<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
     xmlns:pp="http://www.presspage.com/rss/"
     version="2.0"
     xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
                <channel>
                    <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                    <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                    <description></description>
                    <language>nl</language>
                    <lastBuildDate>Tue, 08 Sep 2026 08:50:34 +0200</lastBuildDate>
                    <pubDate>Thu, 25 Jun 2026 13:52:06 +0200</pubDate>
                    <image>
                        <title><![CDATA[Bron onafhankelijk nieuws Fontys]]></title>
                        <url>https://content.presspage.com/clients/150_1980.jpg</url>
                        <link>https://bron.fontys.nl/</link>
                        <width>144</width>
                    </image><item>
                        <title>Alumni in top Quote 500: &#039;Jong zijn betekent risico&#039;s nemen&#039;</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/alumni-in-top-quote-500-jong-zijn-betekent-risicos-nemen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/alumni-in-top-quote-500-jong-zijn-betekent-risicos-nemen/</guid><pp:caseid>758980</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Van studeren bij Fontys naar een plek in de Nederlandse Quote 500. Alumni Rob van den Heuvel (34) en Sabi Tolou (37) behoren met een geschat vermogen van 80 miljoen euro tot de rijkste Nederlanders onder de 40. Het succes begon al tijdens hun studententijd, toen zij samen met vriend Bas Smeulders het bedrijf Sendcloud oprichtten.</strong></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_logosporenverdiend-336971.jpg?x=1782306344632" alt="" width="200">Beiden studeerden destijds bij Fontys: Van den Heuvel studeerde Bedrijfseconomie en Tolou Commerciële Economie. Daarnaast hadden ze een bijbaantje bij T-Mobile. “In die tijd waren mobiele telefoons nog helemaal in opkomst. Het was 2010 en de iPhone 4 kwam net uit. Telefoons waren toen, en eigenlijk nog steeds, erg breekbaar, dus hoesjes waren echt een ding”, vertelt Tolou. “De hoesjes die mensen zochten hadden ze niet bij T-Mobile. Dus dachten wij: wat als we zelf hoesjes uit China importeren en die via een webshop verkopen?”&nbsp;</span></p><p><span>Zogezegd, zo gedaan. Binnen korte tijd groeide hun webshop enorm hard. “Waar we tegenaan liepen was dat het verwerken van bestellingen vooral handmatig werk was en veel tijd kostte”, vertelt Tolou. Van den Heuvel vult aan: “Er waren allemaal verschillende systemen waarin je gegevens handmatig moest invoeren. Toen dachten we: kom op, het is 2012, er moet toch een manier zijn om alles aan elkaar te koppelen en te automatiseren.” Zo ontstond Sendcloud, inmiddels uitgegroeid tot het grootste verzendplatform van Europa.</span></p><p><strong>Vrienden en familie</strong><br><span>Twee jaar na de lancering zagen de ondernemers tijdens een startup bootcamp in dat ze iets bijzonders in handen hadden. “Wij draaiden zo’n twintigduizend euro omzet per maand. Zelf waren we daar niet enorm van onder de indruk, maar de coaches wel. Die zagen echt potentie”, aldus Tolou. Met de investering die zij daar kregen, konden ze onder andere hun eerste medewerkers aannemen.&nbsp;</span></p><p><span>Dat begon met vrienden en familie. “Er werken hier nog steeds mensen met wie ik op Fontys in de klas heb gezeten”, vertelt Van den Heuvel. Volgens de ondernemers is dat een van de belangrijkste dingen die zij aan hun studententijd hebben overgehouden. “De basiskennis over hoe je een bedrijf runt en welke juridische zaken daarbij komen kijken is natuurlijk heel handig. Daarnaast hebben we er een waardevol netwerk opgebouwd.”</span></p><p><span><strong>Toekomst</strong></span><br><span>Op de vraag wanneer zij het gevoel hadden dat ze het echt gemaakt hadden, geven beide ondernemers - inmiddels goed voor</span> plek 17 en 20 op de lijst van Quote 500 -<span> hetzelfde antwoord. “Eigenlijk nog steeds niet.” Van den Heuvel legt uit: “We hebben binnen het bedrijf bepaalde doelen die we vaak een jaar later halen dan gepland. Daardoor voelt het altijd alsof het beter kan. Er zit altijd meer in.” Hij is dan ook volledig gefocust op de verdere groei van Sendcloud. “Ik wil zo groot mogelijk worden en zoveel mogelijk bedrijven helpen.”&nbsp;</span></p><p><span>Tolou heeft daarnaast nog een droom buiten Sendcloud. “Ik denk dat een groot deel van de beste ideeën zich bevindt bij de armste helft van de bevolking. Die mensen hebben vaak niet de middelen om hun ideeën waar te maken. Ooit wil ik hen graag helpen om dat wel te kunnen doen.”</span></p><p><strong>Geen spijt, maar kansen</strong><br><span>Aan toekomstige ondernemers van Fontys willen de mannen vooral meegeven dat er geen beter moment is om te beginnen dan nu. “Als je jong bent en nog thuis woont, zit je eigenlijk in een luxepositie”, legt Van den Heuvel uit. “Je hebt weinig te verliezen. Juist dan kun je risico nemen. Gaat het mis, dan leer je hoe het niet moet.” Volgens hem ontstaat spijt vooral wanneer mensen hun ideeën nooit hebben geprobeerd. “Je krijgt pas spijt als je over tien jaar bij een bank werkt en denkt: had ik maar iets gedaan met mijn leven.”&nbsp;</span></p><p><span>Ondernemen vraagt volgens beide mannen wel om veel inzet. “Wij waren in het begin ongeveer elke dag van 11 uur ’s ochtends tot 11 uur ’s avonds aan het werk”, vertelt Tolou. “Je moet echt gemotiveerd zijn. Het scheelde wel dat we een vriendenteam waren. Dan kun je best lang met elkaar opgescheept zitten.” Het belangrijkste advies van de twee alumni is daarom simpel: “Begin gewoon ergens. Doe iets. Begin klein en denk niet dat je met je eerste bedrijf meteen de wereld gaat veranderen.”</span><br><br><i><strong>Op de foto boven het artikel staan de drie eigenaren van SendCloud. </strong><span><strong>Van links naar rechts: Bas Smeulders, Rob van den Heuvel en Sabi Tolou.</strong></span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,economie,Onderwijs Economie,Economie en bedrijfsleven,PRO Economie,Alumni,Sporen verdiend,Mauro]]></category>
            <pubDate>Wed, 24 Jun 2026 15:35:52 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/4472bf02-6d8e-4745-94a0-268483515ad6/500_vanlinksnaarrechtsbassmeuldersrobvandenheuvelensabitolou.jpg?33385" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/4472bf02-6d8e-4745-94a0-268483515ad6/500_vanlinksnaarrechtsbassmeuldersrobvandenheuvelensabitolou.jpg?33385</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/4472bf02-6d8e-4745-94a0-268483515ad6/vanlinksnaarrechtsbassmeuldersrobvandenheuvelensabitolou.jpg?33385</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Van links naar rechts, Bas Smeulders, Rob van den Heuvel en Sabi Tolou]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Hbo-afgestudeerden steeds vaker werkloos</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hbo-afgestudeerden-steeds-vaker-werkloos/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hbo-afgestudeerden-steeds-vaker-werkloos/</guid><pp:caseid>753065</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Veruit de meeste hbo’ers vinden snel een baan, maar dat geldt niet voor iedereen. De werkloosheid blijft stijgen, vooral onder de afgestudeerden van hbo-masteropleidingen. Het procentueel aantal Fontysalumni zonder baan is echter lager dan het landelijk gemiddelde.</strong></span></p><p><span>Anderhalf jaar na afstuderen is 4 procent van de hbo’ers werkloos, meldt de Vereniging Hogescholen. Dat blijkt uit nieuwe cijfers over recent afgestudeerden en de arbeidsmarkt. Vorig jaar was het 3,5 procent.&nbsp;</span></p><p><span>Die landelijke 4 procent is echter een geflatteerd cijfer: daar zitten ook de deeltijdstudenten tussen, die hun studie meestal met een baan combineren en dus zelden werkloos zijn. Onder de afgestudeerden van voltijdopleidingen is de werkloosheid 4,8 procent. De cijfers komen uit de nieuwe hbo-monitor van onderzoekscentrum ROA.</span><br><br><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:333/auto;width:333px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1237159b-c53c-48bc-b043-5f3970b87c38/800_werklooshed15jaarnaafstuderen.png?x=1779794694050" alt="" width="333" height="auto"><strong>Fontyscijfers</strong><br><span>Uit die cijfers blijkt dat onder de afgestudeerde Fontysstudenten 3,3 procent werkloos is, minder dan het landelijk gemiddelde dus. 82 procent van de respondenten zou opnieuw dezelfde opleiding kiezen, terwijl 78 procent van de respondenten aangeeft dat de opleiding die zij gevolgd hebben aansluit bij hun huidige functie. 22 procent heeft daarnaast nog een vervolgopleiding gevolgd of volgt deze nog.&nbsp;</span><br><br><span>Bij de landelijke masteropleidingen is de werkloosheid juist meer dan verdubbeld: vorig jaar was de werkloosheid 2,5 procent, nu 5,4 procent. Voor de afzonderlijke niveaus (ad, bachelor en master) is er geen uitsplitsing gemaakt tussen voltijd en deeltijd. Dit is dus inclusief degenen die al een baan hadden.</span></p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:342/auto;width:342px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/7cb7c6f5-85cd-4f6b-b0c1-3f109dd00210/800_werkloosheidpersector.png?x=1779794706924" alt="" width="342" height="auto">Verschil in sectoren</strong><br><span>De werkloosheid is zeer laag in het onderwijs en de gezondheidszorg (1,6 en 1,7 procent na anderhalf jaar). Daar zijn immers grote personeelstekorten. De hoogste werkloosheid komt voor rekening van afgestudeerden in de kunstsector: 7,1 procent. Bovendien werkt maar 42 procent van hen in loondienst (tegenover meer dan 90 procent in de andere sectoren). De meerderheid is zelfstandige.</span></p><p><span>Opvallend zijn ook de relatief hoge werkloosheidspercentages in de economie en techniek (meer dan 5 procent). Met intensieve campagnes zijn jongeren ertoe bewogen om voor techniek te kiezen, maar ze blijken – anders dan in het onderwijs en de zorg – niet verzekerd van een baan.</span></p><p><span><strong>Lonen</strong></span><br><span>Deze cijfers over de werkloosheid worden ook weerspiegeld in de lonen. Zo kort na afstuderen zijn de hoogste lonen te vinden in het onderwijs en de gezondheidszorg. Daar verdienen de werkenden meer dan 25 euro per uur, tegenover 16 euro in de kunst en 20 à 23 euro in de andere sectoren.</span></p><p><span>Ook hiervoor geldt: de Vereniging Hogescholen veegt alle lonen bij elkaar. Afgestudeerde hbo-masters verdienen gemiddeld 600 euro per maand meer dan afgestudeerde bachelors, maar je kunt niet zien hoe dat in de diverse sectoren uitpakt.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:285/auto;width:285px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/d9a96239-7f9d-4e4b-b78f-9a353e4e7a4c/800_totaalmandinkomen.png?x=1779794726272" alt="" width="285" height="auto">De laagste lonen zitten in de beeldende kunst (na sommige studies net boven de 1.300 euro bruto per maand). Op eenzame hoogte staat de manager in de zorg (ruim 5.500 euro bruto). Ook bijvoorbeeld de verloskundige, leraar Nederlands en maritiem officier gooien hoge ogen met salarissen boven de vierduizend euro bruto per maand.</span></p><p><span><strong>Regio</strong></span><br><span>En waar gaan de afgestudeerden aan het werk? Driekwart blijft binnen een straal van 50 kilometer van hun onderwijsinstelling, meldt de Vereniging Hogescholen. “Dit geldt ook voor afgestudeerden in de sector onderwijs en onderstreept het belang van een goede regionale spreiding van het hbo-aanbod.”</span></p><p><span>De landbouwsector wijkt hierin af. Het is de enige sector waarvan de afgestudeerden relatief vaak meer dan honderd kilometer verderop gaan werken: 13 procent, terwijl dat in de andere sectoren niet boven de 5 procent uitkomt.</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Alumni,Student,Studenten,Economie en bedrijfsleven,Berg]]></category>
            <pubDate>Tue, 26 May 2026 13:26:42 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/70876934-74b7-4e20-889f-86eba97a6694/500_shutterstock-werk-baan-student-afgestudeerde-werkloos.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/70876934-74b7-4e20-889f-86eba97a6694/500_shutterstock-werk-baan-student-afgestudeerde-werkloos.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/70876934-74b7-4e20-889f-86eba97a6694/shutterstock-werk-baan-student-afgestudeerde-werkloos.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[shutterstock_werk-baan-student-afgestudeerde-werkloos]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Techniekdomein gaat voor betere aansluiting met werkveld</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/techniekdomein-gaat-voor-betere-aansluiting-met-werkveld/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/techniekdomein-gaat-voor-betere-aansluiting-met-werkveld/</guid><pp:caseid>617135</pp:caseid><pp:boilerplate><![CDATA[<p><i><span>Woensdag 17 januari vindt het officiële tekenmoment tussen Fontys Techniekdomein en de elf Techniekpartners plaats. Deze partners zijn AAE B.V., Adimec Advanced Image Systems BV, ASML Nederland B.V., DAF Trucks N.V., KMWE, Manufacturing Technical Assemblies (MTA) B.V., Philips Electronics Nederland, SMART Photonics, Sorama, Vanderlande Industries B.V. en VDL Nederland.</span></i></p><p><i><span>Het programma start om 15.30 uur in de eventruimte van het Nexus gebouw.</span></i></p>]]></pp:boilerplate><description><![CDATA[<p><span><strong>Het Fontys Techniekdomein gaat meer strategisch samenwerken met partners uit het werkveld. Niet alleen om de opleidingen beter aan te sluiten op het werkveld, maar juist ook om het werkveld meer te betrekken bij de technische opleidingen van Fontys. “Zo zorgen we voor een betere koppeling tussen Fontys, studenten, medewerkers en bedrijven”, aldus initiators Mark Herman en Muriël Keuning-Scheffers.</strong></span></p><p><span>Binnen de instituten Engineering, Bedrijfsmanagement, Educatie en Techniek en Toegepaste Natuurwetenschappen zag Herman met enige regelmaat dat zowel studenten als medewerkers bij techniekbedrijven binnenwandelen voor stages en medewerkingen. “Zo’n 75 procent daarvan zit allemaal bij dezelfde bedrijven. Dat weten we soms niet van elkaar, en dat is jammer. Dat gaan we dankzij deze overeenkomst een stuk gecoördineerder maken.”</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="aspect-ratio:119/auto;width:119px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/b6c3f20b-5bd1-4b4e-ad17-b322ad42515e/500_markherman.jpg?x=1705310708643" alt="Mark Herman" width="119" height="auto">Meer body en slagkracht, opdrachten die elkaar op kunnen volgen ten behoeve van kennistoevoeging en roadmaps en agenda’s koppelen staan daarbij centraal. “Zo weten wij waar we vanuit Fontys bij aan kunnen haken en omgekeerd, en hoeven we niet pas een maand van tevoren nog allerlei zaken te gaan regelen.”</span></p><p><span><strong>Helpen en versterken</strong></span><br><span>Het Fontys Techniekdomein is vaak leverancier van toekomstig personeel voor de elf bedrijven die de samenwerkingsovereenkomst tekenen. Daar maken grote namen als VDL, ASML, DAF en Philips ook deel van uit. Herman: “In het kader van Fontys for Society willen we partners zijn van en voor elkaar. Zo kunnen we elkaar niet alleen helpen tijdens opdrachten en stages, maar kunnen we elkaar ook versterken en opvolging geven. We leveren niet alleen nieuw personeel, maar worden ook echte kennispartners voor deze bedrijven.”</span></p><p><span>Dat werkt andersom net zo. Waar Fontys studenten levert aan de bedrijfstak, leveren de bedrijven ook een bijdrage aan het onderwijs. “Door het geven van een gastcollege of het inzetten van hybride docentschap bijvoorbeeld. Docenten zijn welkom bij een partner als VDL om inzichtelijk te krijgen wat daar speelt. Die kennis kan weer meegenomen worden in hun colleges. Zo zorgen we er gezamenlijk voor dat onze studenten tijdens de opleiding juist datgene hebben geleerd wat aansluit bij de arbeidsmarkt, dat we elkaar beter begrijpen en complexe vraagstukken aan kunnen pakken.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="aspect-ratio:211/auto;width:211px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1774b0c2-6513-4885-ad15-da6a2770699a/800_murieumllkeuning-scheffers.jpg?x=1705310720792" alt="Muriël Keuning-Scheffers" width="211" height="auto">Intensief samenwerken</strong></span><br><span>Komende woensdag staat de officiële ondertekening met de elf technische bedrijven op het programma. Met die elf bedrijven werken minstens twee van de drie instituten al samen. Een bewuste keuze dus, legt Muriël Keuning-Scheffers uit. “Als we dit aan nog twintig bedrijven hadden gevraagd hadden zij ook allemaal ‘ja’ gezegd, maar intensief samenwerken met dertig bedrijven gaat nu simpelweg nog niet omdat het onderwijs het aan moet kunnen om afspraken met bedrijven na te komen. De partners waar we nu mee in zee gaan zijn bewust gekozen omdat ze bereid zijn te investeren in de relatie met Fontys, waarbij we gelijkwaardig als partner kunnen optreden. Ze willen niet alleen de beste afstudeerders aan zich binden, maar het onderwijs echt ondersteunen.”</span></p><p><span>Hoe de toekomst er voor beide kanten na het tekenen van het convenant uit gaat zien, is nog iets om uit te zoeken aldus Keuning. “We hebben een rode draad opgesteld en gaan vooral ervaren wat wel en niet werkt. We gaan in ieder geval samen met de Techniekpartners aan de slag voor een betere aansluiting tussen onderwijs en werkveld en voor het versterken van de regio.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHE,FHENG,FHTN,Economie en bedrijfsleven,PRO Techniek,Onderwijs Techniek]]></category>
            <pubDate>Mon, 15 Jan 2024 12:01:34 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_studenttechniekengineering.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_studenttechniekengineering.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/studenttechniekengineering.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[student techniek engineering]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Beter samenwerken met het bedrijfsleven, dat is het doel</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/beter-samenwerken-met-het-bedrijfsleven-dat-is-het-doel/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/beter-samenwerken-met-het-bedrijfsleven-dat-is-het-doel/</guid><pp:caseid>525722</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De officiële opening van het nieuwe studiejaar is bij Fontys afgetrapt door speciaal aandacht te geven aan de relatie tussen onderwijs en bedrijfsleven. De voorzitter van MKB-Nederland kwam vertellen over het belang van het hbo. En met industrieel gigant ASML sloot Fontys een samenwerkingsovereenkomst.&nbsp;</strong></span></p><p><span>De aftrap op campus Rachelsmolen begon met een openingswoord van Joep Houterman, voorzitter van het college van bestuur van Fontys. Hij ging in op de gewenste relatie tussen het hbo en het werkveld en sprak over de onmisbare, nauwe interactie met de industrie. Zonder het bedrijfsleven zouden er namelijk geen stageplekken zijn. En zonder stageplekken geen afgestudeerden.</span></p><p><span>“We komen in dialoog met organisaties waarvoor we onze studenten opleiden. We laten ze samenwerken aan maatschappelijke vraagstukken”, aldus Houterman. “Maar daar is wel een wendbaar Fontys voor nodig, en dat betekent dat we intern nog een aantal stappen te zetten hebben.”</span></p><p><span>Vandaar ook de samenwerking met MKB-Nederland en ASML, die draait om het creëren van meer stageplekken, opdrachten voor projecten, bedrijfsbezoeken, gastlessen, participatie in hybride leeromgevingen en deelname aan carrière-events. </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span><strong>Kansen pakken</strong></span><br><span>Jacco Vonhof, voorzitter van MKB-Nederland, gaat de toekomstplannen vol vertrouwen tegemoet. Hij ziet veel kansen en maatschappelijke uitdagingen, innovaties en samenwerkingsmogelijkheden. &nbsp;&nbsp;</span></p><p><span>“Dit is een mooi moment om te laten zien hoe belangrijk het onderwijs is”, begint Vonhof. “Ik behoor tot de groep mensen die, als ze bij de start van hun studie hadden geweten hoe belangrijk het hbo is, nooit voor een studie Rechten had gekozen. Als ik het destijds slim had aangepakt, was ik naar het hbo gegaan.”</span></p><p><span>Dat deed hij niet, maar toch staat hij hier nu als vertegenwoordiger van 130 brancheorganisaties binnen MKB-Nederland. Met verspreid over duizenden bedrijven zo’n 4.500.000 mensen in dienst. “Mijn achterban is altijd op zoek naar mensen die het onderwijs verlaten”, legt hij uit. “We hebben elkaar nu harder nodig dan ooit, dus aansluiting tussen het hbo en de beroepspraktijk is key.” </span><i><span>[Tekst gaat verder onder de foto]</span></i></p><p><span><strong>Doelen behalen</strong></span><br><span>Het doel van Vonhof: de connectie beter maken. Zijn taak: aan de bak. “Als we ons hele leven lang door willen blijven ontwikkelen, moeten we aan de slag. Het is een opgave die bij branches en bedrijven ligt, maar ook bij Fontys. We zien namelijk dat de kracht van onderwijsinstellingen heel belangrijk is voor onze achterban.”&nbsp;</span></p><p><span>De instroom van jonge mensen wordt volgens Vonhof steeds minder. Hoe dat komt? Hij heeft geen idee, “maar het lijkt alsof we twintig jaar lang onze ogen dicht hebben gedaan en gedacht hebben dat het wel goed zou komen. Nou, dat is dus niet zo. Het is verstandig om nu na te gaan denken hoe we dit aan kunnen pakken. We zijn niet altijd even efficiënt bezig geweest om al dat talent de goede richting in te duwen. Daar mogen we best een beetje meer moeite voor doen.”</span></p><p><strong>Samen groeien</strong><br><span>Roger Dassen, financieel topman van ASML, kan niet anders dan dat beamen. Ook hij komt tijdens de aftrap van het nieuwe studiejaar kort aan het woord. En ook hij beseft hoe groot de betekenis van het hbo binnen het bedrijfsleven is.</span></p><p><span>Dassen: “ASML is een groot bedrijf, maar we willen nog groter worden. We hopen in de komende jaren 18.000 banen toe te kunnen voegen, maar dat kan alleen als we in de totale keten samenwerken." En voor elke baan die ASML creëert, zo rekent de cfo in R5 de toehoorders voor, &nbsp;komen er nog eens 2,5 baan bij in die voor zijn bedrijf onmisbare keten.&nbsp;</span></p><p><span>Daarom is samenwerken over de volle breedte broodnodig. "Met MKB-bedrijven, maar ook met het complete onderwijslandschap. We zoeken elkaar actief op om samen te groeien. Daarom tekenen we deze overeenkomst.” </span><i><span>[Karen Luiken]</span></i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Ondernemerschap,Bestuur en medezeggenschap,Economie en bedrijfsleven]]></category>
            <pubDate>Mon, 29 Aug 2022 20:09:23 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-08-29at4.55.33pm.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-08-29at4.55.33pm.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/whatsappimage2022-08-29at4.55.33pm.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Jacco Vonhof (MKB-Nederland), Joep Houterman en Roger Dassen (ASML) proosten op de samenwerking]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Lector Business Innovation: ondernemen is vooruitkijken</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/lector-business-innovation-ondernemen-is-vooruitkijken/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/lector-business-innovation-ondernemen-is-vooruitkijken/</guid><pp:caseid>499679</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Bedrijven helpen innoveren in een snel veranderende wereld. Dat is het doel van het lectoraat Business Innovation. En dat onder de bezielde leiding van lector Jean Louis Steevensz. In het nieuwe collegejaar, op 29 september, houdt hij zijn lectorale rede.</strong></span></p><p><span>Kom bij Steevensz niet aan met de uitspraak ‘business as usual’, daar kan hij weinig mee. Ondernemen vraagt in zijn ogen juist om innoveren, een vooruitziende blik, alertheid.</span></p><p><span>“Bedrijven moeten nieuwe technieken en nieuwe ontwikkelingen durven omarmen en snel kunnen anticiperen op kleine en grote veranderingen in de wereld. Alleen zo kunnen zij werken aan duurzame groei.”</span></p><p><span>De coronapandemie en de oorlog in Oekraïne tonen volgens Steevensz eens te meer aan hoe snel zaken kunnen veranderen. De globalisering is hiermee definitief een halt toegeroepen, denkt hij. “We zullen weer meer en vaker teruggaan naar lokale toeleveranciers. Dat verandert het speelveld voor ondernemers aanzienlijk.”</span></p><p><span>De lector Business (Service) Innovation weet waarover hij praat. Dertig jaar lang was hij werkzaam in de hightech industrie voor onder andere Philips en in de toeleverketen voor ASML. Voor zijn werk reisde hij de hele wereld over. Sinds 2019 werkt Steevensz bij Fontys International Business School (FIBS) in Venlo. <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:353px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_jeanlouissteevensz.jpg?x=1647956175053" alt="Lector Jean Louis Steevensz"></span></p><p><strong>Passende rol</strong><br><span>Vanaf dag één bij FIBS is Steevensz betrokken bij het lectoraat Business Innovation. Eerst als docent-onderzoeker, daarna als interim-lector en nu, na de verlening van het lectoraat tot 2025, officieel als lector. Een rol die hem uitstekend past.</span></p><p><span>“Ik vind het mooi om mijn kennis en ervaring over te brengen op de volgende generatie businessmensen en mkb’ers te helpen met het herzien van hun business modellen.”</span></p><p><span>De onderzoeksgroep van Steevensz werkt samen met studenten en Limburgse bedrijven aan praktijkgericht, vraaggestuurd onderzoek. Zo werken ze aan nieuwe visies op supply chain management, kijken ze naar marketingbeleid en nemen ze investeringsbeslissingen onder de loep.</span></p><p><strong>Minder afval</strong><br><span>“De wereld verandert steeds sneller en dat heeft grote gevolgen voor bedrijven”, stelt Steevensz. “Zij moeten snel en adequaat kunnen reageren op nieuwe ontwikkelingen en nieuwe wensen van consumenten. Neem de groeiende bewustwording op duurzaamheid. Steeds meer bedrijven maken werk van herbruikbare verpakkingsmaterialen en proberen minder afval te produceren. Dat vraagt om andere productieprocessen.”</span></p><p><span>De transitie naar een circulaire economie zorgt volgens Steevensz voor nieuwe uitdagingen. “Maar het biedt ook kansen. Zo zie je bedrijven ontstaan die een business model ontwikkelen rond het upcyclen van gebruikte materialen.”</span></p><p><span>Een andere trend die steeds belangrijker wordt, is de transitie naar servitisering, een proces waarbij bedrijven de omslag maken van het produceren van producten naar het leveren van diensten.</span></p><p><span>“De klant betaalt dan niet meer voor een product, maar voor het gebruik en het onderhoud van dit product. Dat vergt een andere manier van denken waarbij het op afstand monitoren van machines belangrijk wordt. Dan ga je richting slimme sensoren, Artificial Intelligence en Big Data. Onderhoud van producten en machines wordt hierdoor beter planbaar.”</span></p><p><strong>Kracht van CoE's</strong><br><span>Om dit soort ontwikkelingen goed te onderzoeken is samenwerking met andere lectoraten noodzakelijk. Steevensz gelooft dan ook heilig in de kracht van de zes Centres of Expertise (CoE’s) die Fontys heeft opgesteld en waarin lectoraten samenwerken aan nieuwe ontwikkelingen.</span></p><p><span>“De maatschappij is zo complex geworden, je hebt elkaar keihard nodig. Je vult elkaar aan en versterkt elkaar. Bovendien ontstaan er uit de contacten met andere lectoraten weer mooie nieuwe ideeën die kunnen leiden tot nieuwe verdienmodellen. Ook dat maakt de samenwerking waardevol.”</span></p><p><span>Sinds de CoE’s in het leven zijn geroepen lijkt Eindhoven opeens een stuk dichter bij Venlo, stelt Steevensz. “Dat is de kracht van het samenwerken. Je zoekt elkaar eerder op en weet van elkaar&nbsp;beter waar iedereen mee bezig is. Daardoor kun je complexere onderwerpen oppakken.”</span></p><p><span>Aandacht voor de lange termijn is hierbij belangrijk, denkt Steevensz. “We kunnen een voorbeeld nemen aan een land als Japan, waar ze al vele jaren plannen op de lange termijn. Hier in het Westen zijn we te veel gefocust op korte termijn resultaten. Daarmee hebben we ons aardig in de vingers gesneden.”</span></p><p><span>Aan Steevensz en zijn collega’s de schone taak om dat de komende jaren bij bedrijven tussen de oren te krijgen.&nbsp;[</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FIBS,Onderzoek,Economie en bedrijfsleven]]></category>
            <pubDate>Mon, 11 Jul 2022 14:17:16 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-4632.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_img-4632.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/img-4632.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Lector Jean Louis Steevensz]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[Jean Louis Steevensz]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Energietransitie: consuminderen of verduurzamen?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/energietransitie-consuminderen-of-verduurzamen/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/energietransitie-consuminderen-of-verduurzamen/</guid><pp:caseid>516089</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>De klimaatministers van de EU hebben dinsdagnacht een akkoord bereikt over een Europees klimaatpakket vol wetten waardoor minder broeikasgassen worden uitgestoten in 2030. De ministers zijn vol overtuiging dat het lukt, maar natuurwetenschapper Maarten van Andel heeft er een hard hoofd in.</strong></span></p><p><span>“Een goed plan? Dat weet ik niet. Want ik weet niet wat de concrete plannen zijn. Maar als het pakket uit al bestaande ideeën bestaat, staat er nog heel veel in wat niet gaat werken.”</span></p><p><span>Van Andel gaf woensdagavond samen met duurzaamheidsexpert Fons Claessen een openbaar college over de energietransitie. Een college vol tips en tricks die we zélf kunnen ondernemen om de wereld beter te maken.</span></p><p><span>En dat is nodig, want we moeten in symbiose gaan leven met de aarde en de natuur. “We moeten gebruiken en juist niet verbruiken. Maar dat laatste is nu wel het geval. Als we duurzaam zijn voor de aarde en de natuur, zijn we duurzaam voor onszelf. En als het niet voor onszelf is, dan is het wel voor onze kinderen en kleinkinderen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:450px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-06-29at11.11.06pm.jpeg?x=1656537497840" alt="Het publiek luisterde aandachtig">Acht miljard muggen</strong></span><br><span>Dat betekent volgens Fons Claessen niet dat we niet meer mogen verbruiken of vervuilen. Wél dat we ervoor moeten zorgen dat we dat in zo’n mate doen dat de natuur zichzelf nog kan herstellen. “Stel dat je iedere dag door één mug wordt gestoken, dan is er niets aan de hand. Maar als dat acht miljard muggen per dag zijn, overleef je het niet. Dat gebeurt nu ook met de wereld.”</span></p><p><span>Volgens de twee experts zijn wij als mensheid die acht miljard muggen die de wereld aantasten. “We brengen nu meer Co2 in de atmosfeer dan de natuur aankan, waardoor we natuurlijke hulpbronnen uitputten. We zijn dus als het ware een soort parasieten die ons eigen ecosysteem vernietigen.”</span></p><p><span><strong>Energieproductie aanpakken</strong></span><br><span>Met 100.000 windmolens op een rij verduurzamen we de volledige energieproductie van Nederland. Dat lijkt best een reële oplossing, maar dat is het allesbehalve. “Die rij zou namelijk net zo lang zijn als de evenaar. En dan hebben we alleen het probleem in Nederland opgelost. Maar we kunnen er wel voor zorgen dat we onze consumptie halveren, waardoor er bij wijze van spreken nog maar 50.000 nodig zijn. En ook daar hebben we uiteindelijk minder energie, arbeid en grondstoffen voor nodig.”</span></p><p><span>Eén van de ruim veertig bezoekers had een ander idee: in groten getale kerncentrales bouwen. Van Andel sprak de man meteen tegen: “Kernenergie opwekken om onze energieconsumptie in te vullen gaat simpelweg niet. Daarmee verduurzamen we onze consumptie niet, maar verplaatsen we het gewoon. Daarnaast moeten we ons gebruik niet moraliseren maar reduceren. En dat kan al met kleine aanpassingen.”</span></p><p><span><strong>Scoren om te winnen</strong></span><br><span>Maar hoe doen we dat dan precies? Door huisisolatie, langzamer te rijden met minder auto’s, minder transport, minder aankopen te doen en de levensduur van onze producten te verlengen. “Dat is individueel en kleinschalig, maar stel dat we dit met alle 8 miljard muggen doen, maken we echt impact.”</span></p><p><span>Volgens Van Andel is het simpel: “Als je wilt winnen moet je scoren. En wij scoren door te minderen. Dat kun je zelf doen in je dagelijks leven en op je werk, maar ook samen met de mensen en partners om je heen. Zo boeken we het meeste resultaat. Daarnaast is het verduurzamen van ons gebruik ook een goede keuze. Zeker met de huidige benzine- en gasprijzen. Dan kun je hier gewoon geen spijt van krijgen.”</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:312px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_whatsappimage2022-06-29at11.11.05pm1.jpeg?x=1656537517628" alt="Maarten van Andel (l) en Fons Claessen (r)">Het verschil maken</strong></span><br><span>Beide mannen concluderen dat zij vooral bij willen dragen aan de kwaliteit van het leven. “Focus daarbij vooral op het terugdringen van je energieconsumptie en verleng de levensduur van je producten. Doe wat je kunt op het gebied van energieproductie door bijvoorbeeld zonnepanelen te plaatsen. Besteed niet te veel aandacht aan dingen die er niet toedoen, zoals die ene vlucht die je per jaar maakt. Want die annuleren gaat het verschil niet maken.”</span></p><p><span>Na het college was er ruimte voor vragen, en daar nam de man die de eerdere vraag over kerncentrales stelde, gretig gebruik van. Hij bracht zijn gedachtes nogmaals ter sprake. “Vergeet de kerncentrale en begin bij jezelf", klonk het vanuit de experts. "Kijk eens wat je zelf kan doen. En die kerncentrales bespreken we zo direct wel tijdens een borrel.” [</span><i><span>Noëlle van den Berg</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,PRO Logistiek,Economie en bedrijfsleven]]></category>
            <pubDate>Thu, 30 Jun 2022 10:24:08 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-06-29at11.11.05pm.jpeg?10000" length="0" type="image/jpeg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_whatsappimage2022-06-29at11.11.05pm.jpeg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/whatsappimage2022-06-29at11.11.05pm.jpeg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Het openbaar college over energietransitie]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Kolencentrales volop laten draaien, is dat nu wel zo&#039;n goed idee?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/kolencentrales-volop-laten-draaien-is-dat-nu-wel-zon-goed-idee/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/kolencentrales-volop-laten-draaien-is-dat-nu-wel-zon-goed-idee/</guid><pp:caseid>515861</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Het kabinet laat de kolencentrales weer volop draaien nu de gastoevoer uit Rusland wordt teruggeschroefd en gasprijzen de pan uitrijzen. Een klap voor de energietransitie die toch al moeizaam op gang komt. Hoe kijken energie-experts van Fontys hier tegenaan?</strong></span></p><p><span>Maarten van Andel, directeur van Fontys Toegepaste Natuurwetenschappen, heeft alle begrip voor het besluit van het kabinet. “Verstandig om nu voorrang te geven aan zekerheid van energielevering en de klimaatdoelen even op plek twee te zetten.”</span></p><p><span>“Maar”, zo benadrukt hij, “dan moeten we ook volop inzetten op tegenmaatregelen zoals 100 rijden dag en nacht en het goed isoleren van woningen.” <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_maartenvanandel01.jpg?x=1656422059396" alt="Maarten van Andel"></span></p><p><span><strong>Kansen en misvattingen</strong></span><br><span>Van Andel werkte eerder als onderzoeker en manager in internationale energie- en duurzaamheidsprojecten en schreef de boeken </span><i><span>De groene illusie</span></i><span> en </span><i><span>De groene kans</span></i><span>. Hierin gaat hij in op de kansen èn misvattingen rondom de energietransitie. Hij noemt zichzelf klimaatneutraal: hij is even bezorgd over het klimaat als over de maatregelen die het klimaat moeten redden.&nbsp;</span></p><p><span>Ons milieu is volgens hem te belangrijk om over te laten aan dogmatische denkers die feiten en fictie niet uit elkaar kunnen houden. “We onderschatten al jaren de omvang van de benodigde energietransitie, en overschatten de mogelijkheden van duurzame energie-opties zoals zon en wind.”</span></p><p><span>Het stoort van Andel dat kritiek op de maatregelen in de duurzaamheidsdiscussie vaak wordt vereenzelvigd met kritiek op de doelen. “Je krijgt dan al snel het stickertje klimaatscepticus opgeplakt.”</span></p><p><span>En een klimaatscepticus is hij zeker niet, benadrukt Van Andel. “Ik onderschrijf de doelstellingen voor een duurzame maatschappij. We moeten het gebruik van fossiele brandstoffen drastisch terugdringen, dat is zeker. Maar de manier waarop we dat doen, dáár ben ik kritisch op.” <img class="image_resized image-style-align-left" style="width:426px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_energietransitie2.jpg?x=1656422320966" alt="Volgens Maarten van Andel overschatten we de mogelijkheden van zonne- en windenergie."></span></p><p><span><strong>Terugdringen energievraag</strong></span><br><span>Volgens Van Andel ligt de focus te veel op verduurzaming van de energieproductie en onvoldoende op verduurzaming van de energieconsumptie. “We moeten ons energieverbruik terugdringen, daar ligt een enorme kans. Want elke megawatt die we niet consumeren, hoeft ook niet te worden opgewekt.”</span></p><p><span>Fons Claessen, programmadirecteur van het Expertisecentrum Circulaire Transitie, is het roerend met zijn collega eens. “De prioriteit moet liggen op het verminderen van de energievraag. Die kan minimaal met de helft omlaag. Daar ben ik van overtuigd.”</span></p><p><span>Voor Claessen aan de slag ging bij het expertisecentrum was hij tien jaar werkzaam als energie-coördinator bij de gemeente Nijmegen. Daar hield hij zich bezig met de vraag: hoe krijgen we de stad energieneutraal?&nbsp;</span></p><p><span>“Als je ziet hoeveel energie we met z’n allen verbruiken, dan schrik je je wezenloos. De huidige vraag invullen met alleen zonne- en windenergie? Daar gaan we het echt niet mee redden. We zullen veel meer moeten inzetten op het beperken van de energievraag.”</span></p><p><span><strong>Kansen spreiden</strong></span><br><span>Volop inzetten op elektrificeren, zoals we nu doen, is volgens Claessen niet de oplossing. “Je ziet nu al overbelasting van het elektriciteitsnet, met alle gevolgen van dien. Het zou veel beter zijn als we niet alles op één paard wedden maar onze kansen spreiden. We moeten ook naar andere potentiële energiebronnen kijken zoals bijvoorbeeld passieve zonne-energie.”&nbsp;</span></p><p><span>Claessen ziet bij de energietransitie een duidelijke rol weggelegd voor het Fontys Expertisecentrum Circulaire Transitie. “Wij kijken naar de energievoorziening in relatie tot de circulaire economie. Zo kijken we hoe je bedrijventerreinen circulair èn energieneutraal kunt maken, zodat nieuwe circulaire ecosystemen ontstaan. Daarnaast kijken we sterk naar de gedragscomponent. Want nogmaals, de meeste winst is te halen bij het terugdringen van de energiebehoefte.” <img class="image_resized image-style-align-right" style="width:200px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fonsclaessen-2.jpg?x=1656422515135" alt="Fons Claessen"></span></p><p><span><strong>Consuminderen</strong></span><br><span>De boodschap van Claessen en Van Andel is duidelijk: we moeten consuminderen. Maar daarin schuilt ook meteen het gevaar. Van Andel: “Psychologisch en electoraal is consuminderen geen populaire boodschap. Je kunt er als politicus geen stemmen mee winnen. Dat maakt het politiek gezien lastig in een land waarin we van de ene naar de andere verkiezing hollen.”</span></p><p><span>En dus blijven we volgens Van Andel schipperen en subsidies pompen in waterstoffabrieken en elektrische auto’s. “Zo genereren we bedrijvigheid, blijft de economie volop draaien en ontvangt de overheid voldoende accijns. Maar of we het klimaatprobleem hiermee voldoende oplossen...”</span></p><p><span><strong>Inzetten op kernenergie</strong></span><br><span>Toch ziet Van Andel nog kansen om de boel vlot te trekken. “Ik ben geen apocalypticus die denkt dat de wereld over twintig of dertig jaar vergaat. Dat geloof ik geen moment. Maar ik denk ook niet dat we nog tien jaar achterover kunnen leunen en discussiëren. Het is tijd om knopen door te hakken.”</span></p><p><span>Een deel van de oplossing zit volgens Van Andel in de bouw van een tweede kerncentrale bij Borssele. “De ruimte en kennis en veiligheidsvoorzieningen zijn er al. Bovendien is Nederland strategisch kennisdrager en koploper op het gebied van kernenergie. Laten we die positie koesteren en hierop verder bouwen. Zo kunnen we geld blijven verdienen èn besparen we ontegenzeggelijk op CO2.” [</span><i><span>Ivo van der Hoeven</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHTN,Economie en bedrijfsleven,PRO Techniek,PRO Logistiek]]></category>
            <pubDate>Tue, 28 Jun 2022 15:57:25 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_energietransitie3.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_energietransitie3.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/energietransitie3.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Energietransitie 3]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Bord van Fontys-studenten beloont kinderen die alles opeten</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/bord-van-fontys-studenten-beloont-kinderen-die-alles-opeten/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/bord-van-fontys-studenten-beloont-kinderen-die-alles-opeten/</guid><pp:caseid>511351</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Kinderen die hun bord niet leegeten. Het is een veelvoorkomend probleem dat in huishoudens met jonge kinderen vaak leidt tot een strijd aan tafel. Vijf Fontys-studenten willen daar iets tegen doen en lanceren daarom het Foodsie-bord.</strong></p><p>Stijn Kwinten, Sam Vissere, Stef van der Zanden, Jorg van der Maat en Levy van den Akker zitten in het derde jaar van de opleiding Ondernemerschap & Retail Management. Ze richten zich voor een project op het opstarten van een onderneming, waarmee ze een product op de markt moeten brengen dat een probleem oplost.&nbsp;</p><p>De vijf studenten vormden begin dit jaar een groepje, noemden zichzelf Solvd en gingen op zoek naar problemen die ze aan konden pakken. “We kwamen er via jonge ouders al snel achter dat er vaak een strijd is aan tafel omdat kinderen hun bord niet leeg willen eten. Daar wilden we iets op verzinnen.”&nbsp;</p><p><strong>Beloning</strong><br>Allerlei - vaak niet haalbare - oplossingen kwamen in brainstormsessies voorbij. “Uit resultaten van verschillende onderzoeken is gebleken dat kinderen goed reageren op beloningsoplossingen. Daar hebben we op ingespeeld”, vertelt Levy. “We hadden eerst allerlei moeilijke dingen bedacht, maar wel altijd in de vorm van een bord. We zijn de ideeën gaan versimpelen en kwamen zo uit op Foodsie.”&nbsp;</p><p>Foodsie is een bord met een holte in het midden waar een ouder een beloning in kan stoppen. Vervolgens gaat er een klepje op en kan het eten worden opgeschept. Een kind moet het bord eerst leegeten om het klepje en dus de beloning te kunnen bereiken. Levy: “We moedigen aan om er iets gezonds in te doen. Aardbeien bijvoorbeeld, of komkommer.” <i>[Tekst gaat verder onder de afbeelding]</i></p><p>De opleiding was enthousiast over het idee en gaf de studenten het advies om het verder uit te denken. “Dat hebben we gedaan”, zegt Levy. “De opdracht was om via aandeelhouders geld op te halen en daarmee het product daadwerkelijk op de markt te brengen. Dankzij heel veel vrienden en familieleden is dat gelukt.”</p><p>Volgende stap was het zoeken van een producent. Ze kwamen uit bij een bedrijf uit de buurt van Utrecht dat niet alleen goedkoper was dan alle anderen, maar ook een kleine oplage kon leveren. “We zijn met 150 stuks begonnen. De verkoop gaat heel goed, we krijgen bestellingen binnen uit heel Nederland.”&nbsp;</p><p><strong>Doorstart</strong><br>Het vermoeden bestaat dat alle Foodsie-borden binnen no time de deur uit zijn. Of er daarna een nieuwe lading komt? “Dat zou eventueel kunnen”, denkt Levy. “Maar dan moeten we dat wel vanuit onze eigen onderneming gaan doen. Nu ondernemen we nog via de KvK van Stichting Jong Ondernemen, maar dat stopt aan het einde van dit schooljaar. We krijgen daarna de mogelijkheid om zelf een doorstart te maken.”</p><p>De <a href="https://solvd-company.com/" target="_blank">Foodsie-borden</a> zijn er in drie verschillende designs: rood, wit en blauw. Voor één exemplaar betaal je 25 euro. Koop je er drie tegelijk, dan krijg je korting en ben je 70 euro kwijt. [<i>Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,PRO Ondernemerschap,Economie en bedrijfsleven,FHEC]]></category>
            <pubDate>Wed, 01 Jun 2022 16:10:44 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-06-01om13.18.42.png?10000" length="0" type="image/png" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_schermafbeelding2022-06-01om13.18.42.png?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/schermafbeelding2022-06-01om13.18.42.png?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[De studenten van Solvd]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Hoe kijkt (ex-)Fontys naar de crashende cryptomarkt?</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/hoe-kijkt-ex-fontys-tegen-die-crashende-cryptomarkt-aan/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/hoe-kijkt-ex-fontys-tegen-die-crashende-cryptomarkt-aan/</guid><pp:caseid>507384</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>Beleggen in crypto. Is het slim als je naar de langere termijn kijkt of juist compleet onverstandig, gezien de huidige crash van de cryptomarkt? Een student, oud-student en docent van Fontys schijnen er hun licht over.</strong></p><p>Wie belegt in crypto maakt gebruikt van een vorm van valutahandel. Er wordt niet gehandeld met echt geld, je kunt cryptogeld immers niet in je hand houden, maar met een digitale portemonnee. Zie het als een soort progammeercode.</p><p><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_photo-2022-05-16-14-02-26.jpg?x=1653300353722" alt="Kasper Wienk">Binnen de cryptomarkt zijn er allerlei verschillende digitale munten. Bitcoin is de meest bekende en volgens voormalig Journalistiek-student Kasper Wienk ook de meest betrouwbare. Hij is inmiddels hoofdredacteur van de crypto app BLOX.</p><p><strong>Geen zorgen</strong><br>Over het feit dat de Bitcoin sinds het hoogtepunt van de munt met 50 procent in waarde is gedaald, maakt Kasper zich geen zorgen. Hij legt uit: “De waarde van de munt stijgt ieder jaar. Het dieptepunt van vorig jaar, de munt stond toen op 24.000 euro, is even geraakt. Maar inmiddels is de munt ondanks de crash alweer meer waard dan tijdens het dieptepunt van 2021.”&nbsp;</p><p>Kasper ziet een flinke daling op korte termijn nog wel gebeuren. “Maar op lange termijn ben ik niks minder dan positief. Mensen zitten er nu vooral voor het snelle geld in. Dat is inderdaad mogelijk, maar er zit ook een keerzijde aan. Namelijk dat je veel geld kunt verliezen.”&nbsp;</p><p>Zelf heeft Kasper minimaal 80 procent van zijn vermogen in crypto zitten. “Veel mensen vinden dat risicovol, maar ik vind het juist een risico om mijn geld op de bank te zetten. Bitcoin is een veilige haven en heeft zich altijd bewezen. Maar het is wel belangrijk dat je niet al je geld in één keer investeert. En dat je weet wáár je in investeert. Doe het niet alleen omdat je vrienden het doen. Denk er goed over na.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_ewoudjansen2-833171.jpg?x=1653300379473" alt="Ewoud Jansen">Geen betaalmiddel</strong><br>Economiedocent Ewoud Jansen is iets minder positief over crypto. En dat is dan nog zacht uitgedrukt. “Ik zou het niet direct willen verbieden, maar ik ben wel sceptisch”, zegt hij. “Ik geloof er niet in dat crypto een serieuze rol kan of gaat spelen in het geldstelsel.”</p><p>Dat Bitcoin al dertien jaar bestaat en nog steeds niet als betaalmiddel wordt gebruikt, zegt volgens Jansen genoeg. “Het is mislukt. Het wordt ingezet als speculatiemiddel en ik geloof niet dat het beter gaat worden.”&nbsp;</p><p><strong>Gokje wagen?</strong><br>Jansen ziet de cryptomarkt niet als een belegging, zoals veel andere mensen het wel zouden omschrijven, maar als een grote gok. “Gokken kun je ook in het casino. Het enige wat ik daarover kan zeggen is: wees voorzichtig.”<span>&nbsp;</span>&nbsp;</p><p>“Bij heel veel studenten ontbreekt de kennis over crypto. Ze denken dat ze beleggen in een bepaalde munt, maar de Bitcoin is geen munt. Het is niet meer dan een digitale code. De prijs ervan gaat alleen omhoog omdat meer mensen instappen, niet omdat een bedrijf winst maakt, zoals bij normale beleggingen gebeurt.”</p><p><strong><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:300px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/800_schermafbeelding2022-05-23om10.33.01.png?x=1653301005562" alt="Andrei Fisca">Vraag en aanbod&nbsp;</strong><br>In tegenstelling tot Jansen, die uitsluit ooit in de cryptomarkt te stappen, investeert zijn student Andrei Fisca wél in digitale munten. Zijn eerste geld legde hij zo’n vijf jaar geleden in. Inmiddels heeft hij een kleine 5000 euro overgemaakt naar zijn digitale portemonnee. “Ik zou willen dat ik meer had geïnvesteerd. En dat ik er eerder mee was begonnen.”</p><p>“Het is belangrijk om verder te kijken dan alleen de prijs van een cryptocurrency”, antwoordt hij op de vraag of hij zich zorgen maakt over de ingestorte markt. “Als je lang genoeg uitzoomt, wordt de voortgang van de cryptomarkt pas zichtbaar. Zoals elke andere markt is ook hier de prijs niet alleen gebaseerd op een product. Het is gebaseerd op vraag en aanbod.”</p><p>Vol vertrouwen ziet Andrei de toekomst van crypto tegemoet. “De evolutie van blockchain-technologie heeft kansen gecreëerd die eerder niet bestonden. Tegelijkertijd heeft blockchain de macht om derden te verwijderen en gebruikers direct met elkaar in contact te brengen. Hoe meer mensen ermee beginnen te experimenteren, hoe groter de algehele waarde binnen dit ecosysteem wordt. En dat zal vervolgens weer leiden tot marktstijging." <i>[Karen Luiken]</i></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,FHEC,Economie en bedrijfsleven,Onderwijs Economie]]></category>
            <pubDate>Mon, 23 May 2022 13:11:44 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1875857281.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_shutterstock-1875857281.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/shutterstock-1875857281.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[crypto beleggen bitcoin]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Meer banen en salaris voor hbo&#039;ers</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/meer-banen-en-salaris-voor-hboers/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/meer-banen-en-salaris-voor-hboers/</guid><pp:caseid>502059</pp:caseid><description><![CDATA[<p><strong>De werkloosheid onder pas afgestudeerde hbo’ers is flink gedaald, van 4,8 naar 3 procent, het laagste niveau in de afgelopen tien jaar. Maar liefst 80 procent vond onmiddellijk een baan.</strong></p><p>Dat <a href="http://www.hbomonitor.nl">blijkt</a> uit de nieuwe jaarlijkse Hbo-monitor van het Maastrichtse Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA). Het gaat hier om afgestudeerden van de voltijdopleidingen. Anderhalf jaar na afstuderen had 81 procent van hen een baan op ten minste hbo-niveau en had 56 procent een vaste baan.</p><p>Voor de monitor zijn 25 duizend mensen geënquêteerd. In het onderwijs en de gezondheidszorg is de vraag naar personeel duidelijk het grootst en hoeven afgestudeerden niet lang te zoeken. Hier worden de meeste vaste banen vergeven.</p><p><strong>Hoger salaris</strong><br>Het gemiddelde brutosalaris van alle afgestudeerden – dus inclusief de deeltijdopgeleiden – steeg van 2.552 euro in 2020 naar 2.652 euro in 2021. In de bètatechnieksector zijn de lonen nog altijd het hoogst (2.768 euro), maar daar werken de meeste fulltimers.</p><p>Als je naar het uurloon kijkt verdienen afgestudeerden in de gezondheidszorg (17,80 euro) en in het onderwijs (17,50 euro) méér dan in bètatechniek (17,00 euro). Afgestudeerden in social studies doen daar met 16,70 euro nauwelijks voor onder.</p><p><img class="image_resized" style="width:500px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_image001-2.jpg?x=1649749340418" alt="Werkloosheid onder hbo-afgestudeerden in 2019/2020 (ROA)"></p><p>Van de afgestudeerden in de sector agro en food en in de kunst is 5,1 procent na anderhalf jaar nog werkloos, al is het aandeel werkloze kunstenaars wel opvallend gedaald. In 2020 zat nog 8,7 procent zonder werk.&nbsp;</p><p>Slechts 46 procent van hen vindt dat ze goed zijn voorbereid op hun loopbaan. Al zijn ze daar bij economie (45 procent) en social studies (44 procent) nog minder tevreden over. <i>[Hoger Onderwijs Persbureau]</i></p><p>&nbsp;</p><p>&nbsp;</p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Student,Economie en bedrijfsleven]]></category>
            <pubDate>Tue, 12 Apr 2022 09:58:24 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_office-1081807-1920-2.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_office-1081807-1920-2.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/office-1081807-1920-2.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[werk]]></pp:imageTitle><pp:imageDescription><![CDATA[werk, laptop, thuiswerken, zzp&amp;#039;er, werknemer]]></pp:imageDescription></item><item>
                        <title>Een Dylan-lied als metafoor voor moreel design</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/een-dylan-lied-als-metafoor-voor-moreel-design/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/een-dylan-lied-als-metafoor-voor-moreel-design/</guid><pp:caseid>490581</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Een leidende onderzoeksrol in de vertaling van moraliteit en ethiek bij het ontwerpen van nieuwe technologie. En een gegarandeerde plaats aan de tafel van de technologische designers voor ons burgers. Dat zijn de ambities die Bart Wernaart donderdag uitsprak bij zijn installatie als lector. &nbsp; &nbsp;&nbsp;</strong></span></p><p><span>Minstens vier jaar heeft Wernaart, verbonden aan Fontys Hogeschool Economie en Communicatie, daarvoor. Hij en het onderzoeksteam van zijn lectoraat Moral Design Strategy. Niet dat ze nog niet begonnen waren, verre van. Dat bleek wel uit de tafelgesprekken en intermezzo’s voorafgaand aan Wernaarts lectorale rede die gisteren in een livestreamsessie werden gepresenteerd.&nbsp;</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-right" style="width:500px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_eenvandetafelgesprekken.png?x=1642717178461" alt="Een van de tafelgesprekken">Het onderzoeksteam heeft tal van connecties en samenwerkingen in en buiten Fontys, in binnen- en buitenland. Er zijn al onderzoeken gedaan, andere lopen nog of staan gepland, er is een boek van de hand Wernaart uitgekomen, een podcast, moral design labs en bovenal: de ambitie om het lectoraat en de onderzoeken flink uit te breiden.</span></p><p><span><strong>Impact</strong></span><br><span>Het was dan ook nauwelijks verrassend dat Elhpi Nelissen, lid van het College van Bestuur van Fontys, het belang van het lectoraat niet genoeg kon onderstrepen. "Praktijkgericht onderzoek met een grote maatschappelijke impact. Belangrijk voor een kennisinstelling als Fontys en belangrijk voor de hele samenleving.” En dus “fantastisch” aansluitend op het motto ‘Fontys voor Society’.&nbsp;</span></p><p><span>Niet alleen dat. Wernaart en zijn lectoraat houden zich, misschien nog wel meer dan alle andere lectoraten, bezig met iets dat alles en iedereen aangaat. En hij heeft daarbij ook nog eens het geluk midden in de Brainportregio te werken. Waar Technologie en Design met hoofdletters worden geschreven en, aangevoerd door ASML, een hele batterij bedrijven precies daarmee hun geld verdienen.</span></p><p><span><strong>Broodnodig</strong></span><br><span>Moral Design Strategy: als Wernaart één ding duidelijk wist te maken in zijn lectorale rede dan is het wel dat zo’n ‘strategie’ broodnodig is. Zowel vanwege de moraliteit op zichzelf als vanwege de bewustwording ervan.&nbsp;</span></p><p><i><span>All I got is a red guitar, three chords and the Truth</span></i><span> is de titel van een nummer van Bob Dylan. Wernaart gebruikte die titel als leidraad waarom en in hoeverre moraliteit en ethiek vaak ontbreken bij nieuw ontworpen technologieën.</span></p><p><span><img class="image_resized image-style-align-left" style="width:500px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/1920_bartwernaarttijdenszijnlectoralerede.png?x=1642717314493" alt="Bart Wernaart tijdens zijn lectorale rede"></span></p><p><span>De soms dramatische of gevaarlijke gevolgen hoeven niet eens moedwillig te zijn veroorzaakt, maar ze zijn er wel. Wernaart haalde als voorbeeld aan hoe fake news een vlucht kon nemen op Facebook; niet omdat Facebook dat ambieerde, maar als gevolg van algoritmes die het bedrijf hanteert om zoveel mogelijk advertenties te kunnen verkopen.</span></p><p><span>Het hangt samen met de focus op ‘interne waardes’ van bedrijven en soms overheden: het moet werken en er moet geld mee worden verdiend. Terwijl er nauwelijks &nbsp;wordt nagedacht over de externe ofwel maatschappelijke effecten.</span></p><p><span><strong>Afstemmen</strong></span><br><span>Ongeacht de bedoelingen van de ontwerpers of bedenkers, heeft technologie echter altijd een morele lading, zo stelde Wernaart. En net als een gitaar gestemd moet worden, zo moeten ook technologische ontwerpen niet één keer maar voortdurend afgestemd worden: komt de morele lading nog steeds overeen met wat de gebruikers, de samenleving ervan verwacht?</span></p><p><span>Waarbij dan de vraag is: wat is de morele waarheid? Er is niet één waarheid, &nbsp;gaf de kersverse lector zelf het antwoord, want die hangt af van het individu. Daarom kan het morele stuk ook niet alleen aan de ontwerper worden overgelaten: juist de eindgebruiker van een technologie zou daarin een grote stem moeten hebben. Dat kunnen individuen zijn maar meestal gaat het dan toch om de samenleving als geheel.</span></p><p><span>Om die individuen, en dus ook de samenleving, die stem te geven riep het lectoraat het Moral Design Lab &nbsp;in het leven. Het plan, zo besloot Wernaart, is om er daar nog veel meer van op te richten. Zoals ook de succesvolle Moral Data City Hunt - waarbij onderzoekers in 2019 in Eindhoven de straat opgingen om mensen te bevragen - komend jaar opnieuw wordt gehouden en liefst nog wordt uitgebreid naar meer steden, in binnen- en buitenland. [</span><i><span>Jan Ligthart</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Nieuws,Onderzoek,Techniek en technologie incl. ICT,Journalistiek en Communicatie,Economie en bedrijfsleven,FHEC,FHICT,FHJ,Maatschappij sociale studies]]></category>
            <pubDate>Fri, 21 Jan 2022 08:51:43 +0100</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_beelda.v11.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_beelda.v11.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/beelda.v11.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Bart Wernaart en Fontysbestuurder Elphi Nelissen bij de offici&amp;euml;le installatie van de eerste als lector Moral Design Strategy.]]></pp:imageTitle></item><item>
                        <title>Nieuwe lector Bart Wernaart wil de mens terug in de machine</title>
                        <link>https://bron.fontys.nl/nieuwe-lector-bart-wernaart-wil-de-mens-terug-in-de-machine/</link>
                        <guid>https://bron.fontys.nl/nieuwe-lector-bart-wernaart-wil-de-mens-terug-in-de-machine/</guid><pp:caseid>459612</pp:caseid><description><![CDATA[<p><span><strong>Fontys krijgt er op 1 juni het&nbsp;lectoraat </strong></span><em><i><span><strong>Moral Design Strategy</strong></span></i></em><span><strong> bij. Dat buigt zich over de kernvraag: hoe krijgen we de menselijke maat terug in geavanceerde technologie? Lector wordt Bart Wernaart.</strong></span></p><p><span>“Een voorbeeld? Neem </span><i><span>deepfake</span></i><span>. Een techneut raakt er opgewonden van dat hij zijn overleden oma op beeld weer tot leven kan wekken. Maar vorige maand ontstond er ook bijna een geopolitiek conflict toen Nederlandse, Britse en Baltische parlementariërs in gesprek waren met wat later een </span><i><span>deepfake</span></i><span>-imitatie van de stafchef van de Russische oppositieleider Navalny bleek te zijn.”</span></p><p><span>Bart Wernaart, afgestudeerd als jurist, wil er maar mee zeggen dat technologie zich enorm heeft ontwikkeld, dat het dat de komende jaren blijft doen en dat wij mensen ons achter de oren moeten krabben hoe hiermee om te gaan.</span></p><p><span><strong><img class="image_resized image-style-align-right " style="height:375px;margin:5px;width:250px;" src="https://content.presspage.com/uploads/1980/persfotobart-wernaartstaand.jpg?x=1622128160542" alt="“Onze slogan: ‘Samen bouwen aan nieuwe technologie op basis van waarden’.">Urgent probleem</strong></span><br><span>“Het is een urgent probleem. Je kunt bijna geen krant openslaan of het gaat over dit soort zaken.” Het is volgens Wernaart ook de reden waarom Fontys het lectoraat Moral Design Strategy voor minimaal vier jaar wil financieren.</span></p><p><span>Als docent ethiek en recht bij Fontys Hogeschool Economie en Communicatie in Eindhoven geniet hij inmiddels enige bekendheid. Zo was Wernaart genomineerd voor de titel Docent van het jaar 2020.</span></p><p><span>Daarnaast is de aspirant-lector hoofdonderzoeker bij The Moral Lab. Zijn nieuwe lectoraat is hier min of meer uit voortgevloeid.</span></p><p><span><strong>Gedachtenexperiment</strong></span><br><span>“Bij de Dutch Design Week 2019 hebben we met een installatie gestaan, die techno-ethische kwesties inzichtelijk maakte. (Zie ook deze </span><a href="https://www.youtube.com/watch?v=vv9ZdN11JbM&t=80s"><span>video</span></a><span>.)</span></p><p><span>Dit krijgt binnen het lectoraat een vervolg in het najaar, maar nu gaat Wernaart daarmee de probleemwijken in. “We hebben hiervoor een arcadekast herbouwd, waarmee je vroeger videospelletjes kon doen. Daarmee gaan we mensen in probleemwijken betrekken bij techno-ethische vraagstukken vanuit bijvoorbeeld een gemeente.”Ter illustratie mag Wernaart graag het voorbeeld noemen van de toeslagenaffaire. De Belastingdienst gebruikte algoritmes waardoor tienduizenden mensen onterecht werden bestempeld als fraudeur.</span></p><p><span><strong>Met betrokkenen in gesprek</strong></span><br><span>“Het is bij uitstek een voorbeeld van waar mensen in achterstandswijken onderhevig aan zijn. Probleem is vaak dat er over dit soort zaken vrijwel nooit met de direct betrokkenen zelf wordt gesproken. We leggen ze straks in de arcadekast een aantal voorbeelden voor, waarbij ze door te </span><i><span>swipen</span></i><span> hun eigen programmeervoorkeur kunnen vastleggen.”</span></p><p><span>Daarnaast gaan de onderzoekers in gesprek met een doorsnee van de Nederlandse bevolking en met de ‘techneuten’ die de producten ontwikkelen. Dat levert ongetwijfeld verschillende manieren van aanpak – morele data – op en de grote vraag is hoe je die kloof gaat overbruggen. De pilot hiervan is in Eindhoven, maar het plan is om in steden in andere landen een soortgelijk project te doen.</span></p><p><span><strong>Nieuw beleid</strong></span><br><span>In plaats van achteraf te reageren op de werking van technologie en algoritmes, zoals nu vaak gebeurt, wil het lectoraat aan het voorkant inzichtelijk maken hoe je zo’n proces kunt aansturen. Wernaart: “Onze slogan is ook ‘Samen bouwen aan nieuwe technologie op basis van waarden’. De mens weer in de machine.”</span></p><p><span>Op overkoepelend niveau moet dat volgens hem leiden tot nieuwe vormen van beleid en bedrijfsstrategieën. “Een bottom-up-benadering dus. Geen top-down-beweging zoals je bij Facebook ziet: dit mag wel, dat mag niet en voor de rest passen wij ons algoritme niet aan.”</span></p><p><span><img alt="Wernaart blijft lesgeven: ">Een van de pijlers van het lectoraat is om </span><i><span>start-ups</span></i><span> en </span><i><span>scale-ups</span></i><span> in de Brainport-regio te helpen om zo’n ‘ethisch kompas’ van meet af aan in hun bedrijfsvoering te integreren. Dat heeft ook al een paar samenwerkingen opgeleverd.</span></p><p><span><strong>Juist iets voor Fontys</strong></span><br><span>Wernaart vindt het juist iets voor de toegepaste wetenschappen waarop Fontys zich richt. “Dit zijn concrete, praktijkgerichte vraagstukken waar onze studenten van smullen. Onze rol wordt ook om oplossingen aan te dragen. Wat dat betreft zijn we bij Fontys misschien te bescheiden; wij kunnen meespelen op dat wetenschappelijke vlak.”</span></p><p><span>Hij start het lectoraat met drie onderzoekers, maar hoopt dat aantal snel uit te breiden. Nog belangrijker vindt hij het om bij onderzoek studenten van verschillende opleidingen van Fontys te betrekken.</span></p><p><span>“We doen achter de schermen al een paar jaar veel met ICT- en economiestudenten. Maar we werken ook graag samen met studenten van Engineering, Journalistiek of bijvoorbeeld Social Studies.” De voertaal wordt Engels, om ook internationale studenten bij het onderzoek te kunnen betrekken.</span> &nbsp;</p><p><span><strong>Op verzoek nog docent</strong></span><br><span>Een bezige bij dus, Bart Wernaart. Kan hij nog docent blijven? “Ja, op eigen verzoek ga ik nog één vak geven: ‘ethics in business’. Ik wil met mijn poten in de klei blijven staan, om die primaire band met studenten te behouden. Lesgeven is toch wat ik altijd het liefst heb gedaan.” [</span><i><span>Tim Durlinger</span></i><span>]</span></p>]]></description><category><![CDATA[Achtergrond,Onderzoek,Techniek en technologie incl. ICT,Maatschappij sociale studies,Journalistiek en Communicatie,Economie en bedrijfsleven,Nieuws]]></category>
            <pubDate>Fri, 28 May 2021 10:11:29 +0200</pubDate>
            <enclosure url="https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotobartwernaartactueel.jpg?10000" length="0" type="image/jpg" />
                <pp:image>https://content.presspage.com/uploads/1980/500_fotobartwernaartactueel.jpg?10000</pp:image>
                <pp:imageOriginal>https://content.presspage.com/uploads/1980/fotobartwernaartactueel.jpg?10000</pp:imageOriginal><pp:imageTitle><![CDATA[Hij was al docent en onderzoeker en nu wordt Bart Wernaart lector, van het nieuwe Fontys-lectoraat Moral Design Strategy.]]></pp:imageTitle></item></channel>
                    </rss>