sommigen willen er juist meer van weten.”</span></p><p><strong>Snel rijk</strong><br><span>Marcel Berende valt in de minorgroep weer iets anders op. “Er is een flink aantal studenten die net de maand doorkomen en weinig geld over hebben, maar er zitten ook studenten bij die aangeven meer bij DUO te lenen omdat het geen tot weinig rente kost, om dat geld dan te beleggen en meer rendement te maken.”</span></p><p><span>Maar heel snel rijk word je er volgens de docent niet mee. “Studenten verwachten dat als zij 5000 euro inleggen, dit het volgend jaar 50.000 euro waard is. Ze denken dat beleggen net als de cryptomarkt werkt, maar dat is niet het geval.”</span></p><p><strong>Crypto of beleggen</strong><br><span>Dat is dan ook wat de studenten onder andere leren tijdens de minor, inclusief de verschillende beleggingsobjecten zoals aandelen, obligaties en fondsen, de bijbehorende risico’s en waar je kunt vinden hoe aandelen gewaardeerd worden. Crypto hoort daar niet bij. “Dat laatste is min of meer gebakken lucht en kent geen onderliggende waarde. Dat is bij beleggen in bedrijven wel zo”, legt Berende uit.</span></p><p><span>Op de vraag of ook studenten van Fontys beleggen, verschillen de antwoorden. Sommigen geven aan er niets vanaf te weten, anderen houden zich er juist wel mee bezig. Zo ook Rowan, die de minor Graphic Design volgt. Hij belegt sinds een jaar, maar snel rijk wil hij er niet mee worden. “Ik beleg juist voor de langere termijn. Studenten kiezen er vaak voor om te sparen, maar met beleggen vergroot je je vermogen sneller. Dat is iets wat mensen van mijn leeftijd niet echt weten.”</span></p><p><strong>Geld wat je kan missen</strong><br><span>Rowan begon met beleggen dankzij de podcast Jong Beleggen, die hij ook aan zijn vrienden tipt. “Of ze er ook mee begonnen zijn? Niet direct, maar dankzij de informatie die ik ze geef zijn ze er wel over na aan het denken. Ze beleg ik bijvoorbeeld ook niet met grote bedragen hoor, maar ik leg wel iedere maand een bedrag in wat ik kan missen. Dat kan iedereen doen.”</span></p><p><span>Dat laatste is iets wat ook Berende alle studenten mee wil gegeven. “Beleg alleen met geld dat je echt niet nodig hebt en verdiep je in waar je in belegt. Er bestaat altijd een kans dat je geld verliest en dat brengt emoties met zich mee. Ga niet mee met de grote hoop, maar vraag jezelf vooral goed af of en waar je je geld in wilt beleggen.”</span></p><p><span>Als laatste tip geeft de docent ook aan dat iedereen die begint zijn inleg moet spreiden. “In index wereldwijd bijvoorbeeld. Het belangrijkste is dat je de tijd neemt om je vermogen te laten groeien. Uiteindelijk bouw je echt wel iets op, maar miljonair wordt je er niet mee.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC,PRO Financieel]]></category>
            <pubDate>Wed, 06 Mar 2024 14:23:15 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_geldberekenenstudent.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_geldberekenenstudent.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/geldberekenenstudent.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[geld berekenen student]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Latief Sheikchote: ‘Ik wil dat internationale studenten zich thuis voelen’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/latief-sheikchote-ik-wil-dat-internationale-studenten-zich-thuis-voelen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/latief-sheikchote-ik-wil-dat-internationale-studenten-zich-thuis-voelen/</guid><pp:caseid>613955</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><strong>Docent van het Jaar-verkiezing</strong><br><span style="background-color:rgb(243,243,243);"><span style="text-align:left;">Dit jaar zijn er vijf docenten genomineerd voor deze prestigieuze titel. Gedurende drie weken publiceert Bron over elke kanshebber een verhaal. Op maandag 8 januari wordt tijdens de Nieuwjaarsontmoeting op campus Rachelsmolen de winnaar bekendgemaakt. Hij of zij ontvangt uit handen van het bestuur een cheque van 5.000 euro ten behoeve van innovatie in het onderwijs. Of hij of zij dat wil, wordt de winnaar ook afgevaardigd naar de landelijke verkiezing Docent van het Jaar.</span></span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Twee keer is in het geval van Latief Sheikchote hopelijk scheepsrecht. Vorig jaar werd hij voor de eerste keer genomineerd voor de Docent van het Jaar-verkiezing, dit jaar nogmaals. “Nu ga ik er echt voor.”</strong></span></p><p style="text-align:start;">Aan wie Sheikchote de nominatie te danken heeft, weet hij niet. Waarschijnlijk komt het uit de hoek van internationale studenten, aangezien hij vooral deze groep lesgeeft. Ze komen uit alle hoeken van de wereld: Bulgarije, Spanje, Italië, Afrika, Nigeria, Oman, Indonesië, Mexico, Panama en New York. “Dat maakt mijn werk extra interessant”, zegt hij.</p><p style="text-align:start;"><strong>Betrokken&nbsp;</strong><br>Omdat zijn studenten in een voor hun vreemd land studeren, met alle onbekende regels en zaken die daarbij komen kijken, probeert Sheikchote er zo goed mogelijk voor hen te zijn. Hij is betrokken bij de selectiekeuze voor hun studie, hun introductieweek en allerlei bijkomstige zaken. “Ze moeten heel veel dingen regelen. Van huisvesting tot een fiets en van een stageplek tot het aanvragen van een bankpasje. Ik probeer ze daar zo goed mogelijk bij te helpen.”</p><p style="text-align:start;">Als voorbeeld noemt hij een internationale student die al een jaar bij Fontys studeerde, maar nog steeds geen woonruimte had gevonden. “Tijdens schooldagen huurde ze een hotel of AirBnb, in het weekend vloog ze naar haar thuisland. Dat hield ze een behoorlijke tijd vol, maar als dit zo nog lang door was gegaan, zou ze haar studie moeten stopzetten. Dat wilde ik voorkomen.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Woonruimte&nbsp;</strong><br>Sheikchote belde een vriend die appartementen verhuurt. “Normaal gesproken verhuurde hij niet aan studenten, maar ik heb hem overgehaald om een uitzondering te maken. Uiteindelijk heeft dat geresulteerd in een woonruimte voor vier Fontysstudenten. Het is fijn dat ik op deze manier kan helpen.”</p><p style="text-align:start;">De docent werkt nu acht jaar bij Fontys. Daarvoor gaf hij les bij het Summa College, maar daar was ‘de koek op een gegeven moment op’. Hij was klaar met het spelen van politieagentje en wilde meer focus kunnen leggen op het overbrengen van een vak. In zijn geval: bedrijfseconomie. “Bij Fontys kan ik veel meer ingaan op de inhoud. Dat maakt het zo interessant.”</p><p style="text-align:start;"><strong>Mentale gezondheid&nbsp;</strong><br>Zijn doel? Op de lange termijn: zoveel mogelijk internationale studenten zich thuis laten voelen bij Fontys en in Nederland. Op de korte termijn: de Docent van het Jaar-verkiezing winnen.</p><p style="text-align:start;">“Ik ga voor de titel en voor de eer, maar ook voor de 5.000 euro aan prijzengeld voor onderwijsvernieuwing. Met dat bedrag wil ik twee dingen doen: een tool ontwikkelen waarmee lesgeven in het Engels makkelijker wordt gemaakt en onderzoek doen naar de mentale gezondheid van internationale studenten. Het is immers niet niks om in je uppie in een vreemd land te studeren, vaak zonder woonruimte of andere basisbehoeften.”&nbsp;</p><p style="text-align:start;"><i>Van alle vijf genomineerden zijn inmiddels interviews op de website van Bron verschenen. Lees hier de verhalen terug van </i><a href="https://bron.fontys.nl/caspar-van-hilten-studenten-helpen-maakt-me-gelukkig/" target="_blank"><i>Caspar van Hilten</i></a><i>, </i><a href="https://bron.fontys.nl/lars-hagen-werk-is-voor-mij-een-grote-hobby/" target="_blank"><i>Lars Hagen</i></a><i>, </i><a href="https://bron.fontys.nl/marcel-van-den-heuvel-een-les-niet-gelachen-is-een-les-niet-geleefd/" target="_blank"><i>Marcel van den Heuvel</i></a><i> en </i><a href="https://bron.fontys.nl/glenn-schroeders-fouten-maken-is-niet-erg/" target="_blank"><i>Glenn Schroeders</i></a><i>. [Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Docent van het Jaar,Achtergrond,Eindhoven,FHEC]]></category>
            <pubDate>Tue, 19 Dec 2023 09:39:12 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/340041ed-a6fd-4377-948c-1732470c42f0/500_latief02.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/340041ed-a6fd-4377-948c-1732470c42f0/500_latief02.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/340041ed-a6fd-4377-948c-1732470c42f0/latief02.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Latief Sheikchote]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>‘NL 2040’: Fontys-studenten maken toekomstverkenning</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nl-2040-fontys-studenten-maken-toekomstverkenning/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nl-2040-fontys-studenten-maken-toekomstverkenning/</guid><pp:caseid>613990</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Politici duidelijker rekenschap laten geven van hun handelen en een bewustwordingscampagne om (jonge) vrijwilligers naar sportverenigingen te lokken. Zo maar twee ideeën uit ‘NL 2040’, een toekomstverkenning uitgedokterd door Fontys-studenten.</strong></span></p><p><span>“Het is de eerste keer dat we op deze niet-traditionele manier onderzoek doen”, zegt docent-onderzoeker Nanny Kuijsters. “Echt multidisciplinair, met inbreng van onder meer studenten van Fontys Marketing en Communicatie FMC), Fontys Economie en Communicatie (FEC) en Fontys Academy for the Creative Economy (ACE), waarin we ook nog eens ‘vormvrij’ waren.” In totaal begeleidden zes docenten het project en werden ruim honderd Fontys-studenten bevraagd. Een vertegenwoordiger van opdrachtgever VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) nam de </span><a href="https://eur01.safelinks.protection.outlook.com/?url=https%3A%2F%2Fwww.fontys.nl%2FOnderzoek%2FCreatieve-economie-1%2FEen-inspirerend-toekomstbeeld-voor-Nederland-hoe-ziet-dat-er-uit.htm%3Freturnurl%3D%257B%2522fields%2522%253A%255B%257B%2522key%2522%253A%2522facet_research_area%2522%252C%2522value%2522%253A%255B%2522Creatieve%2520economie%2522%255D%257D%252C%257B%2522key%2522%253A%2522facet_research_project%2522%252C%2522value%2522%253A%255B%2522Lopend%2522%255D%257D%255D%252C%2522keywords%2522%253A%2522%2522%257D&data=05%7C02%7Cbron%40fontys.nl%7Cd066c301612c46ae6df308dbfbf01ca5%7Cc66b6765b7944a2b84ed845b341c086a%7C0%7C0%7C638380780922402607%7CUnknown%7CTWFpbGZsb3d8eyJWIjoiMC4wLjAwMDAiLCJQIjoiV2luMzIiLCJBTiI6Ik1haWwiLCJXVCI6Mn0%3D%7C3000%7C%7C%7C&sdata=j2%2BY4NnfwhumMqA6AaMgIVgeTgWjE%2FdK15xxjCq9MBs%3D&reserved=0" target="_blank"><span>visie </span></a><span>vanochtend in ontvangst (zie foto).</span></p><p><span><strong>Hersengymnastiek</strong></span><br><span>De gekozen werkwijze heet ‘emergent’ of ‘organisch’ onderzoek, waarbij het pad dat tot een doel moet leiden niet vastomlijnd is. Voor studenten best complex, vertelt Kuijsters. “Stapje voor stapje zoeken naar concrete toekomstbeelden. Het was voor hen hersengymnastiek om los te komen van de kaders die ze meestal krijgen aangereikt.” Bovendien vonden studenten het lastig om de blik te verleggen naar het nu nog abstracte jaar 2040.</span></p><p><span>“Door middel van bijvoorbeeld ‘imagineering’-workshops en gastcolleges door onder meer diskjockey en cultuuradviseur Isis van der Wel – waarbij studenten zich buigen over toekomstvisies – werd die koudwatervrees bestreden.”</span></p><p><span><strong>Rollende Raad</strong></span><br><span>Uiteindelijk ‘droom-denken’ de studenten op zes verschillende thema’s. “De vormvrijheid die ze daarbij hadden, leidt er bijvoorbeeld toe dat een onderwerp als ‘Natuur en klimaat’ weliswaar vaak werd besproken, maar niet is uitgekristalliseerd in een toekomstplan. In plaats daarvan focussen studenten meer op sport en democratie, onderwerpen die grijpbaarder zijn.”</span></p><p><span>Zo werkten studenten van verschillende ACE-opleidingen in opdracht van de gemeente Tilburg aan een plan om de lokale democratie dichter bij jongeren te brengen. “We zochten manieren om ervoor te zorgen dat bestuurders die doelgroep beter ‘zien’, ‘horen’ en ‘begrijpen”, zegt student Youri van CO-IEMES.&nbsp;</span></p><p><span>“Uit ons onderzoek blijkt dat er een taalkloof heerst tussen bestuurders en jongeren, die hun beleidstaal niet vatten. Daarnaast zenden politici vooral, in plaats van dat ze luisteren.” Om die afstand te slechten, komen de studenten met het initiatief van de ‘Rollende Raad’. Daarbij wordt een lokale politicus op zijn of haar bureaustoel naar buiten gereden om daar in gesprek te gaan met jongeren.</span></p><p><span>Uit een ander democatieonderzoek blijkt dat jongeren meer inspraak willen, maar de politici vooral ook weer rekenschap moeten geven van hun handelen. </span><i><span>[tekst gaat verder onder de foto's]</span></i></p><p><span>SPECO-studenten Ethan en Thijs zochten manieren om in onze vergrijzende samenleving jongeren te verleiden tot vrijwilligerswerk bij een sportvereniging. “Bijvoorbeeld als scheidsrechter of in de kantine.” Meer bewustwording van de relevantie en aantrekkelijkheid van dit type vrijwilligerswerk, bijvoorbeeld wijzen op de functie van sportverenigingen als maatschappelijk bindmiddel, zien de studenten als een van de oplossingen. “Verder kunnen sportverenigingen samenwerking zoeken met het onderwijs. Ook de sportvereniging is een plek om te leren, denk aan intergenerationele kennisoverdracht of werkervaring via stages.”</span></p><p><strong>Vrijwilligersperspectief</strong><br><span>VNG-vertegenwoordiger Kevin Schapendonk, die de brochure in ontvangst neemt, is enthousiast over het gekozen vrijwilligersperspectief. “In het verenigingsleven, maar ook in de zorg, wordt die vrijwillige inzet steeds belangrijker. Het is interessant om te kijken hoe mensen getriggerd kunnen worden om hun bijdrage te leveren.”</span></p><p><span>Waar deze studenten bij hun eigen concrete belevingswereld blijven, zoeken anderen meer het futuristische perspectief. Bijvoorbeeld door de inzet van zorgrobots in de thuiszorg (FEC), maar ook het gebruik van AI in sportbeleving om de interactie tussen publiek en sporter te vergroten (FMC).</span></p><p><span><strong>Onderwijs en onderzoek samen</strong></span><br><span>De VNG gaat dit Fontys-visiestuk koppelen aan andere vergaarde onderzoeksdata. Een geïntegreerde toekomstagenda wordt half januari aangeboden aan de kabinetsinformateur. “En daarmee zijn de Fontys-studenten een klein schakeltje in de Haagse politiek”, voegt Nanny Kuijsters toe.</span></p><p><span>“Intern willen wij NL 2040 nog aanbieden aan het college van bestuur.” Evengoed zijn er nu al lessen te trekken. “Fontys wil graag dat onderwijs leert van onderzoek en dat resultaten daaruit uiteindelijk landen in het curriculum. Maar dat is nu nog niet vanzelfsprekend. Je moet beide groepen echt meer laten samenwerken. Je ziet dat veel docenten die alleen onderwijstaken hebben nog een drempel over moeten om te participeren in onderzoek. Ze worden vaak pas in tweede instantie enthousiast.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,ACE,FHEC,FHC]]></category>
            <pubDate>Wed, 13 Dec 2023 16:59:07 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/103b6702-c108-4b01-adfb-2e3387b2a767/500_processed-1605f81f-417a-45ee-a72b-2047d6b38f6e.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/103b6702-c108-4b01-adfb-2e3387b2a767/500_processed-1605f81f-417a-45ee-a72b-2047d6b38f6e.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/103b6702-c108-4b01-adfb-2e3387b2a767/processed-1605f81f-417a-45ee-a72b-2047d6b38f6e.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[processed-1605F81F-417A-45EE-A72B-2047D6B38F6E]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>&#039;Nieuwste AI-gadget is een echte privacy-killer&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwste-ai-gadget-is-een-echte-privacy-killer/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwste-ai-gadget-is-een-echte-privacy-killer/</guid><pp:caseid>613570</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Artificial Intelligence biedt tal van voordelen. Niemand lijkt dat beter te weten dan studenten, die immers massaal ChatGPT hebben omarmd. De nieuwste ‘uitvinding’ is de AI-pin, volgens de bedenkers de opvolger van de smartphone. Maar pas op, schrijft Boudewijn Raessens in onderstaand opiniestuk, want ieders privacy komt ermee op de tocht te staan.</strong></span></p><p style="margin-left:0cm;"><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5784c5ad-612b-430f-8f93-b1a5640ce6e3/500_boudewijnraessens.jpg?x=1702292027444" alt="Boudewijn Raessens">De AI-pin is een apparaatje dat je op je jas of je trui bevestigt, met allerlei functies die je ook van je smartphone gewend bent. Wat is nu het verschil met de smartphone? De AI-pin heeft geen scherm, maar een projector. De bediening gaat via je stem. Door je hand als een klein projectscherm voor je uit te strekken, kan op je hand het beeld worden geprojecteerd.</span></p><p><span>De AI-pin is een persoonlijk af te stemmen digitale assistent. Het geeft antwoord op je vragen, kent je voorkeuren, heeft toegang tot je agenda, kan vertalen en kan spreken met je eigen stem.</span></p><p><span>Artifical Intelligence heeft ons veel te bieden. Maar het gebruik van de AI-pin heeft ook een keerzijde, namelijk het verder aantasten van onze privacy. Sterker nog: het is een echte privacy-killer.</span></p><p><span>Het recht op privacy is iemands recht met rust te worden gelaten, dit is het recht op bescherming van persoonsgegevens. Je mag niet zomaar iemands persoonlijke informatie gebruiken. In je badkamer doe je ook je deur dicht, dit is omdat je privacy wilt, het is geen geheimzinnigheid. Privacy gaat over het recht op je eigen informatie, niet over het verbergen van geheimen.</span></p><p><span>Juist de grote tech-bedrijven zoals Apple, Meta (waaronder Facebook en Instagram), Microsoft en Amazon verzamelen informatie over ons zoals leeftijd, inkomen, opleidingsniveaus en woonplaats. Via clicks, likes en websites die we bezoeken komen deze tech-bedrijven veel over ons te weten. Met persoonlijke data van mensen, de dataprofielen, wordt door de bedrijven veel geld verdiend.</span></p><p><span><strong>Doelgroepen</strong></span><br><span>Dit doen ze door microtargeting. Vroeger werd reclame gemaakt die voor iedereen hetzelfde en zichtbaar was. Met microtargeting krijgt een afgebakende groep met bepaalde kenmerken, in de marketing wordt dit een doelgroep genoemd, een eigen reclame-uiting. Zo kan een politieke partij, om stemmen te winnen, per doelgroep datgene vertellen wat die specifieke doelgroep het liefst wil horen. Maar volgens deskundigen is een dergelijke manier van beïnvloeding schadelijk voor de democratie. Iedereen zou namelijk toegang moeten krijgen tot dezelfde informatie.</span></p><p><span>AI maakt het ook mogelijk foto’s en beelden aan te passen. Volgens New York Times zijn de door AI bewerkte foto’s en beelden niet eens het ergste. Erger is dat we vervolgens authentieke foto’s en beelden ook gaan wantrouwen. Het niet vertrouwen van iets wat wel echt is, wordt het ‘liar’s dividend’ genoemd, het voordeel van de leugenaar.</span></p><p><span><strong>In de gaten houden</strong></span><br><span>Naast de toepassing bij microtargeting is het niet altijd duidelijk wat de tech-bedrijven precies doen met de door hen verzamelde informatie. Zo worden door de Chinese overheid via slimme camera's, scanners en sensoren de Chinese burgers in de gaten gehouden. Dit surveillancesysteem is bij ons zeker niet gewenst.&nbsp;</span></p><p><span>Er komt in Nederland en ook Europa gelukkig nieuwe wetgeving, maar technologische ontwikkelingen gaan meestal harder dan wetgeving kan bijhouden. Met de AI-pin kun je gemakkelijk ongevraagd mensen filmen bijvoorbeeld in een supermarkt, bij alles wat ze doen en kopen, niemand die het merkt. We zeggen privacy heel belangrijk te vinden, maar we handelen er vaak niet naar. Laten we zuinig zijn op de privacy van onszelf en anderen.</span></p><p><i><span>Boudewijn Raessens is associate lector Marketing bij Fontys Economie & Communicatie in Eindhoven. Dit opiniestuk verscheen afgelopen vrijdag ook in het Eindhovens Dagblad.</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Opinie,Nieuws,FHEC,Eindhoven,PRO ICT,PRO Marketing,AI]]></category>
            <pubDate>Mon, 11 Dec 2023 12:12:27 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/17ae7fba-8b1a-4505-92a7-56e1f3bd57f7/500_aipin.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/17ae7fba-8b1a-4505-92a7-56e1f3bd57f7/500_aipin.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/17ae7fba-8b1a-4505-92a7-56e1f3bd57f7/aipin.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[AI pin]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumnus Miriam Swaans: “Leer communiceren”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-miriam-swaans-leer-communiceren/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-miriam-swaans-leer-communiceren/</guid><pp:caseid>605983</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het Fontys-verleden van Miriam Swaans is kort, maar galmt nog altijd na. “Ik weet zeker dat veel dingen die ik nu doe hun begin hadden bij hbo Bedrijfskader.”</strong></span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_logosporenverdiend-336971.jpg?x=1699526545636" alt="">Miriam Swaans (45) is ‘frontvrouw’ van tekstbureau Swaans in Tilburg, met in totaal tien medewerkers actief voor opdrachtgevers als Uitgeverij Zwijsen, Asito, CZ en Waterschap Aa en Maas. De ervaren tekstschrijfster is niet bang voor AI-concurrentie van bijvoorbeeld ChatGTP, dat in een paar tellen teksten genereert met een bedrieglijk ‘echte’ toon. “Ik geniet ervan om ermee te experimenteren. En soms denk ik dan bij een eenvoudige advertorial: holy crap, dat doe je beter dan ik.”</span></p><p><span>“Maar onze niche heeft ChatGTP niet in de vingers. Wij maken geen standaardtekstjes. Wij halen verhalen uit mensen en die vind je niet zomaar terug in computerdata.”</span></p><p><span><strong>Plichtsgetrouw</strong></span><br><span>Bij Fontys Economische Hogeschool Tilburg (nu: Fontys Economie en Communicatie in Eindhoven) volgt Miriam Swaans van 1998 tot 2000 de toenmalige opleiding hbo Bedrijfskader, tegenwoordig onderdeel van de studie Bedrijfsmanagement MKB.&nbsp;</span></p><p><span>“Die studie bereidde je in brede zin voor op het ondernemerschap. Een vreemde eend, ook omdat de opleiding maar twee jaar duurde en ons klasje startte in januari.” Het curriculum is praktisch en generalistisch. “Van boekhouden tot hr en marketing. Veel dingen die ik nu doe hadden daar hun begin.”</span></p><p><span>Als student is ze zowel gefocust als relativerend. “Op de middelbare school was ik altijd het meisje dat precies deed wat gevraagd werd. Maar het plichtsgetrouwe weerhield me er niet van een leuke studententijd te hebben. Dat lag ook een beetje aan de sfeer bij Bedrijfskader. Veel klasgenoten waren elders afgehaakt en dachten: we zien wel</span><i><span>…</span></i><span>” Een klimaat overigens waarin ook creatieve bedrijfjes opkomen. “Sommige medestudenten handelden onder tafel met buitgemaakte toetsen.”</span></p><p><span>In die twee jaar drijft Swaans langzaam één kant op. “Ik merkte dat vakken als marketing en communicatie mij ook creatief uitdaagden. Sleutelen aan productlanceringen en communicatieplannen. Daar lag mijn hart.” Na Fontys volgt een studie Communicatie- en Informatiewetenschappen aan Tilburg University.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:314px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/172a0387-af56-4fb4-af24-73cc0f21140b/800_swaans0230.jpg?x=1699528013113" alt="Miriam Swaans - Foto's Ton Toemen">Haar carrière als tekstschrijfster begint klein, “met een laptop, telefoon en tweedehandsauto”. Nogal een verschil met wat Swaans – telg uit een ondernemersgezin – van huis uit gewend is. “Mijn vader en ooms hadden een internationaal transport- en logistiekbedrijf. Een deel daarvan, de verhuur van hoogwerkers, is inmiddels overgenomen door een neef en achterneef. Als tekstschrijver kun je gelukkig zonder zulke investeringen.”</span></p><p><strong>Drang naar vrijheid</strong><br><span>Echt ondernemer voelt ze zich pas als ze haar eerste medewerkers in dienst neemt. “Starten als zzp’er kwam denk ik voort uit mijn drang naar vrijheid. Zodra er personeel bij komt, verschuiven je verantwoordelijkheden.”</span></p><p><span>Wat vindt Swaans het fijnste aspect van haar werk? “Het begon ooit met schrijven, en dat was leuk. Maar nu put ik ook volop plezier uit de constatering dat collega’s hun creatieve talent inzetten voor onze klanten en onderling prettig samenwerken.” Zelf richt ze zich vooral op commercie en sales, en de strategische opstart van nieuwe projecten.</span></p><p><span>“Ik vind het geweldig om samen met een klant een project uit te zetten. Stel: je maakt een jaarverslag waarbij je verhalen van twintig verschillende mensen nodig hebt. Hoe creëer je de flow dat iedereen tijdig de gewenste output aanlevert? En vervolgens, dat die op ons bureau de ideale vorm krijgt? Het is fijn een klant achter te laten met het gevoel: het is geregeld.”</span></p><p><span><strong>Buikpijn</strong></span><br><span>“Doe vooral veel dingen. Ervaar, probeer…”, antwoordt ze op de vraag wat ze Fontys-studenten van nu wil meegeven. “Ook die dingen waarbij je ’s ochtends bij het opstaan buikpijn voelt omdat je ze zo spannend vindt.”</span></p><p><span>“Ik wil niet generaliseren, maar veel studenten stippelen nu al precies uit wat ze wel en niet willen. Mijn les: juist van dingen die niet leuk zijn, leer je. De drive om precies te gaan doen wat je wél zoekt, wordt dan alleen maar sterker.”</span></p><p><span>En, om helemaal in haar straatje te blijven: “Zorg ervoor dat je open en helder leert communiceren. Appen is het nu helemaal, maar je hebt juist zo veel aan telefoneren. Daarbij pik je veel beter op wat mensen willen en bedoelen. Bovendien: Je wordt steeds gedwongen direct op elkaar te reageren. Terwijl je een appje gewoon naast je neerlegt tot morgen.”</span></p><p><span>We leven toch al in een samenleving waarin we steeds meer op onszelf zijn. “Als je met elkaar praat, zie je ook de ander. Verbinding is een van de dingen die het leven leuk maken. Maar menselijk contact raakt in allerlei technische toepassingen weleens op de achtergrond. Goed communiceren en flexibel en invoelend op een ander reageren, is binnen elke loopbaan essentieel.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHC,Alumni,PRO Communicatie,FBeNT,FHEC]]></category>
            <pubDate>Mon, 13 Nov 2023 10:00:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/35db2cb4-f4c1-4164-8b30-4132c66370b3/500_swaans0248.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/35db2cb4-f4c1-4164-8b30-4132c66370b3/500_swaans0248.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/35db2cb4-f4c1-4164-8b30-4132c66370b3/swaans0248.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Miriam Swaans - Foto&amp;#039;s Ton Toemen]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Sporen verdiend - communicatie - economie - Tilburg]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Wat willen bedrijven? Studenten Vastgoed zochten het uit</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/wat-willen-bedrijven-studenten-vastgoed-zochten-het-uit/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/wat-willen-bedrijven-studenten-vastgoed-zochten-het-uit/</guid><pp:caseid>602633</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>De </span><a href="https://www.architectuurcentrumeindhoven.nl/agendas/sum-presentatie-onderzoeksresultaten-en-maquette/" target="_blank"><span>expositie</span></a><span> Smart Urban Mix in de Brainportregio is nog te zien tot en met zondag 29 oktober in NatLab, Kastanjelaan 500 in Eindhoven. De toegang is gratis en aanmelden is niet nodig. Op de website van het Architectuurcentrum Eindhoven lees je meer over het </span><a href="https://www.architectuurcentrumeindhoven.nl/archief/toelichting-op-de-expositie-sum-in-natlab/" target="_blank"><span>onderzoeksproject</span></a><span>.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Werken, wonen en leren op één locatie. Het zou een oplossing kunnen zijn voor de schaarse ruimte waar we in Nederland steeds vaker mee te maken krijgen, vooral in onze steden. Of deze mix ook daadwerkelijk mogelijk is, onderzochten studenten van de opleiding Vastgoedkunde.</strong></span></p><p><span>Je ziet ze vaak aan randen van steden of langs snelwegen: anonieme bedrijventerreinen. De vraag is: kun je daar wonen met behoud of zelfs groei van de bedrijvigheid die er al zit? Bedrijventerreinen bieden wellicht de nodige ruimte als het om het oplossen van het woningvraagstuk gaat en het tekort aan bedrijfsruimte, vooral voor het midden- en kleinbedrijf (mkb). &nbsp;</span></p><p><span>Een mix van wonen en werken dus. Nu worden deze functies vaak los van elkaar gepland. Zo ontstond twee jaar geleden het onderzoekproject Smart Urban Mix (SUM), uitgevoerd door FABRICations, dat zich bezighoudt met architectuur, stedenbouw en regionale strategieën. De onderzoekslocatie: bedrijventerrein De Run in Veldhoven.</span></p><p><span>Naast partijen in vastgoed, woningcorporaties, overheden en ontwerp- en architectenbureaus is ook Fontys een belangrijke partner van het project. Tijdens de Dutch Design Week is in het NatLab de expositie Smart Urban Mix in de Brainportregio te zien. Woensdagavond gaven de partners een presentatie en gingen ze in gesprek met bezoekers, marktpartijen en overheden over de belangrijkste inzichten en bevindingen.</span></p><p><span><strong>Profielen</strong></span><br><span>Ook Hidde de Vries (23) pakte het podium. Hij is een van de 25 studenten Vastgoedkunde van Fontys Economie en Communicatie in Eindhoven die vorig studiejaar met een groepje een bedrijfsleefstijlmodel heeft ontwikkeld voor het SUM-project.</span></p><p><span>“We zijn met de bedrijven op De Run in gesprek gegaan en hebben hun behoeften in kaart gebracht. Daar zijn drie pijlers uitgekomen: gebied, gebouwen en gebruiker. Op basis van de profielen kun je zien welke bedrijven complementair zijn aan elkaar en welke niet. Zo kun je bedrijven in een ontwerpplan bij elkaar zetten of juist niet.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]&nbsp;</span></i></p><p><span>Volgens zijn docent Esther de Jong heeft het model van de studenten ertoe bijgedragen dat de SUM-onderzoeksgroep een ontwerp heeft gemaakt waarbij een mix van werken, wonen en leren daadwerkelijk als mogelijkheid wordt gezien voor het tekort aan woon- en bedrijfsruimten. En nieuwe groepen studenten borduren inmiddels voort op de op de eerste bevindingen. &nbsp;</span></p><p><span>“We weten veel over de leefstijl- en woonbehoeften van verschillende groepen bewoners, maar we zijn nauwelijks op de hoogte van de behoeften en huisvestingswensen van bedrijven. Wanneer je weet wat hun behoeften zijn, kun je daar je ontwerp op aanpassen.”&nbsp;</span></p><p><span><strong>‘Oud’ denken</strong></span><br><span>Ondernemers willen in eerste instantie niet beperkt worden in hun bedrijvigheid en groeimogelijkheden en ze vrezen klachten van bewoners. Dat is ‘oud’ denken, stelt De Jong. “Er zijn al veel technologische en ontwerpoplossingen voor dergelijke problematieken. Een oplossing tegen geluidsoverlast en uitlaatgassen is bijvoorbeeld de inpandige corridor voor vervoersbewegingen in het SUM-ontwerp.”</span></p><p><span>Student Hidde bevestigt dat veel van de bedrijven die ze spraken nog wel beren op de weg zien. “Ze zitten nu op een bedrijventerrein waar ze met niemand rekening hoeven houden. Ze voelen nog niet de urgentie om te veranderen.”</span></p><p><span>Maar die urgentie is er wel degelijk, vooral in stedelijk gebied zoals Eindhoven dat explosief groeit, concludeert Cees-Jan Pen, die ook bij SUM is betrokken. “Dit onderzoek vindt plaats in de Brainportregio, maar dit vraagstuk speelt overal in Nederland”, aldus de lector Ondernemende Regio bij Fontys.&nbsp;</span></p><p><span>“Veel steden zetten inmiddels in op een betere afstemming en combinatie tussen ruimte voor woningbouw, bedrijfsruimte, groen en andere functies.&nbsp;Dit onderzoek en het bedrijfsleefstijlmodel van onze studenten is dus ook interessant voor andere stedelijke gebieden.&nbsp;Laten we vooral het wiel niet steeds opnieuw uitvinden."</span></p><p><span><strong>Groot denken</strong></span><br><span>Pen ziet veel voordelen in het combineren van werken, wonen en leren. Hij denkt daarbij onder meer aan leefbaarheid, circulariteit, duurzaamheid en gezondheid. “De afvalstromen van burgers en bedrijven kunnen op dezelfde plek worden gerecycled. Dat betekent minder verkeersbewegingen, een reductie van de stikstofuitstoot en circulair gebruik van grondstoffen. De veiligheid gaat erop vooruit, omdat ook na werktijden mensen aanwezig zijn in het gebied. En mensen willen graag dichter bij hun werk wonen. Dat kan in zo’n gebied.”</span></p><p><span>Student Hidde heeft de smaak te pakken. Samen met medestudenten en onder begeleiding van docent Esther de Jong is hij bezig met een vervolgonderzoek. “We onderzoeken de mogelijkheid om bedrijventerreinen te vergroenen.” Volgens De Jong is hier veel winst te behalen: “We denken vaak op kleine schaal, maar pas als je groot denkt, kun je problemen als hittestress in steden voorkomen. Niet voor niets is er in het SUM-ontwerp een groot bospark opgenomen.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHEC,Student,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Thu, 26 Oct 2023 12:33:04 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/e2f0e5e6-044d-434f-a37f-d52b9da88a53/500_maquette-hoofdfoto.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/e2f0e5e6-044d-434f-a37f-d52b9da88a53/500_maquette-hoofdfoto.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/e2f0e5e6-044d-434f-a37f-d52b9da88a53/maquette-hoofdfoto.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Maquette-hoofdfoto]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Alumnus Raffaela Vandermuhlen: “Creativiteit faciliteren”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumnus-raffaela-vandermuhlen-creativiteit-faciliteren/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumnus-raffaela-vandermuhlen-creativiteit-faciliteren/</guid><pp:caseid>595666</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0cm;"><span><strong>Fontys-alumnus Raffaela Vandermuhlen is hoofd Communicatie, Presentatie & PR en mt-lid van Design Academy Eindhoven. Bij Dutch Design Week heeft ze een verleden in vergelijkbare functies. Er nadert dus weer een week die voor haar geen geheimen kent.</strong></span></p><p style="margin-left:0cm;"><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_logosporenverdiend-336971.jpg?x=1696864147057" alt="">Zo’n interview is wennen voor Raffaela (45). Binnen haar communicatieteam maakt ze intern regelmatig verhalen met alumni van Design Academy Eindhoven (DAE). “Maar dan ben ik opdrachtgever. Gek om nu aan de andere kant van de tafel te zitten.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Toch mag de alumnus van Fontys Economische Hogeschool Eindhoven – waar Raffaela van 1997 tot 2002 de niet meer bestaande heao volgde – ook zelf bogen op een interessant verhaal. “Tijdens mijn laatste jaar bij Fontys werd ik benaderd voor een bijzondere stage: het vanuit het niets neerzetten van een uitgeverij, die vervolgens businessmagazine Soeps ging maken.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Het ‘generalistische’ karakter van haar heao-opleiding – met niet alleen communicatievakken maar ook accountmanagement en commerciële economie – hielp daarbij. “Hier kon ik mijn fascinatie voor het creatieve maakproces voor het eerst koppelen aan mijn organisatietalent.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Dat laatste blijft een rode draad in haar carrière. “Bij Fontys koos ik voor de afstudeerrichting ‘creatieve communicatie’. Het interesseerde me toen al wat creatieven als copywriters of ontwerpers doen, en hoe je dat kunt sturen en faciliteren. Ik wilde hun bedoelingen begrijpen en hun taal leren spreken. Niet om zelf topcopywriter te worden, maar om mijn regeltalent tot zijn recht te laten komen.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span><strong>Hands-on</strong></span><br><span>Dat organisatietalent gaat vooral in haar eerste carrièrestappen, bij het al genoemde Soeps Publishing en vervolgens bij ontwerpstudio Edhv, hand in hand met pionierswerk. “Allebei startende bedrijven. Ik hou ervan gewoon te beginnen, ook als een idee vanaf nul vorm moet krijgen. Sommige dingen lukken, andere niet. Ik durf te falen en ik durf het ook toe te geven.” Als je met haast niets begint, is het vaak zoeken, puzzelen. “Ja, maar die processen verrijkten mij, met kennis, vaardigheden en nóg meer liefde voor het vak.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>De Dutch Design Week (DDW) was nog geen </span><i><span>household name</span></i><span>, toen Raffaela er in 2010 begon als hoofd Merkstrategie en PR. In de jaren daarop zet ze het evenement ook internationaal op de kaart. “Vooral door het vormen van een sterk communicatieteam en het opzetten van een geoliede persstrategie. Zo groeit het aantal (inter)nationale persaccreditaties van 50 naar 750.”</span></p><p><span>Een nieuwe editie van </span><a href="https://ddw.nl/" target="_blank"><span>DDW </span></a><span>staat voor de deur. “Van oudsher is het evenement opgebouwd rond de Graduation Show van Design Academy Eindhoven (DAE). Een belangrijk moment, omdat zo’n 220 bachelor- en masterafstudeerders zich hier presenteren aan ruim 40.000 bezoekers, waaronder vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.” Zo is DDW óók een netwerkbijeenkomst, waar oplossingen van studenten en behoeften van bedrijven samenkomen. Dat leidde eerder tot concrete samenwerkingen met bedrijven als Royal Dutch Gazelle, Renewi, Prada en GGZe. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p style="margin-left:0cm;"><span>In haar huidige functie is Raffaela onder meer verantwoordelijk voor het organiseren van de Graduation Show. DDW en DAE liggen haar allebei na aan het hart. “Ik kijk inmiddels echt met de DAE-bril. Aan de andere kant zit ik nog wel in de Raad van Advies van DDW.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>En feitelijk triggeren beide instituten precies dezelfde passie. “Het bieden van een platform voor creatieve mensen, en zodoende het leggen van verbindingen met bedrijfsleven, media en het brede publiek.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span><strong>Trends</strong></span><br><span>Vooruitkijkend op de Dutch Design Week: welke trends ziet ze dit jaar? “De nieuwe generatie heeft bijvoorbeeld steeds meer behoefte om een interactie aan te gaan met het publiek rond ‘neurodiversity’. Dat is een verzamelnaam die gedragsaspecten als dyslexie of ADHD bekijkt als een intrinsieke diversiteit van ons brein. “Studenten ontwerpen workshops waarmee ze bewustwording creëren of komen met tools die het onderling begrip vergroten. Daarnaast zie je veel concepten voor nieuwe ecosystemen en perspectieven in tijden van klimaatverandering.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Is het in deze tijd van informatieoverload niet steeds lastiger om op te vallen met je communicatie? “Door sociale media is iedereen inmiddels bezig met zijn identiteit en ‘merk’. Communicatieprofessionals worden uitgedaagd om daarmee om te gaan.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Maar Raffaela vindt dat je niet overal in mee hoeft te gaan en eigen keuzes moet blijven maken. “Blijf bij jezelf. Zijn al die volgers en posts echt zo relevant of focus je je op de waarden die jij essentieel vindt? Intern willen we als communicatieafdeling transparant zijn en een open dialoog gaande houden tussen College van Bestuur en studenten. Dat doe je niet door steeds maar te roepen en in bulk te publiceren. We willen niet de hele tijd zenden, maar vooral inhoudelijk laten zien wat we doen.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span><strong>Perfecte plaatjes</strong></span><br><span>Wat wil ze Fontys-studenten van nu meegeven? “Opnieuw: Blijf bij jezelf… Maar door alle prikkels en vermeende ideaalbeelden die je op je af krijgt, wordt dat juist moeilijker.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>“Toen ik in 1997 begon op de heao in Eindhoven was ik 19. Als meisje uit Kerkrade vond ik dat toen best een grote stap... Voor studenten van nu is de wereld kleiner geworden, maar ook complexer.” Sociale media zorgden ervoor dat we geen vijftig vrienden of richtpunten meer om ons heen hebben, maar honderden. “Overal het perfecte plaatje – reizen, festivals, uitgaan – maar we zien nooit wat er echt in iemands hoofd omgaat.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>“Vroeger hoorde je weleens: doe het beter dan je ouders het gedaan hebben. Ook dat wordt lastiger. ” Toch hoopt ze dat studenten van nu nog altijd kunnen gaan voor grotere doelen. “Om bijvoorbeeld het klimaatprobleem aan te pakken, moet je ook collectief durven denken. Schud je ego ook eens af en kies voor het grotere doel. Als we dat kunnen, wordt de wereld denk ik mooier.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Sporen verdiend,Alumni,FHEC]]></category>
            <pubDate>Tue, 10 Oct 2023 08:56:06 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a15e8577-1eeb-4534-b772-8892b4fbf8b4/500_boudewijnbollmann-raffaelavandermuhlen-23juni2022-hires.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a15e8577-1eeb-4534-b772-8892b4fbf8b4/500_boudewijnbollmann-raffaelavandermuhlen-23juni2022-hires.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a15e8577-1eeb-4534-b772-8892b4fbf8b4/boudewijnbollmann-raffaelavandermuhlen-23juni2022-hires.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Foto: Boudewijn Bollmann]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Raffaela Vandermuhlen]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>In memoriam: Ewoud Jansen</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/in-memoriam-ewoud-jansen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/in-memoriam-ewoud-jansen/</guid><pp:caseid>595261</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Alle </span><a href="https://bron.fontys.nl/vlogs-en-blogs/" target="_blank"><span>columns</span></a><span> van Ewoud Jansen kun je lezen op Bron.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Eerlijk, loyaal, bevlogen en recht door zee. Zo typeren collega’s Ewoud Jansen, docentonderzoeker Finance & Economics bij de opleiding International Business aan Fontys Economie en Communicatie. Maandagavond overleed hij onverwachts op 57-jarige leeftijd. Jansen schreef jarenlang columns voor Bron.</strong></span></p><p><span>Bijna dertig jaar was Ewoud Jansen verbonden aan Fontys Economie en Communicatie (FEC) in Eindhoven, als docent Finance & Economics en later ook als lecturer finance. Hij stond mede aan de wieg van de opleiding International Business en droeg op verschillende manieren bij aan onderwijsontwikkeling op zijn vakgebied.</span></p><p><span>Zo werkte hij mee aan het samenstellen van diverse minorprogramma’s en schreef hij twee boeken die nog altijd als lesmateriaal worden gebruikt, Accounting & Finance en Corporate Finance. Daarnaast was hij trainer en consultant in internationale samenwerkingsprojecten en was hij regelmatig te horen op BNR nieuwsradio waar hij deel uitmaakte van een economenpanel dat commentaar gaf op een bepaald thema of nieuwsfeit.</span></p><p><span>Ewoud Jansen behaalde in 1990 zijn doctoraal Bedrijfseconomie aan de Universiteit van Tilburg, in de stad waar hij nog altijd woonde. Volgens zijn collega’s was hij een docent in hart en nieren. “Naast alles wat hij deed, is hij altijd blijven lesgeven”, zegt zijn teamleider Mariëtte Mambwe. “Hij wilde zijn kennis heel graag doorgeven en stimuleerde studenten om het beste in zichzelf naar boven te halen.”</span></p><p><span><strong>No bullshit-teacher</strong></span><br><span>Studenten noemden hem een ‘no bullshit-teacher’, omdat hij heel direct kon zijn. Als hij iets niet goed vond zei hij dat. De meesten konden dat wel waarderen. Zo vertelde een oud-studente tijdens haar diploma-uitreiking dat Jansen voor haar van grote betekenis is geweest. Ze was lang erg emotioneel en onzeker, totdat de docent tegen haar zei dat ze intelligent was en in zichzelf moest geloven.</span></p><p><span>De docent Finance & Economics was bovenal ook een econoom. Hij sprak gepassioneerd over zijn vak. “Als je het over cijfers en finance had, dan sloeg hij aan”, zegt Lonneke Hoefeijzers van het International Office binnen FEC. Maar hij kon volgens haar ook heel direct zijn. “Als iets in zijn ogen onzin was, zei hij onomwonden dat het ‘ruk’ was.”</span></p><p><span>Teamleider Mambwe herinnert zich nog dat ze als jonge docente bij Fontys les ging geven in finance, een vak dat Jansen ook gaf. “Ik wilde het hebben over Islamic finance. ‘Wat is dat voor onzin!’ riep Ewoud uit. Finance was overal hetzelfde vond hij, daar moest je geen onderscheid in maken.”</span></p><p><span>Sylvie Dieteren, docent aan FEC, kon deze eigenschap van haar collega wel waarderen. “Ewoud speelde nooit op de man, altijd op de inhoud. Maar sommige collega’s kenden hem hierin niet goed genoeg en vatten wat hij zei persoonlijk op. Ik vond het heel prettig dat hij geen verborgen agenda had.”</span></p><p><span><strong>Kritische artikelen</strong></span><br><span>Teamleider Mambwe, die veel met Jansen heeft gereisd voor Fontys, vindt dat er een verschil is tussen de zakelijke en niet-zakelijke Ewoud. “Buiten werktijden was hij vaak heel gezellig, maar zijn vak nam hij uiterst serieus en dan kon het weleens schuren.”</span></p><p><span>Niet alleen direct, Jansen was ook scherp, intelligent en kritisch. Hij liet zich onder meer kritisch uit over </span><a href="https://bron.fontys.nl/ze-snappen-het-niet/" target="_blank"><span>onderwijsvernieuwing</span></a><span> en de recente sluiting van de </span><a href="https://bron.fontys.nl/digitaal-waanbeeld/" target="_blank"><span>mediatheken</span></a><span> bij Fontys. Daarover schreef hij regelmatig in zijn columns voor Bron. Zijn naam dook ook regelmatig op onder artikelen en gastblogs in (landelijke) dagbladen, onlinediscussiefora en onlinemediumplatforms.</span></p><p><span>Hij maakte zich zorgen over de afslag die Fontys nam in haar visie op onderwijs. Daar stond hij niet alleen in. Onlangs nog ondertekende hij samen met negen hbo-docenten, het merendeel afkomstig van Fontys, een </span><a href="https://bron.fontys.nl/kritisch-manifest-van-docenten-over-onderwijsvernieuwing/" target="_blank"><span>kritisch manifest</span></a><span> over onderwijsvernieuwing dat ze aanboden aan de Tweede Kamer. De ondertekenaars zijn van mening dat onderwijsinstellingen aansprakelijk gesteld zouden moeten worden voor onderwijsvernieuwingen die soms slecht uitpakken, en studenten zouden bij zo’n mislukking hun geld moeten kunnen terugkrijgen.</span></p><p><span><strong>De vrije hand</strong></span><br><span>Jansen vond een medestander in collega Tina ten Bruggencate. De docent aan Fontys Hogeschool Toegepaste Psychologie en onderzoeker bij het lectoraat Mens en Technologie vond het fijn om iemand als Jansen aan haar kant te hebben staan. Ze noemt hem dapper voor het uitdragen van zijn mening en prijst zijn wijsheid en rust. “Ik ben wat ongenuanceerder en Ewoud remde mij een beetje af. Ik verlies een belangrijk maatje in dit debat.”</span></p><p><span>Zijn teamleider gaf Jansen de vrije hand in zijn columns en opiniestukken. Mambwe: “Zijn bijdragen vielen niet bij alle collega’s in goede aarde, maar ik vond ze vaak gevat. Ewoud kondigde wel altijd netjes aan als er weer een stuk werd gepubliceerd. Ik hoefde ze niet tegen te lezen.” Dat deed collega-docent Sylvie Dieteren soms wel. “Dan vroeg Ewoud of het ‘wel kon’ wat hij had geschreven. Hij was erop gespitst om niemand persoonlijk aan te vallen. Hij wilde slechts een onderwerp ter discussie stellen.” </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC]]></category>
            <pubDate>Thu, 05 Oct 2023 15:18:41 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/d82b78dd-8060-441d-b426-0a5190fe56b1/500_ewoudjansen.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/d82b78dd-8060-441d-b426-0a5190fe56b1/500_ewoudjansen.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/d82b78dd-8060-441d-b426-0a5190fe56b1/ewoudjansen.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Ewoud Jansen]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>SPECO viert 35-jarig jubileum met grote namen: ‘Apetrots’</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/speco-viert-35-jarig-jubileum-met-grote-namen-apetrots/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/speco-viert-35-jarig-jubileum-met-grote-namen-apetrots/</guid><pp:caseid>591720</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>In 1988 startte in Tilburg de opleiding Sporteconomie. Nu, 35 jaar later, is de naam SPECO niet meer weg te denken binnen Fontys. Reden voor een groot feest, gevierd met een jubileumweek. Donderdagavond vond een bijzondere afsluiter plaats met een eigen College Tour, waar grote namen aan deelnamen.</strong></span></p><p><span>Voordat de feestelijke viering begint stroomt de foyer van de Concertzaal in Tilburg langzaam maar zeker vol. Ruim 300 man, waaronder medewerkers en alumni, wachten rustig af. In een hoekje zitten zeven studenten te wachten voor de deuren opengaan. “Dit is de eerste avond van de jubileumweek die we meemaken, en ik denk ook meteen de leukste”, zegt een vanh hen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:356px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/aaf3466e-f1b6-4b6a-a9c3-c9f88f77c243/800_devierstudentenindefoyer.jpg?x=1695376313111" alt="De vier studenten in de foyer">Ze verwachten interessante verhalen van de gasten. Het zijn niet de minsten: Toon Gerbrands, Merijn Zeeman en Esther Vergeer. Alle drie hebben ze inmiddels hun sporen in de sportwereld verdiend. “Ik hoop dat we vanavond dankzij hun ervaringen geïnspireerd worden en zelf een beter idee krijgen van welke richting we uit willen.”</span><br><br><strong>‘Trots blijft onveranderd’</strong><br><span>Voordat de College Tour van start gaat, trapt directeur Minou Hoeberichts de avond af: “In de afgelopen 35 jaar zijn we uitgegroeid tot een zeer gewaardeerd merk in de sportwereld. Er is in die tijd ook heel veel veranderd, maar samen met partners in het beroepenveld, onze collega’s en studenten vormen we nog steeds een community, en daar ben ik apetrots op.”</span></p><p>Dan is het aan<span> Joost Leenders om het gastcollege te starten met de drie gasten. Toon Gerbrands is naast zijn werk als bondscoach bij het Nederlandse volleybal ook directeur van AZ en PSV geweest. Merijn Zeeman is sportief directeur bij Team Jumbo-Visma en wist dit jaar met zijn ploeg alle grote wedstrijden te winnen. Esther Vergeer is een voormalig rolstoeltennisster, die van 1999 tot 2013 onafgebroken de eerste plaats op de wereldranglijst in het rolstoeltennis wist te bezetten.</span></p><p><strong>Aan de slag</strong><br><span>Gerbrands trapt de avond af met een kleine presentatie over het bouwen van hoog presterende organisaties. Want zoals elke topsporter weet: succes kom niet vanzelf. Wat is succes, en is het maakbaar? Eén ding is volgens Gebrands overduidelijk: succes is gekoppeld aan talent. Toch betekent het niet dat je succes honderd procent in de hand hebt. “Je hebt namelijk niet overal controle op. Neem concurrentie, de scheidsrechter, blessures, toeval of geluk. Dat kun je niet beïnvloeden. Maar je kunt wel een doel pakken, daarmee aan de slag gaan en jezelf verbeteren.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Dat beaamt ook Merijn Zeeman, die met zijn ploeg Jumbo-Visma dit jaar de Vuelta, de Giro én de Tour de France wist te winnen. “We hebben voor al die wedstrijden een strategie gemaakt. We weten niets van de strategieën van onze tegenstanders, maar die van ons stonden er wel. Uiteindelijk is winnen gelukt en daar zijn we ongelofelijk trots op.”</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/5e540faf-98d1-4656-b661-abc35b014382/500_dsc-5105.jpg?x=1695376410886" alt="Toon Gebrands. Foto door Senne van Berkel">Rust</strong><br><span>Esther Vergeer krijgt via een video van Jordi Cruyff de vraag hoe zij omgaat met tegenslagen. Ze lacht en zegt dat ze voortaan gewoon op de bank gaat liggen, maar in haar hoogtijdagen was dat anders. “Je kent jezelf door en door en voelt aan wanneer je over je max bent gegaan of wanneer je mentaal iets niet op kunt brengen. Ik had een basis gelegd van wat ik wel en niet kon. Ik had een plan dat ik kon uitvoeren en dat gaf me rust."</span></p><p><span>Het is al even geleden dat Vergeer haar topsportcarrière beëindigde, maar ze zet zich nog steeds volop in. Dat doet ze onder andere als Chef de Mission voor de Paralympische Spelen. “Ik sta sterk in mijn rol als chef. Ik kan me inleven in de belevingswereld van een sporter, maar weet ook wat fijn is om geregeld te hebben. Ik laat me wat dat betreft ook niet zomaar aan de kant zetten.” Daarnaast maakt Vergeer zich ook sterk voor kinderen met een aandoening, waarvoor het niet altijd vanzelfsprekend is dat zij kunnen sporten. “Dat onrecht vind ik nog zo groot, en dat wil ik heel graag veranderen.”</span></p><p><strong>Normen en waarden</strong><br><span>Het moge duidelijk zijn: de drie grootheden werken in een wereld waar veel gebeurt en ook politieke spelletjes worden gespeeld. Maar de drie blijven altijd vasthouden aan hun eigen normen en waarden. Dat is een les die ze mee willen geven aan het publiek: je moet jezelf altijd in de spiegel aan durven kunnen kijken, bouw op openheid en eerlijkheid en ben oprecht bezig met een missie. [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Tilburg]]></category>
            <pubDate>Fri, 22 Sep 2023 12:04:27 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/09c50921-dcb7-4808-9b16-f15a2e53117d/500_dsc-5176.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/09c50921-dcb7-4808-9b16-f15a2e53117d/500_dsc-5176.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/09c50921-dcb7-4808-9b16-f15a2e53117d/dsc-5176.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[SPECO 35 jaar. Foto door Senne van Berkel]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>International blijft na studie vaker hier voor werk</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/international-blijft-na-studie-vaker-hier-voor-werk/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/international-blijft-na-studie-vaker-hier-voor-werk/</guid><pp:caseid>590614</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Na afstuderen vindt één op de drie buitenlandse studenten een baan in Nederland. Dat is veel meer dan voorheen, meldt statistiekbureau CBS. Naar een verklaring is het gissen. Voor Fontys zijn geen algemene cijfers beschikbaar, maar is het beeld bij elk instituut anders.&nbsp;</strong></p><p>Om precies te zijn: 32 procent van de internationale afgestudeerden heeft een jaar na diplomering werk in Nederland. Eerder schommelde dit rond de 22 procent, maar het CBS meldt nu dat het bij de lichting afstudeerders van 2018 hard omhoog ging.</p><p>Een deel van die laatste lichting kwam in de coronacrisis de arbeidsmarkt op. Misschien bleven ze daardoor vaker in Nederland werken, in wat voor baan dan ook. “We onderscheiden niet of iemand werk heeft dat past bij de studie of dat iemand bij wijze van spreken in een supermarkt werkt”, zegt CBS-woordvoerder Tanja Traag.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:520px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/33800be7-b016-4f47-ba1c-91a0aceb8bf0/1920_hoeveelinternationaleafstudeerderszijneenjaarlaterinnederlandaanhetwerkbroncbs.png?x=1694610245990" alt="Bron: CBS">Mocht het inderdaad om een corona-effect gaan, dan zal dit percentage hierna weer dalen. “Een alternatieve theorie is de krapte op de arbeidsmarkt”, oppert Traag. “Dan verwachten we dat dit hoge aandeel blijft of misschien zelfs verder stijgt.” Nog dit jaar maakt het CBS de cijfers over de lichting van 2019 bekend, kondigt Traag aan.</p><p><strong>Richting</strong><br>Hoe dan ook heeft de arbeidsmarkt wel invloed op de ‘blijfkans’. Volgens het CBS zijn de opleidingsrichtingen met de meeste blijvers bijna allemaal technisch van aard. De techniek is een zogeheten ‘tekortsector’, waar veel mensen nodig zijn. Dat is deels ook te merken bij Fontys, waar hogescholen als Engineering (<i>foto boven: het Nexus-gebouw waarin dit instituut is gehuisvest</i>) en ICT hoog scoren als het om de ‘stayrate’ - om maar eens een lelijk Engels woord te gebruiken - gaat van hun buitenlandse studenten. &nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:569px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_veenstudenten.jpg?x=1694613509823" alt="Voormalig onderwijsminister Van Engelshoven kreeg tijdens een bezoek aan Fontys in mei 2021 van een drietal ICT-studenten te horen dat zij al tijdens hun eerste studiejaar een baan aangeboden kregen vanuit het bedrijfsleven. ">Specifieke Fontysbrede cijfers over die stayrate zijn er niet; de hogeschool kent geen algemeen alumnibeleid, dat wordt aan de instituten zelf overgelaten. &nbsp;Van al die instituten kent minder dan de helft internationale studenten, bij sommige (leraar Nederlands om maar een overduidelijk voorbeeld te noemen) zijn nauwelijks of geen internationals ingeschreven. &nbsp;</p><p>Dat er zoveel buitenlandse studenten van de ‘technische’ opleidingen na het afstuderen in Nederland blijven, is niet zo verwonderlijk gezien de krapte op de arbeidsmarkt in het algemeen en voor deze doelgroep in de Brainportregio in het bijzonder.&nbsp;</p><p>Wel is opmerkelijk dat buiten deze groepen ook de buitenlandse studenten van de International Business School in Eindhoven in meerderheid na hun studie in Nederland aan het werk gaan.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:517px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b4bf15a5-fb50-4229-a8a2-4636664a5e14/1920_peropleiding.png?x=1694615232972" alt="Bron: CBS">Ook is het zo dat bij Fontys, maar dit geldt waarschijnlijk ook landelijk, de stayrate wel aanzienlijk daalt in de loop van de tijd. Waar bij sommige opleidingen 70 tot 80 procent van de buitenlandse studenten in eerste instantie hier aan het werk gaat, blijkt dat aantal na vijf jaar een flink stuk kleiner te zijn. &nbsp;</p><p><strong>Beteugelen</strong><br>Er zijn steeds meer internationale studenten in Nederland, met name in de masteropleidingen van universiteiten, dus studeren er ook steeds meer af. In 2019/2020 waren het er bijna twintigduizend. In de politiek gaan veel stemmen op om de toestroom van buitenlandse studenten te beteugelen, mede omdat de overheid te veel geld kwijt zou zijn aan studenten die hier toch niet blijven.&nbsp;</p><p><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:502px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/aca6c96a-b1e3-42b5-bde7-a59f992056e9/1920_aantal.png?x=1694615081723" alt="Bron: CBS">Anderen wijzen op de economische voordelen van internationalisering. Onder de streep leveren ze de schatkist geld op, <a href="https://www.nuffic.nl/publicaties/stayrate-en-arbeidsmarktpositie-van-internationale-afgestudeerden-in-nederland" target="_blank">stelt</a> internationaliseringsorganisatie Nuffic. Het zou om ongeveer 1,5 miljard euro per jaar gaan. Met name universitaire studenten van buiten Europa zijn lucratief. De overheid bekostigt hun studie immers niet, terwijl de blijvers dankzij hun hoge salarissen naar verhouding veel belasting betalen.</p><p><strong>Populairste studierichtingen</strong><br><span>De meeste internationale studenten kiezen overigens een universitaire bachelor in de sector gedrag en maatschappij, </span><a href="https://www.utoday.nl/news/73223/maatschappelijke-wo-studie-populairst-onder-internationals" target="_blank"><span>meldde</span></a><span> het CBS vorige week. In het hbo zijn vooral de kunststudies in trek. In die sectoren is ongeveer één op de vier een jaar na afstuderen in Nederland aan het werk.&nbsp;</span></p><p><span>Ter vergelijking, in de techniek, informatica en dienstverlening is dat bijna één op de twee. [</span><i><span>HOP/Jan Ligthart</span></i><span>]</span></p><p>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Internationalisering,FHEC,FHE]]></category>
            <pubDate>Wed, 13 Sep 2023 16:48:27 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fontysinnexus-gebouw-2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fontysinnexus-gebouw-2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fontysinnexus-gebouw-2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[fontysinnexus-gebouw]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Het leven van een nieuwe student: kennismaken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/het-leven-van-een-nieuwe-student-kennismaken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/het-leven-van-een-nieuwe-student-kennismaken/</guid><pp:caseid>589832</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p>De komende maanden spreek ik regelmatig met Jenna af om te kijken hoe het met haar gaat. In de volgende aflevering praten we over haar eerste lesweken, haar nieuwe docenten en de stad Eindhoven. Wat vindt ze ervan? Hoe is het nachtleven hier? En heeft ze al feestjes met haar nieuwe studievereniging meegemaakt? Tot over een maandje!</p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Van middelbare school naar studentenleven. Met nieuwe mensen, andere roosters, grote verantwoordelijkheden en misschien zelfs wel een andere stad. Hoe is die switch? Ik - Karen Luiken, auteur bij Bron - volg de komende maanden de 17-jarige Jenna uit Roermond om een antwoord te krijgen op deze vraag. Jenna slaagde voor de zomer voor haar havodiploma en studeert nu Communicatie in Eindhoven. In deze eerste aflevering maken we kennis met elkaar.</strong></span></p><p><span>“Ik loop terwijl we bellen net de trein in. Hopelijk heb je geen last van achtergrondgeluiden? Het is me gelukt om een zitplekje te scoren. In de ochtend lukt dat vaak niet vanwege de drukte. Als ik om 9 uur op school moet beginnen, vertrek ik om half 8 vanuit huis. Ik woon bij mijn ouders in Roermond en blijf daar voorlopig ook. Qua reistijd vind ik het goed te doen. Van deur tot deur doe ik er ongeveer een uur over. Soms staand, soms zittend. Maar ik blijf ook in Limburg wonen omdat ik hier een horecabaantje heb en omdat ik wat dingen doe voor het coach- en leiderschapsbedrijf van mijn ouders. Ik verzorg de social media-kanalen en website, werkzaamheden die goed aansluiten bij mijn nieuwe studie. Mijn vader was heel blij toen hij hoorde dat ik deze opleiding ging doen.</span></p><p><span>Ik vind Communicatie een interessant vak. Tijdens het oriënteren naar opleidingsmogelijkheden heb ik maar naar twee studies gekeken: deze en Commerciële Economie. Communicatie sprak me het meeste aan. Ik weet al heel lang dat ik iets met marketing wil doen, dat ik het bedrijfsleven in wil. Een ideale droombaan heb ik nog niet, maar het lijkt me heel leuk om conceptmaker te worden bij een groot bedrijf. Het liefst bij een sportmerk zoals Nike of Gymshark.</span></p><p><span>Waarom sportmerken? Omdat ik me heel veel met sport bezighoud. Komend najaar ga ik een halve marathon rennen in Malaga. Daar ben ik nu voor aan het trainen. Ik sport vijf keer in de week, waarvan twee keer hardlopen en drie keer fitnessen. Nu mijn studie officieel van start is gegaan, hangt het van mijn rooster af wanneer ik dat doe. Als ik pas om 6 uur ’s avonds thuis ben van school, heb ik er geen puf meer voor. Maar gelukkig ben ik met mijn huidige rooster standaard een keer per week vrij. Ook al betekent dat niet dat ik op deze dag niks voor school hoef te doen. Het is de bedoeling dat we dan met ons groepje afspreken en zelfstandig aan de slag gaan." </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p>"<span>Een groot deel van mijn klas heb ik tijdens de introweek leren kennen, twee weken geleden. De eerste dag van die week was spannend. Ik wist niet wat ik kon verwachten en was bovendien helemaal alleen. Ik kende niemand. Maar gelukkig vind ik het leuk om nieuwe mensen te leren kennen en merkte ik al snel dat ik niet de enige ‘eenzame’ was. Iedereen zat in hetzelfde schuitje. Mijn intro-ouders waren leuk en ook het groepje waar ik in was ingedeeld was gezellig. De twee eerste nachten sliepen we in een hof in Someren. Dat was in het begin een beetje gek; je moest met twee toen nog onbekende mensen op een kamer slapen. Maar je mocht wel zelf kiezen wie dat waren. Ik had gelukkig al meteen een goede klik met twee meiden, met wie ik de hele intro heb doorgebracht en die ik nu nog steeds veel spreek. We hebben zelfs een groepsapp met elkaar.</span></p><p><span>De overige nachten van de introweek sliepen we thuis, in mijn geval dus in Roermond. Dat betekende dat ik elke avond de laatste trein moest pakken en niet tot 5 uur ’s nachts in de kroeg kon staan. Enerzijds jammer, omdat je juist op dat soort momenten leuke connecties kunt maken, maar aan de andere kant was ik ook blij dat ik nu weer fris aan een nieuwe dag kon beginnen zonder slaaptekort.</span></p><p><span>Na de introweek hadden we nog een week vrij. Afgelopen maandag begon de eerste officiële schooldag. De eerste dagen zijn me goed bevallen. Ik merk nu al dat er grote verschillen zitten in het leven op de middelbare school en het leven op de campus. Je wordt niet meer behandeld als kind. Je hoeft niet na te blijven als je te laat komt; je bent er zelf verantwoordelijk voor dat je op tijd in de les zit. Je wordt ontzettend vrijgelaten, maar krijgt wel duidelijke uitleg. De campus is een fijne omgeving, een ruim gebouw, lekker groot, met heel veel verschillende mensen. Ik vind het fijn dat je nu niet meer omgeven wordt door allemaal jonge kinderen. Het is nog te vroeg om te zeggen dat ik de juiste studiekeuze heb gemaakt, ik heb immers pas twee dagen les gehad, maar dat gevoel heb ik nu wel. Ik denk dat dit studentenleven me heel goed gaat bevallen.</span></p><p><span>Voorlopig hoef ik nog niet op kamers, maar ik heb me wel aangemeld bij FACT, de studievereniging van Communicatie. Ik heb een fijn leven in Roermond met feestjes, vrienden en werk, maar ik wil ook iets opbouwen in Eindhoven.” </span><i><span>[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Eindhoven,Limburg,Student,FHEC,PRO Communicatie,Achtergrond]]></category>
            <pubDate>Thu, 07 Sep 2023 10:52:30 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/500_jennavanlier.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/500_jennavanlier.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/52f973b0-1872-4fe3-8d4f-88a6679d5f21/jennavanlier.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Jenna van Lier]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>NK winnen en afstuderen: zwemmer Stan flikt het</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nk-winnen-en-afstuderen-zwemmer-stan-flikt-het/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nk-winnen-en-afstuderen-zwemmer-stan-flikt-het/</guid><pp:caseid>579774</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0cm;"><span><strong>Afstuderen bij Fontys en een paar dagen later de titel sprintkampioen op je naam schrijven. Stan Pijnenburg kreeg het voor elkaar. “Maar zo spannend was het allemaal niet”, zegt de nuchtere uit Brabant afkomstige zwemmer.</strong></span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Stan startte vijf jaar geleden bij de Johan Cruyff Academy in Tilburg, een bachelor van Fontys Hogeschool Commerciële Economie waarbij studeren gecombineerd wordt met een topsportcarrière. Ideaal voor Stan, die al jaren naam maakt in de zwemwereld.</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Hij heeft Nederlandse kampioenschappen gedaan, Europese kampioenschappen, wereldkampioenschappen, korte baan, lange baan. Zelfs bij de Olympische Spelen in Tokio was hij aanwezig. “Ik heb niet stilgezeten”, zegt de net afgestudeerde vanuit het zonnige Lissabon. Daar geniet hij momenteel van een vakantie.</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Welverdiend, want zo druk als Stan met zwemmen bezig is geweest, zo druk had hij het ook met afstuderen. Twee weken geleden verdedigde hij zijn scriptie. Het weekend daarop stond in het teken van het NK zwemmen.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Spannend? Neuh. Stan blijkt in de afgelopen jaren een aardige lading stalen zenuwen te hebben opgebouwd. “Het NK is niet meer zo spannend, dat doe ik wel vaker. Voor de afstudeerzitting had ik meer zenuwen, maar ook daarvan wist ik dat het goed zou komen. Ik was goed voorbereid, kende alles van buiten.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Dat heeft hij waarschijnlijk te danken aan de goede voorbereidingstijd die hij had als gevolg van een longembolie die hij eerder dit jaar opliep en waardoor hij niet kon deelnemen aan de kwalificaties van de wereldkampioenschappen.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>“In februari ben ik op trainingskamp in Cura</span><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="text-align:left;">ç</span></span><span>ao geweest. Tijdens de terugvlucht heb ik iets te lang opgekropt gezeten in een stoel en is er trombose in mijn kuit ontstaan. Ze noemen dat het ‘economyclasssyndroom’. Tijdens de landing, toen de bloedsomloop weer op gang kwam, is het in mijn long geschoten. Met als gevolg een longembolie.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Longembolie is een ziekte die normaal gesproken vooral bij mensen op leeftijd of met een ongezonde levensstijl voorkomt. Dat Stan er ook mee te maken kreeg, was dikke pech met nare gevolgen. “Het heeft mij m’n seizoen gekost”, zegt hij. “Dat is jammer, maar ik heb van een nood een deugd proberen te maken door de zeeën van tijd die ik overhield te gebruiken voor het afmaken van mijn scriptie.”</span></p><p style="margin-left:0cm;"><span>Bovendien zijn volgend jaar de Olympische Spelen in Parijs en daar wil Stan vol op inzetten. “Ik heb met mijn coach afgesproken dat we dit seizoen een beetje laten, zodat we een lange aanloop naar de Olympische Spelen kunnen maken. En echt stilzitten doe ik overigens niet hoor. In december zijn de kwalificatiewedstrijden voor de Spelen, daarna is in februari het WK in Doha en volgend jaar mei staat er nog een EK gepland.” </span><i><span>[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC]]></category>
            <pubDate>Thu, 06 Jul 2023 11:51:10 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/1567bb12-58af-445d-a6f8-ac0ed80aee3c/500_image00002-3.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/1567bb12-58af-445d-a6f8-ac0ed80aee3c/500_image00002-3.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/1567bb12-58af-445d-a6f8-ac0ed80aee3c/image00002-3.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Stan Pijnenburg, foto: Andrea Staccioli / Deepbluemedia / Insidefoto]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[PIJNENBURG Stan NED 200m Freestyle Men Heats Abu Dhabi  - United Arab Emirates 17/12/2021 Etihad Arena  FINA World Swimming Championships (25m)  Photo Andrea Staccioli / Deepbluemedia / Insidefoto]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Lector Moral Design: “Mediawijsheid bepaal je samen”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/lector-moral-design-mediawijsheid-bepaal-je-samen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/lector-moral-design-mediawijsheid-bepaal-je-samen/</guid><pp:caseid>579749</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Daniëlle Arets, lector Journalistiek en Innovatie bij Fontys, doet onderzoek naar mediawijsheid. Samen met Stichting Kennisnet brengt zij in kaart welke methodes er zijn op het gebied van desinformatie en mediawijsheid of ze effectief zijn en of docenten ze weten te vinden.</span></p><p><span>Er zijn best veel methodes ontwikkeld om jongeren al vanaf de basisschoolleeftijd bewust te maken van desinformatie. Maar het feit dat deze methodes er zijn, wil nog niet zeggen dat ze goed gevonden en ook daadwerkelijk ingezet worden en evenmin dat ze effectief zijn.</span></p><p><span>“We kijken bijvoorbeeld ook naar methodes gericht op prebunking; het weerbaarder maken tegen desinformatie”, aldus Arets. “Met goede methodes zouden we veel winst kunnen behalen. Een voorbeeld is een online game waarin je als trol nepinformatie verspreidt. Het idee erachter is dat je gaat begrijpen hoe het mechanisme werkt.”</span></p><p><span>Het onderzoek brengt in kaart of die methodes het juiste publiek bereiken en of ze afdoende zijn om daadwerkelijk bij te dragen aan hogere sensitiviteit en bewustwording rondom deze thematiek. "Als dat zo is, willen we ze in eerste instantie inzetten voor studenten van de lerarenopleidingen.”&nbsp;</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Mediawijsheid staat niet op zichzelf, er is sprake van een generatiekloof. Dat stelt Bart Wernaart, lector Moral Design Strategy bij Fontys Hogeschool Economie en Communicatie (FEC). “Ik heb een redelijk groot vertrouwen in het techno-morele kompas van onze studenten.”</strong></span></p><p><span>Met enige regelmaat duiken er in de media berichten op waarin met bezorgdheid wordt gesproken over de mediawijsheid van jongeren. Ze zijn met het beeldscherm in de hand geboren en scrollen urenlang op sociale media.</span></p><p><span>Onderzoeken waar het nieuws vandaan komt en of het klopt, dat laten jongeren meestal achterwege, wordt er dan gezegd. Mediawijsheid, dat kun je ze maar beter jong leren. Daar pleitte ook communicatiewetenschapper Sanne Tamboer onlangs voor in een </span><a href="https://www.nporadio1.nl/nieuws/wetenschap-techniek/90b27f4a-4631-4409-ac8f-cddb2fb37c66/hoe-maak-je-jonge-pubers-mediawijzer" target="_blank"><span>uitzending</span></a><span> van NOS Radio 1.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:217px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_zakelijkportret.bart.wernaart.png?x=1688625203875" alt="Bart Wernaart">Maar zo simpel is het niet, denkt lector Bart Wernaart. Wel kan hij zich vinden in haar standpunt dat je bewustzijn rondom mediawijsheid samen met jongeren moet oppakken. “Mediawijsheid staat niet op zichzelf, er is sprake van een generatiekloof”, zegt hij.</span></p><p><span>“De huidige generatie jongeren heeft een heel ander referentiekader dan mijn generatie die is opgegroeid met aanzienlijk minder digitale hulpmiddelen. We hebben de neiging om jongeren te snel af te fakkelen wanneer ze op een andere manier aan informatie komen vergeleken met ons. Daar moeten we onmiddellijk mee stoppen.”</span></p><p><span><strong>Kompas</strong></span><br><span>Wat er wel moet gebeuren, vindt Wernaart, is dat je samen bepaalt hoe je digitale technologie inzet. “Ik heb een redelijk groot vertrouwen in het techno-morele kompas van onze studenten. Zij hebben heel wat meegemaakt de afgelopen jaren, denk aan de coronapandemie, geopolitieke instabiliteit, tekorten en de klimaatcrisis. Ik verwacht dat ze hierdoor genuanceerd naar de wereld kunnen kijken.”</span></p><p><span>“Anderzijds hebben oudere generaties </span>ervaren hoe een wereld met slimme technologie ontstaan is (en dus ook hoe het is om zonder sommige toepassingen te leven)<span>, waardoor het interessant is om deze wereldbeelden naast elkaar te leggen”, vervolgt Wernaart.</span></p><p><span>“We moeten samen naar de wereld kijken en van elkaar leren, en gebruikmaken van de krachten die iedere generatie met zich meebrengt. Daarom is onderwijs zo belangrijk, zowel met behulp van digitale middelen als in een fysieke leeromgeving.”</span></p><p><span>Met digitale middelen ben je snel op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en heb je een vrijwel onbeperkte toegang tot veel verschillende media en bronnen. Daar kunnen we volgens de lector onze vruchten van plukken.</span></p><p><strong>Interactie</strong><br><span>“Tegelijkertijd is het soms belangrijk je zonder die continue prikkels van online middelen in alle rust ergens in te kunnen verdiepen, met bijvoorbeeld een boek of een goede discussie. We moeten het er vervolgens wel samen over hebben om de interactie tussen digitaal en offline op waarde te kunnen schatten, bij voorkeur in een fysieke leeromgeving waar je in direct contact staat met anderen.”</span></p><p><span>Volgens de lector kun je op veel verschillende manieren omgaan met bronnen, zolang je maar de vaardigheid ontwikkelt om goed te kunnen beoordelen waar de informatie vandaan komt, en je die informatie naar waarde kunt schatten. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,FHJ]]></category>
            <pubDate>Thu, 06 Jul 2023 09:33:45 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/75895a2d-09fc-46af-9467-05d147fb2e74/500_shutterstock-1438917152.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/75895a2d-09fc-46af-9467-05d147fb2e74/500_shutterstock-1438917152.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/75895a2d-09fc-46af-9467-05d147fb2e74/shutterstock-1438917152.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock_1438917152]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Het is niet al goud wat blinkt in de wereld van sport</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/het-is-niet-al-goud-wat-blinkt-in-de-wereld-van-sport/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/het-is-niet-al-goud-wat-blinkt-in-de-wereld-van-sport/</guid><pp:caseid>576666</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Sport draagt bij aan een gezondere samenleving, aan sociale verbinding en houdt mensen bezig. Tegelijkertijd is sport te linken met rellen, ongelijkheid, corruptie en machtsmisbruik. Kortom: er valt genoeg over te zeggen en daarom stond het onderwerp donderdag centraal tijdens een openbaar college met lector Steven Vos en sportmarketeer Marc van der Linden.</strong></span></p><p><span>Als er iets is waar iedereen in de samenleving een mening over heeft dan is het sport. Een fantastisch gegeven volgens Steven Vos, lector Move to Be bij Fontys Sporthogeschool Eindhoven. “Maar dat maakt het ook meteen heel lastig. Neem bijvoorbeeld de definitie van sport. De enige juiste is: sport is datgene wat mensen aan het doen zijn. Dus als ik zeg dat ik ook nu aan het sporten ben, is het sport. Hoe hadden darts en het uit laten vliegen van duiven anders ooit sporten kunnen worden?”</span></p><p><span>Nederland is best goed in veel sporten, zoals Formule 1 of wederom het darten. Maar of bij dat laatste nu echt gezweet wordt van de inspanning, is in twijfel te trekken. “Volgens mij wordt er vooral veel gedronken en uitgezweet”, gaat Vos verder.</span></p><p><strong>Top- en recreatiesport</strong><br><span>Om sport deze avond van meerdere kanten te belichten, maakt de lector een onderscheid tussen topsport en recreatiesport. “Topsport kun je zien als sport waar je veel geld mee kunt verdienen, of wat je op hoog (internationaal) niveau doet. Want echt niet iedereen krijgt bergen met goud. Daarnaast heb je het magische begrip breedtesport: actief aan sport doen omdat je het leuk vindt, of omdat je beter wilt worden.”</span></p><p><span>Een soort participatie versus competitie. Eén ding is zeker: je sport als doel, om bezig te zijn of te winnen. Zo is sport volgens Vos ooit ontstaan. “Maar voor de overheid is het vooral een middel om iets aan de gezondheid of aan eenzaamheid te doen, of om de economie te inspireren. Dat is een hele interessante tweedeling.”</span></p><p><strong>Reis door de tijd</strong><br><span>Want hoewel sport nooit van de overheid is geweest, bepalen gemeente toch vaak de regie als het gaat om subsidieregelingen, veldonderhoud en sportcomplexen. “Sport is goed voor de leefstijl, heeft effect op het sociale welzijn en er gaat geld in om. Die drie pijlers staan vanavond centraal.”</span></p><p><span>Voor Marc van der Linden, coördinator van de Johan Cruyff Academy en docent sportmarketing voor de opleiding Commerciële economie, SPECO sportmarketing in Tilburg, meteen een goede reden om het publiek mee te nemen in de historie van sportmarketing. Aan de hand van verschillende voorbeelden, neem de voetbalplaatjes in sigarettenpakjes in 1870 en de eerste reclame van Coca Cola op de Olympische Spelen van 1928, krijgt het publiek een beter beeld van hoe de contracten van deze tijd in elkaar steken.&nbsp;</span></p><p><span>“Zo kreeg bowler Don Carter in 1964 het eerste ‘grote’ sponsorcontract van 1 miljoen dollar, terwijl er nu honderden miljoenen uitgegeven worden. Denk bijvoorbeeld aan het contract van Neymar bij FC Barcelona. De afkoopsom van 222 miljoen euro werd netjes – via via – betaald door een Emir uit Qatar die heel toevallig ook Paris Saint Germain in zijn bezit had, de club waar Neymar naar verhuisde." [</span><i><span>Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span>Heeft de commercie de sport dan ook in een houdgreep of niet? In het publiek zijn de stemmen verdeeld. Want ja, de bedragen die voetballers verdienen gaan nergens meer over en je kunt op basis van begrotingen al uittekenen wie de finalisten van de Champions League worden. Maar het aantal mensen dat sport is vele malen groter dan de kleine groep die daar commercieel aan verdient. “Als die commercie wegvalt, blijven mensen toch sporten”, klinkt het uit de zaal. Van allebei de kanten is iets te zeggen, vindt ook Van der Linden. “De commercie houdt de sport niet zozeer in de houdgreep, maar wel ons als passieve sportliefhebber.”</span></p><p><span>Toch kent de commerciële kant ook nadelen voor de sportwereld zelf. Zo heeft de KNVB al een aantal lastige situaties gekend, aldus de coördinator en docent. “In de sport gaat het vaak om eigenbelang, maar de sport zelf moet daar eigenlijk niet bij betrokken worden.”</span></p><p><strong>Politiek op het hoogste niveau</strong><br><span>Steven Vos sluit zich daar volledig bij aan. “Sport is een politiek spel en topsport is politiek op het hoogste niveau. Daarbij is het gezondheidsideaal een uithangbord geworden, terwijl topsport in de basis alleen al ongezond is. Denk maar eens aan de diëten en trainingsschema’s waar bijvoorbeeld Jutta Leerdam zich aan moet houden.”</span></p><p><span>“En nee, het is niet al goud dat blinkt in de sportwereld”, vult Van der Linden aan. “Want de aandacht die sporters krijgen geeft ze ook bepaalde druk. Want ook al lijkt het op sociale media allemaal fantastisch, ook Leerdam heeft toegegeven dat ze door de druk een eetprobleem ontwikkelde. Dat is ook belangrijk voor al die jonge volgers om te realiseren. Je ziet alleen maar de perfecte plaatjes maar we kunnen niets op social media controleren en reguleren, terwijl we ook de werkelijke waarheid moeten laten zien. Wat dat betreft moeten we ons afvragen: is sport wel zo gezond?”&nbsp;</span></p><p><span>Ja, besluiten de twee. “Sport is goed voor de samenleving, maar de vraag is wel wat jouw belang erbij is. Blijf daarom kritisch, houd het leuk en maak vooral geen ruzie. En leer iets van alle sport-influencers, want daar leert ook onze jongere generatie van.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,PRO Ondernemerschap,PRO Sport,PRO Marketing]]></category>
            <pubDate>Fri, 09 Jun 2023 10:08:50 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bd66dbb8-818b-4a62-8045-5d8f24998e4a/500_whatsappimage2023-06-08at21.11.14.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bd66dbb8-818b-4a62-8045-5d8f24998e4a/500_whatsappimage2023-06-08at21.11.14.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bd66dbb8-818b-4a62-8045-5d8f24998e4a/whatsappimage2023-06-08at21.11.14.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Marc van der Linden en Steven Vos]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Pitchen is niet eng, maar keileuk</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/pitchen-is-niet-eng-maar-keileuk/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/pitchen-is-niet-eng-maar-keileuk/</guid><pp:caseid>575262</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span style="text-align:start;">‘Pitchen met power- De kunst om iedereen binnen een minuut te overtuigen’ verschijnt binnenkort bij Uitgeverij Haystack (ISBN: 9789461265579). Wil je zien hoe Ralf Fleuren zijn eigen boek pitcht? Meld je dan aan voor de </span></i><a href="https://docs.google.com/forms/d/e/1FAIpQLSdT53i1KIlFopIUFfip7TnAu6a6GrIh03yKZdOhLViZEx8BHg/viewform" target="_blank"><i><span style="text-align:start;">boekpresentatie</span></i></a><i><span style="text-align:start;"> op dinsdag 6 juni in Helmond.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span style="text-align:start;"><strong>Oud-docent Ralf Fleuren vat zijn opgedane pitch-ervaring samen in het boek ‘Pitchen met power’. Zijn passie voor pitchen begint bij Fontys, waar Fleuren werkzaam was bij Fontys Economie en Communicatie: “Een pitch jaagt studenten soms de stuipen op het lijf, maar is simpeler dan je denkt.”</strong></span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Zes jaar lang was Fleuren docent en coördinator bij FEC. “Collega Ingrid Peels en ik zetten toen een ondernemerswedstrijd op, die nog steeds bestaat: </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Fontys Best Business</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;">. Het idee was om eerstejaarsstudenten te laten pitchen voor ervaren ondernemers. Het principe van </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Dragon’s Den</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;">, maar laagdrempeliger, met het accent op het leerproces.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Niet informeren maar activeren</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Na zijn vertrek bij Fontys in 2013, blijft hij studenten als freelancer de ins en outs van een overtuigende pitch bijbrengen. “Wat mij eraan triggert is de andere manier van communiceren. Niet zozeer informeren, maar vooral iemand activeren.” &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/dc3b5efc-fd54-434f-8c1a-0e427fc5a85f/800_ralfklein.jpg?x=1685091716093" alt="Ralf Fleuren, geschoten door Wildschieters">Fleuren ontwikkelt een pitchtraining die ook in de praktijk door bedrijven goed wordt ontvangen. Na tien jaar trainen besluit hij zijn ruime ervaring te vangen in een boek. “Ik weet dat veel studenten pitchen eng vinden, terwijl dat niet nodig is. Pitchen is heel eenvoudig. Met mijn boek wil ik die spanning een beetje wegnemen.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Gevoel én verstand</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Een pitch kent vijf basisstappen: Opening, Probleem, Idee, Bewijs en Afsluiting. De opening weegt daarvan het zwaarst, volgens Fleuren. “Ik denk dat verrassen cruciaal is. Probeer je dus in te leven in je toehoorders en grijp zo hun aandacht, bijvoorbeeld door in te spelen op herkenning: </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Heb je ook weleens dat…?</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;"> Dan geef je mensen direct een haakje. De stappen werken tenslotte pas als je publiek erdoor wordt geraakt.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Verder gebruik je in een pitch zowel gevoel als verstand. “Bij ‘Idee’ werk je dan vooral uit je passie en emotie, terwijl bij ‘Bewijs’ de ratio spreekt. Het gaat er vooral om dat je een pitch persoonlijk en creatief maakt. Wat het beslist </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">niet</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;"> is, is het afdraaien van een uit je hoofd geleerd standaardverhaal.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Elk pitch-proces begint met het formuleren van de hoofdboodschap. “Dat is moeilijker dan je denkt. Zelf ken je het onderwerp van je pitch door en door. Door je enthousiasme zie je vaak niet wat het allerbelangrijkste is voor iemand die er nog nooit over gehoord heeft.” &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/89cc4637-3f49-4ca2-99c2-134090916c6a/500_boekpitchenmetpower.jpeg?x=1685091731203" alt="Boek Pitchen met Power">Voor een goede pitch is één minuut ruim voldoende, zegt Fleuren. “Heb je meer tijd nodig, dan is het eigenlijk geen pitch meer. Kort en verleidelijk, dat is de truc.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Date</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">In zijn boek trekt Fleuren het pitchen breder dan alleen de zakelijke kant. “Dagelijks worden we gebombardeerd met boodschappen. Als je nog wilt opvallen, heb je </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">altijd</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;"> een overtuigend verhaal nodig.” &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Dat opvallen is natuurlijk helemaal aan de orde tijdens een date; ook die kun je dus benaderen als een pitch. “Klopt. Mijn vrouw en ik ontmoetten elkaar bij een speeddate. Ik had mijn verhaal voorbereid, maar zij raakte mij pas echt door een prikkelende vraag te stellen en goed te luisteren.” Weer het bewijs dat pitchen niet puur zenden is, maar vooral ook goed inspelen op de ander.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">“De bekende auteur Seth Godin stelt het goed: na jouw pitch moeten de toehoorders nóg meer willen weten. Dat moet het simpele gevolg zijn van jouw pitch: mensen nieuwsgierig maken naar meer.” [</span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span style="margin:0px;padding:0px;">]&nbsp;</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHEC,PRO Communicatie,PRO Economie,Eindhoven,Nieuws]]></category>
            <pubDate>Fri, 26 May 2023 11:06:52 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/8bf575e8-aed0-4800-891d-42a383691ddd/500_shutterstock-1337491094.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/8bf575e8-aed0-4800-891d-42a383691ddd/500_shutterstock-1337491094.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/8bf575e8-aed0-4800-891d-42a383691ddd/shutterstock-1337491094.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[pitch pitchen foto: Shutterstock]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Broedplaatsen: nieuwe energie voor binnensteden</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/broedplaatsen-nieuwe-energie-voor-binnensteden/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/broedplaatsen-nieuwe-energie-voor-binnensteden/</guid><pp:caseid>574753</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het lectoraat De Ondernemende Regio van Fontys onderzocht de betekenis van broedplaatsorganisaties in Nederlandse steden. “Die rol wordt langzaam breder dan puur het faciliteren van kunstenaars”, zegt projectleider Bart de Zwart.</strong></span></p><p><span>Onder de noemer ‘Bloeiende broedplaatsen’ keken de onderzoekers van Fontys en TU/e naar de kansen en bedreigingen voor deze culturele vestigingsplekken, mede met het oog op de toekomst. Aan dit RAAK-project deden ook studenten van Vastgoed & Makelaardij (</span><span style="background-color:white;">Fontys Hogeschool Economie en Communicatie) </span><span>en de Academie voor Bouwkunst (Fontys Hogeschool voor de Kunsten) mee. De eindbevindingen worden vrijdag gepresenteerd aan het Eindhovense College van B en W.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:240px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/8bab9273-ec73-477d-bff5-89cb1dbe3037/800_nicoschram-01.jpg?x=1684831724783" alt="Nico Schram">Onder druk</strong></span><br><span>“Een broedplaats is een werkplek voor creatieve makers, zoals beeldend kunstenaars en muzikanten”, licht vastgoeddocent Nico Schram van </span><span style="background-color:white;">FHEC toe. “Naast sec huisvesting – vaak op een markante locatie – worden voorwaarden geschapen waarin makers gedijen.” In breder perspectief leveren broedplaatsen een </span><span>vitale bijdrage aan de culturele infrastructuur en het innovatieklimaat van de stad.</span></p><p><span>Mede als gevolg van ontwikkelingen in de vastgoedmarkt en beleidskeuzes van gemeenten, staat de beschikbaarheid van betaalbare ruimte onder druk. Daardoor zijn veel broedplaatsorganisaties bezig met een herpositionering van hun kernactiviteiten.</span></p><p><span>“Overheden hebben een creatief en innovatief stadsklimaat hoog op de agenda”, weet Schram. “Maar gemeenten moeten keuzes maken.” Leegstaande fabriekspanden of kerken zijn weliswaar ideale ‘broedplekken’, maar ook projectontwikkelaars zetten hierop hun zinnen, bijvoorbeeld voor woningbouw. “Gemeenten komen in een spagaat: er is nood aan woningen maar ook aan een (binnen)stad die meer biedt dan alleen die woningen.”</span></p><p><span><strong>Cultuurverschil</strong></span><br><span>“Atelierstichtingen bevinden zich op het snijvlak van economie (vastgoed), ruimte en cultuur”, vertelt </span><span style="background-color:white;">docent-onderzoeker Vastgoed & Makelaardij</span><span> Bart de Zwart. “Aan de ene kant staan ‘harde’ aspecten als stenen en commercie, aan de andere kant heb je het over sociaal-culturele waarden die niet zijn uit te drukken in geld. Dat schuurt.”</span></p><p><span>Door studenten van diverse opleidingen als FHK en Vastgoed & Makelaardij in dit onderzoek te laten reflecteren op hun eigen perspectieven en stereotypen, komen twee uitersten van het spectrum samen. “Dan zie je dat studenten zich soms makkelijker in het gezichtspunt van een andere discipline kunnen verplaatsen dan doorgewinterde professionals. Uiteindelijk willen we die verschillende zienswijzen vertalen naar het curriculum. Zo krijgen onze studenten bij voorbaat meerdere ‘brillen’ mee.”</span></p><p><span>Ook in de praktijk komen beleidsmakers voor cultuur en vastgoedontwikkeling volgens Nico Schram al dichter bij elkaar. “In de loop van ons onderzoek ontstond meer begrip voor de wederzijdse belangen. Projectontwikkelaars zien ook wel in dat je bij gebiedsontwikkeling verschillende visies nodig hebt.” </span><i><span>[de tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span><strong>Trekpleister</strong></span><br><span>Dat begrip en een vlotte onderlinge samenwerking is van belang met het oog op de toekomst van de broedplaatsen. “Dat deze initiatieven bijdragen aan gebiedsontwikkeling weten we al langer”, zegt De Zwart. “Dit principe zie je terug in Strijp-S en de Tilburgse Spoorzone (voormalige industrielocaties met een volledig nieuwe functie, red.).</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:235px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_bartdezwart.jpg?x=1684831769862" alt="Bart de Zwart">In dit verband brengt het onderzoek een (relatief) nieuw inzicht. “Namelijk dat je de positieve impact van broedplaatsen ook kunt inzetten om stedelijke gebieden die </span><i><span>niet</span></i><span> van functie veranderen een impuls te geven. Bijvoorbeeld in binnensteden die vragen om meer variatie en verblijfskwaliteit, of oude stadswijken waar behoefte is aan het verbinden van bevolkingsgroepen en bewonersparticipatie.”</span></p><p><span><strong>Toekomst</strong></span><br><span>Maar omdat het schipperen is met ruimte, kunnen broedplaatsen het onderspit delven doordat andere gebruiksfuncties commercieel interessanter zijn. Om hieraan weerstand te bieden, pleiten de onderzoekers voor een herpositionering van de broedplaats.</span></p><p><span>“Waar het aan schort is dat beleidsmakers vaak te sectoraal kijken”, vertelt De Zwart. “Bijvoorbeeld zuiver economisch. Terwijl de waarde van broedplaatsen er juist in zit dat ze cultuur, welzijn, ondernemerschap en ruimtelijke ontwikkeling combineren.” Zelf omhelzen de broedplaatsorganisaties die brede reikwijdte al. “Ze verbreden hun rol door zich te richten op steeds meer maatschappelijke activiteiten, op het gebied van welzijn, arbeidsparticipatie, inclusie, enzovoorts. Heel breed en laagdrempelig. De culturele kant blijft dominant, maar dat is geen punt.”</span></p><p><span>Juist die brede horizon is een belangrijke les voor de toekomstige ontwikkeling van broedplaatsen. “Dan heb je het dus, naast het culturele en creatieve aspect, over meervoudige waardecreatie. Veel verbindende elementen in de buurt, zoals wijkcentra, verdwijnen. Broedplaatsen springen dan in dat gat, als ontmoetings- en evenementenplek.” Mooi bijkomend aspect is dat broedplaatsen vaak bottom-up ontstaan, als burgerinitiatief, wat maakt dat de lokale burger automatisch betrokken is. “Broedplaatsen staan buiten de ambtelijke systeemwereld. Ze ontstaan organisch, en hebben door hun alternatieve karakter veel te bieden.”</span></p><p><span><strong>Vertrek</strong></span><br><span>‘Bloeiende broedplaatsen’ was de laatste klus van Bart de Zwart bij Fontys. </span><span style="background-color:white;"><span>Hij vertrok naar Hanzehogeschool Groningen om daar lector Vastgoed te worden. “Ik kijk positief terug op ruim tien jaar in Eindhoven. Binnen het lectoraat De Ondernemende Regio heb ik met Cees-Jan Pen lekker mogen pionieren. Daarbij toonde Fontys zich een organisatie waarin veel ruimte is voor eigen initiatief en nieuwe ideeën. Maar het lectorschap was een ambitie die ik altijd al had, vandaar.” [</span><i><span>Frank van den Nieuwenhuijzen</span></i><span>]</span></span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,FHEC,FHK,Eindhoven,Tilburg]]></category>
            <pubDate>Tue, 23 May 2023 12:00:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/bad43662-3510-4217-9785-f395fecab71f/500_electronmakershalinbredabroedplaats.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/bad43662-3510-4217-9785-f395fecab71f/500_electronmakershalinbredabroedplaats.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/bad43662-3510-4217-9785-f395fecab71f/electronmakershalinbredabroedplaats.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Electron makershal in Breda broedplaats]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Electron, creatieve broedplaats in Breda. Foto: Bloeiende Broedplaatsen]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Slim dienblad Trayner: van start-up naar markt veroveren</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/slim-dienblad-trayner-van-start-up-naar-markt-veroveren/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/slim-dienblad-trayner-van-start-up-naar-markt-veroveren/</guid><pp:caseid>574756</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Misschien zegt de naam Trayner nog wat. Het slimme dienblad dat drankverspilling tegengaat en horecapersoneel meer zelfvertrouwen moet geven won vorig jaar de prestigieuze prijs ‘Beste Fontys startup’. Donderdag staat de LocHal in Tilburg in het teken van de zevende editie van het Fontys Student Startup Festival. Hoe gaat het nu met Trayner?</strong></span></p><p><span>Het </span><a href="https://bron.fontys.nl/slim-dienblad-trayner-winnaar-student-startup-festival/" target="_blank"><span>antiverspillingsdienblad </span></a><span>was een idee van Levi Houtappels, Calvin Vong en nog zes andere studenten. Levi en Calvin zijn inmiddels nog met z’n tweeën over om Trayner écht te laten groeien, maar dat is volgens het duo geen enkel probleem. “We zijn soms net een getrouwd stel.”</span></p><p><span>De twee kennen elkaar sinds hun eerste studiejaar van de opleiding Ondernemerschap en Retail Management en hadden toen al een klik. Elk project pakten ze samen op, waardoor ze in jaar twee besloten samen een bedrijf te willen starten. “In de derde moesten we ons een jaar lang inzetten voor het project Student Company. Dat viel perfect samen met de ideeën die we hadden”, aldus Levi.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:389px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b57fa0ad-02a8-4620-afd4-2411ba81b9b3/800_trayner.jpeg?x=1684827838155" alt="Trayner">Het echte werk</strong></span><br><span>Nu zitten Levi en Calvin in hun laatste jaar, waarin ze Trayner in hebben geschreven als bv. Want hoewel ze vorig jaar de start-up prijs wonnen en 1.500 euro binnenkregen, gaat het echte werk nu pas beginnen. “We moeten gaan produceren. Dat is een uitnodiging gezien de opstartkosten, dus zijn we gestart met het werven van subsidies. En goed nieuws: we hebben afgelopen week 14.000 euro binnengehaald. Dat geeft toch wat meer rust”, legt Calvin uit.</span><br><br><span>De jongens maken dus flinke stappen, maar het antiverspillingsdienblad is nog niet op de markt. “We gaan ervan uit dat we binnen een jaar kunnen gaan produceren. En met wat geluk is Trayner eind dit jaar al te koop.”</span></p><p><strong>Geheimhoudingsplicht</strong><br><span>Wat heeft Trayner de komende tijd nog in de pijplijn zitten buiten het regelen van de productie? “Pre-orders kunnen in ieder geval al gemaakt worden. En we doen later dit jaar mee met een nieuw tv-programma. Daar mogen we helaas nog niets over vertellen, maar het wordt in oktober uitgezonden. Dan verwachten we ook een aanzienlijke groei in aanvragen”, licht Levi toe.</span><br><br><span>In de tussentijd blijven de twee samenwerken zoals ze altijd gedaan hebben. “Elkaar perfect aanvullend, net als een getrouwd stel. Soms moeten we elkaar ook even motiveren om door te pakken, maar er is nooit onenigheid. Dat maakt samenwerken wel heel fijn.”</span></p><p><strong>De markt veroveren</strong><br><span>Hoewel de twee nu nog volop op de achtergrond werken, droomt zowel Calvin als Levi van een grootse toekomst. “Ons dienblad ligt straks in iedere horecazaak als nieuwe standaard voor beginnend personeel. Stel je voor dat je dadelijk op het terras zit en je drankjes met jouw dienblad gebracht ziet worden. Dat zou onwijs mooi zijn. We focussen ons wat dat betreft ook eerst op de Nederlandse markt. Kunnen we daarna internationaal gaan.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC]]></category>
            <pubDate>Tue, 23 May 2023 10:05:45 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/7bd408c5-93dc-4b13-a612-412452cffce6/500_bijzonderestagesinclusieflogo1.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/7bd408c5-93dc-4b13-a612-412452cffce6/500_bijzonderestagesinclusieflogo1.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/7bd408c5-93dc-4b13-a612-412452cffce6/bijzonderestagesinclusieflogo1.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Calvin en Levi van Trayner]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Burgers met meelwormen of krekels: &#039;Verrassend lekker&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/burgers-met-meelwormen-of-krekels-verrassend-lekker/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/burgers-met-meelwormen-of-krekels-verrassend-lekker/</guid><pp:caseid>569370</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Burgers bakken en verkopen met insecten als hoofdbestanddeel. Studenten Tim, Joep en Ruben doen het nu nog vanaf hun studentenkamertje, maar hopen over een paar jaar hun eigen kantoor te hebben.</strong></p><p>Aan insectenburgers zitten veel voordelen. Ze bevatten dubbel zoveel voedingswaarden als vlees, zijn eiwitrijk en zorgen voor aanzienlijk minder CO2-uitstoot. Ze zijn gezond en ook nog eens erg lekker. Dus waarom gewone hamburgers eten als je voor deze kunt gaan, vroegen Joep Kooistra, Tim Arts en Ruben Albers zich af.</p><p>De drie studenten, waarvan twee de opleiding Bedrijfsmanagement volgen en de derde Mechatronica, hebben samen het bedrijfje Bugsy opgericht. Het begon met een opdracht voor de minor Ondernemerschap en is inmiddels serieuze business. Ze verkopen niet alleen burgers, maar ook chocola, ravioli, chips, tapenade en bitterballen. Allemaal zonder vlees, maar mét meelwormen of krekels. “En dat is verrassend lekker”, zeggen ze. <i>[Tekst gaat verder onder de foto]</i></p><p>“Het klinkt misschien raar, maar eigenlijk valt het reuze mee”, zegt Tim. “Ik snap dat als jij op televisie levende insecten op een satéprikker ziet, je dat er eng uit vindt zien. Maar bij onze producten merk je niet dat er insecten in verwerkt zitten. Je proeft het niet, ruikt het niet en ziet het niet. Het is alleen een mentale barrière waar je je overheen moet zetten.”</p><p>De producten smaken volgens de studenten allemaal naar normale, vegetarische voedingsmiddelen. Joep: “Neem bijvoorbeeld onze chocola. Die verkopen we in de smaken melk, wit en puur. Je merkt dat er een crunch in zit – vergelijk het met een Smartie of Malteser – maar verder heeft het dezelfde smaak als andere chocola.”</p><p>Alles wordt op de studentenkamertjes van Tim, Joep en Ruben gemaakt. Bij de burgers gebeurt dat bijvoorbeeld met een combinatie van insecten in poedervorm, gedroogde bonen, bietenpoeder voor de kleur, kruiden en bindmiddel. “Het is een simpel proces. Je kan het prima thuis maken”, zegt Tim. “Natuurlijk wel rekening houdend met een schone omgeving, goede hygiëne en voedselveiligheidsregels.”&nbsp;<span> </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p>En de naam? Waar komt die vandaan? Joep: “Bugsy is geïnspireerd op de <span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="text-align:start;">Britse graffitikunstenaar </span></span>Banksy. Als je naar ons logo kijkt, zie je een insect dat vlees weggooit. Dat is een verwijzing naar de hooligan van Banksy die bloemen weggooit. Banksy probeert barrières in de maatschappij te verbreken. Wij proberen met Bugsy hetzelfde te doen.”</p><p>Momenteel doen ze dat nog op kleine schaal. Ze lopen immers nog tegen een aantal uitdagingen aan, zoals het vinden van horecazaken om mee samen te werken of een manier waarop hun ingevroren producten gekoeld bij klanten bezorgd kunnen worden. “Maar over vijf jaar hopen we met onze spullen in de supermarkt te liggen. Met een goedlopend bedrijf en vaste werkplek, zodat we niet meer bij elkaar burgers hoeven bakken. Misschien hebben we dan zelfs wel een paar werknemers in dienst.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC,Eindhoven,Limburg]]></category>
            <pubDate>Fri, 14 Apr 2023 09:50:44 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/a21d7516-b2eb-4a1f-a279-a4e93536feb3/500_joeprubenentim.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/a21d7516-b2eb-4a1f-a279-a4e93536feb3/500_joeprubenentim.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/a21d7516-b2eb-4a1f-a279-a4e93536feb3/joeprubenentim.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Joep, Ruben en Tim hebben samen Bugsy opgericht]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Gemeente rolt campagne van studenten uit: “Supertrots!”</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/gemeente-rolt-campagne-van-studenten-uit-supertrots/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/gemeente-rolt-campagne-van-studenten-uit-supertrots/</guid><pp:caseid>564850</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Ken je dat opgejaagde en onveilige gevoel dat je kan bekruipen als je na een avond stappen alleen naar huis fietst? Daar willen drie communicatiestudenten wat aan doen. Hun project Veilig tot ’t Eindje werd opgemerkt en wordt deze week door de gemeente Eindhoven groots uitgerold.</strong></span></p><p><span>Het leek een opdracht als zo veel andere: een campagne maken rond gedragsverandering. Tot Cheyenna Op 't Root , Gioia Tiebosch en Mayke Verberne (allemaal 20 jaar) erover gingen brainstormen. Alle drie zijn ze weleens lastiggevallen of nageroepen op straat, niet alleen overdag, ook ’s avonds en zelfs midden in de nacht, meestal als ze na het stappen alleen naar huis fietsten. Als ze erover vertellen, bezorgt ze dat weer koude rillingen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:400px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/c7553bc7-a6e8-4d49-a46d-e69e80a5def3/800_cheyennamaykeengioia.jpg?x=1680692867139" alt="Cheyenna, Mayke en Gioia"><strong>Veilig tot ‘t Eindje</strong></span><br><span>Ze zijn niet de enigen. Na eigen onderzoek onder studenten, bleek een meerderheid dezelfde ervaringen te hebben. Dat moest stoppen, vond het drietal. Eerst dachten ze erover gedragsverandering bij de daders te bevorderen door hun bewustwording te vergroten. Maar ze kwamen er al snel achter dat dit heel moeilijk is. “Daarom zijn we ons gaan richten op ideeën om het onveilige gevoel op te lossen.”</span></p><p><span>Dat resulteerde in de campagne Veilig tot ’t Eindje. Daarmee pakten de drie studenten een aantal maanden geleden Fama Volat helemaal in. Dit Eindhovense reclamebureau zat in de jury die de campagnes van de studenten, toen nog eerstejaars, beoordeelde. </span><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="text-align:left;">Fama Volat&nbsp;</span></span><span>wilde graag met de meiden aan de slag om het idee verder uit te werken.&nbsp;</span></p><p><strong>Veiligheid en verlichting</strong><br><span>Daarop hapte de gemeente Eindhoven toe. “Onze campagne sluit aan bij de thema’s die de gemeente belangrijk vindt: veiligheid en verlichting op de fiets”, vertelt Cheyenna. “Ook is grensoverschrijdend gedrag een veelbesproken onderwerp de laatste tijd.”</span></p><p><span>De afgelopen maanden hebben de studenten samen met Fama Volat gewerkt aan de campagne die de gemeente nu gaat uitrollen. “Onze campagne wordt aangekondigd via de media, socialmediakanalen en digitale billboards. We kunnen het nog niet geloven. We zijn supertrots", laat het drietal weten.&nbsp;</span></p><p><i><span>[de tekst gaat verder onder de video]</span></i></p><p><span>Wat is de bedoeling? “In de nacht van donderdag 13 april kan iedereen die niet alleen naar huis wil fietsen na het stappen in Eindhoven, naar het Catharinaplein komen op de hoek bij het Stratumseind. Daar kun je je aansluiten bij mensen die naar dezelfde wijk rijden. Zeven bomen op het plein worden gemarkeerd met een Eindhovense stadswijk, waar jongeren zich kunnen verzamelen”, legt Mayke uit.</span></p><p><strong>Bewustwording</strong><br><span>Op deze manier willen de drie studenten voorkomen dat jongeren na het stappen alleen naar huis fietsen als ze dat niet willen. Ze hopen dat er een beweging op gang komt en dat er vaker open over wordt gesproken.</span></p><p><span>“Uit ons onderzoek blijkt dat veel mensen hun vrienden niet willen lastigvallen met de vraag om met hen mee naar huis te fietsen. Ook hopen we dat daders zich bewust worden van hun gedrag. Dat is nu niet altijd het geval. Sommigen denken dat het leuk wordt gevonden als ze iemand naroepen”, aldus Gioia. </span><i><span>[Marieke Verbiesen]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC]]></category>
            <pubDate>Wed, 12 Apr 2023 15:15:00 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/2749b730-db7e-472c-9610-5b2b49265ac7/500_fietsverlichting.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/2749b730-db7e-472c-9610-5b2b49265ac7/500_fietsverlichting.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/2749b730-db7e-472c-9610-5b2b49265ac7/fietsverlichting.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[fietsverlichting]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Vanuit &#039;kluis&#039; werken aan een beter Helmond en Eindhoven</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/vanuit-kluis-werken-aan-een-beter-helmond-en-eindhoven/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/vanuit-kluis-werken-aan-een-beter-helmond-en-eindhoven/</guid><pp:caseid>563079</pp:caseid><description><![CDATA[<p style="margin-left:0px;"><span style="background-color:rgb(255,255,255);"><span style="margin:0px;padding:0px;text-align:left;"><strong>Maak Helmond en Eindhoven aantrekkelijker door onder meer het station aan te pakken. Zorg voor vergroening, een betere route naar het centrum of creëer een geluksgevoel. Die opdracht kregen zestien studenten van verschillende opleidingen. Ze werken hier sinds februari aan vanuit De Kluis in Helmond, het oude ABN Amro-pand.&nbsp;</strong></span></span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">In het pand hebben zich studenten gevestigd die stagelopen, hun minor doen of een afstudeeropdracht volgen bij Veerkrachtige Steden, één van de drie innovatiehubs van Fontys. Hiervoor wordt samengewerkt met drie opdrachtgevers, waarvan twee uit Eindhoven - KnoopXL en Landgoed De Wielewaal - en één uit Helmond - het Stationskwartier. &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Stationskwartier Helmond</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">“Voor Helmond moeten we onder meer de route verbeteren vanaf het station naar het centrum. Die is nu heel onoverzichtelijk”, legt student Maurits uit. “De opdracht is om Google Maps minder nodig te maken. Een van de vraagstukken die de gemeente op ons heeft afgevuurd, luidt: wat maakt een route? Wij gaan daar ideeën over bedenken en voeren die vervolgens ook uit.”&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Momenteel zouden rode kasteeltjes de route naar het centrum duidelijk moeten maken. “Maar voor veel mensen is die boodschap niet helder”, zegt Mohamed. “We hebben gekeken hoe de situatie bij andere stations is en daaruit bleek al snel dat er overal zebrapaden zijn. Die hebben we in Helmond vrijwel niet. Hier zijn vooral heel veel stoplichten.” &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Bron nam de proef op de som en liep de route van het station naar het centrum. Bordjes wijzen je de weg, maar de rode kastelen vallen absoluut niet op. Na een kleine tien minuten, heel veel rode stoplichten en het trotseren van meerdere wegen (waar de maximumsnelheid van 50 kilometer per uur vaak wordt overschreden) wordt het centrum bereikt. En inderdaad: de route zou veiliger, overzichtelijker en beter kunnen. &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong>Projecten in Eindhoven&nbsp;</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Een ander project waar de studenten zich mee bezighouden, is KnoopXL, het stationsgebied van Eindhoven, waar net als in Helmond een grote ontwikkeling plaatsvindt. Hier komen woonplekken voor zo’n 15.000 mensen. “De noordzijde waar nu de bussen staan, gaat (deels) ondergronds. En er wordt gekeken naar vergroening en of de poortjes op het station open kunnen zodat het station kan dienen als een doorgang”, vertelt student Redouane.&nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Opdracht voor de studenten is om rondom dit project een geluksgevoel te creëren voor omwonenden en uitbaters. “Er gaat natuurlijk heel veel verbouwd worden, wat vervelend kan zijn voor mensen in de buurt. Je krijgt geluidsoverlast, stofoverlast, dat soort dingen. Hoe kunnen we deze mensen tegemoetkomen?” Met ‘placemaking’, ruimtelijke initiatieven die zorgen voor meer dynamiek en reuring, moeten daar oplossingen voor worden bedacht.&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Het derde en laatste project is Landgoed Wielewaal. Maurits: “Dit is sinds 2022 eigendom van de gemeente en is nu niet toegankelijk voor publiek. De gemeente weet nog niet of ze het langoed wil openen voor het publiek, deels wil openen of helemaal niet. Wij hebben een gebied gekregen om hier in samenwerking met werkveldpartners een businessplan voor uit te werken.”&nbsp; &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;"><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/f9181539-9bb2-4f48-8b69-a7092061055b/500_883327.jpg?x=1677675383408" alt="Yolanda Lentz">Goede start</strong>&nbsp;</span><br><span style="margin:0px;padding:0px;">Yolanda Lentz is coördinator van de innovatiehub, ook wel de bruggenbouwer. Degene die de link legt met werkveldpartners, projecten binnenhaalt en samenwerkingen zoekt met onderzoeksgroepen. “Maar ik werf ook studenten, organiseer bijeenkomsten voor coaches en doe de hele organisatie daaromheen. In Helmond heb ik de verhuizing geregeld. Het is een veelzijdige rol”, legt ze uit. &nbsp;</span></p><p style="margin-left:0px;text-align:left;"><span style="margin:0px;padding:0px;">Voorheen zat de innovatiehub gevestigd bij het station van Eindhoven, nu is de boel naar Helmond verhuisd. “We hebben een goede start gemaakt en zijn heel warm verwelkomd door Helmond”, vervolgt Lentz. “We zaten eerst samen met de gemeente Eindhoven in het oude VVV-kantoor, maar daardoor bleven we beperkt tot de gemeente Eindhoven. Het is fijn dat we nu ons eigen plekje hebben. Helmond is momenteel het basiskamp, maar de bedoeling is dat we later ook in Eindhoven een ruimte vinden. We hopen in de toekomst op nog veel meer projecten.”&nbsp; </span><i><span style="margin:0px;padding:0px;">[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Wed, 01 Mar 2023 14:39:00 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/0d990fb2-876e-4ab1-beb9-124ef13cdb43/500_dekluis.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/0d990fb2-876e-4ab1-beb9-124ef13cdb43/500_dekluis.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/0d990fb2-876e-4ab1-beb9-124ef13cdb43/dekluis.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Siem, Maurits, Eline, Floris, Youri, Ilias, Indra, Mohamed en Redouane]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Huishoudens gaan erop vooruit. Studenten ook?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/huishoudens-gaan-erop-vooruit-studenten-ook/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/huishoudens-gaan-erop-vooruit-studenten-ook/</guid><pp:caseid>556130</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Huishoudens gaan er dit jaar over het algemeen op vooruit. Werknemers houden meer salaris over omdat ze meer arbeidskorting krijgen en minder belasting hoeven betalen. Maar hoe zit het met studenten? Wordt 2023 ook voor deze groep een jaar van bijkomen en herstellen?</strong></p><p>Uit koopkrachtberekeningen van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) blijkt dat het compensatiepakket van de overheid ervoor zorgt dat veel huishoudens dit jaar op financieel gebied wat meer ademruimte krijgen. Het gaat dan voornamelijk om werknemers met een vast dienstverband.</p><p>Veel studenten hebben zo’n vast dienstverband niet en vallen daarom buiten de boot. Ja, het minimumloon gaat iets omhoog, maar al met al blijft er weinig over. Vooral voor uitwonende studenten kan het volgens Joram van Velzen, voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb), een moeilijk jaar worden.&nbsp;</p><p>Zij profiteren niet van de voordelen die anderen wel krijgen. Er geldt voor studenten geen prijsplafond op energie en vaak krijgen ze ook geen energietoeslag. “En dan gaat het collegegeld ook nog eens omhoog", zegt Van Velzen.&nbsp;</p><p><strong>Basisbeurs</strong><br>Hij stelt dat slechts een deel van de studenten er dit jaar wél op vooruit zal gaan. Dan heeft hij het vooral over studenten die aanspraak maken op de basisbeurs. “Nieuwe studenten hoeven minder te lenen. Dat is een voordeel. Voor hen gaat het ietsjes beter worden, maar de basisbeurs is niet toereikend genoeg om alle kosten te dekken. Ze zullen in veel gevallen dus nog steeds bij moeten lenen in het nieuwe stelsel.”</p><p>Oneerlijk, vindt Bedrijfskunde-student Kiara. “Ik denk niet dat het voor studenten beter wordt", zegt ze. “Sterker nog, alles wordt alleen maar duurder. Kleding, feestjes, uitgaan, festivals, boodschappen. Noem het maar op.”</p><p>Kiara heeft een bijbaantje bij een uitzendbureau, maar weet eigenlijk niet of ze vandaag – net als heel veel andere mensen in Nederland – een verhoging op haar loonstrookje zal zien. “Misschien moet ik me daar eens in verdiepen. Maar ook al krijg ik meer geld, ik denk niet dat het alle hoge kosten compenseert.”</p><p><strong>Commentaar</strong><br>Een grote boosdoener in dat verhaal is het leenstelsel. Vraag je de student daarnaar, dan volgt er een spraakwaterval vol commentaar richting het kabinet. “We zijn een zware pechgeneratie. In deze leeftijdscategorie loop je tegen heel veel problemen aan. Wat dat betreft zou de overheid best wat meer naar onze situatie kunnen kijken.&nbsp;</p><p>“Helemaal mee eens”, zegt Kiara’s klasgenoot Roman. Zijn salaris gaat deze maand met anderhalve euro per uur omhoog. “Dat is wel nice”, zegt hij. Maar of het voldoende is? “Ik denk niet dat er veel gaat veranderen. De overheid kan inderdaad beter wat aan het leenstelsel doen.”</p><p><strong>Kantine</strong><br>Dan neemt Yasmin het woord, wederom een Bedrijfskunde-student. Zij gaat zo'n 6 procent meer verdienen. “En er veranderen ook nog wat andere arbeidsvoorwaarden”, geeft ze aan. Allemaal leuk en aardig, maar onder de streep verandert het vrijwel niets. Het leven blijft (te) duur.</p><p>“Omdat ik parttime werk, scheelt het per maand misschien twintig euro. Daar kan ik nog niet eens een keer boodschappen van doen. Ik kan eigenlijk niks bedenken wat goedkoper wordt. Zelfs hier in de kantine van Fontys zijn de prijzen zowat verdubbeld. Een broodje kost tegenwoordig zes euro. Als je een keer je eten vergeet mee te nemen, kost het je klauwen met geld om iets te kopen of je moet jezelf uithongeren." <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC]]></category>
            <pubDate>Wed, 25 Jan 2023 14:01:31 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-2163524537.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-2163524537.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-2163524537.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[vakkenvuller werken student werk geld]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwe ronde, nieuwe kansen voor FIFA Esports-finale: &#039;Wordt een succes&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/fifa-esports-finale-kent-deze-editie-alleen-maar-verliezers/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/fifa-esports-finale-kent-deze-editie-alleen-maar-verliezers/</guid><pp:caseid>554860</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het had een middag vol gaming, VR en dansen moeten worden, maar de casual gamingmiddag op Campus Stappegoor pakte anders uit. Bijna niemand kwam opdagen. Toch blijft initiatiefnemer Bart van Bezooijen positief. &nbsp;“Het wordt een succes.”</strong></span></p><p><span>De centrale hal van Fontys Economische Hogeschool in Tilburg werd woensdag omgebouwd tot een heus gamingwalhalla, waar naast het nodige voor het FIFA-toernooi ook een Just Dance-vloer, racestation met sportieve F1-stoel, VR-games en tal van laptops het decor vormden.</span></p><p><span>De middag stond volledig in het teken van de FIFA Esports-finale, waarin acht finalisten zouden strijden om de begeerde winnaarstitel. Mooie prijzen zoals bekers voor de top drie en teamkits van een voetbalclub naar keuze stonden klaar.</span></p><p><strong>Alles aanwezig</strong><br><span>Alle ingrediënten voor een succesvolle middag waren aanwezig, alleen de studenten bleven uit. Er kwamen er slechts een paar opdagen. “Maak daar maar snel een foto van, want dan kunnen we alsnog zeggen dat er studenten zijn geweest”, grapt Van Bezooijen.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2023-01-12at10.55.41.jpeg?x=1673604942699" alt="Leden van TSEA Link">“We hebben hier normaal twee Playstations staan waar iedere dag gebruik van wordt gemaakt. De hoop dat het vandaag vol zou staan met studenten was er zeker, maar niets blijkt minder waar”, zegt Van Bezooijen, die met het plannen van deze dag zelfs rekening hield met de onderwijsagenda.</span></p><p><span>“Er zouden vandaag veel studenten op school moeten zijn, maar er zijn er maar heel weinig te bekennen. Bovendien heb ik dit evenement laten delen op de sociale media-kanalen van andere opleidingen, waardoor ik de hoop had dat studenten van andere opleidingen ook aan zouden sluiten.”</span></p><p><span>Opkomst of geen opkomst, de docent-onderzoeker blijft positief. Er wordt zelfs al nagedacht over een vervolg. “Veel studenten vinden gamen leuk, dus deze middag wordt geheid ooit nog een succes. We moeten alleen even kijken hoe we dit de volgende keer aan gaan pakken. Een terugkoppeling met de studenten zal sowieso handig zijn.” [t</span><i>ekst gaat verder onder de foto]</i></p><p><span>Van Bezooijen zette samen met Link, de Tilburgse studenten E-sport associatie, het FIFA-toernooi op. Dat gebeurde met een informele sfeer in het achterhoofd. “Studenten wilden graag meespelen, maar het merendeel gaf aan geen zin te hebben in een competitie”, legt voorzitter Leonie Hirtreiter uit. “Daarom hebben we gekozen voor een gezellige setting waarbij iedereen kan aansluiten om te gamen.”</span></p><p><span>En met iedereen wordt ook echt iedereen bedoeld. Docenten waren ook welkom en kwamen dan ook graag langs voor een ritje in de racesimulator. Een daarvan: Hugo Gruijters. Hij organiseerde in november </span><a href="https://bron.fontys.nl/studenten-staan-niet-aan-voor-buitenschoolse-activiteiten/" target="_blank"><span>een studentendebat</span></a><span> over het WK in Qatar, maar dat ging helaas niet door vanwege lage aanmeldcijfers.&nbsp;</span></p><p><span>Van Bezooijen denkt te weten waar die lage opkomsten vandaan komen. Het is volgens hem een gevolg van de coronapandemie. “Studenten zijn sindsdien veel meer georiënteerd op het hier, nu, elkaar en het halen van hun studiepunten. Het gevoel van ‘de samenleving komt nog wel’ heerst en dat merken we ook in de klas.” </span><i><span>[Noelle van den Berg]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Tilburg,FHEC]]></category>
            <pubDate>Thu, 12 Jan 2023 11:19:54 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2023-01-12at10.55.42.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2023-01-12at10.55.42.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/whatsappimage2023-01-12at10.55.42.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[FIFA E-sports]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Prestigieuze prijs voor lector Bart Wernaart</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/prestigieuze-prijs-voor-lector-bart-wernaart/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/prestigieuze-prijs-voor-lector-bart-wernaart/</guid><pp:caseid>551299</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><span>Het Rathenau Instituut heeft de tweejaarlijkse Melanie Petersprijs opgericht ter ere van Melanie Peters (1965-2021), die van 2015 tot haar overlijden directeur was van het Rathenau Instituut. De prijs is opgericht om de dialoog over de impact van wetenschap, technologie en innovatie op ons leven te versterken, een dialoog die voor Melanie Pieters ontzettend belangrijk was.</span></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Bart Wernaart, lector Moral Design Strategy, won dinsdag de eerste Melanie Petersprijs van het Rathenau Instituut voor zijn project Moral Data City Hunt. Bron legt de kersverse winnaar vier vragen voor over zijn project en de prijs.</strong></span></p><p><span><strong>Gefeliciteerd, je hebt gewonnen! Dat voelt vast goed?</strong></span><br><span>“Fantastisch zelfs. Dit is een dierbare en fijne prijs. Allereerst omdat de prijs vernoemd is naar een persoon die in de academische wereld ongelooflijk bekend was vanwege haar betekenisvol wetenschappelijk werk en hier een groot hart en veel passie voor had. Een hele eer om zo’n prijs in nagedachtenis van haar te mogen ontvangen. Daarnaast is het ook gaaf dat van alle dertig inzendingen de prijs naar een hbo-onderzoek gaat. Super dat de jury daar ook oog voor had.”</span></p><p><span><strong>Je hebt gewonnen met je project Moral Data City Hunt, wat houdt dat in?</strong></span><br><span>“Met Moral Data City Hunt doen we en praktijkgericht onderzoek waarbij we inwoners betrekken bij ethische beslissingen over technologische toepassingen in hun stad, wijk of buurt. Met die uitkomsten proberen we oplossingen te creëren waar burgers zich in kunnen vinden. Wat mogen drones die pakketten bezorgen wel of niet filmen? En geef je bij een stoplicht voorrang aan een vervuilende dieselauto of aan een elektrische wagen? Die vragen worden binnen ons project behandeld.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:313px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_img-3387.jpg?x=1670419593442" alt="Bart Wernaart">Wat staat er de komende tijd op de planning?</strong></span><br><span>“De komende tijd gaan we de Moral Data City Hunt verder doorontwikkelen. Zo zijn we onder andere bezig met een mobile lab met VR-brillen waarin we kijken hoe we een virtuele omgeving kunnen maken waarin mensen dankzij VR met drones kunnen vliegen terwijl ze deze kunnen aanpassen aan hun wensen. Het doel daarbij is het creëren van een stad met drones waarin je je prettig voelt.”</span></p><p><span><strong>Tot slot, wat is het belangrijkste aan het winnen van de Melanie Petersprijs?</strong></span><br><span>“Er zitten zoveel voordelen aan. Natuurlijk zijn we blij met de waardering die we krijgen voor het feit dat we burgers zien staan en kijken hoe wij hen bij ethische dillema’s kunnen betrekken. Ook is er een klein geldbedrag mee gemoeid. Maar het allerbelangrijkste is dat we ons onderzoek goed op de kaart hebben kunnen zetten. De Melanie Petersprijs is wat dat betreft een &nbsp;fijne opsteker die voor een grote impuls kan zorgen. De prijs zelf is ook nog eens een mooi kunstbeeld waarin verbinding centraal staat. Iets wat voor Moral Data City Hunt ook erg belangrijk is.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek,Onderzoek Algemeen,FHEC,PRO Economie]]></category>
            <pubDate>Wed, 07 Dec 2022 15:25:38 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-3388.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-3388.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/img-3388.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bart Wernaart]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Amber maakt het als zangeres in Duitsland: &#039;Dus nu snel afstuderen&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/amber-maakt-het-als-zangeres-duitsland-dus-nu-snel-afstuderen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/amber-maakt-het-als-zangeres-duitsland-dus-nu-snel-afstuderen/</guid><pp:caseid>548298</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Ze is 21 jaar oud, werd tweede bij een bekende talentenjacht in Duitsland en mag rekenen op duizenden fans. Amber van den Elzen, laatstejaarsstudent Digital Business Concept, timmert als zangeres hard aan de weg bij onze oosterburen.</strong></p><p>Amber zou eigenlijk voor de zomer haar studie bij Fontys afronden, maar vanwege haar plotselinge succes in Duitsland doet ze er nu ietsje langer over. Januari, dat is haar uitgangspunt. “Tegen die tijd wil ik klaar zijn zodat ik me daarna volledig kan richten op wat ik het liefste doe: zingen.”</p><p>In mei 2021 schreef Amber zich in voor <i>Deutschland sucht den Superstar</i>, een soort Duitse versie van <i>Idols</i>. Een jaar later stond ze in de finale. “Het was een fantastische ervaring”, vertelt ze. “Ik ben overal in Duitsland geweest, maar ook in Oostenrijk en Italië. Het enige minpuntje aan het hele avontuur is dat het in de coronatijd plaatsvond. Op een gegeven moment moest ik zes weken in een hotel verblijven. Mijn familie zag ik alleen in de zaal tijdens de liveshows."&nbsp;</p><p><strong>Tweede plek</strong><br>De student had nooit verwacht dat ze die liveshows zou halen. Laat staan de finale. Sterker nog: een podiumplek. “De finale begon met vier mensen. Twee vielen er in een tussenronde al af, waardoor ik met een andere tegenstander overbleef. Dat was Harry Laffontien, mijn maatje in het programma.”</p><p>&nbsp;</p><p>Amber belandde uiteindelijk op de tweede plek. Met duizenden fans als achterban én een eigen nummer op zak. “In de finale mag je je eigen single opnemen”, legt Amber uit. “Dat was mijn eerste eigen liedje, inmiddels heb ik er twee. Na het programma hebben er heel veel mensen bij mij aangeklopt, waaronder producer Toby Gad. Hij heeft met sterren als John Legend en Beyoncé gewerkt.”&nbsp;</p><p>Hoe vereerd Amber ook met het aanbod was, ze besloot het toch zelf te doen. Zelf te gaan maken. Samen met haar zus, die in 2016 aan dezelfde talentenjacht als haar zusje meedeed. En nota bene ook nog eens tweede werd. Net als Amber. “Heel bijzonder dat we allebei hetzelfde hebben bereikt.”</p><p><strong>Team</strong><br>De zus van Amber hield een Duitse vriend over aan de show. Met z’n drieën werken ze nu samen. “Het is leuk om een management te hebben, maar daar zit soms ook een wurgcontract aan verbonden. Dat wil ik niet. En bovendien hebben we thuis een goed team. Mijn zus, haar vriend en ik doen alles zelf. Schrijven, produceren, opnemen, videoclips maken. Ik hou alles het liefst in eigen hand.”</p><p>Momenteel richt Amber zich vooral op haar muziekcarrière. Ze treedt regelmatig op in Duitsland, neemt iedere week een cover op en is zelfs al met kerstmuziek bezig. Tussen de bedrijven door leert ze voor examens. “Volgende week heb ik een toets, daar moet ik nog voor studeren.”</p><p><strong>Studievertraging</strong><br>Dat studeren gaat niet van een leien dakje. Vandaar ook de studievertraging die ze heeft opgelopen. “Ik had niet verwacht dat er zoveel tijd in mijn carrière zou zitten. Je komt op televisie, wordt uitgezonden. En tegelijkertijd moet je ook nog leren, een scriptie schrijven en projecten maken. Het is best pittig, vooral omdat ik veel liever met zang bezig ben dan met school."&nbsp;</p><p>Ambers plan? Zo snel mogelijk afstuderen en vervolgens met een snoekduik linea recta de studio in. “Met de muziek gaat het goed, daar wil ik me op focussen. Maar dat neemt niet weg dat ik eerst mijn diploma wil halen. Als het onverhoopt toch niks wordt met mijn carrière, kan ik altijd nog terugvallen op mijn studie.” <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,FHEC,Eindhoven]]></category>
            <pubDate>Mon, 21 Nov 2022 15:11:35 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_image6-3.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_image6-3.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/image6-3.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Amber van den Elzen, foto: Philipp Letzt/RTL]]></pp:imageTitle></item></channel>
                    </rss>